Stenogram : Brand vluchtelingenkamp Lesbos
10 Brand vluchtelingenkamp Lesbos
Vergaderjaar 2019-2020
Vergaderingnummer 100
Te raadplegen sinds
2020-09-23Inhoudsopgave
Gerelateerde informatie
Toon alle stukken over dossier19637Toon alle items in vergaderingHandelingen TK 2019-2020, 100
Aan de orde is het VAO Brand vluchtelingenkamp Lesbos (AO d.d. 10/9).
De voorzitter:
Aan de orde is het VAO Brand vluchtelingenkamp Lesbos. Ik heet de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van harte welkom. Ik geef de heer Jasper van Dijk namens de SP het woord.
De heer Jasper van Dijk (SP):
Voorzitter. Het is zonder meer positief dat er na maanden duwen en trekken eindelijk een aantal mensen, 100 om precies te zijn, van de Griekse eilanden naar Nederland wordt uitgenodigd. Het is echter buitengewoon wrang dat dit pas gebeurt nadat er een verschrikkelijke brand plaatsvindt op Lesbos en dat dit ten koste gaat van 100 andere te hervestigen vluchtelingen, zodat er per saldo helemaal nul komma niks, nada gebeurt wat betreft het aantal op te nemen vluchtelingen in Nederland. Het zou van moed getuigen als de regering zou zeggen: wij verhogen het aantal te hervestigen vluchtelingen met 100 mensen, van 500 naar 600. Daartoe roept deze motie op.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat door de UNHCR is vastgesteld dat 1,4 miljoen vluchtelingen in aanmerking komen voor hervestiging;
overwegende dat nu 100 mensen van de Griekse eilanden worden uitgenodigd, maar dat dit wordt verrekend met het aantal te hervestigen vluchtelingen zodat er per saldo niemand bij komt;
verzoekt de regering het aantal vluchtelingen dat per jaar in aanmerking komt voor hervestiging met 100 te verhogen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Jasper van Dijk, Kuiken, Van Ojik, Van Kooten-Arissen en Azarkan.
Zij krijgt nr. 2653 (19637).
Dank u wel, meneer Jasper van Dijk. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Kuiken namens de PvdA.
Mevrouw Kuiken (PvdA):
Voorzitter. Na een diepe crisis, een heel grote humanitaire crisis, verwacht je een ruim gebaar zonder dat daar handel voor nodig is. Het is daarom ook bedroevend, beschamend, dat er wel 100 kwetsbare vluchtelingen naar Nederland mogen komen, maar dat de deur gesloten wordt voor andere kwetsbare vluchtelingen wereldwijd, uit Sudan, Libië, voor wie we ook een plek wilden bieden. Daarmee is de coalitie wel uit de brand, maar zijn echt kwetsbare mensen niet geholpen.
Voorzitter. We hebben de motie-Nijboer, waarin we nog steeds oproepen om 500 kwetsbare kinderen op te nemen. Ik begrijp heel goed dat de coalitie daar niet in meegaat, maar als je ruimhartig wilt zijn, een echt gebaar wilt maken, dan zou ik op willen roepen om in ieder geval de motie van de heer Van Dijk te steunen. Om die reden heb ik die ook medeondertekend.
Voorzitter. Ik snap best dat het af en toe ongelooflijk moeilijk is om in een coalitie samen tot afspraken tot komen, maar echte crisissen vragen ook om leiderschap, vragen erom om over je eigen schaduw heen te stappen. Ze vragen er ook om om geen feestje te bouwen omdat je weer een sneller of strikter asielsysteem krijgt. Ze vragen erom om echt iets te doen. Ik vind het gewoon treurig. Het doet me een beetje pijn dat dat vanavond niet is gelukt.
Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw Kuiken. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Van Kooten-Arissen.
Mevrouw Van Kooten-Arissen (vKA):
Voorzitter, dank u wel. Ik heb wat minder spreektijd, dus ik ga meteen over naar mijn motie.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat uitgenodigde vluchtelingen vanuit de UNHCR geen asielprocedure doorlopen en direct gehuisvest worden;
verzoekt de regering om de 100 in Nederland op te nemen Moria-vluchtelingen na aankomst in Nederland dezelfde rechten te verlenen als zij zouden krijgen als UNHCR-hervestigers die op uitnodiging in Nederland komen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van Kooten-Arissen en Kuiken. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 2654 (19637).
Een korte vraag, mevrouw Kuiken.
Mevrouw Kuiken (PvdA):
Ik zou heel graag willen meetekenen, want het is een heel terecht punt dat mevrouw Van Kooten-Arissen hier opbracht in het debat.
De voorzitter:
Dank u wel.
Mevrouw Van Kooten-Arissen (vKA):
Ja, graag.
De voorzitter:
Ik geef nu het woord aan mevrouw Becker namens de VVD.
Mevrouw Becker (VVD):
Voorzitter, dank u wel. In het AO zei ik ook al dat we verschrikkelijke beelden hebben gezien van de Griekse eilanden. Die beelden zien we al langer, maar deze week zagen we dat door de brand in kamp Moria 13.000 mensen zijn ontheemd. Er is hier echt iets aan de hand. Dit heeft ook geleid tot een nieuwe politieke realiteit. Er wordt een gebaar gemaakt om een groep met de meest kwetsbare kinderen, de meest kwetsbare gezinnen, de mogelijkheid te geven om in Nederland in de asielprocedure te gaan. Hierbij is ook oog voor het draagvlak hiervoor in onze eigen samenleving. Ik vind het heel belangrijk dat dit is gelukt en dat we kunnen zeggen: dit betekent niet dat het aantal vluchtelingen in Nederland hierdoor omhooggaat. Maar het betekent wel dat we de asielprocedure efficiënter gaan maken, dat we sneller de verblijfsvergunning kunnen ontnemen van statushouders die zich niet gedragen en dat we mensensmokkel strafbaar stellen.
Ik hoorde mevrouw Kuiken net zeggen: het is een feestje dat ik een beetje cynisch vind. Ik zou willen zeggen: het is niet een cynisch feestje dat ik vier, maar het draagt allemaal bij aan draagvlak en houdbaarheid van een asielstelsel dat rechtvaardig is. Het is juist in het belang van die kwetsbare vluchtelingen die uiteindelijk een beroep op ons doen, dat we tegen mensen die geen recht hebben op asiel of die zich hier misdragen, kunnen zeggen: ga terug naar waar je vandaan komt. Dat regelen we vandaag op een heel faire manier met een nieuwe balans. Daar ben ik blij mee.
De voorzitter:
Meneer Van Ojik, ik zie u staan. Jullie hebben hier uren over gesproken. U mag een korte vraag stellen, maar het is niet de bedoeling om het algemeen overleg hier dunnetjes over te doen. U schudt nee, dus ik houd u daaraan.
De heer Van Ojik (GroenLinks):
In de laatste 24 uur is binnen de coalitie koortsachtig onderhandeld. We moesten ons debat daarvoor zelfs vijf uur uitstellen. Wat zit er in het akkoord, of in de deal, waar mevrouw Becker van de VVD minder gelukkig mee is? Waar heeft zij een concessie gedaan om tot een goed akkoord te komen?
Mevrouw Becker (VVD):
Het is wel een klein beetje een herhaling van het algemeen overleg, want ik heb dit ook aangegeven in het algemeen overleg. U weet dat het niet mijn idee is om migranten van Griekse eilanden naar Nederland te halen. We hebben als VVD al jarenlang bijgedragen aan heel veel structurele oplossingen ter plaatse, zoals het verbeteren van voorzieningen en omstandigheden en het sturen van dekens en deskundigen. Onze staatssecretaris heeft toegezegd daar shelters te gaan bouwen. Maar wij willen niet dat er een prikkel in het systeem is, waardoor het voor mensen loont om op het bootje van die mensensmokkelaar naar dat eiland te stappen.
De voorzitter:
Goed. U zegt zelf dat ...
Mevrouw Becker (VVD):
Voor nu, in deze unieke situatie, hebben we daar voor één keer een uitzondering op gemaakt, omdat we dat in een balans hebben kunnen doen.
De voorzitter:
De heer Emiel van Dijk, ook voor u geldt dezelfde opmerking.
De heer Emiel van Dijk (PVV):
Ik houd het heel kort. Ik geloof dat dit de vijfde of zesde uitzondering in de afgelopen tien jaar is, sinds de VVD aan de knoppen zit. Ik wil wel even deze misinformatie van mevrouw Becker van de VVD rechtzetten, want mensen weten dat zij alleen voor de bühne zegt: we gaan mensen uitzetten en we gaan voor een strengere aanpak. Met alle respect, maar de staatssecretaris slaat nog geen deuk in een pakje boter. Ze mag nog niet eens in Marokko op bezoek komen om vervelende Marokkanen uit te zetten.
De voorzitter:
Meneer Van Dijk ...
De heer Emiel van Dijk (PVV):
Dit moet wel in de Handelingen worden opgenomen, want de VVD komt er niet mee weg om continu dit soort misinformatie tentoon te spreiden.
De voorzitter:
Mevrouw Becker, u mag hier kort op reageren Tenminste, als u dat wilt.
Mevrouw Becker (VVD):
Kortheidshalve zal ik verwijzen naar het AO. Ik heb daar een hele lijst genoemd van daden die de staatssecretaris heeft gesteld om juist de raddraaiers achter slot en grendel te kunnen zetten. Ik wijs op iets wat we nu ook weer in deze afspraken doen. We zeggen: het hoeft niet meer alleen een opiumdelict te zijn, maar allerlei soorten zware delicten gaan een titel zijn om je verblijfsvergunning te kunnen afpakken. Dat is weer een heel goede concrete stap ...
De voorzitter:
Nee, mevrouw Becker, ook u mag niet meer.
Mevrouw Becker (VVD):
... in plaats van te roepen langs de zijlijn.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan de heer Van Ojik namens GroenLinks.
De heer Van Ojik (GroenLinks):
Voorzitter. Ik ben in het debat heel kritisch geweest. Dat is niet omdat er een compromis is gesloten, want ik snap heel goed dat dat moet. Dat is ook niet omdat er maar een klein stapje is gezet, want ik snap heel goed dat dat soms moet. Het is omdat ons iets als een deal wordt verkocht, wat helemaal geen deal is. Er is helemaal geen deal. Want wat is er uitonderhandeld, als onderdeel van die deal? Dat is iets wat al kon, namelijk gewoon kinderen overnemen van de Griekse eilanden onder de UNHCR-plafond. Wat we nu extra doen, 100 kinderen en kwetsbaren overnemen, betekent dat 100 kinderen en kwetsbaren in Libanon, of in Sudan, nu geen toegang meer hebben tot Nederland. Wat ons dus als een deal wordt verkocht, is geen deal. Dat is de reden dat ik hierover namens mijn fractie zeer kritisch ben geweest.
De reacties in dit debat van de verschillende fracties spraken boekdelen. Mevrouw Becker was heel blij. Ze zei met het bereikte akkoord "erg blij" te zijn. De heer Groothuizen had het over "een heel klein stapje". De heer Voordewind zei: u moet niet verwachten dat ik op de banken ga staan dansen. Dat zegt al genoeg.
Voorzitter, ik heb een motie. Die motie behelst het verzoek aan de staatssecretaris om met al die gemeenten in gesprek te gaan. Die 160 gemeenten, van heel uiteenlopende politieke kleur, hebben gezegd dat ze wel iets extra's willen doen.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat meer dan 160 gemeenten hebben aangegeven bereid te zijn bij te dragen aan de opvang van alleenstaande minderjarigen die momenteel onder slechte omstandigheden op de Griekse eilanden verblijven;
overwegende dat gemeenten uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor de huisvesting van statushouders in Nederland, en het daarom logisch is gemeenten ook invloed te geven op de selectie van kwetsbare vluchtelingen die in Nederland hervestigd kunnen worden;
verzoekt de regering om gemeenten die aan hun reguliere taakstelling voor hervestiging voldoen, in staat te stellen additionele plekken voor hervestigde statushouders aan te bieden boven de reguliere gemeentelijke taakstelling en het Nederlandse UNHCR-hervestigingsquotum, en de VN-vluchtelingenorganisatie te verzoeken hiertoe kwetsbare vluchtelingen te selecteren op de Griekse eilanden,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van Ojik, Jasper van Dijk en Kuiken. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 2655 (19637).
Dank u wel, meneer Van Ojik. Dan geef ik nu het woord aan de heer Emiel van Dijk namens de PVV.
De heer Emiel van Dijk (PVV):
Dank u wel, voorzitter. De VVD is weer door de knieën gegaan. 100 man, en hun hele familie, wordt opgehaald uit Griekenland. Het is de zoveelste knieval van de VVD voor linkse drammers. Illegale migranten steken hun eigen onderkomen in brand en zingen: burn, Moria, burn. Ze marcheren al fluitend op weg naar de haven om hun transfer naar het vasteland af te dwingen. Wat doet de VVD-staatssecretaris? Die zegt: kom maar naar Nederland. Dit is niet alleen de zoveelste gebroken belofte van de VVD, maar ook nog eens een beloning voor crimineel gedrag. Het is een beloning voor het in brand steken van je asielzoekerscentrum. Dit lijkt praktisch een vrijbrief om brand te stichten, want dan krijg je van de VVD vanzelf een uitnodiging om naar Nederland te komen. In dat licht heb ik dan ook de volgende motie, voorzitter.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
van mening dat het in de fik steken van opvangkampen niet mag worden beloond;
verzoekt de regering onder geen beding asielzoekers van Griekenland over te nemen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Emiel van Dijk en Wilders. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 2656 (19637).
De heer Emiel van Dijk (PVV):
Dat was het, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Van Toorenburg namens het CDA.
Mevrouw Van Toorenburg (CDA):
Dank, voorzitter. Na de spreker van de PVV moet ik zeggen: bijna iedereen die de beelden zag, heeft gedacht "er moet iets gebeuren voor de mensen daar in Moria, waar deze vreselijke branden woedden". Er kwam al vrij snel een gebaar van het kabinet door noodhulp aan te bieden, maar laat ik het hier maar zeggen: dat was voor ons als CDA gewoon niet genoeg. Wij vonden op enig moment gewoon dat onze deur voor de meest kwetsbare mensen open moest staan. Hebben we daarmee een ideaalpakket bewerkstelligd? Nee. Schieten we niet altijd tekort wanneer we hopen dat we alle brandhaarden in de wereld kunnen uittrappen? Ja, helaas wel.
Niet alles in deze deal is ideaal. Dat kan ik gewoon wel zeggen. Mevrouw Becker gaf al aan dat zij het misschien niet nodig hadden gevonden dat er mensen naar Nederland kwamen. Laat duidelijk zijn, hervestigingssleutels hoeven van mij niet, maar uiteindelijk hebben we met elkaar wel een pakket samengesteld waarmee we nu, op dit moment, de acute noden van mensen kunnen lenigen. Daarvoor zijn we als politiek vandaag hier. Zullen we doorgaan met alle eisen die we stellen? Zeker. We willen nog steeds dat het hele project voor de minderjarigen voortgaat. Dat is een project waar het kabinet een goed voorstel voor heeft gedaan.
We zullen ook altijd andere zaken op de agenda blijven zetten, maar laat voor nu gezegd zijn dat iedereen die de beelden van Moria heeft gezien, heeft gedacht "er moet iets gebeuren". Wij vonden ook dat er iets moest gebeuren. Er moest noodhulp komen en onze deur moest geopend worden voor de meest kwetsbaren. Wij zijn er dankbaar voor dat dat is gelukt.
De voorzitter:
De heer Emiel van Dijk met een korte vraag.
De heer Emiel van Dijk (PVV):
Ook hier wil ik wel weer effe het beeld rechtzetten, omdat er selectief wordt geshopt als er beelden worden aangehaald. Wat vindt mevrouw Van Toorenburg van al die lokale bewoners die hun duizenden jaren oude olijfplantages tot op de grond afgebrand zien worden door asielzoekers? Wat vindt mevrouw Van Toorenburg van al die politiemensen en al die brandweermannen die door duizenden migranten worden belaagd en met stenen worden bekogeld? Wat vindt zij daarvan? Ik vind dat er gewoon weer de verkeerde prioriteiten worden gesteld. Wij als Nederlandse politiek hebben helemaal niks met die mensen daar te maken! Laat Griekenland de boel oplossen en laten wij ons druk maken over alle problemen die we ín Nederland hebben. Er zijn zat mensen in Nederland die hulp nodig hebben. Ik denk aan de schuldhulpverlening en noem het verder allemaal maar op. De lijst is heel erg lang en maakt u zich daar eens druk om.
Mevrouw Van Toorenburg (CDA):
Ik denk dat mevrouw Kuiken het vandaag het mooiste zei in het AO: we hebben een meisje met een roze mutsje op de grond zien liggen en die slaapt daar vannacht weer. Dat is iets waar wij ons voor schamen. Wij gaan dat meisje met dat roze mutsje echt niet de prijs laten betalen voor een paar raddraaiers die de boel in de fik steken. Dat willen we niet en daarom ...
De voorzitter:
Mevrouw Van Toorenburg en meneer Van Dijk, ik ga geen ...
Mevrouw Van Toorenburg (CDA):
Mag ik misschien mijn zin afmaken, voorzitter?
De voorzitter:
Nee, u mag allebei niet meer. Er is echt uren gesproken over dit onderwerp en we hebben hier nu een afronding.
Mevrouw Van Toorenburg (CDA):
Voorzitter, ik mag toch gewoon ... Hij stelt mij een vraag en ik geef alleen maar antwoord.
De voorzitter:
Maar uw antwoord lokt ook weer een reactie van de heer Emiel van Dijk uit ...
Mevrouw Van Toorenburg (CDA):
Hoezo?
De voorzitter:
... en dan ontstaat hetzelfde debat als een paar uur geleden.
Heel kort, mevrouw Van Toorenburg. Daarna krijgt u, meneer Van Dijk, de gelegenheid om daar kort op te reageren. Maar echt kort!
Mevrouw Van Toorenburg (CDA):
Ik wil alleen maar mijn antwoord afmaken. Ik heb verder nog helemaal niets gezegd. Ik heb aangegeven dat mevrouw Kuiken een terechte opmerking maakte en dat wij als CDA ook niet willen dat de meisjes met de roze mutsen uiteindelijk de prijs betalen voor die raddraaiers. Dat is het antwoord dat ik wilde geven.
De voorzitter:
De heer Van Dijk, heel kort.
De heer Emiel van Dijk (PVV):
Voorzitter, dank u wel. Er wordt nu weer zo'n beeld geschetst, het beeld van een meisje met een roze mutsje. Dat is één ding eruit pakken, terwijl er duizenden, duizenden mensen rondlopen die brand stichten, politiemensen bekogelen en noem het allemaal maar op. Ga daar nou eens een keer op in en ga daar nou eens niet aan voorbij. U misbruikt dit beeld als emotionele chantage ...
De voorzitter:
U heeft uw punt gemaakt.
De heer Emiel van Dijk (PVV):
... voor uw eigen politieke doelen.
De voorzitter:
Dank u wel.
Mevrouw Van Toorenburg (CDA):
Dank u wel, voorzitter. Ik heb de beelden van de kinderen in Moria op het netvlies en daar doen we het voor.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan de heer Azarkan namens DENK.
De heer Azarkan (DENK):
Dank u wel, voorzitter. Het blijft lastig om te laten zien dat we ook menselijke waarden hebben. We belijden ze vaak met woorden en zelden met daden.
Voorzitter. Ik weet nog dat er niet zo lang geleden een brand was in de Notre-Dame, een gebouw, en dat er toen binnen twee dagen 900 miljoen euro opgehaald werd. Ik vraag me af of we dat bedrag ook maar in de verste verte zullen halen nu 13.000 mensen de plek hebben verloren waar ze onder erbarmelijke omstandigheden woonden. Het was al voor die brand niet humaan. Het was voor die brand eigenlijk al een situatie die niet kon, waarvoor we ons zouden moeten schamen.
Voorzitter. Wat die deal nou precies behelst, daar kwamen we gedurende het debat een klein beetje achter. Ik dacht dat ik het snapte, totdat staatssecretaris Ankie Broekers-Knol hem ging uitleggen. Toen raakte ik, en velen met mij, en zelfs de heer Voordewind, de draad kwijt. Maar gelukkig is dat toch weer rechtgezet, na wat aanvullende vragen. Ik denk dat ik hem toch het beste moet samenvatten als dat de VVD er zo blij mee is dat ze eigenlijk de complimenten verwachten — en dat vroegen ze ook — van de PVV. Het wordt namelijk gewoon strenger. We gaan er niet op vooruit. De mensen op Lesbos gaan er een heel klein beetje op vooruit. Op andere plekken gaan mensen erop achteruit. Vervolgens was het verhaal van D66: het is een klein stapje. Dat is eerlijk. De heer Groothuizen zei het eerlijk: het is een heel klein stapje. Meneer Voordewind wilde nog een klein beetje redden wat er te redden viel, met name het eigen imago, en zei: het is wel degelijk een stap. Dat kwam eigenlijk verder niet uit het debat.
Voorzitter. Laten we blij zijn met dit hele kleine stapje, maar laten we ook verdrietig zijn om het feit dat andere mensen, de andere 100, niet geholpen worden.
Dank.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan is nu het woord aan de heer Bisschop namens de SGP.
De heer Bisschop (SGP):
Mevrouw de voorzitter, zeer bedankt. Wat mij opviel in het debat, is dat de focus heel sterk lag op de kortetermijnoplossing. Er is een probleem. Dat erkennen we allemaal, of bijna allemaal. Er moet iets gebeuren. Ik mis ook in de deal binnen de coalitie te veel een structurele aanpak van de problematiek. Ik heb gepleit om Frontex breder in te zetten en intensief in te zetten voor de bewaking van de Griekse wateren, om te voorkomen dat mensen nog steeds de oversteek wagen. En inderdaad, de straffen op mensenhandel moeten zwaarder worden, zegt de brief, maar het verdienmodel van mensensmokkelaars zou eigenlijk aangepakt moeten worden, effectief gefrustreerd moeten worden. Er komt niet uit hoe dat aangepakt zou kunnen worden. Ik zou me kunnen voorstellen dat gewoon verkend wordt hoe smokkelbootjes direct en daadwerkelijk onderschept en teruggestuurd kunnen worden. Dat is een wat onorthodoxe benadering, maar als dat gerealiseerd zou kunnen worden — dat moet dan in EU-verband; Frontex heeft daar een rol in — dan kan dat wel de aanzuigende werking voorkomen.
Voorzitter. Ik heb één motie.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat door brandstichtingen het opvangkamp Moria op Lesbos is verwoest, waardoor duizenden migranten dakloos zijn geworden;
constaterende dat velen al jarenlang in dit kamp verblijven in afwachting van de uitkomst van de asielaanvraag;
van mening dat er hiermee aan de buitengrens van de Europese Unie een situatie is ontstaan die dringend optreden vereist, en in de toekomst voorkomen moet worden;
verzoekt de regering om in EU-verband te komen tot:
-een noodoperatie onder leiding van Frontex om de migranten te herplaatsen naar het Griekse vasteland, de asielaanvragen te beoordelen en afgewezen migranten uit te zetten naar veilige gebieden;
-intensivering van de grensbewaking bij de Griekse eilanden,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Bisschop. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 2657 (19637).
Mevrouw Kuiken (PvdA):
Ik snap oprecht niet dat dit het eindresultaat van de heer Bisschop is van het debat dat we vandaag hebben gevoerd. Niets over die kwetsbare kinderen, alleen maar over Frontex en grensbewaking. Serieus, is dit nou het enige dat de heer Bisschop op dit moment kan doen, na zo'n debat als vandaag?
De heer Bisschop (SGP):
Met alle respect voor collega Kuiken, maar dat is van diverse kanten naar voren gebracht. Ik heb daar aandacht aan besteed in mijn eerste termijn. Vervolgens signaleer ik: alleen maar hierop focussen lost het probleem niet structureel op. En nou krijg ik een verbaasde vraag: "Je wilt structureel dingen oplossen? Wat is dat raar." Maar we moeten het ene doen en het andere niet nalaten, lijkt mij. Vandaar dus deze motie.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan de heer Groothuizen namens D66.
De heer Groothuizen (D66):
Voorzitter, dank u wel. Dank aan de staatssecretaris voor de beantwoording van de vele vragen.
De aanleiding voor het debat vandaag was diep triest: een grote brand in iets wat toch al de schandplek van Europa was. Die heeft vandaag geleid tot een politieke afspraak en laat ik daar maar heel eerlijk over zijn: politiek is niet zo heel fraai soms in dit land van mildheid en genade, vooral niet als de politieke scheidslijnen diep zijn en de verdeeldheid groot en het thema emotioneel is. Ik vind dit politiek een klein stapje vooruit, omdat iets wat jarenlang niet binnen het bereik lag vandaag wel binnen het bereik is gekomen, namelijk Nederland dat bereid is om Griekenland te helpen met het overnemen van een aantal mensen.
Ik voeg daar een persoonlijke noot aan toe, wat ik meestal niet doe. Voor 100 mensen verandert dit wel hun leven en dat was de inzet wat mij betreft vandaag waard.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Klopt het dat de heer Voordewind de laatste spreker is? Ja? Dan is tot slot het woord aan de heer Voordewind namens de ChristenUnie.
De heer Voordewind (ChristenUnie):
Dank u wel, voorzitter. Wat opvalt vanavond in het lange debat dat we met elkaar gevoerd hebben, is dat iedereen eigenlijk geraakt is door wat er gebeurd is op Lesbos, de vreselijke ramp. Wat ook opgevallen is, is dat veel partijen de afgelopen maanden en zelfs de afgelopen jaren het kabinet hebben opgeroepen om iets te doen voor deze meest kwetsbaren op Lesbos. Het kabinet neemt nu wel dit besluit en deze kinderen worden nu uit die hel gehaald. Is het een ideale deal? Nee, we hadden het liever niet uit het bestaande vluchtelingenquotum gehaald. Gebeurt er nu eindelijk wat? Ja, zeker. Er worden kinderen en gezinnen in Nederland opgevangen. Daarom is Nederland solidair en toont het zich barmhartig richting de kinderen door ze uit de hel van Lesbos te halen. Een kleine stap, maar voor de kinderen die het betreft een wereld van verschil.
Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan kijk ik naar de staatssecretaris, om te zien of zij behoefte heeft aan een korte schorsing of dat ze direct kan antwoorden. Alle moties worden gekopieerd en rondgedeeld. Vijf minuten of tien minuten? Vijf? Dan schors ik de vergadering voor vijf minuten.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.
De voorzitter:
Ik geef de staatssecretaris het woord.
Staatssecretaris Broekers-Knol:
Dank, voorzitter. Ik dank ook de leden voor hun bijdragen en de moties. In verband met het gevorderde uur zal ik het kort houden. Daarom beperk ik me tot het ingaan op de moties, want ik heb verder geen vragen meer gekregen.
Ik kom eerst op de motie op stuk nr. 2653 van de heer Jasper van Dijk, mevrouw Kuiken, de heer Van Ojik en anderen. In deze motie wordt gevraagd om het aantal vluchtelingen dat per jaar in aanmerking kan komen voor hervestiging met 100 te verhogen. Tijdens het AO hebben we uitgebreid gesproken over de aantallen. Ik moet dan ook de motie ontraden.
De tweede motie is de motie van mevrouw Van Kooten op stuk nr. 2654. De motie gaat onterecht uit van een verschil in procedures. Het is zo dat de mensen die voor hervestiging in aanmerking komen een hele uitgebreide asielprocedure hebben in het land waar ze door de hervestigingscommissie beoordeeld worden. Dus er wordt een asielprocedure dáár gehouden. Bij de mensen uit Griekenland die worden uitgenodigd, moet er nog een asielprocedure plaatsvinden. Die vindt in Nederland plaats en dat wordt een Nederlandse asielprocedure. Het enige verschil tussen de hervestiging en de mensen uit Griekenland is dus dat de asielprocedure bij de mensen uit Griekenland in Nederland plaatsvindt. Dit vindt dus in beide gevallen wel plaats. Ik moet dus de motie ontraden.
De derde motie, op stuk nr. 2655, is van de heer Van Ojik en gaat over de rol van de gemeenten bij de selectie van kandidaten. Dat klinkt heel sympathiek, en dat is ook zo bedoeld door de heer Van Ojik. Maar het toelatingsbeleid is een bevoegdheid van het Rijk. Daar moeten we gewoon aan vasthouden; dat is nou eenmaal de bevoegdheid van het Rijk. Ik moet dus helaas deze motie ontraden.
Dan is er de motie van de heer Emiel van Dijk, op stuk nr. 2656. Daarin wordt de regering verzocht onder geen beding asielzoekers van Griekenland over te nemen. We hebben hierover gedebatteerd. Ik heb aangegeven wat in dít geval voor het kabinet de overweging is om voor deze keer af te wijken van het staande kabinetsbeleid. Ik moet daarom ook de motie ontraden.
Dan kom ik bij de motie van de heer Bisschop, op stuk nr. 2657. Tegen hem zeg ik dat we over enige tijd, op 30 september, te horen krijgen hoe het pact van Commissaris Johansson eruitziet. Ik hoop dat dit doorgaat. Ik zou aan de heer Bisschop willen vragen of hij bereid is om zijn motie aan te houden in afwachting van dat pact, zodat ik ook een veel breder plaatje kan schetsen over wat hij te berde brengt in zijn motie, en overigens ook tijdens de eerste termijn van het AO.
De heer Bisschop (SGP):
Ik begrijp het verzoek. Tegelijkertijd zou ik de staatssecretaris willen vragen om de motie zo te interpreteren dat dit een ondersteuning is van de lijn die de staatssecretaris al geschetst heeft, en die naar aanleiding van dat pact nadere uitwerking zal behoeven. Dus het is een soort ondersteuning van beleid.
De voorzitter:
Ja, maar dan moet de motie worden ontraden. Dat is het beoordelingskader dat wij met het kabinet hebben afgesproken. Als de motie ondersteuning van beleid is, moet zij worden ontraden. Of u houdt de motie aan.
Staatssecretaris Broekers-Knol:
Ik heb gezegd wat ik gezegd heb. Hopelijk komt op 30 september dat pact. Nou ja, ik vraag de heer Bisschop nogmaals of hij zijn motie wil aanhouden, in afwachting van dat pact, zodat we een breder plaatje kunnen schetsen.
Dat was het, voorzitter.
De voorzitter:
Nou, we gaan erover stemmen. Dus als de heer Bisschop de motie niet aanhoudt, wat is dan het oordeel van de staatssecretaris erover?
Staatssecretaris Broekers-Knol:
Als de heer Bisschop de motie aanhoudt, dan moet ik haar ontraden.
De voorzitter:
Als hij haar in stemming brengt.
Staatssecretaris Broekers-Knol:
De EU-Turkijeverklaring is namelijk van toepassing, en de werking van die verklaring is momenteel onderwerp van onderhandelingen tussen de minister van Buitenlandse Zaken en Turkije, en de Hoge Vertegenwoordiger, meneer Borrell. Dus daar is nog wel wat anders bezig, ja.
De voorzitter:
Korte vraag, mevrouw Van Kooten-Arissen.
Mevrouw Van Kooten-Arissen (vKA):
Volgens mij is hetgeen wat de staatssecretaris over mijn motie op stuk nr. 2654 zei, feitelijk onjuist. Want op de website van de UNHCR staat: "De UNHCR identificeert de meest kwetsbare vluchtelingen voor hervestiging en draagt ze voor aan overheden. Bij hervestiging beslissen de overheden welke vluchtelingen uiteindelijk worden geselecteerd." In Nederland hebben ze dan gelijk een verblijfsvergunning en worden ze bij gemeenten gehuisvest. Het is volgens mij dus feitelijk onjuist dat ze in het land van herkomst al een asielprocedure hebben doorlopen.
Staatssecretaris Broekers-Knol:
De hervestigingsmissie die naar het land van herkomst gaat, is de missie die aan de hand van de eisen die daarvoor zijn helemaal beoordeelt of de betrokkenen inderdaad ... Ze worden voorgedragen door de UNHCR. Die heeft al een selectie gemaakt en criteria gesteld. Vervolgens komt de hervestigingsmissie. Ik ben bij de hervestigingsmissie in Turkije geweest en ik heb gezien hoe dat gaat. Dat is een procedure die vergelijkbaar is met wat wij hebben, zij het met een ander, een sneller tempo dan wij hebben, met de asielprocedure. Het hele proces is dus doorlopen en dan komen de mensen naar Nederland. De motie verzoekt de regering om de 100 in Nederland op te nemen Moria-vluchtelingen na aankomst in Nederland dezelfde rechten te verlenen als ze zouden krijgen als UNHCR-hervestigers die op uitnodiging naar Nederland komen. Om die reden moet ik de motie ontraden, want dat is een andere procedure.
De voorzitter:
Dank u wel.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
Daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit VAO. Ik schors de vergadering voor maximaal tien minuten. Dan hebben we de stemmingslijst op orde en gaan we stemmen over de ingediende moties. Ik dank de staatssecretaris.
De vergadering wordt van 22.48 uur tot 23.00 uur geschorst.