Brief regering : Voortgang tegenbewijsregeling box 3
36 706 Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om een tegenbewijsregeling te introduceren bij het bepalen van het belastbare inkomen uit sparen en beleggen (Wet tegenbewijsregeling box 3)
Nr. 28
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 18 december 2025
Met deze brief geef ik uw Kamer zoals toegezegd een eerste beeld van de voortgang
van de hersteloperatie in het kader van de tegenbewijsregeling box 3. De hersteloperatie
is sinds deze zomer in volle gang. Tot 8 december 2025 hebben burgers ruim 476.000
formulieren Opgaaf Werkelijk Rendement (OWR) ingediend. De Belastingdienst is in het
najaar gefaseerd begonnen met de verwerking. In deze brief zal ik u informeren over
het verloop van de hersteloperatie: de wettelijke inkadering, het invullen en verwerken
van formulieren OWR, het vergoeden van belastingrente, de mogelijkheden tot ondersteuning
vanuit de Belastingdienst en het vervolg.
Forfaitair stelsel met tegenbewijs
Op basis van arresten van de Hoge Raad moet de Belastingdienst de burger de mogelijkheid
geven om tegenbewijs te leveren tegen het forfaitair rendement in box 3.1 Met de Wet tegenbewijsregeling box 3 zijn uniforme regels hiervoor vastgelegd.2 De Belastingdienst heeft op basis hiervan het formulier OWR ontwikkeld, waarbij naast
het voldoen aan de fiscale regels ook de gebruikersvriendelijkheid en de aansluiting
op de systemen van de Belastingdienst een belangrijke rol spelen. De Belastingdienst
heeft het formulier OWR op 10 juli 2025 beschikbaar gesteld voor burgers om het tegenbewijs
te kunnen leveren. Hiermee is voor hen een start gemaakt met de uitvoering van het
aanvullend herstel box 3.
Mijn ambtsvoorganger heeft uw Kamer geïnformeerd dat de Wet werkelijk rendement box
3 op 1 januari 2028 in werking kan treden, mits uw Kamer deze uiterlijk 15 maart 2026
heeft aangenomen.3 Tot de invoering van een nieuw stelsel wordt de belasting in box 3 berekend op basis
van forfaitair rendement, met de mogelijkheid om tegenbewijs te leveren. Vanaf het
belastingjaar 2025 is het formulier OWR geïntegreerd in de aangifte inkomstenbelasting.
Burgers hoeven het werkelijk rendement dan niet meer separaat op te geven, maar kunnen
het werkelijke rendement direct in hun aangifte opnemen.
Het invullen van het formulier OWR
Sinds de openstelling van het formulier OWR worden burgers via brieven en informatie
op de website gewezen op de mogelijkheid om het formulier in te vullen. De Belastingdienst
verzorgt gerichte communicatie aan burgers die mogelijk in aanmerking komen voor herstel.
Dit betreft burgers met ingediende aangiften vanaf het belastingjaar 2017, waarvan
de aanslagen nog niet onherroepelijk vaststonden of nog niet waren vastgesteld op
24 december 2021 en die tijdig een bezwaar of een verzoek tot ambtshalve vermindering
hebben gedaan of dit nog kunnen doen.4
Vanaf half juli heeft de Belastingdienst rond 2,8 miljoen brieven verstuurd om burgers
erop te wijzen dat zij gebruik kunnen maken van het formulier OWR. Daarbij is ook
het forfaitaire rendement vermeld, dat op basis van de ingediende aangifte inkomstenbelasting
is berekend. Hiermee kan de burger een vergelijking maken met (een berekening van)
het werkelijk rendement en een besluit nemen over het indienen van het formulier OWR.
De Belastingdienst heeft burgers erop geattendeerd dat de brief met het forfait van
het betreffende belastingjaar gebruikt kan worden bij het indienen van het formulier
OWR.
Verlenen van herstel
Voor zover mogelijk worden burgers in de gelegenheid gesteld om tegenbewijs te leveren
voorafgaand aan het opleggen van de definitieve aanslag. Om dit mogelijk te maken,
houdt de Belastingdienst vanaf 2023 het definitief opleggen van aanslagen aan, indien
er sprake is van meer dan enkel banktegoeden, zodat zoveel mogelijk in een keer een
juiste aanslag opgelegd kan worden. Om verjaring te voorkomen, moet de Belastingdienst
wel binnen drie jaar na afloop van het betreffende belastingjaar een definitieve aanslag
opleggen. Deze termijn van drie jaar wordt verlengd met de duur van verleend uitstel.
Vanwege de naderende verjaringstermijn is de Belastingdienst voor de aangehouden aangiften
begonnen met het opleggen van definitieve aanslagen. Over het belastingjaar 2021 zijn
circa 292.000 definitieve aanslagen ter voorkoming van verjaring opgelegd en over
het belastingjaar 2022 zijn circa 905.000 definitieve aanslagen ter voorkoming van
verjaring opgelegd. Burgers kunnen na het opleggen van deze aanslag gebruik maken
van het formulier OWR als in hun aanslag een bedrag in box 3 is opgenomen. De desbetreffende
burgers zijn hier met een brief van op de hoogte gesteld.
De ontvangen formulieren OWR doorlopen een geautomatiseerd toetsingsproces om te bepalen
of ze mogelijk in aanmerking komen voor herstel. Er zijn veel verschillende factoren
van invloed op dit toetsingsproces. Ondanks uitgebreide testen vooraf hebben in de
beginfase 240 burgers op onterechte gronden een afwijzing ontvangen. Deze burgers
zijn hierover geïnformeerd en kunnen alsnog een formulier OWR indienen. Het toetsingsproces
is aangepast om dergelijke onterechte afwijzingen te voorkomen en is daarop grondig
doorgelicht. Zo vinden bij de Belastingdienst productietoets-dagen plaats, waarbij
vanuit alle betrokken directies gezamenlijk het gehele proces van het behandelen van
de formulieren OWR wordt getest. Eventuele knelpunten kunnen hierbij direct gesignaleerd
en opgevolgd worden.
Formulieren die na het toetsingsproces op basis van formele criteria in aanmerking
komen voor aanvullend rechtsherstel worden verwerkt om het werkelijk rendement te
berekenen. De uitkomst van het proces is het opleggen van een definitieve aanslag
of een verminderingsbeschikking en, indien van toepassing een teruggave van belasting
aan de burger. In het najaar van 2025 is gefaseerd gestart met de verwerking van formulieren
OWR, beginnend met de jaren vanaf 2017. Vanaf maart 2026 zal de Belastingdienst volgens
planning de formulieren OWR over de overige belastingjaren verwerken. De Belastingdienst
begint per belastingplichtige met het oudst nog openstaande belastingjaar en verwerkt
daarna de opvolgende openstaande jaren.
Voorkoming dubbele belasting en OWR-formulier
Een belastingplichtige met vastgoed in het buitenland krijgt daarvoor een aftrek ter
voorkoming van dubbele belasting. In deze situatie kan het zijn dat een hoger werkelijk
rendement na die aftrek toch leidt tot een lagere belastingaanslag dan op basis van
het (lagere) forfaitaire rendement. Na indiening van het OWR-formulier wordt ook in
die situaties altijd de laagste aanslag opgelegd.5 Het aanslagsysteem vergelijkt namelijk de twee forfaitaire berekeningswijzen6 en de berekening op basis van werkelijk rendement met elkaar en past de voor de belastingplichtige
meest gunstige methode toe. Dit kan in situaties waarin voorkoming van dubbele belasting
speelt, wel leiden tot een hoger verzamelinkomen. Onder omstandigheden kan dat gevolgen
hebben voor inkomensafhankelijke regelingen. Als een belastingplichtige in deze situatie
geen hoger verzamelinkomen wil, kan hij ervoor kiezen om geen tegenbewijs in te dienen.
Als hij dat toch doet en het niet eens is met de vaststelling van een hoger verzamelinkomen,
kan hij daartegen bezwaar maken of een verzoek doen tot navordering. De Belastingdienst
zal in die gevallen maatwerk verrichten.
Belastingrente
Over het door de burger te ontvangen bedrag wordt alleen belastingrente vergoed onder
de voorwaarde dat de Belastingdienst het formulier OWR heeft ontvangen vóórdat de
definitieve belastingaanslag wordt opgelegd.
Ik ben mij ervan bewust dat burgers mogelijk hebben gewacht met het indienen van de
opgaaf werkelijk rendement na communicatie vanuit de Belastingdienst tot het ontvangen
van een attentiebrief. Ook was het formulier OWR niet eerder beschikbaar dan juli
2025. In een aantal gevallen, met name over belastingjaren 2021 en 2022, is vanwege
dreigende verjaring de definitieve aanslag in de tussenliggende periode opgelegd.
In dat kader heb ik bezien of verruiming van de wettelijke regels rondom het vergoeden
van belastingrente aan de orde zou kunnen zijn. Na een gedegen afweging kom ik tot
de slotsom dat hiertoe geen juridische noodzaak bestaat. Wel vergoeden leidt daarnaast
tot een budgettaire derving waarvoor dekking moet worden gezocht.
Daarmee blijft gelden dat, conform de fiscale wet- en regelgeving, belastingrente
in het kader van de tegenbewijsregeling enkel wordt vergoed als het formulier OWR
wordt ontvangen vóór de dagtekening van de definitieve aanslag.
Ondersteuning en communicatie
De Belastingdienst biedt individuele ondersteuning bij het invullen van het formulier
OWR. Tot 8 december 2025 zijn er 1.325 balieafspraken gemaakt voor hulp bij het invullen
van het formulier OWR. Daarnaast zijn er 362 videobelafspraken gemaakt voor hulp bij
het invullen van het formulier OWR. Op alle kantoren zijn medewerkers beschikbaar
om de burgers snel te helpen wanneer zij een afspraak inplannen. Daarnaast zijn er
tot nu toe ruim 100.000 telefoontjes over box 3 bij de BelastingTelefoon beantwoord.
Met de Nederlandse Vereniging van Banken en het Verbond van Verzekeraars vindt op
reguliere basis overleg plaats. Tijdens deze overleggen worden vragen beantwoord,
zodat de banken en verzekeraars zich goed kunnen voorbereiden op elke nieuwe fase
van deze aanvullende hersteloperatie en hun klanten goed kunnen informeren over welke
informatie zij nodig hebben. Ook met de koepelorganisaties van fiscaal dienstverleners,
de Consumentenbond, Bond voor Belastingbetalers en Vereniging van Effectenbezitters
vindt op constructieve wijze regulier overleg plaats op een constructieve basis. Deze
stakeholders hebben in het voorjaar van 2025 ook deelgenomen aan een gebruikersdag
formulier Opgaaf Werkelijk Rendement. Deze dag werd positief beoordeeld door alle
deelnemers. Ook vinden regelmatig webinars voor fiscaal dienstverleners plaats en
was het onderwerp herstel box 3 onderdeel van de Intermediairdagen.
Vervolg
Uw Kamer heeft de motie Kouwenhoven/Grinwis aangenomen waarin u de regering verzoekt
jaarlijks een integrale impactanalyse op te stellen.7 In deze impactanalyse zal ik dieper ingaan op de voortgang van de hersteloperatie.
De eerste impactanalyse zal ik in het eerste kwartaal van 2026 met u delen. De mogelijke
impact van de verwerking van vergoeding, vragen en bezwaren rondom belastingrente
wordt hierin meegenomen.
Mijn ambtsvoorganger heeft eerder aan uw Kamer toegezegd de uitvoeringstoets van de
Belastingdienst bij het wetsvoorstel Wet tegenbewijsregeling box 3 aan het einde van
2025 te herijken. Op dit moment zijn er niet genoeg ervaringscijfers voor een volledige
herijking van de uitvoeringstoets. De Belastingdienst zal de herijking daarom in de
eerste helft van 2026 uitvoeren, zodra er een completer beeld is van de ervaringen
van de hersteloperatie.
Deze herijking zend ik vervolgens naar uw Kamer.
De Staatssecretaris van Financiën,
E.H.J. Heijnen
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
E.H.J. Heijnen, staatssecretaris van Financiën