Brief regering : Geannoteerde Agenda Raad Buitenlandse Zaken Defensie, Bijeenkomst NAVO-ministers van Defensie en Ukraine Defence Contact Group van 11 en 12 februari 2026
21 501-28 Defensieraad
28 676
NAVO
36 045
Situatie in Oekraïne
Nr. 296
BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 januari 2026
Hierbij ontvangt u de geannoteerde agenda’s voor de Raad Buitenlandse Zaken Defensie
(RBZ) met Ministers van Defensie van 11 februari, de bijeenkomst van NAVO-ministers
van Defensie (DMM) en de Ukraine Defence Contact Group (UDCG) van 12 februari 2026.
De exacte agenda’s voor deze bijeenkomsten zijn op het moment van schrijven nog niet
bekend. Naar verwachting zullen de Ministers naast steun aan Oekraïne tijdens de RBZ
Defensie ook spreken over Defensiegereedheid en tijdens de DMM over NAVO’s afschrikking
en verdediging en over lastenverdeling.
Steun aan Oekraïne
Al bijna vier jaar lang verdedigt Oekraïne zichzelf dag in dag uit tegen de Russische
agressieoorlog. Tijdens zowel de RBZ Defensie, DMM als de UDCG zullen Ministers stilstaan
bij de recente ontwikkelingen, de lopende inspanningen om te komen tot een duurzame
vrede, evenals het belang en de voortzetting van steun aan Oekraïne.
Naar verwachting zal de RBZ Defensie hierbij in het bijzonder spreken over urgente
financiële en militaire steun voor Oekraïne, waaronder de lopende onderhandelingen
over de EU-lening voor steun aan Oekraïne. Het kabinet onderstreept het belang van
snelle besluitvorming gezien de urgente noden van Oekraïne. Hierbij is van belang
dat de constructie juridisch, technisch en financieel klopt, de steun aansluit op
de behoeftes van Oekraïne, de lasten en risico door EU-lidstaten gezamenlijk worden
gedragen, G7-partners betrokken zijn, en dat de gekozen constructie voortbouwt op
de ervaring met conditionaliteiten bij de EU Oekraïnefaciliteit en het IMF-programma.
Tegelijkertijd zal Nederland onderstrepen dat substantiële bilaterale steun, naast
de EU-lening, moet worden voortgezet. Juist ook in de fase waarin er onderhandelingen
plaatsvinden, is het essentieel om Oekraïne zowel via de EU als op bilaterale wijze
diplomatiek, financieel en militair te blijven steunen en de druk op Rusland verder
te blijven verhogen door spoedige aanname van extra sanctiemaatregelen. Via de motie
Klaver1 heeft uw Kamer reeds opgeroepen € 2 miljard additioneel ter beschikking te stellen
voor steun aan Oekraïne. Hiervan is in 2025 reeds € 700 miljoen gerealiseerd.
Tijdens de DMM zal Nederland benadrukken dat Nederland de militaire steun aan Oekraïne
onverminderd voortzet, bijvoorbeeld via NAVO-initiatieven zoals de Prioritised Ukraine Requirements List (PURL). Via dit initiatief krijgt Oekraïne acuut benodigd Amerikaans materieel, onder
andere raketten voor luchtverdediging. Afgelopen jaar heeft Nederland hier € 750 miljoen
aan toegezegd. Conform de motie-Van Campen2 zal Nederland andere bondgenoten ook tijdens deze DMM oproepen om financieel bij
te dragen aan het PURL-initiatief.
Tevens is de Nederlandse bijdrage aan het Multinational Multi Role Tanker Transport Unit (MRTT) voor de NATO Security Assistance and Training for Ukraine (NSATU) onlangs verlengd tot en met 31 december 2026. Dit betekent een bijdrage in
vlieguren en 24/7 openstelling van vliegbasis Eindhoven.
Ten slotte zullen de landen in de UDCG stilstaan bij urgente Oekraïense militaire
noden en vooruitblikken naar de voortzetting van bilaterale militaire steun in 2026.
In 2025 heeft Nederland meer dan € 5 miljard aan militaire steun gerealiseerd. Gelet
op de Europese en Nederlandse veiligheidsbelangen, zal Nederland de militaire steun
ook in 2026 voortzetten. Tijdens de UDCG zal Nederland in het bijzonder aandacht vragen
voor het belang van gelijke lastenverdeling voor een duurzame voortzetting van militaire
steun.
Geannoteerde agenda RBZ Defensie
Defensiegereedheid
In het kader van defensiegereedheid zal de publicatie van het Militaire Mobiliteitspakket
door de Europese Commissie op 19 november jl. waarschijnlijk aan de orde komen. Dit
pakket bestaat uit een gezamenlijke mededeling van de Commissie en de Hoge Vertegenwoordiger
(HV) en een voorgestelde verordening. Gegeven de urgentie is het doel van het pakket
is om via nieuwe en aangepaste wetgeving voor eind 2027 een EU-breed Militair Mobiliteitsgebied
op te zetten. Hiermee werken de lidstaten toe naar een Militair Schengen. De Raadsonderhandelingen
over dit pakket zijn recentelijk opgestart. Op korte termijn zal het kabinet uw Kamer
door middel van een BNC-fiche informeren over de positie van Nederland ten aanzien
van het Militaire Mobiliteitspakket.
Ook zal de RBZ gaan over de voortgang op de negen Priority Capability Areas (PCA’s). Nederland heeft, samen met Letland, Kroatië en Spanje de coördinerende rol
op zich genomen voor de PCA drones en counter-drone systemen. Op 15 januari jl. heeft
een tweede internationale bijeenkomst plaatsgevonden voor deze PCA. Hier is gesproken
over de strategische richting van werkzaamheden binnen de PCA en over concrete activiteiten
waar deelnemende landen in geïnteresseerd zijn. Daarnaast speelt Nederland een coördinerende
rol binnen de PCA militaire mobiliteit, in samenwerking met Duitsland en België. De
lead nations voor deze PCA zijn op verschillende niveaus in gesprek om de juiste invulling voor
deze PCA te vinden, die goed aansluit op de Raadsonderhandelingen over het voornoemde
Militaire Mobiliteitspakket.
Voor de defensiegereedheid van de EU is het van belang dat op alle vastgestelde PCA’s
spoedig actie wordt ondernomen. Nederland zal daarom ook lead nations van andere PCA’s aansporen om (verdere) actie te ondernemen.
Tevens beginnen op 29 januari aanstaande de triloog-onderhandelingen over de EU’s
Defence Readiness Omnibus. De Europese Raad, het Europees parlement en de Europese
Commissie gaan dan met elkaar in gesprek over dit pakket aan maatregelen. De kabinetsinzet
ten opzichte van dit voorstel is reeds middels het BNC-fiche met u gedeeld.3
Geannoteerde agenda DMM
Arctisch Gebied
De veiligheid in het Arctisch gebied is van strategisch belang voor de NAVO. De veiligheidsvraagstukken
met betrekking tot het Arctisch gebied en de rol van de NAVO daarin kunnen tijdens
de DMM worden besproken.
NAVO-bondgenoten zetten in op een grotere militaire presentie in het Arctisch gebied.
Nederland kijkt welwillend naar eventuele verzoeken vanuit de NAVO om capaciteiten
hier aan te leveren.
Afschrikking en verdediging
Tijdens de DMM in februari zullen de Ministers spreken over de versterking van NAVO’s
afschrikking en verdediging; onder andere over Integrated Air and Missile Defence (IAMD). Tijdens de DMM zullen de bondgenoten verdere stappen zetten in de voorbereiding
van nieuwe militaire plannen van de NAVO voor IAMD, ter besluitvorming voorzien tijdens
de NAVO-top in Ankara in juli 2026.
Het mandaat van de Nederlandse inzet van MQ-9’s vanuit Roemenië en vliegbasis Leeuwarden
loopt op 31 maart 2026 af. Deze inzet ondersteunt de NAVO’s inlichtingenbehoefte middels
het verzamelen van informatie aan de grens van het NAVO-verdragsgebied. Nederland
kijkt welwillend naar een mogelijke verlenging van de inzet. Het planningsproces hiervoor
is momenteel gaande.
Lastenverdeling
Afgelopen december heeft Defensie zoals gebruikelijk een update aan de NAVO gegeven
over de Nederlandse gerealiseerde en voorziene defensie-uitgaven, voortgang in capaciteitsontwikkeling
en deelname aan missies & operaties via het Annual Strategic Level Report. De volledige update vindt u in de vertrouwelijke bijlage.
Bondgenoten zullen tijdens de DMM spreken over de voortgang van de tijdens de top
in Den Haag gemaakte afspraak ter verhoging van de defensie-uitgaven naar 5% van het
bbp in 2035, waarvan 3,5% voor harde defensie-uitgaven en invulling van de NAVO’s
capaciteitsdoelstellingen en 1,5% voor bredere defensie- en veiligheidsgerelateerde
uitgaven. Defensie heeft gerapporteerd in 2025 te verwachten € 21,4 miljard exclusief
militaire steun aan Oekraïne uit te geven en € 27 miljard inclusief deze steun. Naar
de Nederlandse berekeningswijze komt dit neer op defensie-uitgaven van respectievelijk
1,8% en 2,28% van het bbp. Deze cijfers sluiten nauw aan bij de eerder gecommuniceerde
verwachtingen over 2025 van 1,79% exclusief en 2,19% inclusief militaire steun aan
Oekraïne.4 De NAVO rekent deze cijfers zelf om naar percentages van het bbp. De uitkomst hiervan
wordt verwacht in het Secretary General’s Annual Report, dat naar verwachting uiterlijk april dit jaar gepubliceerd wordt. De uitkomst van
de NAVO’s berekening zal waarschijnlijk verschillen van de nationale uitkomst. De
oorzaak van deze verschillen, zoals eerder aan uw Kamer gemeld, ligt in de NAVO’s
gebruik van specifieke prijspeilen, verschillende deflatoren en bbp-cijfers van de
OESO in plaats van de CPB.5 Dit is noodzakelijk om vergelijkingen tussen bondgenoten mogelijk te maken.
De aan de NAVO gerapporteerde cijfers zijn gebaseerd op de stand van de 2e suppletoire begroting 2025 en berusten dus nog deels op prognose. De uiteindelijke
realisatie van Defensie over 2025 ontvangt u volgens de gebruikelijke procedures via
de Slotwet.
Inzetten Kenia en Oeganda
Tevens maak ik, ook namens de Minister van Buitenlandse Zaken, van de gelegenheid
gebruik om uw Kamer te informeren over het besluit twee kleinschalige personele bijdragen
te leveren aan Operation SETWISE (SETWISE) in Kenia. Operation SETWISE is een vijf
jaar durende militaire assistentie-missie van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde
Staten voor capaciteitsopbouw van Keniaanse mariniers. Nederland zal in de periode
2026–2027 tweemaal per jaar een personele bijdrage leveren aan trainingen van circa
16 weken per keer. Ook zal Defensie bijdragen aan Open Source Peacekeeping Intelligence (OPKI) training van de VN in Oeganda. Deze trainingen dragen bij aan military peacekeeping intelligence capaciteiten van VN-vredesmissies. Nederland zal in de periode 2026–2028 tweemaal
per jaar instructiecapaciteit leveren aan de VN in Entebbe, Oeganda. Door middel van
deze trainingen kan met beperkte capaciteit een positieve bijdrage geleverd worden
aan de Nederlandse relatie met zowel Kenia, een voor Nederland belangrijke veiligheidsactor
in Oost-Afrika, als ook met de VN. Beide inzetten worden gedekt uit het Budget Internationale
Veiligheid. De totale kosten voor de inzet SETWISE zijn geraamd op € 345.000, de totale
kosten voor de OPKI-trainingen zijn geraamd op € 200.000.
De Minister van Defensie,
R.P. Brekelmans
Indieners
R.P. Brekelmans, minister van Defensie
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.