Amendement : Amendement van de leden Ceulemans en Boomsma over het standaard onderbrengen van bepaalde categorieën vreemdelingen onder het beheersregime
35 501 Wijziging van de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring en enige andere wetten met het oog op het handhaven van de mogelijkheden om maatregelen te nemen ten aanzien van overlastgevende vreemdelingen, het verruimen van de mogelijkheden tot ongewenstverklaring en het verhogen van het strafmaximum van artikel 197 van het Wetboek van Strafrecht (novelle Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring)
Nr. 16
AMENDEMENT VAN DE LEDEN CEULEMANS EN BOOMSMA
Ontvangen 20 mei 2026
De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:
Artikel I, onderdeel 0Cd, wordt als volgt gewijzigd:
1. Voor de tekst wordt de aanduiding «2.» geplaatst.
2. Voor onderdeel 2 (nieuw) wordt een aanhef en onderdeel ingevoegd, luidende:
Artikel 17 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het derde lid komt te luiden:
3. Uiterlijk op de laatste dag van de in het eerste lid genoemde periode wordt de vreemdeling
ondergebracht in het verblijfsregime, tenzij:
a. de directeur de vreemdeling op grond van artikel 18 onderbrengt in het beheersregime;
of
b. op de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning de versnelde procedure
op grond van artikel 42, eerste lid, onderdelen a, b, d, e of f van Verordening (EU)
2024/1348 van het Europees Parlement en de Raad van 14 mei 2024 van toepassing is.
3. In onderdeel 2 (nieuw) wordt «In artikel 17, vierde lid,» vervangen door «In het
vierde lid».
Toelichting
Op grond van het wetsvoorstel worden vreemdelingen na de inkomstperiode automatisch
overgebracht naar het verblijfsregime. Dit amendement wijzigt die standaard voor een
afgebakende categorie: vreemdelingen van wie de asielaanvraag wordt behandeld in de
versnelde procedure op grond van artikel 42, eerste lid, onderdelen a, b, d, e of
f van de Procedureverordening (EU) 2024/1348 worden na de inkomstperiode niet automatisch
naar het verblijfsregime overgebracht, maar verblijven in het beheersregime. Het gaat
om asielzoekers afkomstig uit een veilig land van herkomst, asielzoekers ten aanzien
van wie een veilig derde land als bedoeld in artikel 42, eerste lid, onderdeel b,
van de Procedureverordening van toepassing is, asielzoekers die de autoriteiten hebben
misleid, asielzoekers die een gevaar vormen voor de openbare orde of nationale veiligheid,
en asielzoekers die een volgende aanvraag hebben ingediend.
De keuze om het beheersregime als standaard te hanteren voor deze categorieën is ingegeven
door de feitelijke terugkeerpraktijk. Het aantoonbaar vertrek van afgewezen asielzoekers
ligt structureel laag: voor de meest voorkomende nationaliteiten in vreemdelingenbewaring
schommelt dit tussen de 25% en 45%. Het gros van de afgewezen asielzoekers keert daarmee
niet aantoonbaar terug, maar verdwijnt in de illegaliteit of elders. Voor de categorieën
die dit amendement beoogt te treffen, vreemdelingen met een kansarme of kennelijk
ongegronde aanvraag, is een op terugkeer gerichte benadering vanaf de aanvang van
de bewaring het meest effectief. Een ruimer verblijfsregime in de beginfase verlengt
de feitelijke vertrekprocedure en bemoeilijkt de handhavingstaak van de Dienst Terugkeer
en Vertrek en DJI.
Dit amendement vindt zijn juridische grondslag in artikel 8 en artikel 9 van de herschikte
Opvangrichtlijn (EU 2024/1346). Artikel 8 staat lidstaten toe asielzoekers in hun
bewegingsvrijheid te beperken wanneer dat noodzakelijk is voor een snelle en effectieve
behandeling van hun verzoek. Artikel 9 regelt de modaliteiten van vrijheidsbeperkende
maatregelen en biedt lidstaten uitdrukkelijk ruimte om het regime af te stemmen op
de procedurele status en het profiel van de vreemdeling. De Uniewetgever heeft daarmee
bewust differentiatie mogelijk gemaakt tussen categorieën asielzoekers. Dit amendement
benut die ruimte door voor een limitatief omschreven categorie (vreemdelingen in de
versnelde procedure) het beheersregime als startpositie te hanteren. De directeur
behoudt op grond van artikel 18 Wtvb te allen tijde de bevoegdheid de vreemdeling
over te brengen naar het verblijfsregime indien de individuele omstandigheden daartoe
aanleiding geven, waarmee de proportionaliteitstoets op individueel niveau gewaarborgd
blijft.
Het beheersregime is niet de zwaarste maatregel die de Wtvb kent, maar een regime
dat meer structuur biedt en aansluit bij het doel van bewaring: het beschikbaar houden
van de vreemdeling voor vertrek, niet het straffen. De directeur behoudt op grond
van artikel 18 Wtvb te allen tijde de bevoegdheid de vreemdeling over te brengen naar
het verblijfsregime indien de individuele omstandigheden daartoe aanleiding geven,
waarmee de proportionaliteitstoets op individueel niveau gewaarborgd blijft.
Ceulemans Boomsma
Indieners
-
Indiener
Simon Ceulemans, Kamerlid -
Medeindiener
Diederik Boomsma, Kamerlid
Kabinetsappreciatie
Appreciatie:
Ontraden