Brief regering : Conferentie Colombia over de transitie weg van fossiele brandstoffen
31 793 Internationale klimaatafspraken
Nr. 299
BRIEF VAN DE MINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 1 april 2026
Van 24 tot en met 29 april vindt in Santa Marta, Colombia, de eerste internationale
conferentie plaats over de afbouw van fossiele brandstoffen1. Tijdens de afgelopen klimaatconferentie van de Verenigde Naties (VN) in Belém, COP30,
hebben Nederland en Colombia aangekondigd deze conferentie samen te organiseren om
uitvoering te geven aan de eerder tijdens COP28 gemaakte afspraak dat landen dit decennium
versneld toewerken naar een transitie weg van fossiele brandstoffen.2
De huidige geopolitieke situatie laat zien dat het verminderen van onze afhankelijkheid
van fossiele brandstoffen hard nodig is. De grote prijsvolatiliteit en hoge prijzen
voor fossiele energie leiden tot onzekerheid en onverwachte kosten voor huishoudens
en bedrijven. Landen met een hoger aandeel hernieuwbare energie zijn beter bestand
tegen dergelijke schokken. Door verwevenheid van fossiele brandstoffen in de wereldwijde
economie en de huidige energiemix is de afbouw van fossiel echter geen gemakkelijke
opgave. Hoewel de economische logica van de transitie naar schone energie duidelijk
is, kent de realisatie allerlei obstakels.
Daarom is het belangrijk dat we een grote groep landen samenbrengen om over oplossingen
te spreken en om te bezien hoe zij elkaar kunnen helpen in de uitvoering, ook via
verdere internationale samenwerking. In deze brief zal ik nader ingaan op de opzet
en inhoud van de conferentie, de inzet van Nederland, het proces tot nu toe en op
de beoogde uitkomsten van de ministeriële bijeenkomst op 28 en 29 april.
Aanleiding
Om de opwarming van de aarde beperkt te houden tot 1,5C hebben landen eind 2023 geconcludeerd
dat het nodig is om versneld weg te bewegen van fossiele brandstoffen in energiesystemen
en om te stoppen met inefficiënte fossiele subsidies.3 Tijdens de afgelopen VN-klimaatconferentie, COP30, riep een grote groep landen op om hiertoe een wereldwijde routekaart
af te spreken, waarmee de uitvoering van deze afspraak richting zou krijgen. In Belém
bleek het echter nog niet mogelijk om wereldwijde consensus te vinden. De conferentie
in Santa Marta biedt de aanwezige groep landen een kans om desondanks door te werken
aan concrete oplossingen voor de afbouw van fossiele brandstoffen.
Opzet en inhoud van de conferentie
Gedurende in totaal zes dagen zullen diverse belanghebbenden en landen samenkomen
om hun oplossingen te delen en toe te werken naar nieuwe plannen om deze te realiseren.
Voor de conferentie zijn landen uitgenodigd die aan hebben gegeven actief met de afbouw
van fossiele brandstoffen aan de slag te willen gaan. Daarnaast wordt gestreefd naar
een gebalanceerde afvaardiging, en een totaal aantal deelnemers dat Ministers in staat
stelt de nodige verdiepende gesprekken te kunnen voeren. Op dit moment worden circa
vijftig landen verwacht.
De conferentie is gestructureerd rond drie thema’s die essentieel zijn voor het versnellen
van de afbouw. Ten eerste, het verminderen van economische afhankelijkheid van fossiele
brandstoffen, door landen concreet te ondersteunen bij het verbreden van hun economische
basis en het versterken van toekomstbestendige sectoren. Ten tweede, het hervormen
van de vraag en het aanbod van deze brandstoffen, waaronder het afbouwen van financiële
prikkels voor fossiele brandstoffen en het bevorderen van duurzame alternatieven.
Ten derde, het versterken van internationale samenwerking en multilateralisme op dit
onderwerp, met oog voor effectieve klimaatdiplomatie en gezamenlijke oplossingen.
Tijdens het ministeriële deel op 28 en 29 april vinden verdiepende gesprekken plaats
tussen landen en stakeholders op deze thema’s. Door uitdagingen en best practices te delen, wordt van elkaars ervaring geleerd en de transitie versterkt.
De conferentie is nadrukkelijk geen vervanging van de jaarlijkse VN-klimaatconferenties
(COP). Wel biedt het een aanvullend platform gericht op concrete stappen om de wereldwijde
afbouw van fossiele brandstoffen te helpen versnellen. Colombia en Nederland willen
daarnaast een constructieve impuls geven aan de ontwikkeling van een routekaart voor
de transitie weg van fossiele brandstoffen, zoals aangekondigd door het Braziliaanse
voorzitterschap van COP30. Het voorzitterschap is aanwezig in Santa Marta en ontvangt
na afloop van de conferentie zowel de officiële samenvatting van de besprekingen als
de inbreng voor de routekaart. Zo zorgen we dat de uitkomsten van de conferentie goed
worden ingebed in de ontwikkeling van deze routekaart. Hiermee geeft het kabinet ook
uitvoering aan de motie van het lid Teunissen over het opnemen van de uitkomsten van
de conferentie in Colombia in de Transitioning Away From Fossil Fuels Roadmap.4 Het kabinet zet ook in op bredere terugkoppeling van de conferentie aan het COP-voorzitterschap.
Inzet Nederland
Voor Nederland is deze conferentie belangrijk om mondiale partnerschappen voor de
afbouw van fossiele brandstoffen op te zetten en te versterken. Een gelijk speelveld
tussen landen is hierbij cruciaal, zodat gezamenlijk ambitieuze stappen kunnen worden
gezet zonder grote concurrentienadelen en met oog voor internationale stabiliteit
en samenwerking. Mondiale partnerschappen zijn ook belangrijk om als overheden gezamenlijk
te sturen op een verantwoorde afbouw van fossiele brandstoffen. Dergelijke samenwerkingen
en plannen vergroten de duidelijkheid over de transitie en dragen bij aan stabiliteit
(en daardoor minder prijsvolatiliteit) in de mondiale fossiele brandstoffenmarkten.
Hier hoort ook bij dat financieringsmogelijkheden worden gekoppeld aan de juiste initiatieven.
Daarom besteedt de conferentie ook aandacht aan financieringsvraagstukken en de hiervoor
bestaande of benodigde oplossingen, met name vanuit ontwikkelingsbanken.
Nederland richt zich daarnaast op een belangrijke sleutel voor de transitie; het uitfaseren
van financiële prikkels voor fossiele brandstoffen. Nederland heeft tijdens COP28
een internationale coalitie gelanceerd voor landen die internationale toezeggingen
willen omzetten in concrete actie (de COFFIS5 coalitie). Landen die aansluiten zeggen toe om een nationale inventaris en een uitfaseringsplan
te publiceren. Nederland heeft deze inmiddels gepubliceerd.6
Tot slot wil Nederland op de conferentie laten zien wat nu al mogelijk is in de transitie
weg van fossiele brandstoffen. Daarom richt Nederland zich op de praktische stappen
die al gezet kunnen worden in het kader van het verantwoord afbouwen van fossiel,
en de kennis die hierover kan worden uitgewisseld tussen landen. Op verantwoorde afbouw
van fossiel in Nederland zal de actualisatie Nationaal Plan Energiesysteem in meer
detail ingaan.
De weg naar de conferentie
De voorbereidingen voor de conferentie zijn in volle gang. Samen met Colombia is er
een proces opgezet waarbij veel ruimte wordt geboden aan de inbreng en ideeën vanuit
nationale en regionale overheden, wetenschappers, parlementariërs, maatschappelijk
middenveld en bedrijfsleven. Dit maakt de conferentie inclusief en oplossingsgericht:
er is immers geen transitie zonder samenwerking tussen al deze betrokkenen. In de
aanloop naar en tijdens de conferentie wordt dan ook op verschillende momenten een
podium geboden aan ieder van deze betrokkenen. Zo is schriftelijke input opgehaald,
worden er online dialogen gehouden en volgen er ter plaatse sessies waarin aan de
deelnemers wordt gevraagd wat volgens hen de knelpunten en de oplossingen zijn in
deze transitie. Ook parlementariërs uit diverse landen komen bijeen om te spreken
over de rol van volksvertegenwoordigers bij deze opgave. De aandacht gaat hierbij
onder meer uit naar de benodigde randvoorwaarden, bijvoorbeeld wet- en regelgeving,
voor de uitvoering van concrete oplossingen. Bij de start van de ministeriële bijeenkomst
rapporteren vertegenwoordigers van de stakeholdergroepen over hun ideeën. Ook voor
parlementariërs is hier ruimte voor gereserveerd. Zo vormen hun adviezen en oplossingen
de basis voor de gesprekken tijdens de ministeriële bijeenkomst.
Het vervolg
De focus in Santa Marta zal liggen op concreet implementeerbare oplossingen en samenwerkingsverbanden
om deze uitvoering te versnellen. De conferentie levert daarom geen onderhandelde
eindverklaring op. Als coalitie van doeners zullen de landen na Santa Marta verder
werken aan hun eigen transitie en elkaar daarbij ondersteunen. Hierin zullen verschillende
andere initiatieven met hetzelfde doel worden samengebracht. Tot slot dient de conferentie
om wereldwijd te signaleren dat een grote groep landen met volle overtuiging doorwerkt
aan de afbouw van fossiele brandstoffen. Een signaal dat juist nu van groot belang
is, en dat ook helpt om het momentum van COP30 vast te houden.
De Minister van Klimaat en Groene Groei,
S. van Veldhoven-van der Meer
Ondertekenaars
S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei