Inbreng verslag schriftelijk overleg : Inbreng verslag van een schriftelijk overleg inzake stand van zaken uitvoering moties en toezegging naar aanleiding van de initiatiefnota van het lid De Korte over een kritische reflectie op euthanasie bij psychisch lijden van jonge mensen (Kamerstuk 36624-17)
2026D04092 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
In de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport bestond bij enkele fracties
en groep behoefte een aantal vragen en opmerkingen voor te leggen aan de Staatssecretaris
van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de brief van 9 oktober 2025 inzake Stand
van zaken uitvoering moties en toezegging naar aanleiding van de initiatiefnota van
het lid De Korte over een kritische reflectie op euthanasie bij psychisch lijden van
jonge mensen (Kamerstuk 36 624, nr. 17).
De fungerend voorzitter van de commissie,
Mohandis
Adjunct-griffier van de commissie,
Meijerink
Inhoudsopgave
I.
Vragen en opmerkingen vanuit de fracties en groep
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de SGP-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de ChristenUnie-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de Groep-Markuszower
II.
Reactie van de Staatssecretaris
I. Vragen en opmerkingen vanuit de fracties en groep
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
De leden van de D66-fractie hebben kennisgenomen van de brief van de Staatssecretaris
over de Stand van zaken uitvoering moties en toezegging naar aanleiding van de initiatiefnota
van het lid De Korte over een kritische reflectie op euthanasie bij psychisch lijden
van jonge mensen. Genoemde leden hebben hierover op dit moment geen vragen aan de
Staatssecretaris.
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de brief van de
Staatssecretaris over de Stand van zaken uitvoering moties en toezegging naar aanleiding
van de initiatiefnota van het lid De Korte over een kritische reflectie op euthanasie
bij psychisch lijden van jonge mensen. Zij hebben geen aanvullende vragen of opmerkingen.
Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben kennisgenomen van de brief inzake Stand
van zaken uitvoering moties en toezegging naar aanleiding van de initiatiefnota van
het lid De Korte over een kritische reflectie op euthanasie bij psychisch lijden van
jonge mensen.
Naar aanleiding van de paragraaf «Motie van het lid Boomsma c.s. over onderzoek naar
de invloed van de staat van de ggz op euthanasieverzoeken en -meldingen van jonge
patiënten tot 30 jaar met psychische aandoeningen». De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie
lezen dat er momenteel een onderzoek loopt naar de stijging van het aantal euthanasieverzoeken
en -meldingen. Genoemde leden zijn benieuwd in hoeverre in dat onderzoek ook het aantal
mensen wordt meegenomen die een einde aan hun leven hebben gemaakt door te kiezen
voor versterving, dus door te stoppen met eten en drinken. Ook onder jongeren komt
dit voor. Worden hiervan cijfers bijgehouden? Zo ja, hoeveel mensen overlijden hierdoor
jaarlijks? Is ook bekend bij hoeveel de doodswens een gevolg is van psychisch lijden?
En hoeveel mensen zijn jonger dan 30 jaar? In hoeverre wordt er in het onderzoek ook
gekeken naar de mogelijke samenhang tussen euthanasie bij psychisch lijden onder jongeren
en ervaringen in de (gesloten) jeugdzorg?
Naar aanleiding van de paragraaf «Motie van het lid Westerveld c.s. over het in kaart
brengen wat nodig om betere hulp en nazorg te realiseren voor betrokkenen». De leden
van de GroenLinks-PvdA-fractie merkt op dat de Staatssecretaris bij de uitvoering
van deze motie vooral in kaart heeft gebracht welke hulp er al is, terwijl de motie
vroeg om in kaart te brengen wat er nodig is om betere hulp en nazorg te realiseren
voor betrokkenen. Heeft de Staatssecretaris gekeken of de hulp die er is voor naasten
en nabestaanden momenteel voldoende is? Zo ja, op welke manier is daarnaar gekeken?
Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie
De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van de stand van zaken uitvoering
moties en toezegging naar aanleiding van de initiatiefnota van het lid De Korte over
een kritische reflectie op euthanasie bij psychisch lijden van jonge mensen. Deze
leden hebben hier nog een enkele vraag bij.
De Staatssecretaris geeft aan dat de motie-Boomsma c.s. over de invloed van de staat
van de ggz op euthanasieverzoeken van jonge mensen niet binnen het lopende onderzoek
past. Dit omdat de vragen volgens ZonMw niet passend zouden zijn binnen de reikwijdte.
De leden van de CDA-fractie vragen waarom niet is gezocht naar een parallelle, aanvullende
onderzoekslijn binnen het bestaande onderzoek. Kan de Staatssecretaris explicieter
maken waarom dit niet mogelijk is gebleken?
In het vierde kwartaal van 2025 zou het Expertisecentrum Euthanasie een evaluatieonderzoek
uitvoeren naar zijn eigen mediarichtlijn. De leden van de CDA-fractie vragen of dit
onderzoek inmiddels gereed is, wat de uitkomsten zijn en of op basis hiervan iets
valt te concluderen met betrekking tot het Werther-effect.
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
De leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van de stand van zaken uitvoering
moties en toezegging naar aanleiding van de initiatiefnota van het lid De Korte over
een kritische reflectie op euthanasie bij psychisch lijden van jonge mensen. Genoemde
leden hebben geen vragen aan de Staatssecretaris.
Vragen en opmerkingen van de leden van de SGP-fractie
De leden van de SGP-fractie hebben met zorg kennisgenomen over de wijze waarop de
Staatssecretaris opvolging geeft aan de aangenomen (ontraden) moties. Zij hebben hierover
een aantal vragen.
De leden van de SGP-fractie constateren met teleurstelling dat de Staatssecretaris
de aangenomen motie van het lid Boomsma c.s. over onderzoek naar de invloed van de
staat van de ggz op euthanasieverzoeken en -meldingen van jonge patiënten tot 30 jaar
met psychische aandoeningen niet uitvoert. Zij verzoeken de Staatssecretaris, nu blijkt
dat de motie-Boomsma c.s. niet meengenomen kan worden met het lopende onderzoek naar
de oorzaak van de stijging van het aantal euthanasieverzoeken en -meldingen alsnog
opdracht te geven tot een separaat onderzoek naar de invloed van de staat van de ggz
op euthanasieverzoeken. Graag ontvangen zij een reactie op dit punt.
De leden van de SGP-fractie zijn overigens zeer benieuwd naar de resultaten van het
lopende onderzoek. De resultaten van dit onderzoek komen volgens de Staatssecretaris
in juni 2026 beschikbaar. Genoemde leden vragen om deze resultaten op dat moment per
ommegaande met de Kamer te delen.
De leden van de SGP-fractie vragen hoeveel geld er nodig is om van het SUNSET-onderzoek
een langlopende cohortstudie te maken tot 2030. Deelt de Staatssecretaris de wens
voor langlopend onderzoek naar euthanasie bij psychisch lijden, vergelijkbaar met
andere gevoelige medische thema’s?
De leden van de SGP-fractie zijn niet verrast, maar betreuren het wel dat de Staatssecretaris
geen noodzaak ziet voor het creëren van een noodventiel in de euthanasiewet. De Staatssecretaris
concludeert dat een noodventiel niet noodzakelijk en niet wenselijk is. De leden van
de SGP-fractie vragen hoe dan wordt geborgd dat bij onverwachte of snelle ontwikkelingen
alsnog tijdig kan worden ingegrepen. Zij vragen de Staatssecretaris om nader toe te
lichten waarom een noodventiel wordt gezien als aantasting van professionele autonomie,
terwijl het ook kan worden opgevat als extra waarborg voor zorgvuldigheid bij uitzonderlijke
situaties. Acht de Staatssecretaris het uitgesloten dat toekomstige ontwikkelingen,
zoals een verdere stijging bij jonge patiënten, alsnog aanleiding kunnen geven tot
heroverweging van wettelijke waarborgen?
De leden van de SGP-fractie lezen dat de mediarichtlijn van Expertisecentrum Euthanasie
eind 2025 zou worden geëvalueerd. Is deze evaluatie inmiddels afgerond en zo ja, kan
de Staatssecretaris de Kamer informeren over de uitkomsten hiervan?
Vragen en opmerkingen van de leden van de ChristenUnie-fractie
De leden van de ChristenUnie-fractie maken van de gelegenheid gebruik vragen te stellen
over de brief van de Staatssecretaris over de stand van zaken van de uitvoering van
moties en toezeggingen, naar aanleiding van de initiatiefnota De Korte over een kritische
reflectie op euthanasie bij psychisch lijden bij jonge mensen.
Ten aanzien van de motie Boomsma c.s. om meer wetenschappelijk onderzoek te doen naar
euthanasieverzoeken van jonge mensen tot 30 jaar die ernstig psychisch lijden vragen
de leden van de ChristenUnie-fractie of de NVvP-richtlijn al herzien is en zo ja,
op welke punten dit is gebeurd. Geeft de wijziging van de richtlijn antwoord op de
onderwerpen uit de motie, namelijk hoe uitzichtloosheid als zorgvuldigheidscriterium
bij euthanasie beoordeeld moet worden, de mate van zekerheid over prognoses bij psychisch
lijden en hoe dit zich verhoudt tot die van somatische aandoeningen die aanleiding
zijn voor euthanasie? Daarnaast vragen zij wat de stand van zaken is ten aanzien van
de gesprekken om het SUNSET-onderzoek een langlopende cohortstudie te maken.
Ten aanzien van de motie Bikker en Diederik van Dijk over een noodventiel in de Wet
toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Wtl) betreuren de leden
van de ChristenUnie-fractie het ten zeerste dat er geen noodzaak en wens wordt gezien
om een noodventiel in de wet op te nemen. Deze leden vinden dat met de redenering
dat de evaluaties van de wet geen aanleiding geven om hiernaar te kijken geen recht
wordt gedaan aan de zorgen die er leven in de samenleving en onder een deel van de
beroepsgroep, en de stand van de ggz, zoals in de motie verwoord. De leden Bikker
en Diederik van Dijk hebben, met steun van de meerderheid in de Kamer, gevraagd om
te bezien of en hoe de wet een juridische mogelijkheid kan creëren voor een noodventiel,
een tijdelijke pas op de plaats, als er onvoorziene ontwikkelingen bij elkaar komen
die niet in de wet worden afgedekt. Aangezien de ontwikkelingen rond euthanasie bij
psychisch lijden van jonge mensen pas de afgelopen jaren hard gaan, is het logisch
dat de evaluaties van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding
(Wtl) hier niet op ingaan. Bovendien zijn de leden van de ChristenUnie-fractie van
mening dat de wetsevaluaties zich vooral richten op het functioneren van de wet en
vrijwel niet op de ontwikkelingen in de samenleving. Deze leden vinden de evaluaties
van de Wtl dus geen afdoende bron om te kunnen concluderen of het nodig en wenselijk
is om een noodventiel aan te brengen. Kan de Staatssecretaris hierop reageren? Is
de Staatssecretaris bereid zich breder te laten informeren over nut en wenselijkheid
van een aanpassing van de wet, zo vragen de leden van de ChristenUnie-fractie. Zo
nee, waarom niet?
Ten aanzien van de motie Bikker c.s. over onderzoek naar de mediarichtlijn van Expertisecentrum
Euthanasie vragen de leden van de ChristenUnie-fractie wat de resultaten van het evaluatieonderzoek
van het Expertisecentrum Euthanasie zijn, en of dit onderzoek naar de Kamer kan worden
gestuurd. Is er wat de Staatssecretaris betreft reden om extern te laten onderzoeken
of de mediarichtlijn goed werkt? Deze leden vinden het beperkt dat het Expertisecentrum
Euthanasie de eigen richtlijn evalueert. In dit licht verbazen de leden van de ChristenUnie-fractie
zich erover dat de documentaire over Milou, «Milou’s strijd gaat door» door Nederland
is ingezonden voor de Emmy Awards. Heeft de NPO met het oog op de inzending getoetst
aan de mediarichtlijn, zo vragen de leden van de ChristenUnie-fractie.
De leden van de ChristenUnie-fractie blijven zich zorgen maken over euthanasie bij
psychisch lijden bij jongen mensen, de verdeeldheid in de sector en de media-aandacht
die psychiaters en betrokkenen krijgen die achter deze ontwikkeling staan, terwijl
waarschijnlijk een meerderheid in de sector hier flinke bezwaren tegen heeft. Deze
leden maken zich zorgen dat er langzaamaan een normalisering plaatsvindt van euthanasie
bij psychisch lijden bij jonge mensen terwijl er niet voldoende medisch-inhoudelijk,
ethisch en maatschappelijk is onderzocht en uitgewerkt wat de consequenties hiervan
zijn. Kan de Staatssecretaris ingaan op deze zorgen?
Tot slot verzoeken de leden van de ChristenUnie-fractie zodra het jaarverslag van
de Regionale toetsingscommissies euthanasie over 2025 afgerond is, deze naar de Kamer
te sturen, samen met gedetailleerde gegevens over het aantal jongeren onder 30 jaar
met de precieze leeftijd die vanwege psychisch lijden euthanasie hebben gekregen.
Vragen en opmerkingen van de leden van de Groep-Markuszower
De leden van de Groep-Markuszower hebben kennisgenomen van de stand van zaken en de
uitvoering rondom moties en toezeggingen naar aanleiding van de initiatiefnota van
het lid De Korte over een kritische reflectie op euthanasie bij psychisch lijden van
jonge mensen. Genoemde leden hebben hierover geen aanvullende vragen en opmerkingen.
II. Reactie van de Staatssecretaris
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
M. Mohandis, voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Mede ondertekenaar
J.J. Meijerink, adjunct-griffier
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.