Brief regering : Reactie op verzoek commissie over het mogelijk afschaffen nulstand wilde zwijnen in provincie Noord-Brabant
29 683 Dierziektebeleid
Nr. 318
BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 december 2025
Hierbij stuur ik u de reactie op het verzoek van de vaste commissie voor Landbouw,
Visserij, Voedselzekerheid en Natuur op het mogelijk afschaffen van de nulstand van
wilde zwijnen in de provincie Noord-Brabant en specifiek in te gaan op hoe dit zich
verhoudt tot het «Plan van aanpak Afrikaanse varkenspest in wilde zwijnen» van 26 november
2025 met Kamerstuk 29 683, nr. 316/2025D48481.
Op 19 november 2025 heb ik samen met verschillende stakeholders, waaronder de provincie
Noord-Brabant, het plan van aanpak preventie en bestrijdingsvoorbereidingen Afrikaanse
varkenspest (AVP) in wilde zwijnen ondertekend1. Met deze handtekening benadrukken de stakeholders hun betrokkenheid en het belang
om de acties in dit plan van aanpak uit te voeren. Deze acties zien onder andere op
het verkleinen van de kans op insleep van AVP in wilde zwijnen, op locaties waar experts
die insleep het grootst achten.
Het advies met betrekking tot wilde zwijnen in Noord-Brabant
Vanwege de uitgebreide verspreiding en toenemende schade door wilde zwijnen heeft
de Faunabeheereenheid (FBE) Noord-Brabant een «Zwijnencommissie» ingesteld. Deze commissie bestaat uit een vertegenwoordiging van (maatschappelijk)
betrokken belangenorganisaties, waaronder de terreinbeherende organisaties Natuurmonumenten,
Brabants Landschap en Staatsbosbeheer, de dierenbescherming, de jagersvereniging en
de Zuidelijke Land- en Tuinbouw Organisatie (ZLTO). Zij kregen de opdracht het Noord-Brabants
beleid en beheer van wilde zwijnen te evalueren en hierover te adviseren. Het bestuur
van de FBE heeft het advies overgenomen en unaniem vastgesteld. Op 10 juli 2025 heeft
de FBE het advies aangeboden aan Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant2.
De FBE adviseert het huidige nulstandbeleid te verlaten en over te gaan naar een beleid
waarin de ecologische waarde van wilde zwijnen wordt erkend. Daarbij wordt een beheerstrategie
aanbevolen die de populatie op een acceptabel niveau houdt om schade aan maatschappelijke
en ecologische belangen te minimaliseren en beheersbaar te houden. Als richtlijn wordt
«het streven naar één wild zwijn per honderd hectare bos- en natuurgebied» gehanteerd
waarbij strikte randvoorwaarden gelden om de populatie te beheersen middels afschot.
Hiermee wordt schade aan maatschappelijke en ecologische belangen beperkt. Beoogd
wordt verder dat wilde zwijnen zich niet buiten natuurgebieden vestigen.
In het advies is opgenomen dat de integrale toepassing van vastgestelde randvoorwaarden
uit het advies van cruciaal belang is. Een selectieve implementatie van één of meerdere
van die randvoorwaarden vergroot het risico dat het beheer tekortschiet, aldus het
rapport. Daardoor zou schade aan bijvoorbeeld gewassen of door verkeersongevallen
als gevolg van de toenemende aanwezigheid van wilde zwijnen op kunnen lopen.
Een van die randvoorwaarden is dat de FBE nadrukkelijk adviseert om in te zetten op
risicomitigatie van Afrikaanse varkenspest (AVP). Genoemde elementen die hier aan
bijdragen, zoals educatie, preventieve maatregelen tegen menselijke insleep van ziekten
en het snel kunnen afsluiten van gebieden bij een uitbraak, zijn ook opgenomen in
het plan van aanpak preventie en bestrijdingsvoorbereiding Afrikaanse varkenspest.
Tijdens het opstellen van het plan van aanpak preventie AVP is intensief contact geweest
met de Provincie Noord-Brabant om ervoor te zorgen dat het beleid op elkaar zou aansluiten.
Ik waardeer het zeer dat het zwijnenadvies een duidelijke koppeling legt tussen het
provinciaal beleid en de verantwoordelijkheid van de provincie in verhouding tot de
landelijke aanpak van AVP. Dit onderstreept het belang van provinciale inzet in dit
complexe dossier. De provincie heeft aangegeven actief uitvoering te geven aan de
aan haar toegewezen acties, wat van groot belang is voor de preventie van AVP in wilde
zwijnen. Eerder dit jaar is hierover een Statenmededeling gepubliceerd.3
Situatie Spanje
Dat het van belang is om werk te maken van de preventie van AVP in wilde zwijnen werd
dit najaar, op 28 november jl., eens te meer duidelijk. In Spanje, in de Catalaanse
streek Bellaterra nabij Barcelona zijn twee dode wilde zwijnen gevonden die besmet
blijken te zijn met Afrikaanse varkenspest. Inmiddels zijn er na intensieve zoekacties
door de Spaanse overheid meer dan tien besmette kadavers geconstateerd. De inschatting
is dat dit in de komende weken nog verder zal oplopen. Spanje wordt hiermee voor het
eerst sinds 1994 geconfronteerd met de ziekte en stelt alles in het werk om de uitbraak
te controleren. Er is een beperkingsgebied met een straal van 20 kilometer ingesteld.
De 55 varkenshouderijen die in dit beperkingsgebied liggen hebben direct transportverboden
en verhoogde hygiënemaatregelen opgelegd gekregen. Tevens zijn deze bedrijven verplicht
om aan extra monitoring op Afrikaanse varkenspest te voldoen. De bedrijven zijn direct
na het vaststellen van AVP in wilde zwijnen gescreend en bij géén van de bedrijven
in de beperkingszone is AVP vastgesteld. Daarnaast zijn er beperkingen ingesteld in
het Parc Natural de Collserola en de omliggende gemeenten, de toegang tot het park
is verboden voor wandelaars en fietsers en er geldt een verbod op alle jacht- en bosbouw-
en recreatieve activiteiten. Op dit moment wordt door de Spaanse autoriteiten onderzoek
gedaan naar de herkomst van het virus en de mogelijke bron van de uitbraak.
De situatie in Spanje maakt duidelijk dat een uitbraak van AVP ontwrichtende gevolgen
heeft. Voor de varkenssector zelf, maar ook voor de directe omgeving waarin deze uitbraak
plaatsvindt. Het is in ons aller belang om een uitbraak met AVP te voorkomen, en daarom
zal ik in de komende periode werk maken van de uitvoering van het plan van aanpak.
De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, F.M. Wiersma
Ondertekenaars
F.M. Wiersma, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur