Amendement : Amendement van het lid Teunissen over het afschaffen van de landbouwvrijstelling
36 812 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2026)
Nr. 22
AMENDEMENT VAN HET LID TEUNISSEN
Ontvangen 12 november 2025
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
I
In artikel I wordt na onderdeel A een onderdeel ingevoegd, luidende:
Aa
Artikel 3.12 vervalt.
II
Na artikel IID wordt een artikel ingevoegd, luidende:
ARTIKEL IIE
In de Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001 vervalt hoofdstuk 2, artikel I, onderdeel
E.
III
Na artikel XXXVA wordt een artikel ingevoegd, luidende:
ARTIKEL XXXVB
In artikel 8, eerste lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 vervalt «en
3.12».
Toelichting
De landbouwvrijstelling regeling zorgt ervoor dat boeren zijn vrijgesteld van het
betalen van belasting over winst die ze maken bij het verkopen van grond (aan andere
boeren). Alle andere bedrijven die een (boek)winst maken op een bedrijfsmiddel zijn
over die winst wel belasting verschuldigd. En vrijstelling van belasting geldt evenmin
bij winst op grondverkoop door bedrijven die geen boer zijn.
Het invoeren van deze regeling had in 1918 een goede reden. Boeren met grond in eigendom
werden destijds fiscaal benadeeld ten opzichte van grondeigenaren die hun grond verpachtten.
De landbouwvrijstelling trok het fiscale speelveld gelijk. Maar sinds 2001 gingen
alle ondernemingen winstbelasting betalen over (boek)winst bij verkoop van bedrijfsmiddelen,
van welke aard ook – behalve dus de boeren met grond. De regeling is dit voorjaar
geëvalueerd door onderzoeksbureau SEO, in opdracht van de Ministeries van Landbouw
en Financiën. Zij concludeerden: «De landbouwvrijstelling is doeltreffend noch doelmatig
en kan ook niet gerechtvaardigd worden uit het realiseren van (eventueel wenselijke)
neveneffecten. Afschaffing is de logische en uitvoerbare beleidsoptie». Dit kabinet
heeft, evenals het vorige, aangegeven het belastingstelsel te willen versimpelen door
regelingen te schrappen die niet doelmatig noch doeltreffend zijn te schrappen. Deze
regeling voldoet aan al die criteria en heeft geen logische onderbouwing sinds de
genoemde wetswijziging in 2001. De Algemene Rekenkamer merkte recent nog op dat de
aanbevelingen, waaronder het afschaffen van de vrijstelling «duidelijk» zijn, maar
«nog niet opgevolgd». De Algemene Rekenkamer noemt de landbouwvrijstelling een «ondoeltreffend
beleidsinstrument» en doet de aanbeveling om deze vrijstelling af te schaffen (Kamerstuk
36 800 XIV, nr. 5).
Dit amendement schaft de landbouwvrijstelling in de winstsfeer af. De budgettaire
gevolgen zonder overgangsrecht zijn in 2026 0,1 miljard euro. De opbrengst loopt op
tot structureel ruim 0,2 miljard euro per jaar.
Teunissen
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
Christine Teunissen, Tweede Kamerlid