Brief regering : Monitoring tolk- en vertaaldiensten
29 936 Regels inzake de beëdiging van tolken en vertalers en de kwaliteit en de integriteit van beëdigde tolken en vertalers (Wet beëdigde tolken en vertalers)
Nr. 77
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 april 2026
Met deze brief informeer ik uw Kamer, conform de eerdere toezeggingen van mijn ambtsvoorgangers,
over de prestaties van de tolkdienstverlening in het kalenderjaar 2025. Daarnaast
ga ik in op de voorlopige uitkomsten van de drie onderzoeken die zijn aangekondigd
in de Kamerbrief van 5 februari 20251, betreffende het vergoeden van de wachttijd, het vergoeden per begonnen halfuur en
de betaling per normregel. Verder geef ik met deze brief een terugkoppeling van de
driehoeksgesprekken die in 2025 zijn gevoerd met beroepsvertegenwoordigers van tolken
en vertalers, vertegenwoordigers van tolkbureaus en vertegenwoordigers van mijn ministerie.
Tot slot ga ik in op de motie2 van het voormalig Kamerlid Koops (NSC), over mogelijke belangenverstrengeling binnen
het Kwaliteitsinstituut Wet beëdigde tolken en vertalers (hierna: Wbtv).
1. Prestaties tolkdienstverlening
De toelichting over de inkoop van tolk- en vertaaldiensten en over hoe het stelsel
van tolk- en vertaaldiensten werkt, vindt u in bijlage 1.
De informatie in deze brief betreft de prestaties in het kader van 29 verschillende
tolkcontracten die met vier tolkbureaus zijn overeengekomen over het jaar 2025. Deze
tolkbureaus waarborgen samen de tolkdienstverlening voor negentien verschillende overheidsorganisaties.
Kerncijfers die ik binnen de contractuele afspraken mag delen, zoals leveringszekerheid,
leveringsnauwkeurigheid en gevraagde talen, treft u in bijlage 2 en 3. Voor de volledigheid
heb ik naast de kerncijfers over 2025 ook de kerncijfers over 2024 bijgevoegd.
In het jaar 2025 zijn in totaal 1.266.195 tolkbestellingen geplaatst en was de leverzekerheid3 98,5%. In heel 2024 zijn er 1.127.983 tolkbestellingen geplaatst en was de leverzekerheid
97,8%. Ondanks een stijging in 2025 van het aantal geplaatste tolkbestellingen met
12%, ontwikkelde de leverzekerheid zich in positieve zin met circa 0,7 procentpunt
ten opzichte van 2024. Een reden hiervoor kan zijn dat het aantal tolken in het Register
is gestegen. In 2025 was er sprake van een levernauwkeurigheid van 83,6%. Voor heel
2024 betrof dit 80,1%. Ik ben verheugd om te zien dat bij een stijgend volume de prestaties
op leverzekerheid en levernauwkeurigheid een positieve ontwikkeling laten zien.
2. De drie aangekondigde onderzoeken
Tijdens de begrotingsbehandeling van het Ministerie van Justitie en Veiligheid van
20234 en het Commissiedebat Juridische Beroepen op 24 april 2025 is aandacht gevraagd voor
de uitvoering van de aanbesteding voor het Openbaar Ministerie (OM) en de Rechtspraak.
In lijn met de motie van het voormalig lid Van Nispen (SP) c.s.5 en de toezegging in de Kamerbrief van 5 februari 2025 heb ik voor de tolkdiensten
van het OM en de Rechtspraak nader onderzoek gedaan naar:
− of en hoe de wachttijd van tolken tussen meerdere tolkopdrachten vergoed kan worden
binnen de huidige contractuele afspraken;
− de vergoeding per begonnen half uur;
− de wenselijkheid en de toepasbaarheid van een vergoeding per normregel.
In deze brief geef ik een nadere toelichting op elk van deze aspecten afzonderlijk
en informeer ik u over de genomen besluiten.
Vergoeden van wachttijd
Voor de invoering van het nieuwe stelsel in 20206 werden tolken rechtstreeks ingeschakeld door het OM en de Rechtspraak. In sommige
gevallen kreeg een tolk op locatie de opdracht om twee gesprekken te tolken waarvan
de eind- en begintijd niet op elkaar aansloten. Zowel het OM als de Rechtspraak hanteerden
toen een niet-gecodificeerde werkwijze, waar de wachttijd tot maximaal één uur in
aanmerking kwam voor vergoeding.
Door het Categoriemanagement, het OM en de Rechtspraak is onderzoek gedaan naar de
invoering van een vergoeding voor de tijd die overbrugd zou kunnen worden tussen twee
gesprekken (met een maximum van één uur) bij opdrachten op locatie van het OM en de
Rechtspraak. In het onderzoek is gekeken naar de mogelijkheden binnen de huidige contractuele
afspraken. Uit het onderzoek blijkt dat:
− het bundelen van twee gesprekken de tolkopdracht verlengt, wat de aantrekkelijkheid
voor tolken vergroot;
− overbruggingstijd gebruikt kan worden voor voorbereiding op het tweede gesprek;
− het bundelen een retourrit voorkomt, reiskilometers en kilometervergoeding halveert,
en CO2-uitstoot vermindert;
− de invoering van overbruggingstijd (maximaal één uur) budgetneutraal is.
Op basis van deze uitkomsten zie ik voldoende aanleiding om overbruggingstijd van
maximaal één uur tussen twee gesprekken bij tolkopdrachten op locatie bij het OM en
de Rechtspraak te gaan vergoeden. Het ministerie heeft daarom besloten de vergoeding
voor overbruggingstijd, met een maximum van één uur, verder uit te werken. Dit zal
worden gedaan door het Categoriemanagement, het OM en de Rechtspraak, in overleg met
de gecontracteerde tolkbureaus.
Vergoeden per begonnen half uur
De vergoeding die tolken ontvangen voor werkzaamheden bij het OM en de Rechtspraak
is vastgelegd in het Besluit tarieven in strafzaken (Btis).
Het toenmalige Btis (2003) bevatte een voorwaarde waaronder de tolken een vergoeding
per half uur ontvingen. In het verleden werd daardoor betaald voor tijd waarin niet
werd getolkt. Bijvoorbeeld: voor een opdracht van 31 minuten werd 60 minuten betaald;
daarmee betaalde de overheid voor 29 minuten dienstverlening die niet was geleverd.
De halfuursvergoeding voor tolken bij het OM en de Rechtspraak was een specifieke
regeling en werd in 2020 afgeschaft bij de herziening van het tolkenstelsel. Deze
wijziging werd doorgevoerd ter bevordering van de uniformiteit en marktwerking, zoals
aangegeven in de toelichting op het aangepaste Btis.7
Sinds de invoering van het nieuwe stelsel in 2020:
− ontvangen alle tolken ten minste een minimum uurvergoeding en kunnen zij sindsdien
afhankelijk van vraag en aanbod in de onderhandeling met het tolkbureau een hogere
vergoeding bedingen;
− betaalt de overheid de volledige duur van de verstrekte opdracht, zelfs als de uitvoering
van de opdracht korter is dan de overeengekomen tolkduur;
− wordt meerwerk altijd vergoed;
− zijn uniforme annuleringsvoorwaarden vastgesteld, waardoor tolken een vergoeding ontvangen
wanneer de opdrachtgever de opdracht voortijdig annuleert.
Uit onderzoek naar de herinvoering van een vergoeding per half uur blijkt dat:
− veel discussies kunnen ontstaan over in welk tijdvak van 30 minuten de tolkopdracht
is geëindigd;
− bij herinvoering er een verschil ontstaat in de wijze waarop binnen de overheid tolkdienstverlening
vergoed wordt;
− de kosten voor het OM en de Rechtspraak zullen stijgen.
Op basis van deze uitkomsten concludeer ik dat het niet wenselijk is om de vergoeding
van tolkdiensten per half uur voor het OM en de Rechtspraak opnieuw in te voeren.
Daarom is besloten om hiervan af te zien.
Betaling per normregel
Bij de stelselwijziging in 2020 is besloten om de vertaaldiensten voor het OM en de
Rechtspraak, vergelijkbaar met eerder afgesloten vertaalcontracten en de gangbare
marktpraktijk, te gaan vergoeden op basis van een integraal woordtarief. Hierop is
het Btis aangepast van een vergoeding per regel naar een minimum woordtarief van 7,9 eurocent.
Dit minimum woordtarief wordt in alle vertaalaanbestedingen als ondergrens gehanteerd.8
Om de haalbaarheid en wenselijkheid van de invoering van een vergoeding die gebaseerd
is op een normregel vast te stellen, heeft het ministerie in mei 2025 marktonderzoek
uitgevoerd onder vertaalbureaus en heeft overleg plaatsgevonden met de vereniging
van tolk- en vertaalbureaus in Nederland (VViN).
Uit het onderzoek blijkt:
− dat voor vertaaldiensten die op afstand worden uitgevoerd, het al lange tijd gebruikelijk
is om een vergoeding per woord toe te passen. In enkele gevallen wordt ook een vergoeding
per pagina gehanteerd. Bij dienstverlening op locatie wordt doorgaans een tarief per
uur vergoed.
− dat de vertaalbureaus meerdere bezwaren hebben tegen standaard invoering van een vergoeding
per normregel. Ten eerste wordt opgemerkt dat de software van vertaalbureaus vaak
niet is ingericht om een vergoeding per normregel te verwerken. Daarnaast wordt het
feit genoemd dat het aantal woorden per regel per taal varieert, wat kan leiden tot
ongelijkheden in de vergoeding tussen verschillende talen wanneer betaling per normregel
wordt gehanteerd.
− dat de vertaalbureaus ondanks de genoemde effecten bereid zijn een vergoeding per
normregel te faciliteren.
Dit heeft geleid tot de beslissing om, vanaf november 2025, in vertaalaanbestedingen
en de bijbehorende contracten voorwaarden op te nemen. Deze voorwaarden zullen zelfstandig
ondernemende vertalers in staat stellen om tijdens hun onderhandelingen met vertaalbureaus
afspraken te maken over de vergoeding voor vertalingen. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren
op basis van een vastgestelde normregel.
3. Motie van het voormalig lid Koops over verbetermogelijkheden bij de aanbesteding
van tolkendiensten
Op 24 april 2025 is in het commissiedebat Juridische beroepen door het voormalig lid
Koops (NSC) aandacht gevraagd voor mogelijke belangenverstrengeling binnen het Kwaliteitsinstituut
Wbtv (hierna: Kwaliteitsinstituut),een onafhankelijk adviesorgaan in het kader van
Wbtv-aangelegenheden. Daaropvolgend is door het voormalig lid Koops (NSC) een motie9 ingediend waarin, naast aandacht voor belangenverstrengeling, ook wordt verzocht
om een onderzoek naar verbetermogelijkheden bij de aanbesteding van tolkendiensten
zoals die nu is vormgegeven. In deze brief ga ik hier nader op in.
Het Kwaliteitsinstituut adviseert het ministerie en/of Bureau Wbtv gevraagd en ongevraagd
over beleid en activiteiten die bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen
van de Wbtv. De leden van het Kwaliteitsinstituut worden benoemd door de Raad voor
Rechtsbijstand. Het lidmaatschap is gemaximeerd tot vier jaren, met de mogelijkheid
van een eenmalige verlenging met nog eens maximaal vier jaren.
Naar aanleiding van een vraag van voormalig lid Koops (NSC) hebben er gesprekken plaatsgevonden
tussen het ministerie en het Bureau Wbtv. Uit deze gesprekken blijkt dat er geen aanwijzingen
zijn voor belangenverstrengeling binnen het Kwaliteitsinstituut. In het gesprek is
het belang van transparantie benadrukt en is besloten de benoemingstermijnen van de
leden en of het gaat om een eerste of tweede benoeming op de webpagina van het Kwaliteitsinstituut
te publiceren.10 De overige hoofdactiviteiten van de leden worden echter niet openbaar gemaakt. Dit
is in lijn met de werkwijze van andere adviescommissies in het kader van de Wbtv,
en geldende wet- en regelgeving, waar dergelijke informatie ook niet wordt gedeeld.
Verder verzocht het voormalig lid Koops (NSC) de regering om onderzoek te doen naar
mogelijke verbeteringen in de wijze waarop de aanbesteding van tolkendiensten momenteel
is vormgegeven. Hieraan wordt reeds gewerkt via de driehoeksgesprekken tussen de beroepsvertegenwoordigers,
de vertegenwoordigers van tolkbureaus en het ministerie. Deze gesprekken bieden de
mogelijkheid om verbetermogelijkheden en de doorontwikkeling van de aanbestedingen
te verkennen.
4. Audit KPMG
In de vorige Kamerbrief is aangekondigd dat in 2025 KPMG een audit uitvoert naar de
wijze waarop mijn ministerie de aangeleverde managementrapportages van de tolk- en
vertaalbureaus verwerkt in de verschillende sturingsdashboards.
Het eindrapport van KPMG van 4 februari 2026 is als bijlage 4 opgenomen.
Het ministerie zal starten met het oppakken van de volgende aanbevelingen:
− het formeel vastleggen en documenteren van het werkproces voor het ontvangen, bewerken
en verwerken van datasets;
− het contractueel vastleggen van een uniforme deadline voor het maandelijks aanleveren
van gegevens;
− het toevoegen van een motivatiecode voor afwijkingen tussen het gevraagde taalniveau
en het contractueel overeengekomen taalniveau die resulteren in een verschil in het
geleverde taalniveau.
5. Evaluatie van het stelsel
In de Kamerbrief van 5 februari 2025 heeft de voormalige Staatssecretaris voor Rechtsbescherming
de toezegging gedaan om te bezien hoe de evaluatie van het wettelijke deel van het
stelsel vormgegeven kan worden.
Voorzien is om het WODC te vragen dit onderzoek uit te voeren. Een onderzoeksvoorstel
is opgesteld en zal naar verwachting in het tweede kwartaal 2026 bij het WODC worden
ingediend. Het onderzoeksvoorstel gaat in op de vraag in hoeverre de Wbtv realiseert
wat is beoogd. Daarbij wordt gekeken naar de vraag in hoeverre de hoofddoelstellingen
van de Wbtv – het waarborgen van kwaliteit en integriteit – worden behaald.
Over de uitkomsten van het onderzoek zal ik uw Kamer op een nader moment informeren.
Driehoeksgesprek
Tijdens het commissiedebat Juridische beroepen van 24 april 2025 heeft de voormalige
Staatssecretaris toegezegd uw Kamer te informeren over de gevoerde driehoeksoverleggen
tussen vertegenwoordigers van mijn ministerie, de beroepsvertegenwoordigers van zelfstandig
ondernemende tolken en vertalers en de vertegenwoordigers van tolk- en vertaalbureaus.
Deze overleggen zijn gericht op het bevorderen van een constructieve samenwerking
en een evenwichtige doorontwikkeling van het tolkenstelsel.
In 2025 hebben drie overleggen plaatsgevonden. Met het oog op de verdere ontwikkeling
van het tolkenstelsel is besloten de overleggen in 2026 te richten op twee speerpunten:
de differentiatie van tarieven en het minimaliseren van reisbewegingen. Door het ministerie
zijn verschillende alternatieven uitgewerkt en aan de betrokken vertegenwoordigers
is gevraagd hier een reactie op te geven. De uitkomsten van de driehoeksgesprekken
zullen worden meegenomen in de verdere doorontwikkeling van het tolkenstelsel en kunnen
van invloed zijn op nieuwe aanbestedingen en de uitvoering van tolkdienstverlening.
6. Dag van de tolkdienstverlening
Op 31 oktober 2025 is de derde editie van de Dag van de Tolkdienstverlening gehouden. Vertegenwoordigers van diverse ketenpartners, waaronder opdrachtgevers,
tolkbureaus, beroepsverenigingen en tolken, kwamen samen om het gesprek te voeren
over de continuïteit en de kwaliteit van de tolkdienstverlening. Gedurende dit evenement
werden verschillende belangrijke onderwerpen besproken, waaronder de rol van sociale
media en de veiligheid van tolken. Ook werd er aandacht besteed aan de vergrijzing
van de tolkenpopulatie met een focus op twee kernpunten: het aantrekkelijk maken van
het beroep voor de huidige tolken om hen te behouden, en het enthousiasmeren van nieuwe
aanwas voor het vak.
Daarnaast werd een interactieve sessie gehouden waarin de uitdagingen, afwegingen
en verantwoordelijkheden van alle betrokken partijen in het tolkproces aan bod kwamen.
Een belangrijk inzicht uit deze sessies was dat tolkdiensten een gezamenlijke verantwoordelijkheid
zijn. Alleen door transparantie, duidelijke afspraken en flexibiliteit van alle betrokkenen
kan de kwaliteit en leverzekerheid van tolkdiensten worden gewaarborgd.
Uit de reacties die tijdens de evaluatie van deze dag zijn verzameld, is gebleken
dat er veel waardering bestaat voor het evenement. Het ministerie heeft daarom besloten
om de Dag van de Tolkdienstverlening komend jaar opnieuw te organiseren.
Tot slot
Het afgelopen jaar zijn er positieve resultaten geboekt in de prestaties van de geleverde
tolkdienstverlening en vooral in de onderlinge samenwerking. Hiervoor wil ik de tolkbureaus
die hiervoor gecontracteerd zijn, de zelfstandig ondernemende tolken en de opdrachtgevende
overheidsorganisaties complimenteren. Ik acht het van belang om de prestaties van
de geleverde tolkdienstverlening met deze partijen te blijven bespreken.
In de afgelopen jaren is aan de Kamer jaarlijks een voortgangsbrief gestuurd over
de tolkdienstverlening. Gezien de positieve ontwikkelingen van de prestaties op leverzekerheid
en levernauwkeurigheid, de constructieve samenwerking in de driehoeksgesprekken en
de waardering voor de jaarlijkse dag van de tolkdienstverlening acht ik het niet langer
noodzakelijk een separate voortgangsbrief te sturen. Uiteraard zal ik uw Kamer informeren
over belangrijke ontwikkelingen, zoals over de uitkomsten van het WODC-onderzoek en
zo nodig betrek ik de tolkdienstverlening in de voortgangsbrieven toegang tot het
recht.
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
K.T. van Bruggen
Overzicht van de bijgevoegde bijlagen:
1. Stelsel van tolk- en vertaaldiensten
2. Monitoring alle talen tolkenstelsel 2025
3. Monitoring alle talen tolkenstelsel 2024
4. Auditrapport verwerking gegevenssets tolkdiensten
Indieners
K.T. van Bruggen, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid