Brief regering : Update over de Nederlandse betrokkenheid bij het LNG-project in Mozambique
26 485 Maatschappelijk verantwoord ondernemen
Nr. 459
BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 1 december 2025
De projectleider van het LNG-project in Mozambique Total heeft de uitvoerder van de
exportkredietverzekeringen (ekv) Atradius Dutch State Business (ADSB) op 24 november
2025 laten weten af te zien van het door Nederland verzekerde aandeel in de financiering
van het project. Hieruit volgt dat Nederland niet langer via een financieringspolis
betrokken zal zijn bij de financiering van het LNG-project in Mozambique. Het besluit
van Total doorkruist de Nederlandse besluitvorming over de aanpassing van de financieringspolis.
Dit besluitvormingsproces bevond zich in de laatste fase. Via deze brief wil ik u
hier, mede namens de Staatssecretaris Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp, over
informeren. Ook bied ik u de antwoorden aan op de schriftelijke vragen die zijn gesteld
door de leden Hirsch, Van der Lee (beiden Groenlinks-PvdA) en Teunissen (PvdD) over
de ekv voor het project in Mozambique. Deze vragen werden ingezonden op 11 november
met kenmerk 2025Z19613. Tot slot zend ik u, conform mijn toezegging van 19 december 2024, de onafhankelijke
adviezen die ik heb ingewonnen over de mensenrechtencontext en de veiligheidssituatie
van het project en die recent zijn afgerond.
Zoals sinds februari 2021 op verschillende momenten aan uw Kamer gemeld, is Nederland
via twee ekv-polissen – die zijn afgegeven door ADSB – betrokken bij het LNG-project:
een exporteurspolis aan het Nederlandse Van Oord en een financieringspolis aan de
Britse Standard Chartered Bank.1 Van Oord voert in opdracht van Total bagger- en installatiewerkzaamheden uit voorbereidend
op en in de eerste fase van het project. De exporteurspolis verzekert Van Oord voor
het geval Total niet (op tijd) betaalt voor de uitgevoerde werkzaamheden. De Nederlandse
betrokkenheid bij de financiering van het project loopt via een financieringspolis
die het risico dekt dat de lening van het Britse Standard Chartered Bank aan het project
(ad. USD 640 mln.) niet wordt terugbetaald. Deze lening is onderdeel van een financieringspakket
van in totaal USD 14,9 mld., waarbij ook andere landen betrokken zijn.2
Het project ligt grotendeels stil sinds een grootschalige terroristische aanval door
aan IS gelieerde rebellen in maart 2021. Zoals op verschillende momenten met uw Kamer
gedeeld is projecteigenaar Total voornemens het project te herstarten.3 Om dit te doen wil Total weer kunnen beschikken over de financiering. Dit vereist
unanieme goedkeuring van financiers en exportkredietverzekeraars. Zoals beschreven
in mijn brief van 11 november 2025 ontstond hierdoor voor Nederland de facto een nieuw
wegingsmoment om voortzetting van betrokkenheid bij de projectfinanciering te overwegen.
Dit is een voor de ekv uitzonderlijke situatie. Het juridische handelingsperspectief
voor de exporteurspolis voor Van Oord is anders.4 Voor deze polis is, in tegenstelling tot de financieringspolis, geen sprake van een
nieuw wegingsmoment. De exporteurspolis moet wel worden aangepast aan de nieuw ontstane
situatie. Omdat aan de toepasselijke polisvoorwaarden wordt voldaan, is er geen grond
voor de Staat om niet in te stemmen met deze technische wijzigingen.
Het ontstane wegingsmoment voor de financieringspolis is voor Nederland aanleiding
geweest om het project opnieuw integraal te beoordelen op financiële, milieu en sociale,
compliance en veiligheidsrisico’s. De Kamer is hier op 15 december 2023 van op de
hoogte gebracht.5 Gelet op de risico’s verbonden aan dit project hecht het kabinet aan een uitgebreid
en zorgvuldig besluitvormingsproces. Vanwege de complexiteit van de veiligheidssituatie
en naar aanleiding van berichtgeving over mogelijk grove mensenrechtenschendingen
in de regio, heb ik in december 2024 besloten om extra onafhankelijk advies in te
winnen bij onderzoeksbureaus Clingendael en Pangea Risk. De onderzoeken maken onderdeel
uit van een bredere afweging waarbij ook andere bronnen worden gebruikt, zoals de
Nederlandse ambassade in Maputo en de reguliere onderzoeken zoals uitgevoerd door
ADSB hun eigen onafhankelijke consultants. De onderzoekers van Clingendael (mensenrechten)
en Pangea Risk (veiligheid) hebben hun werk inmiddels afgerond. Conform mijn toezegging
gedaan tijdens het tweeminutendebat exportkredietverzekeringen van 19 december 2024
stuur ik u bijgaand hun adviesrapporten. Gelet op veiligheidsoverwegingen van betrokkenen
wordt van het Pangea Risk advies alleen een uitgebreide samenvatting publiek gemaakt.
Ik zet de bevindingen hieronder kort uiteen.
Clingendael
– De onderzoekers bevestigen een beeld van structurele mensenrechtenschendingen door
Mozambikaanse veiligheidsdiensten in de regio, met een piek na de aanval op Palma
in maart 2021.
– De beschrijvingen over de vermeende mensenrechtenschendingen in het Politico-artikel
worden in grote lijnen als geloofwaardig beschouwd. Clingendael geeft aan geen uitspraak
te kunnen doen over de kennis dan wel rol van Total bij bovenstaande gebeurtenissen.
– Sinds de inzet van Rwandese troepen in 2021 is de situatie aanzienlijk verbeterd.
Mensenrechtenschendingen worden nu vooral gemeld in zuidelijker gelegen gebieden,
waar Mozambikaanse veiligheidsdiensten zonder Rwandese ondersteuning opereren.
– Clingendael concludeert tevens dat de Mozambikaanse veiligheidsdiensten, ondanks trainingen
en meldpunten, slecht blijven presteren op gebied van mensenrechten en niet opgewassen
zijn tegen de gewapende opstandelingen.
Pangea Risk
– Veiligheidsonderzoekers Pangea Risk hebben onderzoek gedaan naar onze aanvullende
vragen over de veiligheidssituatie rondom het project.
– De onderzoekers van Pangea Risk schetsen een tweeledig beeld:
i) Op de korte termijn (12–24 maanden) bestaat een voldoende veilige situatie door de
aanwezigheid van het Rwandese leger.
ii) Op langere termijn blijven er echter systemische kwetsbaarheden: er bestaan geen lange
termijn garanties voor de langdurige aanwezigheid van het Rwandese leger gedurende
de gehele looptijd en de opstand door Islamitische Staat (IS) in Mozambique is niet
geheel neergeslagen. Bovendien zijn de grondoorzaken van het conflict onopgelost en
kan het leger van Mozambique de rol van het Rwandese leger (nog) niet overnemen.
Gelet op de complexiteit van de risico’s en overwegende dat de financieringspolis
tot 2042 loopt is het van belang dat de risico’s verbonden aan dit project niet alleen
op de korte termijn in voldoende mate gemitigeerd zijn, maar ook op de langere termijn.
Bijgaande adviesrapporten geven aan dat er nog steeds aanzienlijke risico’s zijn.
Tot besluitvorming over de aanpassing van de financieringspolis is het echter niet
gekomen vanwege het besluit van Total. Total heeft Nederland dit op 24 november laten
weten middels een zogeheten cancellation notice. Hieruit volgt dat Nederland niet langer betrokken zal zijn bij de financiering van
het project en dat Total het financieringsgat dat hierdoor ontstaat op een andere
manier zal financieren.
De Minister van Financiën,
E. Heinen
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
E. Heinen, minister van Financiën