Brief regering : Fiche: Strategische routekaart voor digitalisering en AI in de energiesector
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4408
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 juli 2026
Overeenkomstig de bestaande afspraken ontvangt u hierbij vier fiches die werden opgesteld
door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissie voorstellen (BNC).
Fiche: Mededeling routekaart uitfasering dierproeven chemische veiligheidstests (Kamerstuk
22 112, nr. 4405)
Fiche: Mededeling over Europese Tech Soevereiniteit (Kamerstuk 22 112, nr. 4406)
Fiche: Chips Act 2.0 (Kamerstuk 22 112, nr. 4407)
Fiche: Strategic Roadmap Digitalisation and AI in the Energy Sector
De Minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
Fiche: Strategische routekaart voor digitalisering en AI in de energiesector
1. Algemene gegevens
a) Titel voorstel
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH
EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S Strategische routekaart voor digitalisering
en AI in de energiesector
b) Datum ontvangst Commissiedocument
3 juni 2026
c) Nr. Commissiedocument
COM(2026) 501
d) EUR-Lex
https://eur-lex.Europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX:52026DC0501
e) Nr. impact assessment Commissie en Opinie
Niet opgesteld
f) Behandelingstraject Raad
Transport, telecom en energieraad (Energieraad)
g) Eerstverantwoordelijk ministerie
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
2. Essentie voorstel
Op 3 juni 2026 presenteerde de Europese Commissie (hierna: de Commissie) het Europese
Techsoevereiniteitspakket (hierna: het pakket), bestaande uit vier voorstellen. Aanleiding
voor het pakket zijn de toenemende geopolitieke spanningen, de mondiale concurrentiestrijd
op (digitale) sleuteltechnologieën en de strategische afhankelijkheden van derde landen
op het gebied van onder meer cloud, kunstmatige intelligentie (hierna: AI) en halfgeleiders. Om dit aan te pakken beoogt
de Commissie om de positie van de EU over de gehele digitale waardeketen te versterken.
In dit fiche wordt nader ingegaan op de strategische routekaart voor digitalisering
en AI in de energiesector (hierna: de routekaart). De overige voorstellen zijn geapprecieerd
in separate BNC-fiches.
Het doel van deze routekaart is om de uitrol van digitale technologieën en kunstmatige
intelligentie binnen de Europese energiesector te versnellen. Dit is urgent vanwege
de kansen die digitalisering biedt voor betere benutting van de netinfrastructuur,
vergroting van de strategische autonomie op digitaliseringtechnologie en lagere energiesysteemkosten.
Op meerdere plekken in de routekaart wordt verwezen naar de waarde die digitalisering
kan bieden voor het duurzame energiesysteem, zoals een waar een waarde wordt genoemd
van 71 miljard euro besparingen per jaar en meer dan 300 miljard euro aan systeemvoordelen.
Aan de andere kant zorgt de groei van digitale infrastructuur zoals datacenters voor
een grotere vraag naar elektriciteit. Deze verwachte stijging in de elektriciteitsvraag
wordt primair gedreven door de brede digitalisering van onze maatschappij, waarbij
dataopslag en ICT-processen in toenemende mate naar datacenters verschuiven. De meest
bepalende en explosieve groeifactor voor de komende jaren is echter de snelle opkomst
van AI en grootschalige data-analyse. Met name toepassingen zoals Generatieve AI vereisen
nieuwe, uiterst energie-intensieve computationele clusters.
De strategie zet in op drie pijlers, namelijk 1) energie voor AI met focus op duurzame
inpassing van datacenters in het energiesysteem, 2) de uitrol van digitale en AI-oplossingen
voor het energiesysteem (slimme netten, versnelde uitrol slimme meters, EU-AI-modellen
voor netbeheer) en 3) data-uitwisseling voor AI en het energiesysteem. Daarnaast noemt
de strategie zeven kernacties (flagship actions).
In de eerste kernactie (een tripartite medeovereenkomst voor de duurzame integratie
van datacenters in het energiesysteem) wordt aangegeven dat maatregelen kunnen worden
genomen om de informatievoorziening te verbeteren ten behoeve van netplanning, locatiekeuzes
voor datacenters en de transparantie van netaansluitingsverzoeken. Het doel is de
coördinatie tussen overheidsinstanties, datacenterexploitanten, elektriciteitssysteembeheerders
en andere relevante partijen te versterken. Dit draagt volgens de Commissie bij aan
een betere ruimtelijke inpassing van datacenters en vergroot de mogelijkheden voor
flexibiliteitsoplossingen en synergiën met bijvoorbeeld stadsverwarming.
De tweede kernactie is een EU-beoordelingsregeling voor datacenters met en de start
van het proces voor minimumnormen voor energieprestaties van de EU. Het voorstel kondigt
aan om het effect op het energiesysteem te beperken met een niet-bindende EU-beoordelingsregeling
met labels (gebaseerd op energie- en waterefficiëntie, gebruik van schone energie,
restwarmte, flexibiliteit).
De derde kernactie betreft de ontwikkeling van EU-kernprestatie-indicatoren voor slimme
netwerken en versnelling van de uitrol van slimme meters. De EU wil gelijktijdig inzetten
op de ontwikkeling van EU-indicatoren voor smart grids en uitrol van slimme meters, verdere ontwikkeling van AI-modellen voor in het energiesysteem,
het instellen van een EU-raamwerk voor uitwisseling van energiedata, onder andere
voor training van AI-modellen en het versterken van veiligheid van AI en cyberveiligheid
van energie-infrastructuur. De Commissie wil daarnaast met een wetsvoorstel in 2026
ook de uitrol van slimme meters in de EU versnellen en streeft naar een minimumdekkingsgraad
in elke lidstaat.
De vierde kernactie betreft de ontwikkeling van AI-modellen in de hele energiewaardeketen.
Om de ontwikkeling en innovatie in verschillende AI-modellen binnen de energie-waardenketens
te stimuleren zullen er in de periode 2026–2027 calls mogelijk gemaakt worden binnen
Horizon Europe met een budget van circa 75 miljoen euro. De focus zal liggen op netten,
zelfconsumptie, het delen van energie en opslag op netschaal. Daarnaast wordt er nog
eens 190 miljoen euro binnen Horizon Europe beschikbaar gesteld voor bredere digitale
oplossingen op het gebied van hernieuwbare energie, renovatie van gebouwen en energie-efficiëntie.
De verwachte resultaten van de projecten die volgen uit de Horizon Europe calls, zijn betere waarneembaarheid van en prognoses voor het net, beter congestiebeheer
en betere integratie van flexibiliteit. Daarnaast moeten de projecten leiden tot gemakkelijkere
toegang tot digitale instrumenten die huishoudens helpen het verbruik te beheersen,
en een inclusievere deelname aan regelingen voor zelfconsumptie en het delen van energie.
Tot slot zal de ontwikkeling van deze AI-modellen moeten leiden tot versnelde uitrol
van hernieuwbare energie, opslag en netten door snellere en transparantere vergunningverlening.
In de vijfde kernactie beschrijft de Commissie dat ze in 2026 zal beoordelen hoe de
grensoverschrijdende uitwisseling van energiegegevens binnen de EU kan worden vereenvoudigd,
waarvoor vanaf 2027 een nieuw Europees kader wordt ontwikkeld. Dit kader moet de huidige
versnippering van nationale regels en systemen verminderen door gemeenschappelijke
standaarden, interfaces en vertrouwensdiensten voor energiegegevens te introduceren.
Hierdoor kunnen slimme energiediensten, zoals vraagrespons, slim laden van elektrische
voertuigen en andere flexibiliteitsdiensten, gemakkelijker in meerdere lidstaten worden
aangeboden. Daarnaast moet het kader het bundelen en hergebruiken van energiegegevens
voor onderzoek en het trainen van AI-modellen faciliteren. De verwachting is dat dit
leidt tot meer innovatie, betere integratie van hernieuwbare energie en flexibiliteit,
nieuwe bedrijfsmodellen en een efficiënter, beter geïntegreerd en concurrerender Europees
energiesysteem.
De zesde kernactie gaat over de versterking van de veiligheid van AI en de cyberbeveiliging
van kritieke apparaten binnen het energiesysteem. Denk dan bijvoorbeeld aan apparaten
die direct aangesloten zijn op het energiesysteem maar niet direct aangestuurd door
de netbeheerders, zoals omvormers van zonne-energie installaties
De zevende kernactie gaat in op het volgen van de vooruitgang op het gebied van digitalisering
in de EU en de verbetering van de beschikbaarheid van energiegegevens. Om de uitvoering
van de routekaart richting 2030 te ondersteunen, zal de Commissie vanaf 2026 een jaarlijks
Energy Digitalisation Forum bijeenroepen om de voortgang te monitoren, belemmeringen te identificeren en goede
praktijken te delen. Daarnaast zal de Commissie samen met lidstaten en stakeholders
indicatoren en doelstellingen ontwikkelen om de voortgang van digitalisering en AI-adoptie
in het energiesysteem te volgen, op basis van bestaande monitoringkaders en smart grid-indicatoren.
Een belangrijk onderdeel is het Better Energy Data Initiative, gericht op het in kaart brengen en dichten van lacunes in de beschikbaarheid van
energiegegevens. Daarbij ligt de nadruk op het beschikbaar maken van meer complete,
gedetailleerde, interoperabele en tijdige data, die bovendien eenvoudig toegankelijk
zijn. Het initiatief moet bijdragen aan het stroomlijnen en verbeteren van publieke
en open energiedata, waaronder data van publieke autoriteiten, systeembeheerders en
ACER. Daarnaast kondigt de Commissie een wetsvoorstel aan om de bestaande verordening
(EG) 1099/20081 betreffende energiestatistieken in de EU te verbeteren.
De routekaart sluit aan bij bredere EU-kaders, zoals de AI Act, de Data Act, de Network Code on Cybersecurity en de Renewable Energy Directive (RED III).
3. Nederlandse positie ten aanzien van het voorstel
a) Essentie Nederlands beleid op dit terrein
Het kabinet heeft eind 2025 twee richtinggevende beleidsdocumenten gepubliceerd: het
Actieprogramma Duurzame Digitalisering2 (ADD) en de Actieagenda Digitalisering Energiesysteem3 (ADE). In beide beleidsstukken worden zowel de kansen als de bedreigingen van de
toepassing van digitalisering in het energiesysteem genoemd.
Het Actieprogramma Duurzame Digitalisering werkt toe naar drie doelen: naar een integrale
en data-gedreven twin transition aanpak vanuit de Rijksoverheid, de Nederlandse digitale sector duurzaam Europees
koploper en AI en digitalisering staan op de kaart als innovatiemotor voor verduurzaming.
De Actieagenda Digitalisering Energiesysteem (ADE) richt zich wat specifieker op de
doelgerichte inzet van digitalisering voor een slimmer, efficiënter en toekomstbestendig
elektriciteitssysteem. De ADE is opgesteld door een brede vertegenwoordiging van partijen
uit de energie- en ICT-sector, overheden, netbeheerders en kennisinstellingen. De
ADE richt zich op inzicht in het elektriciteitssysteem met betere data-uitwisseling
voor meer inzicht in werking en ontwikkeling, efficiënter gebruik van netwerkcapaciteit
met slimme afstemming van vraag, aanbod, opslag en transport om netcongestie te verminderen,
actieve en goed toegeruste deelnemers met digitale ondersteuning voor huishoudens,
bedrijven en energiegemeenschappen, geïntegreerd en weerbaar systeem met versterking
van samenhang, betrouwbaarheid en cyberweerbaarheid en planning, aanleg en monitoring
met inzet van digitale tools en data voor een betere ontwikkeling van het elektriciteitssysteem.
b) Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel
Het kabinet heeft een positieve grondhouding ten opzichte van het voorstel. Digitalisering
van het energiesysteem krijgt meer prioriteit in de EU door deze routekaart. Met prestatie-indicatoren
voor slimmere netwerken, meer slimme meters en een rechtskader voor secundair gebruik
van energiegegevens, kan de EU het voortouw nemen bij de wereldwijde digitale transitie
naar schone energie.
Wat betreft de eerste kernactie (een tripartite medeovereenkomst voor de duurzame
integratie van datacenters in het energiesysteem): het kabinet verwelkomt de inzet
om deze kansen voor flexibilisering en integratie optimaal te benutten. Netcongestie
zal naar verwachting namelijk tot zeker 2038 de mogelijkheden voor datacenters om
zich te vestigen beperken en door de grote capaciteitsvraag en de huidige schaarste
concurreren ze op verschillende plekken met andere doeleinden zoals woningbouw om
netcapaciteit. Het is daarom van groot belang dat er wordt ingezet op manieren om
het verbruik te flexibiliseren en de koppeling te maken tussen (hernieuwbare) opwek
en energiegebruik om de netimpact te beperken. Diverse recente onderzoeken wijzen
eveneens op het potentieel hiervan4,
5. Het is echter nog onduidelijk in hoeverre de modelovereenkomst hiervoor in de praktijk
effectief genoeg gaat zijn.
De tweede kernactie betreft een EU-beoordelingsregeling voor datacenters en de start
van het proces voor minimumnormen voor energieprestaties. Het kabinet hecht aan een
duurzame integratie van datacenters in het energiesysteem en het bevorderen van energie-efficiëntie,
mede gezien de uitdagingen op het gebied van netcongestie en de sterk groeiende elektriciteitsvraag.
Onderdeel van het Europese Techsoevereiniteitspakket is de ambitie tot verdrievoudiging
van de datacentercapaciteit in de EU in de komende vijf tot zeven jaar. De geografische
concentratie van datacenters is afgezet tegen het Europese gemiddelde momenteel al
hoog in Nederland. Bij de inpassing van nieuwe datacentercapaciteit in Nederland is
het van belang dat rekening wordt gehouden met de capaciteit van het Nederlandse energiesysteem,
daarbij kan regulering op de effecten en de energieprestaties een rol spelen. In dat
verband wordt gewerkt aan een nationale geïntegreerde aanpak datacenters, waarin kansen
en uitdagingen voor datacenterontwikkeling in Nederland worden meegenomen. Hierbij
moet Nederland context specifiek de context van netcongestie en stikstofproblematiek
worden meegewogen. Bovendien is het een risico dat extra datacentervraag alleen nog
kan worden opgevangen door meer inzet van regelbare (fossiele) centrales, met nadelige
implicaties voor onze emissiedoelen en systeemkosten. Dit risico kan worden gemitigeerd
door een geïntegreerde aanpak ontwikkelcapaciteit voor datacenters, gekoppeld aan
vergroting van het aanbod van duurzaam opgewekte stroom en vergroting van de flexibele
stroomvraag. Het kabinet zet zich in om middels de consultatie alsnog te pleiten voor
generieke bindende energieprestatienormen op Europees niveau en deelt het belang van
geografische balans voor de ontwikkeling van datacenters binnen Europa.
Daarnaast is in de Energie Efficiëntie Richtlijn (EED) de doelstelling opgenomen van
een maximaal 1609PJ gebruik in 2030. Met datacentersgroei gaat het energiegebruik ook omhoog.
Zo geeft de Klimaat en Energieverkenning (KEV) van 20256 aan dat het energieverbruik in de gebouwde omgeving met circa 25PJ stijgt door de
toename van elektriciteitsverbruik van datacenters en gedane besparingen deels tenietdoet. Het is daarom van belang dat er regels zijn
omtrent duurzaamheid-KPIs, zoals gebruik van schone energie.
Het kabinet onderschrijft net als de Commissie ook de positieve bijdrage die digitalisering
van het energiesysteem kan hebben op betere benutting van het net, slimmere planning
en sturing en onderschrijft de inzet hierop. Het kabinet is dan ook positief over
de ontwikkeling van EU-kernprestatie indicatoren voor slimme netwerken en versnelling
van de uitrol van slimme meters. Aandachtspunt is dat andere vormen van energie nog
onderbelicht is in het voorstel, terwijl deze al op de middellange termijn een belangrijke
waarde kunnen vertegenwoordigen in de ondersteuning en versnelling van de energietransitie.
Het kabinet zal er aandacht voor vragen dat ook de digitalisering (en uitwisseling)
met andere energiedragers meegenomen wordt in de dubbele transitie, ook in samenwerking
met andere gebruikers of dienstverleners in de energieketen op lokaal / regionaal
niveau zoals energiegemeenschappen.
Het kabinet ondersteunt de ontwikkeling en innovatie van AI-modellen binnen de bredere
energie-waardenketen. Deze beoogde inzet is echter enorm breed met een relatief beperkt
budget. Een verdere concretisering van de instrumenten zal zorgen voor een hogere
activiteit. De Commissie is voornemens soevereine, veilige AI-modellen voor de energiesector
te bouwen, die zijn getraind op basis van Europese gegevens en zijn ontwikkeld door
EU-bedrijven. Het kabinet benadert een Europees voorkeursprincipe over het algemeen
met terughoudendheid, waarbij de markttoegang voor gelijkgestemde handelspartners
zo min mogelijk belemmerd moet worden (Made with Europe i.p.v. Made in Europe). Vanuit een integrale technologiestack-benadering steunt het kabinet wel het voornemen te onderzoeken of criteria voor «toegevoegde
waarde aan de EU» in het Europese cloud- en AI-ecosysteem kunnen worden uitgewerkt.7 Het kabinet ondersteunt het streven naar meer interoperabiliteit en een betere beschikbaarheid
van energiegegevens, mits daarbij passende aandacht blijft bestaan voor gegevensbescherming,
cyberveiligheid en een uitvoerbare implementatie voor marktpartijen en netbeheerders.
Het kabinet verwelkomt de inzet op databeschikbaarheid voor AI, in lijn met de Nationale
Technologie Strategie (NTS), maar vraagt in het verder ontwikkelen van datadeel-initiatieven
in de energiesector aandacht voor zelfredzaamheid en verdienmodellen.8
Dit raakt ook aan meerdere acties uit de Nederlandse Actieagenda Digitalisering van
het Energiesysteem. Door de ontwikkeling van gemeenschappelijke standaarden voor gegevensuitwisseling,
interoperabiliteit en grensoverschrijdende toegang tot energiegegevens ondersteunt
deze kernactie de uitvoering van deze nationale acties en draagt zij bij aan een beter
geïntegreerd, digitaal en flexibel energiesysteem. Het kabinet steunt deze actie van
harte.
Het kabinet verwelkomt de acties die door de European AI Energy Safety Transformation Group zullen worden ondernomen, waaronder het uitwisselen van informatie over incidenten,
geleerde lessen en maatregelen voor risicomitigatie in het kader van de AI-verordening,
en kijkt uit naar de verdere concretisering daarvan. Het kabinet ondersteunt daarnaast
het uitgangspunt dat digitalisering en de toepassing van AI in de energiesector kunnen
opschalen, mits security-by-design en safety-by-design structureel als randvoorwaarde worden geborgd. Daarbij onderstreept het kabinet het
belang van robuuste AI-veiligheid en cybersecurity als essentiële voorwaarden voor verdere digitalisering van het energiesysteem. Dit
vraagt onder meer om versterking van de weerbaarheid van kritieke energie-infrastructuur,
waaronder hoogrisicosystemen zoals gedefinieerd in de AI-verordening, zoals slimme
netten, slimme meters en andere verbonden apparaten, tegen cyberdreigingen en AI-gerelateerde
risico’s. Deze inzet sluit aan bij bestaande nationale kaders voor de beveiliging
van kritieke infrastructuur, waaronder de aanstaande Cyberbeveiligingswet (Cbw), en
bij de veilige toepassing van AI in vitale sectoren. Tot slot benadrukt het kabinet
het belang van standaardisatie, certificering en risicobeoordeling voor AI-systemen
in energietoepassingen.
Het kabinet onderschrijft het belang van betere beschikbaarheid, kwaliteit en interoperabiliteit
van energiegegevens, omdat dit essentieel is voor datagedreven beleidsvorming, een
goed functionerend energiesysteem en verdere digitalisering van de energiesector.
Daarnaast ziet het kabinet de jaarlijkse Energy Digitalisation Forum als een waardevol instrument om kennis uit te wisselen, van elkaar te leren en de
voortgang tussen lidstaten beter vergelijkbaar te maken. Deze kernactie sluit aan
bij verschillende acties in de Actieagenda Digitalisering Energiesysteem gericht op
het ontwikkelen van een samenhangend ecosysteem voor energiedata en informatie en
het verbeteren van datadeling en datakwaliteit binnen het energiesysteem. Het kabinet
draagt met haar partners binnen het ADE graag bij aan het jaarlijkse Forum.
c) Eerste inschatting van krachtenveld
Binnen de Raad bestaat brede erkenning van de kansen die digitalisering en AI bieden
voor de energietransitie, maar tegelijk groeit de aandacht voor de keerzijde: het
sterk stijgende elektriciteitsverbruik van datacenters en AI. Een deel van de lidstaten legt de nadruk op de strategische waarde van datacenters voor de digitale soevereiniteit en ziet kansen om systeemkosten te beperken door
vestiging nabij stabiele opwek. Een andere groep lidstaten benadrukt vooral de randvoorwaarden:
energie-efficiëntie, flexibel netgebruik, benutting van restwarmte en zorgvuldige
inpassing in het net. De positie van het EP is nog onbekend.
4. Grondhouding ten aanzien van bevoegdheid, subsidiariteit, proportionaliteit, financiële
gevolgen en gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
a) Bevoegdheid
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft betrekking op energiebeleid,
digitalisering en de interne markt.
Op de terreinen van energie, de interne markt en digitale infrastructuur is sprake
van een gedeelde bevoegdheid van de EU en de lidstaten (artikel 4, tweede lid, onder
i, Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (VWEU), respectievelijk artikel
4, tweede lid, onder h VWEU en artikel 4, tweede lid, onder a, VWEU).
b) Subsidiariteit
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft tot doel datacenters duurzaam in het energiesysteem te integreren, digitale en AI-oplossingen in energiesysteem
uit te rollen en te voorzien in het datagovernancekader dat nodig is om slimme energiediensten en AI op grote schaal mogelijk te maken.
Vanwege de grote verbondenheid van de EU interne energiemarkt kan dit doel onvoldoende
door de lidstaten op centraal, regionaal of lokaal niveau worden verwezenlijkt, daarom
is een EU-aanpak nodig. Door de voorgestelde maatregelen wordt het gelijk speelveld
op het terrein van digitalisering en AI-toepassingen in de energiesector, bijvoorbeeld
door beleid voor te stellen omtrent gedeelde minimumprestatienormen van datacenters, verbeterd. Om die redenen is optreden op het niveau van de EU gerechtvaardigd.
c) Proportionaliteit
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft tot doel datacenters duurzaam in het energiesysteem te integreren, digitale en AI-oplossingen in energiesysteem
uit te rollen en te voorzien in het datagovernancekader dat nodig is om slimme energiediensten en AI op grote schaal mogelijk te maken.
Het voorgestelde optreden is geschikt om deze doelstelling te bereiken. Zo zal bijvoorbeeld
het opstarten van een proces voor de introductie van een EU-ratingschema met labels
bijdragen aan een duurzame integratie van datacenters in ons energiesysteem. Ook zullen EU-prestatiecriteria voor slimme meters en de ontwikkeling
van AI-modellen voor het energiesysteem bijdragen aan de benodigde digitalisering
en het optimaliseren van het energiesysteem. Bovendien gaat het voorgestelde optreden
niet verder dan noodzakelijk, omdat deze mededeling nog geen bindende eisen introduceert,
maar bijvoorbeeld eerst in een publieke consultatie bij lidstaten te rade wil gaan
voor wat betreft de introductie van bijvoorbeeld bindende prestatienormen van datacenters.
d) Financiële gevolgen
Het betreft een mededeling zonder directe financiële gevolgen. De implementatie van
de strategische routekaart in toekomstige wetsvoorstellen die voortkomen uit de mededeling
kan echter financiële consequenties met zich meebrengen. Deze zullen dan beoordeeld
worden. (Eventuele) budgettaire gevolgen worden ingepast op de begroting(en) van het/de
departement(en) wiens beleidsverantwoordelijkheid wordt geraakt door de verordening
zoals uiteindelijk gepubliceerd in het Europees publicatieblad, conform de begrotingsregels.
e) Gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
Het betreft een mededeling/strategische routekaart en deze leidt als zodanig niet
tot directe regeldrukeffecten voor bedrijven. De aangekondigde vervolgstappen kunnen
in een latere fase wel gevolgen hebben voor de regeldruk, onder meer voor datacenters, netbeheerders, energieleveranciers, aanbieders van slimme energiediensten en AI-/datapartijen.
Het kabinet acht het daarom van belang dat de Commissie bij eventuele vervolgwetgeving
de effecten op regeldruk, uitvoerbaarheid en proportionaliteit (met een impact assessment) tijdig en goed in kaart brengt, met bijzondere aandacht voor het mkb. Daarbij moet
worden voorkomen dat nieuwe Europese standaarden, labels, KPI’s, rapportages, certificeringen
of statistieken stapelen op bestaande verplichtingen. Het kabinet zal erop inzetten
dat harmonisatie, interoperabiliteit en grensoverschrijdende data-uitwisseling juist
bijdragen aan vermindering van fragmentatie en administratieve lasten.
Ondertekenaars
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken