Motie : Motie van het lid Diederik van Dijk over verkennen bij welke wetgeving er een nadere weging noodzakelijk is om de fundamentele rechten van moeders en hun ongeboren kinderen te waarborgen
33 836 Personen- en familierecht
Nr. 139
MOTIE VAN HET LID DIEDERIK VAN DIJK
Voorgesteld 27 mei 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat onderzoek naar de positie van moeders van ongeboren kinderen in de
wetgeving en de jurisprudentie wijst op wezenlijke problemen in het strafrecht, het
civiele recht en het gezondheidsrecht, waarbij de wetgever onvoldoende oog heeft voor
de fundamentele rechten van moeders en hun ongeboren kinderen;
constaterende dat onder de huidige wetgeving rechtsongelijkheid en rechtsonzekerheid
ontstaan, die primair het gevolg zijn van het ontbreken van een duidelijke weging
van perspectieven door de wetgever en dat de jurisprudentie hiervoor geen toereikend
antwoord kan bieden;
verzoekt de regering een verkenning uit te laten voeren naar op welke onderdelen van
de wetgeving een duidelijkere, systematischere weging door de wetgever noodzakelijk
is om de fundamentele rechten van moeders en hun ongeboren kinderen te waarborgen
en rechtsongelijkheid en rechtsonzekerheid te beperken,
en gaat over tot de orde van de dag.
Diederik van Dijk
Indieners
Diederik van Dijk, Kamerlid
Kabinetsappreciatie
Appreciatie:
Ontraden