Brief regering : Reactie op het advies Gezondheidsraad toelaatbaarheid humaan composteren en alkalische hydrolyse
30 696 Wijziging van de Wet op de lijkbezorging
Nr. 60 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 november 2025
Al enige jaren wordt gewerkt aan een wetsvoorstel om de huidige Wet op de lijkbezorging
te moderniseren. Een van de vragen die tijdens dit proces is gerezen, is of er behalve
voor begraven, cremeren en resomeren1 ook voor andere vormen van bestemming (lijkbezorging) een wettelijke basis zouden
moeten worden gecreëerd. Op 21 februari heeft mijn ambtsvoorganger u geïnformeerd
over haar adviesaanvraag aan de Gezondheidsraad over de toelaatbaarheid van humaan
composteren.2 De Gezondheidsraad heeft zijn advies op 2 oktober jl. afgerond. Graag bied ik u het
advies hierbij aan. Deze brief geeft ook een reactie op dit advies.
De Gezondheidsraad concludeert dat humaan composteren3 op dit moment niet aan alle voorwaarden van het beoordelingskader voor nieuwe vormen
van lijkbezorging voldoet. Er is nog altijd beperkt wetenschappelijke literatuur beschikbaar
en er is geen eenduidige procesbeschrijving. Er is veel onduidelijkheid over de veiligheid
van deze methode. De techniek kent bijvoorbeeld een reëel risico op verspreiding van
tuberculose door overledenen met latente tuberculose. Hoewel humaan composteren duurzaam
lijkt, zijn er onvoldoende gegevens om de duurzaamheid volledig te beoordelen. Gelet
op dit advies wordt humaan composteren nu niet betrokken bij de verdere voorbereiding
van het wetsvoorstel ter modernisering van de Wet op de lijkbezorging.
De Gezondheidsraad concludeert verder dat er geen aanleiding is om het eerdere advies
over de toelaatbaarheid van alkalische hydrolyse, ook bekend als resomeren, te herzien.
Hoewel de zorgen over de milieu-impact begrijpelijk zijn, voldoet de techniek in principe
aan de eisen van het beoordelingskader. Gelet op dit advies blijft alkalische hydrolyse
onderdeel uitmaken van het wetsvoorstel en geeft het advies geen aanleiding tot wijzigingen
in de voorziene regeling.
De Gezondheidsraad doet ook enkele aanbevelingen aan de betrokken ministeries. Ten
eerste adviseert zij om onderzoek naar nieuwe bestemmingen ook in Nederland mogelijk
te maken. Ik ben voornemens om in het wetsvoorstel ter modernisering van de Wet op
de lijkbezorging hiervoor een regeling te treffen. Daarnaast is het advies om wetgeving
rondom menselijke reststoffen te ontwikkelen. Ten aanzien van alkalische hydrolyse
zal de resterende stof in het wetsvoorstel op gelijke wijze worden geregeld als de
as na crematie. Verder zal het effluent worden geregeld in het Besluit activiteiten
leefomgeving. Het derde advies is om nieuwe vormen van lijkbezorging te blijven toetsen.
Ook dat advies neem ik ter harte. Wanneer de benodigde informatie over humaan composteren
beschikbaar is, zal ik opnieuw advies vragen over de toelaatbaarheid van deze techniek.
Ten slotte is het advies om voor alkalische hydrolyse een handreiking te ontwikkelen
ten behoeve van de vergunningverlening door omgevingsdiensten. Het Ministerie van
Infrastructuur en Water bekijkt of een handreiking in de praktijk noodzakelijk is.
Bij de beantwoording van Kamervragen bij de begrotingsbehandeling voor 20254 heeft mijn ambtsvoorganger aangegeven dat het wetsvoorstel ter modernisering van
de Wet op de lijkbezorging in de loop van dit jaar aan uw Kamer kon worden aangeboden,
na advisering door de Raad van State. De consultatie van het conceptwetsvoorstel duurde
langer en de inbreng was ingrijpender dan oorspronkelijk voorzien. Daarnaast is ook
dit advies van de Gezondheidsraad van belang voor de modernisering. Voor een zorgvuldige
voorbereiding van deze omvangrijke modernisering blijkt daarom opnieuw meer tijd nodig.
Ik verwacht dat het wetsvoorstel in het eerste kwartaal van volgend jaar ter advisering
aan de Raad van State kan worden aangeboden.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, F. Rijkaart
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
F. Rijkaart, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties