Stenogram : Terrorisme/extremisme
28 Terrorisme/extremisme
Vergaderjaar 2025-2026
Vergaderingnummer 94
Te raadplegen sinds
2026-10-19Inhoudsopgave
Gerelateerde informatie
Toon alle stukken over dossier29754Toon alle items in vergaderingHandelingen TK 2025-2026, 94
Terrorisme/extremisme
Aan de orde is het tweeminutendebat Terrorisme/extremisme (CD d.d. 27/05).
De voorzitter:
Ik geef het eerst het woord aan mevrouw Van der Plas van de BBB. Mevrouw Van der Plas, gaat uw gang.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Dank u wel. BBB staat er nog steeds versteld van dat de minister in het commissiedebat beweerde dat de acties van Extinction Rebellion geen geweld omvatten. We hebben het over het gooien met boterzuur, waardoor mensen onwel worden en medische hulp nodig hebben, het vernielen en bekladden van eigendom en het doelbewust ontregelen van spoorwegen en andere vitale infrastructuur. Hoe kan de minister blijven zeggen dat XR geen geweld gebruikt, terwijl hij wel toegeeft dat bij de acties van Extinction Rebellion strafbare feiten worden gepleegd, waaronder acties waarbij mensen lichamelijk worden geraakt? Wat betekent dit voor zijn eerdere oordeel dat Extinction Rebellion vooral een activistische organisatie is?
Dan heb ik nog twee moties.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat boeren en andere agrarische ondernemers te maken krijgen met bedreiging, doxing, intimidatie en illegale erf- en stalbetredingen;
verzoekt de regering minimaal tweemaal per jaar overleg te voeren met de deelnemers van het Meldpunt Agro Intimidatie en de daaruit verkregen signalen actief te betrekken bij de informatiepositie van de politie, het Openbaar Ministerie en de NCTV,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van der Plas.
Zij krijgt nr. 786 (29754).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Extinction Rebellion herhaaldelijk strafbare feiten pleegt en vitale infrastructuur ontregelt om politieke besluitvorming te beïnvloeden;
overwegende dat de minister erkent dat deze acties in sommige gevallen kunnen aanschuren tegen extremisme;
verzoekt de regering het structurele patroon van acties van Extinction Rebellion te laten beoordelen aan de hand van de criteria voor extremisme, en de Kamer hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van der Plas.
Zij krijgt nr. 787 (29754).
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Dan heb ik nog een aanvullende vraag. Vandaag is het pand van de Tweede Kamer beklad door extremisten. Ik zou daar graag een reactie op willen hebben van de minister. Ik kijk ook even naar de Voorzitter, want mijn volgende verzoek is misschien niet helemaal gebruikelijk. Ik zou graag willen dat de Kamer geïnformeerd wordt over de vraag of deze mensen, die hier al heel lang dit soort acties voeren, gewoon een totaalverbod kunnen krijgen op de toegang tot de Tweede Kamer. Het is ongehoord dat deze mensen continu dit soort dingen doen en zelfs het Tweede Kamergebouw hebben beklad. Dat is dus aan de Voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw Van der Plas. In eerdere gevallen hebben we pandverboden opgelegd en aangifte gedaan. We bekijken nu eerst wat er vandaag is gebeurd en zullen dienovereenkomstig handelen.
Dan is het woord aan mevrouw Faber voor haar inbreng namens de Partij voor de Vrijheid.
Mevrouw Faber (PVV):
Dank u wel, voorzitter.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat uitreizigers die zich hebben aangesloten bij terroristische organisaties, zoals ISIS, een direct gevaar vormen voor de Nederlandse samenleving;
overwegende dat er in het Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland meerdere malen is gewaarschuwd voor de risico's van terugkeer van uitreizigers naar Nederland;
verzoekt de regering uitreizigers en hun kinderen onder geen enkele omstandigheid te repatriëren naar Nederland,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Faber en Vondeling.
Zij krijgt nr. 788 (29754).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat teruggekeerde jihadisten en terreurverdachten vrij rondlopen in Nederland en een direct gevaar vormen voor de Nederlandse bevolking;
overwegende dat alles in het werk moet worden gesteld om terreuraanslagen te voorkomen;
verzoekt de regering om administratieve detentie mogelijk te maken,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Faber en Vondeling.
Zij krijgt nr. 789 (29754).
Mevrouw Faber (PVV):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Martens-America namens de VVD.
Mevrouw Martens-America (VVD):
Dank, voorzitter.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat vroege signalering van extremistische onlinenetwerken, zoals het Com-netwerk, essentieel is om radicalisering van jongeren tegen te gaan;
constaterende dat politie-eenheden terughoudendheid ervaren bij geautomatiseerde contentanalyse, vanwege juridische onduidelijkheid over toelaatbaarheid en reikwijdte;
overwegende dat AI-ondersteunde analyse en geautomatiseerde filtering noodzakelijke instrumenten zijn voor een effectieve aanpak van snel evoluerende netwerken, zoals het Com-netwerk;
verzoekt de regering in afstemming met politie en OM een handelingskader op te stellen dat verduidelijkt welke vormen van geautomatiseerde contentanalyse zijn toegestaan, en de Kamer hierover voor het einde van 2026 te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Martens-America en Straatman.
Zij krijgt nr. 790 (29754).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat extremistische onlinenetwerken, zoals het Com-netwerk, gewelddadige aanslagen in de hand werken en blijvende psychische schade bij jongeren veroorzaken;
constaterende dat de ATKM (Autoriteit online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal) uitsluitend bevoegd is tot het uitvaardigen van verwijderingsbevelen voor terroristische online-inhoud, en geen bevoegdheden heeft ten aanzien van gewelddadig-extremistische content in onlinenetwerken;
overwegende dat online-extremisme steeds diffuser wordt en dat de ATKM juist in het schemergebied tussen criminaliteit en terrorisme effectiever moet kunnen optreden;
verzoekt de regering om bij de lopende evaluatie van de Uitvoeringswet TOI een concreet voorstel uit te werken waarmee het mandaat van de ATKM wordt uitgebreid naar gewelddadig-extremistische content, en de Kamer hierover uiterlijk bij de aanbieding van de evaluatie hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Martens-America en Straatman.
Zij krijgt nr. 791 (29754).
Mevrouw Martens-America (VVD):
De laatste is iets minder lang.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat extremistische onlinenetwerken, zoals het Com-netwerk, opereren in afgeschermde onlineomgevingen die voortdurend van platform wisselen om opsporing te ontwijken, en daardoor structurele monitoring vereisen;
constaterende dat de grens tussen open observatie, interactieve monitoring en digitale infiltratie in de praktijk niet altijd scherp is, en dat dit leidt tot terughoudendheid bij de politie;
overwegende dat een explicieter wettelijk onderscheid tussen open observatie, interactieve monitoring en digitale infiltratie het handelingsvermogen van de politie vergroot en tegelijkertijd de rechtsbescherming borgt;
verzoekt de regering in overleg met politie en OM een heldere wettelijke afbakening uit te werken tussen de verschillende vormen van digitale observatie in de context van online extremistische netwerken, en de Kamer hierover voor het einde van 2026 te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Martens-America.
Zij krijgt nr. 792 (29754).
Mevrouw Martens-America (VVD):
Ik hou de tijd in bij het volgende debat.
De voorzitter:
Nou, de volgende keer moet het echt korter, mevrouw Martens-America. Zoals u weet, zijn moties volgens het Reglement van Orde kort, overzichtelijk en begrijpelijk. Dit was echt te lang. Het woord is aan mevrouw Straatman namens het CDA.
Mevrouw Straatman (CDA):
Dank, voorzitter. Twee moties van mijn kant. De eerste.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de ATKM nog geen wettelijke bevoegdheid heeft om verwijderbevelen uit te vaardigen voor online extremistische content, zoals extreem geweld, zelfverminking en manifesten van veroordeelde terroristen;
constaterende dat andere landen een autoriteit hebben aangewezen die een vragende instructie kan uitvaardigen aan platforms voor het verwijderen van extremistische content, maar Nederland die niet heeft;
verzoekt de regering om in aanvulling op het onderzoek naar het mandaat van de ATKM een vragende bevoegdheid te creëren om onlineplatforms te vragen extremistische content offline te halen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Straatman, Belhirch en Martens-America.
Zij krijgt nr. 793 (29754).
Mevrouw Straatman (CDA):
En de tweede.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat in samenwerking met Meta een pilot is gestart om jongeren die online in aanraking komen met radicaliserende content om te leiden naar antiradicaliseringscontent en dat de eerste resultaten positief zijn;
constaterende dat jongeren ook op andere onlineplatforms actief zijn waarop zij radicaliserende of andere gewelddadige content kunnen zien, zoals gamingplatforms;
verzoekt de regering te onderzoeken of de Redirectmethode ook kan worden ingezet op andere onlineplatforms zoals gamingplatforms, en hierbij ook zeer gewelddadige content te betrekken;
verzoekt de regering de Kamer hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Straatman en Belhirch.
Zij krijgt nr. 794 (29754).
Dank u wel. Het woord is aan de heer Mohandis namens PRO.
De heer Mohandis (PRO):
Voorzitter, dank u wel. Collega Belhirch zal mede namens ons een motie indienen over het Centre for Counter-Terrorism wat betreft zijn expertise en de belangrijke rol die het vervult in de aanpak, dus op dat punt geen motie.
Er zijn verschillende moties ingediend over de ATKM en het uitbreiden van de bevoegdheden ervan. Daar hebben we het ook over gehad in het debat. Dat spreekt ons zeer aan, dus wij kijken daar welwillend naar.
Voorzitter, tot slot. Ik heb in het debat een punt gemaakt over het Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland. We hebben ingezoomd op de manier waarop rechts-extremisme zich ontwikkelt en met name de terminologie die daarbij wordt gebezigd, bijvoorbeeld "omvolking", volgens het rapport een eufemisme voor het streven naar een blanke etnostaat, "remigratie" en "deportatie", ook gericht op mensen met een Nederlandse nationaliteit, maar die dan volgens deze extremistische groepen een verkeerde huidskleur hebben. Wij volgen deze ontwikkelingen nauwlettend. Morgen is er ook een debat over de politie. Ook met het oog op wat wij recent hebben gezien wat betreft Defend-groepen, die toch het recht in eigen hand nemen om in hun optiek "de veiligheid te waarborgen" bij een kermis, volgen wij deze ontwikkelingen nauwlettend. We maken ons zorgen. Ik ben het niet eens met de minister, die eerder heeft geantwoord op dit onderwerp, namelijk dat Defend-groepen niet zo georganiseerd zijn. Dat zijn ze steeds meer. Dat blijkt ook uit onderzoek. Ze hebben chapters. Ze weten heel goed wat ze aan het doen zijn, en dat vinden wij een gevaarlijke ontwikkeling. Daar zullen wij de komende tijd op terugkomen.
Voorzitter. Voor nu geen moties.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Belhirch namens D66.
Mevrouw Belhirch (D66):
Dank u wel, voorzitter. Al 15 jaar bouwt het ICCT aan kennis over terrorisme, radicalisering en extremisme. Die kennis mogen we niet zomaar laten verdwijnen. Op een moment waarop radicalisering en extremisme nieuwe vormen aannemen en de dreiging voortdurend verandert, is het van groot belang dat Nederland kan blijven beschikken over eigen expertise en een sterke kennispositie. Daarom dien ik de volgende motie in.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat kennis en expertise over terrorisme, radicalisering en terrorismebestrijding essentieel zijn voor een effectieve aanpak van terrorisme;
constaterende dat het International Centre for Counter-Terrorism (ICCT) internationaal een belangrijke rol vervult in het ontwikkelen en delen van kennis en expertise op het gebied van terrorisme en radicalisering;
overwegende dat het verloren gaan van deze gespecialiseerde kennis en expertise een verzwakking kan betekenen van de Nederlandse en internationale kennisinfrastructuur op het gebied van terrorismebestrijding;
verzoekt de regering om zich in te spannen om de bij het ICCT aanwezige kennis en expertise voor Nederland te behouden, en de Kamer hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Belhirch, Straatman en Mutluer.
Zij krijgt nr. 795 (29754).
Dank u wel. Dan is het woord aan de heer El Abassi namens DENK.
De heer El Abassi (DENK):
Voorzitter. Ook nu begin ik meteen.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat moslimhaat toeneemt en moskeeën steeds vaker doelwit zijn van bedreiging, bekladding, vernieling en intimidatie;
constaterende dat incidenten tegen moskeeën en islamitische instellingen niet landelijk en centraal worden geregistreerd;
overwegende dat betrouwbare gegevens nodig zijn voor een goede dreigingsanalyse en effectieve bescherming;
verzoekt de regering om samen met moskeekoepels, gemeenten, politie, het Openbaar Ministerie en islamitische organisaties te verkennen hoe incidenten tegen moskeeën en islamitische instellingen centraal en landelijk kunnen worden geregistreerd, en de Kamer binnen zes maanden te informeren over de mogelijkheden en vervolgstappen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid El Abassi.
Zij krijgt nr. 796 (29754).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat onder andere rond azc's sprake is van intimidatie, bedreiging, vernieling en geweld;
overwegende dat zulke daden angst en onveiligheid veroorzaken in de Nederlandse samenleving;
overwegende dat de overheid iedereen in Nederland moet beschermen tegen haat, intimidatie en extremistisch geweld;
verzoekt de regering om samen met de politie, OM en gemeenten binnen zes maanden met een gerichte aanpak te komen tegen rechts-extremistische intimidatie en geweld rond azc's en moskeeën, en de Kamer hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid El Abassi.
Zij krijgt nr. 797 (29754).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat bij meerdere anti-azc-acties sprake was van geweld, bedreiging, opruiing en extreemrechtse symboliek;
overwegende dat zicht nodig is op personen, netwerken en organisaties die dergelijke acties aanjagen, organiseren of financieren;
verzoekt de regering te onderzoeken hoe beter zicht kan worden verkregen op de organisatoren, aanjagers en financiers van gewelddadige anti-azc-acties, en de Kamer hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid El Abassi.
Zij krijgt nr. 798 (29754).
De heer El Abassi (DENK):
En dan mijn laatste motie.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat acties tegen azc's gepaard gaan met intimidatie, bedreiging en geweld tegen bestuurders, politieagenten en betrokkenen;
constaterende dat rechts-extremistische groepen, waaronder Defend Netherlands en Voorpost, deze acties mede aanwakkeren of organiseren;
overwegende dat politiek gemotiveerde intimidatie en geweld gericht op beïnvloeding van democratische besluitvorming zeer ernstig zijn;
verzoekt de regering te bezien of rechts-extremistische groepen en netwerken die structureel intimidatie, bedreiging of geweld aanjagen binnen bestaande wetgeving kunnen worden aangepakt als terroristische organisatie of verboden rechtspersoon, en de Kamer hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid El Abassi.
Zij krijgt nr. 799 (29754).
De heer El Abassi (DENK):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Coenradie, als laatste spreker van de zijde van de Kamer in dit tweeminutendebat. Dat doet ze namens JA21.
Mevrouw Coenradie (JA21):
Voorzitter.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het kabinet heeft vastgesteld dat verschillende en soms beperkte informatieposities van betrokken organisaties ertoe leiden dat de risico's van terrorismeveroordeelden met een hoog dreigingsprofiel zonder rechtmatig verblijf niet altijd eenduidig kunnen worden ingeschat en maatregelen niet altijd optimaal op elkaar aansluiten;
constaterende dat het kabinet in 2026 is gestart met de vormgeving van een integrale werkwijze voor uniforme risicotaxaties voor deze doelgroep;
overwegende dat vanaf 2027 opnieuw terrorismeveroordeelden met een hoog dreigingsprofiel uit detentie zullen vrijkomen;
verzoekt de regering ervoor zorg te dragen dat de uniforme risicotaxatie voor terrorismeveroordeelden met een hoog dreigingsprofiel zonder rechtmatig verblijf uiterlijk vóór de in 2027 voorziene nieuwe vrijlatingen operationeel is en door de betrokken partners kan worden toegepast,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Coenradie.
Zij krijgt nr. 800 (29754).
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het kabinet als uitgangspunt hanteert dat uitgereisde IS-terroristen niet naar Nederland worden teruggehaald;
constaterende dat het kabinet tegelijkertijd in iedere individuele casus de mogelijkheid openhoudt om alsnog tot repatriëring over te gaan;
overwegende dat het terughalen van uitgereisde IS-terroristen risico's voor de nationale veiligheid met zich meebrengt;
overwegende dat personen die ervoor hebben gekozen zich aan te sluiten bij Islamitische Staat hun toekomst in Nederland hebben verspeeld;
verzoekt de regering het uitgangspunt dat uitgereisde IS-terroristen niet actief naar Nederland worden teruggehaald om te zetten in een vaste beleidslijn en de mogelijkheid van actieve repatriëring op grond van een individuele afweging volledig uit te sluiten,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Coenradie.
Zij krijgt nr. 801 (29754).
Dank u wel. Dan kijk ik even naar de minister. Ik schors vijf minuten.
De vergadering wordt van 21.33 uur tot 21.38 uur geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Ik geef het woord aan de minister van Justitie en Veiligheid.
Minister Van Weel:
Dank, voorzitter. Ik hoop dat ik door de bomen het bos nog kan zien in mijn omvangrijke administratie.
De voorzitter:
We gaan het meemaken.
Minister Van Weel:
Zo niet, duid het me dan niet euvel.
Laat ik beginnen met een reactie op wat er hier vandaag gebeurde tijdens het vragenuurtje. Dat was volstrekt ontoelaatbaar. Het verstoren van de vergadering hier, het roepen van leuzen naar Kamerleden, het bekladden van dit gebouw, vernielingen: dat zijn allemaal zaken die niet door de beugel kunnen. Ik heb de Voorzitter gehoord, die heeft gesproken over inventariseren wat hier gebeurd is en over mogelijkheden voor vervolgstappen. Daar schaar ik me van harte achter. Schandelijk! Zo doen we dat niet. Demonstreren mag, maar wel binnen de regels van de wet, en dat was dit niet.
Dan ga ik naar de moties.
De voorzitter:
Dat leidt toch tot een vervolgvraag van mevrouw Faber.
Mevrouw Faber (PVV):
Even een korte vraag: dat geldt dan toch ook voor de raadszaal in Utrecht, die bestormd is?
Minister Van Weel:
Dat klopt. Daar worden ook mensen voor vervolgd. Ik ben dat met u eens. Ik veroordeel elke overtreding van de wet. Het verstoren van een raadsvergadering is het overtreden van een wet. Uiteindelijk is het aan het OM om vervolgens de vervolging op te pakken. In dit geval heeft het OM besloten om te gaan voor degenen die de burgemeester hebben belemmerd terug te keren. Dat is een opportuniteitskeuze geweest.
De voorzitter:
U vervolgt.
Minister Van Weel:
Dan ga ik naar de moties. In de motie-Van der Plas op stuk nr. 786 wordt de regering verzocht om minimaal tweemaal per jaar overleg te voeren met de deelnemers van het Meldpunt Agro Intimidatie en dat te betrekken bij de informatiepositie. Op 24 september vindt er een gesprek plaats met brancheorganisaties naar aanleiding van de toezegging die ik eerder heb gedaan. Ik heb ook toegezegd om u te informeren over de uitkomst van die gesprekken in het volgende halfjaarbericht. Dat wordt nog voor het einde van 2026 naar uw Kamer gestuurd. Als ik daarmee naar uw mening invulling geef aan de motie, kan ik 'm oordeel Kamer geven. Als u heel strikt vasthoudt aan tweemaal per jaar overleggen, moet ik de motie ontraden.
De voorzitter:
Eén vervolgvraag van mevrouw Van der Plas.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Kan de minister zijn voorstel nog even herhalen? Het ging me namelijk net iets te snel.
Minister Van Weel:
Ja. Op 24 september vindt er een gesprek plaats met de brancheorganisaties. Dat is een toezegging die ik eerder heb gedaan in het debat. Ik heb ook toegezegd u te informeren over de uitkomst van die gesprekken in het volgende halfjaarbericht. Dat komt voor het einde van dit jaar naar uw Kamer. Ik ben bereid om te kijken wat die gesprekken hebben opgeleverd voor het vervolg, maar daarmee wil ik nog niet strikt ingaan op tweemaal per jaar een regulier overleg. Ik wil eerst kijken wat hier uitkomt.
De voorzitter:
Kunt u leven met die appreciatie?
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik vind dat wel lastig, eerlijk gezegd. Dat zeg ik erbij. Twee keer per jaar is niet zo heel vaak. Ik weet ook dat dit soort gesprekken vaak op ambtelijk niveau plaatsvinden. Dat is niet erg, want we hebben ambtenaren ook om gesprekken te voeren. Ik zou dus eigenlijk wel willen vasthouden aan die twee keer per jaar. Misschien kan ik wel "ambtelijk" aan de motie toevoegen, dus om ambtelijk in gesprek te gaan. Dat geeft misschien wat minder druk voor de minister. Ik kan mijn motie altijd wijzigen.
De voorzitter:
Ja, maar "ambtelijk" aan het dictum toevoegen? We voeren hier het debat met de vertegenwoordiging van de regering. Dit is de context die de minister schetst waarbinnen hij tegemoet kan komen aan de motie. Dan is de vraag: kunt u leven met die interpretatie? Als dat wel zo is, krijgt de motie oordeel Kamer; als dat niet zo is, wordt ze ontraden.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik ga daar even over nadenken, maar ik heb nog wel een korte vraag. In het tweede deel van het dictum staat: en de daaruit verkregen signalen actief te betrekken bij de informatiepositie van politie, OM en NCTV. Ik ga ervan uit dat dan ofwel daarover ook iets wordt gezegd in het halfjaarbericht, ofwel dat deel van de motie wel wordt uitgevoerd.
De voorzitter:
Kan de minister daar iets over zeggen?
Minister Van Weel:
Ik rapporteer daarover in het halfjaarbericht.
De voorzitter:
U vervolgt.
Minister Van Weel:
Als het u niet bevalt, kunt u altijd een nieuwe motie indienen.
De voorzitter:
Daarmee is de motie in strikt inhoudelijke vorm ontraden.
Minister Van Weel:
Ja.
De voorzitter:
Ik kijk even naar mevrouw Van der Plas. Kan zij leven met alles wat de minister heeft gezegd over de interpretatie van deze motie? Zij denkt erover na, hoor ik. In de huidige vorm krijgt de motie dan de appreciatie "ontraden".
We gaan naar de volgende motie.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 787 geef ik oordeel Kamer. We leggen continu acties, ook gewelddadige acties, langs de lat van extremisme dan wel activisme. Dat is een schaal. Het is ook geen wet van Meden en Perzen. Dat geldt ook voor acties van Extinction Rebellion. Als die grens wordt overschreden, wordt daarover gerapporteerd in de daarover bestaande documenten, zoals het DTN.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 787 krijgt oordeel Kamer.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 788: oordeel Kamer.
De voorzitter:
Dan de motie op stuk nr. 789.
Minister Van Weel:
O, wacht even. Hier wreekt de administratie zich. Mevrouw Faber kwam bijna weg met een "oordeel Kamer".
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 788 is de motie-Faber/Vondeling ten aanzien van uitreizigers en hun kinderen onder geen enkele omstandigheid repatriëren naar Nederland.
Minister Van Weel:
Dat laatste kunnen wij niet toezeggen. Ik moet die motie ontraden. U weet wat het bestaande beleid is. Wij zijn daar zeer terughoudend in. Wij beoordelen elk geval op zijn individuele merites, waarbij nationale veiligheid een zeer zware rol speelt, maar je kunt nooit — zeg ik in algemene zin, los van de individuele beoordeling — zeggen dat dit nooit zal plaatsvinden. Dat is niet mogelijk, ook juridisch niet.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 788: ontraden. Dan de motie op stuk nr. 789 over administratieve detentie.
Minister Van Weel:
Ja, administratieve detentie. Detentie is aan de rechter. Als wij bestuurlijke detentie opleggen, moet dat altijd zijn met zicht op een aanstaand vertrek of anderszins. Anders zal de rechter de bestuurlijke detentie onmiddellijk weer opheffen. Daarom is de motie in deze vorm niet mogelijk en daarom ontraden.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 789: ontraden. Dan de motie op stuk nr. 790.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 790: oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 791.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 791: oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 792.
Minister Van Weel:
Oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 793.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 793 geef ik oordeel Kamer, als ik eerst mijn beleidsverkenning mag afronden. Daarin neem ik dan de vraag van de motie ook mee, want daarin kijk ik al naar de mogelijkheid door uitbreiding van het mandaat, maar ook naar andere organisatorische mogelijkheden.
De voorzitter:
Kunt u daar een tijdspad bij formuleren?
Minister Van Weel:
Nee.
De voorzitter:
Oké.
