Brief regering : Afschalen landelijke ophok- en afschermplicht en bezoekverbod vogelgriep en ontwikkelingen Newcastle Disease
28 807 Vogelpest (Aviaire influenza)
Nr. 325
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 21 april 2026
Met deze brief informeer ik uw Kamer over de laatste ontwikkelingen in de vogelgriepsituatie.
Ik ga in op de laatste risicobeoordeling van de Deskundigengroep Dierziekten en mijn
besluit om de ophok- en afschermplicht grotendeels in te trekken en het bezoekverbod
aan te passen. Ook ga ik in op de laatste ontwikkelingen inzake Newcastle Disease.
Actuele situatie
De laatste uitbraken met hoogpathogene vogelgriep (HPAI) op een commercieel pluimveebedrijf
vonden plaats op 21 maart 2026 op een vleeskuikenbedrijf in Oudemolen (gemeente Moerdijk)
en een leghennenbedrijf in Geesbrug (gemeente Coevorden). Het aantal wilde vogels
met HPAI neemt af. Daarnaast is het aantal uitbraken bij commerciële pluimveebedrijven
in Europa de afgelopen maanden duidelijk afgenomen en nemen ook daar het aantal meldingen
van wilde vogels met HPAI af.
Sinds 16 oktober 2025 geldt er een landelijke ophok- en afschermplicht in Nederland.
Deze is ingesteld na de uitbraak in Gasselternijveenschemond op 6 oktober 2025. Voor
een besluit om de landelijke maatregelen aan te scherpen of te verlichten maak ik
onder andere gebruik van de risicobeoordeling van de Deskundigengroep Dierziekten.
Recent zijn zij opnieuw bijeen geweest en hebben op basis van recente gegevens het
risico op een besmetting van een pluimveebedrijf beoordeeld.
Verslag Deskundigengroep Dierziekten
Op 14 april jl. heeft de Deskundigengroep Dierziekten de epidemiologische situatie
opnieuw beoordeeld. Zij hebben de kans op een vogelgriepbesmetting op een pluimveebedrijf
lager ingeschat dan tijdens de laatste bijeenkomst op 5 maart jl. Toen werd het risico
op een besmetting van een pluimveebedrijf aangeduid als «zeer hoog». De deskundigen
hebben nu de kans op een vogelgriepbesmetting op een pluimveebedrijf als «matig» ingeschat.
Daarbij geven ze aan dat dit oordeel een lage mate van onzekerheid kent voor de komende
maand, maar dat de onzekerheid daarna weer toeneemt. Dit heeft te maken met de voorjaarstrek.
Het verslag van de Deskundigengroep Dierziekten is als bijlage bij deze brief gevoegd.
Grotendeels intrekken van de ophok- en afschermplicht en aanpassing bezoekverbod
Ik heb besloten om de ophok- en afschermplicht voor commercieel en hobbymatig gehouden
vogels grotendeels in te trekken. De ophok- en afschermplicht blijft alleen in het
pluimveedichte gebied in en rond de Gelderse Vallei gelden. In dit pluimveedichte
gebied is het risico op verspreiding tussen bedrijven na een besmetting hoger dan
elders in Nederland, vanwege de hoge bedrijfsdichtheid. Op de dierziekteviewer1 van RVO is te zien in welke gebieden de ophok- en afschermplicht zal worden opgeheven
of in stand blijft.
In lijn met voorgaande jaren kies ik voor een stapsgewijze aanpak bij het intrekken
van de ophok- en afschermplicht. Bij mijn besluit neem ik de maatschappelijke wens
mee dat er in Nederland ruimte is voor een vrije-uitloopsector voor pluimvee en de
uitloop van hobbymatig gehouden vogels. Ik realiseer mij dat de kans op besmetting
van gehouden vogels hierdoor toeneemt, omdat de mogelijkheid van contact tussen vogels
die (deels) buiten worden gehouden en mogelijk met HPAI besmette wilde vogels groter
wordt. Ik houd de situatie daarom nauwlettend in de gaten.
Sinds 26 november 2025 geldt een aangescherpt bezoekverbod voor vogelverblijfplaatsen
die onderdeel zijn van een inrichting met commercieel gehouden vogels. Bezoek was
sindsdien alleen toegestaan indien hier een noodzaak voor was in het kader van volksgezondheid,
diergezondheid, dierenwelzijn of de gezondheid van in de stal aanwezige personen.
De nieuwe risicobeoordeling van de Deskundigengroep Dierziekten geeft aanleiding tot
een verlichting van het bezoekverbod. Door deze aanpassing is bezoek toegestaan indien
het bezoek plaatsvindt overeenkomstig een hygiëneprotocol en registratie van de bezoeker.
Deze aanpassing geldt landelijk. Dit is in lijn met het beleid dat eerder is vastgesteld
na de evaluatie van de landelijke maatregelen.2
Newcastle Disease
Newcastle Disease (ND), ook wel Pseudovogelpest genoemd, is een zeer besmettelijke
ziekte onder vogels. De ziekte kan leiden tot ernstige ziekteverschijnselen, hoge
sterfte en grote economische verliezen in de pluimveesector. ND is, evenals vogelgriep,
een bestrijdingsplichtige Categorie A-dierziekte volgens de Europese diergezondheidsverordening.
Daarnaast is het in Nederland verplicht voor houders van commercieel pluimvee om te
vaccineren tegen ND.
Polen kampt al geruime tijd met meerdere uitbraken van ND in de commerciële pluimveesector.
Sinds begin dit jaar heeft het virus zich meer naar het westen verspreid en zijn er
ook uitbraken gemeld in de Duitse deelstaten Brandenburg en Beieren. Daarnaast dreigt
er, zowel in Nederland als in andere Europese landen, een schaarste aan beschikbare
ND vaccins. Deze ontwikkelingen in Europa zijn zorgelijk.
Bij de verspreiding van ND spelen, in tegenstelling tot vogelgriep, trekvogels een
beperkte rol. Het risico op verspreiding ligt voornamelijk in tussenbedrijfcontacten
zoals transportbewegingen, materialen en serviceteams. Daarom wil ik het belang van
een juiste bioveiligheid nogmaals benadrukken. Het beperken van risicocontacten, het
strikt toepassen van hygiënesluizen en het reinigen en desinfecteren van voertuigen
en materialen zijn essentiële maatregelen om insleep en verdere verspreiding te voorkomen.
Daarnaast is een juiste vaccinatiepraktijk van groot belang. De deskundigengroep gaat
ook in op het aantal vaccinaties tegen ND, deze passage zal ik onder de aandacht brengen
van dierenartsen en de pluimveesector.
Door meerdere factoren, zoals de grote vraag naar ND vaccins in Oost-Europa en technische
problemen bij een producent van toegelaten vaccins, dreigt er een tekort aan beschikbare
toegelaten vaccins in Nederland. Wanneer er onvoldoende vaccins beschikbaar zijn,
kunnen houders niet langer aan de wettelijke vaccinatieplicht voldoen en zijn de dieren
onvoldoende beschermd tegen ND.
Om deze reden heb ik besloten een niet-EU-toegelaten vaccin goed te keuren voor gebruik.
Het gaat om een tijdelijk besluit tot toestemming voor gebruik dat is afgegeven op
grond van artikel 110, tweede lid, van de Europese diergeneesmiddelenverordening.
Het vaccin is positief beoordeeld door Bureau Diergeneesmiddelen (BD) van het agentschap
College ter Beoordeling Geneesmiddelen (aCBG) op kwaliteit, veiligheid en werkzaamheid
en wordt onderschreven door een positief advies van de Commissie toelating diergeneesmiddelen
(Ctd). Het gebruik van het vaccin wordt toegestaan tot 90 dagen nadat een toegelaten
vaccin weer beschikbaar is.
Tot slot
We hebben de afgelopen jaren gezien dat vogelgriep erg onvoorspelbaar is. Ik zal de
Deskundigengroep Dierziekten daarom regelmatig om een risicobeoordeling blijven vragen.
Mede op basis daarvan zal ik de geldende maatregelen steeds afstemmen op het actuele
risico. Daarnaast blijf ik de ontwikkelingen rondom ND de komende periode nauwgezet
volgen.
De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, S.P.A. Erkens
Indieners
S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur