Brief regering : Update operationele ontwikkelingen voor de Straat van Hormuz
23 432 De situatie in het Midden-Oosten
Nr. 752
BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 juni 2026
Nederland heeft kennisgenomen van het feit dat de Verenigde Staten en Iran een akkoord
hebben bereikt. Dit is een hoopvolle ontwikkeling, die – afhankelijk van de nadere
uitwerking – van groot belang kan zijn voor de regionale stabiliteit en voor de wereldeconomie,
en daarmee ook voor Europa en Nederland.
Op 10 april jl. informeerde het kabinet uw Kamer, in overeenstemming met het Toetsingskader
2014, dat het kabinet de wenselijkheid van een eventuele Nederlandse militaire inzet
onderzoekt bij het waarborgen van vrije doorvaart in de Straat van Hormuz.1 Op 27 mei jl. besloot het kabinet vervolgens een mijnenjager uit te laten varen naar
het NAVO-vlootverband in de Middellandse Zee, om vanuit daar tijdig beschikbaar te
zijn voor mogelijke inzet.2
Voor het kabinet blijft het essentieel dat de vrije doorvaart in de Straat van Hormuz
snel en volledig wordt hersteld. De komende periode moet duidelijk worden hoe de situatie
zich na het akkoord ontwikkelt en wanneer een multinationale missie van start kan
gaan. Vooruitlopend op deze ontwikkelingen en om opties open te houden, heeft het
kabinet ervoor gekozen om het luchtverdedigings- en commandofregat Zr.Ms. De Ruyter,
dat zich op dit moment in de Indo-Pacific bevindt, koers te laten zetten richting
de Straat van Hormuz. Met de aanwezigheid van het fregat in de Indo-Pacific heeft
Nederland bijgedragen aan een aantal doelstellingen, waaronder het aanhalen van de
diplomatieke, veiligheids- en economische banden met landen in de Indo-Pacific, het
bevorderen van de vrijheid van doorvaart en navigatie, en het versterken van de gereedheid
en geoefendheid.3
Nederland is nauw betrokken bij de militaire planning van de multinationale missie
onder leiding van het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk. In overleg met coalitiepartners
is geconstateerd dat een luchtverdedigings- en commandofregat van grote meerwaarde
kan zijn als de missie van start gaat. Daarom wordt nu gekozen voor het prepositioneren
van deze capaciteit. Conform dit besluit, vaart het schip terug in de richting van
de Straat van Hormuz in plaats van het zich steeds verder daar vanaf te bewegen. Het
schip zal naar verwachting binnen enkele weken aankomen.
Een Nederlandse mijnenjager was al geprepositioneerd in de Middellandse Zee en blijft
daar als onderdeel van het NAVO-vlootverband dat zich richt op mijnenbestrijding in
de Middellandse Zee. Op dit moment zijn meerdere mijnenjagers van coalitiepartners
al in de nabije omgeving van de Straat van Hormuz aanwezig. De Nederlandse mijnenjager
blijft wel beschikbaar om, indien daartoe wordt besloten, ingezet te kunnen worden
in de Straat van Hormuz.
Een gecombineerd search- duik- en explosieven opruimingsteam blijft gereed staan om
tot inzet te kunnen overgaan. Daarnaast worden in overleg met de coalitie stafofficieren
geplaatst op de missie-hoofdkwartieren.
Op het moment dat het kabinet besluit over een Nederlandse militaire bijdrage aan
het waarborgen van vrije doorvaart in de Straat van Hormuz, zal uw Kamer conform artikel 100
van de Grondwet nader worden geïnformeerd.
Tenslotte dankt het kabinet de mannen en vrouwen van Zr.Ms. De Ruyter voor de professionaliteit
en flexibiliteit die zij tonen met deze koerswijziging, en hun thuisfront voor hun
steun.
De Minister van Defensie,
D. Yeşilgöz-Zegerius
Ondertekenaars
D. Yeşilgöz-Zegerius, minister van Defensie