Memorie van toelichting : Memorie van toelichting
Tweede Kamer der Staten-Generaal
InhoudsopgaveA. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTELB. BEGROTINGSTOELICHTING1 Leeswijzer2 Beleid2.1 Overzicht belangrijkste uitgaven- en ontvangstenmutaties3 Beleidsartikelen3.1 Artikel 1. Woningmarkt3.2 Artikel 2. Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit3.3 Artikel 3. Ruimtelijke ordening en Omgevingswet3.4 Artikel 4. Uitvoering Rijksvastgoedbeleid4 Niet-beleidsartikelen4.1 Artikel 12. Algemeen4.2 Artikel 13. Nog onverdeeld5 Agentschappen5.1 Dienst van de Huurcommissie (DHC)
36 850 XXII Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2025 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota)
Nr. 2 MEMORIE VAN TOELICHTING
Vergaderjaar 2025‒2026
A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL
Wetsartikelen 1 tot en met 3
De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2025 wijzigingen aan te brengen in:
1. de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;
2. de begrotingsstaat inzake de agentschappen van dit ministerie;
De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).
De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,M.C.G.Keijzer
B. BEGROTINGSTOELICHTING
1 Leeswijzer
De tweede suppletoire begroting geeft een beeld van de uitvoering van de begroting 2025. De tweede suppletoire begroting is opgebouwd vanaf de stand ontwerpbegroting 2025 (Kamerstukken II 2024/25, 36600 XXII).
Uitgangspunt bij de tabel budgettaire gevolgen van beleid is dat per artikel de beleidsmatige en technische mutaties toegelicht worden, die groter dan of gelijk zijn aan de ondergrens zoals deze in de Rijksbegrotingsvoorschriften zijn opgenomen, de zogenaamde staffel. In het kader van transparantie of anderszins kan het voorkomen dat mutaties beneden deze ondergrenzen ook worden toegelicht.
Tabel 1 Ondergrenzen conform Rijksbegrotingsvoorschriften 2025
Artikel
Beleidsmatige mutaties (ondergrens in € miljoen)
Technische mutaties (ondergrens in € miljoen)
1. Woningmarkt
Verplichtingen/Uitgaven: 10 mln.Ontvangsten: 5 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 20 mln.Ontvangsten: 10 mln.
2. Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit
Verplichtingen/Uitgaven: 10 mln.Ontvangsten: 5 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 20 mln.Ontvangsten: 10 mln.
3. Ruimtelijke ordening en Omgevingswet
Verplichtingen/Uitgaven: 5 mln.Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 10 mln.Ontvangsten: 2 mln.
4. Uitvoering Rijksvastgoedbeleid
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln.Ontvangsten: 2 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln.Ontvangsten: 4 mln.
11. Centraal apparaat
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln.Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln.Ontvangsten: 2 mln.
12. Algemeen
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln.Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln.Ontvangsten: 2 mln.
13. Nog onverdeeld
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln.Ontvangsten: 1 mln.
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln.Ontvangsten: 2 mln.
2 Beleid
2.1 Overzicht belangrijkste uitgaven- en ontvangstenmutaties
Tabel 2 Overzicht belangrijkste suppletoire uitgavenmutaties 2025 (Tweede suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
Artikel
Uitgaven 2025
Vastgestelde begroting 2025
9.395.732
Stand eerste suppletoire begroting 2025 (incl. NvW)
9.181.320
Stand suppletoire begroting september 2025
9.229.619
Mutaties tweede suppletoire begroting 2025
‒ 121.688
1
Woningbouwimpuls
1
‒ 57.000
2a
Overboeking Wet Regie naar gemeentefonds
1
‒ 48.801
2b
Overboeking Wet Regie naar provinciefonds
1
‒ 9.522
3
Wet Regie
1
‒ 36.906
4
RHA Studenten
1
19.008
5
Desalderingen RVB Flexwoningen
1
‒ 4.300
6
Desaldering ontvangsten woningbouw Caribisch Nederland
1
3.427
7a
Reallocatie DUMAVA naar Warmtefonds
2
103.531
7b
Reallocatie DUMAVA naar Warmtefonds
2
‒ 103.531
8
Bijdrage KGG aan SAH
2
10.000
9
Desaldering SAH
2
10.000
10
Afdracht btw-compensatiefonds Lokale Aanpak Isolatie
2
‒ 7.308
11
SPUK Programma Aardgasvrije Wijken
2
‒ 6.000
12
Herschikking beheer DSO-LV
3
‒ 12.790
13
Zakelijke lasten RVB
1, 4
4.122
14
Overige mutaties
Alle
1.274
Stand tweede suppletoire begroting 2025
9.107.931
Toelichting
1) Woningbouwimpuls
Op de Woningbouwimpuls is er voor minder middelen aangevraagd dan er eerder is geraamd. Deze middelen (€ 57 mln.) zullen daarom niet meer worden uitgegeven.
2) Overboekingen Wet Regie naar gemeentefonds en provinciefonds
Deze overboekingen zijn bedoeld voor de extra werkzaamheden die de medeoverheden op basis van het nog in werking te treden wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting krijgen. In een artikel-2-onderzoek is vastgesteld dat deze werkzaamheden financiële gevolgen (incidentele en structurele uitvoeringslasten) voor gemeenten en provincies hebben. Deze overboekingen zijn ter compensatie van de incidentele uitvoeringslasten. In dat onderzoek is de hoogte bepaald op € 48,8 mln. voor gemeenten en € 9,5 mln. voor provincies. Deze bedragen worden respectievelijk via het gemeentefonds en provinciefonds aan de medeoverheden uitgekeerd.
3) Wet Regie
De Wet Regie is aangenomen door de Tweede Kamer en ligt momenteel voor ter behandeling bij Eerste Kamer. De ingangsdatum zal daarom op zijn vroegst 1 januari 2026 zijn. De structurele uitvoeringskosten voor gemeenten en provincies die voor de tweede helft van 2025 gereserveerd waren (€ 36,9 mln.) zijn niet meer nodig en vallen daarom vrij.
4) RHA Studenten
Er is grote maatschappelijke behoefte aan extra studentenhuisvesting in Nederland. Binnen de Regeling Huisvesting Aandachtsgroepen (RHA) is er € 30 mln. beschikbaar voor het realiseren van studentenwoningen. De regeling is echter overtekend. Het kabinet trekt daarom € 19 mln. extra uit voor studentenhuisvesting. Dit wordt gedekt uit hogere terugontvangsten van de regeling en andere woningbouwregelingen die worden gedesaldeerd (€ 13,1 mln.) en reallocaties binnen RHA zelf (€ 5,9 mln.). Hiermee kunnen 2100 extra studentenwoningen worden gerealiseerd.
5) Desalderingen RVB Flexwoningen
Voor de inkoop en plaatsing van flexwoningen vinden meerdere desalderingen plaats van per saldo € - 4,3 mln. Dit wordt veroorzaakt door lager dan geraamde inkoopkosten en doordat een deel van de ingekochte flexwoningen nog niet op de definitieve locatie geplaatst is.
6) Desaldering ontvangsten woningbouw Caribisch Nederland
Een aantal teruggevorderde bedragen wordt opnieuw ingezet ten behoeve van Caribisch Nederland. Dit betreft een terugvordering van een subsidie om deze als renteloze lening te verstrekken. En zijn middelen van de verhuurderssubsidie teruggevorderd om dit jaar opnieuw in te zetten voor hetzelfde instrument.
7) Reallocatie DUMAVA naar Warmtefonds
Het budget voor de Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed (DUMAVA) wordt dit jaar gerealloceerd. Bij het Warmtefonds zijn dit jaar te weinig middelen om alle in aanmerking komende aanvragen te honoreren. Om vertraging in de warmtetransitie te voorkomen, wordt het budget van € 103,5 mln. uit DUMAVA toegevoegd aan het budget voor het Warmtefonds. Bij Voorjaarsnota 2026 zal dit budget in omgekeerde richting geschoven worden zodat dit per saldo budgetneutraal is voor beide regelingen.
8) Bijdrage KGG aan SAH
Met deze overboeking wordt aanvullend budget voor het instrument Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) bewerkstelligd. De ministeries van VRO en KGG dragen elk € 10 mln. bij, waardoor het budget van deze regeling eenmalig opgehoogd kan worden met € 20 mln. Met een gemiddelde bijdrage van € 6.000 per huurwoning kunnen hiermee de komende zes jaar ruim 3.000 huurwoningen aardgasvrij worden gemaakt door een aansluiting op een warmtenet. Bijkomend voordeel is dat particulieren en bedrijven gebruik kunnen maken van dezelfde warmtenetinfrastructuur die hiervoor gebouwd wordt. Met deze overboeking wordt voldaan aan de motie-Kröger (33043, nr. 123).
9) Desaldering SAH
De regeling is eind 2024 aangepast met ook de mogelijkheid van subsidie voor vastrecht warmtenetten. Een groot aantal aanvragers heeft een nieuwe aanvraag ingediend. Van deze dubbele aanvragers wordt de reeds aangevraagde subsidie ingetrokken, teruggevorderd en opnieuw verstrekt. De terugontvangsten worden gedesaldeerd en voor deze aanvragers opnieuw ingezet. Deze desaldering vormt de bijdrage van het ministerie van VRO aan de SAH zoals onder nummer 4 toegelicht.
10) Afdracht btw-compensatiefonds Lokale Aanpak Isolatie
Voor de derde tranche van de Lokale Aanpak Isolatie is in totaal € 473,8 mln. beschikbaar. Dit wordt middels specifieke uitkeringen beschikbaar gesteld aan gemeenten. Het gehele bedrag is door de gemeenten aangevraagd. Hiermee kunnen de woningen van eigenaar-bewoners en vve's worden verduurzaamd, die slecht geïsoleerd zijn en een lage WOZ-waarde hebben. Gemeenten hebben bij hun aanvraag aangegeven dat voor hun activiteiten € 7,3 mln. afdracht aan het btw-compensatiefonds nodig is. Dit bedrag wordt aan het fonds afgedragen.
11) SPUK Programma Aardgasvrije Wijken
Dit betreft een reallocatie van de middelen naar het juiste instrument voor het verlenen van een specifieke uitkering (SPUK) van € 6,0 mln. aan de aardgasvrije proeftuin in de gemeente Goeree-Overflakkee.
12) Herschikking beheer DSO-LV
Er vindt een herschikking plaats binnen de middelen voor het beheer van het DSO-LV, omdat de opdrachtverstrekking aan Rijkswaterstaat voor 2026 rechtstreeks zal verlopen.
13) Zakelijke lasten RVB
De extra uitgaven voor de zakelijke lasten van het RVB worden voornamelijk veroorzaakt door gestegen belastingen of later binnen gekomen aanslagen. Gemeenten sturen nog aanslagen uit eerdere jaren. Daarnaast stijgen ook WOZ-waardes als gevolg van renovaties. Tevens zijn er nieuwe panden opgeleverd.
Tabel 3 Overzicht belangrijkste suppletoire ontvangstenmutaties 2025 (Tweede suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
Artikel
Ontvangsten 2025
Vastgestelde begroting 2025
483.899
Stand eerste suppletoire begroting 2025
623.190
Stand suppletoire begroting september 2025
746.148
Mutaties tweede suppletoire begroting 2025
52.320
1
Desaldering terugvorderingen woningbouw
1
13.108
2
Desalderingen RVB Flexwoningen
1
‒ 4.300
3
Desaldering ontvangsten woningbouw Caribisch Nederland
1
3.427
4
Desaldering SAH
2
10.000
5
Desaldering btw-afdracht Lokale Aanpak Isolatie
2
7.308
6
Benzineveilingen
4
14.500
7
Overige mutaties
Alle
8.277
Stand tweede suppletoire begroting 2025
798.468
Toelichting
1) Desaldering terugvorderingen woningbouw
Een deel van de projecten die een aanvraag hebben gedaan voor eerdere tranches van de Regeling huisvesting aandachtsgroepen (RHA) en andere woningbouwregelingen voldoet niet aan de eisen voor een bijdrage. Deze middelen zijn teruggevorderd. Er wordt voor € 13,1 mln. aan ontvangsten op dit budget gedesaldeerd en toegevoegd aan het budget voor de RHA Studenten voor 2025.
2) Desalderingen RVB Flexwoningen
Voor de inkoop en plaatsing van flexwoningen vinden meerdere desalderingen plaats van per saldo € - 4,3 mln. Dit wordt veroorzaakt door lager dan geraamde inkoopkosten en doordat een deel van de ingekochte flexwoningen nog niet op de definitieve locatie geplaatst is.
3) Desaldering ontvangsten woningbouw Caribisch Nederland
Een aantal teruggevorderde bedragen wordt opnieuw ingezet ten behoeve van Caribisch Nederland. Dit betreft een terugvordering van een subsidie om deze als renteloze lening te verstrekken. En zijn middelen van de verhuurderssubsidie teruggevorderd om dit jaar opnieuw in te zetten voor hetzelfde instrument.
4) Desaldering SAH
De regeling is eind 2024 aangepast met ook de mogelijkheid van subsidie voor vastrecht warmtenetten. Een groot aantal aanvragers heeft een nieuwe aanvraag ingediend. Van deze dubbele aanvragers wordt de reeds aangevraagde subsidie ingetrokken, teruggevorderd en opnieuw verstrekt. De terugontvangsten worden gedesaldeerd en voor deze aanvragers ingezet. Deze desaldering vormt de bijdrage van het ministerie van VRO aan de SAH zoals onder nummer 4 van de uitgavenmutaties toegelicht.
5) Desaldering btw-afdracht Lokale Aanpak Isolatie
Voor de derde tranche van de Lokale Aanpak Isolatie is in 2025 budget beschikbaar gesteld in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma. Per abuis zijn de specifieke uitkeringen uitgekeerd aan de gemeenten inclusief de btw. Deze middelen zijn nu teruggevorderd en worden gedesaldeerd en afgedragen aan het btw-compensatiefonds.
6) Benzineveilingen
De generale ontvangsten uit de veiling van huurrechten van benzinestations langs rijkswegen zijn hoger dan eerder geraamd.
3 Beleidsartikelen
3.1 Artikel 1. Woningmarkt
Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid art. 1 Woningmarkt (Tweede suppletoire begroting 2025) (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
8.025.863
329.526
8.355.389
Uitgaven
6.831.464
‒ 159.674
6.671.790
1.1
Woningmarkt
6.363.504
‒ 96.548
6.266.956
Subsidies (regelingen)
120.536
‒ 1.232
119.304
Betaalbare Koopwoningen Starters
30.000
0
30.000
Bevordering eigen woningbezit
5.600
‒ 2.300
3.300
Ouderenhuisvesting
16.257
0
16.257
Stimuleringsmiddelen wooncoöperaties
61.654
0
61.654
Woningmarkt
5.711
616
6.327
Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid
1.314
452
1.766
Opdrachten
98.648
‒ 202
98.446
NHG risicovoorziening
91.499
0
91.499
Woningmarkt
5.490
‒ 531
4.959
Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid
1.659
329
1.988
Inkomensoverdrachten
5.894.838
0
5.894.838
Huurtoeslag
5.894.838
0
5.894.838
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
3.799
15
3.814
Woningmarkt
3.799
15
3.814
Bijdrage aan medeoverheden
216.114
‒ 92.903
123.211
Caribisch Nederland
18.100
3.507
21.607
Grote gezinnen
2.000
0
2.000
Opvang Evacuees
1.500
‒ 181
1.319
Uitvoeringskosten Wetsvoorstellen Regie en Betaalbare Huur
96.229
‒ 96.229
0
Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid
98.285
0
98.285
Bijdrage aan agentschappen
28.153
‒ 1.926
26.227
Dienst van de Huurcommissie
26.227
0
26.227
RVO (Uitvoeringskosten BEW)
1.926
‒ 1.926
0
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
1.416
‒ 300
1.116
Infrastructuur en Waterstaat (XII)
1.416
‒ 300
1.116
1.2
Woningbouw
467.960
‒ 63.126
404.834
Subsidies (regelingen)
28.026
‒ 11.268
16.758
Woningbouw
1.029
534
1.563
Opschalen Woningbouw
26.997
‒ 11.802
15.195
Garanties
3.000
0
3.000
Doorbouwgarantie
3.000
0
3.000
Opdrachten
9.927
1.341
11.268
Grootschalige woningbouwgebieden
4.318
‒ 2.712
1.606
Tijdelijke uitvoeringsorganisatie
72
0
72
Volkshuisvestingsfonds
770
0
770
Woningbouw
4.650
2.205
6.855
Woningbouwimpuls
117
0
117
Opschalen Woningbouw
0
1.848
1.848
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
320
0
320
CBS
320
0
320
Bijdrage aan medeoverheden
372.877
‒ 50.444
322.433
Grootschalige woningbouwgebieden
94.838
0
94.838
Kwetsbare groepen
34.700
‒ 5.735
28.965
Studentenwoningenstartbouwimpuls
30.000
19.008
49.008
Versnelling huisvesting
20.766
0
20.766
Vestigingsklimaat
68.750
0
68.750
Volkshuisvestingsfonds
45
0
45
Woningbouwimpuls
123.778
‒ 63.717
60.061
Bijdrage aan agentschappen
53.810
‒ 2.755
51.055
Grootschalige Rijksprojecten
13.716
0
13.716
RVB
39.400
‒ 4.300
35.100
RVO
694
1.545
2.239
Ontvangsten
563.334
12.235
575.569
Geschatte budgetflexibiliteit
Tabel 5 Geschatte budgetflexibiliteit art. 1 Woningmarkt (Tweede suppletoire begroting 2025)
2025
juridisch verplicht
93%
bestuurlijk gebonden
6%
beleidsmatig gereserveerd
1%
nog niet ingevuld/vrij te besteden
0%
Van het totale uitgavenbudget op artikel 1 is 93% juridisch verplicht.
Uitgaven
1.1 Woningmarkt
Bijdrage aan medeoverheden
Caribisch Nederland
Een aantal teruggevorderde bedragen wordt opnieuw ingezet ten behoeve van Caribisch Nederland. Dit betreft een terugvordering van een subsidie om deze als renteloze lening te verstrekken. En zijn middelen van de verhuurderssubsidie teruggevorderd om dit jaar opnieuw in te zetten voor hetzelfde instrument. Dit betreft € 3,4 mln.
Het restant (€ 0,1 mln.) betreft een kleine (technische) reallocatie.
Uitvoeringskosten Wetsvoorstellen Regie en Betaalbare Huur
Medeoverheden krijgen extra werkzaamheden op basis van het nog in werking te treden wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting. In een artikel-2-onderzoek is vastgesteld dat deze werkzaamheden financiële gevolgen (incidentele en structurele uitvoeringslasten) voor gemeenten en provincies hebben. Deze overboekingen zijn ter compensatie van de incidentele uitvoeringslasten. In dat onderzoek is de hoogte bepaald op € 48,8 mln. voor gemeenten en € 9,5 mln. voor provincies. Deze bedragen worden respectievelijk via het gemeentefonds en provinciefonds aan de medeoverheden uitgekeerd.
De Wet Regie is aangenomen door de Tweede Kamer en ligt momenteel voor ter behandeling bij Eerste Kamer. De ingangsdatum zal daarom op zijn vroegst 1 januari 2026 zijn. De structurele uitvoeringskosten voor gemeenten en provincies die voor de tweede helft van 2025 gereserveerd waren (€ 36,9 mln.) zijn niet meer nodig en vallen daarom vrij.
De resterende € 1,0 mln. betreft uitvoeringskosten van gemeenten voor de Wet maximering van huurprijsverhogingen in de geliberaliseerde sector (Wmhgh), die is aangescherpt naar aanleiding van de Wet betaalbare huur. Dit is de overboeking voor de uitvoeringskosten in 2025; bij Voorjaarsnota 2026 volgt een meerjarige overboeking voor de periode 2026-2029.
1.2 Woningbouw
Subsidies (regelingen)
Opschalen Woningbouw
De middelen voor opschalen woningbouw zijn onderdeel van de woningbouwenveloppe van € 5 mld. Dit betreft een saldo van diverse mutaties.
Het ministerie van VRO verstrekt een subsidie in het kader van innovatie en opschaling op het woningbouwdomein. Vanwege het centraal opdrachtgeverschap vanuit artikel 2 vindt er een reallocatie plaats van € 5,5 mln. naar het instrument «Energietransitie en duurzaamheid» om de subsidie te kunnen verstrekken via het juiste budget.
Daarnaast vindt een reallocatie plaats van het instrument subsidies naar het instrument opdrachten, om deze budgetten op het juiste instrument te verantwoorden. Het gaat in totaal om € 4,3 mln.
De resterende € 2,1 mln. betreft diverse kleine (technische) reallocaties en bijdragen aan andere departementen.
Bijdrage aan medeoverheden
Kwetsbare groepen
Voor de Regeling Huisvesting Aandachtgroepen (RHA) worden binnen hetzelfde instrument middelen gerealloceerd ten behoeve van de RHA Studenten. Dit betreft € 5,9 mln.
Het restant (€ 0,2 mln.) betreft een kleine (technische) reallocatie.
Studentenwoningenstartbouwimpuls
Er is grote maatschappelijke behoefte aan extra studentenhuisvesting in Nederland. Binnen de Regeling Huisvesting Aandachtsgroepen (RHA) is er € 30 mln. beschikbaar voor het realiseren van studentenwoningen. De regeling is echter overtekend. Het kabinet trekt daarom € 19 mln. extra uit voor studentenhuisvesting. Dit wordt gedekt uit hogere terugontvangsten van de regeling die worden gedesaldeerd (€ 13,1 mln.) en reallocaties binnen RHA zelf (€ 5,9 mln.). Hiermee kunnen 2100 extra studentenwoningen worden gerealiseerd.
Woningbouwimpuls
Op de Woningbouwimpuls is er voor minder middelen aangevraagd dan er eerder is geraamd. Deze middelen (€ 57 mln.) zullen daarom niet meer worden uitgegeven.
Daarnaast vindt er een reallocatie plaats voor de hoger dan verwachte zakelijke lasten op artikel 4. Hiervoor wordt € 6,7 mln. gerealloceerd van de Woningbouwimpuls naar het budget voor de zakelijke lasten.
Ontvangsten
Dit saldo betreft diverse desalderingen.
Een deel van de projecten die een aanvraag hebben gedaan voor eerdere tranches van de Regeling huisvesting aandachtsgroepen (RHA) en andere woningbouwregelingen voldoet niet aan de eisen voor een bijdrage. Deze middelen zijn teruggevorderd. Er wordt voor € 13,1 mln. aan ontvangsten op dit budget gedesaldeerd en toegevoegd aan het budget voor de RHA Studenten voor 2025.
Voor de inkoop en plaatsing van flexwoningen vinden meerdere desalderingen plaats van per saldo € - 4,3 mln. Dit wordt veroorzaakt door lager dan geraamde inkoopkosten en doordat een deel van de ingekochte flexwoningen nog niet op de definitieve locatie geplaatst is.
Een aantal teruggevorderde bedragen wordt opnieuw ingezet ten behoeve van Caribisch Nederland. Dit betreft een terugvordering van een subsidie om deze als renteloze lening te verstrekken. En zijn middelen van de verhuurderssubsidie teruggevorderd om dit jaar opnieuw in te zetten voor hetzelfde instrument. Dit betreft € 3,4 mln.
3.2 Artikel 2. Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit
Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 6 Budgettaire gevolgen van beleid art. 2 Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit (Tweede suppletoire begroting 2025) (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
2.162.589
30.809
2.193.398
Uitgaven
1.675.689
21.509
1.697.198
2.1
Energietransitie en duurzaamheid
1.637.417
23.203
1.660.620
Subsidies (regelingen)
795.354
16.974
812.328
Energiebesparing Koopsector
34.808
0
34.808
Energietransitie en duurzaamheid
31.475
‒ 56
31.419
Kennis- en innovatieprogramma bouwproductie stikstof
4.407
0
4.407
Maatschappelijk vastgoed fonds
49.910
0
49.910
Nationaal Groeifonds
26.571
498
27.069
Ontzorgen Vereniging van Eigenaren
6.258
0
6.258
Renovatieversneller
37.940
‒ 45
37.895
SAH
62.401
20.000
82.401
Subsidie verduurzaming en onderhoud huurwoningen
13.800
0
13.800
Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
335.788
‒ 104.954
230.834
Warmtefonds
112.500
103.531
216.031
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe
1.746
‒ 1.000
746
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe Wooncorperaties
76.750
0
76.750
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe innovatie
1.000
‒ 1.000
0
Opdrachten
7.460
‒ 750
6.710
Energietransitie en duurzaamheid
3.790
‒ 350
3.440
Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie
3.018
‒ 500
2.518
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe
652
100
752
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
4.058
‒ 1.305
2.753
Energietransitie en duurzaamheid
2.804
‒ 325
2.479
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe
1.254
‒ 980
274
Bijdrage aan medeoverheden
745.543
5.852
751.395
Nationaal Groeifonds
498
‒ 498
0
Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie
17.500
‒ 1.069
16.431
NIP (Lokale aanpak woningisolatie)
474.834
0
474.834
NIP (Soortenmanagement)
834
‒ 454
380
Ventilatie in scholen
0
127
127
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe
10.352
3.380
13.732
Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
490
0
490
Aardgasvrije wijken
0
4.866
4.866
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe ontzorgingsprogramma
3.500
‒ 500
3.000
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe isolatie en ventilatie
232.535
0
232.535
Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe uitvoeringsorganisatie
5.000
0
5.000
Bijdrage aan agentschappen
81.134
3.245
84.379
Dienst Publiek en Communicatie
2.303
0
2.303
RVB
14.638
0
14.638
RVO (Energietransitie en duurzaamheid)
39.656
4.995
44.651
RVO (Uitvoering Energieakkoord)
2.688
‒ 1.750
938
Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
21.849
0
21.849
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
3.868
‒ 813
3.055
EGO (innovatie)
2.748
‒ 67
2.681
Uitfaseren van slechte labels
911
‒ 746
165
Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
209
0
209
2.2
Bouwregelgeving en bouwkwaliteit
38.272
‒ 1.694
36.578
Subsidies (regelingen)
18.764
1.718
20.482
Biobased bouwen
13.492
0
13.492
Bouwregelgeving en bouwkwaliteit
4.572
0
4.572
Aanpak funderingsschade
700
1.718
2.418
Opdrachten
16.009
‒ 1.403
14.606
Bouwregelgeving en bouwkwaliteit
15.524
‒ 1.103
14.421
Aanpak funderingsschade
485
‒ 300
185
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
16
427
443
Overige bijdragen
16
145
161
Aanpak funderingsschade
0
282
282
Bijdrage aan medeoverheden
2.626
‒ 2.436
190
Aanpak funderingsschade
2.626
‒ 2.436
190
Bijdrage aan agentschappen
857
0
857
RVB
857
0
857
Ontvangsten
17.742
17.435
35.177
Geschatte budgetflexibiliteit
Tabel 7 Geschatte budgetflexibiliteit art. 2 Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit (Tweede suppletoire begroting 2025)
2025
juridisch verplicht
97%
bestuurlijk gebonden
3%
beleidsmatig gereserveerd
0%
nog niet ingevuld/vrij te besteden
0%
Van het totale uitgavenbudget op artikel 2 is 97% juridisch verplicht.
Uitgaven
2.1 Energietransitie en duurzaamheid
Subsidies (regelingen)
SAH
Dit betreft een saldo van diverse mutaties.
De ministeries van VRO en KGG dragen elk € 10 mln. bij aan de SAH (subsidieregeling aardgasvrije huurwoningen), waardoor het budget van deze regeling eenmalig opgehoogd kan worden met € 20 mln. Het ministerie van KGG doet hierbij een overboeking naar het ministerie van VRO van € 10,0 mln.
Daarnaast is de SAH eind 2024 aangepast met ook de mogelijkheid van subsidie voor vastrecht warmtenetten. Een groot aantal aanvragers heeft een nieuwe aanvraag ingediend. Van deze dubbele aanvragers wordt de reeds aangevraagde subsidie ingetrokken, teruggevorderd en opnieuw verstrekt. De terugontvangsten worden gedesaldeerd en voor deze aanvragers ingezet. Dit betreft € 10,0 mln. en is daarmee de bijdrage van het ministerie van VRO aan de SAH.
Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed
Het budget voor de Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed (DUMAVA) wordt dit jaar gerealloceerd. Bij het Warmtefonds zijn dit jaar te weinig middelen om de aanvragen te honoreren. Om vertraging in de warmtetransitie te voorkomen, wordt het budget van € 103,5 mln. uit DUMAVA toegevoegd aan het budget voor het Warmtefonds. Bij Voorjaarsnota 2026 zal dit budget in omgekeerde richting geschoven worden zodat dit per saldo budgetneutraal is voor beide regelingen.
Het restant (€ - 1,4 mln.) betreft diverse kleine (technische) reallocaties.
Warmtefonds
Het budget voor de Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed (DUMAVA) is dit jaar niet volledig uitgeput. Bij het Warmtefonds zijn dit jaar te weinig middelen om de aanvragen te honoreren. Om vertraging in de warmtetransitie te voorkomen, wordt het budget van € 103,5 mln. uit DUMAVA toegevoegd aan het budget voor het Warmtefonds. Bij Voorjaarsnota 2026 zal dit budget in omgekeerde richting geschoven worden zodat dit per saldo budgetneutraal is voor beide regelingen.
Ontvangsten
Dit saldo betreft drie desalderingen.
De SAH is eind 2024 aangepast met ook de mogelijkheid van subsidie voor vastrecht warmtenetten. Een groot aantal aanvragers heeft een nieuwe aanvraag ingediend. Van deze dubbele aanvragers wordt de reeds aangevraagde subsidie ingetrokken, teruggevorderd en opnieuw verstrekt. De terugontvangsten worden gedesaldeerd en voor deze aanvragers ingezet. Dit betreft € 10,0 mln.
Voor de derde tranche van de Lokale Aanpak Isolatie is in 2025 budget beschikbaar gesteld in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma. Per abuis zijn de beschikkingen (specifieke uitkeringen) uitgekeerd aan de gemeenten inclusief de btw. Deze middelen zijn nu teruggevorderd en worden gedesaldeerd en afgedragen aan het btw-compensatiefonds. Dit betreft € 7,3 mln.
Het restant (€ 0,1 mln.) betreft een kleine desaldering.
3.3 Artikel 3. Ruimtelijke ordening en Omgevingswet
Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 8 Budgettaire gevolgen van beleid art. 3 Ruimtelijke ordening en Omgevingswet (Tweede suppletoire begroting 2025) (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
412.559
14.765
427.324
Uitgaven
477.072
6.287
483.359
3.1
Ruimtelijke ordening
68.233
1.602
69.835
Subsidies (regelingen)
1.701
328
2.029
Basisregistraties
581
0
581
Programma Ruimtelijk Ontwerp
0
220
220
Ruimtelijk instrumentarium (diversen)
300
0
300
VNG
820
0
820
Gebiedsontwikkeling
0
108
108
Opdrachten
11.018
‒ 1.484
9.534
Basisregistraties Ondergrond
1.113
0
1.113
Gebiedsontwikkeling
923
‒ 198
725
Geo-informatie
327
‒ 100
227
Nationaal Groeifonds
27
0
27
Programma Ruimtelijk Ontwerp
4.231
‒ 1.168
3.063
Ruimtelijk instrumentarium (diversen)
4.397
‒ 18
4.379
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
37.440
3.588
41.028
Diverse bijdragen
0
421
421
Geonovum
2.575
296
2.871
Kadaster (basisregistraties)
32.837
3.090
35.927
Nationaal Groeifonds
1.528
0
1.528
Natuurherstelverordening
500
‒ 219
281
Bijdrage aan medeoverheden
9.698
‒ 550
9.148
Diverse projecten ruimtelijke kwaliteit
6.483
‒ 30
6.453
Nationaal Groeifonds
215
0
215
Ruimtelijk instrumentarium (diversen)
3.000
‒ 520
2.480
Bijdrage aan agentschappen
8.376
‒ 280
8.096
ICTU
2.980
‒ 189
2.791
RIVM
126
0
126
RVB
3.230
542
3.772
RWS (leefomgeving)
2.040
‒ 633
1.407
3.2
Omgevingswet
76.625
4.910
81.535
Subsidies (regelingen)
2.581
0
2.581
Eenvoudig Beter
2.581
0
2.581
Opdrachten
2.284
‒ 497
1.787
Aan de Slag
2.069
‒ 700
1.369
Serviceteam Rijk
215
203
418
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
51.302
‒ 10.315
40.987
Kadaster
51.302
‒ 10.315
40.987
Bijdrage aan agentschappen
20.458
15.722
36.180
Aan de Slag
15.827
15.861
31.688
RWS (STR)
3.344
‒ 521
2.823
Serviceteam Rijk
1.287
382
1.669
3.3
Regio
332.214
‒ 225
331.989
Opdrachten
263
‒ 186
77
Regiodeals
263
‒ 186
77
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
477
‒ 39
438
Regiodeals
477
‒ 39
438
Bijdrage aan medeoverheden
331.474
0
331.474
Regiodeals
331.474
0
331.474
Ontvangsten
11.127
6.757
17.884
Geschatte budgetflexibiliteit
Tabel 9 Geschatte budgetflexibiliteit art. 3 Ruimtelijke ordening en Omgevingswet (Tweede suppletoire begroting 2025)
2025
juridisch verplicht
99%
bestuurlijk gebonden
0%
beleidsmatig gereserveerd
1%
nog niet ingevuld/vrij te besteden
0%
Van het totale uitgavenbudget op artikel 3 is 99% juridisch verplicht.
Uitgaven
3.2 Omgevingswet
Bijdrage aan ZBO's/RWT's
Kadaster
Dit betreft een saldo van diverse mutaties.
Er vindt een herschikking plaats binnen de middelen voor het beheer van het DSO-LV van bijdrage aan ZBO's/RWT's naar bijdrage aan agentschappen, omdat de opdrachtverstrekking aan Rijkswaterstaat voor 2026 rechtstreeks zal verlopen. Het gaat om € 12,8 mln.
Het restant (€ 2,5 mln.) betreft diverse kleine (technische) desalderingen.
Bijdrage aan agentschappen
Aan de Slag
Dit betreft met name de herschikking binnen de middelen voor het beheer van het DSO-LV van bijdrage aan ZBO's/RWT's naar bijdrage aan agentschappen. Het gaat om € 12,8 mln.
Het restant (€ 3,1 mln.) betreft met diverse kleine (technische) reallocaties en desalderingen en een overboeking van het ministerie van IenW van € 0,8 mln. voor de verrekening van de kosten voor de niet-Omgevingswet-dienstverlening van het Informatiepunt Leefomgeving.
Ontvangsten
Dit saldo betreft diverse desalderingen. De grootste desalderingen betreffen het beheer en de doorontwikkeling van NGII voor het Kadaster (€ 2,2 mln.) en terugbetalingen van het KOOP omtrent DSO-LV (€ 1,5 mln.).
3.4 Artikel 4. Uitvoering Rijksvastgoedbeleid
Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 10 Budgettaire gevolgen van beleid art. 4 Uitvoering Rijksvastgoedbeleid (Tweede suppletoire begroting 2025) (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
207.499
10.190
217.689
Uitgaven
207.499
10.190
217.689
4.1
Doelmatige Rijkshuisvesting
113.720
‒ 4.649
109.071
Bijdrage aan agentschappen
113.720
‒ 4.649
109.071
RVB (Bijdrage voor huisvesting HCvS)
75.282
‒ 4.000
71.282
RVB (Bijdrage voor huisvesting Koninklijk Huis)
18.524
0
18.524
RVB (Bijdrage voor huisvesting Ministerie van AZ)
7.674
0
7.674
RVB (Bijdrage voor monumenten)
4.453
0
4.453
RVB (Bijdrage voor rijkshuisvesting)
7.787
‒ 649
7.138
4.2
Beheer materiële activa
93.779
14.839
108.618
Bijdrage aan agentschappen
93.779
14.839
108.618
RVB
19.016
0
19.016
RVB (Bijdrage voor compensatiegronden en erfpachtrecht)
15.000
0
15.000
RVB (Onderhoud en beheerkosten)
5.314
0
5.314
RVB (Zakelijke lasten)
54.449
14.839
69.288
Ontvangsten
153.945
15.893
169.838
Geschatte budgetflexibiliteit
Tabel 11 Geschatte budgetflexibiliteit art. 4 Uitvoering Rijksvastgoedbeleid (Tweede suppletoire begroting 2025)
2025
juridisch verplicht
98%
bestuurlijk gebonden
0%
beleidsmatig gereserveerd
2%
nog niet ingevuld/vrij te besteden
0%
Van het totale uitgavenbudget op artikel 4 is 98% juridisch verplicht.
Uitgaven
4.1 Doelmatige Rijkshuisvesting
Bijdrage aan agentschappen
RVB (Bijdrage voor huisvesting HCvS)
Er zijn minder middelen nodig voor de huisvesting van de Hoge Colleges van Staat als gevolg latere opleveringen van (deel)projecten. € 4,0 mln. wordt gerealloceerd ten behoeve van de zakelijke lasten van het RVB.
4.2 Beheer materiële activa
Bijdrage aan agentschappen
RVB (Zakelijke lasten)
De extra uitgaven voor de zakelijke lasten van het RVB (€ 14,8 mln.) worden voornamelijk veroorzaakt door gestegen belastingen of later binnengekomen aanslagen. Gemeenten sturen aanslagen uit eerdere jaren. Daarnaast stijgen ook WOZ-waardes als gevolg van renovaties. Tevens zijn er nieuwe panden opgeleverd. Deze middelen worden gerealloceerd vanuit de Woningbouwimpuls op art. 1 en de bijdrage voor huisvesting Hoge Colleges van Staat op dit artikel.
Ontvangsten
De generale ontvangsten uit de veiling van huurrechten van benzinestations langs rijkswegen zijn hoger dan eerder geraamd. Dit gaat om € 14,5 mln.
Het restant (€ - 1,4 mln.) betreft twee kleine (technische) desalderingen.
4 Niet-beleidsartikelen
4.1 Artikel 12. Algemeen
Tabel 12 Algemeen (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
34.321
0
34.321
Uitgaven
34.321
0
34.321
12.1
Algemeen
34.321
0
34.321
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
34.321
0
34.321
Financiën (IXB)
34.321
0
34.321
Ontvangsten
0
0
0
Toelichting
Voor artikel 12 zijn er ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 geen wijzigingen te melden.
4.2 Artikel 13. Nog onverdeeld
Tabel 13 Nog onverdeeld (bedragen x € 1.000)
Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire begrotingen, NvW en amendementen) (1)
Mutaties 2e suppletoire begroting (2)
Stand 2e suppletoire begroting (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
3.574
0
3.574
Uitgaven
3.574
0
3.574
13.0
Nog onverdeeld
3.574
0
3.574
Nog te verdelen
3.574
0
3.574
Prijsbijstelling
3.574
0
3.574
Ontvangsten
0
0
0
Toelichting
Voor artikel 13 zijn er ten opzichte van de suppletoire begroting september 2025 geen wijzigingen te melden.
5 Agentschappen
5.1 Dienst van de Huurcommissie (DHC)
Exploitatieoverzicht
Tabel 14 Exploitatieoverzicht agentschap DHC (Tweede suppletoire begroting 2025) (bedragen x € 1.000)
(1) Vastgestelde begroting (incl. Suppletoire Begrotingen, NvW en amendementen)
(2) Mutaties 2e suppletoire begroting
Totaal geraamd (3) = (1) + (2)
Baten
- Omzet
40.660
2.247
42.907
waarvan omzet moederdepartement
24.680
1.547
26.227
waarvan omzet overige departementen
‒
‒
‒
waarvan omzet derden
15.980
700
16.680
Rentebaten
‒
‒
‒
Vrijval voorzieningen
‒
‒
‒
Bijzondere baten
‒
9
9
Totaal baten
40.660
2.256
42.916
Lasten
Apparaatskosten
40.364
‒ 1.234
39.130
- Personele kosten
32.606
‒ 4.600
28.006
waarvan eigen personeel
23.872
‒ 1.023
22.849
waarvan inhuur externen
7.457
‒ 3.500
3.957
waarvan overige personele kosten
1.277
‒ 77
1.200
- Materiële kosten
7.758
3.366
11.124
waarvan apparaat ICT
3.992
‒ 43
3.949
waarvan bijdrage aan SSO's
‒
2.775
2.775
waarvan overige materiële kosten
3.766
634
4.400
Rentelasten
‒
‒
‒
Afschrijvingskosten
296
‒ 261
35
- Materieel
296
‒ 261
35
waarvan apparaat ICT
280
‒ 280
‒
waarvan overige materiële afschrijvingskosten
16
19
35
- Immaterieel
‒
‒
‒
Overige lasten
‒
‒
‒
waarvan dotaties voorzieningen
‒
‒
‒
waarvan bijzondere lasten
‒
‒
‒
Totaal lasten
40.660
‒ 1.495
39.165
Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening
‒
3.751
3.751
Agentschapsdeel Vpb-lasten
‒
‒
‒
Saldo van baten en lasten
‒
3.751
3.751
Toelichting
Baten
Omzet moederdepartement
De bijdrage van het moederdepartement is in lijn gebracht met de betalingen door het ministerie van VRO.
Omzet derden
De omzet van derden bestaat uit de verhuurderbijdrage en de ontvangen leges. Deze laatste post is aan de hand van de realisatiecijfers in 2025 naar boven bijgesteld met € 0,7 mln.
Lasten
Apparaatskosten
Personele kosten
De organisatie van de Huurcommissie is gedurende in 2025 verder op sterkte gebracht in lijn met het nieuw vastgestelde Organisatie & Formatie rapport. Dit heeft de nodige tijd gekost met als gevolg dat de realisatie lager zal uitkomen dan geraamd.
Na de reorganisatie heeft een verambtelijking plaatsgevonden waarmee het mogelijk is geweest de externe inhuur terug te dringen richting het niveau van de Roemernorm.
Materiële kosten
De Huurcommissie wordt steeds meer een ict-gedreven organisatie. Dit leidt tot extra noodzakelijke kosten voor beheer en nieuwe ontwikkeling. Daarnaast heeft begin 2025 een migratie plaatsgevonden naar de shared service organisatie SSC-ICT met een eenmalige en structurele last richting de SSO’s tot gevolg.
Afschrijvingskosten
Door de overgang naar SSC-ICT heeft de Huurcommissie geen ict-middelen meer in eigen beheer. De ict-middelen zijn overgedragen aan SSC-ICT. Hierdoor vinden geen investeringen meer plaats en vervalt de post afschrijvingskosten.
Kasstroomoverzicht
Tabel 15 Kasstroomoverzicht agentschap DHC (Tweede suppletoire begroting 2025) (bedragen x € 1.000)
(1) Vastgestelde begroting
(2) Mutaties 2e suppletoire begroting
Totaal geraamd (3) = (1) + (2)
1.
Rekening courant RHB 1 januari + depositorekeningen
721
‒
721
Totaal ontvangsten operationele kasstroom (+)
40.660
2.256
42.916
Totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-)
‒ 40.364
1.234
‒ 39.130
2.
Totaal operationele kasstroom
296
3.490
3.786
Totaal investeringen (-/-)
‒ 300
300
‒
Totaal boekwaarde desinvesteringen (+)
‒
‒
‒
3.
Totaal investeringskasstroom
‒ 300
300
‒
Eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-)
‒
‒
‒
Eenmalige storting door moederdepartement (+)
‒
‒
‒
Aflossingen op leningen (-/-)
‒
‒
‒
Beroep op leenfaciliteit (+)
‒
‒
‒
4.
Totaal financieringskasstroom
‒
‒
‒
5.
Rekening courant RHB 31 december (=1+2+3+4)
717
3.790
4.507
Toelichting
Operationele kasstroom
In de offerte van de Huurcommissie is de moederbijdrage vastgesteld op een hoger bedrag, tevens zijn de leges hoger dan geraamd. Daar tegenover staan lagere kosten als gevolg van een lagere instroom van zaken. Per saldo leidt dit tot een mutatie van circa € 3,5 mln.
Investeringskasstroom
Door de overgang naar SSC-ICT is de investeringskasstroom neerwaarts bijgesteld.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
M.C.G. Keijzer, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.