Jaarverslag : Bijlagen bij het Financieel Jaarverslag van het Rijk 2025
Tweede Kamer der Staten-Generaal
36 945 Financieel Jaarverslag van het Rijk 2025
Nr. 2 BIJLAGEN BIJ HET FINANCIEEL JAARVERSLAG VAN HET RIJK 2025
Ontvangen 20 mei 2026
Vergaderjaar 2025–2026
1 RIJKSREKENING VAN UITGAVEN EN ONTVANGSTEN
Op grond van artikel 2.35, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016, neemt de Minister van Financiën in het Financieel Jaarverslag van het Rijk de rekening van uitgaven en ontvangsten van het Rijk op. Deze rekening, de Rijksrekening genoemd, is het overzicht op het totaalniveau van de rijksbe-groting van alle uitgaven en ontvangsten van de rijksdienst in een jaar die binnen begrotingsverband zijn gerealiseerd. Voor de departementale en niet-departementale begrotingen zijn in tabellen 1.1, 1.2 en 1.3 de verplichtingen, kasuitgaven en kasontvangsten opgenomen. In aanvulling op de gegevens onder de begroting voor Nationale schuld vermelden de tabellen 1.4 en 1.5 de voor 2025 onder de begroting van Nationale schuld oorspronkelijk geraamde en de gerealiseerde rentelasten onderscheidenlijk rentebaten. Deze gegevens zijn opgesteld in overeenstemming met het hier toepasselijke transactiestelsel. De tabellen 1.6 tot en met 1.9 hebben betrekking op baten-lastenagentschappen die, zoals het woord, aangeeft het batenlastenstelsel als begrotingsstelsel hanteren. Tabel 1.10 blijft leeg vanwege het in 2025 niet voorkomen van verplichtingen-kasagentschappen.
In de onderstaande tabellen worden de verschillen in de verschillenkolom niet toegelicht. Voor die toelichtingen wordt verwezen naar de betrokken jaarverslagen. Let op! Door afrondingen kunnen er verschillen ontstaan met de cijfers op de Rijkssaldibalans.
Tabel 1.1 Verplichtingen 2025 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
I
Koning
58.896
60.740
1.844
IIA
Staten-Generaal
266.739
282.379
15.640
IIB
Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten
191.017
212.073
21.056
III
Algemene Zaken
100.604
121.904
21.300
IV
Koninkrijksrelaties
233.839
254.104
20.265
V
Buitenlandse Zaken
11.947.738
13.121.982
1.174.244
VI
Justitie en Veiligheid
18.342.143
19.308.985
966.842
VII
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
4.850.695
4.696.075
‒ 154.620
VIII
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
56.225.003
61.874.250
5.649.247
IXA
Nationale Schuld1
22.670.377
22.731.477
61.100
IXB
Financiën
44.416.869
94.530.088
50.113.219
X
Defensie
13.346.313
25.236.278
11.889.965
XII
Infrastructuur en Waterstaat
13.831.189
14.167.055
335.866
XIII
Economische Zaken
4.089.396
3.772.806
‒ 316.590
XIV
Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
2.740.771
2.776.568
35.797
XV
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
59.721.792
60.882.098
1.160.306
XVI
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
35.529.046
40.443.825
4.914.779
XVII
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp
3.686.027
2.143.896
‒ 1.542.131
XX
Asiel en Migratie
9.490.898
7.665.217
‒ 1.825.681
XXII
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
9.774.330
9.887.211
112.881
XXIII
Klimaat en Groene Groei
20.665.342
33.720.099
13.054.757
A
Mobiliteitsfonds
10.228.540
12.548.702
2.320.162
B
Gemeentefonds
44.896.000
47.701.991
2.805.991
C
Provinciefonds
3.552.438
4.118.279
565.841
F
Diergezondheidsfonds
36.389
50.442
14.053
H
BES-fonds
88.642
90.959
2.317
J
Deltafonds
2.471.123
2.459.221
‒ 11.902
K
Defensiematerieelbegrotingsfonds
10.537.742
19.201.838
8.664.096
L
Nationaal Groeifonds
2.691.095
0
‒ 2.691.095
M
Klimaatfonds
760.998
0
‒ 760.998
Totalen
407.441.991
504.060.542
96.618.551
X Noot
1
Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de verplichtingen opgenomen, exclusief de renteverplichtingen. Voor de renteuitgaven, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.4.
Tabel 1.2 Kasuitgaven 2025 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
I
Koning
58.896
60.740
1.844
IIA
Staten-Generaal
266.739
278.502
11.763
IIB
Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten
191.980
202.254
10.274
III
Algemene Zaken
100.604
118.473
17.869
IV
Koninkrijksrelaties
263.150
232.248
‒ 30.902
V
Buitenlandse Zaken
12.254.727
13.215.391
960.664
VI
Justitie en Veiligheid
18.405.866
18.871.912
466.046
VII
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
5.074.528
4.437.533
‒ 636.995
VIII
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
57.761.491
59.531.879
1.770.388
IXA
Nationale Schuld1
22.670.377
22.731.477
61.100
IXB
Financiën
27.626.425
25.490.363
‒ 2.136.062
X
Defensie
12.994.137
15.669.893
2.675.756
XII
Infrastructuur en Waterstaat
14.091.734
13.905.428
‒ 186.306
XIII
Economische Zaken
3.274.362
3.117.482
‒ 156.880
XIV
Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
4.774.112
3.756.876
‒ 1.017.236
XV
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
59.962.659
60.927.099
964.440
XVI
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
36.498.950
34.830.356
‒ 1.668.594
XVII
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp
3.597.261
3.790.318
193.057
XX
Asiel en Migratie
9.480.898
7.610.774
‒ 1.870.124
XXII
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
9.395.732
8.779.502
‒ 616.230
XXIII
Klimaat en Groene Groei
4.496.332
6.071.319
1.574.987
A
Mobiliteitsfonds
9.429.121
9.848.690
419.569
B
Gemeentefonds
44.896.000
47.701.568
2.805.568
C
Provinciefonds
3.552.438
4.101.755
549.317
F
Diergezondheidsfonds
36.389
42.953
6.564
H
BES-fonds
88.642
93.799
5.157
J
Deltafonds
1.722.968
1.942.678
219.710
K
Defensiematerieelbegrotingsfonds
9.775.495
10.169.192
393.697
L
Nationaal Groeifonds
393.158
0
‒ 393.158
M
Klimaatfonds
757.823
0
‒ 757.823
Totalen
373.892.994
377.530.454
3.637.460
X Noot
1
Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de kasuitgaven opgenomen, exclusief de renteuitgaven. Voor de renteuitgaven, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.4.
Tabel 1.3 Kasontvangsten 2025 van de departementale en niet departementale begrotingen ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
I
Koning
345
346
1
IIA
Staten-Generaal
3.865
17.158
13.293
IIB
Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten
6.040
11.930
5.890
III
Algemene Zaken
8.678
13.827
5.149
IV
Koninkrijksrelaties
205.344
201.426
‒ 3.918
V
Buitenlandse Zaken
3.653.619
2.569.809
‒ 1.083.810
VI
Justitie en Veiligheid
1.687.690
1.862.160
174.470
VII
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
1.771.618
1.707.134
‒ 64.484
VIII
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
2.274.012
3.368.378
1.094.366
IXA
Nationale Schuld1
84.084.400
61.155.433
‒ 22.928.967
IXB
Financiën
228.956.031
243.628.139
14.672.108
X
Defensie
245.411
527.009
281.598
XII
Infrastructuur en Waterstaat
41.090
117.112
76.022
XIII
Economische Zaken
497.336
573.800
76.464
XIV
Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
74.297
272.881
198.584
XV
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
2.501.533
2.589.340
87.807
XVI
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
296.247
1.309.173
1.012.926
XVII
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp
53.225
65.890
12.665
XX
Asiel en Migratie
12.826
463.356
450.530
XXII
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
483.899
800.690
316.791
XXIII
Klimaat en Groene Groei
2.418.140
4.161.305
1.743.165
A
Mobiliteitsfonds
9.429.121
9.446.049
16.928
B
Gemeentefonds
44.896.000
47.701.568
2.805.568
C
Provinciefonds
3.552.438
4.101.755
549.317
F
Diergezondheidsfonds
54.437
57.543
3.106
H
BES-fonds
88.642
93.799
5.157
J
Deltafonds
1.722.968
1.755.279
32.311
K
Defensiematerieelbegrotingsfonds
96.583
212.787
116.204
L
Nationaal Groeifonds
0
0
0
M
Klimaatfonds
0
0
0
Totalen
389.115.835
388.785.076
‒ 330.759
X Noot
1
Van de Nationale schuld zijn in dit overzicht de ontvangsten opgenomen, exclusief de rentebaten. Voor de rentebaten, die op transactiebasis worden verantwoord, zie tabel 1.5.
Het gerealiseerde saldo van de kasuitgaven en de kasontvangsten over 2025, zoals dat uit de tabellen 1.2 en 1.3 blijkt – het verschil tussen 377,5 miljard euro en 388,8 miljard euro, zijnde een verschil van 11,3 miljard euro – heeft geen directe relatie met het EMU-saldo 2025 van het Rijk. De saldoberekeningen van beide opstellingen verschillen daartoe te veel van elkaar. Een belangrijk verschil vormen de uitgaven en ontvangsten van Nationale Schuld (IXA) die betrekking hebben op de financieringstrans-acties (de aflossingen en de aangetrokken leningen in verband met de tekortfinanciering en herfinanciering). Deze zijn wel in de tabellen 1.2 en 1.3 meegenomen, maar tellen niet mee in de berekening van het EMU-saldo. Ook wordt het EMU-saldo opgesteld op transactiebasis, terwijl hier de gepresenteerde opstelling op kasbasis is. Het Europees Stelsel van Rekeningen (ESR) 2010 schrijft voor welke uitgaven en ontvangsten als relevant voor het EMU-saldo worden aangemerkt.
Tabel 1.4 Rentekosten 2025 (op transactie basis) van de begroting Nationale Schuld ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
IXA
Nationale Schuld
10.611.324
8.996.807
‒ 1.614.517
Totalen
10.611.324
8.996.807
‒ 1.614.517
Tabel 1.5 Rentebaten 2025 (op transactiebasis) van de begroting Nationale schuld ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
IXA
Nationale Schuld
223.169
293.880
70.711
Totalen
223.169
293.880
70.711
Tabel 1.6 Lasten 2025 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
AZ
Dienst Publiek en Communicatie
147.553
52.603
‒ 94.950
BZK
Rijksdienst voor Identiteitsgegevens
214.765
224.755
9.990
BZK
Logius
380.145
378.269
‒ 1.876
BZK
Organisatie en Personeel Rijk
362.385
316.217
‒ 46.168
BZK
Rijksorganisatie Beveiliging en Logistiek
161.690
171.132
9.442
BZK
FM Haaglanden
206.486
192.777
‒ 13.709
BZK
SSC-ICT Haaglanden
437.978
424.493
‒ 13.485
BZK
Rijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie
115.015
105.401
‒ 9.614
JenV
Centraal Justitieel Incassobureau
237.198
254.865
17.667
JenV
Dienst Justitiële Inrichtingen
3.412.961
3.670.919
257.958
JenV
Justis
64.817
72.918
8.101
JenV
De Justitiële ICT Organisatie
190.905
189.156
‒ 1.749
JenV
Justitiële Informatiedienst (Justid)
82.345
94.664
12.319
JenV
Nederlands Forensisch Instituut (NFI)
127.519
142.256
14.737
OCW
Dienst Uitvoering Onderwijs
508.617
581.636
73.019
OCW
Nationaal Archief
64.400
80.038
15.638
DEF
Paresto
106.331
112.429
6.098
IenW
Rijkswaterstaat
3.940.484
4.528.267
587.783
IenW
Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut
122.048
122.824
776
EZ
Rijksdienst voor ondernemend Nederland
1.282.185
1.280.433
‒ 1.752
EZ
Rijksinspectie Digitale Infrastructuur
103.840
98.854
‒ 4.986
EZ
Dienst ICT Uitvoering
396.933
404.160
7.227
LVVN
Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit
678.652
644.580
‒ 34.072
VWS
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
852.100
798.955
‒ 53.145
VWS
Centrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg
120.885
133.641
12.756
VWS
College ter Beoordeling Geneesmiddelen
86.826
84.284
‒ 2.542
AenM
Immigratie- en naturalisatiedienst
926.372
1.160.752
234.380
VRO
Rijksvastgoedbedrijf
1.702.084
1.727.791
25.707
VRO
Dienst Huurcommissie
40.660
38.517
‒ 2.143
KGG
Nederlandse Emissieautoriteit
31.595
27.921
‒ 3.674
Totalen
17.105.774
18.115.507
1.009.733
Tabel 1.7 Baten 2025 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
AZ
Dienst Publiek en Communicatie
147.553
52.986
‒ 94.567
BZK
Rijksdienst voor Identiteitsgegevens
236.033
259.868
23.835
BZK
Logius
380.145
377.635
‒ 2.510
BZK
Organisatie en Personeel Rijk
362.385
315.728
‒ 46.657
BZK
Rijksorganisatie Beveiliging en Logistiek
161.690
176.696
15.006
BZK
FM Haaglanden
206.486
192.261
‒ 14.225
BZK
SSC-ICT Haaglanden
432.478
432.514
36
BZK
Rijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie
115.015
103.680
‒ 11.335
JenV
Centraal Justitieel Incassobureau
237.198
241.579
4.381
JenV
Dienst Justitiële Inrichtingen
3.412.961
3.610.510
197.549
JenV
Justis
64.817
74.718
9.901
JenV
De Justitiële ICT Organisatie
190.905
200.546
9.641
JenV
Justitiële Informatiedienst (Justid)
82.345
94.714
12.369
JenV
Nederlands Forensisch Instituut (NFI)
127.519
143.862
16.343
OCW
Dienst Uitvoering Onderwijs
508.617
599.901
91.284
OCW
Nationaal Archief
64.400
83.313
18.913
DEF
Paresto
106.331
111.641
5.310
IenW
Rijkswaterstaat
3.944.092
4.515.983
571.891
IenW
Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut
122.048
121.399
‒ 649
EZ
Rijksdienst voor ondernemend Nederland
1.282.185
1.328.097
45.912
EZ
Rijksinspectie Digitale Infrastructuur
103.840
102.451
‒ 1.389
EZ
Dienst ICT Uitvoering
396.933
418.488
21.555
LVVN
Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit
678.652
674.029
‒ 4.623
VWS
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
852.100
800.570
‒ 51.530
VWS
Centrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg
120.885
131.199
10.314
VWS
College ter Beoordeling Geneesmiddelen
86.826
83.765
‒ 3.061
AenM
Immigratie- en naturalisatiedienst
926.372
1.111.893
185.521
VRO
Rijksvastgoedbedrijf
1.702.084
1.735.816
33.732
VRO
Dienst Huurcommissie
40.660
43.900
3.240
KGG
Nederlandse Emissieautoriteit
31.595
27.921
‒ 3.674
Totalen
17.125.150
18.167.663
1.042.513
Tabel 1.8 Kapitaaluitgaven 2025 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
AZ
Dienst Publiek en Communicatie
0
0
0
BZK
Rijksdienst voor Identiteitsgegevens
3.100
7.093
3.993
BZK
Logius
0
0
0
BZK
Organisatie en Personeel Rijk
2.053
4.568
2.515
BZK
Rijksorganisatie Beveiliging en Logistiek
150
9
‒ 141
BZK
FM Haaglanden
15.389
9.895
‒ 5.494
BZK
SSC-ICT Haaglanden
145.725
‒ 102.773
‒ 248.498
BZK
Rijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie
0
84
84
JenV
Centraal Justitieel Incassobureau
6.017
6.066
49
JenV
Dienst Justitiële Inrichtingen
12.000
35.357
23.357
JenV
Justis
0
‒ 7.609
‒ 7.609
JenV
De Justitiële ICT Organisatie
50.735
37.493
‒ 13.242
JenV
Justitiële Informatiedienst (Justid)
7.690
4.419
‒ 3.271
JenV
Nederlands Forensisch Instituut (NFI)
13.051
11.604
‒ 1.447
OCW
Dienst Uitvoering Onderwijs
139.654
128.707
‒ 10.947
OCW
Nationaal Archief
2.300
2.996
696
DEF
Paresto
0
788
788
IenW
Rijkswaterstaat
59.463
58.950
‒ 513
IenW
Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut
5.371
3.673
‒ 1.698
EZ
Rijksdienst voor ondernemend Nederland
35.480
54.764
19.284
EZ
Rijksinspectie Digitale Infrastructuur
12.727
16.235
3.508
EZ
Dienst ICT Uitvoering
39.910
37.265
‒ 2.645
LVVN
Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit
19.583
24.189
4.606
VWS
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
15.000
21.217
6.217
VWS
Centrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg
5.031
13.093
8.062
VWS
College ter Beoordeling Geneesmiddelen
650
1.314
664
AenM
Immigratie- en naturalisatiedienst
7.660
7.149
‒ 511
VRO
Rijksvastgoedbedrijf
1.505.585
1.566.380
60.795
VRO
Dienst Huurcommissie
300
4
‒ 296
KGG
Nederlandse Emissieautoriteit
4.045
3.695
‒ 350
Totalen
2.108.669
1.946.625
‒ 162.044
Tabel 1.9 Kapitaalontvangsten 2025 van de baten-lastenagentschappen ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
AZ
Dienst Publiek en Communicatie
0
0
0
BZK
Rijksdienst voor Identiteitsgegevens
0
0
0
BZK
Logius
0
0
0
BZK
Organisatie en Personeel Rijk
0
0
0
BZK
Rijksorganisatie Beveiliging en Logistiek
0
19
19
BZK
FM Haaglanden
10.200
5.107
‒ 5.093
BZK
SSC-ICT Haaglanden
112.102
55.002
‒ 57.100
BZK
Rijksorganisatie voor Ontwikkeling, Digitalisering en Innovatie
0
3.248
3.248
JenV
Centraal Justitieel Incassobureau
2.520
17.457
14.937
JenV
Dienst Justitiële Inrichtingen
1.000
41.157
40.157
JenV
Justis
0
0
0
JenV
De Justitiële ICT Organisatie
31.844
12.000
‒ 19.844
JenV
Justitiële Informatiedienst (Justid)
4.075
1.700
‒ 2.375
JenV
Nederlands Forensisch Instituut (NFI)
13.051
7.647
‒ 5.404
OCW
Dienst Uitvoering Onderwijs
94.300
75.130
‒ 19.170
OCW
Nationaal Archief
1.200
0
‒ 1.200
DEF
Paresto
0
0
0
IenW
Rijkswaterstaat
40.018
35.504
‒ 4.514
IenW
Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut
3.090
1.551
‒ 1.539
EZ
Rijksdienst voor ondernemend Nederland
15.000
23.966
8.966
EZ
Rijksinspectie Digitale Infrastructuur
14.031
1.394
‒ 12.637
EZ
Dienst ICT Uitvoering
25.000
15.025
‒ 9.975
LVVN
Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit
11.750
1.631
‒ 10.119
VWS
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
0
0
0
VWS
Centrum Informatiepunt Beroepen in Gezondheidszorg
5.031
1.925
‒ 3.106
VWS
College ter Beoordeling Geneesmiddelen
0
0
0
AenM
Immigratie- en naturalisatiedienst
0
58
58
VRO
Rijksvastgoedbedrijf
1.037.000
1.199.359
162.359
VRO
Dienst Huurcommissie
0
0
0
KGG
Nederlandse Emissieautoriteit
2.836
0
‒ 2.836
Totalen
1.424.048
1.498.880
74.832
Tabel 1.10 Verplichtingen, kasuitgaven en kasontvangsten 2025 van de verplichtingen- kasagentschappen ( x € 1000)
Onderdeel
Oorspronkelijk vastgestelde begroting
Realisatie
Verschil
In 2025 waren er geen verplichtingen-kasagentschappen.
2 SALDIBALANS VAN HET RIJK PER 31 DECEMBER 2025
Tabel 2.1 Saldibalans van het Rijk 31 december 2025
DEBET
31-12-2025
31-12-2024
CREDIT
31-12-2025
31-12-2024
OMSCHRIJVING
€ mln.
€ mln.
OMSCHRIJVING
€ mln.
€ mln.
1
Uitgaven ten laste van de begroting
386.527
394.205
12
Ontvangsten ten gunste van de begroting
389.079
392.290
2
Vorderingen buiten begrotingsverband
9.670
12.618
13
Schulden buiten begrotingsverband
10.909
11.644
(intra-comptabele vorderingen)
(intra-comptabele schulden)
14
Saldi begrotingsfondsen
14
Saldi begrotingsfondsen
290
1.358
3
Liquide Middelen
2.869
2.996
4
Saldo geldelijk beheer van het Rijk
7.483
3.651
4
Saldo geldelijk beheer van het Rijk
0
0
15
Saldi begrotingsreserves
6.272
8.178
Totaal intra-comptabele posten
406.550
413.469
Totaal intra-comptabele posten
406.550
413.469
5
Openstaande rechten
48.570
53.276
16
Tegenrekening openstaande rechten
48.570
53.276
6
Vorderingen
110.935
91.771
17
Tegenrekening vorderingen
110.935
91.771
7
Tegenrekening schulden
562.399
517.516
18
Schulden
562.399
517.516
8
Voorschotten
376.726
335.137
19
Tegenrekening voorschotten
376.726
335.137
9
Tegenrekening andere verplichtingen
298.450
256.546
20
Andere verplichtingen
298.450
256.546
10
Deelnemingen
42.379
44.089
21
Tegenrekening deelnemingen
42.379
44.089
11
Tegenrekening garantieverplichtingen
289.857
229.177
22
Garantieverplichtingen
289.857
229.177
Totaal extra-comptabele posten
1.729.316
1.527.513
Totaal extra-comptabele posten
1.729.316
1.527.513
TOTAAL-GENERAAL
2.135.866
1.940.982
TOTAAL-GENERAAL
2.135.866
1.940.982
Toelichting op de saldibalans van het RijkDe saldibalans van het Rijk is een optelling van de goedgekeurde saldibalansen van de afzonderlijke begrotingshoofdstukken, die geconsolideerd wordt met de saldibalans van de centrale administratie van de Schatkist van het Rijk.
Voor een nadere toelichting op de cijfers wordt verwezen naar de jaarverslagen van de ministeries of begrotingsfondsen. Let op! Door afrondingsverschillen kunnen de sommen van bepaalde onderdelen afwijken van andere tabellen.
Ad 1) Uitgaven ten laste van de begrotingOnder de post uitgaven ten laste van de begroting worden de gerealiseerde uitgaven van het betreffende begrotingsjaar opgenomen van alle ministeries en begrotingsfondsen. Ook hierin meegenomen zijn de rentelasten zoals opgenomen in tabel 1.4 van de rijksrekening.
Ad 2) Vorderingen buiten begrotingsverband (intra-comptabele vorderingen)Onder de post vorderingen buiten begrotingsverband worden de uitgaven opgenomen die in een later jaar met een ander onderdeel van het Rijk dan wel met een derde worden verrekend. Onder deze post staan alleen de vorderingen waarvan wordt verwacht dat binnen een afzienbare termijn verrekening zal plaatsvinden. Het totaal van deze post is 9.671 miljoen euro, waarvan 8.408 miljoen euro uit kas-transverschillen bestaat. Voor de toelichting van de kas-transverschillen verwijzen wij u naar toelichting Saldibalans Nationale Schuld IXA.
Ad 3) Liquide middelenOnder de post liquide middelen worden de saldi bij de banken en de contante gelden opgenomen.
Ad 4) Saldo geldelijk beheer van het RijkOnder de post saldo geldelijk beheer van het Rijk wordt opgenomen: de door het ministerie van Financiën overgenomen uitgaven en ontvangsten binnen begrotingsverband van afgesloten begrotingsjaren. De definitieve afsluiting van een begrotingsjaar vindt plaats nadat de Staten-Generaal de Slotwetten hebben aangenomen, waarna de eindbedragen voor de uitgaven en ontvangsten die betrekking hebben op het afgesloten begrotingsjaar worden overgeboekt op de post saldo geldelijk beheer van het Rijk. Het saldo geldelijk beheer is hiermee een meerjarige optelling (cumulatie) van alle door het parlement goedgekeurde uitgaven en ontvangsten van het Rijk tot en met het laatst afgesloten boekjaar.
Ad 5 en 16) Openstaande rechtenRechten zijn een voorfase van de ontvangsten. Onder de post openstaande rechten worden opgenomen: vorderingen die niet voortvloeien uit met derden te verrekenen begrotingsuitgaven, maar op andere wijze ontstaan. Rechten kunnen ontstaan doordat conform wettelijke regelingen vastgestelde aanslagen aan derden worden opgelegd (bijvoorbeeld belastingen, college- en schoolgelden) of op grond van doorberekening van de kosten van verleende diensten of geleverde goederen.
Ad 6 en 17) Vorderingen (extra-comptabel)Onder de post extra-comptabele vorderingen worden de vorderingen opgenomen, die zijn voortgevloeid uit uitgaven ten laste van de begroting. Het gaat dan om reeds verrichte uitgaven, die binnen begrotingsverband zijn geboekt en waarvoor op termijn nog een verrekening met derden dan wel met een ander onderdeel van het Rijk zal plaatsvinden. Tevens zijn hierin de uitgaven opgenomen, die in eerste instantie op derdenrekeningen zijn geboekt, maar waarvan de verrekening met derden dan wel een ander onderdeel van het Rijk niet binnen een redelijke termijn heeft plaatsgevonden, terwijl verrekening wel mogelijk is.
Ad 7 en 18) Schulden (extra-comptabel)Onder de post schulden worden schulden opgenomen die zijn voortgevloeid uit ontvangsten ten gunste van de begroting. Net als bij extra-comptabele vorderingen gaat het om reeds ontvangen bedragen welke geboekt zijn binnen begrotingsverband en waarvoor nog op termijn een verrekening plaats zal vinden. Ook uitgegeven leningen worden onder de post schulden opgenomen.
Ad 8 en 19) VoorschottenOnder de post voorschotten worden de bedragen opgenomen die aan derden zijn betaald vooruitlopend op een later definitief vast te stellen c.q. af te rekenen bedrag.
Ad 9 en 20) Andere verplichtingenOnder de post andere verplichtingen wordt het saldo opgenomen van aangegane verplichtingen en hierop verrichte betalingen. Het saldo heeft zowel betrekking op de binnen als buiten begrotingsverband geboekte verplichtingen.
Ad 10 en 21) DeelnemingenOnder de post deelnemingen worden alle deelnemingen in besloten en naamloze vennootschappen en internationale instellingen opgenomen. De waardering van de deelnemingen geschiedt op basis van de oorspronkelijke aankoopprijs. In enkele gevallen geschiedt de waardering tegen de nominale waarde van het aandeel in het gestort en opgevraagd kapitaal.
Ad 11 en 22) GarantieverplichtingenOnder de post garantieverplichtingen worden de bedragen opgenomen die de hoofdsommen vormen van afgegeven garanties aan derden en garanties van ministeries aan het ministerie van Financiën. Een afgegeven garantie wordt gezien als een verplichting en moet ook op dezelfde manier in de administratie worden verwerkt. Er is dus geen verschil in de registratie van garantieverplichtingen en andersoortige verplichtingen. Een verschil tussen een garantieverplichting en een andere verplichting is wel dat de hoofdsom van een garantieverplichting veelal niet of slechts gedeeltelijk tot uitbetaling zal leiden.
Ad 12) Ontvangsten ten gunste van de begrotingOnder de post ontvangsten ten gunste van de begroting worden de gerealiseerde ontvangsten van het betreffende begrotingsjaar opgenomen van alle ministeries en begrotingsfondsen. Ook hierin meegenomen zijn de rentebaten zoals opgenomen in tabel 1.5 van de rijksrekening.
Ad 13) Schulden buiten begrotingsverband (intra-comptabel)Onder de post schulden buiten begrotingsverband worden de ontvangsten geboekt die in een later jaar met een ander onderdeel van het Rijk dan wel met een derde worden verrekend.
Ad 14) Saldi begrotingsfondsenOnder de post saldi begrotingsfondsen worden saldi van het voorgaande begrotingsjaar opgenomen. Het betreft hier de saldi van het Diergezond-heidsfonds, het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds. In 2024 en 2025 betreft het een positieve saldo. Het Defensiematerieelbegrotingsfonds en het Nationaal Groeifonds zijn met ingang van 2025 reguliere begrotingshoofdstukken, ze zijn nog wel opgenomen in het saldo van 2024.
Ad 15) Saldi begrotingsreservesOnder de post saldi begrotingsreserves worden de interne reserves van de ministeries opgenomen. Het gaat hier om de volgende reserves:
– FOM, DGGF, DRIVE en DTIF (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp);
– Garantie Ondernemersfinanciering,Borgstelling MKB-kredieten (BBMKB),Borgstelling MKB-kredieten Groen, Groeifaciliteit, Garantie MKB-financiering, Klein Krediet Corona, Maatwerkgarantie (IHC) (EZ);
– Aardwarmte, Duurzame energie, ECN verstrekte leningen (KGG);
– Exportkredietverzekeringen, Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschades en Garantstelling DGS BES eilanden (Financiën);
– Forensische Zorg (J&V);
– Asiel (A&M);
– Landbouw, Visserij, Risicovoorziening jonge boeren, Apurement Borgstellingsfaciliteit, Garantstelling Groenfonds (LVVN);
– Museaal Aankoopfonds, Risicopremie garantstelling onderwijsinstel-lingen, Achterborgregelingen (OCW);
– Waarborgfonds voor de Zorgsector, Stimuleringsregeling wonen en zorg, Pallas (VWS);
– Woningcorporaties, NHG en FHG (VRO).
3 DE BELASTING- EN PREMIEONTVANGSTEN IN 2025
Tabel 3.1 De belasting- en premieontvangsten in 2025 op EMU-basis (in miljoenen euro)
Miljoenennota 2025
Realisatie 2025
Verschil
Indirecte belastingen
121.619
123.140
1.522
Invoerrechten
4.101
4.746
644
Omzetbelasting
82.237
83.291
1.054
Belasting op personenauto's en motorrijwielen
1.987
1.331
‒ 656
Accijnzen
12.339
11.455
‒ 884
- Accijns van lichte olie
4.547
4.540
‒ 8
- Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie
3.201
3.210
9
- Tabaksaccijns
3.380
2.549
‒ 830
- Alcoholaccijns
400
388
‒ 12
- Bieraccijns
460
438
‒ 22
- Wijnaccijns
351
330
‒ 21
Overdrachtsbelasting
3.938
4.690
752
Assurantiebelasting
4.098
4.164
66
Motorrijtuigenbelasting
5.047
5.205
159
Belastingen op een milieugrondslag
6.379
6.804
424
- Afvalstoffenbelasting
267
291
23
- Energiebelasting
4.932
5.323
390
- Waterbelasting
340
364
24
- Brandstoffenheffingen
0
1
0
- Vliegbelasting
784
769
‒ 15
- CO2-heffing glastuinbouw
56
56
0
Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.
676
633
‒ 43
Belasting op zware motorrijtuigen
208
204
‒ 4
Bankenbelasting
608
617
9
Directe belastingen
155.380
162.550
7.170
Inkomstenbelasting
11.750
12.532
782
Loonbelasting
85.568
88.731
3.162
Dividendbelasting
6.577
6.725
148
Kansspelbelasting
1.267
1.011
‒ 256
Vennootschapsbelasting
46.582
49.356
2.773
Bronbelasting op rente en royalty's
55
95
40
Schenk- en erfbelasting
3.580
4.100
519
Overige belastingontvangsten
355
230
‒ 124
- Belasting- en premieontvangsten Caribisch Nederland
260
222
‒ 38
Totaal belastingen
277.353
285.920
8.567
Premies volksverzekeringen
46.842
45.446
‒ 1.396
Premies werknemersverzekeringen
100.861
101.163
302
waarvan zorgpremies
59.998
61.015
1.016
Totaal belasting- en premieontvangsten
425.055
432.529
7.474
Tabel 3.2 De belasting- en premieontvangsten in 2025 op kasbasis (in miljoenen euro)
Miljoenennota 2025
Realisatie 2025
Verschil
Indirecte belastingen
121.236
123.056
1.820
Invoerrechten
4.087
4.709
623
Omzetbelasting
81.896
82.977
1.081
Belasting op personenauto's en motorrijwielen
1.874
1.379
‒ 495
Accijnzen
12.369
11.467
‒ 902
- Accijns van lichte olie
4.564
4.544
‒ 20
- Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie
3.215
3.222
7
- Tabaksaccijns
3.378
2.576
‒ 803
- Alcoholaccijns
399
372
‒ 28
- Bieraccijns
462
433
‒ 30
- Wijnaccijns
351
321
‒ 29
Overdrachtsbelasting
3.901
4.703
803
Assurantiebelasting
4.084
4.155
71
Motorrijtuigenbelasting
5.002
5.213
211
Belastingen op een milieugrondslag
6.353
6.784
431
- Afvalstoffenbelasting
269
293
24
- Energiebelasting
4.965
5.366
400
- Waterbelasting
339
363
25
- Brandstoffenheffingen
0
1
0
- Vliegbelasting
780
760
‒ 19
- CO2-heffing glastuinbouw
0
0
0
Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.
676
630
‒ 45
Belasting op zware motorrijtuigen
208
210
2
Bankenbelasting
608
617
9
Inframarginale heffing
179
212
33
Directe belastingen en premies volksverzekeringen
152.243
165.870
13.627
Inkomstenbelasting
8.673
16.405
7.732
Loonbelasting
85.616
88.468
2.853
Dividendbelasting
6.354
6.636
282
Kansspelbelasting
1.266
1.073
‒ 193
Vennootschapsbelasting
46.693
49.095
2.402
Bronbelasting op rente en royalty's
61
93
32
Schenk- en erfbelasting
3.580
4.100
519
Solidariteitsbijdrage
0
0
0
Overige belastingontvangsten
355
230
‒ 125
waarvan Belasting- en premieontvangsten Caribisch Nederland
260
222
‒ 38
Totaal belastingen op kasbasis
273.834
289.156
15.322
Premies volksverzekeringen
47.030
44.062
‒ 2.968
Premies werknemersverzekeringen
101.281
101.087
‒ 193
Aansluiten naar EMU (KTV)
2.910
‒ 1.776
‒ 4.687
Totaal belasting- en premieontvangsten op EMU-basis
425.055
432.529
7.474
4 UITGAVEN EN NIET- BELASTINGONTVANGSTEN
Deze bijlage biedt een overzicht van de verschillende manieren waarop de uitgaven en de niet-belastingontvangsten van de overheid worden weergegeven. Er wordt een vergelijking gemaakt tussen de begroting van 2025 zoals gepresenteerd in de Miljoenennota 2025 en de realisatie van dat jaar in het voorliggende Financieel Jaarverslag van het Rijk 2025. De overheidsuitgaven kunnen op kasbasis, maar ook op transactiebasis worden geregistreerd. In het eerste geval worden transacties geboekt in de periode waarin betaling plaatsvindt, in het tweede geval in de periode waarin rechten en verplichtingen zijn ontstaan. Op de departementale begrotingen worden de uitgaven op kasbasis geregistreerd: welke bedragen worden daadwerkelijk van de bankrekeningen van het Rijk afgeschreven. Bij het saldo van de overheid (EMU-saldo) wordt niet uitgegaan van de uitgaven op kasbasis, maar op transactiebasis: de uitgaven worden geboekt in de periode waarin rechten en verplichtingen zijn ontstaan. Bij de tabellen hieronder worden de gebruikte begrippen verder toegelicht.
Tabel 4.1 bevat alle netto-uitgaven van de Rijksoverheid: de optelsom van de uitgaven minus de niet-belastingontvangsten. Om de uitgaven te beheersen is er een uitgavenkader. De uitgaven binnen het uitgavenkader mogen het uitgavenkader niet overschrijden. De uitgangsregel is dat alle uitgaven die relevant zijn voor het EMU-saldo ook onder het uitgavenkader vallen, tenzij hier een uitzondering voor gemaakt is. De uitgaven en ontvangsten die niet binnen het kader vallen worden in tabel 4.6 nader uitgesplitst.
In tabel 4.1 zijn de uitgaven uitgesplitst in de begrotingsgefinancierde en de premiegefinancierde uitgaven. De begrotingsgefinancierde uitgaven worden betaald uit belastingen en zijn de optelling van alle uitgaven en niet-belastingontvangsten op de departementale begrotingen. Dit zijn de uitgaven waarvoor het parlement autorisatie verleent door de begrotingswetten aan te nemen. Naast de begrotingsgefinancierde uitgaven zijn er ook premiegefinancierde uitgaven. De uitgaven aan zorg en sociale zekerheid worden voornamelijk gefinancierd uit de premies. Samen vormen de begrotingsgefinancierde en premiegefinancierde netto-uitgaven de totale netto-uitgaven.
Tabel 4.1 Netto-uitgaven naar type (in miljoenen euro)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
Bron
Begrotingsgefinancierde netto-uitgaven
Netto-uitgaven onder het uitgavenkader
243.475
242.275
‒ 1.200
Tabel 4.5
Netto-uitgaven buiten het uitgavenkader
79.035
71.014
‒ 8.021
Tabel 4.6
Totaal begrotingsgefinancierde netto-uitgaven
322.509
313.289
‒ 9.221
Tabel 4.4
Premiegefinancierde netto-uitgaven
Netto-uitgaven onder het uitgavenkader
183.543
181.974
‒ 1.570
Tabel 4.5
Netto-uitgaven buiten het uitgavenkader
0
4.302
4.302
Tabel 4.6
Totaal premiegefinancierde netto-uitgaven
183.543
186.276
2.732
Totaal netto-uitgaven
506.053
499.565
‒ 6.488
Tabel 4.2 geeft alle uitgaven zoals die vermeld zijn in de individuele begrotingshoofdstukken van de Rijksbegroting. In die hoofdstukken zelf zijn de uitgaven verdeeld over verschillende beleids- en niet-beleidsartikelen, maar in de tabel wordt alleen het totaal per begrotingshoofdstuk weergegeven. Het betreft hier de kasuitgaven van de begrotingshoofdstukken. Alleen voor het begrotingshoofdstuk van Nationale Schuld zijn de bedragen op transactiebasis.
Tabel 4.2 Uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
1
De Koning
59
61
2
2A
Staten-Generaal
267
279
12
2B
Overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad
192
202
10
3
Algemene Zaken
101
118
17
4
Koninkrijksrelaties
263
232
‒ 31
5
Buitenlandse Zaken
12.262
13.215
953
6
Justitie en Veiligheid
18.325
18.872
546
7
Binnenlandse Zaken
5.084
4.438
‒ 646
8
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
57.597
59.532
1.935
9A
Nationale Schuld (Transactiebasis)
13.333
11.738
‒ 1.595
9B
Financiën
27.662
25.490
‒ 2.172
10
Defensie
12.244
15.670
3.426
12
Infrastructuur en Waterstaat
14.111
13.905
‒ 206
13
Economische Zaken en Klimaat
3.252
3.117
‒ 134
14
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
4.731
3.757
‒ 975
15
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
59.997
60.927
930
16
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
36.502
34.830
‒ 1.672
17
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
3.598
3.790
192
20
Asiel en Migratie
9.481
7.611
‒ 1.870
22
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
9.387
8.780
‒ 608
23
Klimaat en Groene Groei
4.509
6.071
1.562
50
Gemeentefonds
44.896
47.702
2.806
51
Provinciefonds
3.552
4.102
549
55
Mobiliteitsfonds
9.429
9.849
420
58
Diergezondheidsfonds
36
43
7
60
Accres Gemeentefonds
608
0
‒ 608
61
Accres Provinciefonds
116
0
‒ 116
64
BES-fonds
89
94
5
65
Deltafonds
1.723
1.943
220
66
Defensiematerieelbegrotingsfonds
9.776
10.169
394
70
Nationaal Groeifonds
393
0
‒ 393
71
Klimaatfonds
758
0
‒ 758
AP
Aanvullende Posten
4.550
0
‒ 4.550
90
Consolidatie1
‒ 10.473
‒ 10.524
‒ 51
HGIS
Internationale Samenwerking2
(10.724)
(12.822)
‒ 2.098
Totaal
358.411
356.013
‒ 2.398
1) Dit betreft een correctie voor dubbeltellingen die ontstaan door het «bruto-boeken» van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het gaat onder andere om bijdragen via de begroting van Infrastructuur en Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds en van de begroting van Defensie aan het Defensiematerieelbegrotingsfonds.
2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.
Tabel 4.3 bevat alle niet-belastingontvangsten op de verschillende begrotingshoofdstukken van de Rijksbegroting. Dit betreft alle ontvangsten die geen belasting- of premie-ontvangst zijn. Denk bijvoorbeeld aan het dividend dat uitgekeerd wordt door staatsdeelnemingen, het terugbetalen van studieschulden of de opbrengst van boetes en schikkingen. Ook hier geldt dat alle bedragen op kasbasis zijn, behalve bedragen op de begroting van Nationale Schuld die deels op transactiebasis is opgesteld. Omdat hier inzicht wordt gegeven in de niet-belastingontvangsten worden de ontvangsten vanuit het uitgeven van nieuwe staatschuld niet meegeteld. Deze ontvangsten komen in bijlage 5 aan bod bij de bepaling van het EMU-saldo.
Tabel 4.3 Niet-belastingontvangsten begrotingen (in miljoenen euro)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
1
De Koning
0
0
0
2A
Staten-Generaal
4
17
13
2B
Overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad
6
12
6
3
Algemene Zaken
9
14
5
4
Koninkrijksrelaties
205
201
‒ 4
5
Buitenlandse Zaken
3.654
2.570
‒ 1.084
6
Justitie en Veiligheid
1.650
1.862
212
7
Binnenlandse Zaken
1.772
1.707
‒ 64
8
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
2.274
3.368
1.094
9A
Nationale Schuld (Transactiebasis)
15.224
14.773
‒ 450
9B
Financiën
3.658
6.370
2.712
10
Defensie
245
527
282
12
Infrastructuur en Waterstaat
41
117
76
13
Economische Zaken
497
574
76
14
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
74
273
199
15
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
2.502
2.589
88
16
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
285
1.309
1.024
17
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
53
66
13
20
Asiel en Migratie
13
463
451
22
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
484
801
317
23
Klimaat en Groene Groei
2.418
4.161
1.743
50
Gemeentefonds
0
0
0
51
Provinciefonds
0
0
0
55
Mobiliteitsfonds
9.429
9.446
17
58
Diergezondheidsfonds
54
58
3
65
Deltafonds
1.723
1.755
32
66
Defensiematerieelbegrotingsfonds
97
213
116
70
Nationaal Groeifonds
0
0
0
AP
Aanvullende Posten
4
0
‒ 4
90
Consolidatie1
‒ 10.473
‒ 10.524
‒ 51
HGIS
Internationale Samenwerking2
(425)
(414)
11
Totaal
35.902
42.724
6.822
1) Dit betreft een correctie voor dubbeltellingen die ontstaan door het «bruto-boeken» van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het gaat onder andere om bijdragen via de begroting van Infrastructuur en Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds en van de begroting van Defensie aan het Defensiematerieelbegrotingsfonds.
2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.
Tabel 4.4 geeft per begrotingshoofdstuk de netto-uitgaven weer, oftewel de uitgaven (tabel 4.2) minus de niet-belastingontvangsten (tabel 4.3).
Tabel 4.4 Netto-uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
1
De Koning
59
60
2
2A
Staten-Generaal
263
261
‒ 2
2B
Overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad
186
190
4
3
Algemene Zaken
93
105
12
4
Koninkrijksrelaties
58
31
‒ 27
5
Buitenlandse Zaken
8.609
10.646
2.037
6
Justitie en Veiligheid
16.676
17.010
334
7
Binnenlandse Zaken
3.312
2.730
‒ 582
8
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
55.323
56.163
841
9A
Nationale Schuld (Transactiebasis)
‒ 1.891
‒ 3.036
‒ 1.145
9B
Financiën
24.004
19.120
‒ 4.884
10
Defensie
11.999
15.143
3.144
12
Infrastructuur en Waterstaat
14.070
13.788
‒ 282
13
Economische Zaken en Klimaat
2.754
2.544
‒ 211
14
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
4.657
3.484
‒ 1.173
15
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
57.495
58.338
842
16
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
36.218
33.521
‒ 2.697
17
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
3.545
3.724
180
20
Asiel en Migratie
9.468
7.147
‒ 2.321
22
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
8.903
7.979
‒ 924
23
Klimaat en Groene Groei
2.091
1.910
‒ 181
50
Gemeentefonds
44.896
47.702
2.806
51
Provinciefonds
3.552
4.102
549
55
Mobiliteitsfonds
0
403
403
58
Diergezondheidsfonds
‒ 18
‒ 15
3
60
Accres Gemeentefonds
608
0
‒ 608
61
Accres Provinciefonds
116
0
‒ 116
64
BES-fonds
89
94
5
65
Deltafonds
0
187
187
66
Defensiematerieelbegrotingsfonds
9.679
9.956
277
70
Nationaal Groeifonds
393
0
‒ 393
71
Klimaatfonds
758
0
‒ 758
AP
Aanvullende Posten
4.545
0
‒ 4.545
HGIS
Internationale Samenwerking1
(10.300)
(12.409)
‒ 2.109
Totaal
322.509
313.289
‒ 9.221
Tabel 4.5 geeft per begrotingshoofdstuk de netto-uitgaven weer die binnen het uitgavenkader vallen. Tabel 4.6 geeft vervolgens per begrotingshoofdstuk de uitgaven weer die buiten het uitgavenkader vallen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om uitgaven die niet meetellen in het begrotingstekort (het EMU-saldo), zoals het verstrekken van (studie)leningen, de bijdrage van het Rijk aan de sociale fondsen of de opbrengst van het verkopen van staatsdeelnemingen. Daarnaast zijn er uitgaven die wel EMU-saldorelevant zijn, maar buiten het uitgavenkader zijn geplaatst, zoals de uitgaven aan de zorgtoeslag.
Evenals bij voorgaande tabellen geldt dat de genoemde bedragen in tabel 4.5 en 4.6 op kasbasis zijn, behalve het begrotingshoofdstuk van Nationale Schuld dat deels op transactiebasis wordt opgesteld. De uitgaven aan het aflossen van en de ontvangsten uit het uitgeven van de staatsschuld zijn niet in deze tabel opgenomen, maar worden in bijlage 5 afzonderlijk toegelicht.
Tabel 4.5 Netto-uitgaven binnen het uitgavenkader (in miljoenen euro)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
Begrotingsgefinancierd
1
De Koning
59
60
2
2A
Staten-Generaal
263
261
‒ 2
2B
Overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad
186
190
4
3
Algemene Zaken
93
105
12
4
Koninkrijksrelaties
208
45
‒ 163
5
Buitenlandse Zaken
3.934
5.653
1.719
6
Justitie en Veiligheid
16.649
17.010
360
7
Binnenlandse Zaken
3.312
2.730
‒ 582
8
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
53.405
56.337
2.931
9A
Nationale Schuld (Transactiebasis)
21
24
2
9B
Financiën
11.336
11.088
‒ 247
10
Defensie
10.276
10.436
160
12
Infrastructuur en Waterstaat
14.070
13.788
‒ 282
13
Economische Zaken en Klimaat
2.772
2.780
9
14
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
4.657
3.484
‒ 1.173
15
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
30.724
31.012
288
16
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
6.903
6.200
‒ 703
17
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
3.323
3.496
173
20
Asiel en Migratie
5.621
5.010
‒ 611
22
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
8.936
8.002
‒ 934
23
Klimaat en Groene Groei
2.813
2.898
85
50
Gemeentefonds
44.896
47.669
2.773
51
Provinciefonds
3.552
4.102
549
55
Mobiliteitsfonds
0
403
403
60
Accres Gemeentefonds
608
0
‒ 608
61
Accres Provinciefonds
116
0
‒ 116
64
BES-fonds
89
94
5
65
Deltafonds
0
187
187
66
Defensiematerieelbegrotingsfonds
9.145
9.210
65
70
Nationaal Groeifonds
393
0
‒ 393
71
Klimaatfonds
758
0
‒ 758
AP
Aanvullende Posten
4.356
0
‒ 4.356
90
Consolidatie1
0
0
0
HGIS
Internationale Samenwerking2
(8.246)
(8.026)
220
Begrotingsgefinancierde netto-uitgaven
243.475
242.275
‒ 1.200
Premiegefinancierd
40
Sociale Verzekeringen
82.862
83.637
775
41
Zorg
100.681
98.337
‒ 2.344
Premiegefinancierde netto-uitgaven
183.543
181.974
‒ 1.570
Totaal
427.018
424.248
‒ 2.770
1) Dit betreft een correctie voor dubbeltellingen die ontstaan door het «bruto-boeken» van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het gaat voornamelijk om bijdragen via de begroting van Infrastructuur en Waterstaat aan het Mobiliteitsfonds en het Deltafonds.
2) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.
Tabel 4.6 Netto-uitgaven buiten het uitgavenkader (in miljoenen euro)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
4
Koninkrijksrelaties
‒ 150
‒ 14
136
5
Buitenlandse zaken
4.674
4.992
318
6
Justitie en Veiligheid
26
0
‒ 26
7
Binnenlandse Zaken
0
0
0
8
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
1.917
‒ 173
‒ 2.090
9A
Nationale Schuld (Transactiebasis)
‒ 1.912
‒ 3.059
‒ 1.147
9B
Financiën
12.668
8.032
‒ 4.637
10
Defensie
1.722
4.707
2.985
12
Infrastructuur en Waterstaat
0
0
0
13
Economische Zaken en Klimaat
‒ 17
‒ 237
‒ 219
15
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
26.771
27.326
554
16
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
29.315
27.322
‒ 1.993
17
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
221
228
7
20
Asiel en Migratie
3.847
2.137
‒ 1.710
22
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
‒ 33
‒ 23
10
23
Klimaat en Groene Groei
‒ 721
‒ 988
‒ 267
40
Sociale verzekeringen
0
4.302
4.302
50
Gemeentefonds
0
33
33
58
Diergezondheidsfonds
‒ 18
‒ 15
3
66
Defensiematerieelbegrotingsfonds
534
746
212
70
Nationaal Groeifonds
0
0
0
AP
Aanvullende posten
189
0
‒ 189
HGIS
Internationale Samenwerking1
(2.054)
(4.383)
‒ 2.329
Begrotingsgefinancieerde netto-uitgaven buiten het kader
79.035
71.014
‒ 8.021
Premiegefinancierd
40
Sociale verzekeringen
0
4.302
4.302
Premiegefinancierde netto-uitgaven buiten het kader
0
4.302
4.302
Totaal netto-uitgaven buiten het kader
79.035
75.316
‒ 3.719
1) In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.
Tabel 4.7 geeft de totale netto-uitgaven aan Internationale Samenwerking (HGIS) aan per begrotingshoofdstuk. Deze uitgaven aan internationale samenwerking worden gecoördineerd door het ministerie van Buitenlandse Zaken, maar worden verantwoord op de individuele begrotingen. In bovenstaande tabellen zijn deze middelen onderdeel van de totalen per begroting. Onderaan deze tabellen staat het totaal aan HGIS-uitgaven over alle begrotingen.
Tabel 4.7 Netto HGIS-uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
5
Buitenlandse Zaken
2.223
2.462
239
6
Justitie en Veiligheid
64
53
‒ 11
7
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
0
0
0
8
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
115
119
4
9B
Financiën
326
689
363
10
Defensie
231
172
‒ 59
12
Infrastructuur en Waterstaat
38
44
6
13
Economische Zaken en Klimaat
30
28
‒ 2
14
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
39
44
5
15
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
1
1
0
16
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
8
8
0
17
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
3.323
3.496
173
20
Asiel en Migratie
1.833
906
‒ 927
23
Klimaat en Groene Groei
2
3
1
AP
Aanvullende posten
12
0
‒ 12
Totaal kaderrelevante netto-uitgaven HGIS
8.246
8.026
‒ 220
5
Buitenlandse Zaken
55
113
58
6
Justitie en Veiligheid
13
0
‒ 13
8
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
0
0
0
9B
Financiën
42
34
‒ 8
10
Defensie
1.722
4.007
2.285
12
Infrastructuur en Waterstaat
0
0
0
13
Economische Zaken en Klimaat
0
228
228
17
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
221
0
‒ 221
Totaal niet kaderrelevante netto-uitgaven HGIS
2.054
4.383
2.329
Totaal netto-uitgaven HGIS
10.300
12.409
2.109
Tabel 4.8 Aansluiting visuele samenvatting (in miljarden euro)
2024
Bron
Netto-uitgaven visuele samenvatting
414,1
Visualisatie
Sociale Zekerheid
107,5
Sociale Zaken en Werkgelegenheid kaderrelevant
31,3
Tabel 4.5
Sociale verzekeringen premiegefinancierd
77,9
Tabel 4.5
Werkgeversbijdrage kinderopvang niet kader- wel saldorelevant
‒ 1,7
H15 artikel 7
Zorg
106,2
Volksgezondheid, Welzijn en Sport kaderrelevant
6,5
Tabel 4.5
Zorg premiegefinancierd
93,2
Tabel 4.5
Zorgtoeslag en TSZ niet kader- wel saldorelevant
6,5
H16 artikel 8
Oekraïnemiddelen VWS niet kader- wel saldorelevant
0,0
Tabel 10.1
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
52,7
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap kaderrelevant
52,6
Tabel 4.5
Overig OCW niet kader- wel saldorelevant
0,1
H8
Gemeenten en provincies
52,2
Gemeentefonds en accres Gemeentefonds kaderrelevant
43,8
Tabel 4.5
Provinciefonds en accres Provinciefonds kaderrelevant
4,0
Tabel 4.5
Btw-compensatiefonds
4,4
H9 artikel 6
Gemeentefonds niet kader-, wel saldorelevant
0,0
H50
Justitie en Veiligheid
23,6
Justitie en Veiligheid kaderrelevant
20,9
Tabel 4.5
Oekraïnemiddelen JenV niet kader- wel saldorelevant
2,7
Tabel 10.1
Defensie
19,6
Defensie kaderrelevant
9,8
Tabel 4.5
Defensiematerieelbegrotingsfonds kaderrelevant
7,3
Tabel 4.5
Oekraïnemiddelen DEF niet kader- wel saldorelevant
2,4
Tabel 10.1
Oekraïnemiddelen DMF niet kader- wel saldorelevant
0,1
Tabel 10.1
Infrastructuur en Waterstaat
14,2
Infrastructuur en Waterstaat kaderrelevant
13,9
Tabel 4.5
Mobiliteitsfonds kaderrelevant
0,2
Tabel 4.5
Deltafonds kaderrelevant
0,2
Tabel 4.5
Overig IenW niet kader- wel saldorelevant
0,0
H12
Buitenlandse Zaken
11,5
Buitenlandse Zaken kaderrelevant
3,0
Tabel 4.5
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking kaderrelevant
3,7
Tabel 4.5
EU-afdrachten Invoerrechten niet kader- wel saldorelevant
4,2
H5 artikel 3
Oekraïnemiddelen BZ niet kader- wel saldorelevant
0,4
Tabel 10.1
Oekraïnemiddelen BHOS niet kader- wel saldorelevant
0,2
Tabel 10.1
Financiën en Nationale Schuld
11,3
Financiën kaderrelevant
10,0
Tabel 4.5
Rentelasten staatsschuld niet kader- wel saldorelevant
5,8
H9A artikel 11
Rentelasten schatkistbankieren niet kader- wel saldorelevant
1,7
H9A artikel 12
Oekraïnemiddelen FIN niet kader- wel saldorelevant
0,2
H9B
BIR en overig niet kader-, wel saldorelevant
‒ 1,9
H9B
af: Btw-compensatiefonds
‒ 4,4
H9B artikel 6
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
9,9
Binnenlandse Zaken kaderrelevant
9,8
Tabel 4.5
Koninkrijksrelaties kaderrelevant
0,0
Tabel 4.5
BES-fonds kaderrelevant
0,1
Tabel 4.5
Overig BZK niet kader- wel saldorelevant
0,0
H7 artikel 12
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
3,8
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit kaderrelevant
3,8
Tabel 4.5
Diergezondheidsfonds niet kader- wel saldorelevant
0,0
Tabel 4.4
Economische Zaken en Klimaat
3,3
Economische Zaken en Klimaat kaderrelevant
4,4
Tabel 4.5
Nationaal Groeifonds kaderrelevant
0,0
Tabel 4.5
ETS en overig EZK niet kader-, wel saldorelevant (incl. NGF)
‒ 1,1
H13 en H70
Overig
‒ 1,8
Kas-transverschillen en overige posten
‒ 2,4
Tabel 5.4
Overige begrotingen
0,6
Tabel 4.5
Totale netto-uitgaven relevant voor het EMU-saldo centrale overheid
414,1
Tabel 5.1
5 EMU-SALDO EN EMU-SCHULD
Tabel 5.1 betreft een overzicht van de inkomsten, de uitgaven, het EMU-saldo en de EMU-schuld (de budgettaire kerngegevens). Het betreft de inkomsten en uitgaven van het Rijk die relevant zijn voor het EMU-saldo. Om van het EMU-saldo Rijk tot het saldo van de gehele collectieve sector te komen, wordt het EMU-saldo van de decentrale overheden meegeteld. De EMU-schuld wordt hier voor de gehele collectieve sector weergeven.
Tabel 5.1 Budgettaire kerngegevens (in miljarden euro, + = overschot)
(in miljarden euro, + = overschot)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
Inkomsten (belastingen en sociale premies)
425,1
432,5
7,5
Netto-uitgaven binnen het uitgavenkader
427,0
424,2
‒ 2,8
Overige netto-uitgaven en correcties voor het EMU-saldo
29,9
22,9
‒ 7,1
Totale netto-uitgaven en correcties voor het EMU-saldo
457,0
447,1
‒ 9,9
EMU-saldo centrale overheid
‒ 31,9
‒ 14,6
17,3
EMU-saldo decentrale overheden
‒ 0,7
‒ 4,2
‒ 3,5
EMU-saldo collectieve sector
‒ 32,6
‒ 18,7
13,8
EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)
‒ 2,8%
‒ 1,6%
1,2%
EMU-schuld collectieve sector
548,4
523,5
‒ 24,9
EMU-schuld collectieve sector (in procenten bbp)
46,6%
44,4%
‒ 2,2%
Bruto binnenlands product (bbp)
1.176,3
1.179,7
3,3
Tabel 5.2 geeft de opbouw van het EMU-saldo van de collectieve sector weer. Dit EMU-saldo, ook wel het overheidssaldo genoemd, is de optelsom van alle inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid en de decentrale overheden. De inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid zijn in meer detail te vinden in bijlage 3 en 4. Om tot het EMU-saldo te komen worden enkele correcties toegepast: sommige uitgaven tellen namelijk niet mee voor het EMU-saldo (deze zijn uitgesplitst in tabel 5.3) en voor sommige posten telt een ander bedrag mee voor het EMU-saldo (op transactiebasis) dan op kasbasis in de Rijksbegroting is opgenomen (deze zijn uitgesplitst in tabel 5.4).
Tabel 5.2 EMU-saldo (in miljoenen euro, + is overschot)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
1
Belasting- en premieontvangsten
425.056
432.529
7.473
2
Totale netto-uitgaven
506.053
499.565
‒ 6.488
3
Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven
‒ 56.946
‒ 48.711
8.235
4
Bij: Kas-transverschillen en overige posten
‒ 7.857
3.748
11.605
5
Bij: EMU-saldo decentrale overheden
‒ 650
‒ 4.160
‒ 3.510
6
EMU-saldo collectieve sector (1-2-3+4+5)
‒ 32.558
‒ 18.736
13.822
De uitgaven die wel op de Rijksbegroting staan, maar die niet meetellen voor het EMU-saldo, staan vermeld in tabel 5.3. Wat er wel en niet meetelt voor het EMU-saldo is vastgesteld door het Europese statistiekbureau Eurostat in de Manual on Government Deficit and Debt.
Tabel 5.3 Uitgaven niet-relevant voor het EMU-saldo (in miljoenen euro, + is uitgave)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
Verstrekking studieleningen
3.415
2.369
‒ 1.046
Aflossing studieleningen
‒ 1.507
‒ 2.533
‒ 1.025
Aan- en verkoop staatsdeelnemingen
474
‒ 1.584
‒ 2.058
Voortijdige beeindiging derivaten
0
0
0
Rente-ontvangsten derivaten
0
0
0
Uitgaven gerelateerd aan Oekraïne
0
0
0
Rijksbijdragen aan sociale fondsen (incl. rente)
52.589
50.904
‒ 1.685
Kasbeheer
‒ 12.300
‒ 11.762
538
Lening TenneT
14.200
11.900
‒ 2.300
Overig
76
‒ 583
‒ 659
Totaal
56.946
48.711
‒ 8.235
Tabel 5.4 geeft de posten weer die wel meetellen voor het EMU-saldo, maar die niet, of niet op dezelfde manier, in de Rijksbegroting staan. Voor een deel ervan geldt dat voor het EMU-saldo wordt gerekend met de uitgaven en ontvangsten op transactiebasis, terwijl de Rijkbegroting de uitgaven op kasbasis bijhoudt. Om tot het EMU-saldo te komen moet daarom bovenop het bedrag dat daadwerkelijk de kas heeft verlaten nog een zogenoemd kas-transverschil worden meegeteld. Daarnaast is er een aantal posten die niet op de Rijkbegroting staan, zoals het positieve of negatieve saldo van agentschappen en de kosten van zorgverzekeraars. Deze posten zijn ook meegenomen in tabel 5.4, omdat deze ook meetellen voor het EMU-saldo.
In tabel 1.2.1.1 in de hoofdtekst van dit Financieel Jaarverslag is in de verticale toelichting van het EMU-saldo een overige post van 3.297 miljoen euro opgenomen. Dit bedrag kan uit tabel 5.4 worden berekend door het Totaal Rijk en sociale fondsen (8.363 miljoen euro) te verminderen met de KTV rijksbijdragen aan decentrale overheden (4.798 miljoen euro) en de Mutatie begrotingsreserves (267 miljoen euro).
Tabel 5.4 Kas-transverschillen en overige posten (in miljoenen euro, + is saldoverbeterend)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
KTV EU-afdrachten
0
‒ 86
‒ 86
KTV Publiek private samenwerking (DBFM-contracten)
73
‒ 10
‒ 83
KTV OV-studentenkaart
‒ 1.000
‒ 30
970
KTV NOW (corona)
10
77
67
KTV TvL (corona)
0
‒ 73
‒ 73
KTV OV-beschikbaarheidsvergoeding (corona)
0
‒ 41
‒ 41
KTV Veilingopbrengsten (UMTS, 4G, 5G)
284
307
23
KTV IDA/Wereldbank
0
‒ 279
‒ 279
KTV Gasbaten
‒ 1.001
‒ 313
688
KTV LIV/LKV
0
147
147
KTV Defensie
0
1.372
1.372
KTV Prestatiebeurzen
‒ 1.224
‒ 826
398
KTV Overig
0
658
658
KTV Rijksbijdragen aan decentrale overheden
0
4.334
4.334
Mutatie begrotingsreserves
‒ 95
‒ 1.906
‒ 1.810
Saldo agentschappen en rest centrale overheid
0
736
736
Overig
0
1.140
1.140
Subtotaal Rijk
‒ 2.953
5.207
8.160
Eigenrisicodragers WGA/ZW
519
573
54
Zorgbemiddeldingskosten
‒ 1.059
‒ 2.137
‒ 1.078
Correctie aansluiting premiegefinancierde uitgaven en ontvangsten1
‒ 4.364
105
4.469
Overige correcties
0
0
0
Subtotaal sociale fondsen
‒ 4.904
‒ 1.459
3.445
Totaal Rijk en sociale fondsen
‒ 7.857
3.748
11.605
1 Het stelsel van macro-economische statistieken zoals het CBS deze bijhoudt wordt de nationale rekeningen genoemd. Deze nationale rekeningen (NR) zijn afgelopen zomer gereviseerd. De wettelijke sociale premies die socialezekerheidsfondsen betalen op de uitkeringen werden voorheen gesaldeerd met de uitkeringen. Vanaf de NR-revisie worden de uitkeringen en de bijbehorende wettelijk sociale premies bruto geregistreerd: bijvoorbeeld de Zvw-premie die afgedragen wordt bij een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Dit leidt tot zowel hogere uitgaven als hogere premie-inkomsten die per saldo tegen elkaar wegstrepen. De raming van premie-inkomsten is gebaseerd op data van CPB en CBS. Daarom is hierbij uitgegaan van de bruto registratiewijze. Voor de premiegefinancierde uitgaven op de rijksbegroting wordt gewerkt volgens de gesaldeerde registratiewijze. Om te voorkomen dat deze twee verschillende registratiewijzen tot een onbedoeld technisch effect op het EMU-saldo leiden, is een correctie toegepast.
Tabel 5.5 geeft de verdeling van het EMU-saldo over de verschillende onderdelen van de collectieve sector weer. In tabel 5.6 wordt het EMU-saldo van het Rijk verder uitgesplitst.
Tabel 5.5 Opbouw EMU-saldo collectieve sector (in miljoenen euro, - is tekort)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
EMU-saldo centrale overheid
‒ 43.753
‒ 24.355
19.398
EMU-saldo sociale fondsen
11.845
9.779
‒ 2.066
EMU-saldo decentrale overheden
‒ 650
‒ 4.160
‒ 3.510
EMU-saldo collectieve sector
‒ 32.558
‒ 18.736
13.822
EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)
‒ 2,8%
‒ 1,6%
1,2%
Tabel 5.6 EMU-saldo Rijk (in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
Belastingontvangsten
277.353
285.920
8.567
Netto begrotingsgefinancierde uitgaven
‒ 322.509
‒ 313.289
9.221
Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven
56.946
48.711
‒ 8.235
Betaalde rijksbijdrage en rente aan sociale fondsen
‒ 52.589
‒ 50.904
1.685
Kas-transverschillen en overige posten Rijk
‒ 2.953
5.207
8.160
EMU-saldo Rijk (centrale overheid)
‒ 43.753
‒ 24.355
19.398
Tabel 5.7 geeft het financieringstekort van het Rijk weer. Het financieringstekort is het bedrag dat het Rijk op kasbasis in een jaar tekort komt of over heeft. Het financieringstekort is daarmee dus ook het bedrag dat in een jaar extra moet worden geleend of, bij een overschot, waarmee schulden kunnen worden afgelost. Waar het EMU-saldo een begrip op transactiebasis is, is het financieringstekort een begrip op kasbasis. Om te komen tot het financieringstekort moeten naast de belastingontvangsten en de uitgaven op de begrotingen nog een aantal correcties worden toegepast. Ten eerste zijn de belastingen, zoals die meetellen voor het EMU-saldo, berekend op transactiebasis. Om tot de belastingen op kasbasis te komen moet het kas-transverschil hier vanaf worden getrokken. Hetzelfde geldt voor posten op de Rijksbegroting die niet op kasbasis zijn. Allereerst is dat de rente op de staatsschuld. Deze staat in de Rijksbegroting op transactiebasis, terwijl voor het financieringstekort alleen de kasuitgaven meetellen. Daarnaast wordt geld storten in (of opnemen uit) een begrotingsreserve op de begroting gezet als uitgave of ontvangst, terwijl het geld de schatkist in dat geval niet daadwerkelijk verlaat of binnenkomt. Daarom wordt voor dit type uitgaven ook gecorrigeerd om tot het financieringssaldo te komen.
Tabel 5.7 Financieringssaldo Rijksoverheid (in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
Belastinginkomsten (kasbasis)
273.834
289.156
15.322
Netto begrotingsgefinancierde uitgaven
‒ 322.509
‒ 313.289
9.221
Af: kas-transverschil rentelasten
‒ 210
‒ 8
202
Mutatie begrotingsreserves
‒ 95
‒ 1.906
‒ 1.810
Mutaties derdenrekeningen inclusief Fortis lening
0
1.123
1.123
Financieringssaldo Rijksoverheid
‒ 48.981
‒ 24.924
24.057
Het financieringssaldo werkt één op één door in de staatsschuld. Voor een financieringstekort moet immers geleend worden op de financiële markten, terwijl een overschot gebruikt kan worden om schulden af te lossen. Tabel 5.8 geeft de ontwikkeling van de EMU-schuld weer gedurende het jaar 2024, in de eerste kolom zoals verwacht werd bij Miljoenennota 2024 en in de tweede kolom zoals daadwerkelijk gerealiseerd. De EMU-schuld betreft de hele collectieve sector, dus ook het tekort van decentrale overheden en agentschappen heeft invloed op de EMU-schuld.
Tabel 5.8 Opbouw EMU-schuld collectieve sector (in miljoenen euro, - is overschot)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
EMU-schuld begin jaar
498.801
491.585
‒ 7.216
Financieringssaldo Rijksoverheid
48.981
24.924
‒ 24.057
EMU-saldo decentrale overheden
650
4.160
3.510
EMU-saldo rest centrale overheid
0
0
0
Schatkistbankieren decentrale overheden
0
0
0
Overig
0
2.872
2.872
EMU-schuld einde jaar
548.432
523.541
‒ 24.891
EMU-schuldquote (in procenten bbp)
46,6%
44,4%
‒ 2,2%
Tabel 5.9 bevat de ontwikkeling van de EMU-schuldquote (de EMU-schuld in verhouding tot het bbp). Behalve het begrotingstekort of -overschot heeft ook de ontwikkeling van het bbp zelf invloed op de schuldquote. Dit is weergegeven als het noemereffect.
Tabel 5.9 Opbouw EMU-schuldquote (in procenten bbp)
MN 2025
FJR 2025
Verschil
EMU-schuldquote begin jaar
44,2%
43,3%
‒ 0,9%
Noemereffect bbp
‒ 1,8%
‒ 1,7%
0,1%
Financieringssaldo Rijksoverheid
4,2%
2,1%
‒ 2,1%
EMU-saldo decentrale overheden
0,1%
0,4%
0,3%
EMU-saldo rest centrale overheid
0,0%
0,0%
0,0%
Schatkistbankieren decentrale overheden
0,0%
0,0%
0,0%
Overig
0,0%
0,2%
0,2%
EMU-schuldquote einde jaar
46,6%
44,4%
‒ 2,2%
De tabellen 5.10 en tabel 5.11 geven een historisch overzicht van het EMU-saldo en de EMU-schuld in de afgelopen tien jaar, zowel in euro's als in procenten van het bbp.
Tabel 5.10 Historisch overzicht EMU-saldo (in miljarden euro, - is tekort)
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
EMU-saldo
1,6
10,2
11,8
15,8
‒ 30,3
‒ 20,1
0,0
‒ 3,9
‒ 8,3
‒ 18,7
bbp
720,2
750,9
787,3
829,8
816,5
891,6
993,8
1.050,1
1.121,5
1.179,5
EMU-saldo (in procenten bbp)
0,2%
1,4%
1,5%
1,9%
‒ 3,7%
‒ 2,3%
0,0%
‒ 0,4%
‒ 0,7%
‒ 1,6%
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
EMU-saldo
1,6
10,2
11,8
15,8
‒ 30,3
‒ 20,1
0,0
‒ 3,9
‒ 8,3
‒ 18,7
bbp
720,2
750,9
787,3
829,8
816,5
891,6
993,8
1050,1
1121,5
1179,5
EMU-saldo (in procenten bbp)
0,2%
1,4%
1,5%
1,9%
‒ 3,7%
‒ 2,3%
0,0%
‒ 0,4%
‒ 0,7%
‒ 1,6%
Tabel 5.11 Historisch overzicht EMU-schuld (in miljarden euro)
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
EMU-schuld
438,4
420,3
405,9
395,4
436,1
450,2
481,1
481,5
491,1
523,5
bbp
720,2
750,9
787,3
829,8
816,5
891,6
993,8
1.050,1
1.121,5
1.179,5
EMU-schuld (in procenten bbp)
60,9%
56,0%
51,6%
47,7%
53,4%
50,5%
48,4%
45,8%
43,8%
44,4%
Tabel 5.12 en tabel 5.13 geven een aansluiting tussen de cijfers zoals deze zijn gepresenteerd in bijlage 1 Rijksrekening en bijlage 5 EMU-saldo en EMU-schuld.
Tabel 5.12 Aansluiting uitgaven Rijksrekening en budgettaire kerngegevens (in miljarden euro)
FJR 2025
Bron
Totaal kasuitgaven begrotingen
377,5
Tabel 1.2
Rentelasten
9,0
Tabel 1.4
Totaal kasuitgaven begrotingen en rentelasten
386,5
Af: uitgaven aflossing vaste schuld
20,0
H9A artikel 11
Af: uitgaven aflossing vlottende schuld
0,0
H9A artikel 11
Af: consolidatie
10,5
Tabel 4.2
Totaal uitgaven begrotingen
356,0
Tabel 4.2
Af: niet-belastingontvangsten begrotingen
42,7
Tabel 4.3
Totaal netto-uitgaven begrotingen
313,3
Tabel 4.4
Totaal premiegefinancierde netto-uitgaven
186,3
Tabel 4.5
w.v. Sociale Verzekeringen
87,9
Tabel 4.5
w.v. Zorg
98,3
Tabel 4.5
Totaal netto-uitgaven (begrotingen en premies)
499,6
Tabel 5.1
w.v. Netto-uitgaven binnen het uitgavenkader
424,2
Tabel 4.5
w.v. Netto-uitgaven buiten het uitgavenkader
75,3
Tabel 4.6
Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven
48,7
Tabel 5.2
Bij: kas-transverschillen en overige posten
‒ 3,7
Tabel 5.2
Totaal netto-uitgaven relevant voor EMU-saldo
447,1
Tabel 5.1
Tabel 5.13 Aansluiting ontvangsten Rijksrekening en budgettaire kerngegevens (in miljarden euro)
FJR 2025
Bron
Totaal kasontvangsten begrotingen
388,8
Tabel 1.3
Rentebaten
0,3
Tabel 1.5
Totaal kasontvangsten begrotingen en rentebaten
389,1
Af: uitgifte vaste schuld
40,7
H9A artikel 11
Af: uitgifte vlottende schuld
5,9
H9A artikel 11
Af: (Dis)agio bij inkoop schuld
0,0
H9A artikel 11
Af: consolidatie
10,5
Tabel 4.3
Af: niet-belastingontvangsten
42,7
Tabel 4.3
Totaal belastingen op kasbasis
289,2
Tabel 3.2
Premie-inkomsten op kasbasis
145,2
w.v. volksverzekeringen
44,1
Tabel 3.2
w.v. werknemersverzekeringen (EMU-basis)
101,1
Tabel 3.2
Totale inkomsten op kasbasis
434,3
Kas-transverschillen inkomsten
1,8
w.v. kas-transverschillen belastingen
3,2
Tabel 3.2
w.v. kas-transverschillen premies volksverzekeringen
‒ 1,4
Tabel 3.2
w.v. kas-transverschillen premies werknemersverzekeringen
‒ 0,1
Tabel 3.2
Totaal belastingen en premies op EMU-basis
432,5
Tabel 5.1
6 FISCALE REGELINGEN
Sinds 2002 wordt budgettaire informatie over fiscale regelingen opgenomen in de Miljoenennota en het Financieel Jaarverslag van het Rijk. In de Miljoenennota worden onder andere het beleidsverantwoordelijk departement en de afgeronde en geplande evaluaties vermeld. Meer beleidsmatige informatie over fiscale regelingen wordt opgenomen in de begrotingen en jaarverslagen van de verschillende vakdepartementen.
In het Financieel Jaarverslag van het Rijk wordt de realisatie weergegeven van fiscale regelingen die gebudgetteerd zijn of die zien op afdrachtvermindering. Dit betreft de afdrachtverminderingen voor speur- en ontwikkelingswerk (WBSO) en de drietal investeringsfaciliteiten in de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting, te weten de energie-investeringsaftrek (EIA), milieu-investeringsaftrek (MIA) en willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). De investeringsregelingen en de afdrachtvermindering speur- en ontwikkelingswerk zijn gebudgetteerde regelingen met een systematiek van meerjarige budgetegalisatie.
De voorlopige realisaties van deze regelingen worden hier vermeld. Definitieve realisaties worden pas in de loop van 2026 bekend en worden opgenomen in de Miljoenennota 2027. Voor de fiscale regelingen die niet in deze bijlage zijn opgenomen geldt dat hun ramingen voor 2025 worden geactualiseerd in de Miljoenennota 2027. Een uitgebreidere beschrijving van de in deze bijlage genoemde fiscale regelingen en de ramingsmethodiek is te vinden in de bijlagen bij de Miljoenennota 2026.1
6.1 Voorlopige realisaties en budgetreserves fiscale regelingen
Tabel 6.1 laat de voorlopige (geschatte) realisaties van de betreffende afdrachtverminderingen over 2025 zien, inclusief de huidige stand van de budget reserve. De realisaties zijn gebaseerd op geaggregeerde informatie vanuit de loonaangiften voor de WBSO en de aangiften inkomsten- en vennootschapsbelasting voor de EIA, MIA en de Vamil.
Tabel 6.1 Gegevens gebudgeteerde fiscale regelingen over 2025 (in mln. euro)12
Raming 2025 (MN 2026)
Voorlopige realisatie 2025
Verschil voorlopige realisatie 2025 met raming 2025 (MN2026)
Stand budgetreserve eind 2025 voor 2026
Energie-investeringsaftrek (EIA)
431
289
‒ 142
70
Milieu-investeringsaftrek (MIA)
189
140
‒ 49
58
Versnelde afschrijving milieu-investeringen (Vamil)
20
18
‒ 2
3
Speur- en ontwikkelingswerk (WBSO)
1.682
1.447
‒ 235
1163
X Noot
1
De voorlopige realisatie 2025 betreft de stand zoals bekend eind april 2026. In juli 2026 wordt de stand definitief vastgesteld op basis van de realisaties tot en met juni 2025. De daadwerkelijke realisatie kan daardoor nog afwijken en wordt met Prinsjesdag openbaar gemaakt.
X Noot
2
Een negatief verschil tussen de voorlopige realisatie en de raming 2025 (MN2026) geeft aan dat sprake is van een uitputting ten opzichte van het beschikbare budget. Een positief verschil betekend dat sprake is van een uitputting ten opzichte van het beschikbare budget.
X Noot
3
De WBSO kent een budgetsystematiek waarbij overuitputting en onderuitputting twee jaar later aan het budget wordt toegevoegd. Dit zorgt ervoor dat er twee budgetreserves zijn. In 2024 was sprake van een onderuitputting van 116 miljoen euro waardoor in 2026 dat bedrag is toegevoegd aan het beschikbare budget. De budgetreserve voor even jaren bedraagt dus 116 miljoen euro. De onderuitputting in 2025 van 235 miljoen zorgt ervoor dat in 2027 het budget verhoogd wordt met 235 miljoen euro en is daarmee de budgetreserve voor oneven jaren.
Tabel 6.1 laat zien dat voor alle vier de gebudgetteerde regelingen sprake is van onderuitputting. Ook is sprake van positieve budgetreserves voor alle gebudgetteerde regelingen.
Voor de EIA was in 2025 een budget beschikbaar van 431 miljoen waarvan in 2025 circa 289 miljoen euro is gebruikt. Hierdoor bedraagt de onderuitputting 142 miljoen euro wat ongeveer 33% van het budget is. Een eerder ontstaan tekort op de budgetreserve van de EIA is ongedaan gemaakt en eind 2025 staat de budgetreserve op 70 miljoen euro. De onderuitputting komt voornamelijk doordat het budget recentelijk sterk is toegenomen met 172 miljoen euro tussen 2024 en 2025. In het maatregelenpakket Acties Weerbaarheid Energieschock is aangekondigd om het aftrekpercentage van de EIA komend jaar te verhogen van 40% naar 45,5%. Hierdoor zal de budgetuitputting toenemen doordat naar verwachting nieuwe aanvragen worden aangetrokken en het voordeel per aanvraag toeneemt. Het is hierdoor niet de verwachting dat de onderuitputting structureel is.
Voor de MIA was in 2025 een budget beschikbaar van 189 miljoen euro waarvan in 2025 circa 140 miljoen euro is gebruikt. Net als voor de EIA geldt voor de MIA dat er een onderuitputting van ongeveer 25% van het budget is wat overeenkomt met een onderuitputting van 49 miljoen euro. Door de onderuitputting neemt het overschot op de budgetreserve van de MIA toe van 9 miljoen euro eind 2024 naar 58 miljoen euro eind 2025. Deze onderuitputting volgt op jaren van overuitputting en een daling in het budget van de regeling. Als gevolg van de overuitputting is de milieumiddelenlijst meermaals aangescherpt. Het is de verwachting dat gegeven een verdere voorgenomen daling van het budget in 2026 de onderuitputting eveneens niet structureel van aard is.
Voor de Vamil was in 2025 een budget beschikbaar van 20 miljoen euro waarvan in 2025 circa 18 miljoen euro is gebruikt. Hierdoor bedraagt de onderuitputting 2 miljoen euro, oftewel bijna 10% van het budget. De surplus op de budgetreserve van 1 miljoen euro eind 2024 is hierdoor toegenomen tot een surplus op de budgetreserve van 3 miljoen euro.
Voor de WBSO was in 2025 een budget beschikbaar van 1.682 miljoen euro waarvan in 2025 circa 1.447 miljoen euro is gebruikt. Hiermee bedraagt de onderuitputting op de WBSO 235 miljoen euro wat ongeveer 14% van het budget is. De voorlopige budgetreserve voor 2027 is dan ook 235 miljoen euro. Dit bestaat uit enerzijds 68 miljoen euro aan budgetreserve die beschikbaar was voor 2025 (onderuitputting in 2023) en anderzijds uit 167 miljoen euro aan onderuitputting ten opzichte van het basisbudget van de WBSO. Dat de onderuitputting op de WBSO in 2025 is toegenomen is met name het resultant van de recente uitbreidingen van haar budget. Zoals aangekondigd in de kabinetsreactie op de evaluatie van de WBSO zal het kabinet op Prinsjesdag komen met een uitgebreide brief waarin onder andere gekeken zal worden naar hoe de middelen optimaal binnen de regeling kunnen worden ingezet. Daarmee is het de verwachting dat de onderuitputting eveneens niet structureel van aard is.
7 BELEIDSMATIGE MUTATIES NA DE NAJAARSNOTA
Deze bijlage bevat een overzicht van beleidsmatige mutaties na de Najaarsnota die groter zijn dan 2 miljoen euro én leiden tot een artikeloverschrijding t.o.v. stand Najaarsnota. Departementen rapporteren in hun Kamerstukken over de oorzaak van deze overschrijding. In de laatste twee kolommen wordt zichtbaar of de mutatie een uitgave (U) en / of verplichting (V) betreft.
Tabel 7.1 Beleidsmatige mutaties na de Najaarsnota (in miljoenen euro)
Begrotingshoofdstuk
Artikel
Omschrijving
Bedrag
Kamerstuk
U
V
Justitie en Veiligheid
Art. 32 Rechtspleging en rechtsbijstand
Ophoging Verplichting Autoriteit Persoonsgegevens (AP)
4,1
Kamerstuk 36800-VI-29
X
Justitie en Veiligheid
Art. 32 Rechtspleging en rechtsbijstand
Ophoging Verplichting Juridisch Loket
24,7
Kamerstuk 36800-VI-29
X
Justitie en Veiligheid
Art. 32 Rechtspleging en rechtsbijstand
Ophoging Verplichting Raad voor Rechtsbijstand
2,2
Kamerstuk 36800-VI-29
X
Justitie en Veiligheid
Art. 32 Rechtspleging en rechtsbijstand
Ophoging Verplichting Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB)
6,1
Kamerstuk 36800-VI-29
X
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Art. 14 Cultuur
Desaldering Museaal Aankoopfonds (MAF) n.a.v. kunstroof Drents museum
5,7
Kamerstuk 36800-VIII-37
X
Defensie
Art. 1 Inzet
Invulling motie Klaver voor extra militaire steun aan Oekraïne
700,0
Kamerstuk 36045, nr. 261
X
X
Defensie
Art. 3 Koninklijke Landmacht
Hogere uitgaven oefeningen binnen- en buitenland, en buitenlandse dienstreizen
30,0
Kamerstuk 36800-X-19
X
Defensie
Art. 4 Koninklijke Luchtmacht
Hogere verplichtingen door meer oefeningen, en nood aan flexibele personele capaciteit
45,0
Kamerstuk 36800-X-19
X
Defensie
Art. 5 Koninklijke Marechaussee
Hogere verplichtingen personele en materiële exploitatie
22,4
Kamerstuk 36800-X-19
X
Defensie
Art. 8 Defensie Ondersteuningscommando
Hogere verplichtingen door eerder aangaan van nieuwe contracten
25,0
Kamerstuk 36800-X-19
X
Defensie
Art. 10 Apparaat kerndepartement
Hogere verplichtingen programmatisch verbeterplan beveiliging militaire objecten
9,0
Kamerstuk 36800-X-19
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Guisweg
3,5
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Metronet
8,3
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering OV-verbinding Amsterdam Haarlemmermeer
14,3
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Spreiden en Mijden Samen Bouwen aan Bereikbaarheid
2,0
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Trekvlietbrug
3,4
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Vlietlijn Planning en Studiefast 2024-2026
13,7
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Vlietlijn Partieel Uitvoeringsbesluit
4,5
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif Brede Doeluitkering Zuid-Holland Bereikbaar
4,3
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 25 Brede doeluitkering
Verplichtingenschuif vastleggen Brede Doeluitkering 2026
90,6
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 26 Bijdrage investeringsfondsen
Mobiliteitsfonds: saldo terugsluis Vrachtwagenheffing 2025
19,6
Kamerstuk 36200-A-129
X
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 26 Bijdrage investeringsfondsen
Correctie van verplichtingen
2,9
Kamerstuk 36200-A-129
X
Infrastructuur en Waterstaat
Art. 97 Algemeen departement
Eenzijdige verplichtingenophoging tbv regeringsvliegtuig
58,1
Kamerstuk 36200-A-129
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 3 Langdurige zorg en ondersteuning
Verplichtingenschuif instellingssubsidie langdurige zorg
10,0
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 3 Langdurige zorg en ondersteuning
Verplichtingenschuif zorggeschikte woningen
70,0
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 3 Langdurige zorg en ondersteuning
Verplichtingenschuif financiële bijdrage overname zorginstelling De Trans
25,8
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 4 Zorgbreed beleid
Verplichtingenschuif dienstverleningsafspraken CIBG
13,3
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 4 Zorgbreed beleid
Verplichtingenschuif activiteiten Nictiz voor gegevensuitwisseling
11,0
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 4 Zorgbreed beleid
Verplichtingenschuif persoonlijke gezondheidsomgevingen
16,5
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 4 Zorgbreed beleid
Verplichtingenschuif subsidies Stichting Project
2,6
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 4 Zorgbreed beleid
Verplichtingenschuif aangaan voorschotcontracten zorg Caribisch Nederland
111,7
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Art. 5 Jeugd
Verplichtingenschuif SPUK transformatie gesloten jeugdhulp
31,0
Kamerstuk 36800-XVI-22
X
Provinciefonds
Art. 1 Provinciefonds
Ophoging verplichtingenbudget decentralisatie-uitkering Decentraal spoor
7,0
Kamerstuk 36800-VII-17
X
Mobiliteitsfonds
Art. 12 Hoofdwegennet
Mobiliteitsfonds: saldo terugsluis Vrachtwagenheffing 2025
19,6
Kamerstuk 36200-A-129
X
Mobiliteitsfonds
Art. 14 Regionale infrastructuur en bereikbaarheidsprogramma's
Hogere verplichtingen Woningbouw en Mobiliteit
25,4
Kamerstuk 36200-A-129
X
Mobiliteitsfonds
Art. 15 Hoofdvaarwegennet
Aanvullende ontvangsten vanuit Vlaanderen in 2025
15,0
Kamerstuk 36200-A-129
X
Defensiematerieelbegrotingsfonds
Art. 4 Lucht Materieel
Hogere realisatie op instandhouding F-35 en diverse projecten voor wapensystemen
200,0
Kamerstuk 36800-K-8
X
Financiën
Art. 6 BTW-Compensatiefonds
Afdracht BTW-Compensatiefonds specifieke uitkering gebiedsbudget
2,1
Kamerstuk 36800-IX-39
X
X
Financiën
Art. 6 BTW-Compensatiefonds
Afdracht BTW-Compensatiefonds Regiodeals
9,8
Kamerstuk 36800-IX-39
X
X
Financiën
Art. 6 BTW-Compensatiefonds
Afdracht BTW-compensatiefonds WMRE
2,6
Kamerstuk 36800-IX-39
X
X
8 RISICOREGELINGEN VAN HET RIJK 2025
In tabellen 8.1 tot en met 8.4 wordt een totaaloverzicht van verschillende soorten risico-regelingen van het Rijk weergegeven. Voor details over onderstaande garantieregelin-gen, achterborgstellingen en leningen wordt verwezen naar begrotingen en jaarversla-gen van de betreffende vakdepartementen.
Garanties
Een garantie is een voorwaardelijke, financiële verplichting van het Rijk aan een derde buiten het Rijk. Hiermee staat de overheid garant voor bepaalde (inter)nationale financi-ele verplichtingen, en neemt het deze verplichtingen over als de partij waaraan de ga-rantie is verleend deze niet langer kan nakomen. Garantieregelingen worden als ver-plichting opgenomen in de begroting van het betreffende vakdepartement.
Onderstaande tabel 8.1 bevat de garantieregelingen van het Rijk. Alle regelingen met een uitstaand risico kleiner dan 100 miljoen euro zijn samengevat in de post ‘overig’. Het overzicht bevat alle garanties met de stand ultimo 2025. Ontwikkelingen daarna zijn niet in het overzicht opgenomen, omdat die buiten de reikwijdte van het Financieel Jaarver-slag van het Rijk 2025 vallen. Deze worden meegenomen in het overzicht van risicore-gelingen van het Rijk bij de Miljoenennota 2027.
In het overzicht worden achtereenvolgens de begroting (b), het begrotingsartikel (a) en de omschrijving van de garantie weergegeven. Daarachter staat allereerst het totaalbe-drag aan uitstaande garantie per eind 2024. Dit bedrag is een optelsom van alle eerdere verleende en vervallen garanties. Vervolgens worden de in 2025 verleende en vervallen garanties in aparte kolommen weergegeven. Samen tellen deze drie kolommen op tot de eindstand aan uitstaande garanties eind 2025. In de laatste twee kolommen worden tot slot de jaar- en totaalplafonds weergegeven.
Een garantieregeling van het Rijk kent in principe altijd een maximum, het garantiepla-fond. Dit plafond kan een jaarlijks plafond zijn (per jaar mag een maximaal bedrag aan garanties worden verleend) of een totaalplafond (er mogen nooit meer garanties ver-leend worden dan het plafond). In tabel 8.1 is onderscheid gemaakt tussen beide soor-ten plafonds. Bij internationale organisaties is gekozen het garantieplafond gelijk te stellen aan de uitstaande garanties. Hiervan is sprake bij de Europese garanties (EFSF, EFSM en ESM en NGEU) en de garanties van een aantal internationale financiële instel-lingen (IMF en Wereldbank). Ook bij andere regelingen waar geen plafond is afgespro-ken, is het totaalplafond gelijkgesteld aan de uitstaande garanties.
Uit tabel 8.1 blijkt dat het totaalbedrag aan uitstaande garanties van het Rijk in 2025 279,8 miljard euro bedraagt. In 2024 was dit bedrag 219,7 miljard euro, wat betekent dat gedurende het jaar per saldo voor 60,1 miljard euro aan extra garanties zijn aangegaan. De stijging komt met name door de nieuwe garantie aan TenneT van 51,6 miljard euro2 en de Europese regeling Security Action for Europe (SAFE) van 15,3 miljard euro. Afname van het uitstaande risico komt vooral door de garanties op de exportkredietverzekering (per saldo ‒ 2,9 miljard euro), de deelneming in het kapitaal van het IMF (-2 miljard euro) en de garantie op de Financieringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden (FMO) (-1,8 miljard euro).
Om de risico’s voor de overheidsfinanciën te beheersen, en een goede afweging tussen verschillende beleidsinstrumenten te bevorderen, wordt een ‘nee-tenzij’-beleid gevoerd ten aanzien van risicoregelingen. Dit beleid is vastgelegd in de begrotingsregels en houdt in dat er terughoudend wordt omgegaan met het aangaan van nieuwe risico's en verruimingen van bestaande regelingen. In sommige gevallen kan het verstandig zijn om nieuwe risico’s aan te gaan, bijvoorbeeld tijdens een acute crisis. Hiervoor is een goede onderbouwing noodzakelijk. Deze controle aan de poort heeft concreet vorm gekregen in het Toetsingskader Risicoregelingen, dat eveneens is vastgelegd in de begrotingsregels. Dit toetsingskader zorgt ervoor dat er ook in onzekere tijden een degelijke afweging gemaakt wordt. Bij consequente toepassing in de toekomst zullen de uitstaande risico’s na een crisis naar verwachting weer afnemen.
Het resterende uitstaande risico van de nationale coronagerelateerde risicoregelingen wordt apart weergegeven in de regel «Nationale garanties coronacrisis». Hieruit blijkt dat in 2025 34,5 miljoen euro is vervallen, een afname van 74%. Er staat nog 12,1 miljoen euro aan nationale coronagerelateerde garanties uit.
Tabel 8.1 Garantieregelingen van het Rijk (in miljoenen euro)
Uitstaande garanties
Verleende garanties
Vervallen garanties
Uitstaande garanties
Jaarplafond
Totaalplafond
b
a
Omschrijving
2024
2025
2025
2025
2025
V
3
Raad van Europa
287,4
287,4
287,4
VI
34
Garantieregeling forensische zorg
300,0
VIII
14
Indemniteitsregeling
132,1
452,0
252,2
331,9
450,0
IXB
2
Wet aansprakelijkheid kernongevallen (WAKO)
9.200,0
9.200,0
9.200,0
IXB
3
Financieringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden (FMO)
15.401,6
1.784,6
13.617,0
13.617,0
IXB
3
Garantie TenneT
51.600,0
51.600,0
51.600,0
IXB
4
Security Action for Europe (SAFE)
15.286,8
15.286,8
15.286,8
IXB
4
Oekraïne Faciliteit
1.999,3
102,6
2.101,9
2.101,9
IXB
4
Macro-Financiële Bijstand - Ukraine Loan Cooperation Mechanism (MFB-ULCM)
3.416,0
78,0
1.649,4
1.844,6
1.844,6
IXB
4
Kredieten EU-betalingsbalanssteun (BoP-faciliteit)
3.870,1
204,0
4.074,1
4.074,1
IXB
4
Headroomgarantie macro-financiële bijstand (MFB)
1.089,2
57,3
1.146,5
1.146,5
IXB
4
Garantie Wereldbank - IBRD garantie kapitaal
5.825,7
674,8
5.150,9
5.150,9
IXB
4
Garantie Wereldbank - IBRD garantie Oekraïne
100,0
100,0
100,0
IXB
4
European Stability Mechanism (ESM)
35.338,9
35.338,9
35.338,9
IXB
4
European Investment Bank (EIB)
11.796,0
11.796,0
11.796,0
IXB
4
European Financial Stability Facility (EFSF)
34.154,2
34.154,2
34.154,2
IXB
4
European Financial Stabilisation Mechnism (EFSM)
2.690,6
118,9
161,8
2.647,7
2.647,7
IXB
4
European Bank for Reconstruction and Development (EBRD)
589,1
589,1
589,1
IXB
4
EIB - pan Europees Garantiefonds
953,5
28,5
925,0
925,0
IXB
4
DNB - deelneming in kapitaal IMF
34.454,2
2.034,5
32.419,7
32.419,7
IXB
4
Asian Infrastructure Investment Bank (AIIB)
794,1
92,0
702,1
702,1
IXB
4
Bilaterale garantie Macro-financiële bijstand (MFB)
215,4
215,4
215,4
IXB
4
Next Generation EU (NGEU)
27.176,2
3.703,5
1.572,5
29.307,2
29.307,2
IXB
4
Support to mitigate Unemployment Risks in an Emergency (SURE)
5.983,9
18,9
5.965,1
5.965,1
IXB
5
Exportkredietverzekering
17.540,6
3.370,9
6.225,4
14.686,1
10.000,0
XIII
2
Borgstelling MKB kredieten (BMKB)
1.166,5
291,1
365,8
1.091,8
758,9
XIII
2
Garantie Ondernemingsfinanciering (GO)
198,9
18,6
76,0
141,5
200,0
XIV
21
Borgstelling MKB-Landbouwkredieten
231,3
13,3
45,2
199,5
120,0
XIV
22
Garantie voor natuurgebieden en landschappen
223,1
18,7
204,4
204,4
XVI
2&3
Instellingen voor de gezondheidszorg
125,3
2,4
21,1
106,5
106,5
XVII
1
Garantie Dutch Good Growth Fund (DGGF)
108,2
8,4
9,6
106,9
675,0
XVII
5
Garanties Inter American Development Bank (IDB)
291,4
11,4
280,1
280,1
XVII
5
Garanties African Development Bank (AfDB)
2.354,9
77,8
2.277,1
2.277,1
XVII
5
Garanties Asian Development Bank (AsDB)
1.251,6
41,4
1.210,2
1.210,2
XXII
1
Herplaatsingsgarantie
24,3
82,6
106,9
783,0
Nationale garanties coronacrisis
46,6
34,5
12,1
3.087,5
Overig
674,9
103,2
165,0
613,0
85,3
1.073,1
Totaal
219.705,1
75.493,5
15.360,9
279.837,7
11.164,2
268.916,6
Tabel 8.2 bevat de uitgaven en ontvangsten behorende bij de door het Rijk verstrekte garanties in 2024 en 2025. Alleen garanties waarbij daadwerkelijke uitgaven en ontvangsten zijn gedaan, worden weergegeven in de tabel. De in de tabel getoonde uitgaven betreffen de schade-uitkeringen op afgegeven garanties. De in de tabel getoonde ontvangsten betreffen zowel ontvangen uit premies, provisies en dergelijke als op derden verhaalde (schade-)uitkeringen.
Tabel 8.2 Uitgaven en ontvangsten op de door het Rijk verstrekte garanties (in duizenden euro)
Uitgaven
Ontvangsten
Uitgaven
Ontvangsten
b
a
Omschrijving
2024
2024
2025
2025
VI
33
Garantiestelling Faillissementscuratoren dienst JUSTIS
2.216,0
2.523,0
IXB
1
Garantie procesrisico's
182,0
18,0
IXB
2
Terrorismeschades (NHT)
536,0
535,0
IXB
2
Wet aansprakelijkheid kernongevallen (WAKO)
108,0
1.726,0
IXB
3
Financieringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden (FMO)
1.000,0
1.000,0
IXB
4
EIB - pan Europees Garantiefonds
17.941,0
28.493,0
IXB
4
EIB - kredietverlening in ACP en OCT
4.375,0
IXB
5
Exportkredietverzekering
128.838,0
131.159,0
109.035,0
180.963,0
IXB
5
Herverzekering leverancierskredieten
882,0
45,0
10.846,0
13.168,0
XIII
2
Klein Krediet Corona
1.182,0
85,0
392,0
53,0
XIII
2
Borgstelling MKB kredieten (BMKB)
16.830,0
16.950,0
13.078,0
18.083,0
XIII
2
Garantie Ondernemingsfinanciering (GO)
4.421,0
6.080,0
XIII
2
GO-Corona
1.012,0
123,0
XIII
2
Groeifaciliteit
8.615,0
2.067,0
2.481,0
1.724,0
XIII
2
BMKB-Corona
2.180,0
209,0
933,0
187,0
XIII
2
MKB-financiering
455,0
325,0
291,0
XIII
2
Microkredieten
337,0
282,0
XIV
21
Borgstelling MKB-Landbouwkredieten
210,0
737,0
616,0
XIV
22
Klimaatfonds groenfonds garantie
199,0
274,0
XVII
1
Garantie Dutch Good Growth Fund (DGGF)
13.997,0
18.559,0
XVII
1
Garantie Development Related Infrastructure Investment Vehicle (DRIVE)
711,0
XVII
1
Garantie Dutch Trade and Investment Fund (DTIF)
14.248,0
8.058,0
XVII
5
Garanties IS-NIO
1.581,0
1.117,0
XXII
1
Herplaatsingsgarantie
393.000,0
Totaal
179.076,0
582.146,0
172.499,0
253.550,0
Achterborgstellingen
Naast het risico uit garantieregelingen staat het Rijk ook indirect bloot aan risico’s uit achterborgstellingen. In die gevallen wordt de daadwerkelijke garantieverplichting niet afgegeven door het Rijk, maar door een daarvoor aangewezen tussenpersoon in de vorm van een stichting. In de begroting van het betreffende vakdepartement worden achterborgstellingen daarom niet als verplichting opgenomen. Het Rijk wordt pas aangesproken zodra de tussenpersoon niet aan haar verplichtingen kan voldoen. De achterborgstellingen zijn opgenomen in tabel 8.3.
Het risico uit de achterborgstellingen (in tabel 8.3) is niet één op één te vergelijken met het risico uit de garantieregelingen (in tabel 8.1), aangezien het risico over meerdere partijen wordt gespreid. Per achterborgstelling zijn er verschillende mogelijkheden om eventuele schade te dekken. Het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) beschikt over een fondsvermogen en kan daarnaast indien nodig obligo ophalen bij deelnemende woningcorporaties. Op het gecommitteerd obligo doet het WSW alleen een beroep wanneer dat noodzakelijk is om middelen in liquide vorm beschikbaar te hebben voortvloeiend uit het risicovermogen in relatie tot geborgde verplichtingen. Ook kunnen woningcorporaties in financiële problemen onder bepaalde voorwaarden een aanvraag doen voor saneringssteun. Saneringssteun wordt bekostigd via een heffing aan corporaties en deze middelen lopen via een risicovoorziening op de begroting van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Alle woningcorporaties zijn op basis van de wet verplicht om deze heffing te betalen. Financiële problemen bij corporaties worden in eerste instantie dus betaald door de corporatiesector zelf via het fondsvermogen WSW, obligo en de saneringsheffing. Pas daarna komen het Rijk en gemeenten in beeld via de achtervang. De achtervang is nog niet eerder aangesproken.
De Stichting Waarborgfonds Zorg (WFZ) kent een soortgelijke regeling. Ook hier wordt eerst het bufferkapitaal van de stichting aangesproken om schade te dekken. Daarna moeten de zorginstellingen met een door het WFZ geborgde lening een percentage (maximaal 3 procent van de uitstaande garanties van de deelnemende zorginstelling) van het leningenbedrag afdragen (obligo). Mocht dit onvoldoende zijn om de verplichtingen van het WFZ na te komen, dan kan het WFZ een beroep doen op het Rijk. Bij het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) geldt geen obligoverplichting. Hier dienen huizen van particulieren als onderpand, waardoor de schade zich beperkt tot eventuele restschulden na gedwongen verkoop. Het WEW teert bij verlies direct in op het bufferkapitaal. Het Nationaal Restauratiefonds (NRF) kent eveneens geen obligoverplichting. Het NRF doet pas een beroep op het Rijk wanneer het eigen vermogen is uitgeput. Dit is over de gehele looptijd nog nooit voorgekomen.
Daarnaast worden bij twee achterborgstellingen de risico’s gedeeld met gemeenten. Zo worden de verplichtingen die het WEW voor 1 januari 2011 is aangegaan voor 50 procent gedekt door gemeenten en voor 50 procent door het Rijk. Verplichtingen aangegaan na deze datum worden volledig door het Rijk gedekt. Bij het WSW wordt de gehele positie evenredig met gemeenten gedeeld.
Tabel 8.3 Achterborgstellingen van het Rijk (in miljoenen euro)
Geborgd vermogen
Verleend
Vervallen
Geborgd vermogen
Buffer kapitaal
Obligo
b
a
Omschrijving
2024
2025
2025
2025
2025
2025
VIII
14
Nationaal Restauratie Fonds (NRF)
408,8
59,0
56,8
411,0
82,0
N.v.t.
XVI
2
Waarborgfonds voor de Zorgsector (WFZ)
5.779,4
140,7
5.638,7
302,0
170,3
XXII
1
Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW)
213.517,0
37.519,0
19.564,0
231.472,0
1.810,0
N.v.t.
XXII
1
Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW)
94.937,0
9.582,0
3.755,0
100.765,0
631,0
2.615,0
Totaal
314.642,2
47.160,0
23.516,5
338.286,7
2.825,0
2.785,3
Leningen
We spreken van een lening als het Rijk middelen verstrekt aan een derde buiten het Rijk met een afgesproken aflossingsschema en rente. Is aan een van beide voorwaarden niet voldaan, dan is sprake van een uitgave. Ook leningen vormen een risico voor de Rijksbegroting, namelijk als de ontvanger van die lening niet in staat blijkt de lening (in zijn geheel) af te lossen of de rentevergoeding te betalen. In dat geval derft het Rijk inkomsten (niet-belastingontvangsten die geraamd zijn). Die derving belast het uitgavenkader. Bij leningen die zijn afgegeven in andere valuta is er ook een wisselkoersrisico voor het Rijk.
In tabel 8.4 staan de door het Rijk verstrekte leningen die classificeren als risicoregeling. Het bedrag aan uitstaande leningen is in 2025 met 20,5 miljard euro gedaald ten opzichte van 2024. Dit is bijna volledig toe te schrijven aan de daling van de lening aan TenneT met 19,4 miljard euro.
Tabel 8.4 Door het Rijk verstrekte leningen (in miljoenen euro)
Uitstaand risico
Uitstaand risico
Looptijd
b
Omschrijving
2024
2025
IV
Liquiditeitssteun Aruba
442,2
397,2
2043
IV
Liquiditeitssteun Curaçao
448,3
414,3
2043
IV
Liquiditeitssteun Sint-Maarten
155,3
140,4
2053
IXB
Lening Griekenland
2.391,1
1.579,6
2040
IXB
Lening TenneT
44.400,0
25.000,0
2042
IXB
Lening Oekraïne
200,0
200,0
2032
IXB
Lening Wereldbank IBRD
62,5
onbepaalde tijd
XIII
Invest-NL Capital N.V. SIF
64,8
2029
XIII
Corona overbruggingslening (COL-faciliteit) voor start-ups en scale-ups
230,8
103,7
2026
XIII
Lening Stichting Garantiefonds Reisgelden
138,7
77,1
2028
XIII
Steun aan IHC (voorheen Royal IHC)
5,0
5,0
onbepaalde tijd
Totaal
48.476,2
27.979,8
9 VERTICALE TOELICHTING
De verticale toelichting toont voor ieder begrotinghoofdstuk de budgettaire veranderingen die zich hebben voorgedaan sinds de Miljoenennota 2025. De mutaties van de Miljoenennota tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
De verticale toelichting bestaat per begroting uit twee tabellen: uitgaven en ontvangsten. De tabellen kunnen de volgende posten bevatten:
1. Meevallers
2. Tegenvallers
3. Intensiveringen
4. Ombuigingen
5. Generaal dossier
6. Kasschuiven
7. Overboekingen met andere begrotingen
8. Kadercorrecties
9. Technisch
10. Niet-kaderrelevant
Algemene Zaken en De Koning
De Koning
I De Koning: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
59
Mutaties t/m Najaarsnota
2
Stand Najaarsnota
61
Meevallers
0
Meevallers
0
Tegenvallers
0
Tegenvallers
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
61
I De Koning: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
0
Mutaties t/m Najaarsnota
Stand Najaarsnota
0
Meevallers
0
Meevallers
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Deze mutatie betreft de realisatie van de doorbelaste uitgaven van het Kabinet van de Koning en de Rijksvoorlichtingsdienst (153 duizend euro), die iets lager uitvalt dan de raming in de ontwerpbegroting. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.
Tegenvallers
Conform de Wet financieel statuut Koninklijk Huis (WFSKH) is op basis van de CPI-ontwikkeling het materiële gedeelte van de B-component van de grondwettelijke uitkering van de leden van het Koninklijk Huis naar boven bijgesteld (30 duizend euro). In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Deze post betreft de terugstorting van de A-component van de grondwettelijke uitkering (inkomen) van de vermoedelijke troonopvolger (de Prinses van Oranje) die hoger uitvalt door afronding naar boven (duizend euro) in de eindafrekening. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.
Algemene zaken
III Algemene Zaken: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
101
Mutaties t/m Najaarsnota
17
Stand Najaarsnota
118
Meevallers
‒ 1
Rijksvoorlichtingsdienst (RVD)
0
Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten
‒ 1
Overige meevallers
0
Tegenvallers
2
Overschrijding apparaatsuitgaven
2
Overige tegenvallers
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
118
III Algemene Zaken: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
9
Mutaties t/m Najaarsnota
5
Stand Najaarsnota
13
Meevallers
1
Aanvullende meevaller Rijksvastgoedbedrijf
1
Overige meevallers
0
Technisch
0
Technisch
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
14
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Rijksvoorlichtingsdienst (RVD)
Bij de RVD is sprake van 296 duizend euro aan onderuitputting door projecten (bijvoorbeeld uit het werkprogramma van de Voorlichtingsraad (VoRa)) die achterlopen in de verwachte realisatie. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.
De Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten
Door vertraging bij het werven van personeel en lagere kosten dan verwacht voor tijdelijke extra huisvesting is sprake van aanvullende onderuitputting ten opzichte van de Najaarsnota 2025 van 542 duizend euro.
Overige meevallers
Dit betreft het saldo van overige meevallers. Bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) is sprake van circa 131 duizend euro onderuitputting doordat hier onder andere door wisselende bezetting geen organisatiebrede projecten zijn opgepakt. Daarnaast is sprake van een meevaller bij het Kabinet van de Koning van 93 duizend euro door vertraging bij het invullen van vacatures en een meevaller van 80 duizend euro bij de Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden (TIB) door wisselende bezetting. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.
Tegenvallers
Overschrijding apparaatsuitgaven
Op het apparaatsbudget is sprake van een overschrijding van circa 1,6 miljoen euro door noodzakelijke ICT investeringen ter vervanging van hardware.
Overige tegenvallers
De overige tegenvaller betreft een correctie van een afrondingsverschil. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Aanvullende meevaller Rijksvastgoedbedrijf
Op de ontvangsten is sprake van een aanvullende meevaller van 629 duizend euro. Dit komt door een hogere ontvangst van het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) dan geraamd bij Najaarsnota 2025 voor werkzaamheden aan een datacenter.
Technisch
Deze ontvangsten houden verband met doorbelastingen van de uitgaven van de Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) aan Hoofdstuk I De Koning voor de uitgaven voor het Koninklijk Huis en het Kabinet van de Koning. In de tabel is dit een nul, vanwege de afronding in miljoenen.
Buitenlandse Zaken (inclusief BHO)
Buitenlandse Zaken
V Buitenlandse zaken: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
12.262
Mutaties t/m Najaarsnota
948
Stand Najaarsnota
13.210
Meevallers
‒ 50
Meevallers
‒ 50
Tegenvallers
36
Apparaat
30
Overige tegenvallers
7
Generaal dossier
58
EU-afdrachten
58
Kadercorrecties
‒ 6
Kadercorrectie
‒ 6
Niet-kaderrelevant
‒ 32
Invoerrechten
188
Niet-militaire Oekraïnesteun
6
Oekraïnefaciliteit EU
‒ 60
Europese Vredesfaciliteit
‒ 167
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
13.215
V Buitenlandse zaken: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
3.654
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 1.116
Stand Najaarsnota
2.537
Meevallers
8
Meevallers
8
Tegenvallers
‒ 34
Tegenvallers
‒ 34
Generaal dossier
59
Perceptiekostenvergoeding
59
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
2.570
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Meevallers
Dit betreft een saldo van verschillende meevallers, waaronder 30,6 miljoen euro aan onderuitputting op de Europese Vredesfaciliteit (EPF). Het gaat hierbij om onderuitputting die is opgetreden in het kaderrelevante deel van het EPF. Daarnaast heeft er circa 3,3 miljoen euro aan onderuitputting opgetreden op de Nederlandse contributie aan VN-crisisbeheersingsoperaties.
Tegenvallers
Apparaat
De realisatie op het apparaatsbudget (artikel 7) valt 29,5 miljoen hoger uit dan eerder geraamd. Tegenvallers op het apparaatsbudget zijn het gevolg van de loonontwikkeling die voortvloeit uit de afspraken in het CAO Rijk en hogere uitgaven voor de informatiesystemen van de consulaire dienstverlening. Hierdoor kost het meer tijd om tegelijkertijd de ombuigingen op het apparaatsbudget te realiseren. Dit is ook gemeld in de Decemberbrief van BZ.
Overige tegenvallers
Dit betreft het saldo van verschillende tegenvallers onder andere op de consulaire dienstverlening aan Nederlanders in het buitenland.
Generaal dossier
EU-afdrachten
Het netto-effect op de EU-afdrachten betreft een onderuitputting van 1,9 miljoen euro. Een deel van deze middelen zijn echter niet-kaderrelevant, omdat dit de realisatie van de Oekraïnefaciliteit EU betreffen. In de verwerking leidt deze splitsing tot een hogere bni-afdracht van 57,6 miljoen euro dan waar rekening mee werd gehouden bij de 2e suppletoire begroting en een lagere niet-kaderrelevante EU-afdracht van 59,5 miljoen euro (zie Niet-kaderrelevant).
Kadercorrectie
Kadercorrectie
Een deel van de middelen uit het Mensenrechtenfonds, Stabiliteitsfonds en MATRA is ingezet voor Oekraïne. Om die reden zijn deze middelen omgelabeld als niet-kaderrelevant en is het kader hiervoor gecorrigeerd.
Niet-kaderrelevant
Invoerrechten
Dit betreft de realisatie van de invoerrechten. De realisatie op de invoerrechten valt 188,3 miljoen euro hoger uit dan ten tijde van de 2e suppletoire begroting werd geraamd.
Niet-militaire Oekraïnesteun
Een deel van de middelen uit het Mensenrechtenfonds, Stabiliteitsfonds en MATRA is ingezet voor Oekraïne. Zie ook de toelichting onder Kadercorrectie.
Oekraïnefaciliteit EU
Het netto-effect op de EU-afdrachten betreft een onderuitputting van 1,9 miljoen euro. Een deel van deze middelen zijn echter niet-kaderrelevant, omdat dit de realisatie van de Oekraïnefaciliteit EU betreffen. In de verwerking leidt deze splitsing tot een hogere bni-afdracht van 57,6 miljoen euro dan waar rekening mee werd gehouden bij de 2e suppletoire begroting en een lagere niet-kaderrelevante EU-afdracht van 59,5 miljoen euro (zie Niet-kaderrelevant).
Europese Vredesfaciliteit
Aanvullend op de 30,6 miljoen euro onderuitputting voor het kaderrelevante deel van de Europese Vredesfaciliteit (zie Meevallers), heeft er 167,1 miljoen euro onderuitputting op het niet-kaderrelevante deel plaatsgevonden. De reden hiervoor is de aanhoudende veto van Hongarije op deze middelen.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Meevallers
Dit betreft een saldo van verschillende meevallers. De hogere ontvangsten komen door hogere teruggave van programmamiddelen, zoals van het ANA Trust Fund van de NAVO.
Tegenvallers
Tegenvallers
Dit betreft een saldo van verschillende tegenvallers, dit komt voornamelijk door lagere verkoopopbrengsten op het huisvestingsbudget.
Generaal dossier
Perceptiekostenvergoeding
Dit betreft de realisatie van de perceptiekostenvergoeding. Deze vallen 58,5 miljoen euro hoger uit dan ten tijde van de 2e suppletoire begroting werd geraamd.
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp
XVII Buitenlandse handel en ontwikkelingshulp: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
3.598
Mutaties t/m Najaarsnota
141
Stand Najaarsnota
3.739
Meevallers
‒ 103
Realisatie BHO
‒ 103
Tegenvallers
144
Realisatie BHO
144
Niet-kaderrelevant
10
Oekraïne
10
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
3.790
XVII Buitenlandse handel en ontwikkelingshulp: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
53
Mutaties t/m Najaarsnota
14
Stand Najaarsnota
67
Meevallers
5
Realisatie BHO
5
Tegenvallers
‒ 7
Realisatie BHO
‒ 7
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
66
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Mee- en tegenvallers
Realisatie BHO
Er is per saldo een overschrijding op de begroting van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp (BHO). BHO plant elk jaar meer programma's of bijdragen dan waarvoor budget beschikbaar is, om te anticiperen op mogelijke vertragingen. Dit leidt in de praktijk tot een overschrijding van het budget. De overschrijding zal binnen de budgettaire systematiek van de HGIS gedekt worden. T.o.v. de Najaarsnota is er met name overuitputting op artikel 1.3, «Handel en economie voor ontwikkeling,» door hogere uitgaven dan verwacht voor infrastructuur subsidies en hogere financiële sector garanties en bijdragen; en op artikel 2.2, «Water.» Daarnaast houdt BHO een buffer aan op verdeelartikel 5.4 voor mutaties volgend uit macro-economische bijstellingen, asieltoerekening en overige fluctuaties binnen het ODA-budget. De stand in 2025 van artikel 5.4 wordt bij Slotwet afgeboekt.
Niet-kaderrelevant
Oekraïne
Er is op de begroting van BHO 10 miljoen euro meer uitgegeven ten behoeve van steun aan Oekraïne dan begroot. Dit betreft o.a. 5,7 miljoen euro aan uitgaven volgend uit het Ukraïne Partnership Facility (UPF). Daarnaast is er vanuit het budget voor water (artikel 2.2) 1 miljoen euro steun geleverd aan drinkwaterbedrijven in Oekraïne.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Mee- en tegenvallers
Realisatie BHO
Dit betreft een saldo van alle ontvangstenrealisaties. Er is onder andere een meevaller op de ontvangsten van het Dutch Good Growth Fund (DGGF) en een tegenvaller van 3,6 miljoen euro op ontvangsten van leningen vanwege lagere aflossingen dan begroot. Deze aflossingen zullen op een later moment volgen.
Ontvangsten NIO
Dit betreft de realisatie van de ontvangsten aan leningen uit de portefeuille van de Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden (NIO).
Justitie en Veiligheid
VI Justitie en Veiligheid: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
18.325
Mutaties t/m Najaarsnota
633
Stand Najaarsnota
18.958
Meevallers
‒ 172
Afrekeningen ketenpartners
‒ 2
Waarschuwings- en alarmeringspalen
‒ 3
Vertraging toegang tot het recht
‒ 3
Niet tot betaling komen diverse subsidies
‒ 3
Vertraging projecten en subsidieaanvragen
‒ 4
Realisatie flitspalen
‒ 4
Schadeloosstellingen
‒ 5
Toevoegingen rechtsbijstand
‒ 6
Externe inhuur
‒ 8
Politie
‒ 9
Vertraging aanpak ICT
‒ 9
Huisvestingskosten
‒ 14
Inburgering
‒ 17
Geoormerkte middelen politie en defensie
‒ 18
Vertraging aanname eigen personeel
‒ 20
Overige meevallers
‒ 48
Tegenvallers
97
Apparaatsuitgaven overig personeel
19
Personeel en versterking bedrijfsvoering
12
Verrekening Rijksdienst Caribisch Nederland
3
ICT Openbaar Ministerie
2
Tekort Justid
2
Hogere kosten Shared Service organisaties
2
Meer uitkeringen
2
Overige tegenvallers
54
Generaal dossier
‒ 3
Meevaller bewaken en beveiligen
‒ 3
Overig generaal dossier
0
Overboekingen met andere begrotingen
0
Overboekingen met andere begrotingen
0
Technisch
4
Desaldering inburgering
4
Overig technisch
0
Niet-kaderrelevant
‒ 13
Meevaller Internationaal Strafhof Oekraïne
‒ 13
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
18.872
VI Justitie en Veiligheid: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
1.650
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 42
Stand Najaarsnota
1.608
Meevallers
73
Inburgering
27
Teruggaven CJIB, RIECs en KvK
7
Meer aanvragen VOG en naamwijzigingen
5
Ontvangsten detachering
3
Overige meevallers
31
Tegenvallers
‒ 18
Griffierechtenontvangsten
‒ 2
Inruil motorvoertuigen
‒ 3
Overige tegenvallers
‒ 12
Generaal dossier
195
Meevaller strafbeschikkingen
115
Meevaller afpakraming
91
Tegenvaller boeteontvangsten
‒ 13
Overig generaal dossier
2
Technisch
4
Desaldering inburgering
4
Overig technisch
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
1.862
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Afrekeningen ketenpartners
De meevaller van 2,4 miljoen euro bestaat uit diverse mutaties. Het betreft onder meer de afrekening van het Duurzaam Digitaal Stelsel (DDS) met ketenpartners zoals het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB), de Hoge Raad (HR), Rechtspraak en de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). Daarnaast is in dit bedrag de betaling van de eindfactuur voor het Netwerk Datakwaliteit opgenomen.
Waarschuwings- en alarmeringspalen toegang
Bij Najaarsnota 2025 is het budget voor de instandhouding van het Waarschuwings- en alarmeringspalen (WAS) verhoogd vanwege de verwachting dat dit jaar een extra bijdrage voor de instandhouding nodig zou zijn. In overleg met het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) is uiteindelijk besloten om deze bijdrage in 2026 te doen. Hierdoor is zowel op het uitgaven- als op het verplichtingenbudget onderuitputting van circa 2,8 miljoen euro.
Vertraging toegang tot het recht
Bij het regeerprogramma van het kabinet-Schoof zijn middelen beschikbaar gesteld voor het verbeteren van de toegang tot het recht. Dit bedrag was bestemd voor diverse activiteiten en subsidies. Door vertraging bij de voorbereiding en uitvoering hiervan is sprake van circa 2,8 miljoen euro aan onderuitputting.
Niet tot betaling komen diverse subsidies
In 2025 is 2,9 miljoen euro minder tot betaling gekomen op subsidies zoals Nader Onderzoek DoodsOorzaak Volwassenen (NODOV) en Borging Forensische Geneeskunde, onder andere omdat de afrekening pas in 2027 en 2028 plaatsvindt.
Vertraging projecten en subsidieaanvragen
De meevaller van circa 3,6 miljoen euro wordt voornamelijk veroorzaakt door vertragingen en lagere kosten bij diverse projecten en subsidieaanvragen, onder andere op het gebied van rechtsbescherming, huiselijk geweld en kindermishandeling. Veel subsidietoekenningen zijn pas eind 2025 toegekend, waardoor in dat jaar slechts een beperkt voorschot is uitbetaald.
Realisatie flitspalen
De meevaller van circa 3,7 miljoen euro komt doordat de realisatie van werkzaamheden aan de focusflitspalen later plaatsvindt dan oorspronkelijk gepland. Hierdoor wordt een deel van de facturatie verschoven naar 2026.
Schadeloosstellingen
Bij Najaarsnota 2025 werd op het budget van schadeloosstellingen een tegenvaller van 32 miljoen euro geraamd. Uiteindelijk is deze tegenvaller 4,8 miljoen euro lager uitgevallen dan destijds geraamd.
Toevoegingen rechtsbijstand
Bij Najaarsnota 2025 werd op het budget van toevoegingen rechtsbijstand een meevaller van 56 miljoen euro verwacht. Uiteindelijk is deze meevaller 6,3 miljoen euro hoger uitgevallen dan geraamd doordat minder toevoegingen zijn afgegeven op het terrein van asiel en civiel dan was geraamd.
Externe inhuur
De meevaller op het budget van apparaatsuitgaven van circa 7,7 miljoen euro voor externe inhuur bestaat uit meevallers bij diverse budgethouders. Dit wordt voornamelijk verklaard doordat er meer eigen personeel dan externe inhuur wordt ingezet of omdat de inhuur later is gestart dan verwacht.
Politie
Bij de politie is per saldo sprake van een meevaller van circa 8,7 miljoen euro. Dit betreft middelen die niet meer tot betaling zijn gekomen bij de bijdragen voor de handhaving van het lachgasverbod opiumwet, voor de aanpak van drugscriminaliteit, voor buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s) en Meldpunt 144.
Vertraging aanpak ICT
Op het budget apparaatsuitgaven materieel ICT is sprake van circa 8,8 miljoen euro aan onderuitputting door vertraging in de aanschaf van software. De middelen die hiervoor gereserveerd waren in 2025 zijn hierdoor niet tot besteding gekomen.
Huisvestingskosten
Door huisvestingskosten bij het Openbaar Ministerie (OM) die over de jaargrens heen vallen is sprake van een meevaller van circa 14,2 miljoen euro.
Inburgering
Op het budget van inburgering is sprake van een meevaller van circa 17,2 miljoen euro door onder andere vertraging van inburgeringstrajecten, minder verstrekte leningen door DUO en lagere uitgaven door het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) voor taallessen en meedoenbalies.
Geoormerkte middelen politie en defensie
Op het budget overige bijdrage aan medeoverheden is in 2025 sprake van onderuitputting van circa 17,8 miljoen euro. Dit houdt verband met het terugboeken van niet-bestede geoormerkte NAVO-middelen en van de politie en Defensie ontvangen middelen.
Vertraging aanname eigen personeel
Het saldo op de apparaatsuitgaven voor eigen personeel laat een meevaller van circa 19,7 miljoen euro zien. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door vertragingen bij de aanstelling van eigen personeel en een aanhoudend tekort aan medewerkers.
Overige meevallers
Dit betreft overige meevallers van ieder kleiner dan 2 miljoen euro. Een voorbeeld hiervan is een meevaller van 1,6 miljoen euro doordat het aantal definitief oninbare voorschotten dat aan slachtoffers is uitgekeerd lager is dan verwacht.
Tegenvallers
Apparaatsuitgaven overig personeel
De tegenvaller op het budget van apparaatsuitgaven overig personeel wordt veroorzaakt door de uitvoeringskosten eigenrisicodrager voor de Ziektewet (ERD ZW) en Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA). Het totaal telt op tot circa 18,5 miljoen euro.
Personeel en versterking bedrijfsvoering
Door meer verambtelijking van externe inhuur dan verwacht is er sprake van een tegenvaller van circa 12,1 miljoen euro. Daarnaast is er uitbreiding van capaciteit geweest voor de noodzakelijke versterking van de bedrijfsvoering.
Verrekening Rijksdienst Caribisch Nederland
Vanwege de verrekening van de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) is er een tegenvaller van circa 3,2 miljoen euro.
ICT Openbaar Ministerie
Er is sprake van een tegenvaller van circa 2,4 miljoen euro als gevolg van de ICT inbreuk bij het Openbaar Ministerie (OM). Er waren extra uitgaven benodigd om het beheer op niveau te houden en noodzakelijke vernieuwingen door te voeren.
Tekort Justid
Bij Najaarsnota 2025 is 0,8 miljoen euro als meevaller op dit budget geboekt, omdat werd verwacht dat het budget voor TRACK informatieverstrekking (TIV) en de Wet Open Overheid (WOO) niet volledig zou worden benut. Uiteindelijk zijn beide programma’s volledig uitgeput, waardoor nu een tekort van 2,3 miljoen euro op het budget voor Justid is.
Hogere kosten Shared Service organisaties
De kosten van de Shared Service organisaties (SSO’s) vallen als gevolg van stijgende kosten hoger uit dan verwacht. Dit resulteert in een tegenvaller van 2,1 miljoen euro.
Meer uitkeringen
Door meer verstrekte uitkeringen bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven dan geraamd is een tegenvaller ontstaan van circa 2 miljoen euro.
Overige tegenvallers
Dit betreft overige tegenvallers van ieder kleiner dan 2 miljoen euro. Een voorbeeld hiervan is een tegenvaller van circa 1,8 miljoen euro bij DJI vanwege een hoger aantal penitentiaire programma’s dan geraamd.
Generaal dossier
Meevaller bewaken en beveiligen
Er is sprake van een meevaller van circa 3 miljoen euro op het budget van Bewaken en Beveiligen.
Technisch
Desaldering inburgering
Bij de bijdrage aan medeoverheden was een overschrijding van 4,2 miljoen euro bij zowel uitgaven als verplichtingen. Bij de ontvangsten is sprake van een meerontvangst van ruim 8 miljoen euro. Bij de toekenning van de Specifieke Uitkering voor 2025 is rekening gehouden met een deel van deze ontvangsten. Deze ontvangsten zijn bij Najaarsnota 2025abusievelijk niet gedesaldeerd.
Niet-kaderrelevant
Meevaller Internationaal Strafhof Oekraïne
De middelen voor extra beveiliging van het Internationaal Strafhof Oekraïne zijn in 2025 niet volledig tot besteding gekomen. Daarnaast wordt de factuur over 2025 pas begin 2026 ontvangen. Hierdoor vallen deze kosten niet in 2025, maar in 2026. Dit leidt in 2025 tot een meevaller van 13,1 miljoen euro.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Inburgering
Op het ontvangstenbudget van inburgering is sprake van een meevaller van circa 26,7 miljoen euro. Dit is het gevolg van terugbetalingen door gemeenten omdat minder trajecten zijn gestart dan verwacht. Ook zijn meer leningen terugbetaald en was er een niet geraamde afrekening over 2024 van activiteiten van COA voor voorinburgering.
Teruggaven CJIB, RIECs en KvK
Als gevolg van een teruggave van 4,1 miljoen euro van het CJIB, een teruggave van 3,6 miljoen euro van de Regionale Informatie- en Expertisecentra (RIEC’s) en een ontvangst van 0,8 miljoen euro van de Kamer van Koophandel (afrekening van eerder verstrekte voorschotten) is sprake van een totale meevaller van circa 7,4 miljoen euro.
Meer aanvragen VOG en naamwijzigingen
Door het hogere aantal aanvragen voor Verklaringen Omtrent het Gedrag (VOG) en naamwijzigingen zijn er meer leges ontvangen dan geraamd. Hierdoor is er sprake van een meevaller van 5,2 miljoen euro.
Ontvangsten detachering
Er zijn meer ontvangsten rondom gedetacheerd personeel dan begroot. Hierdoor is een meevaller van circa 2,7 miljoen euro.
Overige meevallers
Dit betreft overige meevallers van minder dan 2 miljoen euro. Een voorbeeld hiervan is een meevaller van 1,6 miljoen euro omdat het aantal definitief oninbare voorschotten dat aan slachtoffers is uitgekeerd lager is dan verwacht.
Tegenvallers
Griffierechtenontvangsten
De ontvangsten uit griffierechten zijn enigszins achtergebleven ten opzichte van de in 2025 herijkte raming. Dit komt met name door een lagere instroom van zaken waarvoor griffierechten verschuldigd zijn. Hierdoor is er een tegenvaller ontstaan van 2,4 miljoen euro.
Inruil motorvoertuigen
Bij het Openbaar Ministerie (OM) is sprake van een tegenvaller van 3,3 miljoen euro door lagere ontvangsten bij de inruil van motorvoertuigen omdat nu sprake is van een verplichte lease van dienstauto’s.
Overige tegenvallers
Dit betreft overige meevallers van veelal kleiner dan 2 miljoen euro. Het gaat bijvoorbeeld om een tegenvaller op diverse apparaatsontvangsten voor overig materieel, waarbij de mutaties optellen tot een bedrag van minder dan 2 miljoen euro.
Generaal dossier
Meevaller strafbeschikkingen
Deze meevaller van 115,2 miljoen euro komt voor uit ontvangsten die voortvloeien uit strafbeschikkingen wegens dividendbelastingontduiking.
Meevaller afpakraming
Bij Najaarsnota 2025 is de raming fors verlaagd door het op dat moment uitblijven van een of meerdere grote schikkingen. In december is een eenmalige grote buitengerechtelijke afdoening van circa 81 miljoen euro gerealiseerd. Daarom is sprake van een realisatie die circa 90,7 miljoen euro hoger is dan bij Najaarsnota 2025 werd verwacht.
Tegenvaller boeteontvangsten
De ontvangsten bij boetes en transacties zijn circa 13,1 miljoen euro lager uitgevallen doordat het aantal boetes lager is dan ingeschat.
Overig generaal dossier
Dit betreft overige diverse kleine boekingen op het generaal dossier.
Technisch
Desaldering inburgering
Zie de gelijknamige post bij uitgaven.
Asiel en Migratie
XX Asiel en Migratie: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
9.481
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 1.808
Stand Najaarsnota
7.673
Meevallers
‒ 6
SPUK overlast
‒ 2
Overige meevallers
‒ 4
Tegenvallers
6
Verrekening HTL vervoer en beveiliging
3
Overige tegenvallers
3
Generaal dossier
‒ 46
Tegenvaller ICT AMIF project
4
Tegenvaller overschrijding SPUK
3
Meevaller Identificatie en Registratie Vreemdelingen
‒ 4
Meevaller Spreidingswetbonussen
‒ 5
Meevaller minder externe inhuur
‒ 6
Meevaller opvangkosten COA
‒ 8
Meevaller grenstoezicht
‒ 8
Meevaller Immigratie- en Naturalisatiedienst
‒ 21
Overig generaal dossier
0
Technisch
0
Technisch
0
Niet-kaderrelevant
‒ 16
Tegenvaller eindafrekeningen
3
Meevaller eindafrekeningen subsidies
‒ 5
Meevaller RMO
‒ 12
Overig niet-kaderrelevant
‒ 2
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
7.611
XX Asiel en Migratie: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
13
Mutaties t/m Najaarsnota
438
Stand Najaarsnota
451
Meevallers
1
Meevallers
1
Tegenvallers
‒ 2
ETIAS verordening
‒ 2
Generaal dossier
2
Meevaller afboeking ERRIN programma
2
Overig generaal dossier
0
Technisch
0
Technisch
0
Niet-kaderrelevant
11
Meevaller ontvangsten voorschot gemeenten
11
Overig niet-kaderrelevant
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
463
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
SPUK overlast
Per saldo is een meevaller ontstaan van circa 2,3 miljoen euro bij de versterking van de vreemdelingenketen. Dit wordt veroorzaakt door lagere uitgaven dan verwacht bij de aanpak van overlastgevende asielzoekers en daarnaast doordat niet tijdig verrekening heeft plaatsgevonden met andere budgetten.
Overige meevallers
Dit betreft het saldo van overige meevallers van iedere kleiner dan 1 miljoen euro. Zo is onder andere sprake van een aantal kleine meevallers op de voorschotten van subsidies aan onder andere VluchtelingenWerk Nederland (600 duizend euro) en de International Organization for Migration (200 duizend euro).
Tegenvallers
Verrekening HTL vervoer en beveiliging
Als gevolg van een verrekening van de Handhaving Toezicht Locaties (HTL) vervoer en beveiliging is er sprake van een tegenvaller van circa 2,9 miljoen euro.
Overige tegenvallers
Dit betreft overige tegenvallers van iedere kleiner dan 1 miljoen. Een van de tegenvallers (600 duizend euro) is ontstaan op het budget voor Ketenvoorzieningen doordat een aantal verrekeningen abusievelijk niet hebben plaatsgevonden, hierdoor is een beperkte onderuitputting ontstaan op een aantal andere budgetten.
Generaal dossier
Tegenvaller ICT AMIF project
Doordat de renovatie van een nieuw ICT-systeem is vertraagd, is het niet mogelijk gebleken om het project te kunnen financieren vanuit EU-gelden. Om de kans op een subsidie uit het Europese Asiel-, Migratie- en Integratiefonds (AMIF) te vergroten wordt de subsidieaanvraag voor het renoveren van het ICT-systeem in 2026 aangevraagd. Dit leidt tot een tegenvaller van circa 3,8 miljoen euro in 2025, dit wordt onder andere veroorzaakt vanwege het doorlopen van de onderhoudskosten van het oude ICT-systeem.
Tegenvaller overschrijding SPUK
Dit betreft een tegenvaller van circa 3,4 miljoen euro doordat op verschil-lende specifieke uitkeringen (o.a. doorstroomlocaties en overlast) omdat gemeenten meer kosten hebben gemaakt dan begroot en een deel van de kosten niet tijdig verrekend zijn met andere budgetten.
Meevaller Identificatie en Registratie Vreemdelingen
Dit betreft een meevaller van circa 4 miljoen euro doordat de instroom lager is dan begroot. Hierdoor zijn minder taken met betrekking tot identificatie en registratie van vreemdelingen verricht.
Meevaller Spreidingswetbonussen
Doordat in 2025 minder spreidingswetbonussen zijn uitgekeerd dan begroot is een meevaller ontstaan van circa 5,2 miljoen euro.
Meevaller minder externe inhuur
Er is een meevaller van circa 6,1 miljoen euro ontstaan op externe inhuur doordat meer eigen personeel is ingezet.
Meevaller opvangkosten COA
Dit betreft een meevaller van circa 8 miljoen euro, doordat de opvangkosten voor het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) lager zijn uitgevallen dan begroot.
Meevaller grenstoezicht
De middelen voor het Entry Exit System (EES) konden niet tijdig worden beschikt, waardoor een meevaller van circa 8,3 miljoen euro is ontstaan.
Meevaller Immigratie- en Naturalisatiedienst
Door een lagere productie bij de IND dan begroot is de bijdrage aan de IND hierop aangepast. Dit leidt tot een meevaller van circa 21,4 miljoen euro.
Niet-kaderrelevant
Tegenvaller eindafrekeningen
Na interne controles blijkt de afrekening van gemeenten voor de opvang van ontheemden anders uit te vallen dan bij Najaarsnota werd verwacht. Hierdoor ontstaat een tegenvaller van 2,5 miljoen euro.
Meevaller eindafrekeningen subsidies
Wegens latere eindafrekeningen is sprake van een meevaller van circa 5,2 miljoen euro. Dit komt onder andere door een latere afrekening van de subsidie aan VluchtelingenWerk (VWN) Nederland (circa 2 miljoen euro).
Meevaller RMO
Dit betreft een meevaller op de Regeling Medische zorg ontheemden uit Oekraïne (RMO) van circa 11,7 miljoen euro, vanwege lagere zorgkosten dan begroot, met name in de laatste maanden van 2025. Daarnaast viel de afrekening met externe partijen voor coördinatie en informatievoorziening lager uit dan begroot.
Overig niet-kaderrelevant
Dit betreft het saldo van diverse mee- en tegenvallers. Zo is bijvoorbeeld sprake van onderbesteding op de externe inhuur van circa 1,1 miljoen euro.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Dit betreft een aantal meevallers van ieder kleiner dan 2 miljoen euro. Zo is onder andere sprake van een meevaller door een terugvordering als gevolg van een lagere vaststelling (circa 600 duizend) van de subsidie aan de International Organization for Migration (IOM).
Tegenvallers
ETIAS verordening
Er is sprake van een tegenvaller van circa 1,9 miljoen euro vanwege ingeboekte inkomsten voor verordening van het Europees reisinformatie- en -autorisatiesysteem (ETIAS). De ingangsdatum is uitgesteld waardoor er geen inkomsten zijn.
Generaal dossier
Meevaller afboeking ERRIN programma
Door afronding van een subsidieproject dat viel onder het European Regions Research and Innovation Network (ERRIN) is een meevaller van circa 2,4 miljoen euro.
Overig generaal dossier
Dit betreft kleine boekingen op het generaal dossier zoals een tegenvaller (circa 340 duizend euro) omdat de ramingsbijstelling op de ontvangsten niet volledig tot realisatie is gekomen.
Niet-kaderrelevant
Meevaller ontvangsten voorschot gemeenten
Dit betreft een meevaller van circa 10,8 miljoen euro doordat sommige gemeenten in 2024 een hoger voorschot hebben ontvangen dan de uiteindelijk verantwoorde kosten voor de opvang van ontheemden. Deze gemeenten hebben het teveel ontvangen voorschot in 2025 terugbetaald.
Overig niet-kaderrrelevant
Dit betreffen enkele kleine ontvangsten op het apparaat en de terugvordering van een subsidie waarvoor een te hoog voorschot was verstrekt.
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (inclusief Staten-Generaal, Hoge Colleges van Staat, Koninkrijksrelaties en BES-fonds)
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
VII Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
5.084
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 181
Stand Najaarsnota
4.903
Meevallers
‒ 483
Materiële uitgaven (apparaat)
‒ 13
Eigen personeel (apparaat)
‒ 17
Kwijtschelding publieke schulden herstel Toeslagen
‒ 17
Externe inhuur (apparaat)
‒ 22
Groningen
‒ 367
Overige meevallers
‒ 46
Tegenvallers
19
Tegenvallers
19
Overboekingen met andere begrotingen
‒ 1
Overboekingen met andere begrotingen
‒ 1
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
4.438
VII Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
1.772
Mutaties t/m Najaarsnota
120
Stand Najaarsnota
1.891
Meevallers
11
Meevallers
11
Tegenvallers
‒ 195
Rijksorganisatie voor Informatiehuishouding
‒ 22
Ontvangsten NAM NPG
‒ 25
Ontvangsten NAM
‒ 148
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
1.707
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025. Onderstaand zijn de posten met meer dan 10 miljoen over- en onderschrijding toegelicht.
Meevallers
Materiële uitgaven (apparaat)
De uitgaven aan ICT zijn ten opzichte van de 2e suppletoire begroting 2025 13 miljoen euro lager uitgevallen. De onderschrijding wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere uitgaven voor de ICT van de Rijksorganisatie voor Informatiehuishouding (RvIHH).
Eigen personeel (apparaat)
De uitgaven aan eigen personeel zijn ten opzichte van de 2e suppletoire begroting 2025 17 miljoen euro lager uitgevallen. De onderuitputting wordt veroorzaakt doordat niet alle openstaande vacatures ingevuld konden worden.
Kwijtschelding publieke schulden herstel Toeslagen
Waterschappen en gemeenten schelden (belasting)schulden van gedupeerden van de Kinderopvangtoeslagaffaire kwijt. Het Rijk compenseert deze kwijtschelding. Compensatie vindt plaats op basis van nacalculatie (werkelijke kosten). Er is sprake van onderuitputting van 17 miljoen euro doordat de uitgaven en de inkomstenderving als gevolg van de kwijtschelding bij gemeenten en waterschappen lager uitvielen dan begroot.
Externe inhuur (apparaat)
De onderschrijding bij de uitgaven aan externe inhuur van 22 miljoen euro is voornamelijk toe te schrijven aan de NCG. Er is in 2025 minder ingehuurd dan bij de 1e suppletoire begroting 2025 verwacht.
Groningen
Op het begrotingsartikel Een veilig Groningen met perspectief is in totaal 367 miljoen euro minder uitgegeven dan begroot bij de Najaarsnota. Dit ziet met name op de schadeafhandeling en de versterkingsoperatie. Het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) heeft 35 miljoen euro minder uitgegeven aan vergoedingen voor fysieke schade dan begroot. Er zijn meer aanvragen afgehandeld dan geraamd, maar de gemiddelde schadevergoeding is lager dan vooraf ingeschat. De uitgaven voor de versterkingsoperatie zijn moeilijk te voorspellen, waardoor het budget lastig te plannen is. Er zijn minder reguliere versterkingsuitgaven gedaan waardoor de realisatie voor de versterkingsopdrachten circa 100 miljoen euro lager uitvalt dan eerder begroot. Ook bij diverse andere regelingen is minder uitgegeven dan eerder geraamd, zoals bij duurzaam herstel (37 miljoen euro) en de Meerjarige regeling‘leefbaarheid en wijkontwikkeling’ en ‘clustering en gebiedsfonds’ (27 miljoen euro).
Overige meevallers
Dit betreffen diverse kleinere meevallers van minder dan 10 miljoen euro. De grootste posten betreffen lagere bijdragen aan Logius vanwege het ontbreken van verantwoordingen en minder uitgaven aan de doorontwikkeling Rijksbrede ICT-voorziening.
Tegenvallers
Overige tegenvallers
Dit betreffen diverse kleinere tegenvallers van minder dan 10 miljoen euro. Hierin zit onder andere een overschrijding van bijdragen aan ICTU.
Overboekingen met andere begrotingen
Dit betreft twee overboekingen waarvan de grootste een overheveling naar het BTW-compensatiefonds is.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Overige meevallers
Dit betreffen diverse kleinere meevallers. De grootste posten hebben betrekking op het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) en veiligheidsonderzoeken.
Tegenvallers
Rijksorganisatie voor informatiehuishouding
Zowel de ontvangsten als de uitgaven van de Rijksorganisatie voor informatiehuishouding (RvIHH) waren lager dan begroot.
Ontvangsten NAM NPG
De NAM heeft aangegeven de bijdrage aan het Nationaal programma Groningen niet meer te voldoen. Hierdoor zijn er minder ontvangsten binnengekomen op de bijdrage NAM Nationaal Programma Groningen dan eerder begroot.
Ontvangsten NAM
De gerealiseerde ontvangsten van de NAM voor schade en versterken worden bij slotwet bijgesteld op basis van de realisatiegegevens van de uitvoerders IMG en NCG. Er zijn minder ontvangsten voor schade en versterken, omdat er minder uitgaven tegenover hebben gestaan.
Staten-Generaal
IIA Staten-Generaal: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
267
Mutaties t/m Najaarsnota
25
Stand Najaarsnota
291
Meevallers
‒ 14
Apparaat Tweede Kamer
‒ 11
Overige meevallers
‒ 3
Tegenvallers
1
Tegenvallers
1
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
279
IIA Staten-Generaal: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
4
Mutaties t/m Najaarsnota
11
Stand Najaarsnota
15
Meevallers
2
Meevallers
2
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
17
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Apparaat Tweede Kamer
Deze onderbesteding van 11 miljoen euro is grotendeels het gevolg van vertragingen in de uitvoering van diverse investerings- en aanbestedingstrajecten. Bij de Dienst Automatisering is een aantal investeringsprojecten doorgeschoven naar 2026, omdat het binnen de beschikbare capaciteit en de geldende aanbestedingsprocedures niet mogelijk bleek om deze projecten eerder te starten. Ook de geplande investering in scanstraten is, als gevolg van aanbestedingsgerelateerde knelpunten, doorgeschoven naar 2026.
Overige meevallers
Dit betreft de som van diverse kleinere meevallers van minder dan 1 miljoen euro.
Tegenvallers
Dit betreft de som van diverse kleinere tegenvallers van minder dan 1 miljoen euro.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Dit betreft de som van diverse kleinere meevallers van minder dan 1 miljoen euro.
Overige Hoge Colleges van Staat
IIB Overige Hoge Colleges van Staat: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
192
Mutaties t/m Najaarsnota
17
Stand Najaarsnota
209
Meevallers
‒ 20
De Nationale Ombudsman
‒ 4
Bestuursrechtspraak Raad van State
‒ 5
Kiesraad
‒ 5
Overige meevallers
‒ 7
Tegenvallers
14
Tegenvallers
14
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
202
IIB Overige Hoge Colleges van Staat: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
6
Mutaties t/m Najaarsnota
1
Stand Najaarsnota
7
Meevallers
5
Kiesraad
3
Overige meevallers
2
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
12
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Bestuursrechtspraak Raad van State
De Raad van State heeft zich in 2025 ingespannen om meer juristen te werven. Desondanks heeft dit in 2025 niet tot volledige uitputting van het budget geleid.
Overige meevallers
Dit betreft de som van diverse kleinere meevallers van minder dan 1 miljoen euro.
Tegenvallers
Dit betreft de som van diverse kleinere tegenvallers van minder dan 1 miljoen euro.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Kiesraad
Zoals in de veegbrief van 15 december 2025 (Kamerstuk 36.800-VII, nr. 17) vermeld heeft de rechtbank in september 2025 uitspraak gedaan in de bodemprocedure die de Kiesraad aanhangig had gemaakt. De Kiesraad wordt in de uitspraak van de rechtbank in het gelijkgesteld. Tevens blijkt uit dit vonnis dat de leverancier het vooruitbetaalde voorschot dient terug te storten. Hierdoor heeft de Kiesraad circa 3 miljoen euro meer aan ontvangsten dan geraamd.
Overige meevallers
Dit betreft de som van diverse kleinere meevallers van minder dan 1 miljoen euro.
Koninkrijksrelaties
IV Koninkrijksrelaties: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
263
Mutaties t/m Najaarsnota
8
Stand Najaarsnota
271
Meevallers
‒ 18
BMKB middelen
‒ 1
Niet aangekocht pand Vertegenwoordiging op Curaçao (VNACS)
‒ 2
Materiële uitgaven uitvoeringsorganisaties SSO CN
‒ 3
Opdrachten Caribisch Nederland
‒ 4
Overige meevallers
‒ 8
Tegenvallers
5
Tegenvallers
5
Generaal dossier
‒ 9
Wisselkoers
‒ 9
Niet-kaderrelevant
‒ 16
Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten
‒ 17
Overig niet-kaderrelevant
1
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
232
IV Koninkrijksrelaties: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
205
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 94
Stand Najaarsnota
111
Meevallers
54
Rente op lening Sint Maarten en Aruba
54
Tegenvallers
‒ 2
SSO CN
‒ 3
Overige tegenvallers
0
Niet-kaderrelevant
38
Renteontvangsten Curacao
110
Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
‒ 72
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
201
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
BMKB middelen
De risicoreserve voor de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) is per abuis niet in de begrotingsreserve gestort. Dit betreft 1 miljoen euro.
Niet aangekocht pand Vertegenwoordiging op Curaçao (VNACS)
Deze onderuitputting van 2 miljoen euro is ontstaan doordat het pand waarin de Vertegenwoordiging op Curaçao (VNACS) is gehuisvest, niet in 2025 is aangekocht.
Materiële uitgaven uitvoeringsorganisaties SSO CN
De onderuitputting van 3 miljoen euro wordt deels veroorzaakt doordat personele kosten en materiële kosten in de laatste maanden van het jaar verder uit elkaar liepen dan geraamd. Daarnaast hebben er enkele trajecten vertraging opgelopen.
Opdrachten Caribisch Nederland
Er zijn minder opdrachten, subsidies en bijdragen verstrekt dan verwacht in 2025. Het gaat om een bedrag van 4 miljoen euro. Dit komt omdat enkele trajecten vertraging hebben opgelopen.
Overige meevallers
Dit betreft de som van enkele mutaties met een beperkte omvang, zoals vertraging in de uitvoering van opdrachten en subsidies bij de Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) en de lagere kosten van uitzendingen naar het Caribisch gebied ter versterking van de rechterlijke macht bij de openbaar ministeries en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.
Tegenvallers
Dit betreft de som van enkele mutaties met een beperkte omvang, zoals hoger uitgevallen bijdragen aan Caribisch nederland en een hogere afdracht aan de Koninklijke Marechaussee.
Generaal dossier
Wisselkoers
Dit betreft een meevaller op de wisselkoers van 9 miljoen euro.
Niet-kaderrelevant
Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten
De lening die Nederland heeft verstrekt aan Curaçao, op basis van de in de Rijkswet financieel toezicht opgenomen zogenaamde lopende inschrijving, ter financiering van investeringen, is lager uitgevallen dan bij 2e suppletoire begroting 2025 werd verwacht. De bijstelling betreft 17 miljoen euro.
Overig niet-kaderrelevant
Dit betreft de som van enkele mutaties met een beperkte omvang.
Ontvangsten
Meevallers
Rente op lening Sint Maarten en Aruba
Per abuis zijn de renteontvangsten van Sint Maarten en Aruba niet juist geraamd. Dit leidt tot een meevaller van 54 miljoen euro.
Tegenvallers
SSO CN
De ontvangsten van SSO CN zijn 3 miljoen euro lager dan initieel geraamd doordat enkele ontvangsten niet in 2025 gerealiseerd zijn.
Overige tegenvallers
De ontvangsten zijn 0,3 miljoen euro lager gerealiseerd dan begroot.
Niet-kaderrelevant
Renteontvangsten Curacao
Per abuis zijn de renteontvangsten van Curaçao niet juist geraamd. Daarnaast heeft Curaçao incidenteel extra afgelost op de leningen. Om deze reden worden de ontvangsten in 2025 met circa 110 miljoen euro verhoogd.
Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
De daadwerkelijk gerealiseerde ontvangsten bedragen in totaal 72 miljoen euro.
BES-fonds
BES-fonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
89
Mutaties t/m Najaarsnota
10
Stand Najaarsnota
99
Meevallers
‒ 5
Wisselkoers
‒ 5
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
94
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Wisselkoers
De onderschrijding op de uitgaven wordt veroorzaakt door een meevaller op de wisselkoers van circa 5 miljoen euro.
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
XXII Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
9.387
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 222
Stand Najaarsnota
9.165
Meevallers
‒ 377
Ouderenhuisvesting
‒ 9
Opschalen woningbouw
‒ 10
Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT)
‒ 10
Grootschalige Rijksprojecten
‒ 12
Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH)
‒ 22
Woningbouwimpuls
‒ 64
Huurtoeslag
‒ 123
Overige meevallers
‒ 127
Tegenvallers
8
Tegenvallers
8
Overboekingen met andere begrotingen
‒ 17
Afdrachten BTW-compensatiefonds
‒ 17
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
8.780
XXII Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
484
Mutaties t/m Najaarsnota
315
Stand Najaarsnota
798
Meevallers
42
Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit
23
Woningmarkt (flexwoningen)
19
Tegenvallers
‒ 40
Vertraagde plaatsing flexwoningen
‒ 5
Afrekening Rijksvastgoedbedrijf
‒ 33
Overige tegenvallers
‒ 1
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
801
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
De onderstaande meevallers geven substantiële onderuitputting (circa 10 miljoen euro of meer) op de verschillende begrotingsreeksen weer. De tabel is exclusief onderuitputting die al bij de Najaarsnota 2025 is afgeboekt.
Ouderenhuisvesting
De Stimuleringsregeling ontmoetingsruimten in ouderenhuisvesting (SOO) heeft circa 9 miljoen euro aan onderuitputting omdat het aantal omgevingsvergunningen lager is dan vooraf ingeschat. Dit komt doordat het lastig blijkt voor de aanvragers om vergunningen tijdig te regelen vanwege aangescherpte wet- en regelgeving en lokaal draagvlak. De betaling van het voorschot vindt plaats nadat de omgevingsvergunning of een tweezijdig ondertekende overeenkomst wordt aangeleverd.
Opschalen woningbouw
Er zijn minder subsidies aangevraagd en toegekend op het gebied van industrieel bouwen of innovatie in de bouw dan vooraf was ingeschat (circa 10 miljoen euro).
Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT)
Er is 10 miljoen euro minder uitgegeven aan de SFT doordat het aantal aanvragen en plaatsingen van deze woningen achter bleef bij het beschikbare budget. De vraag bleef achter omdat het lastig blijkt voor gemeenten om de businesscase voor met name flexwoningen rond te krijgen en door gebrek aan lokaal draagvlak.
Grootschalige Rijksprojecten
Het Rijksvastgoedbedrijf is in 2024 gestart met Fase 1 van het grootschalige woningbouwproject Zuiderhage in Lelystad. Door vertraging binnen het project, is er in 2025 circa 12 miljoen euro minder aan uitgaven gerealiseerd dan geraamd.
Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH)
RVO heeft de nieuwe openstelling eind november niet op tijd kunnen afhandelen en toekennen (circa 18 miljoen euro). Daarnaast is 3,2 miljoen euro aan eerdere aanvragen niet meer vastgesteld. Deze zijn uitgesteld en worden volgend jaar vastgesteld en betaald.
Woningbouwimpuls (WBI)
Voor de regeling Woningbouwimpuls (WBI) zijn er voor ca. 64 miljoen euro minder middelen aangevraagd dan er eerder is geraamd. Dit komt onder andere omdat er tegelijkertijd andere regelingen konden worden aangevraagd (bijvoorbeeld de Woningbouw op Korte Termijn regeling) en de opening van het WBI loket in het zomerreces viel. Bij het debat over de Najaarsnota 2025 is amendement Flach (36 850 XXII, nr. 8) aangenomen dat verzoekt om de onderuitputting op de woningbouwimpuls (57 miljoen euro) beschikbaar te houden voor de WBI in 2026.
Huurtoeslag
De onderuitputting op de uitgaven aan de huurtoeslag (123 miljoen euro) komt voornamelijk doordat de inkomensontwikkeling voor bovenminimale inkomens hoger was dan verwacht.
Overige meevallers
Dit betreffen diverse posten met onderuitputting van minder dan 10 miljoen euro, waaronder minder uitgaven aan het Nationale Isolatie Programma (Lokale aanpak woningisolatie, circa 8 miljoen euro), het gebiedsbudget regio Eindhoven (circa 6 miljoen euro) en aan de Renovatieversneller (circa 6 miljoen euro).
Tegenvallers
Dit betreffen verschillende tegenvallers op de uitgaven van minder dan 10 miljoen euro.
Overboekingen met andere begrotingen
Diverse afdrachten BTW-compensatiefonds
Aan het einde van 2025 heeft VRO verschillende afdrachten aan het BTW-compensatiefonds gedaan (in totaal 17 miljoen euro). De grootste afdracht is voor Regiodeals (9,8 miljoen euro).
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Energietransitie gebouwde omgeving
Vanuit diverse regelingen is er totaal €23,3 mln. meer ontvangen dan geraamd. Dit zijn voornamelijk ontvangsten als gevolg van lagere subsidievaststellingen.
Woningmarkt (flexwoningen)
Deze post betreft een betaling vanuit het Rijksvastgoedbedrijf voor de verrekening van de opbrengst van de verkochte flexwoningen in 2025 (circa 19 miljoen euro).
Tegenvallers
Vertraagde plaatsing flexwoningen
Er zijn voor circa 5 miljoen euro minder aan ontvangsten gerealiseerd dan in de tweede suppletoire begroting is geprognosticeerd. Dit komt door de vertraagde plaatsing van de door het Rijksvastgoedbedrijf ingekochte flexwoningen.
Afrekening Rijksvastgoedbedrijf
Een deel van de ontvangsten van de definitieve afrekening van 2024 van de bevoorschotting aan het RVB, die bij de eerste suppletoire begroting 2025 zijn opgeboekt, is niet ontvangen. Deze ontvangsten vinden plaats in 2026 (circa 33 miljoen euro).
Overige tegenvallers
Dit betreffen verschillende tegenvallers op de ontvangsten van minder dan 10 miljoen euro.
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
VIII Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
57.597
Mutaties t/m Najaarsnota
2.212
Stand Najaarsnota
59.808
Meevallers
‒ 306
Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid
‒ 8
Opdrachten funderend onderwijs
‒ 8
Apparaat
‒ 15
Onderwijshuisvesting Caribisch Nederland (CN)
‒ 15
Subsidies Funderend Onderwijs
‒ 18
Regionaal Programma mbo
‒ 31
Nationaal Groeifonds (NGF)
‒ 32
Maatschappelijke diensttijd
‒ 33
Studiefinanciering
‒ 45
Bekostiging primair onderwijs
‒ 64
Overige meevallers
‒ 37
Tegenvallers
12
Bekostiging voortgezet onderwijs
8
Overige tegenvallers
5
Technisch
7
Technisch
7
Niet-kaderrelevant
10
Studiefinanciering niet-kaderrelevant
20
Studiefinanciering niet-saldorelevant
‒ 10
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
59.532
VIII Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
2.274
Mutaties t/m Najaarsnota
1.084
Stand Najaarsnota
3.358
Meevallers
35
Samenwerkingsverbanden primair onderwijs
16
COVID-middelen
6
Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid
6
Overige meevallers
8
Tegenvallers
‒ 21
Lesgeld
‒ 8
Subsidieregeling Instandhouding Monumenten
‒ 11
Overige tegenvallers
‒ 2
Generaal dossier
9
Rente studieleningen
9
Technisch
7
Technisch
7
Niet-kaderrelevant
‒ 20
Studiefinanciering niet-saldorelevant
‒ 20
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
3.368
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid
De meevaller op Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid wordt veroorzaakt doordat bij de zij-instroom (4,5 miljoen euro) en lerarenbeurs (3,4 miljoen euro) minder aanvragen zijn gedaan dan begroot.
Opdrachten funderend onderwijs
De meevaller op opdrachten funderend onderwijs wordt voornamelijk veroorzaakt door vertraagde trajecten, onder andere bij het verbeteren van basisvaardigheden en het verminderen van schoolverzuim. De meevaller bestaat uit 3,7 miljoen euro in het primair onderwijs en 4,4 miljoen euro in het voortgezet onderwijs.
Apparaat
De meevaller op apparaat van 15,1 miljoen euro is een optelsom van met name overschotten bij verschillende directies en dienstonderdelen. Deze overschotten worden deels veroorzaakt doordat vacatures (met name op het terrein van de expertisegebieden, zoals inspecteurs, veiligheid en ICT) moeilijk of niet te vervullen zijn of niet worden ingevuld vanwege de taakstelling op de apparaatsbudgetten van het kabinet Schoof.
Onderwijshuisvesting Caribisch Nederland (CN)
Door vertraging in de renovatie van onderwijshuisvesting in CN komt 14,6 miljoen euro niet tot besteding in 2025. Deze vertraging is het gevolg van onder andere prijsstijgingen en beschikbaarheid van bouwmaterialen.
Subsidies Funderend Onderwijs
De meevaller van 17,7 miljoen euro wordt gedeeltelijk verklaard door minder benodigde subsidie voor Kennisnet en de stichting Nederlands Onderwijs in het Buitenland. Daarnaast was er vertraging van trajecten zoals de invoering van een nieuw curriculum en het wetsvoorstel Onderwijs aan Zieke Leerlingen. De vertraging van de invoering van het nieuwe curriculum is het gevolg van de motie Soepboer C.S. om het aantal kerndoelen terug te brengen.
Regionaal Programma mbo
Door uitstel van het wetsvoorstel School naar Duurzaam werk zijn 30,6 miljoen euro voor het Regionaal Programma voor mbo-scholen in 2025 niet besteed.
Nationaal Groeifonds (NGF)
Op verschillende NGF-projecten is in totaal 32 miljoen euro van het subsidie-budget in 2025 niet besteed. Het gaat onder andere om 14,8 miljoen euro bij NGF-project LLO Katalysator, 4,2 miljoen euro bij NGF-project Digitale Impuls (Npuls), 3,9 miljoen euro bij NGF-project Techkwadraat en 3,2 miljoen euro bij NGF-project Ontwikkelkracht. Voor de projecten onder Npuls en LLO Katalysator geldt dat de subsidieaanvragen later dan verwacht zijn ontvangen.
Maatschappelijke diensttijd
Op de Maatschappelijke Diensttijd is in totaal 32,9 miljoen euro onderuitputting. Dit komt voor 20,7 miljoen euro doordat enkele betalingen niet meer voor het einde van het jaar konden worden afgerond en voor 11,9 miljoen euro doordat niet alle subsidieaanvragen voldeden aan de voorwaarden. Bij de Najaarsnota 2025 is eerder een tegenvaller van 5 miljoen euro gemeld omdat een aantal aanvragen, na bezwaar, alsnog moest worden toegekend.
Studiefinanciering
Er zijn verschillende bijstellingen gedaan in het budget studiefinanciering die optellen tot een meevaller van 45,1 miljoen euro. Zo is het budget voor de basisbeurs gift met 21,5 miljoen euro verlaagd. Dit is een gevolg van lager dan verwachte realisaties. Ook is het budget voor de aanvullende beurs gift met 4,1 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Dit komt door lagere realisaties dan verwacht. Daarnaast is er meer tijd nodig geweest voor DUO om de organisatie op te zetten voor de hersteloperatie uitwonendenbeurs. Hierdoor wordt er 8,3 miljoen euro minder uitgegeven dan geraamd. Tot slot is er onderuitputting op de compensatie kinderopvangtoeslag van 11,3 miljoen euro. De uitvoering van de hersteloperatie duurt langer dan gedacht, waardoor de kwijtschelding van DUO-schulden bij gedupeerden later in de tijd plaatsvindt.
Bekostiging primair onderwijs
Op de bekostiging van het primair onderwijs treedt een meevaller op van in totaal 64 miljoen euro. Deze meevaller wordt allereerst veroorzaakt door een lager dan geraamde prijsontwikkeling (31,1 miljoen euro). Daarnaast zijn er minder leerlingen dan verwacht. Dit resulteert in een verlaging van 14,7 miljoen euro op de aanvullende bekostiging voor nieuwkomers en een verlaging van 24,3 miljoen euro op bekostiging voor zware ondersteuning. Tot slot leidt een hoger aantal nieuwe scholen dan begroot tot een tegenvaller van 9,2 miljoen euro.
Overige meevallers
De overige 37,4 miljoen euro aan meevallers bestaat uit een groot aantal kleinere posten, waaronder de bijdrage aan het College voor Toetsen en Examens (4,0 miljoen euro), de subsidieregeling Nationale Coördinatie (3,0 miljoen euro) en de bekostiging voor archieven (2,0 miljoen euro).
Tegenvallers
Bekostiging voortgezet onderwijs
Op de bekostiging voor het voortgezet onderwijs treedt per saldo een tegenvaller van 8 miljoen euro op. Oorzaken zijn hogere kosten voor startende scholen (10,5 miljoen euro), meer nieuwkomers (5,5 miljoen euro) en extra uitgaven op de bekostiging voor geïsoleerde vestigingen en vestigingen met een breed onderwijsaanbod. Deze tegenvaller wordt deels gecompenseerd door een meevaller van 15 miljoen euro door minder reguliere leerlingen dan verwacht.
Overige tegenvallers
De overige 4,6 miljoen euro aan tegenvallers bestaat uit een groot aantal kleinere posten, waaronder de subsidie aan de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (1,7 miljoen euro) en de opdrachten onder het Fonds onderzoek en wetenschap (1,1 miljoen euro).
Technisch
Technisch
Op basis van de Indemniteitsregeling moet OCW schade vergoeden die is ontstaan door de kunstroof uit het Drents Museum. Voor deze schadevergoeding van 5,7 miljoen euro wordt de begrotingsreserve voor de indemniteit aangesproken. Deze reserve is onderdeel van het Museaal Aankoopfonds. De overige 1,1 miljoen euro aan technische mutaties bestaat uit een desaldering van een terugbetaalde subsidie op het NGF-project LLO-Katalysator (1,0 miljoen euro) en een desaldering ten behoeve van de begrotingsreserve achterborgstelling Nationaal Restauratiefonds (NRF) (0,1 miljoen euro).
Niet-kaderrelevant
Studiefinanciering niet-kaderrelevant
Op de budgetten voor de studiefinanciering hebben zich verschillende niet-kaderrelevante ontwikkelingen voorgedaan die optellen tot een tegenvaller van 20,3 miljoen euro. Een tegenvaller van 48,5 miljoen euro wordt veroorzaakt doordat er meer uitgaven voor de basisbeurs prestatiebeurs zijn gerealiseerd dan geraamd (32 miljoen euro) en minder naar gift is omgezet dan geraamd (18,5 miljoen euro). Tegelijkertijd is er een meevaller van 28,5 miljoen euro, door een neerwaartse bijstelling op de uitgaven aan de aanvullende beurs prestatiebeurs en niet relevante reisvoorziening.
Studiefinanciering niet-saldorelevant
De niet-saldorelevante uitgaven zijn met 9,9 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Dit komt voornamelijk doordat de niet-saldorelevante overige uitgaven met 6,7 miljoen euro naar beneden zijn bijgesteld en de niet-relevante uitgaven op het collegegeldkrediet met 2,3 miljoen euro naar beneden zijn bijgesteld. De reden hiervoor is onder andere dat er in 2024 minder is geleend dan geraamd.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Samenwerkingsverbanden primair onderwijs
Door een gerechtelijke uitspraak is een eerdere generieke korting op de samenwerkingsverbanden teruggedraaid. Hierdoor is ook de bijbehorende compensatie van 15,8 miljoen euro die aan de samenwerkingsverbanden was uitgekeerd teruggedraaid. Omdat deze in een eerder begrotingsjaar was uitgekeerd, komt deze als ontvangst binnen op de begroting.
COVID-middelen
Er is in totaal een meevaller op de COVID-ontvangsten 6 miljoen euro als gevolg van het terugvorderen van niet gebruikte middelen. Dit gaat o.a. om middelen die bestemd waren voor het Mondriaanfonds (2,8 miljoen euro) en voor het Filmfonds (1,6 miljoen euro).
Subsidies arbeidsmarkt en personeelsbeleid
De extra ontvangen middelen zijn het gevolg van drie posten: 1,8 miljoen euro uit de inmiddels beëindigde promotiebeurs voor leraren, 1,8 miljoen euro uit de regeling onderwijsregio’s na een uitgebreide controle en 1,7 miljoen euro uit terugvorderingen op de regeling Subsidieregeling onderwijspersoneel opleiding tot leraar (SOOL).
Overige meevallers
De overige 7,8 miljoen euro aan meevallers bestaat uit een groot aantal kleinere posten, waaronder hogere ontvangsten doordat scholen minder hebben aangevraagd bij het programma schoolmaaltijden dan geraamd (2,1 miljoen euro) en terugvorderingen op een aantal subsidies onder het onderzoek en wetenschapsbeleid (2,5 miljoen euro).
Tegenvallers
Lesgeld
Er is minder lesgeld (8,3 miljoen euro) ontvangen dan verwacht. Dit komt door minder bol-studenten en door een lager inningspercentage.
Subsidieregeling Instandhouding Monumenten
Het ontvangstenbudget voor artikel 14 Cultuur is eerder verhoogd met 10,8 miljoen euro voor de Subsidieregeling Instandhouding Monumenten. Deze ontvangst is in 2025 abusievelijk niet gerealiseerd.
Overige tegenvallers
De overige 2,2 miljoen euro aan tegenvallers bestaat uit een groot aantal kleinere posten, waaronder een aantal terugvorderingen (1,5 miljoen euro) van de subsidieregeling Tel mee met Taal.
Generaal dossier
Rente studieleningen
Uit realisatiegegevens van DUO blijkt dat de renteontvangsten 9,0 miljoen euro hoger zijn dan geraamd.
Technisch
Technisch
Op basis van de Indemniteitsregeling moet OCW schade vergoeden die is ontstaan door de kunstroof uit het Drents Museum. Voor deze schadevergoeding van 5,7 miljoen euro wordt de begrotingsreserve voor de indemniteit aangesproken. Deze reserve is onderdeel van het Museaal Aankoopfonds. De overige 1,1 miljoen euro aan technische mutaties bestaat uit een desaldering van een terugbetaalde subsidie op het NGF-project LLO-Katalysator (1,0 miljoen euro) en een desaldering ten behoeve van de begrotingsreserve achterborgstelling (0,1 miljoen euro).
Niet-kaderrelevant
Studiefinanciering niet-saldorelevant
De niet-saldorelevante ontvangsten op de studiefinanciering zijn met 19,9 miljoen euro naar beneden bijgesteld, doordat studenten minder hebben afgelost op hun leningen dan vooraf geraamd.
Financiën (incl. Nationale Schuld)
Financiën
IXB Financiën: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
27.662
Mutaties t/m Najaarsnota
1.614
Stand Najaarsnota
29.276
Meevallers
‒ 142
Meevaller apparaat Toeslagen
‒ 6
Meevaller apparaat
‒ 9
EIB pan-Europees garantiefonds
‒ 13
Meevaller apparaat Toeslagen Herstel
‒ 18
Meevaller Belastingdienst
‒ 19
Programmamiddelen Toeslagen Herstel
‒ 70
Overige meevallers
‒ 7
Tegenvallers
224
Btw-compensatiefonds
198
Afdrachten Staatsloterij
22
Tegenvaller Douane
4
Overige tegenvallers
0
Overboekingen met andere begrotingen
18
Overboekingen BCF
18
Technisch
21
Technisch
21
Niet-kaderrelevant
‒ 3.907
Belasting- en invorderingsrente
13
Schade-uitkering ekv
‒ 16
Lening TenneT
‒ 900
Kapitaalinjectie TenneT
‒ 3.000
Overig niet-kaderrelevant
‒ 3
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
25.490
IXB Financiën: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
3.658
Mutaties t/m Najaarsnota
1.974
Stand Najaarsnota
5.632
Meevallers
109
Meevaller niet-belastingontvangsten
40
Afdrachten Staatsloterij
22
Dividenden staatsdeelnemingen
14
Schaderestituties EKV
9
Meevaller apparaatsontvangsten
7
Overige meevallers
17
Tegenvallers
‒ 18
Tegenvaller apparaatsontvangsten Belastingdienst
‒ 10
Overige tegenvallers
‒ 8
Technisch
21
Technisch
21
Niet-kaderrelevant
627
Verkoop aandelen ABN AMRO
544
Meevaller belasting- en invorderingsrente
55
Toename munten in omloop
20
Renteontvangsten lening TenneT
4
Overig niet-kaderrelevant
3
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
6.370
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Meevaller apparaat toeslagen
De apparaatsuitgaven van toeslagen vallen 6 miljoen euro lager uit dan eerder voorzien. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere uitgaven aan externe inhuur door verambtelijking.
Meevaller apparaat
De apparaatsuitgaven van het kerndepartement vallen 9 miljoen euro lager uit dan eerder voorzien. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door arbeidsmarktkrapte die effect heeft op het vervullen van eigen vacatures.
EIB pan-Europees garantiefonds
De netto-verliezen voor Nederland van het EIB pan-Europees garantiefonds zijn 13 miljoen euro lager uitgevallen dan verwacht.
Meevaller apparaat Toeslagen Herstel
De apparaatsuitgaven van Toeslagen Herstel vallen 18 miljoen euro lager uit door verambtelijking van externe inhuur en vertraging in de uitvoering van de programma’s Herstel Toeslagen.
Meevaller Belastingdienst
De uitgaven van de Belastingdienst vallen per saldo 19 miljoen euro lager uit dan eerder voorzien. Dit zit voornamelijk op ICT-opdrachten. Een aantal betalingen valt over de jaargrens heen.
Programmamiddelen Toeslagen Herstel
Er is sprake van aanvullende onderuitputting van 70 miljoen euro op programmamiddelen van Toeslagen Herstel. Dit komt met name door minder aanmeldingen en een lagere productie van de aanvullende schaderoutes in 2025 (42 miljoen euro). Daarnaast waren er aan het einde van het jaar met name minder declaraties door gemeenten bij de SPUK brede ondersteuning dan begroot bij de Najaarsnota (22 miljoen euro).
Overige meevallers
Dit betreffen enkele beperkte meevallers waaronder circa 2 miljoen euro minder uitgaven dan begroot. Dit is voornamelijk te wijden aan de schadeloosstellingsprocedure tegen de Nederlandse staat aangespannen door Conservatrix Groep S.a.r.l..
Tegenvaller
Btw-compensatiefonds
De bijdrage aan provincies en gemeenten is 198 miljoen euro hoger uitgevallen, omdat er meer btw is gedeclareerd dan geraamd. Het is op voorhand niet exact vast te stellen hoe veel btw provincies en gemeenten declareren. Overschotten op dit artikel worden bij de Voorjaarsnota verrekend met het Gemeente- en Provinciefonds.
Afdrachten Staatsloterij
De post afdrachten Staatsloterij is met 22 miljoen euro bijgesteld, omdat de afdrachten uit de Staatsloterij hoger waren dan begroot. Om te voldoen aan de Wet op de kansspelen wordt in de begroting en verantwoording een technische post voor afdrachten Staatsloterij opgenomen bij zowel de uitgaven, betalingsverplichtingen als de ontvangsten ter hoogte van de afdrachten van de Staatsloterij.
Tegenvallers Douane
Bij Douane leiden onder andere hogere apparaatsuitgaven per saldo tot een overschrijding van circa 4 miljoen euro. Deze hogere uitgaven zijn met name een gevolg van een hoger dan verwachte personeelsinstroom en daarmee een hogere bezettingsgraad.
Overige tegenvallers
Dit betreft een enkele beperkte tegenvallers waaronder een overschrijding van 3 miljoen euro op externe inhuur voor het kerndepartement.
Overboekingen met andere begrotingen
Overboekingen met BCF
Dit betreffen verschillende overboekingen van andere begrotingen naar het Btw-compensatiefonds (BCF).
Technisch
Technisch
Dit betreft een totaal van meerdere desalderingen en daarnaast enkele technische mutaties die per saldo op nul sluiten
Niet-kaderrelevant
Schade-uitkering ekv
Er is 16 miljoen euro minder schade uitgekeerd dan begroot. Bij de exportkredietverzekering (ekv) zijn schades moeilijk te ramen vanwege het onvoorspelbare karakter van de ekv-portefeuille. Het al dan niet materialiseren van één schadezaak kan een grote impact hebben op de realisatie ten opzichte van het begrote bedrag. In de laatste maanden hebben zich minder schades gematerialiseerd dan begroot.
Lening TenneT
TenneT heeft niet het volledige bedrag van de lening getrokken in 2025. Het betreft een bedrag van 900 miljoen euro minder dan eerder geraamd.
Kapitaalinjectie TenneT
De reservering voor de kapitaalinjectie in TenneT Duitsland valt vrij omdat de kapitaalbehoefte van TenneT Duitsland is ingevuld via het aantrekken van private investeerders.3
Overig niet-kaderrelevant
Dit betreft meerdere niet-kaderrelevante uitgaven waaronder een tegenvaller van 13 miljoen euro op de uitvoeringskosten (apparaat en ICT) van de belasting- en invorderingsrente.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Meevaller niet-belastingontvangsten
Dit betret een meevaller op de niet-belastingontvangsten van de Belastingdienst bij zowel doorbelasten kosten vervolging (17 miljoen euro) als boetes en schikkingen (23 miljoen euro).
Afdrachten Staatsloterij
De post afdrachten Staatsloterij is met 22 miljoen euro bijgesteld, omdat de afdrachten uit de Staatsloterij hoger waren dan begroot. Om te voldoen aan de Wet op de kansspelen wordt in de begroting en verantwoording een technische post voor afdrachten Staatsloterij opgenomen bij zowel de uitgaven, betalingsverplichtingen als de ontvangsten ter hoogte van de afdrachten van de Staatsloterij.
Dividenden staatsdeelnemingen
De dividendraming wordt met 14 miljoen euro naar boven bijgesteld op basis van de gerealiseerde dividenduitkeringen en de in 2025 ingehouden dividendbelasting.
Schaderestituties EKV
De gerealiseerde schaderestituties ekv zijn 9 miljoen euro hoger dan begroot. Op basis van daadwerkelijk opgelopen (niet-definitieve) schades en de inzet op het verhalen van de schade bij tegenpartijen kan de uiteindelijke stand van de recuperaties afwijken van de ramingen.
Meevaller apparaatsontvangsten
De ontvangsten voor apparaat zijn 7 miljoen euro hoger dan begroot door hogere ontvangsten voor compensatie van zieke medewerkers, hogere verkoopontvangsten van Domeinen Roerende Zaken en hogere ontvangsten voor huisvesting.
Overige meevallers
Dit betreft enkele beperkte meevallers, waaronder circa 2 miljoen euro hogere boeteontvangsten van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandse Bank (DNB) dan begroot.
Tegenvallers
Tegenvaller apparaatsontvangsten Belastingdienst
De apparaatsontvangsten van de Belastingdienst zijn 10 miljoen euro lager uitgevallen dan begroot. Het verschil wordt met name veroorzaakt vanwege lagere verwachte ontvangsten vanuit het UWV gerelateerd aan de Ziektewet en transitievergoedingen.
Overige tegenvallers
Dit betreft enkele beperkte tegenvallers waaronder 4 miljoen euro minder ontvangsten van NL Financial Investments dan begroot.
Technisch
Technisch
Dit betreft een totaal van meerdere desalderingen en daarnaast enkele technische mutaties die per saldo op nul sluiten
Niet-kaderrelevant
Verkoop aandelen ABN AMRO
De Staat bouwt, via NL Financial Investments, haar belang in ABN AMRO af. De verwachte ontvangsten nemen met 544 miljoen euro toe als gevolg van de verkoop van aandelen ABN AMRO door de Staat en de inkoop van deze aandelen door ABN AMRO.
Meevaller belasting- en invorderingsrente
De ontvangsten aan belasting- en invorderingsrente bij de Belastingdienst en de Douane zijn 55 miljoen euro hoger uitgevallen dan eerder geraamd.
Toename munten in omloop
In 2025 zijn er via DNB meer munten in omloop gebracht dan dat er uit omloop zijn teruggekomen. Als gevolg daarvan heeft DNB het afgelopen jaar per saldo een bedrag van 20 miljoen euro aan nominale waarde van in de markt uitgezette munten aan de schatkist toegevoegd.
Renteontvangsten lening TenneT
De renteontvangsten van de lening aan TenneT zijn 4 miljoen euro meer dan begroot.
Overig niet-kaderrelevant
Meerdere niet-kaderrelevante ontvangsten waaronder 5 miljoen euro aan uitkeringen van herverzekerde schades van de ekv.
Nationale Schuld
IXA Nationale schuld: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
33.282
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 1.808
Stand Najaarsnota
31.474
Meevallers
0
Overige kosten schulduitgifte en skb
0
Niet-kaderrelevant
255
Rentelasten kasbeheer
164
Rente vlottende schuld
49
Aflossing vaste schuld
41
Verstrekte leningen
17
Uitgaven bij voortijdige beëindiging
0
Mutatie in rekening courant en deposito
0
Rente vaste schuld
‒ 16
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
31.728
IXA Nationale schuld: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
84.308
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 23.201
Stand Najaarsnota
61.106
Meevallers
0
Overige kosten schulduitgifte en skb
0
Niet-kaderrelevant
343
Mutatie in rekening courant en deposito
5.752
Uitgifte vaste schuld
728
Rente vlottende schuld
84
Ontvangen aflossingen
16
Rentebaten kasbeheer
4
Ontvangsten bij voortijdige beëindiging
0
Mutatie vlottende schuld
‒ 6.241
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
61.449
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Overige kosten schulduitgifte en skb
Deze post bestaat uit diverse mutaties die onder de ondergrens vallen.
Niet-kaderrelevant
Rentelasten kasbeheer
De rentelasten op het kasbeheer zijn 164 miljoen euro hoger uitgevallen, met name doordat er meer middelen door de deelnemers van schatkistbankieren werden aangehouden op de rekeningen-courant en in deposito’s.
Rente vlottende schuld
De rentelasten op de vlottende schuld zijn 49 miljoen euro hoger uitgevallen als gevolg van een hoger dan geraamd rentepercentage.
Aflossing vaste schuld
Eind 2025 is er één staatsobligatie gedeeltelijk vervroegd afgelost. Ook is er sprake van een wisselkoerseffect waardoor er minder is afgelost op de vaste schuld in Amerikaanse dollars. Hierdoor is er per saldo 41 miljoen euro meer afgelost op de vaste schuld.
Verstrekte leningen
Het bedrag aan verstrekte leningen is in totaal 17 miljoen euro hoger dan bij de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Dit komt voornamelijk door een toename in de hoeveelheid middelen die is geleend door agentschappen.
Uitgaven bij voortijdige beëindiging
Deze post bestaat uit diverse mutaties die onder de ondergrens vallen.
Rente vaste schuld
De rentelasten op de vaste schuld zijn 16 miljoen euro lager uitgevallen. Dit is met name het gevolg van het wisselkoersresultaat op de vaste schuld in Amerikaanse dollars.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Overige kosten schulduitgifte en skb
Deze post bestaat uit diverse mutaties die onder de ondergrens vallen.
Niet-kader relevant
Mutatie in rekening courant en deposito
Deelnemers aan schatkistbankieren hebben meer geld aangehouden op hun rekeningen-courant en in deposito’s dan bij de tweede suppletoire begroting werd geraamd. Hierdoor is het saldo van de deze deelnemers met 5,8 miljard euro meer toegenomen dan begroot.
Uitgifte vaste schuld
Van de totale financiering op de kapitaalmarkt wordt aan het begin van het jaar slechts een indicatie gegeven. Afhankelijk van de verwachte financieringsbehoefte in komende jaren, marktomstandigheden en andere exogene factoren wordt aan het einde van het jaar de definitieve financieringsomvang op de kapitaalmarkt bepaald. Uiteindelijk is er 728 miljoen euro meer vaste schuld uitgegeven dan begroot.
Rente vlottende schuld
De rentebaten op vlottende schuld zijn 84 miljoen euro hoger uitgevallen, met name doordat er meer middelen in de geldmarkt zijn uitgezet dan waarmee rekening werd gehouden in de tweede suppletoire begroting.
Ontvangen aflossingen
Sinds de tweede suppletoire begroting is er 16 miljoen euro meer aan leningen afgelost dan werd geraamd. Deelnemers aan schatkistbankieren hebben de mogelijkheid om hun leningen (deels) vervroegd af te lossen, bijvoorbeeld bij verkoop van de activa waarvoor was geleend.
Rentebaten kasbeheer
De rentebaten op het kasbeheer zijn 4 miljoen euro hoger uitgevallen, met name doordat er meer leningen zijn verstrekt aan agentschappen en RWT’s dan geraamd.
Ontvangsten bij voortijdige beëindiging
Deze post bestaat uit diverse mutaties die onder de ondergrens vallen.
Mutatie vlottende schuld
Vanwege een kleiner dan geraamde financieringsbehoefte is er een kleiner beroep gedaan op de geldmarkt. Hierdoor is de mutatie van de vlottende schuld 6,2 miljard euro lager dan geraamd bij de tweede suppletoire begroting.
Defensie (inclusief Defensiematerieelbegrotingsfonds)
Defensie
X Defensie: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
12.244
Mutaties t/m Najaarsnota
2.768
Stand Najaarsnota
15.013
Meevallers
‒ 247
Meevallers
‒ 247
Tegenvallers
154
Tegenvallers
154
Intensiveringen
30
Veegbriefmutaties
30
Niet-kaderrelevant
721
Extra militaire steun aan Oekraïne
700
Oekraïne
21
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
15.670
X Defensie: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
245
Mutaties t/m Najaarsnota
186
Stand Najaarsnota
432
Meevallers
94
Meevallers
94
Tegenvallers
‒ 4
Tegenvallers
‒ 4
Intensiveringen
‒ 9
Veegbriefmutaties
‒ 9
Niet-kaderrelevant
14
Oekraïne
14
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
527
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Dit betreft de onderuitputting die zich na de Najaarsnota heeft voorgedaan. Het grootste deel van de onderuitputting vindt plaats op de personele uitgaven, in totaal voor circa 137 miljoen euro in 2025. De grootste post hiervan betreft het eigen personeel (circa 70 miljoen euro), gevolgd door externe inhuur (circa 27 miljoen euro). Daarnaast is er circa 31 miljoen euro aan onderuitputting ingeboekt op het Budget Internationale Veiligheid (BIV). Het BIV is een voorziening die het mogelijk maakt om op internationale ontwikkelingen te reageren, deze voorziening is in 2025 niet volledig besteed. Ten slotte is er voor circa 25 miljoen euro aan onderuitputting op het Nationaal Fonds Ereschuld, dit komt doordat er minder gebruik van is gemaakt dan bij Najaarsnota is geraamd. Bij Najaarsnota was er enkel al eerder onderuitputting geboekt op het BIV, pas bij Slotwet is de resterende onderuitputting geboekt.
Tegenvallers
Dit betreft overrealisatie die zich na de Najaarsnota heeft voorgedaan. De grootste post betreft een overrealisatie van 83 miljoen euro in 2025 op het begrotingsartikel voor kerndepartement voor de afrekening van pensioenafdrachten aan het ABP. Tegenover deze uitgaven staat een belastingteruggave van dezelfde grootte die Defensie in 2025 heeft ontvangen (zie ook ‘Ontvangsten’). Deze belastingteruggave is verwerkt op het begrotingsartikel van het Defensieondersteuningcommando (DOSCO), waardoor de uitgaven op het begrotingsartikel voor kerndepartement - waar de afrekening heeft plaatsgevonden - hoger uitvallen. Verder vallen de uitgaven voor materiële exploitatie bij DOSCO met circa 14 miljoen euro hoger uit in 2025 als gevolg van hogere uitgaven voor extra activiteiten in verband met de situatie in Oekraïne. Hierdoor worden meer geneeskundige goederen verbruikt. Ook de uitgaven bij COMMIT voor materiële exploitatie vallen met circa 10 miljoen euro hoger uit in 2025 door uitgaven omtrent technologie ontwikkeling en een verzameling van overige materiële uitgaven. Verder vallen de bijdragen aan internationale samenwerking onder inzet van de krijgsmacht met circa 8 miljoen euro hoger uit. Dit komt door minder bijdrages aan partner landen en fondsen dan in 2025 verwacht.
Intensiveringen
Veegbriefmutaties
Dit betreft de mutaties die in de Veegbrief voor de Defensiebegroting zijn opgenomen en die tot een overschrijding op het betreffende artikel hebben geleid ten opzichte van de stand bij Najaarsnota. Het betreft hier hogere uitgaven als gevolg van de toename van oefeningen in binnen- en buitenland (20 miljoen euro in 2025) en hogere uitgaven voor buitenlandse dienstreizen (10 miljoen euro in 2025).
Niet-kaderrelevant
Extra militaire steun aan Oekraïne
Dit betreft 700 miljoen euro aan militaire Oekraïnesteun die via een Nota van Wijziging op de tweede suppletoire begroting van Defensie beschikbaar is gesteld. Het betreffen middelen voor de levering van kritiek materieel voor Oekraïne, zoals drones.
Oekraïne
Dit betreft de realisatie van Oekraïnemiddelen. Er is in 2025 voor circa 21 miljoen euro meer opgeleverd aan militair materieel voor Oekraïne dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Dit betreft hogere ontvangsten dan bij Najaarsnota geraamd. Dit betreft voornamelijk hogere ontvangsten van circa 83 miljoen euro in 2025 voor DOSCO als gevolg van een belastingteruggave met betrekking tot voorgaande jaren aan het Nationaal Fonds Ereschuld (NFE) omdat hier geen belasting over verschuldigd was vanuit de Regeling Volledige Schadevergoeding (RVS). Daarnaast zijn er ook hogere vergoedingen afkomstig uit gebruik van Nederlands materieel of diensten door bondgenoten bij internationale samenwerkingen.
Tegenvallers
Dit betreft lagere ontvangsten dan bij Najaarsnota geraamd, zoals ontvangsten vanuit internationale organisaties.
Intensiveringen
Veegbriefmutaties
Dit betreft een mutatie die in de Veegbrief voor de Defensiebegroting is opgenomen en die tot een overschrijding op het betreffende artikel hebben geleid ten opzichte van de stand bij Najaarsnota. Het betreft hier lagere ontvangsten bij het Commando Materieel en IT doordat er minder brandstof door derden is afgenomen dan eerder geraamd (9 miljoen euro in 2025).
Niet-kaderrelevant
Oekraïne
Defensie ontvangt vergoedingen vanuit de European Peace Facility (EPF) van de EU voor geleverde steun aan Oekraïne. Hierbij kan het kasritme van de toezeggingen en de daadwerkelijke ontvangsten van elkaar afwijken. Er is in 2025 circa 14 miljoen euro meer ontvangen aan vergoedingen vanuit het EPF dan ten tijde van de tweede suppletoire begroting werd geraamd.
Defensiematerieelbegrotingsfonds
Defensiematerieelbegrotingsfonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
9.775
Mutaties t/m Najaarsnota
967
Stand Najaarsnota
10.743
Meevallers
‒ 634
Meevallers
‒ 634
Tegenvallers
127
Tegenvallers
127
Intensiveringen
200
Veegbriefmutaties
200
Kadercorrecties
‒ 266
Valutakoersontwikkeling
‒ 266
Technisch
0
Technisch
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
10.169
Defensiematerieelbegrotingsfonds: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
97
Mutaties t/m Najaarsnota
116
Stand Najaarsnota
212
Meevallers
9
Meevallers
9
Tegenvallers
‒ 16
Tegenvallers
‒ 16
Ombuigingen
8
Veegbriefmutaties
8
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
213
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Dit betreft de onderuitputting die zich na de Najaarsnota heeft voorgedaan. Deze onderuitputting werd pas geboekt bij Slotwet, bij Najaarsnota was er namelijk nog geen onderuitputting geboekt. De onderuitputting in 2025 vindt voornamelijk plaats bij de verwerving van nieuw en vervangend defensiematerieel (circa 429 miljoen euro) en instandhouding (circa 44 miljoen). Dit komt onder andere door krapte op de arbeidsmarkt en de beperkte opschalingsmogelijkheden binnen de defensie-industrie. Deze vertragingen in de investeringen doen zich voor op alle investeringsartikelen van het DMF. Ook vindt er voor circa 35 miljoen euro aan onderuitputting plaats op de budgetten voor kennis en innovatie, dit heeft als oorzaak vertraging in het ontvangen van facturen voor kennisopbouw. Deze worden begin 2026 verwacht.
Tegenvallers
Dit betreft de overrealisatie die zich na de Najaarsnota heeft voorgedaan, dit speelde bijvoorbeeld bij de instandhouding van materieel en IT. Ook bij een aantal investeringsprojecten op het gebied van IT viel de realisatie hoger uit. Dt is het gevolg van uitgaven die ten tijde van de Najaarsnota nog werden voorzien voor 2026, maar uiteindelijk in 2025 nog zijn gedaan.
Intensiveringen
Veegbriefmutaties
Dit betreft de mutaties die in de Veegbrief voor het Defensiematerieelfonds zijn opgenomen en die tot een overschrijding op het betreffende artikel hebben geleid ten opzichte van de stand bij Najaarsnota. Het betreft hier hogere uitgaven voor het materieel voor de luchtmacht (200 miljoen in 2025). Dit komt doordat enkele projecten al in 2025 zijn gerealiseerd, terwijl deze oorspronkelijk in 2026 stonden gepland. Dit betreft onder andere de instandhouding van de F-35 en diverse projecten voor wapensystemen waaronder de Apache, NH-90, C-130, en MQ-9.
Kadercorrecties
Valutakoersontwikkeling
Dit betreft een meevaller van circa 266 miljoen euro op de begrotingsreserve voor valutaschommelingen. Op basis van CEP werden de verwachte effecten van de wisselkoersmutaties verwerkt op het Defensiematerieelbegrotingsfonds. Bij Slotwet worden de gerealiseerde standen verwerkt. Ontwikkelingen in de wisselkoersen van vreemde valuta hebben geleid tot lagere uitgaven uitgedrukt in andere valuta, dit komt voornamelijk door de gunstigere wisselkoers voor euro - dollar. Defensie is met name gevoelig voor schommelingen in wisselkoersen bij aanschaf en in mindere mate bij instandhouding van materieel.
Technisch
Dit betreft herschikkingen om middelen te alloceren naar de budgetpositie waar de realisatie zich daadwerkelijk heeft voorgedaan. Dit is budgettair neutraal op artikelniveau.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Dit betreft hogere ontvangsten dan bij Najaarsnota geraamd, dit komt door meer ontvangsten voor mijnenbestrijdingscapaciteiten.
Tegenvallers
Dit betreft lagere ontvangsten dan bij Najaarsnota geraamd, dit komt onder andere door lagere verkoopopbrengsten op een aantal verschillende posten, zoals vastgoedontvangsten, luchtmaterieel en Defensiebreedmaterieel.
Ombuigingen
Veegbriefmutaties
Dit betreft een mutatie die in de Veegbrief voor het Defensiematerieelfonds is opgenomen en die tot een overschrijding op het betreffende artikel hebben geleid ten opzichte van de stand bij Najaarsnota. Het betreft hier hogere ontvangsten als gevolg van hogere verkoopopbrengsten door de verkoop van Fort aan de Winkel te Abcoude en de Seeligkazerne te Breda (8 miljoen euro in 2025).
Infrastructuur en Waterstaat (inclusief Mobiliteitsfonds en Deltafonds)
Infrastructuur en Waterstaat
XII Infrastructuur en Waterstaat: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
14.111
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 92
Stand Najaarsnota
14.019
Meevallers
‒ 118
Meevaller TVOV
‒ 5
Meevaller NGF-Project Zero-emissie binnenvaart batterij-elektrisch
‒ 7
Meevallers externe inhuur
‒ 7
Meevaller NGF-project Luchtvaart in Transitie (LiT)
‒ 8
Meevaller Bronmaatregelen Stikstof
‒ 11
Meevaller NGF-project Dutch Metropolitan Innovations (DMI)
‒ 11
Overige meevallers
‒ 68
Tegenvallers
52
Tegenvaller Duurzame Mobiliteit
22
Tegenvaller Verduurzaming Logistiek
5
Overige tegenvallers
26
Overboekingen met andere begrotingen
‒ 7
Overboeking Provinciefonds t.b.v. Decentraal Spoor Provincie
‒ 7
Technisch
‒ 41
Verrekening NS
‒ 50
Overig technisch
9
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
13.905
XII Infrastructuur en Waterstaat: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
41
Mutaties t/m Najaarsnota
145
Stand Najaarsnota
186
Tegenvallers
‒ 23
Tegenvaller BVOV
‒ 23
Technisch
‒ 45
Verrekening NS
‒ 50
Overig technisch
5
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
117
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Meevaller TVOV
Er is een meevaller van 5 miljoen euro op de Transitie Vergoeding voor regionale OV-concessies (TVOV). Dit betreft onder andere een administratieve correctie van 3,4 miljoen euro. Daarnaast is op de kas een incidentele meevaller van 1,2 miljoen euro door vertraging vanwege een lopende rechtszaak over de hoogte van het bedrag.
Meevaller NGF Project - Zero-emissie binnenvaart batterij-elektrisch
Op NGF-project Zero-emissie binnenvaart batterij-elektrisch zijn minder aanvragen binnengekomen dan verwacht, waardoor 6,8 miljoen euro van de subsidiemiddelen niet is gebruikt.
Meevaller NGF-project Luchtvaart in transitie
Voor het NGF-project Luchtvaart in Transitie (LiT) voldeden niet alle subsidieontvangers aan alle voorwaarden, waardoor voor 8,3 miljoen euro aan voorschotten niet is uitgekeerd.
Meevallers externe inhuur
Er zijn enkele meevallers op externe inhuur vanwege krapte op de arbeidsmarkt die samen optellen tot 8 miljoen euro. Dit betreft onder andere een meevaller van 2,6 miljoen euro op de budgetten voor externe inhuur van de DG Mobiliteit. Extern ingehuurde medewerkers startten later in het jaar dan initieel voorzien. Daarnaast was er onder andere minder externe inhuur nodig dan voorzien en hebben opdrachtnemers minder facturen ingediend dan geraamd.
Meevaller Bronmaatregelen Stikstof
Op de subsidieregeling Bronmaatregelen Stikstof is een meevaller van 11,2 miljoen euro. Deze subsidieregeling wordt grotendeels door de RVO uitgevoerd. Er is een meevaller doordat er minder subsidieaanvragen zijn binnengekomen dan door de RVO geraamd.
Meevaller NGF-project Dutch Metropolitan Innovations (DMI)
Daarnaast is er onderuitputting van 11,4 miljoen euro op het project Dutch Metropolitan Innovations (DMI). Vanwege de lange termijn van het project is er vertraging bij de ontwikkeling van de innovatievoorstellen. De implementatie van het project vertraagt hierdoor ook.
Overige meevallers
Onder overige meevallers valt onder andere het NGF-project Maritiem Masterplan dat vertraging heeft opgelopen voor 4,2 miljoen euro. Daarnaast is er op de bedrijvenregeling een meevaller van 3,4 miljoen euro doordat er vertraging is ontstaan in de afhandeling van vaststellings- en verleningsverzoeken. Daarnaast is er een meevaller van 3,2 miljoen euro op de Beschikbaarheidsvergoeding OV (BVOV) en zijn nog niet alle zaken voor testen voor reizen voor COVID-19 afgerond, die samen optellen tot een meevaller van 3,1 miljoen euro. Het restant is een optelling van veel kleine meevallers waardoor het totaal uitkomt op 68 miljoen euro.
Tegenvallers
Tegenvaller Duurzame Mobiliteit
Op Duurzame Mobiliteit is per saldo een tegenvaller van 22 miljoen euro. Dit betreft de SPUK-regelingen die door de RVO worden uitgevoerd en is veroorzaakt door een hogere kasuitputting op de SPUK Schoon en Emissieloos Bouwen en bijdragen aan de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) regio's. Ook zijn de subsidies Laadinfra Wegvervoer overschreden doordat er meer bevoorschotting is aangevraagd dan was begroot. Daarnaast is er besloten om de bevoorschotting op de SPUK zero-emissie bussen te verhogen, waardoor hogere kasuitputting is ontstaan.
Tegenvaller Verduurzaming Logistiek
Er is een tegenvaller van 4,7 miljoen euro bij Verduurzaming Logistiek. Een aantal opdrachten is eerder voltooid en tot betaling gekomen dan initieel begroot. Daarnaast zijn de opdrachten RVO overschreden doordat de Direct Uitvoering Gebonden kosten hoger zijn uitgevallen dan gepland.
Overige tegenvallers
Dit zijn kleine tegenvallers die samen optellen tot 26 miljoen euro. Dit betreft onder andere een tegenvaller op de personele uitgaven van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), doordat de budgetplaatsstructuur is vereenvoudigend. Hierdoor zijn enkele mee- en tegenvallers zijn op het artikel voor de personele uitgaven. Per saldo is sprake van een tegenvaller van 3,4 miljoen euro door onvoorziene ontwikkelingen en meerkosten ICT. Daarnaast was er onder andere vertraging bij het aangaan van opdrachten voor Verduurzaming Logistiek voor 3,1 miljoen euro.
Overboekingen met andere begrotingen
Overboeking Provinciefonds t.b.v. Decentraal Spoor Provincie
Er is een overboeking gedaan naar het Provinciefonds van 7 miljoen euro voor een Decentralisatie Uitkering (DU) ten behoeve van het decentraal spoor in de provincie Limburg. Deze middelen zijn bestemd voor 2 gedecentraliseerde stoptreindiensten. De provincies Utrecht, Limburg, Overijssel en Drenthe ontvangen een decentralisatie uitkering ten behoeve van de dekking van het exploitatie- of beheertekort van de betreffende decentrale spoor- en tramdiensten.
Technisch
Verrekening NS
Dit betreft een desaldering met de NS van 50 miljoen euro. IenW en NS stelden tot en met 2024 de vergoeding voor de door IenW gestelde railschade op de HSL-infrastructuur vast op een bedrag van 50 miljoen euro. De vastlegging in de begroting heeft plaatsgevonden in de September suppletoire begroting 2025 via een desaldering. Inmiddels is de vaststellingsovereenkomst voor afhandeling van de financiële punten vorige concessieperiode ondertekend door de NS en IenW en met deze desaldering wordt de verrekening ook administratief afgerond.
Overig technisch
Onder overig technisch vallen onder andere het saldo van de terugsluis van de Vrachtwagenheffing (VWH) van 4 miljoen euro en enkele mutaties met het Mobiliteitsfonds. Daarnaast zijn er enkele correcties gedaan. Samen telt dit op tot een totaal van 9 miljoen euro.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Tegenvallers
Tegenvaller BVOV
De ontvangsten op de BVOV zijn 23,5 miljoen euro lager dan initieel begroot. Deze ontvangsten stonden initieel in 2024 begroot en zijn toen niet binnengekomen. Verwacht werd dat deze alsnog in 2025 zouden binnenkomen. Echter bleek dat er een ramingsfout is gemaakt.
Technisch
Verrekening NS
Dit betreft een desaldering met de NS van 50 miljoen euro. IenW en NS stelden tot en met 2024 de vergoeding voor de door IenW gestelde spoorstaafschade op de HSL-infrastructuur vast op een bedrag van 50 miljoen euro. De vastlegging in de begroting heeft plaatsgevonden in de September suppletoire begroting 2025 via een desaldering. Inmiddels is de vaststellingsovereenkomst voor afhandeling van de financiële punten vorige concessieperiode ondertekend door de NS en IenW en met deze desaldering wordt de verrekening ook administratief afgerond.
Overig technisch
Enkele overige technische verrekeningen tellen samen op tot 5 miljoen euro. Dit betreft onder andere het saldo op de terugsluis van de Vrachtwagenheffing (VWH) van 4 miljoen euro en een aantal desalderingen.
Mobiliteitsfonds
Mobiliteitsfonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
9.429
Mutaties t/m Najaarsnota
377
Stand Najaarsnota
9.806
Meevallers
‒ 22
Saldo Mobiliteitsfonds
‒ 22
Tegenvallers
0
Tegenvallers
0
Technisch
64
Afrekening Prorail 2024 EOV
35
Terugboeking overschotten Vrachtwagenheffing (VWH)
21
Ontvangsten nieuwe sluis Terneuzen
15
Hogere verplichtingen bereikbaarheidsprogramma's WoMo
‒ 2
DU Decentraal Spoor Provincie Limburg
‒ 7
Overig technisch
3
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
9.849
Mobiliteitsfonds: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
9.429
Mutaties t/m Najaarsnota
188
Stand Najaarsnota
9.617
Meevallers
1
Saldo Mobiliteitsfonds
1
Technisch
66
Afrekening Prorail 2024 EOV
35
Terugboeking overschotten Vrachtwagenheffing (VWH)
21
Ontvangsten nieuwe sluis Terneuzen
15
Mutaties met Infrastructuur en Waterstaat
‒ 7
Overig technisch
3
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
9.685
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Saldo Mobiliteitsfonds
Aan de uitgavenkant van het Mobiliteitsfonds is er sprake van een voordelig saldo van 22 miljoen euro. In totaal (uitgaven en ontvangsten) is er sprake van overschrijding (nadelig saldo) van per saldo 164 miljoen euro. In de afgelopen jaren was er vaak sprake van onderuitputting: er werd minder uitgegeven dan vooraf geraamd. Vanuit de wens om de begroting realistischer te maken, is er kasbudget naar latere jaren geschoven, zonder projecten te stoppen of te vertragen: de zogenaamde overprogrammering op de fondsen is zo verhoogd. Hiermee nam de kans op uitputting toe, maar ook de kans op een nadelig saldo (overuitputting). Dat doet zich nu voor: in 2025 is er voor het eerst in lange tijd meer van het oorspronkelijke programma uitgevoerd dan vooraf verwacht. Hierdoor blijkt er voor het jaar 2025 nu meer kasbudget nodig te zijn dan eerder geraamd.
Technisch
Afrekening ProRail EOV
Dit betreft de afrekening 2024 van 34,6 miljoen euro. De afrekening was eind december definitief en administratief verwerkt. De comptabiliteitswet vereist dat een afrekening niet wordt gesaldeerd op lopende uitgaven, maar dat deze als ontvangst wordt opgeboekt en toegevoegd aan het uitgavenbudget (desaldering).
Terugboeking overschotten VWH
Voor het programma Vrachtwagenheffing zijn op het Mobiliteitsfonds middelen vrijgemaakt. In de huidige systematiek vindt de verantwoording van bepaalde uitgaven voor de uitvoering van dit programma plaats op de begroting Hoofdstuk XII Infrastructuur en Waterstaat (HXII). Deze budgetten worden overgeheveld naar HXII. Op deze budgetten doen zich in 2025 mogelijk lagere uitgaven voor dan van tevoren gepland, door niet uitgevoerde werkzaamheden of vertragingen. Voor deze posten geldt dat de dit jaar niet-bestede middelen nu (tijdelijk) worden teruggeboekt naar het Mobiliteitsfonds. In 2025 betreft dit een terugboeking van 21 miljoen euro die wordt toegevoegd aan het uitgavenbudget.
Ontvangsten nieuwe sluis Terneuzen
In 2025 heeft Vlaanderen een aanvullende bijdrage gedaan van 15 miljoen euro ten behoeve van het project Nieuwe Sluis Terneuzen. Deze bijdrage is bedoeld om de hogere uitvoeringskosten te dekken. Zo zijn er tijdens het project onder andere meerkosten gemaakt door onvoorziene bodemvondsten en verontreinigingen. Deze ontvangst was ten tijde van de najaarsnota niet voorzien en wordt toegevoegd aan het uitgavenbudget.
Hogere verplichting bereikbaarheidsprogramma’s WoMo
Dit betreft een saldo overschot van 1,9 miljoen euro op de woningbouwmiddelen. Het overschot wordt met name veroorzaakt door Mobiliteitspakketten (1,7 miljoen euro), waarbij er niet genoeg verplichtingenruimte beschikbaar was om dit budget uit te geven. De bijbehorende uitgaven waarvoor het budget gereserveerd was betreffen een bijdragen aan het BTW Compensatiefonds en deze zullen aan het BTW Compensatiefonds (bijdrage 2026) worden toegevoegd.
DU Decentraal Spoor Provincie Limburg
Dit betreft een storting van 7 miljoen euro in het Provinciefonds voor de Decentralisatie Uitkering (DU) ten behoeve voor Decentraal Spoor Provincie Limburg. Dit geld is bestemd voor 2 gedecentraliseerde stoptreindiensten. De definitieve afspraak voor deze toekenning van 7 miljoen euro volgt uit bestuurlijke overleggen.
Overig Technisch
Deze post bevat overige herschikkingen.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Saldo mobiliteitsfonds
Aan de ontvangstenkant van het Mobiliteitsfonds is er sprake van een voordelig saldo van 1 miljoen euro. In totaal (uitgaven en ontvangsten) is er sprake van overschrijding (nadelig saldo) van per saldo 164 miljoen euro. Verdere toelichting bevindt zich bij: Uitgaven - Saldo Mobiliteitsfonds.
Technisch
Afrekening ProRail 2024 EOV
Dit betreft de afrekening 2024 van 34,6 miljoen euro. De afrekening was eind december definitief en administratief verwerkt. De comptabiliteitswet vereist dat een afrekening niet wordt gesaldeerd op lopende uitgaven, maar dat deze als ontvangst wordt opgeboekt en toegevoegd aan het uitgavenbudget (desaldering).
Terugboeking overschotten VWH
Voor het programma Vrachtwagenheffing zijn op het Mobiliteitsfonds middelen vrijgemaakt. In de huidige systematiek vindt de verantwoording van bepaalde uitgaven voor de uitvoering van dit programma plaats op de begroting Hoofdstuk XII Infrastructuur en Waterstaat (HXII). Deze budgetten worden overgeheveld naar HXII. Op deze budgetten doen zich in 2025 mogelijk lagere uitgaven voor dan van tevoren gepland, door niet uitgevoerde werkzaamheden of vertragingen. Voor deze posten geldt dat de dit jaar niet-bestede middelen nu (tijdelijk) worden teruggeboekt naar het Mobiliteitsfonds. In 2025 betreft dit een terugboeking van 21 miljoen euro die wordt toegevoegd aan het uitgavenbudget.
Ontvangsten nieuwe sluis Terneuzen
In 2025 heeft Vlaanderen een aanvullende bijdrage gedaan van 15 miljoen euro ten behoeve van het project Nieuwe Sluis Terneuzen. Deze bijdrage is bedoeld om de hogere uitvoeringskosten te dekken. Zo zijn er tijdens het project onder andere meerkosten gemaakt door onvoorziene bodemvondsten en verontreinigingen. Deze ontvangst was ten tijde van de najaarsnota niet voorzien en wordt toegevoegd aan het uitgavenbudget.
Mutaties met Infrastructuur en Waterstaat
Hieronder vallen de uitgaven die via het voedingsartikel van IenW op het Mobiliteitsfonds landen.
Overig Technisch
Deze post bevat overige herschikkingen.
Deltafonds
Deltafonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
1.723
Mutaties t/m Najaarsnota
175
Stand Najaarsnota
1.898
Meevallers
0
Meevallers
0
Tegenvallers
45
Saldo Deltafonds
45
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
1.943
Deltafonds: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
1.723
Mutaties t/m Najaarsnota
75
Stand Najaarsnota
1.798
Meevallers
0
Meevallers
0
Tegenvallers
‒ 14
Saldo Deltafonds
‒ 14
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
1.783
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Tegenvallers
Saldo Deltafonds
Aan de uitgavenkant van het Deltafonds is er sprake van een nadelig saldo van 45 miljoen euro. Bij Najaarsnota en Slotwet is er sprake van een totale (uitgaven en ontvangsten) overschrijding (nadelig saldo) van per saldo 160 miljoen euro. In de afgelopen jaren was er vaak sprake van onderuitputting: er werd minder uitgegeven dan vooraf geraamd. Vanuit de wens om de begroting realistischer te maken, is er kasbudget naar latere jaren geschoven, zonder projecten te stoppen of te vertragen: de zogenaamde overprogrammering op de fondsen is zo verhoogd. Hiermee nam de kans op uitputting toe, maar ook de kans op een nadelig saldo (overuitputting). Dat doet zich nu voor: in 2025 is er voor het eerst in lange tijd meer van het oorspronkelijke programma uitgevoerd dan vooraf verwacht. Hierdoor blijkt er voor het jaar 2025 nu meer kasbudget nodig te zijn dan eerder geraamd.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Tegenvallers
Saldo Deltafonds
Aan de ontvangstenkant van het Deltafonds is er sprake van een nadelig saldo van 14 miljoen euro. Verdere toelichting bevindt zich bij: Uitgaven - Saldo Deltafonds.
Economische Zaken (inclusief Nationaal Groeifonds)
Economische Zaken
XIII Economische Zaken: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
3.252
Mutaties t/m Najaarsnota
69
Stand Najaarsnota
3.320
Meevallers
‒ 263
BMKB
‒ 27
Onderuitputting NGF
‒ 72
Overige meevallers
‒ 164
Tegenvallers
64
Tegenvallers
64
Overboekingen met andere begrotingen
‒ 4
Overboekingen met andere begrotingen
‒ 4
Technisch
0
Technisch
0
Niet-kaderrelevant
0
Niet-kaderrelevant
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
3.117
XIII Economische Zaken: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
497
Mutaties t/m Najaarsnota
89
Stand Najaarsnota
587
Meevallers
33
Meevallers
33
Tegenvallers
‒ 65
BMKB
‒ 15
Ontvangsten High Trust
‒ 19
Overige tegenvallers
‒ 31
Technisch
0
Technisch
0
Niet-kaderrelevant
19
Niet-kaderrelevant
19
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
574
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
BMKB
Voor de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) hebben bedrijven minder aanvragen gedaan dan het garantieplafond toelaat. Doordat er dit jaar en voorgaande jaren minder aanvragen zijn gedaan dan geraamd zijn er minder schadeclaims uitbetaald dan geraamd (27 miljoen euro). Deze trend was in eerdere jaren al zichtbaar en zet zich dit jaar voort. Het saldo van deze meevaller en de tegenvaller op de ontvangsten wordt afgestort aan de begrotingsreserve BMKB.
Onderuitputting NGF
Op verschillende NGF-projecten (Nationaal Groeifonds) op de EZK-begroting heeft onderuitputting plaatsgevonden. Dit komt door vertraging bij uitfinanciering van de NGF-projecten NXTGEN HIGH TECH (20 miljoen) en PhotonDelta (20 miljoen euro).
Overige meevallers
Op verschillende dossiers is minder uitgegeven dan geraamd. Zo is er minder uitgegeven aan de ruimte voor de economie-middelen (Groningen), op diverse coronaregelingen (18 miljoen euro), en zijn er minder betalingen gedaan op de Garantie Ondernemingsfinanciering (12 miljoen euro).
Tegenvallers
Tegenvallers
Op verschillende dossiers zijn er kleine tegenvallers. Dit gaat bijvoorbeeld om de terugbetaling van boetes die het ACM heeft opgelegd (2,5 miljoen euro), cofinanciering EFRO (1,7 miljoen euro), en hogere kosten voor het RVO (1,6 miljoen euro).
Overboekingen met andere begrotingen
Overboekingen met andere begrotingen
De niet-uitgegeven budgetten voor de opdrachten die het RVO uitvoert voor generieke NGF-werkzaamheden (4 miljoen euro) worden van de EZ-begroting teruggeboekt naar de NGF-fondsbegroting.
Technisch
Technisch
Deze post bestaat uit afrondingsverschillen om te zorgen dat de uitgaven op artikelniveau in de begroting gelijk zijn aan de verwerkte uitgaven in de financiële administratie.
Niet-kaderrelevant
Niet-kaderrelevant
Op de Dutch Tech Fundregeling is 1000 euro minder uitgegeven dan geraamd.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Meevallers
Op verschillende dossiers is meer ontvangen dan geraamd bij Najaarsnota 2025, dit gaat bijvoorbeeld om de Tegemoetkoming Energiekosten (8,1 miljoen euro), de SEED (6,1 miljoen euro), en de Tegemoetkoming Vaste Lasten (4,6 miljoen euro).
Tegenvallers
BMKB
Voor de BMKB hebben bedrijven minder aanvragen gedaan dan het garantieplafond toelaat. Door het lagere aantal aanvragen zijn de ontvangsten ook proportioneel lager (-15 miljoen euro).
Ontvangsten High Trust
De High Trust boete-opbrengsten van de ACM vallen 19 miljoen euro lager uit dan bij Najaarsnota geraamd. Deze ontvangsten fluctueren sterk van jaar tot jaar. Dit komt onder andere door het aantal en de hoogte van door de ACM opgelegde boetes. De ACM is hierin volledig onafhankelijk.
Overige tegenvallers
Op verschillende dossiers zijn er kleine tegenvallers. Dit gaat bijvoorbeeld om lagere ontvangsten op de Garantie Ondernemingsfinanciering (6,9 miljoen euro), de Groeifaciliteit (6,3 miljoen euro), en de Innovatiekredieten (2,3 miljoen euro)
Technisch
Technisch
Deze post bestaat uit afrondingsverschillen om te zorgen dat de ontvangsten op artikelniveau in de begroting gelijk zijn aan de verwerkte ontvangsten in de financiële administratie.
Niet-kaderrelevant
Niet-kaderrelevant
Onder deze post zijn geen mutaties verwerkt.
Nationaal Groeifonds
Nationaal Groeifonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
393
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 393
Stand Najaarsnota
0
Meevallers
‒ 4
Meevallers
‒ 4
Overboekingen met andere begrotingen
4
Overboekingen met andere begrotingen
4
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Nationaal Groeifonds: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
Mutaties t/m Najaarsnota
Stand Najaarsnota
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Meevallers
Dit betreft de niet-uitgegeven budgetten voor de opdrachten die het RVO uitvoert voor generieke NGF-werkzaamheden.
Overboekingen met andere begrotingen
Overboekingen met andere begrotingen
De niet-uitgegeven budgetten voor de opdrachten die het RVO uitvoert voor generieke NGF-werkzaamheden (-4 miljoen) worden van de EZ-begroting teruggeboekt naar de NGF-fondsbegroting.
Ontvangsten
Er zijn geen ontvangsten op de begroting van het Nationaal Groeifonds.
Klimaat en Groene Groei (inclusief Klimaatfonds)
Klimaat en Groene Groei
XXIII Klimaat en Groene Groei: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
4.509
Mutaties t/m Najaarsnota
1.990
Stand Najaarsnota
6.500
Meevallers
‒ 1.161
Tijdelijk prijsplafond energie kleinverbruikers 2023
‒ 60
Projecten Nationaal Groeifonds
‒ 138
SDE-regelingen
‒ 251
Overige regelingen SDE-domein
‒ 569
Overige meevallers
‒ 143
Tegenvallers
18
Tegenvallers
18
Technisch
815
Storting begrotingsreserve Duurzame energie en klimaattransitie
815
Niet-kaderrelevant
‒ 100
Niet-kaderrelevant
‒ 100
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
6.071
XXIII Klimaat en Groene Groei: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
2.418
Mutaties t/m Najaarsnota
1.819
Stand Najaarsnota
4.237
Meevallers
65
Terugontvangsten Tijdelijk prijsplafond kleinverbruikers 2023
32
Terugontvangsten SDE-regelingen
6
Overige meevallers
27
Tegenvallers
‒ 1
Tegenvallers
‒ 1
Generaal dossier
‒ 215
Gasbaten
‒ 215
Overig generaal dossier
0
Niet-kaderrelevant
75
ETS-ontvangsten
83
Lening EBN vulmaatregelen gas 2026-2027
35
COVA-heffing
5
CO2-heffing
‒ 48
Overig niet-kaderrelevant
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
4.161
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Tijdelijk prijsplafond energie kleinverbruikers 2023
Door een vertraging bij het indienen van de vaststellingsverzoeken voor de subsidie Tijdelijk prijsplafond energiekleinverbruikers 2023 is er in 2025 minder uitgegeven dan geraamd.
Projecten Nationaal Groeifonds
Op diverse projecten uit het Nationaal Groeifonds (NGF) is in totaal 138 miljoen euro aan onderuitputting afgeboekt. Dit wordt onder andere veroorzaakt door vertraging in de uitwerking, openstelling en uitvoering van deze NGF-regelingen. Bij het NGF-project GroenvermogenNL is er vertraging ontstaan vanwege onzekerheid rondom de invoering van de Wet collectieve warmte.
SDE-regelingen
Op de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE) is minder subsidie uitbetaald dan bij de Najaarsnota geraamd, onder andere vanwege teruggetrokken beschikkingen.
Overige regelingen SDE-domein
De nadeelcompensatie kolenmaatregelen (497 miljoen euro) is niet uitbetaald. De goedkeuring voor deze compensatie ligt nog ter beoordeling bij de Europese Commissie. Daarnaast zijn er lagere uitgaven op het flankerend beleid voor onder andere Wind op Zee vanwege een aantal vertraagde onderzoeken.
Overige meevallers
In totaal is er 154 miljoen euro aan resterende onderuitputting op de KGG-begroting. Dit gaat onder andere om 39 miljoen euro onderuitputting op subsidies voor de productie van waterstof, 24 miljoen euro op subsidies en leningen voor de verduurzaming van de industrie en 18 miljoen euro op de Demonstratieregeling Energie- en Klimaatinnovatie (DEI+).
Tegenvallers
Op een aantal regelingen is in totaal voor 18 miljoen euro meer gerealiseerd dan bij Najaarsnota ingeschat. Dit betreft onder andere 5 miljoen euro op de doorsluis van de heffing aan de stichting Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten (COVA) en 3 miljoen euro op het Klimaatfondsdeel van de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE).
Technisch
Storting in begrotingsreserve Duurzame energie en klimaattransitie
Er wordt 815 miljoen euro in de begrotingsreserve Duurzame energie en klimaattransitie gestort, dit zijn de meevallers onder ‘SDE-regelingen’, ‘Overige meevallers SDE-domein’ en ‘Terugontvangsten SDE-regelingen’ (zie ontvangsten).
Niet-kaderrelevant
Voor de vultaak van Energie Beheer Nederland (EBN) voor het gasopslagjaar 2026-2027 is een leenfaciliteit beschikbaar. Hiervan is een deel (100 miljoen euro) in 2025 begroot, omdat EBN mogelijk vanaf december 2025 handelsposities in zou nemen. EBN heeft hier geen gebruik van gemaakt.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Terugontvangsten Tijdelijk prijsplafond kleinverbruikers 2023
In 2023 is door leveranciers van elektriciteit en gas maandelijks een subsidievoorschot aangevraagd voor het prijsplafond. Medio 2023 zijn leveranciers gestart met het corrigeren van de ontvangen voorschotten aan de hand van de definitieve toepassing van het prijsplafond op basis van de definitieve meterstanden. Na de voorschot- en correctiefase hebben de leveranciers uiterlijk in juni 2025 een vaststellingsverzoek ingediend. Op grond van de vaststellingsverzoeken is er meer aan terugbetaalde voorschotten ontvangen dan geraamd.
Terugontvangsten SDE-regelingen
Er zijn meer subsidievoorschotten voor de SDE terugontvangen dan geraamd.
Overige meevallers
Op diverse posten is er een meevaller, waaronder een niet-geraamde terugbetaling van 27 miljoen van de lening aan de Nuclear Research Group.
Tegenvallers
Op diverse posten is er een kleine tegenvaller.
Generaal dossier
Gasbaten
De lagere realisatie op de gasbaten komt met name doordat geraamde ontvangsten op basis van de Mijnbouwwet al eerder waren afgedragen. Voor het overige deel is er sprake van een meevaller als gevolg van veranderde gasprijzen en winningsvolumes.
Overig generaal dossier
Er is een kleine meevaller op de ontvangsten zoutwinning en een kleine tegenvaller op de dividenduitkering van GasTerra.
Niet-kaderrelevant
ETS-ontvangsten
De ETS-prijs bleek in de tweede helft van 2025 hoger dan geraamd, hierdoor is er een meevaller van 83 miljoen euro op de ETS-ontvangsten.
Overig niet-kaderrelevant
De CO2-heffing over 2025 wordt pas in 2026 ontvangen door de Belastingdienst. Dit leidt tot lagere ontvangsten in 2025. Daarnaast heeft KGG 35 miljoen euro ontvangen van EBN voor de kosten van de leenfaciliteit voor de vultaak van de gasopslagen. Ook is er een meevaller van 5 miljoen op de heffing voor de stichting Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten (COVA).
Klimaatfonds
Klimaatfonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
758
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 748
Stand Najaarsnota
9
Meevallers
‒ 9
Meevallers
‒ 9
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Klimaatfonds: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
Mutaties t/m Najaarsnota
Stand Najaarsnota
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevaller
Een reservering in het Klimaatfonds is niet uiteindelijk niet overgeheveld, waardoor er onderuitputting optreedt op deze middelen.
Ontvangsten
Er hebben geen ontvangstenmutaties plaatsgevonden op de begroting van het Klimaatfonds.
Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (inclusief Diergezondheidsfonds)
Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
XIV Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
4.731
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 485
Stand Najaarsnota
4.246
Meevallers
‒ 585
Warmte-infrastructuur glastuinbouw
‒ 6
Lbv-regelingen
‒ 510
Overige meevallers
‒ 69
Tegenvallers
68
Lbv-regelingen
27
In beslag genomen goederen
11
Overige tegenvallers
30
Technisch
28
Apurement
20
Begrotingsreserve visserij
12
Materiële uitgaven
‒ 7
Overig technisch
3
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
3.757
XIV Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
74
Mutaties t/m Najaarsnota
155
Stand Najaarsnota
230
Meevallers
40
Terugontvangen subsidievoorschotten
20
Bijdragen derden onderzoek
4
Overige meevallers
16
Tegenvallers
‒ 14
MGA-regeling
‒ 11
Overige tegenvallers
‒ 3
Technisch
18
Internationale ontvangsten visserij
16
Overig technisch
2
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
273
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Lbv-regelingen
De onderuitputting op de Landelijke beëindigingsregelingen veehouderij (Lbv-regelingen) wordt bijna volledig veroorzaakt doordat veehouders zich uit de regeling terugtrekken. Omdat veel veehouders zich in november en december terugtrokken (voor veel deelnemers stond in deze maanden een deadline), was deze onderuitputting nog niet eerder in beeld. Van de 510 miljoen euro onderuitputting is 496 miljoen euro onderuitputting op de Lbv-plus en 14 miljoen euro op de Lbv-kleine sectoren.
Warmte-infrastructuur glastuinbouw
Bij deze regeling is vertraging ontstaan door deelnemers die niet op tijd aan alle voorwaarden voldeden. Deze verplichtingen en betalingen worden in 2026 alsnog gedaan.
Overige meevallers
Dit is een opsomming van een groot aantal meevallers van minder dan 5 miljoen euro, waaronder op de verplaatsingsregeling (3,8 miljoen euro) en het vrijvallen van nog onverdeelde middelen (3,1 miljoen euro).
Tegenvallers
Lbv-regelingen
Op de reguliere Lbv-regeling heeft overuitputting opgetreden van 26,6 miljoen euro. Per saldo valt dit weg met de meevallers op de Lbv-plus en Lbv-kleine sectoren.
In beslag genomen goederen
Dit betreft een tegenvaller van 11 miljoen euro op de kosten voor opvang en onderhoud van door de RVO in beslag genomen goederen wegens niet voldoen aan wet- en regelgeving.
Overige tegenvallers
Deze post is een opsomming van meerdere tegenvallers van minder dan 5 miljoen euro, waaronder niet-meer inbare vorderingen bij de EU (4,2 miljoen euro), meer compensatie pelsdierhouderijen in 2025 dan verwacht (2,3 miljoen euro) en overschrijding op EMFAF-subsidieregelingen (4,8 miljoen euro).
Technisch
Apurement
De begrotingsreserve Apurement is bedoeld om financiële correcties volgend uit conformiteitsprocedures vanuit de Europese Commissie te betalen. Er wordt 20,1 miljoen euro aan de reserve toegevoegd om de reserve op peil te houden.
Begrotingsreserve visserij
Er wordt 12,3 miljoen euro toegevoegd aan de begrotingsreserve visserij. LVVN ontvangt middelen vanuit het European Maritime Fisheries and Aquaculture Fund (EMFAF), evenredig aan hoe lang het EMFAF loopt. Uitgaven zijn vooraf niet concreet per jaar te ramen waardoor de uitgaven in de praktijk altijd afwijken van begrotingsstanden. De uitgaven zijn in eerdere jaren lager dan beschikbaar budget, met deze storting in de begrotingsreserve visserij wordt dit verschil toegevoegd aan de begrotingsreserve om eventuele hogere uitgaven dan er aan budget voor het EMFAF op de begroting staat op te vangen.
Materiële uitgaven
Door technische redenen is onderuitputting ontstaan op het budget voor materiële uitgaven doordat de uitgaven vanuit een ander budget zijn gedaan.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Terugontvangen subsidievoorschotten
Deze terugontvangsten ontstaan door deelnemers aan subsidieregelingen die na hun eerste deelbetaling (voorschot) zich alsnog terugtrekken. Het merendeel van het bedrag wordt verklaard door ontvangsten op de Lbv-regelingen (16,6 miljoen euro), de rest door diverse overige regelingen.
Bijdragen derden onderzoek
Het gaat om de sectorbijdrage aan de High Containment Unit en een bijdrage vanuit de EU aan het LEAP-AGRI project, een project van de EU en Afrika voor duurzame landbouw.
Overige meevallers
Dit is een verzamelpost van een aantal meevallers, waaronder diverse meerontvangsten uit RVO-regelingen (6,4 miljoen euro), hoger uitgevallen ontvangsten op het apparaatsartikel omdat deze ontvangsten van EZ/KGG onterecht naar LVVN gealloceerd zijn (1,3 miljoen euro) en afdracht van surplus eigen vermogen NVWA (1,7 miljoen euro).
Tegenvallers
MGA-regeling
Van de middelen die aan provincies zijn voorgeschoten voor de regeling Maatwerk Gerichte Aankoop en beëindiging veehouderijbedrijven is minder aan LVVN terugbetaald in 2025 dan geraamd. Dit leidt tot een tegenvaller van 11 miljoen euro. Provincies hebben tot 2027 om de middelen terug te betalen.
Overige tegenvallers
Dit betreft een verzamelpost van diverse tegenvallers op de ontvangsten, waaronder lagere ontvangsten uit leges en verhuur van mosselpercelen (1,2 miljoen euro) en lagere boetes op mestbeleid dan geraamd (0,8 miljoen euro).
Technisch
Internationale ontvangsten visserij
Dit betreffen ontvangsten die gerelateerd zijn aan het EMFAF. Specifiek gaat het hier om ontvangsten van de datacollectie die LVVN uitvoert op zee. De ontvangsten worden toegevoegd aan de Begrotingsreserve visserij.
Diergezondheidsfonds
Diergezondheidsfonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
36
Mutaties t/m Najaarsnota
0
Stand Najaarsnota
36
Niet-kaderrelevant
7
Niet-kaderrelevant
7
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
43
Diergezondheidsfonds: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
54
Mutaties t/m Najaarsnota
23
Stand Najaarsnota
78
Niet-kaderrelevant
3
Niet-kaderrelevant
3
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
81
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Niet-kaderrelevant
De uitgaven vallen 6,6 miljoen euro hoger uit dan geraamd, de voornaamste reden hiervoor is dat de uitgaven voor bestrijding van vogelgriep (HPAI) hoger uitvielen.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Niet-kaderrelevant
De ontvangsten vallen 3,1 miljoen euro hoger uit dan geraamd. Dit is het saldo van extra middelen die vanuit de EU zijn ontvangen voor de bestrijding van vogelgriep (13,9 miljoen euro) en een tegenvaller op de geraamde ontvangsten vanwege het later ontvangen van heffingen vanuit de sector (10,8 miljoen euro).
Sociale Zekerheid
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
XV Sociale Zaken en Werkgelegenheid: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
59.997
Mutaties t/m Najaarsnota
1.088
Stand Najaarsnota
61.085
Meevallers
‒ 167
Wajong
‒ 5
Onderuitputting opdrachtenbudget arbeidsmarkt
‒ 13
Wet op het Kindgebonden Budget
‒ 19
Onderuitputting SLIM
‒ 23
Kinderopvangtoeslag
‒ 46
Onderuitputting
‒ 53
Overige meevallers
‒ 8
Tegenvallers
11
Tegenvallers
11
Niet-kaderrelevant
‒ 2
Niet-kaderrelevant
‒ 2
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
60.927
XV Sociale Zaken en Werkgelegenheid: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
2.502
Mutaties t/m Najaarsnota
95
Stand Najaarsnota
2.597
Meevallers
24
Onderuitputting
15
Tozo terugontvangsten
9
Overige meevallers
0
Tegenvallers
‒ 38
Terugontvangsten Kindgebonden Budget
‒ 31
Overige tegenvallers
‒ 7
Niet-kaderrelevant
6
Niet-kaderrelevant
6
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
2.589
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Wajong
De uitgaven aan de Wajong vallen lager uit dan geraamd. Dit is vooral het gevolg van een beperkte daling van het aantal aanvragen en toekenningen in de Wajong2015.
Onderuitputting opdrachtenbudget arbeidsmarkt
De onderuitputting op het opdrachtenbudget van begrotingsartikel 1, arbeidsmarkt, heeft verschillende oorzaken. Zo is een communicatiecampagne uitgesteld omdat de behandeling en inwerkingtredingsdatum van het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar) naar achteren is geschoven. Ook was er minder budget nodig voor opdrachten aan het RIVM omdat het aantal aanvragen voor de regeling Tegemoetkoming Stoffengererlateerde Beroepsziekten (TSB) lager was dan verwacht.
Wet op het Kindgebonden Budget
De uitgaven aan het kindgebonden budget vallen lager uit. Dit komt doordat de nabetalingen over toeslagjaar 2023 circa € 36 miljoen lager uitvallen dan eerder geraamd. Daarentegen vallen de nabetalingen over toeslagjaar 2024 juist € 15 miljoen hoger uit dan eerder geraamd.
Onderuitputting SLIM
De lagere uitgaven aan de subsidie Stimuleringsregeling leren en ontwikkelen (SLIM) worden veroorzaakt doordat de beoordelingen van de aanvragen bij het laatste aanvraagtijdvak vertraging op heeft gelopen.
Kinderopvangtoeslag
De uitgaven aan kinderopvangtoeslag zijn lager uitgekomen dan bij Najaarsnota was verwacht. De voorschotten in de laatste maanden van 2025 kwamen lager uit, met name doordat het gebruik van kinderopvang iets lager uitkwam. Daarnaast zijn er in de laatste maanden van 2025 iets minder nabetalingen uitgekeerd.
Onderuitputting
Onder deze post valt de onderuitputting op verschillende budgetten. Er is 6 miljoen euro onderuitputting op de subsidieregeling Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid en Eerder Uittreden (MDIEU). De beoordeling van aanvragen voor deze regeling heeft vertraging opgelopen. Daarnaast waren de voorschotten voor deze regeling lager dan verwacht. Verder is er 2 miljoen euro onderuitputting op het opdrachtenbudget van begrotingsartikel 2: Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet. Deze onderuitputting is hoofdzakelijk het gevolg van een aantal opdrachten die later zijn gestart dan oorspronkelijk was gepland. Tot slot is er sprake van 15 miljoen euro onderuitputting op het apparaatsbudget. Deze onderuitputting doet zich voor op verschillende personeelsbudgetten, waarvan salarisbudget het grootste is.
Overige meevallers
Deze post bevat meevallers met een beperkte budgettaire omvang. De grootste meevaller van circa 3,5 miljoen komt doordat de uitvoeringskosten van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) lager uitvallen dan verwacht. Ook is er een meevaller van 3 miljoen euro op de Algemene ouderdomsverzekering (AOV) Caribisch Nederland. Een verklaring hiervoor is de koersdaling van de dollar gedurende het jaar, omdat de regeling wordt uitbetaald in dollars en begroot wordt in euro’s.
Tegenvallers
Tegenvallers
Deze post bevat tegenvallers met een beperkte budgettaire omvang. Het gaat bijvoorbeeld om een tegenvaller van circa 4 miljoen euro op de regeling Ziekteverzekering (ZV) Caribisch Nederland. Dit wordt veroorzaakt door een hogere gemiddelde uitkering als gevolg van de stijging van het minimumloon die ook doorwerkt naar hogere loonschalen. Daarnaast zijn de ZV-uitkeringen van november en december 2024 begin 2025 geboekt en fluctueert het aantal ziektedagen jaarlijks. Ook is er circa 1 miljoen euro meer uitgegeven aan subsidies voor geldzorgen, armoede en schulden.
Niet-kaderrelevant
Niet-kaderrelevant
Dit betreft realisaties op de rijksbijdragen aan sociale fondsen. Zo is de rijksbijdrage voor de regeling Zelfstandige en Zwanger (ZEZ) lager uitgevallen dan verwacht.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Onderuitputting
Onder deze post vallen verschillende gerealiseerde ontvangsten. De grootste meevaller doet zich voor op het ontvangstenbudget van begrotingsartikel 1, Arbeidsmarkt. Hier zijn circa 6 miljoen euro meer ontvangsten door terugbetalingen van diverse subsidies zoals STAP, SLIM, SPDI en MDIEU. Daarnaast vallen de gerealiseerde ontvangsten op begrotingsartikel 4, Jonggehandicapten, circa 4 miljoen hoger uit. UWV ontvangt middelen vanuit het Europees Sociaal Fonds (ESF) voor re-integratiedienstverlening. Deze middelen zijn meegenomen in de eindafrekening 2024 en zorgen voor een terugontvangst op dit budget in 2025.
Tozo terugontvangsten
De terugontvangsten voor de beëindigde Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo), vallen 9 miljoen euro hoger uit dan verwacht.
Overige meevallers
Deze post bevat meevallers met een beperkte (afgerond 0) budgettaire omvang.
Tegenvallers
Terugontvangsten Kindgebonden Budget
De terugontvangsten van de WKB zijn lager dan eerder begroot. De belangrijkste oorzaak hiervan is dat er minder terugvorderingen zijn. Dit houdt grotendeels verband met het feit dat Dienst Toeslagen de afgelopen jaren bij het vaststellen van de voorschotten gemiddeld genomen (bewust) van een hogere loonstijging voor de WKB-gerechtigden is uitgegaan, zodat er minder (en lagere) terugvorderingen nodig zijn.
Overige tegenvallers
Deze post bevat een tegenvaller van 7 miljoen euro op het ontvangstenbudget van de kinderopvangtoeslag. Dit komt vooral door lagere terugontvangsten over uitbetaalde toeslagen in eerdere jaren.
Niet-kaderrelevant
Niet-kaderrelevant
Deze post bevat de realisaties op de niet-kaderrelevante ontvangsten. Hieronder valt de realisatie op de werkgeversbijdrage kinderopvang. De gerealiseerde uitgaven zijn daar circa 5 miljoen euro hoger uitgevallen dan verwacht.
Sociale Verzekeringen
Sociale Verzekeringen: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Najaarsnota
88.132
Meevallers
‒ 61
Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen
‒ 13
CRTV langdurige arbeidsongeschiktheid
‒ 19
Uitvoeringskosten UWV
‒ 23
Overige meevallers
‒ 6
Tegenvallers
111
Ziektewet
44
Verlofregelingen
39
Uitvoeringskosten SVB
13
Overige tegenvallers
15
Kadercorrecties
84
Werkloosheidswet
84
Overige kadercorrecties
1
Niet-kaderrelevant
‒ 63
Sociale lasten
‒ 63
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
88.203
Sociale verzekeringen: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
245
Mutaties t/m Najaarsnota
24
Stand Najaarsnota
269
Kadercorrecties
‒ 5
Kadercorrecties
‒ 5
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
264
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen
De uitgaven aan de WIA-uitkeringen zijn lager uitgevallen dan eerder geraamd. Ten opzichte van de najaarsnotaraming valt het aantal WGA-uitkeringen hoger uit en het aantal IVA-uitkeringen lager. Daarnaast valt de gemiddelde uitkeringshoogte lager uit, zowel bij de WGA als de IVA.
CRTV langdurige arbeidsongeschiktheid
De uitgaven aan de compensatieregeling transitievergoeding langdurige arbeidsongeschiktheid (CRTV-LAO) vallen lager uit dan verwacht. Dit komt vooral door een lager aantal aanvragen voor de regeling dan eerder verwacht.
Uitvoeringskosten UWV
De uitvoeringskosten van het UWV vallen op basis van het definitieve jaarverslag lager uit dan verwacht.
Overige meevallers
Deze post bevat meevallers van beperkte budgettaire omvang. Hiervan wordt 2 miljoen euro veroorzaakt door lagere gerealiseerde uitgaven aan scholing binnen de WW, door het UWV.
Tegenvallers
Ziektewet
De realisatie van de uitkeringslasten voor de Ziektewet zijn hoger uitgevallen dan eerder geraamd. Deze toename komt met name doordat zwangere mensen vaker een ZW-uitkering ontvangen.
Verlofregelingen
Deze post bevat hoger gerealiseerde uitgaven aan de verlofregelingen. Hiervan wordt 28 miljoen euro verklaard door hogere uitgaven aan aan het zwangerschaps- en bevallingsverlof voor werknemers, zowel door een hogere gemiddelde jaaruitkering als een hoger aantal toekenningen dan eerder geraamd. De overige 11 miljoen euro betreft hogere uitgaven bij de regelingen Zelfstandig en Zwanger (ZEZ) en het aanvullend geboorteverlof voor partners (WIEG). Dit is het gevolg van een hoger aantal aanvragen voor de WIEG dan verwacht en een nabetaling over 2024 aan UWV voor de ZEZ.
Uitvoeringskosten SVB
De uitvoeringskosten van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) vallen op basis van het definitieve jaarverslag hoger uit dan verwacht.
Overige tegenvallers
Deze post bevat tegenvallers van beperkte budgettaire omvang. De grootste tegenvaller betreft een opwaartse bijstelling van de AOW-uitgaven van circa 7 miljoen euro als gevolg van een hoger aantal gerechtigden dan eerder geraamd, met name door minder sterfgevallen in het buitenland dan geraamd.
Kadercorrecties
Werkloosheidswet
Op basis van uitvoeringsinformatie van UWV is de raming van de Werkloosheidswet (WW) bijgesteld. Uit de realisatiecijfers over 2025 bleek dat de gemiddelde uitkeringshoogte iets hoger was dan eerder verwacht. Het volume is door een gewijzigde samenstelling hoger dan eerder geraamd. Deze bijstellingen zorgen voor een opwaarts effect van de WW-uitkeringslasten.
Overige kadercorrecties
Dit gaat om een kadercorrectie op de uitgaven aan de Ziektewet, vanwege een daling van het aandeel eigenrisicodragers (ERD).
Niet-kaderrelevant
Sociale lasten
Deze post betreft niet-kaderrelevante uitgaven en omvat de bijstelling van over uitkeringen betaalde werkgeverpremies. Deze betalingen zijn bijgesteld op basis van de realisaties over de verschillende inkomensregelingen, zoals de Wet arbeid en zorg-uitkeringen (WAZO) en de Werkloosheidswet (WW).
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Kadercorrecties
Kadercorrecties
Er vindt een kadercorrectie plaats voor gerealiseerde ontvangsten aan het Uitvoeringsfonds voor de overheid (Ufo) ontvangsten binnen de Werkloosheidswet (WW). Dit komt door lagere WW-uitgaven bij overheidswerkgevers die eigenrisicodrager zijn, waardoor de bijbehorende ontvangsten lager uitvallen.
Koppeling Uitkeringen
Koppeling Uitkeringen: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
1.311
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 1.311
Stand Najaarsnota
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Koppeling Uitkeringen: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
4
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 4
Stand Najaarsnota
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Stand Najaarsnota
Er zijn geen wijzigingen geweest op het hoofdstuk Koppeling Uitkeringen na de Najaarsnota.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Stand Najaarsnota
Er zijn geen wijzigingen geweest op het hoofdstuk Koppeling Uitkeringen na de Najaarsnota.
Zorg
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Volksgezondheid, Welzijn en Sport: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
36.502
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 1.488
Stand Najaarsnota
35.014
Meevallers
‒ 215
Covid
‒ 5
Informatiebeleid
‒ 13
NGF-project DUTCH
‒ 16
Eigenaarsbijdrage RIVM
‒ 21
NGF-project PharmaNL
‒ 21
Realisatie apparaat
‒ 54
Overige meevallers
‒ 85
Tegenvallers
42
Realisatie apparaat
17
Overige tegenvallers
25
Overboekingen met andere begrotingen
0
Overboekingen met andere begrotingen
0
Technisch
0
Technisch
0
Niet-kaderrelevant
‒ 10
Tegemoetkoming specifieke zorgkosten
7
Zorgtoeslag
‒ 17
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
34.830
Volksgezondheid, Welzijn en Sport: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
285
Mutaties t/m Najaarsnota
1.040
Stand Najaarsnota
1.325
Meevallers
58
Zorgbreed beleid
35
Sport en bewegen
15
Overige meevallers
7
Tegenvallers
‒ 69
Regeling betalingsachterstand zorgpremie
‒ 5
Covid
‒ 61
Overige tegenvallers
‒ 3
Niet-kaderrelevant
‒ 4
Zorgtoeslag
‒ 4
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
1.309
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Covid
Op de budgetten voor Covid-19 treedt per saldo circa 5 miljoen euro aan onderuitputting op. Dit komt voornamelijk door een lagere aanschaf van Covid-19-vaccins door het RIVM (4 miljoen euro).
Informatiebeleid
Enkele activiteiten op het gebied van gegevensuitwisseling (generieke functies, persoonlijke gezondheidsomgeving en het landelijk dekkend netwerk) hebben vertraging opgelopen, waardoor er 13 miljoen euro vrijvalt.
NGF-project DUTCH
Door vertraging in de uitvoering van het programma Digital United Training Concepts for Healthcare (DUTCH) is het beschikbare budget voor 2025 niet volledig benut (16 miljoen euro). Deze middelen uit het Nationaal Groeifonds blijven voor Dutch beschikbaar.
Eigenaarsbijdrage RIVM
Er stonden middelen gereserveerd in 2025 voor de verhuizing van het RIVM. Doordat de verhuizing in 2025 niet is doorgegaan, valt er 21 miljoen euro vrij.
NGF-project PharmaNL
De lagere uitgaven aan bijdragen ZBOs/RWTs worden veroorzaakt doordat er ruim 21 miljoen euro minder nodig was bij ZonMw voor uitvoering van het project PharmaNL. Deze middelen uit het Nationaal Groeifonds blijven beschikbaar.
Realisatie apparaat
Per saldo is de onderuitputting op het apparaatsartikel 37 miljoen euro. De lagere uitgaven op het apparaatsartikel zijn voor een groot deel veroorzaakt door een onderbesteding van 23 miljoen euro op externe inhuur. Dit komt met name door te late facturering in de maand december bij de directie DICIO en de lagere behoefte aan externe inhuur van (WOO-)juristen. Daarnaast is er voor 10 miljoen euro minder aan eigen personeel uitgegeven.
Overige meevallers
Er zijn diverse kleinere meevallers op de VWS-begroting die optellen tot 85 miljoen euro. Er is onder andere voor 5 miljoen euro vrijgevallen aan middelen voor het opleiden van artsen maatschappij en gezondheid. Dit is het gevolg van een lagere instroom en een hogere uitval dan verwacht. Daarnaast is 4 miljoen euro minder toegekend aan NRG Pallas vanwege onvoldoende onderbouwing bij het laatste trekkingsrecht.
Tegenvallers
Realisatie apparaat
De tegenvallers binnen de apparaatsuitgaven tellen op tot 17 miljoen euro. Deze tegenvallers zijn voornamelijk het gevolg van verschillen in budgetrapportages/indelingen van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Per saldo is de onderuitputting op het apparaatsartikel 37 miljoen euro.
Overige tegenvallers
Er zijn diverse kleine en grote tegenvallers op de VWS-begroting die optellen tot 25 miljoen euro. De grootste tegenvallers worden hier toegelicht. De bijdrage aan het RIVM voor ziektepreventie viel 5 miljoen euro hoger uit dan geraamd. De bijdrage aan ZBO’s valt 2 miljoen euro hoger uit dan verwacht. Daarnaast is er 2 miljoen euro vrijgevallen voor opdrachten omtrent uitkomstgerichte zorg.
Overboekingen met andere begrotingen
Voor het digitaliseren van de departementale archieven (Public Value Case) is een incidentele bijdrage van 0,5 miljoen euro overgeheveld naar de BZK-begroting.
Technisch
Er zijn diverse technische mutaties uitgevoerd op de uitgavenbudgetten.
Niet-kaderrelevant
Tegemoetkoming specifieke zorgkosten
Op basis van gegevens van de Belastingdienst zijn de uitgaven in het kader van de tegemoetkoming specifieke zorgkosten 7 miljoen euro hoger dan eerder geraamd.
Zorgtoeslag
Op basis van gegevens van de Dienst Toeslagen zijn de uitgaven Zorgtoeslag 17 miljoen euro lager dan eerder geraamd.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Zorgbreed beleid
De ontvangsten vallen 35 miljoen euro hoger uit dan geraamd doordat een aantal subsidies van o.a. Sectorplanplus uiteindelijk lager is vastgesteld dan aanvankelijk geraamd.
Sport en bewegen
Door vaststellingen en afrekeningen op diverse subsidies en regelingen hebben in 2025 incidenteel hogere ontvangsten plaatsgevonden ter hoogte van 15 miljoen euro.
Overige meevallers
Op het ontvangstenbudget van de VWS-begroting staan diverse kleine meevallers die optellen tot 7 miljoen euro. Op het artikel jeugd is er 4 miljoen euro meer ontvangen dan begroot door niet volledig uitgeputte subsidies en specifieke uitkeringen.
Tegenvallers
Regeling betalingsachterstand zorgpremie
De ontvangsten van de Regeling betalingsachterstand zorgpremie (BAZ) zijn 5 miljoen euro lager dan geraamd.
Covid
De ontvangsten op Covid-19-budgetten vielen 61 miljoen euro lager uit dan verwacht. Bepaalde Covid-gerelateerde uitgaven uit eerdere jaren, zouden aanvankelijk in 2025 afgerekend worden. Echter, hebben de afrekeningen niet in 2025 plaatsgevonden. De teruggave van deze ontvangsten zal pas in 2026 worden gerealiseerd.
Overige tegenvallers
De overige tegenvallers op het ontvangstenbudget tellen op tot 3 miljoen euro.
Niet-kaderrelevant
Zorgtoeslag
Op basis van gegevens van de Dienst Toeslagen zijn de ontvangsten van de zorgtoeslag 4 miljoen euro lager dan geraamd.
Zorg
Zorg: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
106.611
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 2.230
Stand Najaarsnota
104.381
Meevallers
‒ 147
Actualisatie Zvw-uitgaven
‒ 133
Overige meevallers
‒ 14
Tegenvallers
68
Actualisatie Zvw-uitgaven
59
Actualisatie Wlz buiten kader
10
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
104.302
Zorg: Ontvangsten
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
5.930
Mutaties t/m Najaarsnota
29
Stand Najaarsnota
5.959
Meevallers
6
Actualisatie eigen bijdragen Wlz
6
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
5.965
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Actualisatie Zvw-uitgaven
De geraamde uitgaven binnen de Zorgverzekeringswet (Zvw) zijn geactualiseerd op basis van de meest recente informatie van het Zorginstituut en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Deze bijstellingen resulteren in een totale meevaller van 133,4 miljoen euro ten opzichte van de Najaarsnota 2025. De voornaamste onderschrijding zat op de sectoren medisch-specialistische zorg (-51,7 miljoen euro), de grensoverschrijdende zorg met het buitenland niet in het macroprestatiebedrag (-24,9 miljoen euro) en de uitgaven voor opleidingen (-14,0 miljoen euro). Per saldo worden de uitgaven binnen de Zvw met 74,7 miljoen euro naar beneden bijgesteld.
Overige meevallers
Op het artikel nominaal en onverdeeld is 14,0 miljoen euro niet tot besteding gekomen. De vrijval zit bij de Zvw op Pandemische paraatheid (-4,3 miljoen euro miljoen euro) en Voorwaardelijke toelating geneesmiddelen (-3,7 miljoen euro) en bij de Wlz op Scheiden wonen zorg (-6,0 miljoen euro).
Tegenvallers
Actualisatie Zvw-uitgaven
De geraamde uitgaven binnen de Zorgverzekeringswet (Zvw) zijn geactualiseerd op basis van de meest recente informatie van het Zorginstituut en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Deze bijstellingen resulteren in een totale tegenvaller van 58,7 miljoen euro ten opzichte van de Najaarsnota 2025. De voornaamste overschrijding zat op de sectoren overige curatieve zorg (14,0 miljoen euro), de huisartsenzorg (13,0 miljoen euro) en ambulancevervoer (12,9 miljoen euro). Per saldo worden de uitgaven binnen de Zvw met 74,7 miljoen euro naar beneden bijgesteld.
Actualisatie Wlz buiten kader
De geraamde uitgaven voor onderdelen van de Wlz die buiten het vastgestelde kader vallen, zijn geactualiseerd op basis van recente gegevens van het Zorginstituut en de NZa. De uitgaven zijn met 9,7 miljoen euro verhoogd.
Ontvangsten
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Actualisatie eigen bijdragen Wlz
De geraamde eigen bijdragen Wlz zijn op basis van de meest recente informatie van het Zorginstituut geactualiseerd. Dit leidt tot een meevaller van 6,2 miljoen euro bij de eigen bijdragen binnen de Wlz ten opzichte van de Najaarsnota 2025.
Gemeentefonds en provinciefonds (inclusief accres)
Gemeentefonds
Gemeentefonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
44.896
Mutaties t/m Najaarsnota
2.942
Stand Najaarsnota
47.838
Meevallers
‒ 137
Wijziging betalingsverloop algemene uitkering 2025
‒ 134
Overige meevallers
‒ 2
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
47.702
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Wijziging betalingsverloop algemene uitkering 2025
Op de algemene uitkering is in 2025 in totaal 134 miljoen euro minder uitbetaald dan het beschikbare budget. Op de decentralisatie-uitkeringen is 0,3 miljoen euro minder uitbetaald dan begroot. Dit betreft de wijziging betalingsverloop waarmee betalingen worden doorgeschoven naar het volgende begrotingsjaar. Bij het gemeentefonds is op de verschillende uitkeringen per definitie geen sprake van onderuitputting en zijn verplichtingen leidend. Dit betekent dat verplichtingen altijd volledig tot uitbetaling zullen komen. Kasmiddelen die in het betreffende begrotingsjaar niet tot uitbetaling zijn gekomen, zullen in een volgend begrotingsjaar alsnog tot uitbetaling komen.
Overige meevallers
In 2025 is sprake van een meevaller van 2 miljoen euro. Dit bestaat uit niet ingezette onderzoeksgelden die bestemd zijn voor onderzoek naar en onderhoud van de verdeelsystematiek van het gemeentefonds.
Accres Gemeentefonds
Accress Gemeentefonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
608
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 608
Stand Najaarsnota
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Provinciefonds
Provinciefonds: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
3.552
Mutaties t/m Najaarsnota
559
Stand Najaarsnota
4.111
Meevallers
‒ 17
Decentralisatie-uitkeringen
‒ 17
Overige meevallers
0
Overboekingen met andere begrotingen
7
Decentraal spoor
7
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
4.102
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Meevallers
Decentralisatie uitkeringen
Op de decentralisatie-uitkering is in 2025 in totaal 17 miljoen euro minder uitbetaald dan het beschikbare budget. Dit betreft de wijziging betalingsverloop waarmee betalingen worden doorgeschoven naar het volgende begrotingsjaar. Bij het provinciefonds is op de verschillende uitkeringen per definitie geen sprake van onderuitputting en zijn verplichtingen leidend. Dit betekent dat verplichtingen altijd volledig tot uitbetaling zullen komen. Kasmiddelen die in het betreffende begrotingsjaar niet tot uitbetaling zijn gekomen, zullen in een volgend begrotingsjaar alsnog tot uitbetaling komen.
Overige meevallers
In 2025 is er sprake van een meevaller van 0,1 miljoen euro door niet ingezette onderzoeksgelden die bestemd zijn voor onderzoek naar en onderhoud van de verdeelsystematiek van het provinciefonds. De middelen kunnen tot een maximum van 0,1 miljoen euro meegenomen worden naar het volgende begrotingsjaar.
Overboekingen met andere begrotingen
Decentraal spoor
Vanuit het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat is er voor het uitkeringsjaar 2025 een bijdrage gedaan van 7 miljoen euro aan de provincie Limburg middels een decentralisatie-uitkering via het provinciefonds, dekking van exploitatie- en beheerskosten. Met de provincie is begin november, na het opstellen van de najaarsnota, overeenstemming bereikt over de definitieve afspraken. Deze wijziging is gemeld in de Veegbrief van 15 december 2025 (Kamerstuk 36.800-VII, nr. 17) .
Accres Provinciefonds
Accres PROVINCIEFONDS: UITGAVEN
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
116
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 116
Stand Najaarsnota
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Uitgaven
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Prijsbijstelling
Prijsbijstelling: uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
1.502
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 1.502
Stand Najaarsnota
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Arbeidsvoorwaarden
Arbeidsvoorwaarden: Uitgaven
In miljoenen euro
2025
Stand Miljoenennota
4.018
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 4.018
Stand Najaarsnota
0
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
Aanvullende Post
Aanvullende Post
In miljoenen euro
2025
Stand Basisstand Miljoenennota
‒ 2.283
Mutaties t/m Najaarsnota
‒ 2.280
Stand Najaarsnota
‒ 4.562
In=uittaakstelling en aanvullende onderuitputting
3.189
Invulling in=uittaakstelling
1.612
Invulling aanvullende onderuitputting
1.577
Tegenvallers
1.373
Niet ingevulde aanvullende onderuitputting
1.373
Stand Financieel Jaarverslag Rijk
0
Mutaties t/m Najaarsnota 2025
De mutaties van de Miljoenennota 2025 tot en met de Najaarsnota 2025 staan toegelicht in de bijlage Verticale toelichting bij de Voorjaarsnota 2025, bij de Miljoenennota 2026 en bij de Najaarsnota 2025.
In=uittaakstelling en aanvullende onderuitputting
Invulling in=uittaakstelling
Bij het Financieel Jaarverslag Rijk is de in=uittaakstelling met circa 1,6 miljard euro ingevuld. De in=uittaakstelling is daarmee volledig ingevuld.
Invulling aanvullende onderuitputting
Bij het Financieel Jaarverslag Rijk is de aanvullende onderuitputting met circa 1,6 miljard euro ingevuld.
Tegenvallers
Niet ingevulde aanvullende onderuitputting
De aanvullende onderuitputting is niet volledig ingevuld. Het restant van circa 1,4 miljard euro leidt tot een verslechtering van het EMU-saldo.
Ondertekenaars
E. Heinen, minister van Financiën
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.