Brief regering : Onderzoek regulering van ‘non-consensuele niet-noodzakelijke medische behandelingen (nnmb's)
30 420 Emancipatiebeleid
Nr. 451
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 juni 2026
Deze brief, mede namens de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Minister
van Justitie en Veiligheid, gaat over intersekse personen/personen met DSD1, het recht op zelfbeschikking en lichamelijke integriteit. Het betreft mensen die
zijn geboren met een lichaam dat niet overeenkomt met het beeld dat de meeste mensen
hebben van man en vrouw2. Tijdens het Wetgevingsoverleg (Wgo) emancipatie van 15 december 2025 is door toenmalig
Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap toegezegd de Kamer een brief
te sturen over de stand van zaken van het onderzoek naar regulering van «non-consensuele
niet-noodzakelijke medische behandelingen»(hierna: «nnmb’s») bij intersekse kinderen3.
Laat mij allereerst benadrukken dat wij pal staan voor het recht op zelfbeschikking
en het recht op lichamelijke integriteit. De expliciete bescherming van deze rechten
is een belangrijk onderdeel van de verdere emancipatie van intersekse personen/personen
met DSD. Naast het recht op zelfbeschikking en het recht op lichamelijke integriteit,
is het ook belangrijk dat een intersekse kind/kind met DSD de medische zorg en psychosociale
begeleiding krijgt die nodig is in alle levensfasen. Het is dus net zo goed van belang
dat medisch noodzakelijke zorg voor deze kinderen wel toegankelijk blijft. Regulering
om nnmb’s te voorkomen moet aan deze beide uitgangspunten voldoen.
Om die reden hebben wij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (hierna: WODC)
gevraagd om onderzoek te laten doen naar de verschillende mogelijkheden voor regulering,
die recht doen aan het uitgangspunt dat met niet-medisch noodzakelijke behandelingen
bij intersekse kinderen/kinderen met DSD wordt gewacht totdat het kind daarover kan
(mee)beslissen. In het onderzoek worden de voor- en nadelen van de verschillende vormen
van regulering nader uitgediept. De ervaringen van andere Europese landen met zelfregulering
en met wetgeving worden hierin meegenomen. Het WODC is gevraagd dit onderzoek te begeleiden
vanwege zijn ervaring en expertise. De uitkomsten van het onderzoek vormen de basis
voor het kabinet om tot een weloverwogen besluit te komen over hoe we goed kunnen
reguleren dat medische behandelingen niet worden opgedrongen en zoveel als mogelijk
worden bepaald op basis van de eigen keuze van de betreffende persoon4.
De voormalig Staatssecretaris van OCW heeft in het Wgo van 15 december aangegeven
ernaar te streven dat dit onderzoek uiterlijk eind 2026 wordt opgeleverd of zoveel
eerder als mogelijk. Deze planning blijkt niet haalbaar vanwege de procedures en aanbestedingsregels
die gelden voor een dergelijk onderzoek. Afgesproken met het WODC is dat het onderzoek
in juni 2026 start en na een jaar, in de zomer van 2027, wordt opgeleverd. Aansluitend
informeer ik uw Kamer over het vervolg.
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
J.Z.C.M. Tielen
Ondertekenaars
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap