Brief regering : Voortgang implementatie Europees Asiel- en Migratiepact
19 637 Vreemdelingenbeleid
32 317
JBZ-Raad
Nr. 3553
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ASIEL EN MIGRATIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 april 2026
Met deze brief informeer ik uw Kamer over de stand van zaken van de implementatie
van het Europees Asiel- en migratiepact (hierna: migratiepact). Hiermee geef ik uitvoering
aan de motie1 van leden Podt (D66) en Rajkowski (VVD) over het periodiek informeren van de Kamer
over de voortgang van de implementatie van het migratiepact. Over twee maanden zal
het migratiepact inwerkingtreden. Binnen de migratieketen bereiden alle organisaties
zich voor op de grootste stelselwijziging in 25 jaar. In deze brief ga ik in op de
stand van zaken van deze voorbereiding. Alvorens de stand van zaken te schetsen zal
ik in deze brief nader ingaan op het rapport «De nieuwe asielprocedure van 2026: van
ontvangst tot definitief asielbesluit» dat is opgesteld door de IND, zoals ik uw Kamer
heb toegezegd op 20 maart2 jl.
Rapport IND
De IND heeft een verkennend onderzoek uitgevoerd naar de gevolgen van de nieuwe asielprocedure
onder het migratiepact. Het doel van deze verkenning was om de belangrijkste wijzigingen
van de nieuwe asielprocedure ten opzichte van de huidige procedure in beeld te brengen,
alsmede ook de impact hiervan op de IND, de overige organisaties in de migratieketen
en de aanvragers. De implementatie van het Migratiepact kan niet los worden gezien
van de implementatie van de nationale asielwetten (Asielnoodmaatregelenwet en de wet
Tweestatusstelsel).
Daarin zit – op belangrijke onderdelen – een inhoudelijke overlap. Over de afzonderlijke
maatregelen, zoals het tweestatusstelsel, is de Kamer dan ook al eerder geïnformeerd
via separate uitvoeringstoetsen, deze vallen daarom buiten dit rapport. Gedurende
de onderzoeksperiode heeft de IND daarnaast het proces op onderdelen aangepast of
verder ontwikkeld, waardoor het rapport een momentopname is van het najaar 2025. De
interviews met IND-experts hebben plaatsgevonden vanaf augustus tot en met oktober
2025. De interviews met experts van externe partijen hebben plaatsgevonden in november
2025. Ter illustratie: een zorg van DT&V was bijvoorbeeld dat reisdocumenten zoals
paspoorten niet werden ingenomen. Het screeningsproces is hierop aangepast zodat deze
documenten nu wel kunnen worden ingenomen. De DT&V kan deze gebruiken in het terugkeerproces.
De verkenning van de IND maakt heel helder en duidelijk wat de opgave is en wat dit
betekent voor de betrokken organisaties. Het is goed te zien dat alle uitvoeringsorganisaties
zich zo transparant opstellen en vanuit verschillende perspectieven de aandachtspunten
schetsen. Deze samenwerking is cruciaal voor de implementatie van de nieuwe asielprocedure
onder het migratiepact.
Uitdagingen IND
Informatievoorziening
De planning van de IND was om bij inwerkingtreding van het migratiepact te starten
met een geheel nieuw ICT-systeem, mede vanwege het feit dat het huidige systeem aan
vervanging toe is. Gedurende de voorbereiding is geconcludeerd dat het nieuwe systeem
op 12 juni 2026 niet volledig gereed zal zijn en de implementatie ervan doorloopt
na inwerkingtreding van het migratiepact. De IND past daarom het bestaande systeem
zo aan dat alle werkzaamheden na 12 juni conform het migratiepact kunnen worden uitgevoerd.
Het nieuwe screeningsproces in Ter Apel zal per 12 juni wel volledig in het nieuwe
ICT-systeem werken.
Bij zo’n grote stelselwijziging is het verder onvermijdelijk dat na 12 juni nog onvoorziene
zaken optreden. De IND benadrukt dat indien zich dat voordoet, deze onvolkomenheden
aangepast zullen worden. Dit geldt ook voor de informatie-uitwisseling tussen de verschillende
ketenpartners. Kortom, na 12 juni zal er hoe dan ook een doorontwikkeling plaatsvinden
en de IND zal op termijn geheel gaan werken in een nieuw ICT-systeem.
Liggende asielaanvragen
Met het migratiepact zullen kortere behandeltermijnen gaan gelden voor de behandeling
van asielaanvragen. Het bijhouden van deze termijnen is een belangrijke prioriteit.
Dit komt de werking van het migratiepact ten goede en daarmee ook de beheersbaarheid
van asielmigratie. Om een beroep te kunnen doen op de goede werking van het migratiepact
in andere lidstaten moet Nederland het goede voorbeeld geven en het migratiepact op
een goede manier invoeren en op orde hebben. De IND kan de nieuwe beslistermijnen
en de instroom alleen bijhouden als daarvoor voldoende capaciteit wordt vrijgemaakt
die zich daar specifiek op richt. Dat heeft consequenties voor de capaciteit die de
IND daarnaast kan inzetten voor de behandeling van de aanvragen die zijn ingediend
vóór 12 juni 2026.
Daarom zal ik voor de inwerkingtreding op 12 juni met een plan van aanpak komen om
de liggende aanvragen af te handelen. Daarmee kom ik ook tegemoet aan de motie-Westerveld/Ceder3, waarin u als Kamer het kabinet heeft opgeroepen om tot een realistisch plan van
aanpak te komen voor het wegwerken van de voorraden en het verkorten van de doorlooptijden
bij de IND. Het is niet zo dat alle capaciteit ingezet wordt voor het migratiepact.
Er zal, naast de invoering van het migratiepact, ook capaciteit zijn voor het wegwerken
van de voorraden. De IND zet zich onverminderd in om de omvang van de bestaande voorraad
zo veel mogelijk te verkleinen. Dit vraagt echter wel om het maken van keuzes. De
IND brengt deze, samen met mijn departement, in kaart. Ik zal over de uitkomst hiervan
uw Kamer in mei van dit jaar informeren.
Personeel
Ten aanzien van het benodigde extra personeel geldt dat daar waar nodig de IND extra
personeel gaat werven, dit betreft primair juridische geschoold personeel. Uit eerdere
uitvoeringstoetsen blijkt namelijk dat het tweestatusstelsel leidt tot een aanzienlijke
structurele werklastverzwaring, de capaciteitsbehoefte verschuift binnen de IND daarmee
richting de beroepsfase. Dit extra personeel zal niet volledig geworven zijn op 12 juni.
Binnen het hoor- en beslisproces verwacht de IND geen aanvullende personeelsbehoefte.
De IND start op 12 juni 2026 met de uitvoering van het migratiepact. De IND zorgt
er daarbij voor dat medewerkers voldoende zijn opgeleid om per 12 juni aanvragen conform
de nieuwe systematiek af te doen. Specifiek voor het uitvoeren van de screeningsprocedure
in Ter Apel en juridische counseling worden vooralsnog geen personele problemen voorzien.
Impact op andere organisaties in het asieldomein
De raden
Alle betrokken organisaties voorzien de knelpunten in de beroepsfase. Met name rechtbanken,
maar ook advocaten en directie Juridische Zaken van de IND kampen momenteel met personeelstekorten.
Het zal daarom niet of beperkt mogelijk zijn om de productie van rechtbanken op te
schalen. Ook de Raden (Rechtspraak en rechtsbijstand) zullen moeten opschalen bij
een hogere productie om in staat te zijn om meer zaken te koppelen, in te plannen
en te vergoeden. De Raad voorziet niet zozeer problemen voor het uitbreiden van haar
eigen capaciteit, maar wel voor de beschikbare capaciteit van asieladvocaten. De Raden
verwachten de komende jaren een substantiële uitstroom van asieladvocaten (o.a. vanwege
leeftijd) en een beperkte nieuwe aanwas. Daarnaast verwachten de Raden dat door genoemde
ontwikkelingen en met name de onzekerheden daarin de aantrekkelijkheid voor dit rechtsgebied
zal verminderen. De Raden onderzoeken momenteel de effecten hiervan in relatie tot
de beschikbare capaciteit van asieladvocaten. Daarnaast verwachten de Raden meer en
complexere beroepszaken en een noodzakelijke herijking van het Raad voor de Rechtsbijstand
-puntensysteem (regelgeving en ICT-aanpassingen vergen 9–15 maanden na opdracht).
Over de uitdagingen met betrekking tot de implementatie en uitvoering van het migratiepact
blijf ik doorlopend met alle betrokken partijen in gesprek. Indien nodig zal in gezamenlijkheid
gezocht worden naar oplossingen.
COA
De impact van het Migratiepact op het aantal asielaanvragen in Nederland, de effecten
op de doorlooptijden bij de IND, de Rechtspraak en de terugkeer van afgewezen asielzoekers
is onzeker. De bezettingsontwikkeling bij het COA hangt mede van die ontwikkelingen
af en is daarmee de komende jaren zeer lastig te voorspellen. Het is van belang hier
vooraf zicht op te krijgen binnen de asielketen en de ontwikkelingen na de inwerkingtreding
van het Migratiepact goed te monitoren en op bij te sturen.
De keuze waarbij de IND vanaf 12 juni inzet op het volledig bijhouden van de nieuwe
aanvragen onder het pact heeft direct effect op de liggende aanvragen zoals eerder
beschreven. Deze overgangsfase, waarin de oude en nieuwe procedure naast elkaar lopen,
heeft gevolgen voor de bewoners en opvanglocaties. Het is voor het COA belangrijk
dat snel duidelijk wordt wat de precieze consequenties zijn voor de opvang en dat
er eenduidige communicatie volgt voor de bewoners. Daarnaast heeft COA zorgen geuit
over het feit dat de screeningsprocedure per 12 juni eerst alleen in Ter Apel plaatsvindt.
COA heeft, in overleg met de IND en in de keten, gewezen op de kwetsbaarheid en de
risico’s van het op één locatie inrichten en uitvoeren van dit nieuwe screeningsproces.
Het COA en de IND, zijn hierover goed in gesprek met elkaar. Voor de overige uitvoeringsconsequenties
verwijs ik u naar het rapport van de IND.
De implementatie van de nieuwe asielprocedure en screeningsprocedure is nog in volle
gang. Het is mijn verwachting dat een belangrijk deel van de geconstateerde risico’s
in de komende tijd verholpen worden en zo aan de meeste randvoorwaarden kan worden
voldaan. Zo heeft de IND het screeningsproces al zo ingericht dat het aantal vreemdelingen
dat zich meldt op de aanmeldlocatie binnen de gestelde termijnen het screeningsproces
kan doorlopen. Om pieken op te vangen is het screeningproces ingericht op een hogere
capaciteit, zodat ook bij een groter aantal meldingen de termijnen gehaald kunnen
worden.
Stand van zaken implementatie migratiepact
Screeningsproces
De Screeningsverordening maakt onderscheid tussen screening aan de buitengrens en
screening op het grondgebied. Per 12 juni 2026 start de IND met de uitvoering van
de binnenlandse screening op de aanmeldlocatie in Ter Apel. De screening wordt geïntegreerd
in het asielproces.
Door deze taken te combineren met het proces van ontvangst en voorbereiding van de
asielprocedure (OVA) worden overdrachtsmomenten in de keten beperkt en kan informatie
eerder worden opgehaald ten behoeve van het hoor- en beslisproces.
De IND heeft het proces zo ingericht dat het aantal vreemdelingen dat zich meldt op
de aanmeldlocatie binnen de gestelde termijnen het screeningsproces kan doorlopen.
Om pieken op te vangen is het screeningproces ingericht op een hogere capaciteit,
zodat ook bij een groter aantal meldingen de termijnen gehaald kunnen worden. Indien
nodig kan de IND aanvullende maatregelen treffen, zoals het verruimen van openingstijden,
het flexibel inzetten van personeel en – in uitzonderlijke situaties – het terugbrengen
van het proces tot de minimale vereisten uit de Screeningsverordening.
De Koninklijke Marechaussee (KMar) is aangewezen als screeningsautoriteit aan de buitengrens
voor de identificatie, registratie en het uitvoeren van een veiligheidscontrole en
voorlopige kwetsbaarheidsbeoordeling bij vreemdelingen die aan de buitengrens een
asielverzoek doen. De asielzoeker wordt geïnformeerd over de vervolgprocedure en nadat
aan de vreemdeling de toegangsverlening tot Nederland is uitgesteld en een vrijheidsontnemende
maatregel is opgelegd, wordt de vreemdeling voor het voortzetten van de screening
overgebracht naar het aanmeldcentrum Schiphol ten behoeve van de voorlopige medische
beoordeling. De voorlopige medische beoordeling wordt uitgevoerd door gekwalificeerd
medisch personeel van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). Behoudens (gezinnen
met) minderjarigen4 worden na afronding van de screening vreemdelingen doorverwezen naar de gesloten
asielgrensprocedure.
Multidisciplinaire leeftijdsbeoordeling
De Procedureverordening (art. 25) bepaalt dat bij twijfel over de minderjarige leeftijd
van een asielzoeker, een multidisciplinaire leeftijdsbeoordeling kan plaatsvinden.
Om die reden is het huidige proces van leeftijdsbeoordeling bezien in relatie tot
de nieuwe bepalingen in het migratiepact. De besluitvorming met betrekking tot de
inrichting van het proces van leeftijdsbeoordeling bevindt zich op dit moment in de
afrondende fase.
Dublinonderdaklocaties
Dublinclaimanten die vanaf inwerkingtreding van het migratiepact Nederland binnenkomen,
hebben na het overdrachtsbesluit niet langer recht op opvang. Wel dient een minimale
levensstandaard gewaarborgd te worden. Deze groep maakt nu ook al onderdeel uit van
de opvang. Verandering ten opzichte van de huidige situatie is dat deze doelgroep
niet meer verspreid, maar op zogenaamde Dublinonderaklocaties (DOL) worden geplaatst.
Momenteel is het COA bezig in de verschillende regio’s meerdere bestaande locaties
zo in te richten dat deze doelgroep daar onderdak kan krijgen. Dit zal op een apart
gedeelte van de opvanglocatie zijn. Gezien de fluctuaties in het aanbod van de doelgroep
is het uitgangspunt dat op de locaties de beschikbare capaciteit flexibel kan worden
op -en afgeschaald, zodat er geen bedden onbezet blijven. Op de DOL zal een versoberd
regime gelden, in de vorm van een dagelijkse inhuisregistratie, met wél eetgeld.
Toegang tot arbeidsmarkt
In het kader van de implementatie van de herziene Opvangrichtlijn worden wijzigingen
in de Wet arbeid vreemdelingen doorgevoerd. De beoogde inwerkingtredingsdatum is 12 juni
2026. Het UWV voert momenteel de noodzakelijke voorbereidende werkzaamheden uit voor
de implementatie van de wetgeving. Deze werkzaamheden verlopen conform planning en
zullen naar verwachting tijdig gereed zijn. Met deze wijziging wordt gezorgd dat bepaalde
groepen asielzoekers niet meer mogen werken. Dit betreft asielzoekers met een lagere
kans van inwilliging van het asielverzoek (waaronder Dublinclaimanten en asielzoekers
uit veilige landen van herkomst).
Recentelijk heeft het kabinet de stukken voor de aanpassing van de lagere regelgeving,
waarin vastgelegd wordt dat asielzoekers eerder mogen werken, ter voorhang bij uw
Kamer neergelegd. De benodigde voorbereidende werkzaamheden bij het UWV om de lagere
regelgeving uit te kunnen voeren, zijn nog niet op 12 juni 2026 gereed, waardoor deze
regelgeving op een later moment in werking treedt. Het huidige proces voor de aanvraag
van een tewerkstellingsvergunning en de wachttermijn van zes maanden blijft in stand
tot het moment waarop de lagere regelgeving in werking treedt. De komende tijd verkennen
UWV en IND gezamenlijk op welke wijze de uitvoering van dit proces in de tussenliggende
periode op een zorgvuldige manier kan worden voortgezet.
State of play Europese Commissie
De Europese Commissie rapporteert periodiek over de implementatie van het migratiepact,
waarbij de voortgang van nationale wetgeving en praktische uitvoering in de lidstaten
wordt gecontroleerd. Op het moment van schrijven is de (nieuwe) state of play nog
niet ontvangen. Zodra de rapportage van de Commissie ontvangen is zal ik uw Kamer
hierover aanvullend informeren.
De Minister van Asiel en Migratie,
G. van den Brink
Indieners
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie