Schriftelijke vragen : Het bericht dat de Nederlandse infrastructuur op veel plekken niet aan de NAVO-eisen voldoet
Vragen van de leden De Hoop en Bolhuis (beiden PRO) aan de Minister en Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat en de Minister en Staatssecretaris van Defensie over het bericht dat de Nederlandse infrastructuur op veel plekken niet aan de NAVO-eisen voldoet (ingezonden 16 oktober 2026).
Vraag 1
Deelt u de zorgen van de Algemene Rekenkamer1 over het feit dat de Nederlandse infrastructuur op veel plekken niet aan de NAVO-eisen
voldoet, waardoor in geval van een militair conflict in Europa militaire transporten
niet goed en snel door Nederland vervoerd kunnen worden? Zo nee, waarom niet?
Vraag 2
Klopt het dat er naar aanleiding van eerdere rapporten en waarschuwingen over de staat
van de Nederlandse infrastructuur weinig tot niets gedaan is met deze zorgen? Zo nee,
wat heeft het kabinet concreet gedaan de afgelopen jaren om opvolging te geven aan
eerdere zorgen vanuit de Algemene Rekenkamer hierover? Kan per eerder rapport worden
aangegeven welke concrete acties ondernomen zijn en welke budgettaire gevolgen hieraan
gekoppeld waren?
Vraag 3
Deelt u de mening dat hopen op het feit dat er altijd een omrijroute is waar het transport
(gedeeltelijk) overheen kan rijden erg naïef is en getuigt van slechte voorbereiding
op een mogelijke oorlogssituatie waarin militair transport daadwerkelijk met grote
spoed door Nederland verplaatst moet worden? Zo nee, waarom niet?
Vraag 4
Deelt u de mening dat het, vanuit militair oogpunt, kwetsbaar is om erop te vertrouwen
dat bij een conflict de infrastructurele bottlenecks in de logistieke keten niet zullen
worden aangevallen?
Vraag 5
Deelt u de mening dat het oplossen van de knelpunten in de militaire mobiliteit niet
alleen een verantwoordelijkheid is van het Ministerie van IenW? Zo nee, waarom niet?
Vraag 6
Wat is de reden dat het kabinet niet bereid is om extra te investeren in noodzakelijk
onderhoud van bestaande infrastructuur? Kan hierbij uitgebreid toegelicht worden wat
de potentiële militaire en economische gevolgen zijn van het uitstellen van noodzakelijk
onderhoud?
Vraag 7
Welke concrete acties en budgettaire gevolgen verbindt het kabinet aan dit nieuwe
zorgelijke rapport van de Algemene Rekenkamer?
Vraag 8
Kunt u aangeven wat de te verwachten economische gevolgen zijn van één, vijf en tien
jaar uitstel van noodzakelijk onderhoud en investeringen?
Vraag 9
Kunt u aangeven wat de te verwachten meerkosten zijn wanneer noodzakelijk onderhoud
en investeringen één, vijf en tien jaar worden uitgesteld?
Vraag 10
Hoe wordt geanticipeerd op (extra) slijtage van wegen door zwaar militair transport?
Vraag 11
Kunt u aangeven welk deel van de kosten van onderhoud een aanpassing van infrastructuur
bekostigd worden door IenW en welk deel door defensie? Deelt u de mening dat noodzakelijk
onderhoud van bestaande wegen in beginsel door IenW bekostigd zou moeten worden en
aanpassingen specifiek voor militair transport door defensie? Zo nee, hoe kijkt u
naar de verdeling van de kosten?
Vraag 12
In hoeverre anticipeert u op middelen vanuit Europa voor militaire mobiliteit? Zijn
hierover reeds concrete gesprekken gevoerd en wat zijn de verwachtingen van u hierbij?
Vraag 13
Kunt u bovenstaande vragen één voor één beantwoorden voorafgaand aan de begrotingsbehandeling
Infrastructuur en Waterstaat?
Indieners
-
Gericht aan
D. Yeşilgöz-Zegerius, minister van Defensie -
Gericht aan
D.G. Boswijk, staatssecretaris van Defensie -
Gericht aan
A.W.H. Bertram, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat -
Gericht aan
V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat -
Indiener
Habtamu de Hoop, Kamerlid -
Medeindiener
Wimar Bolhuis, Kamerlid