Stenogram : Vragenuur: Vragen van het lid Beckerman aan de minister van Financiën over het bericht dat ING de bonusregels voor bankiers omzeilt.
3 Vragenuur
Vergaderjaar 2025-2026
Vergaderingnummer 79
Te raadplegen sinds
2026-08-24Inhoudsopgave
Gerelateerde informatie
Toon alle items in vergaderingHandelingen TK 2025-2026, 79
Vragenuur
Vragen Beckerman
Vragen van het lid Beckerman aan de minister van Financiën over het bericht dat ING de bonusregels voor bankiers omzeilt.
De voorzitter:
Ik geef het woord aan mevrouw Beckerman voor haar vragen namens de fractie van de SP aan de minister van Financiën, die ik van harte welkom heet in het parlement. Gaat uw gang, mevrouw Beckerman.
Mevrouw Beckerman (SP):
Goedemiddag. Weten we het nog: de wereldwijde economische crisis van 2008 en de verwoestende gevolgen daarvan in Nederland? De gevolgen voor Nederlandse huishoudens waren enorm. Veel mensen kregen ontslag en vonden geen baan. Alleen al in de bouw waren dat 230.000 bouwvakkers. Snoeiharde bezuinigingen op onze sociale zekerheid, onze zorg, onze gemeenten. En 32 miljard van óns geld was nodig om de banken te redden. Na deze crisis kwam er een belangrijke maatregel: het inperken van bonussen van bankiers. Die was bedoeld om de graaicultuur tegen te gaan en de stabiliteit van de financiële sector te versterken. Het was alles om niet opnieuw in zo'n economische crisis te komen. En nu? Uit een artikel in De Groene Amsterdammer blijkt dat ING weer riante bonussen mag uitdelen, ook aan de hoogste bankiers. Wat vindt de minister, die ook verantwoordelijk is voor de financiële stabiliteit, hiervan?
De voorzitter:
Het woord is aan de minister.
Minister Heinen:
Excuus, voorzitter, ik dacht: er komt nog een betoog aan.
De voorzitter:
Ik eigenlijk ook.
Minister Heinen:
Dank u wel voor deze vragen. Laat me nog een paar inleidende woorden daarbij schetsen. Het is inderdaad zoals mevrouw Beckerman zegt. Na de financiële crisis, en dat is nu bijna twintig jaar geleden, zijn er in Europees verband afspraken gemaakt over de hoogte van variabele beloningen in de financiële sector. Nederland heeft destijds deze regels strenger geïmplementeerd dan andere landen, precies vanwege de redenen die mevrouw Beckerman aangeeft. Tot vandaag de dag behoren de Nederlandse regels ook tot de strengste in Europa. Waar in Europa een maximale beloning geldt van 100% van het vaste salaris, is dat in Nederland 20%. Waar in Europa de regels vooral gericht waren op grote banken en grote beleggingsinstellingen, zijn die in Nederland gericht op álle financiële instellingen.
De beloningswetgeving waar mevrouw Beckerman naar verwijst betreft wetgeving uit 2016. In die wetgeving zit inderdaad een uitzondering voor internationaal opererende bedrijven. Als 75% van het aantal werknemers van de gehele groep drie tot vijf jaar buiten Nederland werkzaam is, dan kunnen werknemers van de moedermaatschappij uitgezonderd worden van de Nederlandse regels. Zij zijn dan gehouden aan de Europese regels. Dat is niet nieuw. Deze mogelijkheid bestaat al sinds 2016, dus al ruim tien jaar sinds de implementatie van de wet. De Nederlandsche Bank houdt toezicht op deze beloningsregels. Banken moeten dat dus ook aan hen verantwoorden, niet aan het ministerie van Financiën.
Recent is door de Tweede Kamer een amendement ingediend bij de Wet chartaal betalingsverkeer om de beloningsregels aan te passen zodat deze beter aansluiten bij de huidige tijd. Dat is dus geen voorstel van het kabinet geweest; dat was een voorstel van de zijde van de Kamer. Hiermee is de reikwijdte van de wet aangepast om deze meer in lijn te brengen met de Europese regels, ook vanuit een breed gedragen wens vanuit deze Kamer om geen koppen op Europese wetgeving te zetten. Deze wet en dit amendement zijn inmiddels ook in alle transparantie zowel in de Tweede als de Eerste Kamer aangenomen. De Nederlandse beloningsregels blijven ook daarna de strengste van Europa.
Nou begreep ik dat er een artikel was in De Groene Amsterdammer. Ik heb dat zelf niet kunnen lezen, want het zit achter een betaalmuur. Maar ik begreep ook dat ING, de bank waar mevrouw Beckerman naar verwijst, heeft aangegeven dat ze geen gebruikmaken van deze uitzondering.
Mevrouw Beckerman (SP):
Hele korte tweede vraag. De minister zegt: in de wet zit een uitzondering. De Kamer is, toen die uitzondering in de wet kwam, beloofd dat die niet gebruikt zou worden door banken en dat er ingegrepen zou worden als die mogelijkheid er toch zou zijn voor banken. Wat gaat de minister daaraan doen?
Minister Heinen:
Ik weet niet of die belofte is gedaan. Dat was denk ik mijn voor-voor-voorganger; de heer Dijsselbloem heeft die wet destijds behandeld. Ik weet wel dat die wet in de tussentijd verder is aangescherpt, ook door mijn voorgangers. En dit kabinet heeft gezegd: we gaan de wet niet aanpassen. Er is ook een motie door uw Kamer ingediend. Dat is de motie-Bushoff. Die riep het kabinet op om de bonuswetgeving niet verder aan te passen. Die motie heb ik oordeel Kamer gegeven. Ik heb nogmaals aangegeven dat het kabinet het ook niet van plan is. We houden het gewoon zoals het is. Maar ik heb de wens van de Kamer natuurlijk te respecteren. En beloftes uit het verleden … Dat weet ik niet. Naar mijn beste weten maakt ING, waar mevrouw Beckerman naar verwijst, geen gebruik van deze uitzondering. Ik wijs er wel op dat als zij daartoe zouden besluiten, dat wettelijk gezien kan. Maar nogmaals, ze hebben geloof ik in dat artikel waar mevrouw Beckerman naar verwijst, aangegeven daar geen gebruik van te maken.
Mevrouw Beckerman (SP):
Het was het eerste wapenfeit van de nieuwe coalitie: het verhogen van de bonussen bij banken. Het was een zeer opmerkelijke keuze dat je dat als eerste wilt doen: hogere bonussen bij banken. Maar wat de coalitie daarna deed, was nog veel pijnlijker, want gewone mensen betalen de prijs. Weer zijn er loeiharde bezuinigingen op zorg, sociale zekerheid, WIA, WW en AOW. Er is wél geld voor bankiers, maar de werkende klasse moet langer doorwerken en wordt gestraft bij pech en ongeluk, bij werkloosheid of bij ziekte. Opmerkelijk genoeg werden de hogere bonussen bij banken hier verdedigd door te stellen dat het alleen zou gaan om functies zoals in de ICT en niet voor functies aan de top. Nu blijkt uit het artikel van De Groene dat er bij ING wel degelijk bonussen aan de top kunnen worden uitgedeeld. Dat gaat dus lijnrecht in tegen de lijn die het kabinet dit jaar nog verdedigde. Is de minister hierop gedraaid of staat de lijn van eerder dit jaar nog? Stelt hij, met andere woorden, de financiële zekerheid voorop of de belangen van bank-CEO's?
Minister Heinen:
De uitzondering waar mevrouw Beckerman naar verwijst, zit in de wet. Die zit al tien jaar in de wet; die is niet aangepast. Ik ben ook niet van plan om die aan te passen. Dit kabinet heeft niet het voornemen om de beloningsregels aan te passen. Door de Kamer is een amendement ingediend. Het is ook aan de Kamer om dat te verdedigen. Ik constateer dat het zowel door de Tweede als door de Eerste Kamer is aangenomen. Als ik terughaal hoe dat debat is verlopen, meen ik mij te herinneren dat de Tweede Kamer — dat waren althans de indieners van het amendement — heeft aangegeven vooral te kijken hoe we de wetgeving meer in lijn kunnen brengen met de Europese wetgeving en kunnen voorkomen dat ook de IT'er of de helpdeskmedewerker binnen de reikwijdte van de wet onder de strengere regels valt, zoals mevrouw Beckerman zegt. De "top", om die zo maar even te noemen — wij noemen die "identified staff" — die invloed uit kan oefenen op het risicoprofiel van financiële instellingen, valt specifiek niet onder de aanpassing. Die blijft dus onder de strengere wetgeving vallen. Ik wijs erop: die is ook echt de strengste in Europa. Het kabinet heeft niet de intentie die aan te passen.
Mevrouw Beckerman (SP):
Het valt me eigenlijk wel op dat de minister heel procesmatig antwoordt, maar niet ingaat op de cruciale vraag die onder de strenge wetgeving ligt. Waarom hebben we die strenge wetgeving? Waarom hebben we die? Omdat we lange tijd in een verwoestende economische crisis zaten. Er was een parlementaire enquête nodig om uit te zoeken hoe dat was gekomen. Heel belangrijk waren die bonussen, omdat die ervoor zorgden ... Ik ga even citeren uit de parlementaire enquête, pagina 79. Daar spreekt de heer Kalff. "Het (de beloningen) is een van de oorzaken van de crisis, maar ze zijn geholpen door de aspecten die we eerder bij de kop hebben gehad: het werken op korte termijn, het koppelen van de resultaten van personen of een afdeling aan het inkomen. Hierdoor raken integriteit en respect natuurlijk heel gauw op de achtergrond." Als dit zo grote gevolgen had voor onze economie en deze maatregel zo hard nodig was, waarom gaat het kabinet daar dan zo laks mee om door weer hoge bonussen mogelijk te maken?
Minister Heinen:
Nogmaals, het kabinet heeft geen aanpassingen gedaan. De regels zijn om goede redenen geïmplementeerd, zowel op Europees niveau als in Nederland. Dat ben ik met mevrouw Beckerman eens. Nederland heeft gezegd: wij gaan die strenger implementeren dan omringende landen. Dit kabinet heeft geen voornemen en is niet van plan om die regels aan te passen. Er is vanuit de Kamer wel de wens geuit om die aan te passen. Dat is uiteraard aan de Kamer. Conform de motie-Bushoff die het kabinet, nogmaals, opriep geen verdere aanpassingen te doen, hebben wij gezegd: dat gaan we dus ook niet doen. Met alle respect voor mevrouw Beckerman moet ik dus heel eerlijk zeggen: dit kabinet heeft geen wijzigingen aangebracht in wetgeving; voor zover er uitzonderingen zijn, worden die niet gebruikt door het bedrijf waar mevrouw Beckerman naar verwijst.
De voorzitter:
Afrondend, heel kort.
Mevrouw Beckerman (SP):
De coalitie van deze minister heeft wel aanpassingen gedaan. Mijn laatste vraag is: gaat het kabinet daar dan ook tegenin, omdat het nu lijkt te kiezen voor de bankiers, terwijl de werkende klasse de prijs keihard aan het betalen is?
Minister Heinen:
Nogmaals, ik ben geen onderdeel van de coalitie; ik ben onderdeel van het kabinet. Het kabinet is dat niet voornemens. Dat kan ik hier nogmaals bevestigen.
De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):
Zojuist sprak ik Niels. Hij is vader van twee pubers en heeft een vrouw. Het gaat gewoon om een gezin met een middeninkomen, maar wel met zorg- en inkomensondersteuning. Door de kabinetsplannen zien zij hun zorgkosten door het dak gaan en hun inkomen met honderden euro's afnemen. Mijn vraag aan deze minister is eigenlijk heel simpel: wat is er eerlijk aan dat topbankiers de mogelijkheid krijgen om gewoon nog hogere bonussen uit te reiken, terwijl gewone mensen met de rekenmachine door de supermarkt moeten lopen om te kijken welke boodschappen ze nog kunnen betalen? Vindt de minister dat rechtvaardig? Vindt hij dat uit te leggen?
Minister Heinen:
Nogmaals, zij krijgen die mogelijkheid niet. Die hadden ze al op basis van een wet die al tien jaar hier in het parlement ligt. Nogmaals, dit kabinet heeft daar geen extra ruimte voor geboden.
Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
De uitleg van de regels door de minister klopt. Mevrouw Beckerman had het volgens mij over de commissie onder leiding van De Wit. Ik weet dat hebzucht daarin een van de discussiepunten is geweest. Daarom heb ik de volgende vraag aan de minister, want de regels zijn helder; daar is weinig aan toe te voegen. Wat vindt de minister hiervan in de huidige tijdspanne, waarin mensen moeilijk rond kunnen komen?
Minister Heinen:
Dat is meer een gewetensvraag. Die kan ik ook wel beantwoorden. Ik zit hier dubbel in, zal ik u eerlijk vertellen. Ik vind ten principale dat het vaststellen van beloningen en het beloningsbeleid aan ondernemers is. Bedrijven gaan zelf over wat ze hun werknemers uitkeren. Tegelijkertijd stel ik mezelf soms ook weleens de vraag: wanneer is iets genoeg? Hoeveel is iets soms extra waard? Kan het niet wat minder? Dat is wel een private mening. Dat zeg ik niet namens het kabinet. Ik denk wel dat anderen in het kabinet dat gevoel delen. Maar ik ben daar voorzichtig in, omdat dat vaak leidt tot extra wet- en regelgeving. Dat staat op gespannen voet met ondernemersvrijheid. Nogmaals, de ondernemer gaat zelf over wat hij de werknemer uitkeert. Dit kan ik erover zeggen. Ik sta ten dienste van de publieke sector. Ik werk al mijn hele carrière in de publieke sector. Wij verdienen hier met elkaar vorstelijk. Dat is meer dan genoeg. Ik streef persoonlijk zelf geen hogere salarissen, hogere inkomens, na. Ik streef vooral gezondheid en heel veel geluk voor mijn kinderen na. Dat is niet altijd in geld uit te drukken.
De voorzitter:
Ik dank de minister voor de beantwoording van de gestelde vragen.