Brief regering : Antwoorden op vragen commissie van de V-100 over AI en de impact op toekomstige generaties
26 643 Informatie- en communicatietechnologie (ICT)
Nr. 1522
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 16 juni 2026
Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van de commissie voor de Rijksuitgaven
over AI en de impact op toekomstige generaties (2026Z11981 / 2026D27213, ingezonden 4 juni 2026).
De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,
W.J.M. Aerdts
2026Z11981 / 2026D27213
1
Kunt u uiteenzetten wat de overheid gaat doen in het geval AI in de toekomst slimmer
wordt dan de mens? Waar ligt de grens waarop we de verdere ontwikkeling van AI stoppen
of verder reguleren?
Antwoord
AI wordt stapsgewijs steeds beter in steeds meer taken en zal de komende tijd ook
in steeds meer taken beter presteren dan veel mensen. AI zal daarmee de komende jaren
geleidelijk maar gestaag een steeds grotere impact krijgen op onze economie en maatschappij.
AI zal onder andere onze economie, de manier waarop we werken en de manier waarop
we leren veranderen. De manieren waarop die veranderingen vorm zullen krijgen is van
tevoren niet precies te overzien. Het kabinet zet daarom niet in op één specifiek
scenario voor de ontwikkeling en impact van AI, maar zet er breed op in dat we de
kansen benutten die AI biedt en tegelijk de risico’s mitigeren die er zijn en gaan
komen. De onzekerheid van hoe AI zich gaat ontwikkelen, mede in relatie tot geopolitieke
ontwikkelingen, vraagt dat we deze ontwikkelingen nauwgezet volgen en op basis van
welke impact ontstaat als samenleving en vanuit de overheid bepalen hoe we hiermee
willen omgaan.
Momenteel zet het kabinet in op verantwoord innoveren, ondernemen en experimenteren
met AI zodat Nederland koploper wordt op het gebied van verantwoorde AI-innovatie
en AI kan bijdragen aan het adresseren van belangrijke maatschappelijke vraagstukken.
Het kabinet investeert daarvoor onder andere in AI-infrastructuur, AI-onderzoek en
-innovatie, verantwoorde AI-toepassing en AI-vaardigheden van burgers en de beroepsbevolking.
De Europese AI-verordening voorziet daarnaast in waarborgen om de veilige, menselijke
kant van AI te borgen. Als overheid zullen we deze inzet continu moeten aanscherpen
en bijsturen naar gelang AI zich ontwikkelt en welke sociale, economische en maatschappelijke
gevolgen dit heeft.
Voor wat betreft regulering van AI is de AI-verordening het belangrijkste kader. De
AI-verordening zorgt dat AI-systemen die in de EU in de markt worden gebracht betrouwbaar
zijn, door risico's voor de veiligheid, gezondheid en mensenrechten te beperken. De
AI-verordening stelt eisen aan AI-systemen die voor concrete risico's kunnen zorgen,
zoals beoordelingssystemen in het onderwijs of selectiesystemen voor sollicitanten.
Sommige AI-systemen worden onder de AI-verordening verboden omdat zij een «onacceptabel
risico» vormen. Er is geen grens waarbij AI-ontwikkeling wordt verboden. Wel bevat
de AI-verordening regels voor modellen voor algemene doeleinden (GPAI-modellen), het
type model achter diensten als ChatGPT, Claude en Mistral. Als zulke modellen aan
bepaalde voorwaarden voldoen (waaronder een bepaalde hoeveelheid rekenkracht die is
gebruikt in de training van het model) worden ze gezien als een model met een «hoge
impact». De aanbieders van deze modellen moeten dan aan verschillende aanvullende
eisen voldoen, waaronder het evalueren en mitigeren van de systemische risico’s van
hun modellen. De AI-verordening is zo vormgegeven dat de risicocategorieën in te toekomst
aan kunnen worden gepast in reactie op ontwikkelingen in AI en de rol ervan in onze
economie en maatschappij.
2
Kunt u uiteenzetten wat de visie is van het kabinet ten aanzien van de verdeling van
de kosten en baten afkomstig van AI? Hoe zorgt het kabinet ervoor dat de sociale zekerheid
gewaarborgd blijft voor toekomstige generaties in de context van verschuivingen op
de arbeidsmarkt als gevolg van AI?
Antwoord
AI biedt grote kansen voor een productievere economie voor zowel werkgevers als werknemers.
AI kan de arbeidsproductiviteit blijvend verhogen en daarmee leiden tot meer financiële
ruimte voor sociale voorzieningen.
Tegelijkertijd kent AI ook risico’s, bijvoorbeeld als het taken overneemt die eerder
door mensen werden uitgevoerd en daarmee de arbeidsmarktpositie van sommige werkenden
verzwakt. Het kabinet vindt het belangrijk dat de baten van productiviteitswinst door
AI, en de risico’s van AI eerlijk gedeeld worden.
Dat vereist allereerst goede wetgeving en afspraken over de inzet van AI. De Europese
Unie heeft in de AI-verordening wettelijk voorwaarden vastgelegd voor het gebruik
van AI. Bijvoorbeeld om werkenden het recht te geven op uitleg van besluiten die worden
genomen via bepaalde AI-systemen. Verder hebben we in Nederland een cultuur waarin
werkgevers en werknemers in onderling overleg bepalen hoe ze werk organiseren. Het
kabinet vindt het ook belangrijk dat bij deze overleggen goede afspraken over AI-inzet
worden gemaakt, die passen bij specifieke omstandigheden binnen sectoren of bedrijven.
Daarnaast ligt er een opgave om te zorgen dat de vaardigheden van mensen goed aansluiten
bij het beschikbare werk. In het verleden is de totale werkgelegenheid niet afgenomen
door automatisering. Het aantal banen in Nederland zit zelfs op een historisch hoogtepunt.
Tegenover taken die worden geautomatiseerd, staan nieuwe taken om technologie te ontwerpen,
bouwen, aan te sturen of te onderhouden. En door toenemende welvaart neemt de vraag
naar mensenwerk toe in sectoren als zorg, onderwijs, cultuur en recreatie.
Een opgave is wel om te zorgen dat werkenden mee kunnen komen met het tempo van verandering.
Daarom is het belangrijk om werkenden wiens arbeidspositie mogelijk geraakt wordt
door AI-ontwikkelingen, goed te ondersteunen. Dat vergt gerichte scholing van werkenden,
zodat zij mee kunnen komen met de technologische ontwikkeling. Er ligt een verantwoordelijkheid
bij werkgevers om goede scholing te bieden aan hun werknemers. Daarnaast investeert
dit Kabinet in Leven Lang Ontwikkelen en maakt hiervoor vanaf 2028 structureel 100
miljoen euro beschikbaar. Daarnaast werkt kabinet aan een goed functionerende arbeidsmarkinfrastructuur
om mensen waar nodig te begeleiden naar nieuw werk.1
Op basis van eerdere ervaringen met automatisering verwacht het kabinet niet dat de
werkloosheid structureel zal oplopen. Daarnaast kan de arbeidsproductiviteit juist
toenemen door AI. Om die twee redenen is de verwachting niet dat AI-ontwikkelingen
afdrachten aan sociale zekerheid doen afnemen. Tegelijkertijd is er veel nog onzeker
over hoe AI zich verder zal ontwikkelen en hoe dat onze economie en arbeidsmarkt beïnvloedt.
Het kabinet wil AI-ontwikkelingen daarom goed monitoren zodat het mogelijk is om tijdig
bij te sturen als dat nodig blijkt.
3
Kunt u uiteenzetten in hoeverre de afhankelijkheid van de VS, in het bijzonder de
Amerikaanse AI-bedrijven, impact heeft op de bereidheid of mogelijkheid van de Nederlandse
overheid om AI te reguleren?
Antwoord
Voor onze strategische autonomie is het essentieel om meer eigen AI-capaciteiten op
te bouwen. De recente geopolitieke ontwikkelingen hebben de urgentie hiervan des te
meer duidelijk gemaakt. Belangrijke onderdelen van de inzet van het kabinet voor het
versterken van de digitale open strategische autonomie zijn dat Nederland en de EU
niet onder druk gezet kunnen worden via de toegang tot AI-technologie en dat we kunnen
borgen dat AI ten goede komt aan de samenleving en de economie. Alhoewel het essentieel
is de afhankelijkheden in AI-waardeketen te verminderen, belemmeren de bestaande afhankelijkheden
Nederland en de EU niet om AI te reguleren, getuige ook de recent tot stand gekomen
AI-verordening. De AI-verordening reguleert alle AI-systemen die in de EU in de markt
worden gebracht, ongeacht waar ze zijn ontwikkeld.
4
Kunt u aangeven of er onderzoek is gedaan naar de positieve of negatieve effecten
van AI op het bereiken van leerdoelen en basisvaardigheden in het onderwijs, in alle
leerfasen (basisonderwijs, middelbaar onderwijs, beroepsonderwijs en wetenschappelijk
onderwijs)?
Antwoord
Een dergelijk overkoepelend onderzoek naar de positieve en negatieve effecten van
AI op het bereiken van leerdoelen en basisvaardigheden in alle onderwijssectoren is
voor zover bekend nog niet uitgevoerd. Wel onderzoekt het Nationaal Onderwijslab AI
de pedagogische, sociale en maatschappelijke consequenties van AI in het funderend
onderwijs. Daarnaast kijkt Npuls naar de mogelijkheden en gevolgen van AI voor het
vervolgonderwijs.
5
Het is voor burgers erg lastig om een duidelijk beeld te krijgen van ontwikkelingen
op AI. Kunt u aangeven of er plannen zijn om AI-ontwikkelingen begrijpelijk, transparant
en toegankelijk te maken voor Nederlandse burgers? Kunt u deze plannen toelichten?
Zo nee, bent u van plan om dit nader uit te werken?
Antwoord
Ja. Ik vind het belangrijk dat iedereen kan begrijpen hoe AI werkt en hoe de overheid
AI gebruikt. Er is een groep mensen die extra hulp nodig heeft bij het opbouwen van
digitale vaardigheden, met AI in het bijzonder. Via de Wet Educatie en Beroepsonderwijs
worden middelen beschikbaar gesteld aan gemeenten om basisvaardigheden te verbeteren.
Verder ondersteunt het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het
programma DIGCOM 2.0, dat doorlopend onderzoek doet naar de digitale competenties,
waaronder AI. Dit geeft ons meer inzicht in welke leeftijdsgroepen meer of minder
moeite hebben met AI.
Daarnaast ondersteunt het Rijk ook het programma «Samen Bruggen Bouwen», een programma
van samenwerkende bibliotheken gericht op het versterken van digitaal burgerschap
om daarmee mensen te helpen met het opdoen van de kennis en vaardigheden die nodig
zijn om actief, kritisch en verantwoordelijk deel te nemen aan de digitale samenleving.
Ik volg ook de ontwikkeling van digitale competenties in Nederland via de DigiQ2.0-monitor,
en ik ondersteun het onderzoek «Grip op Digitaal Burgerschap» van de Universiteit
van Amsterdam over hoe digitaal burgerschap vormgegeven kan worden. Op basis van de
resultaten van deze rapporten zullen nieuwe beleidsmaatregelen worden genomen, met
daarin ook aandacht voor AI. Uw Kamer wordt hier begin 2027 over geïnformeerd.
Ook om te zorgen dat mensen in hun werk effectief gebruik weten te maken van AI is
gerichte scholing nodig, zodat werkenden mee kunnen komen met de technologische ontwikkelingen.
Juist wanneer mensen effectief gebruik weten te maken van AI-systemen die hun werk
verrijken, ontstaat productiviteitswinst. Het kabinet investeert in Leven Lang Ontwikkelen
(LLO) en maakt hiervoor vanaf 2028 structureel 100 miljoen euro beschikbaar. AI-gerichte
scholing kan deel uitmaken van deze inzet. Ook ligt hier allereerst een taak voor
werkgevers om werkenden te ondersteunen met passende scholing.
Voor inzicht in de inzet van AI door de overheid is er een speciaal overzicht gemaakt:
het Algoritmeregister. Daarin kunnen mensen zien welke algoritmes en AI-systemen de
overheid gebruikt en waarvoor ze worden ingezet. Ook staat erbij welke afspraken organisaties
maken om AI veilig, eerlijk en verantwoord te gebruiken. Zo kunnen burgers beter begrijpen
wat er gebeurt en waarom. We kijken nu ook of de informatie in het register duidelijk
en volledig genoeg is. Een onafhankelijke controleorganisatie van de overheid onderzoekt
dit op dit moment. Met de resultaten daarvan kunnen we het register verder verbeteren,
zodat informatie over AI nog begrijpelijker en toegankelijker wordt voor iedereen.
6
Vorig jaar is in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken het AI-Deltaplan
opgesteld. Hier zijn plannen gemaakt om AI in communities te subsidiëren. Bent u bekend
met het AI Deltaplan?
Antwoord
Ja, ik ben bekend met het AI Deltaplan van 24 november jl. en de aanbevelingen hierin
om het Nederlandse AI-ecosysteem te versterken.
7
Wordt u geïnformeerd over de voortgang van het bereiken van de doelen per aanbeveling?
Antwoord
Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat staat in contact met het Delta Instituut
over de activiteiten die het verricht voor de uitvoering van het AI Deltaplan. Het
Delta Instituut focust zich op dit moment op de uitvoering van een aantal specifieke
acties uit dit plan, zoals de verdere uitwerking van het concept ELLIS Instituut als
Europees AI-onderzoekscentrum en AI Impact- en Veiligheidsinstituut dat de politiek
informeert over de maatschappelijke effecten van AI.
8
Kunt u aangeven of u voor de uitvoering van het plan budget heeft gereserveerd en
zo ja, hoeveel hiervan al gebruikt is?
Antwoord
Voor de uitvoering van het AI Deltaplan van Delta Instituut zijn geen middelen op
de Rijksbegroting gereserveerd.
9
Kunt u deze vragen apart van elkaar beantwoorden?
Antwoord
Ja.
Indieners
W.J.M. Aerdts, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat