Brief regering : Reactie op adviezen Commissie toezicht financiën politieke partijen in 2025
32 634 Financiering politieke partijen
Nr. 21
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 16 februari 2026
Politieke partijen zijn van groot belang voor het functioneren van de Nederlandse
democratie. Zij vormen de brug tussen de politiek en de samenleving. Voor het vertrouwen
van kiezers in de politiek is het essentieel dat er transparantie bestaat over de
financiën van politieke partijen. Dit waarborgt immers de integriteit van het partijstelsel
en onze democratie als geheel.
Als Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) ben ik verantwoordelijk
voor de toepassing van en het toezicht op de naleving van de Wet financiering politieke
partijen (Wfpp). De Commissie toezicht financiën politieke partijen (Ctfpp) heeft
de wettelijke taak mij daarover te adviseren. In deze brief informeer ik u over de
drie adviezen die de commissie recent heeft uitgebracht en reageer ik inhoudelijk
op de door de commissie naar voren gebrachte punten.1 De onafhankelijke adviesrol van de commissie is van essentieel belang voor het vervullen
van mijn toezichthoudende rol ten aanzien van de financiering van politieke partijen.
Ik ben de commissie erkentelijk voor het uitbrengen van deze adviezen.
De commissie constateert in het meest recente advies dat aanscherpingen van de regelgeving
effectief is gebleken en donaties aan politieke partijen transparanter en beter controleerbaar
zijn geworden. Ik ben blij met deze constatering van de commissie en beaam dit. Ik
verwacht dat met het bij uw Kamer aanhangige wetsvoorstel houdende de Wet op de politieke
partijen (Wpp) een volgende belangrijke stap kan worden gezet in de effectiviteit
van de regelgeving in het belang van een transparant en integer partijstelsel.
Alle politieke partijen met ten minste één zetel in de Staten-Generaal moeten voor
1 juli van elk kalenderjaar verantwoording afleggen aan de Minister van BZK over het
voorgaande kalenderjaar. Deze verantwoording moet een beeld geven van de ontvangen
giften en overige inkomsten, de vermogenspositie en de schulden van een partij. Indien
een partij dat jaar subsidie heeft ontvangen, moet daarnaast de subsidiebesteding
worden verantwoord. In een verkiezingsjaar gelden bovendien aanvullende transparantieverplichtingen
waardoor politieke partijen twee keer aanvullende overzichten van giften en schulden
moeten aanleveren. De financiële verslagen en overzichten worden openbaar gemaakt.2
Opbouw Kamerbrief
Ik reageer hieronder op een aantal algemene constateringen van de Ctfpp ten aanzien
van de verantwoordingsstukken, daarna ga ik in op enkele specifieke punten die naar
voren zijn gekomen bij de jaarlijkse verantwoording over 2024 en de overzichten in
het kader van de Tweede Kamerverkiezing van 29 oktober 2025. Tot slot ga ik in op
enkele adviezen van de Ctfpp die van belang zijn voor de verdere beleidsontwikkeling
ten aanzien van de partijfinanciering.
1. Toepassing van en toezicht op naleving Wfpp
Tijdige en correcte aanlevering van verantwoordingsstukken
De commissie wijst meerdere malen op het belang van een tijdige en correcte aanlevering
van de verantwoordingsstukken door politieke partijen. Als dat niet gebeurt, adviseert
de commissie de desbetreffende partijen te sanctioneren. Het kan voorkomen dat ik
een politieke partij, mits goed beargumenteerd, uitstel verleen voor het aanleveren
van de verantwoordingsstukken. Ook geef ik politieke partijen altijd de gelegenheid
om omissies of gebreken te herstellen binnen een nader gesteld termijn. Dit komt geregeld
voor. Ik blijf met de politieke partijen in gesprek om de correcte en tijdige aanlevering
van de benodigde informatie te bevorderen. Bij herhaaldelijk overtreden van de termijnen
kan ik besluiten tot het opleggen van een sanctie.
Duidelijke communicatie richting politieke partijen
Mijn ministerie ondersteunt politieke partijen bij het aanleveren van de benodigde
informatie. De commissie adviseert hoe ik mijn communicatie richting partijen op een
aantal punten kan verbeteren. Deze adviezen neem ik ter harte. Zo adviseert de commissie
duidelijker te zijn over welke informatie over schulden moet worden aangeleverd. Ik
benadruk dat het gaat om alle niet-bestuursrechtelijke schulden die in een kalenderjaar
of periode zijn aangegaan en niet binnen twee weken zijn betaald. Het gaat niet om
alle openstaande schulden op een bepaalde peildatum.3
Registratie van giften
De commissie constateert meermaals dat politieke partijen verschillend omgaan met
de kwalificatie en verwerking van giften en giften in natura. BZK besteedt in de informatievoorziening
aan politieke partijen veel aandacht aan dit onderwerp. De commissie doet enkele voorstellen
voor een uitgebreidere registratie van giften in natura. De commissie stelt voor om
bij deze giften tevens de aard van de dienst te registeren. Dit advies neemt BZK niet
over, aangezien de wet hiervoor geen grondslag biedt. Er wordt immers geen onderscheid
gemaakt tussen geldelijke giften en giften in natura wat betreft de mate van transparantie.
Voorts adviseert de Ctfpp onderscheid te maken tussen afdrachten van volksvertegenwoordigers
en bestuurders en giften van anderen. Ook daar biedt de wet geen grondslag voor. Ik
begrijp de wens van de commissie vanuit het oogpunt van toegankelijkheid. Ik zie wegens
het ontbreken van een wettelijke grondslag echter geen mogelijkheid om een afdracht
van een politieke ambtsdrager anders te behandelen dan een andere vorm van bijdrage
aan een politieke partij.
Giften van niet-Nederlanders
De commissie constateert bovendien dat bij enkele politieke partijen sprake is geweest
van giften afkomstig van niet-Nederlandse gevers. In deze gevallen is de gift conform
standaardwerkwijze teruggegeven aan de gever of gevorderd door mijn ministerie. Het
verzoek van de commissie om de controlevereisten op dit punt nader uit te werken neem
ik ter harte. Wanneer het ministerie constateert dat een partij een gift van een persoon
woonachtig in het buitenland heeft ontvangen, doen zij navraag bij de partij op welke
wijze is gecontroleerd of de persoon onder de definitie van een Nederlandse gever
valt.
Substantiële giften
Substantiële giften van in totaal € 10.000,– of meer moeten op grond van de Wfpp binnen
drie werkdagen worden gemeld bij het Ministerie van BZK.4 Recent hebben verschillende politieke partijen een substantiële gift niet binnen
de termijn gemeld. In het geval van een overtreding kan ik een bestuurlijke boete
van ten hoogste € 25.000,– opleggen.5 Bij een eerste overtreding ontvangt een partij een waarschuwingsbrief. Indien een
partij zich meermaals niet aan de meldplicht houdt, ben ik voornemens een proportionele
boete op te leggen. Ik acht dit gerechtvaardigd gelet op de maatschappelijke waarde
van transparantie over grote giften. Daarbij houd ik uiteraard rekening met de omstandigheden
en weeg ik de belangen af. Ook ben ik mij bewust van de gevolgen van de meldplicht
voor de uitvoeringslasten van politieke partijen. In de Wpp stel ik daarom voor de
termijn te verlengen naar tien werkdagen. Dit neem ik ook mee in de beoordeling van
een overtreding.
UBO-verplichting
Sinds 2024 bestaat de verplichting voor politieke partijen om de naam en het adres
van de uiteindelijk belanghebbende (UBO) van giften van rechtspersonen te registreren.
Meerdere politieke partijen hebben deze verplichting in eerste instantie niet nageleefd.
In het geval van de VVD heeft het tot na de verzending van de stukken aan de commissie
geduurd voordat de partij alle gegevens had verzameld. Omdat de UBO-verplichting sinds dit verantwoordingsjaar van toepassing is, ben ik coulant geweest richting
de betreffende partijen. Op één uitzondering na, namelijk BIJ1, hebben alle politieke
partijen de ontbrekende UBO-gegevens verstrekt.
1.1. Bevindingen ten aanzien van subsidieverantwoording 2024
19 van de 20 partijen hebben tijdig een volledige verantwoording over het jaar 2024
ingediend. Met uitzondering van BIJ1 hebben uiteindelijk alle politieke partijen aan
de wettelijke vereisten voldaan. Wel moest het merendeel van de politieke partijen
herstelwerkzaamheden uitvoeren.
Terugvordering subsidie aan BIJ1
Aan BIJ1 is voor 2024 subsidie verleend op grond van de afbouwregeling in de Wfpp.6 BIJ1 was verplicht vóór 1 juli 2025 een aanvraag tot vaststelling van de subsidie
in te dienen bij het Ministerie van BZK. Wegens het overschrijden van de wettelijke
aanlevertermijn, het herhaaldelijk niet-naleven van de daarop volgende hersteltermijnen
en het feit dat de – na de laatst gestelde termijn – ingediende aanvraag gebreken
bevat, wordt de subsidie conform het advies van de Ctfpp vastgesteld op nihil en wordt
het volledige voorschotbedrag teruggevorderd. BIJ1 heeft nog de gelegenheid om tegen
het besluit in bezwaar te gaan.
Subsidiebesteding BBB aan ReMarkAble
Naar aanleiding van de aandacht die is geweest voor de transacties tussen BBB en ReMarkAble
adviseert de commissie om richtlijnen voor good governance te delen met politieke
partijen zodat zij situaties kunnen voorkomen die de schijn van belangenverstrengeling
oproepen. Ik neem dit advies over en zal de kaders en richtlijnen voor Rijksinkoop
delen met politieke partijen. Daarnaast verzoekt de commissie om nader onderzoek te
verrichten naar de transacties tussen BBB en ReMarkAble. Dit acht ik niet noodzakelijk.
Het is de taak van de accountant om de verantwoording van een politieke partij te
controleren. Wanneer de accountant op materiële afwijkingen stuit, vermeldt de accountant
dit in de controleverklaring. Gelet op de goedkeurende verklaring van de accountant
van de BBB ziet BZK geen aanleiding tot nader onderzoek. Ik heb de BBB evenwel voor
een review van de Auditdienst Rijk (ADR) geselecteerd voor de jaren 2022 en 2023.
1.2. Verantwoording over aanvullende transparantieverplichtingen TK-verkiezingen
Voor politieke partijen die deelnemen aan een Tweede Kamerverkiezing gelden aanvullende
transparantieverplichtingen op grond van de Wfpp.7 Voorafgaand aan de verkiezing moeten alle deelnemende politieke partijen een overzicht
van giften aan en schulden van de partij en een overzicht van giften aan de kandidaten
aanleveren bij het Ministerie van BZK. Na afloop van de verkiezing moeten politieke
partijen die hebben deelgenomen aan de verkiezing én minimaal één zetel hebben in
de Tweede of Eerste Kamer een overzicht van giften aan en schulden van de partij aanleveren
over de laatste drie weken voor de verkiezing. Uiteindelijk hebben alle partijen de
overzichten aangeleverd. Ook de in het advies van de Ctfpp aangehaalde politieke partijen
hebben, weliswaar na indiening van de stukken bij de Ctfpp, de overzichten aangeleverd.
Het ging hierbij om De Linie en 50PLUS.
Neveninstellingen
Neveninstellingen zijn al geruime tijd verplicht informatie aan te leveren voor de
jaarlijkse verantwoording. Sinds 1 januari 2024 geldt deze verplichting echter ook
voor de overzichten in het kader van een Tweede Kamerverkiezing. In een aantal gevallen
ontbrak het overzicht van giften en schulden van de neveninstellingen. Dit is uiteindelijk
door alle politieke partijen hersteld.
2. Verduidelijkingen wet- en regelgeving partijfinanciering
Sanctieregime
Eerder heeft mijn ambtsvoorganger- op verzoek van de commissie – toegezegd dat een
sanctieregime wordt uitgewerkt zodat het voor politieke partijen en voor de toezichthouder
duidelijk is welke sancties volgen wanneer een partij niet aan de wettelijke voorschriften
heeft voldaan. Gelet op de beoogde totstandkoming van de Wet op de politieke partijen
(Wpp), gaf mijn ambtsvoorganger aan te willen wachten met de uitwerking van het sanctieregime
tot de parlementaire behandeling van de Wpp. Met een oog op de herhaaldelijke niet-naleving
van bepaalde voorschriften adviseert de commissie dit sanctieregime al eerder te implementeren.
Ik beaam dit en zal daarom een beleidsregel uitwerken op grond van de huidige Wfpp.
Deze beleidsregel kan als voorzet worden benut voor het sanctieregime op grond van
de Wpp, aangezien de financieringsregels vrijwel volledig zijn overgenomen in het
wetsvoorstel. Het sanctieregime wordt ter advisering aan de Ctfpp aangeboden. Ik streef
ernaar dat het sanctieregime voor 1 juli 2026 in werking is getreden.
Accountantsprotocol
Op 19 maart jl. heeft mijn ministerie een accountantsprotocol gepubliceerd, dat is
afgestemd met de betrokken beroepsorganisatie. De Ctfpp adviseert om het controleprotocol
te herzien en drie onderwerpen daarin op te nemen:
○ Het is gewenst om verduidelijking te geven wat kwalificeert als gift in natura;
○ Separaat toetsingskader voor neveninstellingen;
○ Een geactualiseerde uitleg over subsidiabele en niet-subsidiabele uitgaven per categorie.
Omdat het protocol pas na afloop van het verantwoordingsjaar 2024 in werking is getreden,
is aan politieke partijen en accountants de mogelijkheid geboden om de financiële
verantwoording op te stellen conform de oude werkwijze. Veel partijen hebben om deze
reden geen gebruik gemaakt van het controleprotocol. Voor een gedegen evaluatie acht
ik het wenselijk om de volledige implementatie van het protocol per verantwoordingsjaar
2025 af te wachten. De door de commissie aangedragen aandachtspunten worden in de
evaluatie meegenomen. Voor de verantwoording over 2025 wordt ingezet op extra informatievoorziening
om de correcte toepassing van het protocol te bevorderen.
Openbaarmaking UBO’s
De commissie heeft op mijn verzoek geadviseerd over de werkwijze omtrent de openbaarmaking
van de UBO’s. Bij een gift van een rechtspersoon openbaart het ministerie het volledige
vestigingsadres. Van de UBO wordt uitsluitend de naam en de woonplaats openbaar gemaakt.
Dit betekent dat, wanneer de adressen van de rechtspersoon en de UBO gelijk zijn,
het volledige woonadres van een natuurlijk persoon indirect openbaar wordt gemaakt.
De commissie heeft begrip voor het veiligheidsrisico dat ontstaat bij het publiceren
van het volledige adres van een rechtspersoon indien deze gelijk is aan het woonadres
van de UBO. De commissie hecht evenwel een groot belang aan transparantie. De Ctfpp
adviseert daarom in voorkomende gevallen uitsluitend de naam en woon-/vestigingsplaats
van een rechtspersoon en UBO te openbaren. Ik hecht evenals de commissie veel waarde
aan transparantie, maar ben ook bereid passende maatregelen te treffen om de privacy
en veiligheid van donateurs te beschermen. Voor het uitsluitend publiceren van de
naam en de woon-/vestigingsplaats van de donateur bestaat op grond van de Wfpp geen
grondslag. Ik kan uitsluitend besluiten om gelet op het belang van de veiligheid van
die persoon of belanghebbende alle gegevens af te schermen. Deze maatregel zet ik
alleen in wanneer er sprake is van een concrete dreiging. Ik bekijk op dit moment
de mogelijkheden om in een nota van wijziging het advies van de commissie te verwerken
in bij uw Kamer aanhangige wetsvoorstel houdende de Wpp.
3. Slot
Toezicht op de financiering van politieke partijen is van cruciaal belang voor een
gezonde democratie. Ik beschouw het dan ook als een belangrijke taak om het toezicht
op de in de Wfpp gestelde voorschriften uit te voeren en zodoende de integriteit en
betrouwbaarheid van het Nederlandse partijstelsel te waarborgen.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
F. Rijkaart
Ondertekenaars
F. Rijkaart, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties