Motie : Motie van het lid Van den Berg over concrete doelstellingen voor de omvang van (bio)raffinage in Nederland en voor een Europese zelfvoorzieningsgraad
32 852 Grondstoffenvoorzieningszekerheid
Nr. 414
MOTIE VAN HET LID VAN DEN BERG
Voorgesteld 30 juni 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het Nationaal Plan Energiesysteem richtinggevende keuzes bevat over
strategische leveringszekerheid en duurzame koolstofdragers, en dat het kabinet een
visie brandstoffen- en chemiegrondstoffenproductie in 2026 heeft aangekondigd;
overwegende dat een robuuste Nederlandse (bio)raffinage- en chemiecapaciteit bijdraagt
aan de leveringszekerheid in zowel vredestijd als in tijden van crisis of oorlog;
verzoekt de regering om in de visie brandstoffen- en chemiegrondstoffenproductie concrete
doelstellingen op te nemen voor de omvang van (bio)raffinage in Nederland en voor
een Europese zelfvoorzieningsgraad;
verzoekt de regering tevens om belanghebbenden te consulteren over het concept en
de cijfers onder de visie brandstoffen- en chemiegrondstoffenproductie, en de Kamer
hierover na de zomer te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van den Berg
Indieners
Daniël van den Berg, Kamerlid
Appreciatie (oordeel)
Appreciatie:
Ontijdig
De minister of staatssecretaris vindt dat een motie te vroeg komt. Bijvoorbeeld omdat er nog een onderzoek loopt of omdat er nog een ander debat komt over het onderwerp van de motie. De bewindspersoon vraagt de indiener om de motie ‘aan te houden’: te wachten met stemming over de motie. Wil de indiener dat niet, dan stemt de Kamer alsnog.