Brief regering : Reactie op de motie van het lid De Hoop c.s. over een tijdelijke oplossing voor het ontbreken van een oeververbinding voor fietsers in de stad Groningen (Kamerstuk 36800-A-20)
36 800 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Mobiliteitsfonds voor het jaar 2026
Nr. 63
BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 juni 2026
Met deze brief wordt aangegeven hoe invulling is gegeven aan motie De Hoop c.s. (Kamerstuk
36 800-A-20). In motie De Hoop c.s. wordt het kabinet verzocht om samen met de lokale overheden
te komen tot een tijdelijke oplossing die recht doet aan de impact die het ontbreken
van een oeververbinding voor fietsers heeft op de stad Groningen en verzoekt tevens
het kabinet om hierbij een tijdelijke brug of desnoods een pontje te heroverwegen.
Deze brief is ook een reactie op verschillende brieven die aan de Tweede Kamer en
aan het ministerie zijn verstuurd over de Gerrit Krolbrug.
Met veel belangstelling heb ik de brieven gelezen van het Platform Gerrit Krolbrug
en de Vereniging Bedrijven Noordoost, waarin onder andere een alternatief voorstel
is gepresenteerd voor een tijdelijke verbinding over het Van Starkenborghkanaal bij
de Busbaanbrug. Deze variant (VBNO/bewoners-variant) maakt onderdeel uit van alle
varianten die nogmaals zijn bezien in het kader van motie De Hoop c.s. Deze brieven
benadrukken het belang dat de inwoners en bedrijven hechten aan een goede verbinding/alternatieven
voor tijdens de bouw van de nieuwe Gerrit Krolbrug. Ik heb veel waardering voor de
inzet van deze organisaties voor de bereikbaarheid van dit gebied. Dat ondernemers
en bewoners reistijdverlies ervaren door het weghalen van de huidige Gerrit Krolbrug
begrijp ik heel goed evenals de mogelijke zorgen over de sociale cohesie en bereikbaarheid
in de wijk.
Tijdens de bouw van de nieuw Gerrit Krolbrug vervalt voor minimaal twee en maximaal
drie jaar de huidige fiets- en loopverbinding over de Gerrit Krolbrug, die gerealiseerd
is na een aanvaring. De bouwruimte voor de nieuwe brug is erg beperkt en het is niet
mogelijk om door de bouwlocatie een drukke fiets en wandelroute open te houden die
veilig is. Er is dan ook uitgebreid onderzoek gedaan of een tijdelijke verbinding
mogelijk is via de naastgelegen Busbaanbrug. Naar aanleiding van de motie De Hoop
c.s. en de brieven van bewoners en bedrijfsleven heeft het Ministerie van IenW nogmaals
uitvoerig gekeken naar mogelijkheden om een tijdelijke verbinding te realiseren, zodat
de overlast en het reistijdverlieskleiner wordt.
Onderzochte varianten
De afgelopen periode hebben meerdere overleggen met de gemeente, Platform Gerrit Krolbrug
en de Vereniging Bedrijven Noordoost plaatsgevonden. Deze periode is afgesloten met
een Bestuurlijk Overleg met de gemeente en de provincie. In het Bestuurlijk Overleg
met de gemeente en de provincie is geconcludeerd dat de volgende onderzochte varianten
geen oplossing zijn voor de ervaren problematiek door de bewoners:
– VBNO/bewoners-variant: door bewoners en bedrijfsleven is een variant aangereikt, waarin
de huidige fiets/loopbruggen van de Gerrit Krolbrug worden hergebruikt naast de huidige
Busbaanbrug. Gemeente Groningen en het Ministerie van IenW zien grote risico’s voor
de haalbaarheid van dit alternatieve plan. De conclusie is dat het plan niet beter
en niet goedkoper zal zijn dan de eerdere Busbaanbrugvariant en daarom niet onderscheidend
is. Het belangrijkste nadeel, een te smalle brug voor alle gebruikers, kan niet worden
opgelost en is daarmee zeer onveilig volgens onder meer de verkeersspecialisten van
gemeente Groningen. Veel onderdelen van het plan zijn bovendien onvoldoende onderbouwd
en uitgewerkt. De stelling dat het alternatief «100% haalbaar» en goedkoper dan € 6
miljoen is, klopt volgens het Ministerie IenW en gemeente Groningen dus niet.
– Een pont: mede op verzoek van de Tweede Kamer is nog een keer goed gekeken naar een
pontverbinding. Deze is ook negatief beoordeeld door de gemeente en IenW. Een pontverbinding
biedt geen oplossing voor de vele fietsers (kan onvoldoende varen tijdens drukke momenten)
en is nautisch onveilig vanwege de smalle ruimte op de vaarweg en de drukke beroepsvaart.
Deze conclusie wordt gedragen door alle stakeholders (VBNO en platform).
– Een pontonbrug: uit de lopende aanbesteding is door één van de marktpartijen een beweegbare
pontonbrug aangeboden voor fietsers en voetgangers. Een creatief idee, maar dit brengt
een enorme nautische uitdagingen met zich mee om de veiligheid voor schippers en fietsers/wandelaars
te garanderen. Er kan namelijk niet worden voldaan aan veiligheidsrichtlijnen om tijdig
af te kunnen remmen of afmeren. Ook moet de pontonbrug voor ieder passerend schip
(beroep- en pleziervaart) worden geopend, wat lange wachttijden oplevert.
– Een geoptimaliseerde Busbaanbrugvariant: er is op twee manieren gekeken om de Busbaanbrugvariant
te optimaliseren. Enerzijds om de hellingbanen te construeren zoals in de bewonersvariant
is aangedragen (hellingbanen met piepschuim) of met zand in plaats van steigermateriaal.
Ook is er gekeken naar een variant om de Busbaanbrug met trappen te realiseren in
plaats van hellingbanen. Deze varianten zijn ook als negatief beoordeeld, omdat de
kosten niet lager zullen zijn ten opzichte van de oorspronkelijk Busbaanbrugvariant
of de variant geen oplossing biedt voor de meest kwetsbare doelgroepen (mindervaliden,
ouderen, ouders met bakfietsen, etc.).
In de voorgestelde varianten zou de passage voor deze groepen te steil, te onveilig
of gewoonweg niet bereikbaar zijn.
De Busbaanbrugvariant blijft de enige realistische tijdelijke oplossing, maar is kostbaar.
De optie om deze kosten te dekken door de nieuwbouw te versoberen, is ook verkend.
De gemeente Groningen is echter niet bereid het ontwerp van de nieuwe Gerrit Krolbrug
te versoberen (of substantieel bij te dragen aan deze tijdelijke oplossing). Voor
het Ministerie van IenW geldt dat deze tijdelijke oplossing relatief kostbaar is (ruim
€ 10 mln.), leidt tot vertraging en daarbij behorende meerkosten (circa € 10–15 miljoen)
van de nieuwe brug en slechts beperkte reistijdwinst oplevert. In dit kader wil ik
u verwijzen naar een eerdere Kamerbrief (36 800-A-17), waarin nader is ingegaan op de beperkte reistijdwinst. Daarnaast is de nieuwbouw
van de Gerrit Krolbrug al een stuk duurder geworden dan eerder gedacht. De conclusie
is dat het realiseren van een tijdelijke verbinding via de Busbaanbrug financieel
niet realistisch is, mede gezien de tekorten van tientallen miljarden voor infrastructuur
waar het Ministerie van IenW mee te maken heeft. Bovendien brengt het realiseren van
een tijdelijke verbinding risico’s mee dat de realisatie van de nieuwe Gerrit Krolbrug
vertraagd wordt, waardoor bewoners en ondernemers nog langer de impact ervaren van
de bouw van de nieuwe brug.
Zoals door mijn voorganger is aangegeven in een brief aan uw kamer op 21 januari 2026
(36 800-A-17) en alle overwegingen in deze brief, zie ik – net als mijn voorganger – geen mogelijkheden
om een tijdelijke verbinding tijdens de bouw te realiseren.
Hoe we de overlast voor omwonenden en bedrijven beperken
De impact van de bouw van de nieuwe Gerrit Krolbrug is voelbaar voor veel inwoners
en ondernemers van Groningen. Met inachtneming van de financiële tekorten op het Ministerie
van IenW wil ik aan de slag met wat wel kan om de merkbaarheid van de impact zo klein
mogelijk te maken. Daarom zal het ministerie samen met de gemeente Groningen en de
provincie Groningen zich volledig inzetten op het optimaliseren van omrijroutes, het
oplossen van knelpunten en het bieden van maatwerk waar dat nodig is. Zo beperken
we de overlast zoveel mogelijk en houden we Groningen bereikbaar tijdens de werkzaamheden:
– Aanpassingen aan fietsinfrastructuur: Belangrijkste maatregelen – die al op zeer korte
termijn worden gerealiseerd – (zomer 2026) zijn de aanpassingen via de nabijgelegen
bruggen, de Noordzeebrug en de Oostersluis. Zo worden, kruispunten aangepast, fietsstroken
verbreed en op verschillende locaties de snelheid voor auto’s verlaagd.
– Sociale veiligheid verbeteren: samen met stakeholders – zoals de bewonersorganisaties,
de Fietsersbond, de werkgroep toegankelijk Groningen en andere betrokken partijen
– is óók gekeken naar hoe de sociale veiligheid op de routes kan worden verbeterd.
Later dit jaar worden de maatregelen daarvan uitgevoerd. Al deze maatregelen worden
met stakeholders geëvalueerd en waar nodig zal de gemeente Groningen samen met Rijkswaterstaat
aanvullende maatregelen treffen.
Deze maatregelen waren reeds voorzien. Mede ingegeven door de Motie de Hoop c.s. zal
Rijkswaterstaat zich samen met gemeente Groningen proactief en maximaal inspannen
om overige oplossingen ook mogelijk te maken. Het gaat hierbij om de volgende maatregelen:
– Bij de huidige Gerrit Krolbrug wordt een informatieloket ingericht waar mensen informatie
kunnen krijgen over de nieuwbouw en omleidingsroutes en hun zorgen kunnen uiten en
samen met projectteamleden gaan we op zoek naar een passende oplossing, voordat de
verbinding komt te vervallen. Naast dat omwonenden, gebruikers en stakeholders het
informatieloket kunnen benutten, zal Rijkswaterstaat met de gemeente Groningen proactief
betrokkenen benaderen. RWS gaat met scholen en wijkcoördinatoren (gemeente) in gesprek
om te kwetsbare doelgroepen te onderkennen en te helpen.
– Ook wordt gekeken naar een veilige en efficiënte oplossing voor het knelpunt bij het
Boterdiep. Onderzocht wordt of met verbinding over het Boterdiep naar de Noordzeebrug
een passende oplossing is om zo fietsers een alternatief te geven voor het drukke
kruispunt Winsumerweg (N361) en Groningerweg.
– Een van die maatwerkoplossingen is een aanvullende OV-verbinding. Met het OV-bureau
Groningen vindt overleg plaats over het aanpassen van dienstregelingen en het inzetten
van extra buslijnen door de wijken en langs scholen. Ook het invoeren van een kortingspas
(OV pas) is onderwerp van gesprek.
– Een ander initiatief is het opzetten van een vervoershub tijdens de realisatie van
de brug. Samen met lokale fietsenmakers wordt gekeken naar mogelijkheden om elektrische
fietsen te verhuren. Ook wordt het beschikbaar stellen van een huurauto bezien.
De bouw van de nieuwe Gerrit Krolbrug start in 2027. Dan zal de verbinding tijdelijk
worden opgeheven. Ik begrijp dat dit niet het nieuws is waar de bewoners en ondernemers
op hebben gehoopt. Ik hoop echter op begrip, zeker gezien de enorme opgave waar het
Mobiliteitsfonds voor staat. Parallel aan het verzenden van deze brief aan de Tweede
Kamer is ook een reactie verzonden aan de gemeente Groningen, provincie Groningen
en het platform Gerrit Krolbrug en de VBNO.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,
V.P.G. Karremans
Indieners
V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat