Brief regering : Kabinetsreactie op het rapport 'Het is niet jouw (studie)schuld!'
31 066 Belastingdienst
31 839
Jeugdzorg
35 510
Parlementaire ondervraging kinderopvangtoeslag
Nr. 1533
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 maart 2026
Hierbij stuur ik u, mede namens de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap een
reactie op het verzoek van uw Kamer, d.d. 12 februari 2026, op het rapport «Het is niet jouw (studie)schuld!».
Aanleiding
Ook het rapport «Het is niet jouw (studie)schuld» van vijf kinderombudsmannen maakt duidelijk dat de toeslagenaffaire diepe sporen heeft
nagelaten in het leven van getroffen kinderen. Het rapport laat zien hoe de toeslagenaffaire
de onderwijskansen, mentale gezondheid en het toekomstperspectief van sommige van
deze jongeren onder druk kon zetten. Hierdoor wordt duidelijk hoe deze belemmeringen
het herstel en verdere ontwikkeling van sommige van deze jongeren kunnen bemoeilijken.
Het kabinet waardeert enorm dat jongeren opnieuw hun verhaal deden. Het kabinet herkent
de aangrijpende verhalen die de kinderombudsmannen hebben verzameld en deelt de overtuiging
dat deze jongeren blijvende aandacht verdienen en nodig hebben. Het kabinet onderkent
ook dat studieschulden voor sommige jongeren een belemmering vormen op hun weg naar
herstel. Daarom blijft het kabinet zich inzetten om kinderen en jongeren die door
de toeslagenaffaire zijn geraakt, te ondersteunen bij het werken aan een hoopvolle
toekomst. Het kabinet is en blijft bovendien in gesprek met de kinderombudsmannen
en vooral met jongeren zelf over de beste manieren om de jongeren te helpen hun eigen
weg naar de toekomst te vinden.
Bevindingen rapport «Het is niet jouw (studie)schuld»
Meer dan 1.800 getroffen jongeren vulden een vragenlijst in voor het rapport, waarin
zij aangeven dat de toeslagenaffaire hun onderwijsprestaties negatief beïnvloedde.
Ook is een van de conclusies uit het rapport dat de impact van de toeslagenaffaire
nog altijd doorwerkt in het leven van deze jongeren. De helft van de respondenten
geeft aan studievertraging te hebben opgelopen, de opleiding niet te hebben afgerond
of een lager opleidingsniveau te hebben gevolgd door financiële problemen. Ook geven
veel van de jongeren die zich hebben gemeld bij de kinderombudsmannen aan dat zij
de studiefinanciering gebruikt hebben om het gezin financieel te ondersteunen.
Het rapport schetst ook hoe de toeslagenaffaire effect heeft op de mentale gezondheid
van de jongeren die naar de kinderombudsmannen toe zijn gestapt: zij worstelen met
stress, psychische klachten en wantrouwen richting de overheid, wat hen belemmert
om zich volledig te focussen op hun opleiding en groei.
Het kabinet waardeert de inzet van de kinderombudsmannen en hun heldere beeld van
de doorwerking van de toeslagenaffaire op het leven van de jongeren die zich bij hen
hebben gemeld. Tevens prijst zij veerkracht van hen die hun verhaal, soms opnieuw,
durven en willen delen.
In deze brief wordt ingegaan op welke concrete mogelijkheden er zijn om getroffen
jongeren zo goed mogelijk te ondersteunen richting hun toekomst, hoe het kabinet drempels
wilt verlagen om gebruik te maken van deze mogelijkheden en welke aanvullende stappen
het kabinet gaat zetten naar aanleiding van de bevindingen die de kinderombudsmannen
hebben aangeboden.
Compensatie via de gedupeerde ouder
De Staat is jegens de gedupeerde ouders aansprakelijk om hun schade als gevolg van
de onterechte terugvorderingen van de Belastingdienst te vergoeden en erkent geen
aansprakelijkheid jegens hun kinderen. De wet Hersteloperatie Toeslagen bepaalt dat
de schadecompensatie via de gedupeerde ouder als erkend slachtoffer verloopt. Die
compensatie is voor het hele gezin. Heeft de ouder inkomensverlies geleden waardoor
het kind een studielening moest afsluiten, dan biedt de aanvullende schaderoute van
de ouder schadevergoeding voor het verlies. Om dit extra te benadrukken, ook naar
aanleiding van de ontvangen signalen, zullen ouders in het nazorgtraject van de schadeherstelroute
uitleg krijgen over hoe ze de schadevergoeding kunnen inzetten, bijvoorbeeld door
bij te dragen aan het aflossen van een studieschuld van hun kind.
De kindregeling
Om te erkennen dat ook kinderen binnen het gezin geraakt zijn door de problemen met
de kinderopvangtoeslag, is samen met hen de kindregeling opgezet. De kindregeling
is bedoeld als gebaar, niet als een verplichting maar als tegemoetkoming, om te laten
zien dat het kabinet het belangrijk vindt om erkenning te geven. Met dit pakket aan
mogelijkheden biedt de kindregeling steun, erkenning en een tegemoetkoming voor de
toekomst. De regeling richt zich niet op het compenseren van schade of het aflossen
van schulden uit het verleden. Het kabinet heeft meermaals uiteengezet waarom er geen
(generieke) regeling voor studieschulden van getroffen jongeren komt1.
Getroffen kinderen ontvangen naast de erkenning een financiële tegemoetkoming van
maximaal 10.000 euro, brede ondersteuning op vijf leefgebieden via hun gemeente en
extra mogelijkheden voor emotioneel herstel en contact met lotgenoten. Onder de brede
ondersteuning valt ook het aanvullend schuldhulpverleningsaanbod: problematische schulden
van jongeren worden gesaneerd (met een gemiddeld bedrage van 18.000 euro) en zij krijgen
begeleiding met het oog op een duurzame toekomst.
De kindregeling is gebaseerd op erkenning, ruimhartigheid en maatwerk. Het kabinet
kiest niet voor (generieke) kwijtschelding van schulden of vergoeding van schade van
getroffen kinderen, omdat dit niet past bij de democratisch vastgestelde uitgangspunten
van de hersteloperatie, waarin de schade van de aanvrager van de kinderopvangtoeslagen
centraal staat.
Bestaande mogelijkheden en voorzieningen DUO
Het kabinet vindt het belangrijk om te benadrukken dat er naast de mogelijkheden in
de kindregeling ook mogelijkheden voor getroffen jongeren zijn om gebruik te maken
van het aanbod van DUO. Studieschulden kunnen zwaar drukken op getroffen jongeren,
zo tonen de verhalen uit dit rapport ook aan. Wanneer dat leidt tot financiële problemen
bij het terugbetalen van die lening, of wanneer deze studenten onvoorziene studievertraging
hebben opgelopen door bijzondere omstandigheden kunnen zij mogelijk gebruik maken
van de bestaande regelingen en voorzieningen bij DUO. Deze mogelijkheden zijn eerder
uitgebreid toegelicht in de Kamerbrief van 28 juni 20242.
Het kabinet erkent ook het belang van emotioneel herstel en mentale gezondheid: daarom
wordt gewerkt aan een landelijk steunpunt waar gedupeerde ouders en jongeren terecht
kunnen voor mentale ondersteuning.
Concrete vervolgstappen gericht op toekomstperspectief
Het kabinet voelt het belang om zich maximaal in te spannen om voor getroffen jongeren
drempels te verlagen, zodat zij zo goed mogelijk hun weg weten te vinden naar passende
ondersteuning. Ook erkent het kabinet het belang van onderwijs voor een hoopvolle
toekomst.
Onderwijskansen
Het kabinet gelooft in het investeren in onderwijs bij het creëren van toekomstperspectief.
Het uitgangspunt van de brede ondersteuning op het gebied van het leefdomein werk
is dat een jongere minimaal beschikt over een startkwalificatie of duurzaam kan participeren
in een arbeidsproces. Dit vormt namelijk het fundament voor zelfredzaamheid omdat
het de kansen op werk en daarmee op het genereren van een eigen inkomen vergroot.
Hoewel de startkwalificatie als minimale norm geldt, is er binnen de brede ondersteuning
daarnaast ruimte voor maatwerk als de situatie van een jongere daarom vraagt. In december
is tussen de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het Ministerie van Financiën
afgesproken dat er onder begeleiding van de bestuurlijk regisseur speciale aandacht
is voor de positie van jongeren in de brede ondersteuning en aanvullende afspraken
worden gemaakt3. Hierbij zal ook aandacht zijn voor onderwijs.
Er zijn in Nederland daarnaast tal van opleidingsmogelijkheden en het is belangrijk
dat ook getroffen jongeren deze mogelijkheden kennen en kunnen benutten. Daarom zal
er een overzicht van opleidingsmogelijkheden, zoals leerwerktrajecten, extra onder
de aandacht worden gebracht bij zowel getroffen jongeren als gemeenten die hen ondersteunen.
De VNG brengt deze mogelijkheden met een factsheet onder de aandacht, zodat gemeenten
jongeren op een laagdrempelige manier kunnen attenderen op en begeleiden naar deze
mogelijkheden.
Aandacht vragen bij studentdecanen voor deze groep
In de praktijk ziet DUO dat getroffen jongeren gebruik maken van de bestaande voorzieningen
zoals de voorziening prestatiebeurs4. De aanvraag van deze voorzieningen loopt via de decaan of studiebegeleider. Van
deze voorziening kunnen studenten, en dus ook getroffen jongeren, gebruik maken als
zij door onvoorziene omstandigheden studievertraging oplopen. De decaan of studiebegeleider
beoordeelt of sprake is van een bijzondere omstandigheid waardoor de student studievertraging
heeft opgelopen. Is dat het geval dan bepaalt de decaan welke voorziening het beste
past bij de individuele situatie van de student. Doordat DUO in de praktijk ziet dat
getroffen jongeren gebruik maken van deze voorzieningen, weten we dat een gedeelte
van de getroffen jongeren de weg weet te vinden naar studentdecanen en studiebegeleiders.
Om dit extra te ondersteunen is de informatievoorziening op kindregelingvoorjou.nl
verbeterd. Daarnaast gaat DUO de situatie van getroffen jongeren onder de aandacht
brengen bij de studentdecanen en studiebegeleiders. Op deze manier verwachten we de
drempel te verlagen voor deze jongeren om de stap te zetten naar de decaan of studiebegeleider
die de voorziening bij DUO kan aanvragen.
Telefoonlijn bij DUO
Daarnaast wil het kabinet de drempel verlagen voor getroffen jongeren om contact op
te nemen met DUO. Daarom is er sinds maart een telefoonlijn opengesteld voor deze
jongeren bij DUO. Getroffen jongeren kunnen daar hun persoonlijke verhaal doen, maar
hoeven in de basis niet uit te leggen wat de impact is geweest van de toeslagenaffaire,
omdat de medewerkers van deze telefoonlijn goed op de hoogte zijn van wat getroffen
jongeren mogelijk allemaal hebben meegemaakt. De kinderombudsmannen hebben terecht
benadrukt dat dit namelijk veel vraagt van deze jongeren. Medewerkers kijken samen
met de jongeren naar de bestaande voorzieningen binnen DUO, of die passen bij de persoonlijke
situatie van de getroffen jongeren en of zij hiervoor in aanmerking komen.
Tot slot
Het kabinet wil nogmaals dank uitspreken voor de inzet van en gesprekken met de kinderombudsmannen
en waardering uitspreken voor de getroffen jongeren die hun verhaal delen. Daarbij
herkent zij de zorgen die de kinderombudsmannen aankaarten en omarmt het verzoek om
blijvende aandacht te hebben voor deze jongeren. Uw Kamer wordt op de hoogte gehouden
van de werking van de bestaande mogelijkheden voor jongeren en de aanvullende maatregelen
die in deze brief zijn aangekondigd. Samen zetten we ons in voor een zo goed mogelijke
ondersteuning van jongeren richting hun toekomst.
De Staatssecretaris van Financiën,
S.Th.P.H. Palmen
Ondertekenaars
S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën