Brief regering : Geannoteerde agenda informele OJCS-raad cultuur op 6 maart 2026
21 501-34 Raad voor Onderwijs, Jeugd, Cultuur en Sport
Nr. 452
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 12 februari 2026
Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda van de informele OJCS-raad voor cultuur op
6 maart in Nicosia.
De informele raad wordt georganiseerd door het Cypriotische EU-voorzitterschap van
de Raad van de Europese Unie. Mijn opvolger zal deze raad bijwonen of zich ambtelijk
laten vervangen.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
G. Moes
GEANNOTEERDE AGENDA INFORMELE RAAD VOOR CULTUUR (6 maart 2026)
Het Cypriotische voorzitterschap heeft voor deze informele OJCS-raad voor cultuur
de volgende onderwerpen geagendeerd:
1. Het beschermen van culturele rechten.
2. Noodzaak om illegale handel in culturele goederen tegen te gaan.
Ten tijde van het schrijven van deze geannoteerde agenda zijn nog geen inhoudelijke
stukken ontvangen.
AGENDA
1. Het beschermen van culturele rechten
Inhoud
Deze sessie zal beginnen met een presentatie over culturele rechten. Het ministeriële
gesprek zal gaan over het beschermen, promoten en de praktische implementatie van
culturele rechten binnen Europese samenlevingen, gericht op uitdagingen en beleidsperspectieven,
waarbij cultuur wordt herbevestigd als fundamenteel onderdeel van democratie, sociale
cohesie en het raamwerk van de Europese waarden.
Nederlandse inzet
Nederland zal uitdragen dat het recht om cultuur te maken, de vrijheid van artistieke
expressie en het bevorderen van de toegankelijkheid van cultuur fundamenteel onderdeel
zijn van onze democratie en behoren tot belangrijke Europese waarden.
Achtergrond
Vanuit het Nederlands cultuurbeleid kan goed aangesloten worden bij het door Cyprus
aangedragen agendapunt. In het Nederlands cultuurbeleid heeft de Minister de taak
de voorwaarden te scheppen voor cultuuruitingen, waaronder deze te laten ontwikkelen,
sociaal en geografisch te spreiden, in stand te houden en te verbreiden met oog voor
verscheidenheid.1 Specifiek in relatie tot de vrijheid van artistieke expressie heeft de Raad voor
Cultuur op 20 januari jl. een advies uitgebracht aan de Minister van OCW «Maken (z)onder
druk» waarin o.a. naar voren wordt gebracht dat de artistieke vrijheid toenemend onder
druk staat en dat er een rol voor de politiek, de cultuursector en het onderwijs is
om actief de artistieke vrijheid te beschermen. Het komende kabinet zal reageren op
het advies van de Raad voor Cultuur bij het uiteenzetten van haar beleid. Over de
vrijheid van artistieke expressie vindt zowel in EU-verband als in de context van
de Raad van Europa een uitwisseling van ervaringen plaats tussen de lidstaten bijvoorbeeld
via het Compendium of cultural policies and trends.
In het EU Cultuurkompas is het versterken van Europese waarden en culturele rechten
één van de vier richtingen waarop de Commissie in wil zetten. Ook hier staan de bescherming
van artistieke vrijheid, het bevorderen van diversiteit van culturen en talen in Europa
en het verbreden van de deelname en toegankelijkheid van cultuur centraal.2
Indicatie krachtenveld
De lidstaten verwelkomen de aandacht van het Cypriotisch voorzitterschap voor het
onderwerp culturele rechten, omdat het belangrijk is stil te staan bij de waarde van
cultuur voor de Europese samenlevingen en de democratie en sociale cohesie in de lidstaten.
2. Noodzaak om illegale handel in culturele goederen tegen te gaan
Inhoud
Deze sessie zal beginnen met presentaties over illegale handel in cultuurgoederen.
Het ministeriële gesprek zal ingaan op beleidsinstrumenten en samenwerkingsperspectieven
op Europees en internationaal niveau, gericht op het voorkomen, de handhaving en het
beschermen van cultureel erfgoed, specifiek in situaties van conflict en instabiliteit.
Nederlandse inzet
Nederland kan ervaringen delen over het tegengaan van de illegale handel in cultuurgoederen,
specifiek ook in relatie tot erfgoed uit landen in crisis en in conflict. In 2024
zijn bijvoorbeeld acht archeologische voorwerpen, waaronder zwaarden, speer- en pijlpunten,
aan de ambassadeur van Oekraïne in Nederland overhandigd door de Inspectie namens
de Nederlandse Staat. De voorwerpen waren in 2023 door de Douane onderschept. Een
ander voorbeeld is de teruggave van het 3.500 jaar oude stenen hoofd aan Egypte waarbij
de Nederlandse overheid betrokken was.
Achtergrond
Nederland zet actief in op de bestrijding van de illegale handel in cultuurgoederen.
Voorwerpen van cultureel, historisch en wetenschappelijk belang, die tot het cultureel
erfgoed van een staat behoren, hebben effectieve bescherming nodig. Cultureel erfgoed
is niet alleen van belang voor de eigen cultuur, maar verdient ook respect en erkenning
als het andere staten toebehoort. Illegale handel in cultuurgoederen kan aan het cultureel
erfgoed van een land aanzienlijke schade toebrengen. Het is daarom van groot belang
dat cultuurgoederen die het land van herkomst illegaal hebben verlaten door de autoriteiten
van de staat van herkomst, of door de oorspronkelijke rechthebbende, kunnen worden
teruggevorderd. Dit moet niet op problemen stuiten op grond van de regels van de staat
waar die cultuurgoederen zijn verkocht of worden aangetroffen. Een effectieve bestrijding
van de illegale handel heeft noodzakelijk een internationaal karakter en moet van
kracht zijn tussen een groot aantal staten, zodat deze aan elkaars regels ter bescherming
van cultuurgoederen een effectieve werking kunnen geven. Daarom heeft Nederland als
lidstaat bij het UNESCO-verdrag 1970 «Overeenkomst inzake de middelen om de onrechtmatige
invoer, uitvoer en eigendomsoverdracht van culturele goederen te verbieden en te verhinderen»
en het UNESCO-verdrag 1954 «Verdrag inzake de bescherming van culturele goederen in
geval van een gewapend conflict», het bijbehorende (Eerste) Protocol (1954) en het
Tweede Protocol (1999) regels over de invoer en uitvoer van cultuurgoederen in de
Erfgoedwet geïmplementeerd. Daarin is ook het wettelijk kader voortvloeiend uit EU-regelgeving
verankerd.
In de uitvoering van dit beleid is er speciale aandacht voor risicolanden die verwikkeld
zijn in een lokale of regionale crisis of die in conflict zijn. De Inspectie Overheidsinformatie
en Erfgoed houdt op basis van de Erfgoedwet en de Sanctiewet 1977 toezicht op de naleving
van regels rond de invoer en uitvoer van wettelijk beschermd erfgoed. Het gaat daarbij
o.a. over beschermd erfgoed uit de lidstaten van de Europese Unie, de landen die partij
zijn bij de UNESCO-verdragen 1954 en 1970 en Irak, Syrië en Oekraïne. Voor het toezicht
en de handhaving op de invoer en uitvoer van cultuurgoederen werkt de Inspectie samen
met de Douane en de Politie. Door het uitvoeren van jaarlijkse risicoanalyses wordt
bepaald aan welke handelsstromen extra aandacht moet worden gegeven.
Indicatie krachtenveld
De lidstaten verwelkomen de aandacht van het Cypriotisch voorzitterschap voor het
onderwerp van het tegengaan van de illegale handel in cultuurgoederen. De agendering
bevestigt de noodzaak voor nationale inzet en een intensieve samenwerking op dit onderwerp
binnen de EU, alsook met landen buiten de EU, zoals Oekraïne.
Ondertekenaars
G. Moes, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.