Brief regering : Toezegging gedaan tijdens het begrotingsdebat van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat van 22 januari 2026, over de werking meerjarenplan Instandhouding Rijkswaterstaat
29 385 Aanleg en de aanpassing van hoofdinfrastructuur
Nr. 146
BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 26 januari 2026
Met deze brief wordt een nadere toelichting gegeven op de werking en de meerjarige
doorkijk van het Meerjarenplan Instandhouding Rijkswaterstaat. Hiermee wordt tegemoet
gekomen aan de toezegging aan de heer Stoffer (SGP) tijdens het begrotingsdebat van
het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat van donderdag 22 januari jl. Het Meerjarenplan
Instandhouding is op 1 juli 2025 met de Tweede Kamer gedeeld1.
Meerjarenafspraak: afgesproken productieverhoging door Rijkswaterstaat tot en met
2030
Om de hoofdwegen, hoofdvaarwegen en het hoofdwatersysteem op het gewenste basiskwaliteitsniveau
te houden, moet de productie op instandhouding omhoog. Dit blijkt ook uit de Staat
van de Infrastructuur 2024, die in december 2025 met de Kamer is gedeeld. In dit licht
is in 2024 een meerjarenafspraak instandhouding gemaakt met Rijkswaterstaat tot en
met 2030. In de meerjarenafspraak is afgesproken dat Rijkswaterstaat de netwerken
onderhoudt op het basiskwaliteitsniveau en de productie op instandhouding in de periode
tot en met 2030 verhoogt van 2 naar 3 miljard euro per jaar, in lijn met de toenemende
instandhoudingsbudgetten. Rijkswaterstaat heeft die productieomvang nu al bereikt.
Onlangs bent u geïnformeerd dat thans het programmeren van nieuwe vernieuwingsprojecten
inmiddels alleen nog mogelijk is door de uitvoering van andere noodzakelijke vernieuwingsprojecten
te vertragen of uit te stellen. De maakbaarheid heeft het plafond van de financierbaarheid
bereikt.
Om de afgesproken productieverhoging te kunnen realiseren voorziet de meerjarenafspraak
in een stabiel basiskwaliteitsniveau en ruimte voor Rijkswaterstaat om de instandhoudingsopgave
integraal en over de gehele fondsperiode te organiseren. Dat wil zeggen dat Rijkswaterstaat
ook na 2030 verplichtingen kan aangaan. Zo kan Rijkswaterstaat voorzien in een stabiele
dealflow voor de markt.
Meerjarenplan instandhouding (t/m 2030): Aanpak waarmee Rijkswaterstaat productie
verhoogt
Het Meerjarenplan Instandhouding Rijkswaterstaat 2025–2030 zet uiteen hoe Rijkswaterstaat
de productie op instandhouding verhoogt, zoals afgesproken in de meerjarenafspraak
instandhouding. In de kern komt de aanpak neer op een omslag van projectmatig naar
programmatisch werken. De aanpak houdt daarbij rekening met de hoeveelheid beschikbare
arbeidskrachten en de capaciteit in de markt. Dit sluit aan op de adviezen uit het
rapport Instandhouding voorop! van de Adviesgroep «Ontwikkeling en instandhouding van infrastructuur in beheer bij
IenW». Het werk wordt integraal geprogrammeerd, er wordt langjarig en efficiënt samengewerkt
met de markt, er gaat meer capaciteit naar het primaire productieproces en er wordt
geïnvesteerd in vakmanschap en innovatie. De schaal- en efficiëntievoordelen die door
deze aanpak ontstaan, maken het mogelijk om meer werk te verzetten.
Doorvertaling naar programmering van werkzaamheden met inzicht naar de markt
Om goed te kunnen sturen op de toekomst van onze infrastructuur, wordt gewerkt met
een voortrollend programma. Dat betekent dat Rijkswaterstaat steeds 16 jaar vooruitkijkt,
waarvan de eerste 4 jaar maakbaar worden geprogrammeerd. De 4 jaar daarna worden vooruit
gepland. Op deze wijze ontstaat een dealflow van werkzaamheden die realistisch en
uitvoerbaar zijn. Met deze systematiek worden twee zaken gecombineerd: een lange termijn
blik op het geheel en genoeg ruimte om mee te bewegen als de situatie verandert. De
markt krijgt inzicht in de werkzaamheden verspreid over de genoemde tijdvakken. Aan
de meerjarige opgave wordt uitvoering gegeven via het meerjarenplan, aan de middellange
termijn via de dealflow brochure en op de korte termijn project en portfolio’s via
de inkoopplanning Rijkswaterstaat.
Jaarlijkse actualisatie
Productieverhoging vergt stabiliteit en continuïteit. Dat geldt ook voor het meerjarenplan
instandhouding. Dat neemt niet weg dat Rijkswaterstaat het meerjarenplan blijft ontwikkelen
en waar nodig blijft aanpassen naarmate de uitvoering vordert. Hierdoor blijft het
plan aansluiten op onder andere de ontwikkelingen in de instandhoudingsketen. Dit
doen we in nauwe samenwerking met de gehele infrasector en op basis van inzichten
van de Tweede Kamer. Daarnaast blijft Rijkswaterstaat de voortrollende programmering
ook verbeteren, zodat steeds betrouwbaarder vooruit kan worden gekeken over de looptijd
van het fonds. Het meerjarenplan 2025–2030 wordt jaarlijks geactualiseerd op basis
van deze ontwikkelingen.
Tot slot
Het meerjarenplan geeft ook inzicht in de uitvoerbaarheid en de middelen die hiervoor
vanuit de begroting IenW beschikbaar zijn voor de gehele fondsperiode tot en met 2040.
De totale instandhoudingsopgave is groter dan het beschikbare budget. In het verlengde
daarvan geeft het Meerjarenplan Instandhouding ook inzicht in het deel van de opgave
dat wel in voorbereiding is, maar nog niet gefinancierd. Het is aan het nieuwe kabinet
om daarover besluiten te nemen.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,
R. Tieman
Ondertekenaars
R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat