Brief regering : Uitvoeringsagenda diergeneeskundige zorg
28 286 Dierenwelzijn
Nr. 1437
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 juni 2026
Gezelschapsdieren spelen een belangrijke rol in het leven van mensen en zijn onlosmakelijk
verbonden met de Nederlandse samenleving. Wie een dier heeft, draagt de verantwoordelijkheid
daar goed voor te zorgen. Het is daarbij van belang dat goede diergeneeskundige zorg
beschikbaar en toegankelijk is, zowel regulier als bij spoed.
Veel mensen zijn bezorgd over de stijgende prijzen van de diergeneeskundige zorg voor
gezelschapsdieren. Zij vragen zich af of zij de zorg voor hun dier kunnen blijven
betalen. Er zijn zorgen over de gevolgen die dit kan hebben voor diergezondheid en
dierenwelzijn. Ook zijn er zorgen over de mogelijke invloed van ketenvorming in de
diergeneeskundige zorg op de hoogte van de prijzen. Uw Kamer heeft hier meermaals
aandacht voor gevraagd en er zijn verschillende moties aangenomen die de regering
vragen om hier actie op te ondernemen. Deze vragen en zorgen deel ik. Ik vind het
van belang dat er voldoende concurrentie is, dat consumenten vrij kunnen kiezen in
de zorg voor hun dier en dat zij weten welke behandelingen er zijn tegen welke kosten,
zodat ze waar mogelijk kosten kunnen besparen.
Vorig jaar is uw Kamer geïnformeerd1 over de aanpak van dit vraagstuk en het marktonderzoek van de Autoriteit Consument
en Markt (ACM)2. Deze aanpak en dit onderzoek zijn onderdeel van de al lopende, bredere inzet om
de diergeneeskundige zorg in Nederland te versterken. Naast de inzet op beschikbare
en toegankelijke zorg, het verbeteren van de marktwerking en de positie van de consument,
werk ik met het veterinaire veld aan een sterkere organisatie van de beroepsgroep,
betere borging van de autonomie van dierenartsen en de kwaliteit van zorg, een gezonde
arbeidsmarkt en verantwoord houderschap.
Voor dieren, diereigenaren en veterinaire professionals is het van belang dat goede
zorg beschikbaar is en toegankelijk blijft, nu en in de toekomst. Daarom werk ik samen
met de betrokken partijen aan de uitvoering van een meerjarige aanpak voor een sterke
en toekomstbestendige diergeneeskundige zorg. Met deze «Uitvoeringsagenda Diergeneeskundige
zorg» geef ik ook uitvoering aan het ACM-rapport en de motie van het lid Beckerman
c.s. over uitvoering van het Dierendagakkoord (Kamerstuk 28 286, nr. 1419).
In deze brief beschrijf ik mijn aanpak, mede namens de Minister van Economische Zaken
en Klimaat (EZK). Ik ga achtereenvolgens in op de ontwikkelingen die de diergeneeskundige
zorg heeft doorgemaakt, het marktonderzoek dat de ACM heeft uitgevoerd, de opgaven
die er nu liggen en hoe ik aan deze opgaven werk met de Uitvoeringsagenda Diergeneeskundige
zorg.
Waar komen we vandaan?
In de afgelopen decennia is er veel veranderd in de diergeneeskundige zorg. Het onderzoek
van Ecorys3 beschrijft de grote veranderingen in de vraag, het aanbod en de organisatie van
de diergeneeskundige zorg voor huisdieren. Het aantal huisdieren en dierenartsenpraktijken
voor gezelschapsdieren is sterk toegenomen. Het aandeel zelfstandige dierenartsen
is gehalveerd, terwijl het aandeel dierenartsen in loondienst is verdubbeld. Waar
in de jaren 90 de meeste dierenartsen voltijd werkten, werken in 2024 de meeste dierenartsen
deeltijd, met voorkeur voor reguliere werktijden in plaats van nacht- of weekenddiensten.
Ketens hebben hun intrede in de markt gedaan, waarvan het marktaandeel nu ongeveer
40 procent is. De mogelijkheden voor diagnostiek en behandelingen binnen de diergeneeskundige
zorg zijn sterk toegenomen. Ook de zorgvraag is veranderd. Huisdiereigenaren leggen
de lat voor de medische zorg voor hun huisdier hoger en zijn mondiger en veeleisender
geworden. Deze ontwikkelingen hebben geleid tot een sterke professionaliseringsslag
en een hoger niveau van zorg, waar het dier, de eigenaar, de veterinaire professional
en de praktijk baat bij hebben gehad.
Het onderzoek van Ecorys laat zien dat deze ontwikkelingen in de afgelopen 30 jaar
hebben geleid tot aanzienlijke prijsstijgingen. Bij professionele dienstverlening
horen marktconforme tarieven, die de onderliggende kosten inclusief een redelijk rendement
reflecteren en waar de veterinaire professional een redelijk inkomen mee kan verdienen.
Ten algemene is de stijging van de tarieven voor de reguliere zorg door deze professionaliseringsslag
te verklaren, zowel veterinair als economisch. Tegelijkertijd geeft Ecorys aan dat
door ketenvorming er risico’s in de markt kunnen ontstaan voor de diereigenaren. De
prijsstijgingen in de spoedzorg zijn een stuk hoger. Dit roept vragen en zorgen op
over voldoende keuzevrijheid voor de consument en over de concurrentie in de markt
voor diergeneeskundige zorg en vergt nader onderzoek. De signalen en zorgen uit de
samenleving over de markt voor medische zorg voor huisdieren waren voor de ACM de
aanleiding om, mede op basis van het rapport van Ecorys, begin 2025 een marktonderzoek
te starten.
Marktonderzoek ACM Medische zorg huisdieren
In 2025 heeft de ACM dit marktonderzoek uitgevoerd om meer inzicht te krijgen in de
werking van de markt voor medische zorg voor huisdieren en eventuele knelpunten daarin.
Op 30 april jl. is het eindrapport «Medische zorg huisdieren» gepubliceerd4.
Conclusies en aanbevelingen rapport
De ACM concludeert dat huisdiereigenaren veelal tevreden zijn met hun dierenarts en
dat dierenartsen met toewijding werken om de beste zorg te leveren om dieren beter
te maken. De ACM geeft aan dat de ontwikkelingen in de markt ook een keerzijde hebben
en dat door commercialisering en regionale concentratie door ketenvorming het risico
toeneemt dat diereigenaren worden benadeeld. Er zijn onvoldoende waarborgen om te
voorkomen dat huisdiereigenaren worden benadeeld tegen het risico op hogere prijzen
en behandelingen die verder gaan dan passend bij dier en eigenaar (overbehandeling).
Huisdiereigenaren hebben vaak niet de kennis, tijd en mentale ruimte om voldoende
tegenwicht te bieden aan zorgaanbieders bij het maken van een afgewogen keuze voor
een dierenartspraktijk of een behandeling. Dit speelt in het bijzonder in de spoedzorg.
De ACM concludeert ook dat de autonomie van dierenartsen onder druk staat. Omdat de
ontwikkeling van commercialisering en regionale concentratie door ketenvorming door
lijkt te gaan, nemen de risico’s op benadeling verder toe.
De ACM doet op vier thema's aanbevelingen aan de wetgever en sector:
A. Bescherm huisdiereigenaren tegen het risico op hogere prijzen en behandelingen die
verder gaan dan passend bij dier en eigenaar.
B. Verbeter beschikbaarheid en informatie spoedzorg buiten reguliere openingstijden.
C. Controle op verdere consolidatie in de regio met inroepbevoegdheid ACM.
D. Ondersteun en stimuleer huisdiereigenaren om actiever te vergelijken.
Ik waardeer het grondige onderzoek dat de ACM heeft gedaan en de wijze waarop inzichten
en kennis uit de sector en de maatschappij daarbij zijn benut. Het is een belangrijk
rapport dat richting geeft voor een betere marktwerking in de zorg voor huisdieren.
Afgelopen maand heb ik het rapport samen met de Minister van EZK zorgvuldig bestudeerd
en besproken met vertegenwoordigers van de beroepsgroep, werkgevers en huisdiereigenaren.
Ik onderschrijf de conclusies en aanbevelingen van de ACM, die in lijn zijn met het
al ingezette bredere beleid voor de diergeneeskundige zorg. Samen met betrokken partijen
zal ik opvolging geven aan het ACM-rapport, als belangrijke bouwsteen voor de integrale
aanpak die nodig is voor de diergeneeskundige zorg in Nederland. Allereerst geef ik
hieronder reactie op de inroepbevoegdheid van de ACM en het voorstel van de ACM op
prijsregulering. Daarna beschrijf ik de brede opgave en de uitvoeringsagenda, waarbij
ik ook op de andere aanbevelingen zal ingaan.
Uitbreiden bevoegdheden ACM
De ACM vraagt om een bevoegdheid om gericht relatief kleine maar mogelijk problematische
overnames te toetsen (inroepbevoegdheid). Dit wordt opgevolgd door de Minister van
EZK. In het Coalitieakkoord Aan de slag. Bouwen aan een beter Nederland is opgenomen dat de ACM een inroepbevoegdheid krijgt om een gezonde marktwerking
te bevorderen. Tegelijk heeft Kamerlid Bushoff (Progressief Nederland) een initiatiefwetsvoorstel
(Kamerstuk 36 774, nr. 5) ingediend voor een inroepbevoegdheid voor de ACM. De Minister van EZK bereidt op
dit moment een kabinetsreactie voor op het initiatiefwetsvoorstel en is voornemens
uw Kamer hierover voor het zomerreces te informeren. De planning van de behandeling
van dit initiatiefwetsvoorstel is aan de Tweede Kamer. Naar verwachting vindt de behandeling
nog dit jaar plaats. Met de inzet van de Minister van EZK wordt uitvoering gegeven
aan de moties van lid Beckerman (Kamerstuk 36 600-XIV, nr. 48) en lid Graus (Kamerstuk 36 410-XIV, nr. 39). In de toekomst kunnen hiermee kleine overnames met een inroepbevoegdheid onder
het fusietoezicht van de ACM worden gebracht en kan worden ingegrepen als deze de
mededinging zouden beperken.
Prijsregulering
De ACM blijft de markt voor huisdierenzorg volgen en zal over vijf jaar evalueren
hoe de markt zich heeft ontwikkeld. In deze evaluatie zal de ACM zich naast de zorg
binnen openingstijden ook specifiek richten op de problemen rondom spoedzorg buiten
reguliere openingstijden. De ACM geeft daarbij de volgende denkrichting mee. Als het
pakket aan aanbevelingen is doorgevoerd en blijkt dat de markt niet beter werkt of
de risico’s op benadeling van huisdiereigenaren niet zijn verminderd, dan zou de wetgever
moeten afwegen in hoeverre prijsregulering nodig en proportioneel is. Hierbij merkt
de ACM op dat prijsregulering ook nadelen heeft, waaronder extra regeldruk en uitvoeringslasten.
Ook bestaat dan het risico dat het de ontwikkeling van het (zorg)aanbod afremt en
daarmee de knelpunten aan de aanbodzijde vergroot, met name voor de spoedzorg. De
ACM ziet prijsregulering daarom als een «last resort» die pas in beeld komt als andere,
minder ingrijpende maatregelen niet blijken te werken en onderzocht is of de mogelijke
(maatschappelijke) baten hiervan opwegen tegen de kosten. Ik vind het belangrijk om
zorgvuldig te kijken of de situatie in de markt aanleiding geeft tot prijsregulering
en volg daarin de conclusie van de ACM.
Eerder heb ik in mijn brief van 1 oktober 20255 uw Kamer geïnformeerd over de verdiepende analyse op prijsregulering, die ik samen
heb uitgevoerd met de Minister van EZK. In deze verdiepende analyse is ook gekeken
naar de noodzakelijke randvoorwaarden voor de invoering van prijsregulering. Een aantal
maatregelen in de uitvoeringsagenda om de markt te verbeteren, geeft invulling aan
een deel van deze randvoorwaarden voor prijsregulering. Met de evaluatie houd ik samen
met de ACM en de Minister van EZK een vinger aan de pols en zal op basis van de effecten
van de maatregelen van de uitvoeringsagenda afwegen of invoering van prijsregulering
op termijn nodig en proportioneel is. Met de verdiepende analyse op prijsregulering
en het marktonderzoek van de ACM heb ik de motie van lid Graus (Kamerstuk 36 410-XIV, nr. 40) uitgevoerd, die vraagt om het onderzoeken van de mogelijkheden tot het instellen
van prijsplafonds voor medisch noodzakelijke behandelingen door dierenartsen.
De opgaven
Op basis van de ontwikkelingen in de afgelopen decennia en de resultaten van diverse
onderzoeksrapporten6, 7,
8,
9 concludeer ik dat er vier opgaven zijn voor de toekomst van de diergeneeskundige
zorg. Ten eerste de bescherming van huisdiereigenaren tegen de risico’s op hogere
prijzen en overbehandeling. Zowel Ecorys als de ACM geven namelijk aan dat er door
de bovengenoemde ontwikkelingen risico’s zijn ontstaan voor het functioneren van de
markt met gevolgen voor de keuzevrijheid van de consument en de autonomie van dierenartsen.
Ten tweede vragen de ontwikkelingen in de zorg en maatschappelijke thema’s om een
sterke en goed georganiseerde beroepsgroep. De beroepsgroep is momenteel versnipperd
georganiseerd en de kwaliteitsborging is beperkt van opzet en vraagt om versterking.
De beroepsgroep heeft een belangrijke taak om de kwaliteitsborging van veterinair
handelen, de autonomie van de veterinaire professional te versterken en de consument
goed en volledig te informeren. Ten derde is er sprake van krapte op de arbeidsmarkt.
In de beroepsgroep wordt een tekort aan veterinaire professionals en een hoge werkdruk
ervaren. Voor de beschikbaarheid van zorg is een gezonde arbeidsmarkt van belang waarin
de veterinaire professional zijn werk goed kan uitoefenen. Ten vierde het vergroten
van het bewustzijn van mensen voor de (financiële) gevolgen van de keuze voor een
bepaald huisdier. Zo wordt bijvoorbeeld een groot deel van de bezoeken aan de dierenartsenpraktijk
veroorzaakt door (voorkombare) schadelijke kenmerken en erfelijke ziekten. Inzet is
nodig zodat diereigenaren beter geïnformeerd en verantwoord hun huisdieren kunnen
kiezen en houden.
Uitvoeringsagenda Diergeneeskundige zorg
De opgaven in de zorg voor huisdieren vragen om een integrale, stevige en meerjarige
aanpak. Hiervoor heb ik een uitvoeringsagenda opgesteld. Het doel van deze agenda
is om het functioneren van de markt te verbeteren en de diergeneeskundige zorg in
Nederland toekomstbestendig te maken voor het dier, de diereigenaar en de veterinaire
professional. In deze uitvoeringsagenda komt mijn huidige inzet en die voor de komende
jaren samen.
Gezien de urgentie van de opgaven ga ik samen met de Minister van EZK en de beroepsgroep
voortvarend aan de slag met de uitvoering van deze agenda. Ik zal een routekaart opstellen
waarin ik met betrokken partijen afspraken maak over wie welke actie uitvoert, op
welke wijze en met welk tijdpad. Een onderdeel is het opstellen van nieuwe regelgeving.
Dit vereist een zorgvuldig traject, waarbij ik ook oog heb voor de uitvoerbaarheid
en handhaafbaarheid in de praktijk en beperkte administratieve last. Ik streef ernaar
deze routekaart begin 2027 met uw Kamer te delen.
Evaluatie
Na 2,5 jaar zal ik de uitvoeringsagenda evalueren. De evaluatie zal een beeld geven
van de voortgang en de ontwikkelingen op dat moment in de diergeneeskundige (spoed)zorg.
Mede op basis van de uitkomsten van deze evaluatie zal ik waar nodig bijsturen. Over
de uitvoering van de agenda stuur ik uw Kamer jaarlijks een brief, zodat u op de hoogte
blijft van de voortgang. In het vervolg van deze brief zet ik de concrete actielijnen
uiteen.
Actielijn 1: Wetgeving voor dierenartsenpraktijken
Dierenartsenpraktijken hebben een belangrijke verantwoordelijkheid voor het leveren
van goede diergeneeskundige zorg. Het is van belang dat veterinaire professionals
in de dierenartsenpraktijk de zorg voor het dier centraal stellen, zonder dat financiële
prikkels de beslissing beïnvloeden welke zorg passend is voor het dier en zo kunnen
leiden tot overbehandeling en daaraan gerelateerde medicijnenverkoop. Ontwikkelingen
in de markt hebben ervoor gezorgd dat de autonomie van dierenartsen onder druk staat.
Ik vind het van belang dat de kwaliteit van de diergeneeskundige zorg beter wordt
geborgd en dat dierenartsenpraktijken die een cruciale rol vervullen in het aanbieden
van zorg, hier verantwoordelijkheid voor dragen. De ACM beveelt aan omzet- en winstgerelateerde
prikkels voor dierenartsen en ander personeel te verbieden. Ik wil dit verbod in wetgeving
opnemen. Een gezond verdienmodel van dierenartspraktijken is belangrijk voor de beschikbaarheid
van goede zorg, maar de beloning van de dierenarts en ander personeel moet onafhankelijk
zijn van de behandeling, zoals de hoeveelheid zorg, medicijnverkoop en doorverwijzingen.
Dit is een belangrijke stap om huisdiereigenaren beter te beschermen tegen overbehandeling
en hogere kosten en de verantwoordelijkheid van dierenartsenpraktijken in wetgeving
te verankeren. Dit versterkt de onafhankelijke expertise gericht op het welzijn van
het dier en de belangen van de huisdiereigenaar. Hiermee wordt de autonomie van de
veterinaire professional beter geborgd. Dit werk ik de komende periode nader uit met
betrokken partijen, waarbij ik onderzoek hoe dit ook echt effectief kan werken in
de praktijk. Daarbij zijn onder meer een goede afbakening, juridische houdbaarheid
en de invulling van het toezicht (publiek en/of privaat) van belang.
Actielijn 2: Meer keuzevrijheid voor diereigenaren
Ik zet mij in voor een concurrerende markt en voor een consument die goed en juist
geïnformeerd wordt. Het is belangrijk dat diereigenaren vrij kunnen kiezen in de aanschaf
en zorg voor hun dier en weten welke dierenartsenpraktijken en welke behandelingen
er zijn en tegen welke kosten. Dat brengt hen in positie een kostenafweging te maken.
De beroepsgroep heeft een belangrijke rol in het vergroten van de transparantie over
behandelmogelijkheden en de kosten daarvan. De ACM doet hiervoor concrete aanbevelingen.
De beroepsgroep geeft door de ontwikkeling van de beroepsstandaard transparantie uitvoering
aan de aanbevelingen van de ACM. De standaard biedt handvatten voor transparantie
binnen de diergeneeskundige zorg. Zoals bijvoorbeeld het geven van informatie over
tarieven van behandelingen en consulten door een actuele tarievenlijst in de wachtruimte
en op de website en het geven van kostenramingen voorafgaand aan diagnostiek en behandeling.
De ontwikkeling van deze beroepsstandaard ondersteun ik financieel. De standaard wordt
deze zomer afgerond. Met de beroepsgroep werk ik uit hoe de effectieve en brede werking
van deze standaard (wettelijk) kan worden geborgd.
Actielijn 3: Onderzoek diergeneesmiddelenmarkt
De ACM beveelt aan nader te onderzoeken welke belemmeringen er zijn voor concurrentie
op medicijnprijzen en/of voorschrijfkosten voor de verschillende categorieën diergeneesmiddelen
en de rol van bestaande wetgeving daarin. Ik onderschrijf de lijn van de ACM om consumenten
meer keuzemogelijkheden te geven bij het aanschaffen van diergeneesmiddelen. Komend
jaar laat ik onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om bij aankoop van diergeneesmiddelen
de keuzevrijheid van diereigenaren te vergroten en kijk ik daarbij kritisch naar de
huidige wetgeving. Hierbij vind ik het belangrijk om rekening te houden met de impact
voor de sector en diereigenaren, evenals de noodzaak om diergezondheid, volksgezondheid,
dierenwelzijn en milieu onverminderd te waarborgen. Streven is om dit onderzoek begin
2027 te starten.
Actielijn 4: Beroepsstandaarden en basiszorg
De ontwikkeling van beroepsstandaarden zijn van groot belang voor de diergeneeskundige
zorg en dragen bij aan:
• Versterking van autonomie van de veterinaire professional
• Borging van kwaliteit en het bieden van de best passende zorg voor het dier
• Betere informatie voor huisdiereigenaren
De ACM beveelt aan de beroepsgroep op te roepen om professionele behandelstandaarden
te ontwikkelen met het niveau van passende basiszorg. Dit is volgens de ACM medische
zorg die goed genoeg is, gelet op de situatie en context van dier én die van de eigenaar.
Het is dus niet een gouden standaard die ervan uitgaat dat de medische mogelijkheden
altijd volledig worden benut. Ik onderschrijf het belang van beroepsstandaarden en
ben dan ook blij dat de beroepsgroep werkt aan het plan van aanpak voor de ontwikkeling
van professionele standaarden. Ik heb voor dit plan van aanpak subsidie gegeven. Dit
plan van aanpak wordt dit najaar afgerond. De beroepsgroep neemt hierin de aanbevelingen
van de ACM mee en geeft daarbij een tijdpad en prioritering aan. Ik verwacht hierbij
een stevige en concrete inzet van de beroepsgroep. Ik waardeer de inzet en samenwerking
van de beroepsgroep bij deze start van de ontwikkeling van beroepsstandaarden. Dit
is geen eenvoudige opgave in een tijd dat een federatie en een kwaliteitsorgaan nog
in ontwikkeling zijn. Ik ben bereid om de beroepsgroep ook bij de verdere ontwikkeling
van beroepsstandaarden financieel te ondersteunen. Ik vind het belangrijk dat de veterinaire
professionals deze behandelstandaarden in de praktijk ook echt gaan gebruiken en zal
daarom met de beroepsgroep uitwerken hoe de effectieve en brede werking van deze standaarden
(wettelijk) kunnen worden geborgd.
Actielijn 5: Spoedzorg
Bij spoedzorg hebben huisdiereigenaren niet altijd de kennis, tijd en mentale ruimte
om een afgewogen keuze voor een dierenartspraktijk of een behandeling te maken. De
ACM doet daarom een aantal aanbevelingen voor voldoende aanbod en effectieve concurrentie.
Ik vind het belangrijk dat zorg voor diereigenaren in de spoed beschikbaar en toegankelijk
is. Ook moeten diereigenaren voldoende keuzevrijheid en keuzemogelijkheden hebben.
Daarbij hoort goede informatie over de beschikbaarheid van veterinaire (spoed)zorg,
zodat eigenaren weten waar zij terecht kunnen. Daarom verken ik met de beroepsgroep
hoe een overzicht van het aanbod van spoedzorg buiten reguliere openingstijden gerealiseerd
kan worden.
Daarnaast werkt de beroepsgroep aan de ontwikkeling van een professionele standaard
spoedzorg voor dierenartsenpraktijken, zodat zij diereigenaren beter kunnen informeren
over de spoedzorg en zodat praktijken de spoedzorg beter kunnen organiseren. Ik heb
voor de ontwikkeling van deze standaard subsidie verleend. De standaard draagt op
verschillende manieren bij aan een betere beschikbaarheid van de spoedzorg. Zo beschrijft
deze hoe de organisatie van spoedzorg door praktijken eruit moet komen te zien om
tot een landelijke dekking van spoeddienstverlening te komen, zodat een diereigenaar
in het hele land binnen een beperkte rijafstand terecht kan voor een spoedgeval bij
een dierenartsenpraktijk. Ook beschrijft de standaard de randvoorwaarden waar een
dienstkring van dierenartsenpraktijken aan moet voldoen. Dit gaat bijvoorbeeld over
het organiseren van achterwacht en doorverwijzing van patiënten naar specialistische
zorg. Tot slot geeft de standaard kaders over de verantwoordelijkheden van praktijken
in hun samenwerking met andere dierenartsenpraktijken. De standaard wordt deze zomer
afgerond. Ik vind het belangrijk dat deze standaard in de praktijk ook echt gaat werken
en zal daarom met de beroepsgroep uitwerken hoe de effectieve en brede werking van
deze standaard (wettelijk) kan worden geborgd.
Naast de standaard is goede voorlichting over behandelingen in de spoedzorg en wat
noodzakelijk spoedeisende zorg is, van belang. Dit kan diereigenaren helpen bij het
maken van een goede afgewogen keuze voor een praktijk, maar ook of zij wel of niet
besluiten naar een praktijk te gaan buiten reguliere openingstijden. De druk op de
zorg kan hiermee worden verlaagd en daarmee wordt de beschikbaarheid van spoedzorg
verbeterd. Met de beroepsgroep zal ik verkennen hoe een centrale website of app hieraan
kan bijdragen. Ik ben bereid hierbij financieel te ondersteunen. Een goed voorbeeld
daarvoor is het succesvolle initiatief uit de humane zorgsector «Thuisarts»10 met informatie voor patiënten die hen helpt te bepalen wanneer er sprake is van noodzakelijke
spoedeisende zorg. Daarnaast ga ik met de beroepsgroep onderzoeken welke mogelijkheden
en behoeften er zijn voor de verbetering van het triagesysteem voor de diergeneeskundige
zorg om ook via die weg de beschikbaarheid te verbeteren.
Actielijn 6: Verantwoord huisdieren houden
Mensen zijn zich niet altijd bewust van de (financiële) gevolgen van de keuze voor
een bepaald huisdier bij aanschaf, of van de zorgbehoefte tijdens het dierenbezit.
De kosten voor zorg kunnen voor dieren met bepaalde kenmerken, zoals een korte snuit,
groter zijn dan voor dieren die niet deze kenmerken hebben. Dierenartsen geven signalen
dat een groot deel van de dierenartsbezoeken veroorzaakt wordt door deze (voorkombare)
schadelijke kenmerken en erfelijke ziekten. Duidelijke informatie voor huisdiereigenaren
draagt bij aan verbetering van verantwoord huisdierenbezit, omdat (potentiële) eigenaren
zich dan kunnen informeren om een afgewogen keuze te maken. Dit voorkomt dat huisdiereigenaren
voor grote uitgaven komen te staan die ze niet kunnen betalen, noodzakelijke zorg
wordt uitgesteld, dat huisdieren onnodig lijden en de zorg onnodig wordt belast. Dit
is een belangrijke pijler in de aanpak voor een betere marktwerking, die de ACM na
de consultatieronde extra heeft toegevoegd aan het definitieve rapport.
Om mensen goed te informeren zet ik in op voorlichting. Hierin vormt de standaard
transparantie van de beroepsgroep een belangrijk onderdeel die in deze brief hierboven
is beschreven. Ook ondersteun ik het Landelijk Informatiecentrum Gezelschapsdieren
(LICG)11. Hier vinden mensen betrouwbare en deskundige informatie over het aanschaffen en
houden van huisdieren, zoals over de kosten van een huisdier, dierenhulp voor minima
en informatie over erfelijke aandoeningen. Dit jaar wordt weer een voorlichtingscampagne
gelanceerd die mensen oproept bewust voor een huisdier te kiezen. Aanvullend werk
ik aan een oriëntatiecursus voor de aanschaf van honden, zodat mensen goed geïnformeerd
en bewust een hond aanschaffen en deze beter begrijpen. Dat voorkomt niet alleen bijtincidenten,
maar zorgt ook voor een betere match tussen eigenaar en dier.
Het stimuleren van gezonde fok van huisdieren zorgt voor gezondere dieren, dat vind
ik belangrijk. Voorkomen is immers beter dan genezen. Daarom heb ik nadere invulling
aan het bestaande fokverbod gegeven, bijvoorbeeld door de beleidsregel voor kortsnuitige
honden. Ook werk ik aan uitbreiding van een houdverbod van dieren die lijden als gevolg
van hun schadelijke (uiterlijke) kenmerk. Ik zal uw Kamer hierover nader informeren
in een aparte brief, voorafgaand aan het debat «dieren buiten de veehouderij en dierproeven»
op 3 september 2026.
De ACM vraagt om strengere maatregelen voor fokkers en verkopers. Recent is de Europese
Verordening «welzijn en traceerbaarheid van honden en katten» aangenomen. In deze
verordening worden onder andere eisen gesteld aan het bedrijfsmatig fokken van huisdieren,
zoals een informatieplicht voor de verkoper over de gezondheid van het dier. Dat gaat
niet alleen om medische aandoeningen, maar ook informatie over mogelijke erfelijke
aandoeningen.
Minima kunnen in de knel komen door hoge kosten voor huisdierenzorg. In lijn met de
aanbevelingen van de ACM zal ik in de uitvoeringsagenda daarom een concrete aanpak
voor deze doelgroep opnemen. De verantwoordelijkheid voor regelingen voor minima ligt
bij gemeenten. Sommige gemeenten bieden een tegemoetkoming aan specifiek de kosten
van huisdierenzorg. Ook kunnen minima terecht bij verschillende fondsen voor een tegemoetkoming
in de kosten van huisdierenzorg of bij dierenartsen met speciale spreekuren of tarieven
voor minima. Voor de aanpak van minima zie ik drie lijnen. Ten eerste wil ik samen
met het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en betrokken hulporganisaties
de vindbaarheid vergroten van initiatieven die financiële steun bieden aan minima
voor de kosten van huisdierenzorg. Hoe dit er in de praktijk uit kan zien, werk ik
de komende periode uit met de betrokken partijen. Ten tweede wil ik met de sociale
hulp- en dienstverleners, die regelmatig bij minima over de vloer komen, uitwerken
hoe we informatie over het juist houden van dieren en mogelijke dierenwelzijnsaantasting
beter onder de aandacht van de hulpverleners krijgen. Er is immers al veel informatie
beschikbaar over hoe ze signalen van dierenwelzijnsaantasting kunnen herkennen, bespreekbaar
kunnen maken met hun cliënt en kunnen doorverwijzen naar organisaties die hiervoor
steun bieden. Ten derde zet ik in op voorlichting over de aanschaf en het houden van
huisdieren zoals hierboven beschreven. Ik ga onderzoeken of en op welke manier ik
minima kan ondersteunen met voorlichting over de aanschaf en het houden van huisdieren.
De ACM geeft aan dat bekende methodes die worden gebruikt bij informatievoorziening
van burgers niet altijd toereikend zijn om minima te bereiken, bijvoorbeeld vanwege
mogelijke moeite met lezen en schrijven, taalbarrières, en beperkte digitale toegang.
Actielijn 7: Sterke beroepsgroep
De veterinaire professionals hebben een essentiële rol in het informeren van de diereigenaar
en het borgen van toegankelijke en goede diergeneeskundige zorg. De beroepsgroep is
versnipperd georganiseerd en de kwaliteitsborging is beperkt van opzet. Ik zet mij
daarom in voor een goed georganiseerde beroepsgroep. Een centrale beroepsorganisatie
kan de veterinaire professional beter ondersteunen in zijn vak, de kwaliteit van de
diergeneeskundige zorg bevorderen, en de autonomie van de veterinaire professional
beter borgen. De beroepsgroep heeft hierin uiteraard zelf de belangrijkste rol en
taak. Sinds 2023 faciliteer ik vanwege het bovengenoemde belang de ontwikkeling van
een nieuwe beroepsorganisatie, zoals eerder aan uw Kamer bericht12.
In de brief13 van oktober vorig jaar heb ik uw Kamer gemeld dat ik in samenwerking met de beroepsgroep
momenteel herregistratie van veterinaire professionals verken en het veterinair tuchtrecht
laat evalueren. Herregistratie heeft als voornaamste doel om de kwaliteitsborging
verder te versterken en tegelijkertijd een beter beeld te krijgen van het arbeidspotentieel
en de in- en uitstroom van professionals op de arbeidsmarkt. De invoering van herregistratie
vraagt om een gedegen afweging en goede samenwerking met de beroepsgroep. Komend jaar
verwacht ik hierin de eerste vervolgstappen te zetten.
Naar aanleiding van eerder onderzoek en op verzoek van de beroepsgroep vindt een evaluatie
van het veterinair tuchtrecht plaats. Dit onderzoek heeft als doel te onderzoeken
of tuchtrecht het gewenste effect heeft, namelijk de kwaliteit van de veterinaire
gezondheidszorg te waarborgen en goede en zorgvuldige beroepsuitoefening te bevorderen.
Ik verwacht de resultaten van dit onderzoek begin 2027.
Uit eerder onderzoek en uit het onderzoek van de ACM blijkt de behoefte voor een onafhankelijke
geschillencommissie voor kleinere klachten. Een dergelijke erkende geschillencommissie
bestaat momenteel niet. Ik onderschrijf het belang van voldoende mogelijkheden voor
diereigenaren om op laagdrempelige wijze ergens terecht te kunnen met een klacht.
Ik heb daarom de klachten- of geschillenafhandeling al opgenomen als onderdeel van
de evaluatie van het veterinair tuchtrecht. Ik verken met de beroepsgroep hoe een
dergelijke geschillencommissie het beste vorm kan krijgen.
Actielijn 8: Gezonde arbeidsmarkt
In de beroepsgroep wordt een tekort aan veterinaire professionals en een hoge werkdruk
ervaren. De beschikbaarheid van voldoende professionals is belangrijk voor het waarborgen
van goede zorg. Samen met de beroepsgroep zet ik mij daarom in voor het zo goed mogelijk
benutten van het arbeidspotentieel in de sector en het verminderen van de werkdruk,
zodat deze beheersbaar is. Onderzoek naar de arbeidsmarkt van dierenartsen gaf hiervoor
belangrijke aanbevelingen. De voornaamste aanbeveling is het verkennen van de (her)verdeling
van bevoegdheden binnen de diergeneeskundige sector, door de overheid. Het delegeren
van bevoegdheden en taken van de dierenarts naar een paraveterinair is één van de
mogelijkheden om de werkdruk voor de dierenarts te verlagen en mogelijk kosten te
besparen. Ik zet mij in voor een maximale benutting en inzet van paraveterinairen
in de praktijk en verbetering van de taakverdeling en verdeling van verantwoordelijkheden
binnen de diergeneeskundige zorg waar dat mogelijk is. Als eerste stap heb ik een
inventarisatie uitgevoerd naar de mogelijkheden om paraveterinairen meer bevoegdheden
te geven binnen het huidige wettelijke stelsel. Uit deze inventarisatie blijkt dat
er binnen het huidige wettelijke kader meer ruimte is dan nu in de praktijk wordt
benut. Het is nu aan de beroepsgroep om de beschikbare mogelijkheden beter te benutten.
Ten tweede start binnenkort een onderzoek naar het bevoegdhedenstelsel, gericht op
verbetering van de taakverdeling en verdeling van verantwoordelijkheden binnen de
diergeneeskundige zorg. Doorontwikkeling van het huidige bevoegdhedenstelsel draagt
eveneens bij aan een betere benutting van het arbeidspotentieel in de veterinaire
sector.
Vervolg
Met de Uitvoeringsagenda Diergeneeskundige zorg werk ik met de veterinaire beroepsgroep
aan een stevige basis voor de toekomst van de diergeneeskundige zorg. Deze agenda
heeft als doel bij te dragen aan goede, beschikbare en toegankelijke zorg en een betere
bescherming van de consument. Het komende half jaar werk ik met de betrokken partijen
de uitvoering nader uit in een routekaart. Voor alle partijen ligt er een rol om bij
te dragen aan de verbetering van de diergeneeskundige zorg en ik roep hen daarom van
harte op om met ambitie uitvoering te geven aan deze agenda. Samen werken we aan de
toekomst van de diergeneeskundige zorg voor dieren, diereigenaren en veterinaire professionals
in Nederland.
De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, S.P.A. Erkens
Indieners
S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur