Brief regering : Geannoteerde agenda voor de RBZ-Defensie van 12 mei 2026
21 501-28 Defensieraad
Nr. 301
BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 28 april 2026
Hierbij ontvangt u de geannoteerde agenda voor de Raad Buitenlandse Zaken Defensie
(RBZ) met Ministers van Defensie van 12 mei 2026. De agenda voor deze bijeenkomst
is op het moment van schrijven nog niet bekend. Naar verwachting zullen de Ministers
spreken over steun aan Oekraïne en Defensiegereedheid. Daarnaast vindt de Steering
Board plaats van het Europees Defensieagentschap (EDA). Ook informeer ik u in deze
brief over het voortzetten van de Nederlandse bijdrage aan trainingen van Oekraïense
militairen.
Geannoteerde agenda RBZ Defensie
Steun Oekraïne
Tijdens de RBZ-Defensie zal worden gesproken over militaire steun aan Oekraïne. Daarbij
zal stilgestaan worden bij de recente ontwikkelingen, de lopende inspanningen om te
komen tot een duurzame vrede, evenals het belang van de voortzetting van steun aan
Oekraïne. Het kabinet zet de militaire en financiële steun aan Oekraïne meerjarig
en onverminderd voort. Naar verwachting zal de RBZ Defensie in het bijzonder spreken
over urgente financiële en militaire steun voor Oekraïne, waaronder de EU-lening voor
steun aan Oekraïne. De Ukraine Support Loan is een voorstel voor een financieel steunpakket van EUR 90 mld. aan leningen voor
Oekraïne voor 2026 en 2027. Nederland zal het belang onderstrepen van een spoedig
akkoord en snelle implementatie van deze lening. Daarbij moet het mogelijk zijn om
de lening in te zetten voor aanschaf van noodzakelijk materieel uit derde landen,
indien de EU-industrie dit niet of niet tijdig kan leveren.
Tegelijkertijd zal Nederland onderstrepen dat substantiële bilaterale steun door alle
lidstaten, naast de EU-lening, moet worden voortgezet. Het is essentieel om Oekraïne,
zowel via de EU als bilateraal, diplomatiek, financieel en militair te blijven steunen
en de druk op Rusland te blijven verhogen door spoedige aanname van extra sanctiemaatregelen.
Defensiegereedheid
De voortgang op de EU-routekaart voor defensiegereedheid zal worden besproken. Een
belangrijk onderdeel hiervan is de voortgang op de negen gezamenlijke capability-prioriteiten (Priority Capability Areas of «PCA’s»). Nederland coördineert – samen met Letland, Kroatië, Spanje en Denemarken
– de PCA drones en counter-drone systemen. Nederland zal steun zoeken voor het voorstel
om vanuit deze PCA EU-financiering aan te vragen onder het Europees Defensie-Industrie
Programma (EDIP), in lijn met de motie-Yeşilgöz-Zegerius c.s.1 Daarnaast geeft Nederland een update over de PCA militaire mobiliteit. De eerste
bijeenkomst voor alle geïnteresseerde landen van de PCA militaire mobiliteit vond
plaats op 25 maart jl. Tijdens deze bijeenkomst heeft Nederland samen met co-leads
Duitsland en België de voorziene focus van deze PCA toegelicht, welke gericht is op
digitalisering, governance en transport en logistieke middelen (capabilities).
Nederland zal verder de coördinerende landen van de andere PCA’s aansporen om samenwerking
binnen de PCA’s te versnellen. De aanjagende rol van de coördinerende landen is namelijk
noodzakelijk om te verzekeren dat de PCA’s de drijvende kracht blijven op het gebied
van capaciteitsontwikkeling. Voor versterking van de Europese defensie-industrie zal
Nederland het belang benadrukken van het gebruik van NAVO-standaarden, zoals opgenomen
in het non-paper over de interne markt voor defensie en conform de motie Diederik
van Dijk.2 Tot slot blijft Nederland pleiten voor het betrekken van NAVO-bondgenoten, waaronder
het Verenigd Koninkrijk, bij de uitvoering van de EU-agenda voor defensiegereedheid
conform de motie Olger van Dijk.3
De triloogonderhandelingen over de EU defensie omnibus en de onderhandelingen in de
Raad over het pakket militaire mobiliteit lopen nog. De BNC-fiches met de kabinetsinzet
voor deze voorstellen zijn reeds met uw Kamer gedeeld. Het voorzitterschap hoopt de
triloogonderhandelingen over de defensie omnibus met het Europees Parlement voor de
zomer af te ronden.
Naar verwachting zal de door Commissievoorzitter Von der Leyen aangekondigde EU Veiligheidsstrategie
(EVS) tevens aan de orde komen tijdens de RBZ Defensie. De Europese Commissie zal
de EVS waarschijnlijk deze zomer publiceren. De EVS zal naar verwachting een breed
scala aan onderwerpen beslaan zowel op het gebied van veiligheid en defensie als weerbaarheid
en hybride dreigingen en economische veiligheid. Conform het met uw Kamer gedeelde
non-paper zal Nederland tijdens de RBZ-defensie de punten benadrukken die Nederland
in de EVS wil terugzien: 1) versterken van steun aan Oekraïne 2) versterken van het
GBVB/GVDB en de Europese bijdrage binnen de NAVO 3) verminderen van strategische afhankelijkheden
door strategischer buitenlands (geo-)economisch beleid en het inzetten op economische
veiligheid 4) versterken van de Europese defensie-industrie en innovatie, inclusief
samenwerking met derde landen 5) tegengaan van hybride dreigingen en het versterken
van weerbaarheid.
EDA Steering Board
Op 12 mei zal ook een EDA Steering Board plaatsvinden met Ministers van Defensie.
Op de agenda staat de versterking van EDA. Nederland hecht belang aan de rol van EDA
en onderschrijft de ambities, waarbij EDA zich moet richten op het leveren van concrete
resultaten en het ondersteunen van de lidstaten bij het identificeren en verwerven
van benodigde (gedeelde) behoeften en capaciteiten. Een belangrijk onderwerp waar
EDA aan kan bijdragen is het ondersteunen van lidstaten in het uitwerken van de PCA’s.
Daarnaast ondersteunt Nederland de prioritering van het EDA ten aanzien van opschaling
van onderzoek, technologie en innovatie; consolidatie van de centrale rol van EDA
op het gebied van gezamenlijke ontwikkeling van militaire vermogens; vraagbundeling
van aanschaf, opbouwen van de centrale rol van EDA binnen het EU-defensie domein,
het versterken en benutten van partnerschappen waaronder betere synergie met de NAVO.
Voortzetting Nederlandse bijdrage aan trainingen van Oekraïense militairen
Mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken informeer ik uw Kamer over het voortzetten
van de Nederlandse bijdrage aan trainingen van Oekraïense militairen. Sinds 2022 levert
Nederland een bijdrage aan operatie Interflex, een trainings- en opleidingsprogramma
in het Verenigd Koninkrijk gericht op het snel en grootschalig trainen van Oekraïense
militairen op het gebied van militaire basisvaardigheden en leiderschapstraining.
Tot nu toe zijn via operatie Interflex ca. 60.000 Oekraïense militairen getraind.
De trainingsbehoefte vanuit de Oekraïense krijgsmacht en de door partners geboden
trainingsmogelijkheden passen zich voortdurend aan. Om tot een optimale invulling
van de Nederlandse inzet ter versterking van de Oekraïense krijgsmacht te komen heeft
het kabinetin goed overleg met het VK besloten de huidige bijdrage aan Interflex vanaf
juni 2026 in te zetten bij de EU Military Assistance Mission for Ukraine (EUMAM) in Duitsland. Nederland draagt sinds de lancering van EUMAM in 2022 bij met
stafofficieren en trainers, zowel aan grootschalige als specialistische trainingen.
Intussen zijn in totaal meer dan 86.000 Oekraïense militairen getraind via EUMAM.
De trainingen worden door Oekraïne zeer gewaardeerd.
Aangezien het mandaat voor de Nederlandse bijdrage aan EUMAM op 15 november a.s. afloopt,
is besloten om de bijdrage tot en met 15 november 2028 te verlengen. Dit geldt zowel
voor de bijdrage met een aantal stafofficieren aan de hoofdkwartieren van EUMAM, als
voor de Nederlandse bijdrage aan de trainingen. De kosten voor de verlenging van de
bijdrage van de stafofficieren aan EUMAM worden geraamd op € 2 miljoen. De kosten
voor de trainingen in Duitsland worden geraamd op € 15,5 miljoen. De kosten worden
gefinancierd uit het Budget Internationale Veiligheid (BIV).
Daarnaast zijn in 2025 onder leiding van Nederland en als onderdeel van EUMAM, zowel
in Nederland als in andere landen 50 donatie- en specialistische trainingen gegeven
aan in totaal circa 530 Oekraïense militairen. Een substantieel deel van de trainingen
is gerelateerd aan de donaties van F-16’s en mijnenjagers. Nederland blijft ook dergelijke
trainingen voortzetten, en daarbij doorlopend inspelen op de Oekraïense trainingsbehoefte.
Tot slot zal Nederland de bijdrage aan marinierstrainingen voor Oekraïense militairen
voortzetten tot september 2027. De kosten voor deze verlenging worden geraamd op € 2
miljoen en worden gefinancierd uit het BIV. Het kabinet blijft de ontwikkelingen in
Oekraïne nauwgezet volgen en informeert uw Kamer als dit tot aanpassingen van de inzet
van Nederlandse militairen leidt.
De Minister van Defensie,
D. Yeşilgöz-Zegerius
Indieners
D. Yeşilgöz-Zegerius, minister van Defensie
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.