Mevrouw Straatman (CDA):
De voorzitter kon mijn gedachten inderdaad lezen. Wat is de termijn? Ik zag dat gisteren de evaluatie van de Uitvoeringswet TOI naar buiten is gekomen. Die zegt ook dat er al alle wettelijke ruimte is voor die vraag in de instructie. Ik zou dus expliciet de oproep willen doen aan de minister om niet te wachten met die verkenning. Laten we dit gewoon zo snel mogelijk regelen. Wij kunnen op Instagram ook een signaal afgeven van raar materiaal. Laten we een autoriteit die daarop is ingericht dat ook alsjeblieft laten doen.
Minister Van Weel:
Ja, alleen ben ik die beleidsverkenning aan het afronden. Dat duurt dus niet lang. Ik zeg u dat toe voor het einde van het jaar, maar ik wil nog even de optie openhouden om het op een andere wijze te doen.
De voorzitter:
Kan mevrouw Straatman leven met die tijdshorizon? Ik zie dat dat het geval is. Daarmee krijgt de motie op stuk nr. 793 oordeel Kamer. Dan de motie op stuk nr. 794.
Minister Van Weel:
Oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 795.
Minister Van Weel:
Oordeel Kamer, als ik de motie zo mag lezen dat ik me inspan om … Hoe moet ik het zeggen? We zijn een traject gestart met het ICCT om te kijken of zij een alternatief verdienmodel kunnen hebben buiten subsidie om. Dat wil zeggen dat ik heel graag wil meedenken met het ICCT naar aanleiding van hun plan, wat daaruit komt en hoe wij kunnen helpen bij de instandhouding daarvan, zonder dat ik me nu al wil vastleggen op een keuze over een eventuele subsidie in plaats daarvan. Als ik de motie zo mag lezen, geef ik haar oordeel Kamer.
De voorzitter:
Mevrouw Belhirch knikt. Daarmee krijgt de motie op stuk nr. 795 oordeel Kamer. Dan de motie op stuk nr. 796.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 796 van de heer El Abassi geef ik oordeel Kamer, want we hadden al eerder toegezegd dat wij zelf zouden kijken naar de omvang van dit probleem.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 797.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 797 ontraad ik. Dit is altijd aan het lokaal gezag.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 798.
Minister Van Weel:
Die is overbodig, want het is staande praktijk dat er onderzoek wordt gedaan naar dit soort netwerken.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 798: overbodig. Dan de motie op stuk nr. 799.
Minister Van Weel:
Die is ontijdig. Die zou ik de heer El Abassi heel graag willen laten aanhouden totdat wij komen met het bestuurlijk verbod op organisaties, waar ik aan werk. Ik denk dat dat mogelijkheden geeft voor de acties die hij in het dictum zou willen zien. Die hebben we op dit moment niet. Nu heeft alleen het OM die mogelijkheden.
De voorzitter:
Hoe ziet de heer El Abassi dat in de tijd, vraag ik de minister. Tot wanneer ongeveer verzoekt u de heer El Abassi om de motie aan te houden?
Minister Van Weel:
Ik hoop voor het einde van het jaar te komen met een conceptwetsvoorstel, maar het hele wetstraject is natuurlijk veel langer. Als hij daar niet op wil wachten, moet ik de motie ontraden.
De voorzitter:
Ik kijk naar de heer El Abassi. Hij denkt erover na, maar in principe is de appreciatie "ontijdig". Dan de motie op stuk nr. 800.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 800 van mevrouw Coenradie wil ik oordeel Kamer geven. We hebben namelijk gezegd dat de pilot al in 2027 start. Daarmee geven we daar dus invulling aan.
De voorzitter:
Tot slot.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 801 ontraad ik met verwijzing naar de motivatie bij de motie van mevrouw Faber.
De voorzitter:
Dank u wel. Bent u daarmee aan het einde gekomen van uw beantwoording in dit debat? Dat is het geval. Mevrouw Van der Plas heeft nog één vraag en dan gaan we verder.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik heb geen vraag. Ik heb erover nagedacht en ik kan akkoord gaan met de interpretatie van de minister van mijn eerste of tweede motie. Dan krijgt die motie dus oordeel Kamer. Dat was de motie over het in gesprek gaan met deelnemers van het Meldpunt Agro Intimidatie. Die krijgt dan oordeel Kamer.
De voorzitter:
Dat is de motie op stuk nr. 786. Mevrouw Van der Plas kan akkoord gaan met de interpretatie van de minister en daarmee krijgt deze motie oordeel Kamer.
Daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat, maar we zijn nog niet van elkaar af.
De beraadslaging wordt gesloten.