Brief regering : Kabinetsreactie op het advies ‘Verkenning Natuurinclusief: de vruchten plukken van natuurinclusief werken’
33 576 Natuurbeleid
Nr. 481
BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 24 april 2026
Met deze kamerbrief bied ik u mijn reactie namens het kabinet aan op het advies «Verkenning
Natuurinclusief: de vruchten plukken van natuurinclusief werken». Alle overheden –
ook IPO, UvW en VNG – hebben de tijd genomen om het advies tot zich te nemen en een
reactie te formuleren op de beleidsmatige doorwerking. Het advies gaat in op de vragen
wat de overheden, individueel en in samenhang, te doen hebben om de kansen voor een
natuurinclusieve samenleving – waar natuur is geïntegreerd in de woon-, werk- en leefomgeving
– te benutten en versterken. En hoe de overheden dit effectief met elkaar kunnen organiseren.
Deze verkenning komt in navolging van de Agenda Natuurinclusief 2.01, het ambitiedocument2 voor 2024–2027 van de publiek-private samenwerking Collectief Natuurinclusief3. Collectief Natuurinclusief zet zich in voor het verweven van natuur in diverse domeinen
vanuit het ecologisch, economisch en sociaal perspectief. De verkenning natuurinclusief
is een opdracht van het Bestuurlijk Overleg Natuur+ (Rijk, Interprovinciaal Overleg,
Unie van Waterschappen, Vereniging Nederlandse Gemeenten) van 26 maart 2024.
Samenvatting van aanbevelingen Verkenning Natuurinclusief
Het advies stelt dat bij de overheden gezamenlijke inzet op integratie van natuur
in de woon-, werk- en leefomgeving nodig is voor realisatie van maatschappelijke opgaven
en natuurdoelen. De aanbevelingen zijn erop gericht om dit uit te werken in concreet
handelingsperspectief voor de overheden. Geconstateerd wordt dat een systematische
en samenhangende aanpak op natuurinclusiviteit bij de overheden ontbreekt. Interbestuurlijke
en interdepartementale samenwerking is nodig om tot resultaten te komen die bijdragen
aan het behalen van (wettelijke) natuurdoelstellingen en andere maatschappelijke opgaven.
Ook wordt een veelvoud aan initiatieven uit de praktijk gesignaleerd die waarde bieden
en potentie hebben om op te schalen. Denk daarbij aan het stad in een park concept
of natuurpositieve energieprojecten, bloemrijke dijken, agrarisch natuurbeheer en
Nature-based Solutions. Tegelijkertijd stelt het advies dat deze maatschappelijke
initiatieven op uiteenlopende vlakken obstakels en belemmeringen ondervinden, zoals
niet passend beleid, regelgeving, gedrag, kennis en financiering. De gewenste brede
toepassing van deze innovatieve oplossingen en praktijken blijft daardoor uit.
Om de grote potentiële maatschappelijke waarde van natuurinclusief werken te realiseren,
stelt het advies dat natuurinclusief werken stelselmatig bij overheden moet worden
ingebed. Dit bestaat uit een fundament met een gezamenlijke visie, Basiskwaliteit
Natuur (BKN) als ecologische onderlegger, eenduidige communicatie en een gebundeld
kennisnetwerk. Geadviseerde acties en benodigde samenwerking worden opgebouwd langs
drie bouwstenen: 1) aanjagen, faciliteren en opschalen van maatschappelijk initiatief;
2) natuurinclusiever maken van overheidshandelen in de fysieke leefomgeving; en 3)
creëren van randvoorwaarden en het op orde brengen van natuurinclusieve beleids- en
uitvoeringsprocessen van de overheden.
Reactie op het advies
Het kabinet waardeert het advies en ziet de meerwaarde van een helder perspectief
op de inzet en samenwerking van overheden ten aanzien van natuurinclusief. Goede interbestuurlijke
verhoudingen zijn essentieel om de grote maatschappelijke vraagstukken effectief aan
te pakken en dit advies gaat hier nadrukkelijk op in. Bovendien past natuurinclusief
in de lijn van natuurherstel doordat slimme natuurlijke oplossingen en het meenemen
van natuur in andere besluitenbijdragen aan het verlichten van de druk op de natuur
en meervoudig ruimtegebruik. Zo kunnen natuurinclusieve oplossingen leiden tot toegenomen
biodiversiteit, een verbeterde leefbaarheid, gezonde bodem en waterregulatie.
Dit kabinet zet zich in voor natuurherstel en voert de Natuurherstelverordening (NHV)
uit, waarbij binnen de bestaande wettelijke kaders een bredere afweging gemaakt wordt
met andere belangen zoals economie, ruimte en veiligheid. In het definitief Natuurplan
worden maatregelen opgenomen ten behoeve van natuurherstel, voor het beschermen en
herstellen van ecosystemen. Daarbij is in het Programmaplan ten behoeve van de implementatie
van de Natuurherstelverordening gesteld dat het voor Nederland wenselijk is om natuurdoelstellingen
te verbinden met ruimtelijke ontwikkelingen en maatschappelijke opgaven zoals voedselzekerheid,
woningbouw, defensie, cultureel erfgoed en de energietransitie4. De inzet op natuurinclusief – zoals de verkenning beschrijft – sluit hier als werkwijze
direct op aan.
Het belang van natuurinclusief werken wordt reeds onderschreven in de Ontwerp Nota
Ruimte5, omdat de grote ruimtelijke opgaven in Nederland om nieuwe oplossingen en een rechtvaardige
verdeling van de schaarse ruimte in Nederland vragen. Het verweven van natuur met
onze woon-, werk- en leefomgeving in de vorm van functiecombinaties waar het kan,
is een belangrijke deeloplossing voor efficiënt ruimtegebruik met mogelijke versterking
van ruimtelijke kwaliteit. Hiervoor zijn al veel lopende initiatieven om op aan te
sluiten, denk bijvoorbeeld aan Agrarische Natuurbeheer, klimaatadaptatie en Groen
in en om de Stad.
Ook het kabinet ziet dat de natuur kan bijdragen aan de invulling van maatschappelijke
doelen, zoals een gezonde leefomgeving, klimaat en leefbaarheid. Denk bijvoorbeeld
aan groene gebiedsontwikkelingen, waardoor hittestress afneemt, sponswerking verbetert,
luchtkwaliteit toeneemt, gezondheid vooruitgaat en de biodiversiteit zich herstelt.
Met deze benadering wordt investeren in de natuur voordelig en helpt het om de doelstellingen
van meerdere overheden tegelijk het hoofd te bieden. De werkwijze leidt bovendien
tot breed draagvlak door vanuit het maatschappelijk initiatief samen te werken tussen
bedrijven, financiële instellingen, maatschappelijke organisaties, (kennis)instellingen
en overheden.
Natuurinclusief draagt bij aan het Coalitieakkoord door als kans en oplossing bij
te dragen aan de uitdagingen waar Nederland voor staat: wonen, circulaire economie
en klimaat; een toekomstbestendige landbouw en voedselsysteem; een gezonde leefomgeving
en fysieke en mentale gezondheid; innovatie en een sterke en weerbare economie; een
veilige en weerbare samenleving. Door natuurinclusief werken te integreren in de aanpak
en maatregelen van deze uitdagingen zijn maatschappelijke opgaven geholpen én dragen
ze bij aan herstel van natuur en biodiversiteit. Het sterk publiek-private karakter
van natuurinclusiviteit past bij de gewenste samenwerking tussen bedrijven, maatschappelijke
organisaties en medeoverheden. Samen kan natuurinclusief beleid ontwikkeld worden
dat aansluit bij de praktijk en uitvoering, met oog voor innovatieve oplossingen,
economische perspectieven en brede welvaart. Naast de inzet van maatschappelijk partijen
is een versteviging van overheidsbeleid nodig om een natuurinclusieve samenleving
mogelijk te maken.
Vervolg
Het kabinet beschouwt de bestuurlijke Verkenning Natuurinclusief als een strategisch
kader en startpunt om te komen tot een samenhangende interdepartementale en interbestuurlijke
aanpak op natuurbeleid en natuurinclusief werken. Dit is in lijn met de wens tot goede
interbestuurlijke verhoudingen en meerjarige en betrouwbare afspraken met decentrale
overheden. Onder andere om de grote opgaven in gebieden integraal en gezamenlijk te
realiseren. De beschreven acties en aanbevelingen geven de juiste richting en het
kabinet acht nadere uitwerking noodzakelijk om tot een concrete integrerende aanpak
en uitvoering te komen. Daarmee werken we toe naar een samenleving waarin natuurinclusief
het nieuwe normaal is. En waarbij we toewerken naar een niet-verplichtend maar wel
gedragen «natuurinclusief, tenzij» in onze fysieke, sociale en economische ontwikkelingen.
Daarvoor wordt ingezet op een natuurinclusief beleidskader en een bijbehorend uitvoeringsplan
om natuurinclusief werken helder te positioneren en breed uitvoerbaar te maken. Het
natuurinclusief beleidskader biedt een doorvertaling van de verkenning naar beleidsmatige
keuzes. Het uitvoeringsplan bevat een gedifferentieerde uitwerking van natuurinclusief
werken in acties en maatregelen die bijdragen aan de wettelijke doelen, beleidsdoelen
en maatschappelijke opgaven van de decentrale overheden en departementen. Het komen
tot het beleidskader en het uitvoeringsplan vraagt om een interdepartementale en interbestuurlijke
samenwerking tussen de departementen en decentrale overheden, in verbinding met kennisinstellingen
en het maatschappelijk middenveld, met oog voor duidelijke verantwoordelijkheden en
rolverdeling. In 2026 wordt hier invulling aan gegeven door LVVN in nauwe samenwerking
met in ieder geval de provincies, waterschappen, gemeenten, IenW, BZK (VRO), EZK (EZ
en KGG) en Defensie. Om dit effectief uit te voeren wordt gebruik gemaakt van bestaande
kennis, inzet, koppelkansen en overlegstructuren.
Voor de mijlpalen van het natuurinclusief beleidskader het uitvoeringsplan wordt gebruik
gemaakt van het BO Natuur+. Een overleg met interdepartementale en interbestuurlijke
vertegenwoordigers dat ook wordt benut voor de Natuurherstelverordening en het Natuurplan.
Het werkt daarmee synergie in de hand. De inzet is om op het BO Natuur+ van juni 2026
de contouren, op het BO Natuur+ 2026 van november het concept en op het BO Natuur+
van maart 2027 de definitieve producten te agenderen. Resulterend in aanvullende bestuurlijke
afspraken over natuurinclusief. Eind van dit jaar informeren wij Uw Kamer over de
vervolgstappen die worden ondernomen.
Deze concretisering is ook nodig om de daadwerkelijke bijdrage van natuurinclusief
werken aan de natuuropgaven van de NHV en VHR beter in kaart te brengen en te kwantificeren,
alsook de bijdrage aan de maatschappelijke opgaven van o.a. woningbouw, veiligheid,
energie en landbouw. Ook kan onderzocht worden of de NHV kansen biedt om de inzet
op natuurinclusiviteit verder te formaliseren. Uitgangspunt van dit kabinet is dat
natuurinclusief werken zoveel mogelijk als oplossing wordt ingezet voor het behalen
van bestaande doelen en dat de opgaven van bijvoorbeeld woningbouw en defensie daarbij
ondersteund worden. Dit sluit aan bij het NOVI principe van meervoudig ruimtegebruik
en de nationale belangen in de fysieke leefomgeving.
Tot slot
Ik zal hiertoe de aanbevelingen uit het advies betrekken bij verdere interdepartementale
en interbestuurlijke afspraken. Met als doel om de inzet op natuurinclusief werken
bij vervolgstappen te concretiseren en complementair te laten zijn aan het Natuurplan
en de Nota Ruimte. Daarbij kijk ik er naar uit om de bestaande maatschappelijke beweging
van natuurinclusief te benutten bij de verdere uitwerking van het beleidskader en
het uitvoeringsplan. Zodat inwoners, bedrijfsleven en overheden de vruchten gaan plukken
van een natuurinclusieve samenleving.
De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, J. van Essen
Indieners
J. van Essen, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur