Verslag van een bijeenkomst : Verslag van een conferentie van Voorzitters van de nationale parlementen in de Europese Unie te Kopenhagen, 3-5 mei 2026
30 180 Conferentie van Voorzitters van de parlementen van de Europese Unie
AA/ Nr. 37
VERSLAG VAN EEN CONFERENTIE
Vastgesteld 25 juni 2026
De Voorzittersconferentie, oftewel Speakers Conference (EUSC), is de conferentie van
de Voorzitters van de Kamers van de parlementen van de EU, inclusief het Europees
Parlement. Jaarlijks komen de Voorzitters van de parlementen van de EU samen om informatie
en best practices uit te wisselen en parlementaire samenwerking te stimuleren. De Voorzittersconferentie
van de Europese Unie vond dit jaar onder Deens voorzitterschap plaats van 3–5 mei
2026 in Kopenhagen.
Namens de Eerste Kamer der Staten-Generaal nam ondervoorzitter Boris Dittrich deel
aan de conferentie. Hij werd ambtelijk begeleid door de Griffier van de Eerste Kamer,
Remco Nehmelman, en een griffiestaf. Namens de Tweede Kamer der Staten-Generaal nam
ondervoorzitter Ingrid Michon-Derkzen deel. Zij werd ambtelijk begeleid door de Griffier
van de Tweede Kamer, Peter Oskam, en een griffiestaf. De delegatie brengt als volgt
verslag uit. De Voorzittersconclusies zijn als bijlage bij het verslag gevoegd.1
De delegatie heeft op zondag voorafgaand aan de conferentie een gesprek gevoerd met
de Ambassadeur van Nederland te Denemarken, Nienke Trooster. De delegatie is de ambassadeur
erkentelijk voor het delen van haar inzichten voorafgaand aan de conferentie.
Voorzittersconferentie
De conferentie werd ingeleid met een welkomstwoord door de Voorzitter van het Deense
parlement, Søren Gade. In zijn inleiding was aandacht voor de huidige geopolitieke
ontwikkelingen en de situatie in Groenland.
Vervolgens was het woord aan Verona Murphy, voorzitter van de Ierse Dáil Éireann.
Zij sprak over het aankomende Ierse EU-voorzitterschap. De doelstellingen zijn onder
meer het vergroten van cohesie in Europa, het versterken van democratische samenwerking
tussen parlementen, en waarborgen van de Europese waarden zoals democratie, openheid
en de rechtsstaat, nu de EU met grote wereldwijde uitdagingen wordt geconfronteerd.
Sessie I – Europa in een veranderende wereldorde: veiligheid, uitbreiding en de rol
van parlementen
Bij de eerste sessie waren er keynote speeches van de Voorzitter van de Oekraïense
Verkhovna Rada, Ruslan Stefanchuk, en de Voorzitter van het parlement van Albanië,
Niko Peleshi. De heer Stefanchuk dankte de aanwezigen voor de aanhoudende steun aan
Oekraïne. Hij riep op tot onafhankelijkheid van Russische energie, en tot het vormen
van een sterk Europa dat zichzelf kan verdedigen tegen externe dreigingen. Tot slot
vroeg hij aandacht voor gerechtigheid voor de Oekraïense oorlogsslachtoffers. De heer
Peleshi ging in zijn bijdrage in op EU-uitbreiding in de Westelijke Balkan. Zijn boodschap
was dat de landen in de Westelijke Balkan de EU veel te bieden hebben op het gebied
van concurrentievermogen en veiligheid.
Vervolgens namen verschillende delegaties het woord. Er klonk brede overeenstemming
voor de steun aan Oekraïne. Op het onderwerp EU-uitbreiding kwamen verschillende posities
naar voren: sommige delegaties onderstreepten het belang van een op verdienste gebaseerd
toetredingsproces, op grond van de Kopenhagencriteria. Anderen benadrukten de geopolitieke
argumenten voor EU-uitbreiding: een grotere EU zou sterker staan in een veranderende
wereldorde. In deze discussie was ook de roep om EU-hervormingen te horen, om te zorgen
dat de EU snel en efficiënt kan reageren op geopolitieke ontwikkelingen.
Sessie II – Democratische weerbaarheid in tijden van verandering
In de tweede sessie gingen Richard Youngs, Senior Fellow van Carnegie Europe, Julia
Klöckner, Voorzitter van de Duitse Bondsdag en Stig Ørskov, CEO van WAN-IFRA, World
Association of News Publishers in gesprek over hoe parlementen de democratische veerkracht
kunnen versterken in het licht van desinformatie, technologische veranderingen en
afnemend institutioneel vertrouwen. De heer Young concentreerde in zijn inleiding
op de noodzaak voor voortdurende vernieuwing van democratie en van de betrokkenheid
van burgers hierin. Mevrouw Klöckner ging in op het verlies van vertrouwen van de
Duitse burger in de politiek en de wijzigingen die de Bondsdag in het reglement van
orde had doorgevoerd die het misbruik van procedures door Kamerleden moet voorkomen.
De boodschap van de heer Ørskov was dat journalisten en politici, hoewel elk een eigen
rol, voor hetzelfde doel werken, namelijk door feiten te delen en daarmee het vertrouwen
in de instellingen te vergroten. Verder sprak hij over het verspreiden van desinformatie
via online platforms door zowel pers als politici en de noodzaak van een onafhankelijke
pers.
In de gesprekken met de delegaties was veel aandacht voor het probleem van verspreiding
van desinformatie en het verlies van vertrouwen van burgers in de politiek. Ook het
gebruik van online platforms door jongeren waardoor zij door de traditionele media
slecht te bereiken zijn, werd door vele delegaties aangekaart. Er werd opgeroepen
tot meer transparantie en aansprakelijkheid in de parlementen en tot vernieuwingen
in de democratische processen, opdat burgers zich gehoord voelen.
Ondervoorzitter Dittrich ging tijdens de sessie over weerbaarheid in op de aantasting
van de integriteit van parlementen door het onderling verspreiden van desinformatie.
Dat deed hij aan de hand van een ervaring waarbij parlementsleden in diskrediet waren
gebracht door de verspreiding van een gemanipuleerde foto. Hij sprak uit dat vertrouwen
van burgers in de democratie niet enkel volgt uit het volgen van procedures. Democratische
weerbaarheid gaat ook over de ontwikkeling van burgerschap, effectieve participatie
door burgers en transparante voorlichting door overheden, aldus Dittrich.
Werkbezoek: crisisbeheer
De deelnemers brachten ook een bezoek aan het Deense Agentschap voor Crisisbeheer
(DEMA). Hier stond het thema paraatheid centraal. Aanwezigen kregen demonstraties
van de Deense capaciteiten bij (bos-)branden, zoek- en reddingsoperaties en van het
gebruik van drones voor rampen of incidenten.
Sessie III – Waarborgen van continuïteit en veiligheid in tijden van hybride dreigingen
Hanna Smith van de universiteit van Vaasa (Finland) betoogde dat hybride dreigingen
steeds agressiever en opportunistischer zijn. Zij pleitte daarom voor proactieve paraatheid.
Daarnaast hamerde zij op het belang van een gedeeld begrip van de dreiging en respect
voor de rechtsstaat. Voorzitter van het Zweedse parlement Andreas Norlén lichtte toe
dat Zweden een aanpak van «totale verdediging» kent. Nationale militaire en civiele
actoren, waaronder het parlement, werken nauw samen met als doel het versterken van
de nationale weerbaarheid. Door wetgeving, oefeningen, investeren in training en samenwerking
met andere overheden en veiligheidsdiensten blijft het parlement ook in crises functioneren.
Tijdige voorbereiding, een sterke veiligheidscultuur en aandacht voor desinformatie
zijn essentieel voor een veerkrachtige democratie, aldus Norlén. Francina Armengol,
voorzitter van het Spaanse Congres van Afgevaardigden, ging in haar bijdrage onder
meer in op de rol van sociale media. Zij onderstreepte het belang van onderwijs en
training op het gebied van digitalisering en riep tot een internationale respons om
het vertrouwen van burgers in de democratie te vergroten.
Tijdens de inbrengen van de delegaties werd de steeds grotere impact van cyberdreigingen
breed gevoeld. Verschillende delegaties gingen in op onderwijs en training, de rol
van media en social media en bescherming tegen desinformatie.
In deze sessie nam ondervoorzitter Michon-Derkzen het woord. In haar bijdrage presenteerde
zij het dilemma waar parlementen tegenaan lopen: transparantie en openheid zijn kernwaarden
van het parlementaire werk, maar ze maken parlementen ook kwetsbaarder voor hybride
bedreigingen. Zij noemde enkele voorbeelden waar dit dilemma speelt, zoals de keuze
om niet digitaal te stemmen in de Tweede Kamer. Digitale systemen kunnen efficiënt
zijn, maar brengen ook risico’s met zich mee op het gebied van cyberveiligheid, manipulatie
en verminderde transparantie. Ook noemde zij de balans tussen toegankelijkheid en
veiligheid van Kamerleden in de openbare ruimte.
Conclusies
De conferentie werd afgesloten met het bespreken en bij consensus aannemen van de
conclusies. In de aanhef van deze conclusies wordt vermeld dat niet alle Kamervoorzitters
inhoudelijke politieke verklaringen kunnen ondersteunen omwille van de aard van hun
functie. Hiermee wordt ook de neutrale rol die voorzitter in de Eerste en Tweede Kamer
hebben in acht genomen.
De ondervoorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, Dittrich
De ondervoorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, Michon-Derkzen
Ondertekenaars
Ingrid Michon-Derkzen, Tweede Kamerlid