Brief regering : Besluit Ministerraad over start voorhang Luchthavenverkeerbesluit Schiphol (LVB)
29 665 Evaluatie Schipholbeleid
Nr. 583
BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 december 2025
Het is de inzet van het kabinet om de juridische basis onder Schiphol en daarmee de
rechtspositie van omwonenden zo snel mogelijk te herstellen en daarnaast te komen
tot een geluidsreductie rondom de luchthaven. Hiervoor is per 1 november jl. het versnelde
Luchthavenverkeerbesluit Schiphol (LVB) in werking getreden en is de afgelopen periode
gewerkt aan een algehele wijziging van het LVB. Eerder is de Kamer geïnformeerd over
de voortgang van dit traject1 en op 11 december jl. over de planning en komende stappen.2 Met deze brief wordt de Kamer geïnformeerd over het feit dat de ministerraad op 19 december
2025 heeft besloten om de concept-algehele LVB-wijziging medio januari 2026 aan te
bieden aan de beide Kamers ter voorhang. Dit is een belangrijke stap om de rechtspositie
van omwonenden te herstellen en de juridische basis van Schiphol op orde te brengen.
Met de algehele LVB-wijziging wordt het totale geluidsstelsel met bijbehorende verplichtingen
vastgelegd. Dit in navolging van het eerder vastgestelde versnelde LVB met bijbehorende maximale aantallen vliegtuigbewegingen (jaarlijks maximaal 478.000,
waarvan 27.000 in de nacht).
Beschrijving inhoud concept-algehele wijziging LVB
In het LVB wordt een volledig nieuwe set grenswaarden voor geluid in handhavingspunten
opgenomen. Bovendien wordt het aantal handhavingspunten uitgebreid zodat deze in een
groter gebied bescherming bieden. Ook worden de regels voor het baangebruik opgenomen.
De handhaving van dit geluidsstelsel wordt ook aangescherpt. Als er een overschrijding
dreigt wordt het voor ILT gedurende het gebruiksjaar mogelijk om in te grijpen. Daarnaast
zijn in de algehele LVB-wijziging afspraken vastgelegd om het proces rondom de ontheffingen
voor baanonderhoud te verbeteren.
De algehele LVB-wijziging bevat ook:
• Een maximumaantal vliegtuigbewegingen voor general aviation;
• Een maximumaantal vliegtuigbewegingen voor maatschappelijk verkeer;
• Een verbeterd proces voor de besluitvorming over baanonderhoud;
• Actualisatie van het kaartmateriaal voor een aantal luchtverkeerswegen;
• Verplichte regels voor gebruiksprognose en evaluatie;
• Voor de langere termijn is een perspectief op verdere geluidsreductie in combinatie
met een gefaseerde terugkeer naar 500.000 vliegtuigbewegingen per jaar opgenomen.
Perspectief
Zoals eerder aan de Kamer gemeld, wordt het in het kader van de balanced approach-procedure
gestelde geluidsdoel van -20% in twee fasen behaald. Eerder heeft het kabinet besloten
dat op het moment dat het gehele geluidsdoel is behaald, er perspectief ontstaat op
verdere verstilling voor de omgeving en beheerste groei voor de luchtvaartsector.3 Het kabinet houdt vast aan dit perspectief. Hiervoor is een systematiek opgenomen
in deze algehele LVB-wijziging waarbij de helft van de verdere geluidswinst na het
behalen van het geluidsdoel van -20% ten goede komt aan de omgeving en de andere helft
mag worden ingevuld door een gefaseerde terugkeer van het aantal vliegtuigbewegingen
handelsverkeer naar maximaal 500.000 per jaar.
Hiermee wordt uitvoering gegeven aan de roadmap Schiphol4 en de aangenomen motie Peter de Groot5 die de regering verzoekt om, als blijkt uit de evaluatie dat het geluidsdoel is behaald,
groei van het aantal vliegtuigbewegingen van Schiphol op termijn weer mogelijk te
maken in wet- en regelgeving.
Vervolgproces
Op dit moment wordt de laatste hand gelegd aan de onderliggende stukken. In verband
met de start van de kerstrecesperiode van de Kamer en de parallelle start van de zienswijzeperiode,
zal de concept-algehele LVB-wijziging medio januari 2026 formeel aan beide Kamers
ter voorhang worden aangeboden. Daarbij ontvangen de Kamers tevens de onderliggende
stukken, waaronder het Milieueffectrapport (MER).
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,
R. Tieman
Indieners
-
Indiener
R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat