Brief regering : Verslag van de Eurogroep van 27 maart 2026
21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken
Nr. 2182
BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 april 2026
Hierbij ontvangt u het verslag van de Eurogroep van 27 maart 2026, die plaatsvond
via videoverbinding.
In het verslag ga ik daarnaast in op een tweetal andere zaken. Ten eerste geef ik
een toelichting bij de ontwikkelingen ten aanzien van de gemeenschappelijke munt (digitale
euro), conform de doorlopende toezegging aan de Tweede Kamer. Ten tweede informeer
ik de Kamer over de Nederlandse reactie op de consultatie over de mogelijke herziening
van de verordening betreffende Europese durfkapitaalfondsen.
De Minister van Financiën,
E. Heinen
Verslag van de Eurogroep 27 maart 2026
Eurogroep in inclusieve samenstelling
De impact van het conflict in het Midden-Oosten op de Europese economie
De Eurogroep besprak de recente ontwikkelingen op de energiemarkten, waarbij Dr. Fatih
Birol, uitvoerend directeur van het Internationaal Energieagentschap (IEA), als gastspreker
aanwezig was.
Dr. Birol gaf een analyse van de huidige energiecrisis als gevolg van de onrust in
het Midden-Oosten. De impact op de mondiale energievoorziening is omvangrijker dan
de crises van 1973, 1979 en 2022 gezamenlijk, door het stil komen te liggen van het
transport van gas en olie via de Straat van Hormuz. Naast fossiele brandstoffen staan
ook andere cruciale grondstoffen, zoals helium, zwavel en kunstmest onder druk, waarvan
de gevolgen op termijn zichtbaar zullen worden. Door schade aan infrastructuur wordt
verwacht dat bepaalde voorzieningen langdurig buiten gebruik zullen blijven. Dr. Birol
lichtte toe dat de landen van het Internationaal Energieagentschap in reactie op de
stijgende prijzen ongeveer 400 miljoen vaten olie uit de strategische reserves hebben
vrijgegeven. Dit besluit is bedoeld om rust op de wereldoliemarkt terug te brengen
en verdere prijsstijgingen te voorkomen. De gevolgen van de crisis zijn ongelijk verdeeld,
waarbij met name ontwikkelingslanden zwaar geraakt worden. Sommige landen zijn overgestapt
op het stoken van kolen en in sommige landen vindt er rantsoenering van olie plaats.
De gevolgen voor Europa zijn vooralsnog minder verstrekkend, hoewel ook hier de olie-
en gasprijzen aanzienlijk zijn gestegen. Dr. Birol concludeerde met de aanbeveling
dat overheden en het bedrijfsleven er verstandig aan doen om in te zetten op energiebesparing
en versnelling van de transitie naar hernieuwbare bronnen en elektrificatie, in plaats
van het nemen van maatregelen die de vraag naar fossiele energie opstuwen.
De Europese Commissie lichtte toe dat de energiecrisis negatieve gevolgen zal hebben
voor de verwachte economische groei in Europa en een opwaarts effect zal hebben op
de inflatie. Europa heeft sinds de energiecrisis van 2022 geïnvesteerd in hernieuwbare
energiebronnen en -infrastructuur, waarmee de gevoeligheid voor energieschokken iets
is afgenomen. Tegelijkertijd is er minder budgettaire ruimte om maatregelen te nemen
die de economie ondersteunen, mede door gestegen uitgaven aan defensie. De Commissie
adviseert dat eventuele steunmaatregelen tijdig, doelgericht en tijdelijk moeten zijn
(timely, targeted, temporary). Verder benadrukte de Commissie dat energiebesparende maatregelen altijd een no-regret-strategie zijn en dat bij de vormgeving van elke maatregel ervoor moet worden gezorgd
dat de prijsprikkel behouden blijft, zodat beperking van het verbruik van fossiele
brandstoffen wordt gestimuleerd. De Commissie lichtte toe dat er wordt gewerkt aan
voorstellen die kaders geven voor lidstaten om belastingen op elektriciteitsverbruik
te verlagen om elektrificatie van de economie aan te jagen, het versterken van de
energie-infrastructuur en aanpassingen van het emissiehandelssysteem om onwenselijke
prijsvolatiliteit te dempen.
Ook de Europese Centrale Bank (ECB) verwacht dat de oorlog in het Midden-Oosten en
de impact op de energiemarkten negatief zal wegen op het economisch beeld, waarvan
de gevolgen nog langere tijd merkbaar zullen blijven. Ook als de oorlog spoedig wordt
beëindigd, zal de economische groei afzwakken en zal de inflatie op de middellange
termijn hoger uitpakken ten opzichte van het basisscenario. De ECB waarschuwde voor
de hoge schulden in sommige lidstaten, waardoor er weinig budgettaire ruimte is om
de economie te ondersteunen. Vooral ongerichte maatregelen kunnen ervoor zorgen dat
twijfels over schuldhoudbaarheid voor een aantal landen toenemen, waardoor deze landen
zullen worden geconfronteerd met hogere inleenkosten. Dat is in een aantal lidstaten
al zichtbaar is. De ECB onderschreef de aanbeveling van de Commissie van tijdigheid,
tijdelijkheid en doelgerichtheid bij de vormgeving van eventuele maatregelen. Zowel
de Commissie als de ECB riepen op tot het naleven van de Europese begrotingsregels
en het waarborgen van de schuldhoudbaarheid van lidstaten.
In hun interventies gaven lidstaten een toelichting op maatregelen die zij op nationaal
niveau hebben genomen of overwegen. Meerdere lidstaten, waaronder Nederland, onderschreven
de oproep om eventuele maatregelen te laten voldoen aan tijdigheid, tijdelijkheid
en doelgerichtheid. Verder gaven landen, waaronder Nederland, aan dat in de huidige
crisis moet worden gekeken naar het beperken van het verbruik van fossiele energie
en dat er moet worden ingezet op een hoger aandeel niet-fossiele energiebronnen om
de energieafhankelijkheid van Europa te verminderen. Daarnaast vroegen enkele lidstaten
de Commissie om te kijken naar Europese kaders voor het beperken van overwinsten van
bedrijven in de gas- en oliesector die profiteren van de hoge prijzen, zoals ook bij
de crisis in 2022 was gedaan. De Commissie zegde toe hiernaar te zullen kijken. Meerdere
landen vroegen om een overzicht van de Commissie van nationale maatregelen, om zo
te komen tot meer coördinatie en uitwisseling van best practices op EU-niveau. Ook dit zegde de Commissie toe. Tot slot benadrukten meerdere landen,
waaronder Nederland, dat bij het nemen van nationale maatregelen de schuldhoudbaarheid
moet worden gewaarborgd en dat de Europese begrotingsregels moeten worden gevolgd.
Toelichting G7-bijeenkomst van Ministers van Financiën en Centrale Bankpresidenten
Frankrijk gaf in zijn hoedanigheid van voorzitter een vooruitblik op de G7-bespreking
van Ministers van Financiën en Centrale Bankpresidenten van 30 maart. De groep zal
spreken over de inzet van de strategische oliereserves. Ook wordt aandacht gevraagd
voor de toegenomen inkomsten van de Russische Federatie als gevolg van de gestegen
olieprijzen.
Bij schrijven van dit verslag heeft de bijeenkomst reeds plaatsgevonden en is een
gezamenlijke verklaring uitgevaardigd. In die verklaring benadrukten de G7-landen
dat ze bereid zijn alle nodige maatregelen te nemen om de stabiliteit van de energiemarkt
te waarborgen, mede als reactie op de impact van de oorlog in het Midden-Oosten op
olieprijzen en energievoorziening. Ze spraken ook steun uit voor het vrijgeven van
strategische olievoorraden en riepen landen op geen onnodige exportbeperkingen op
olie en gas in te voeren. De verklaring bevestigde ook de voortzetting van steun aan
Oekraïne in het licht van de Russische invasie.
Update initiatief van zes lidstaten en gezamenlijke brief over de Spaar- en Investeringsunie
De Duitse Minister van Financiën gaf een toelichting op het initiatief van de zes
lidstaten – waaronder Nederland – en hun gezamenlijke brief van 11 maart jl.1 over het verder brengen van de Spaar- en Investeringsunie. Hij sprak de hoop uit
dat er komende periode stappen kunnen worden gezet in de Eurogroep en Ecofinraad,
waaronder op het kapitaalmarktintegratie- en toezichtcentralisatiepakket (KTP). Andere
Ministers van de zes lidstaten uitten hun steun voor het initiatief. Nederland benadrukte
dat de groep landen complementair is aan de Eurogroep en de Ecofinraad, en gaf aan
dat de groep als doel heeft om de Europese agenda verder te brengen. De voorzitter
van de Eurogroep zei de brief te verwelkomen en het als een positief signaal te zien
dat de zes grootste economieën gezamenlijk hun gewicht in de schaal leggen om voortgang
op de spaar- en investeringsunie te bewerkstelligen. Ook Eurocommissaris Albuquerque
sprak zich positief uit, waarbij zij aangaf dat de ambitie om in de zomer tot een
Raadsakkoord te komen op het KTP aansluit bij de conclusies van de Europese Raad van
19 maart2.
Eurogroep in reguliere samenstelling
Voorbereiding van internationale vergaderingen
De Commissie en de ECB lichtten kort recente wisselkoersontwikkelingen toe. De euro
was van september–februari relatief stabiel. De oorlog in het Midden-Oosten heeft
echter voor volatiliteit op financiële markten gezorgd. De euro is sindsdien in waarde
gedaald, terwijl de dollar apprecieerde als gevolg van stijgende energieprijzen en
de flight to safety. Ook was er aandacht voor de onderwaardering van de Chinese renminbi.
Overig
Voortgang pakket voor de gemeenschappelijke munt
Conform de wens van uw Kamer inzake de digitale euro en mijn toezegging ten aanzien
van de verordening inzake contant geld (LTCR)3, informeer ik u over de laatste ontwikkelingen op deze onderwerpen. Beide onderwerpen
vormen samen het pakket voor de gemeenschappelijke munt.
In december 2025 bereikte de Raad een akkoord over het pakket voor de gemeenschappelijke
munt. Het Europees Parlement is nog bezig met de behandeling van de stukken. Het is
nog onduidelijk wanneer het Europees Parlement tot een gedeelde positie komt, maar
de rapporteur heeft de ambitie uitgesproken om het onderhandeltraject voor het pakket
voor de gemeenschappelijke munt in mei af te ronden. Zodra het Europees Parlement
een positie heeft bepaald, zullen de triloogonderhandelingen tussen de Raad van de
Europese Unie en het Europees Parlement van start gaan. Ik informeer uw Kamer zodra
deze fase start.
Consultatie mogelijke herziening verordening betreffende Europese durfkapitaalfondsen
Van begin 2026 tot half maart jl. heeft de Europese Commissie een consultatie opengesteld
over een mogelijke herziening van de verordening betreffende Europese durfkapitaalfondsen
(EU Venture Capital Funds (EuVECA). De specifieke vragen waren vooral gericht op marktpartijen.
Daarom is ervoor gekozen in algemene zin richting de Europese Commissie te reageren.
Daarbij is steun uitgesproken voor het verminderen van de lastendruk voor beheerders
van beleggingsinstellingen. Beheerders van beleggingsinstellingen, waaronder durfkapitaalfondsen,
hoeven geen vergunning aan te vragen als de beheerde activa onder de 100 miljoen euro
(fonds zonder hefboomfinanciering) of 500 miljoen euro (fonds met hefboomfinanciering)
vallen. Deze beheerders dienen aan beperkte regels te voldoen. Het gaat vooral om
rapportageverplichtingen aan de AFM. In Nederland werkt dit verlicht regime goed en
is geen gebruik gemaakt van de lidstaatoptie om nadere prudentiële en gedragsregels
te stellen. Richting Europese Commissie is aangegeven dat het voor het bevorderen
van de interne markt goed zou zijn dat de mogelijkheid voor lidstaten wordt geschrapt
om aanvullende regels op te leggen aan beheerders die onder het verlicht regime vallen.
Daarnaast is aangegeven dat het hierboven genoemde bedrag van de beheerde activa waarboven
een vergunning is vereist niet dient te worden aangepast, afgezien van een inflatiecorrectie.
Ten slotte is ingebracht dat de introductie van een nieuw regime voor «mid-size» fondsbeheerders
de regelgeving verder compliceert en niet van toegevoegde waarde is.
Indieners
E. Heinen, minister van Financiën