Brief regering : Toezegging gedaan tijdens het debat ‘wetsvoorstel herziening wettelijke grondslagen kerndoelen' van 26 november 2025 over de toezeggingen met betrekking tot het Herstelplan Kwaliteit
27 923 Werken in het onderwijs
Nr. 519
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 5 februari 2026
Met deze brief informeer ik uw Kamer conform mijn toezegging aan lid Kisteman (VVD)
in het debat «wetsvoorstel herziening wettelijke grondslagen kerndoelen» van 26 november
2025 over hoe de toezeggingen met betrekking tot het Herstelplan Kwaliteit Onderwijs
(hierna: Herstelplan) opgepakt worden. Ook informeer ik uw Kamer hierbij over de toezegging
die is gedaan omtrent het AOb Actieplan Tijd voor de zij-instromer.
Stand van zaken toezeggingen gerelateerd aan het Herstelplan
Op verschillende momenten1 is uw Kamer geïnformeerd over de stand van zaken rondom het Herstelplan. Daarin deelden
wij onder andere dat er samen met sociale partners flinke stappen gezet waren richting
een gezamenlijk Herstelplan en dat partners zich terugtrokken uit deze gesprekken
vanwege bezuinigingen. Na terugdraaien van deze bezuinigingen is in overleg met de
partners en vanwege de demissionaire status van het kabinet geconcludeerd dat het
aan een volgend kabinet is om stappen te zetten naar een nieuw akkoord. In het debat
van 26 november 2025 zei ik toe om uw Kamer voor de begrotingsbehandeling te informeren
over hoe de toezeggingen met betrekking tot het herstelplan opgepakt worden. Omwille
van het overzicht geef ik in bijlage 1 per toezegging aan of en waar de toezegging
is afgedaan of via welke route dit nog volgt. Ik vertrouw erop uw Kamer hiermee voldoende
geïnformeerd te hebben en beschouw hiermee deze toezegging als afgedaan.
Zij-instroom
De motie van de leden Moorman en Beckerman verzoekt de regering te onderzoeken in
hoeverre de maatregelen uit het AOb Actieplan kunnen bijdragen aan het oplossen van
het tekort aan docenten in het po en vo en welke financiële middelen daarvoor nodig
zijn.2 Toegezegd is om uw Kamer hierover voor de behandeling van de begroting te informeren.3
AOb Actieplan
De kern van het AOb Actieplan is een extra investering om zij-instromers in het po
en vo aan het begin van het traject voor een half jaar bovenformatief aan te nemen
en hen een volledige aanstelling te geven als leraar voor zowel de werkdagen als de
opleiding. De AOb verwacht dat meer schoolbesturen een zij-instromer in dienst nemen
als het subsidiebudget per zij-instromer verhoogd wordt. En dat het voor zij-instromers
aantrekkelijker wordt om over te stappen naar het onderwijs, omdat ze een volledige
aanstelling krijgen inclusief studieverlof voor de opleiding.
Reactie op hoofdlijnen AOb Actieplan
Het aantrekken en optimaliseren van zij-instroom wordt door alle partners toegejuicht.
Het bevorderen van zij-instroom is namelijk een belangrijke maatregel in de aanpak
van het lerarentekort. OCW is in gesprek met alle partners van de vak- en beroepsorganisaties
(waaronder de AOb), raden en lerarenopleidingen om extra zij-instromers aan te trekken
en het traject te optimaliseren.
Het behalen van een bevoegdheid via zij-instroom in beroep is niet voor iedereen weggelegd.
Het gaat om zij-instromers met werkervaring en ho-opleiding, die in twee jaar tijd
een bevoegdheid kunnen halen. Zij starten direct als leraar. De groep zij-instromers
is zeer divers. Uit het geschiktheidsonderzoek blijkt wat een zij-instromer aan scholing
en begeleiding nodig heeft.
Reactie op hoofdlijnen AOb Actieplan
1. Meer ruimte voor het vak
Goede begeleiding van zij-instromers is één van de cruciale factoren voor het opleiden
en behouden van zij-instromers. AOb zet in op het bovenformatief aanstellen van zij-instromers.
Zodat zij-instromers aan het begin van het traject intensiever worden begeleid en
meer ruimte krijgen om het vak eigen te maken. In de praktijk wordt in het po 70%
van de zij-instromers in het begin bovenformatief ingezet. In het vo gebeurt dit veel
minder (20%).4 Dit komt doordat het bijvoorbeeld ook gaat om bevoegde leraren die een extra bevoegdheid
willen halen. Voor hen is een bovenformatieve inzet niet nodig.
2. Voor alle dagen in dienst
AOb ziet graag dat alle zij-instromers een volledige aanstelling krijgen, waarbij
zij betaald krijgen voor zowel de werkdagen als betaald studieverlof voor de opleiding.
De AOb gaat uit van 2 dagen betaald studieverlof per week gedurende twee jaar. Uit
kostenonderzoek5 blijkt dat twee derde van de zij-instromers betaald studieverlof krijgt. Van deze
groep krijgen de meeste zij-instromers 8 uur per week betaald studieverlof gedurende
twee jaar. De rest krijgt 2 tot 6 uur betaald studieverlof per week.
3. Volwaardig salaris
AOb stelt dat zij-instromers bij de overstap naar het onderwijs te maken hebben met
een inkomensval. En roept schoolbesturen op om zij-instromers te waarderen voor de
werkervaring die zij meenemen naar het onderwijs. OCW heeft sterk ingezet op een goede
beloning van leraren. Het overstappen naar het onderwijs biedt zij-instromers dan
ook de kans om een goed salaris te gaan verdienen. Ruim 50% van de zij-instromers
in het po en vo geeft aan dat een betrouwbaar inkomen één van de motieven was om over
te stappen naar het onderwijs. Scholen houden al rekening met de werkervaring van
zij-instromers bij het vaststellen van hun salaris. Zij-instromers worden daarom vaak
ingeschaald in het midden van salarisschaal LB voor leraren. Het is natuurlijk ook
belangrijk dat de salarissen van zij-instromers niet te veel uit de pas lopen met
de salarissen van de andere leraren op een school.
Effect extra investering zij-instroom
De genoemde investeringen maken het traject voor de zij-instromer substantieel aantrekkelijker.
Het is onzeker hoeveel mensen dit over de streep trekt om over te stappen naar het
po en vo. Na een eerdere verhoging van het subsidiebudget per zij-instromer in 2023
van € 20.000,– naar € 25.000,–, steeg het aantal zij-instromers met 15%. Of dit effect
veroorzaakt is door de budgetverhoging of bijvoorbeeld door het hogere lerarentekort
en de urgentie bij schoolbesturen om zij-instromers aan te nemen, is niet bekend.
De voorgestelde investering zal uit moeten wijzen of het effect opnieuw leidt tot
een groeiend potentieel aan zij-instromers.
Raming van de kosten van het AOb Actieplan
Het AOb Actieplan heeft financiële implicaties. OCW heeft de kosten van het AOb Actieplan
geraamd op € 141 miljoen, voor de personele kosten van 1.450 startende zij-instromers
in beroep per jaar.6 Dit is exclusief de opleidingskosten voor een zij-instromer. Op dit moment kan een
werkgever een subsidie aanvragen van € 25.000 per zij-instromer als tegemoetkoming
in de kosten voor de opleiding, begeleiding en studieverlof. De kosten van het AOb
Actieplan bestaan uit de vergoeding van een bovenformatieve aanstelling van een zij-instromer
voor een half jaar voor 0,6 fte en gedurende twee jaar voor 0,4 fte betaald studieverlof
voor de opleiding. Uitgaande van zes maanden bovenformatieve inzet van 1.450 zij-instromers
in het po en vo voor 0,6 fte zijn de extra personeelskosten € 39 miljoen. De personeelskosten
voor het studieverlof van 1.450 zij-instromers in het po en vo zijn € 102 miljoen.
Bij de berekening van de kosten is de aanname gedaan van een verhoging van het aantal
zij-instromers van 1.250 naar 1.450 (verhoging van 15% oftewel 200 zij-instromers).
Voor deze kosten is momenteel geen dekking op de OCW-begroting.
Het is aan het volgende kabinet om hier keuzes in te maken en eventueel middelen vrij
te maken om het subsidiebedrag per zij-instromer te verhogen.
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
K.M. Becking
Ondertekenaars
K.M. Becking, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap