Brief regering : Fiche: Mededeling Pact voor Middellandse Zeegebied
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4209 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 14 november 2025
Overeenkomstig de bestaande afspraken ontvangt u hierbij 4 fiches die werden opgesteld
door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissie voorstellen (BNC).
Fiche: Mededeling Apply AI-strategie (Kamerstuk 22 112, nr. 4206);
Fiche: Richtsnoeren minderjarigen online(Kamerstuk 22 112, nr. 4207);
Fiche: LGBTIQ+ Equality Strategy 2026–2030 (Kamerstuk 22 112, nr. 4208);
Fiche: Mededeling Pact voor Middellandse Zeegebied.
De Minister van Buitenlandse Zaken, D.M. van Weel
Fiche: Mededeling Pact voor Middellandse Zeegebied
1. Algemene gegevens
a) Titel voorstel
Gezamenlijke mededeling aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch
En Sociaal Comité en het Comité Van De Regio’s. het pact voor het Middellandse Zeegebied:
één zee, één pact, één toekomst
b) Datum ontvangst Commissiedocument
16 oktober 2025
c) Nr. Commissiedocument
JOIN(2025) 26
d) EUR-Lex
https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A52025JC0026…
e) Nr. impact assessment Commissie en Opinie Raad voor Regelgevingstoetsing
Niet opgesteld
f) Behandelingstraject Raad
Raad Buitenlandse Zaken
g) Eerstverantwoordelijk ministerie
Ministerie van Buitenlandse Zaken in nauwe samenwerking met het Ministerie van Asiel
en Migratie
2. Essentie voorstel
De Europese Commissie (hierna: de Commissie) en de EU Hoge Vertegenwoordiger voor
Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid publiceerden op 16 oktober jl. hun gezamenlijke
mededeling over het nieuwe Pact voor het Middellandse Zeegebied (hierna: het MedPact).
Het MedPact is de nieuwe overkoepelende EU-strategie voor de samenwerking tussen de
EU en de partners in de Zuidelijk Nabuurschapsregio, die Algerije, Egypte, Israël,
Jordanië, Libanon, Libië, Marokko, de Palestijnse gebieden, Syrië en Tunesië. Met
het MedPact legt de EU de strategische ambities voor deze regio vast en presenteert
de Unie zich als betrouwbare partner in een veranderend geopolitiek krachtenveld.
Ook biedt het MedPact een leidraad om integratie in en rond het Middellandse Zeegebied
te versterken op basis van gedeeld eigenaarschap, verantwoordelijkheid en samenwerking.
Het MedPact heeft drie nauw verbonden pijlers.
De eerste pijler, «mensen als drijvende kracht», draait om samenwerking op onderwijs,
arbeidsmarkt en demografie, en bevat vier nieuwe initiatieven.
Deze initiatieven hebben betrekking op 1) hoger onderwijs, vaardigheden, onderzoek
en innovatie; 2) het afstemmen van onderwijs en beroepsopleidingen; 3) cultuur, sport
en toerisme; en 4) het versterken van het maatschappelijk middenveld, de positie van
jongeren en lokale gemeenschappen.
De tweede pijler, »sterkere, duurzame en geïntegreerde economieën», is gericht op
de verduurzaming en integratie van economieën in de regio. Deze pilaar bevat acht
initiatieven op het gebied van 1) de modernisering en versterking van handels- en
investeringsrelaties; 2) de ontwikkeling van startups; 3) digitale infrastructuur
en cybersecurity en integratie van digitale en data-economieën; 4) hernieuwbare energie
en schone technologie; 5) regionale samenwerking op het gebied van milieu en klimaat;
6) verduurzaming van de blauwe economie; 7) transportverduurzaming; en 8) kennisdeling
ten behoeve van betere besluitvorming.
De derde pijler, «veiligheid, paraatheid en migratie», heeft betrekking op paraatheid
en weerbaarheid bij rampen, een regionale aanpak van vrede en veiligheidsvraagstukken
en een alomvattende aanpak van migratie. Op deze onderwerpen worden vijf initiatieven
voorzien: 1) de ontwikkeling van een gecoördineerde aanpak op veiligheidsthema’s;
2) versterking van de regionale weerbaarheid; 3) een gezamenlijke aanpak op migratieroutes;
4) samenwerking ten aanzien van geïntegreerd grensbeheer; en 5) juridische en politiesamenwerking.
De implementatie van het MedPact wordt in EU-verband en gezamenlijk met de landen
uit de Zuidelijk Nabuurschapsregio gemonitord. De Commissie en de Europese Dienst
voor Extern Optreden (EDEO) zijn verantwoordelijk voor de technische monitoring. De
jaarlijkse EU-Zuidelijk Nabuurschap Ministeriële bijeenkomst biedt politieke sturing
aan het MedPact. Deze bijeenkomst wordt in EU-verband voorbereid door de uitvoering
van het MedPact tweemaal per jaar in de Raad Buitenlandse Zaken te bespreken. De onder
het MedPact voorgestelde initiatieven worden in het eerste kwartaal van 2026 omgezet
in een nieuw Actieplan.
3. Nederlandse positie ten aanzien van de mededeling
a) Essentie Nederlands beleid op dit terrein
De Zuidelijk Nabuurschapsregio is van groot belang voor Nederland en de EU, met name
op het gebied van regionale veiligheid en stabiliteit, migratie, handel en economische
samenwerking. Het kabinet is voorstander van brede en strategische partnerschappen
met landen in de regio gebaseerd op wederzijds eigen belang, zoals de EU reeds aanging
met bijvoorbeeld Jordanië en Tunesië.1
De Nederlandse belangen op het gebied van veiligheid en migratie zijn nauw verweven
met de bredere regionale veiligheid en stabiliteit in het Midden-Oosten en Noord-Afrika.2 De EU-inzet is essentieel om de Nederlandse belangen te behartigen.
De Nederlandse inzet in deze regio dient dan ook complementair te zijn aan de inzet
via de EU, om zo effectief mogelijk te opereren. Om effectief in te spelen op de Nederlandse
belangen rond veiligheid en stabiliteit moet deze inzet complementair zijn aan onder
meer de Nederlandse diplomatie, programmatische inzet en militaire en civiele inzet,
evenals ingebed zijn binnen de bredere doelstellingen van Nederland.3 Zo zet Nederland zich in de regio ook in voor handel en economische samenwerking,
ten behoeve van de Nederlandse welvaart en weerbaarheid, en kan klimaatbeleid op het
gebied van water en energie bijdragen aan regionale stabiliteit.4
Bovenstaande doelstellingen behartigt het kabinet met inachtneming van bescherming
van mensenrechten, het bevorderen van de internationale rechtsorde en de uitvoering
van het Klimaatakkoord van Parijs. Deze strategische doelstellingen worden in toenemende
mate beïnvloed door veranderende geopolitieke verhoudingen. Het kabinet streeft ernaar
om een evenwicht te vinden tussen wat aansluit bij de Nederlandse belangen én de behoeften
van de landen waarmee wordt samengewerkt. Een goed gecoördineerd EU-optreden ten aanzien
van de regio kan daaraan bijdragen. Door ook door consequent voor de EU belangrijke
waarden zoals respect voor mensenrechten, goed bestuur en rechtsstaat als uitgangspunt
te hanteren kan de inzet op diverse onderwerpen als veiligheid, migratie, handel en
ontwikkelingssamenwerking elkaar versterken.5 Een positieve, toekomstgerichte agenda voor samenwerking die deze verschillende belangen
samenbrengt binnen de bredere relatie met de MENA-landen op basis van gelijkwaardigheid
is het uitgangspunt.6
b) Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel
Het kabinet verwelkomt de brede en integrale aanpak die het MedPact voorstaat ten
aanzien van de Middellandse Zeeregio. De doelstellingen in het MedPact sluiten aan
bij de Nederlandse beleidsprioriteiten in de regio en bij de doelstelling om deze
geïntegreerd te benaderen via partnerschappen, ook in EU-verband. Om dit te waarborgen
is een reguliere politieke dialoog essentieel, zoals in dit voorstel is geborgd via
de jaarlijkse ministeriële bijeenkomst en het voorgestelde netwerk van Zuidelijk Nabuurschapsgezanten.
Bij de omzetting van het MedPact naar een Actieplan zal uitvoerbaarheid een aandachtspunt
zijn. Voor het kabinet is in dat kader belangrijk dat de samenhang tussen initiatieven
in het MedPact en bestaande EU-instrumenten behouden blijft. Ook moet er synergie
bestaan met het beleid van de lidstaten. Leidraad is dat nationale bijdragen van meerwaarde
zijn op de EU-inzet en andersom.
Het kabinet waardeert dat de Commissie het MedPact vanuit breed perspectief bekijkt
en hierbij ook aandacht heeft voor het vervolgonderwijs en onderzoek en innovatie.
Het kabinet zal vragen naar de juridische grondslag voor het opstellen van een mediterrane
universiteit, en naar hoe het voorstel van de Commissie voor het oprichten van een
mediterrane universiteit zich verhoudt tot de Europese Universiteiten Allianties en
het nog niet verschenen voorstel voor een passende Europese juridische status voor
deze allianties als onderdeel van de Mededeling Vaardigheidsunie.7 Het is voor het kabinet van belang dat er duidelijkheid komt over de continuering
van de allianties en dat wat betreft het oprichten van een mediterrane universiteit
niet vooruitgelopen wordt op de beoordeling en bespreking van het voorstel voor een
juridische status. Het huidige Erasmus+ programma faciliteert reeds studiepuntmobiliteit
met landen uit de Middellandse Zeeregio. Het kabinet zal de Commissie vragen wat het
versterken van deze mobiliteit inhoudt. Ook is het voor het kabinet van belang dat
inzichtelijk wordt gemaakt hoe deze plannen in relatie staan tot het huidige en toekomstige
Erasmus+-programma en dat dit in het huidige programma niet ten koste gaat van de
reeds bestaande initiatieven.
Het initiatief voor cultuur, sport en toerisme is beperkt in reikwijdte maar sluit,
bijvoorbeeld met de inzet op digitalisering, de inzet op sport en bewegen om zowel
fysieke als mentale gezondheid te stimuleren, maatschappelijk en economisch gebruik
en bescherming van erfgoed, en aandacht voor publiek-private samenwerkingen, aan bij
kabinetsbeleid. Dit geldt ook voor de inzet om illegale handel in cultuurgoederen
tegen te gaan, al zouden meer concrete maatregelen hierbij wenselijk zijn zoals informatie-uitwisseling
en betrokkenheid van Europol. Het bevorderen van verdere uitwisseling en het koppelen
van culturele activiteiten verdient steun, hoewel er nog veel onduidelijk is ten aanzien
van de implementatie.
Het kabinet verwelkomt de nadruk op het versterken van het maatschappelijk middenveld,
jongeren- en vrouwenparticipatie, onafhankelijke media en lokale overheden en organisaties.
Deze inzet sluit aan bij het kabinetsbeleid dat civic space structureel verankert in het buitenlandbeleid en gericht is op inclusieve besluitvorming,
lokaal eigenaarschap en een veilig en veerkrachtig maatschappelijk middenveld. Het
kabinet acht het belangrijk dat de uitvoering van het MedPact vraaggestuurd en complementair
aan bestaande EU-instrumenten plaatsvindt, met betrokkenheid van lokale actoren. Het
kabinet blijft het belang van de veiligheid van mensenrechtenverdedigers en journalisten
en onafhankelijke media als integraal onderdeel van een gunstig klimaat voor het maatschappelijk
middenveld benadrukken.
Het kabinet verwelkomt de inzet van het MedPact op versterking van economische samenwerking,
handel en investeringen onder de pijler «Sterkere, duurzame en geïntegreerde economieën».
De voorgestelde maatregelen sluiten aan bij de kabinetsprioriteiten op dit terrein
in de Zuidelijke Nabuurschapsregio, zoals duurzame groei, bevordering van werkgelegenheid,
diversificatie van waardeketens en een voorspelbaar ondernemers- en investeringsklimaat.
Het kabinet benadrukt het belang van een gelijk speelveld, het adresseren van handelsbarrières
en aansluiting tussen verschillende (EU-)initiatieven.
Het kabinet is positief over de ambities om bilaterale handelsbetrekkingen te moderniseren,
de nieuwe Sustainable Investment Facilitation Agreements met geïnteresseerde partners te verkennen en in te zetten op versterking van lokaal
ondernemerschap en innovatie. Het kabinet acht het daarbij van belang dat de inzet
en uitwisseling voor digitale infrastructuur en cybersecurity in overeenstemming is
met Europese digitale rechten, waarden en standaarden.
Het kabinet verwelkomt de inzet op hernieuwbare energie, waterbeheer en duurzame connectiviteit,
die bijdraagt aan de groene en veerkrachtige transitie van de regio. De voorgestelde
samenwerking binnen het Trans-Mediterranean Renewable Energy and Clean Tech initiative sluit goed aan bij de Nederlandse ambitie om groene importcorridors en industriële
partnerschappen voor schone energie te versterken. Bij de verdere uitwerking is het
van belang dat investeringen in infrastructuur, zoals havens, pijpleidingen en energieopslag,
expliciet worden meegenomen.
De Nederlandse en Europese belangen zijn nauw verweven met de veiligheid en stabiliteit
in de Zuidelijk Nabuurschapsregio. Het kabinet verwelkomt dan ook de voorstellen onder
de derde pijler, «Veiligheid, paraatheid en migratie» om regionale samenwerking op
het gebied van veiligheid, stabiliteit en conflictpreventie te versterken. Daarbij
onderschrijft het kabinet het belang van versterkte samenwerking en whole of government om de complexe veiligheidsuitdagingen aan te pakken. In een tijd van geopolitieke
competitie is het essentieel dat de EU een volwaardige en eigenstandige veiligheidspartner
is in een aangrenzende regio waar grote belangen liggen.
Voor het kabinet is het bevorderen van de synergie tussen het NAVO Southern Neighbourhood Action Plan en het MedPact belangrijk. Nederland zal aandacht vragen voor de noodzaak om inzet
van de Europese vredesfaciliteit, NAVO-Defence Capacity Building, missies en operaties en lokaal geleide vredesopbouw op elkaar af te stemmen en synergie
te bevorderen. Het MedPact stelt voor om te onderzoeken of partnerlanden kunnen bijdragen
aan Gemeenschappelijk Veiligheids- en Defensiebeleid-missies. Het kabinet zal pleiten
om hierin duidelijke afwegingen te maken met betrekking tot effectiviteit, risico’s,
mitigerende maatregelen en diversiteit van belangen.
De nadruk op conflictbemiddeling, vredesopbouw, en capaciteitsopbouw binnen justitie-
en veiligheidssectoren sluit aan bij de inzet van het kabinet. Het kabinet zal erop
toezien dat het MedPact focust op de inachtneming van de normen inzake mensenrechten
en zal aandacht vragen voor lokaal eigenaarschap binnen conflictpreventie.
De aandacht voor grensoverschrijdende georganiseerde misdaad, radicalisering en gewelddadig
extremisme, en maritieme veiligheid weerspiegelt de Nederlandse belangen in de regio.
Het kabinet verwelkomt de inzet op versterking van de gezamenlijke aanpak van georganiseerde
criminaliteit en terrorisme in het Middellandse Zeegebied. Nederland steunt de voorgestelde
initiatieven, waaronder het opzetten van een regionale veiligheidsdialoog, het bevorderen
van uitwisseling van expertise en training, en het, waar mogelijk en nuttig, ondersteunen
van werkafspraken en internationale overeenkomsten met Europol, CEPOL, Eurojust en
het Europees Openbaar Ministerie (EOM). Deze samenwerking kan bijdragen aan betere
informatie-uitwisseling, versterkte opsporingscapaciteit en meer effectieve vervolging
van grensoverschrijdende criminaliteit.
Het kabinet verwelkomt de oproepen tot samenwerking om irreguliere migratie naar de
EU tegen te gaan, capaciteitsopbouw in de regio te vergroten, mensensmokkel en -handel
tegen te gaan, terugkeersamenwerking en herintegratie te verbeteren en het grensbeheer
te versterken. De landen in de regio zijn belangrijke partners voor zowel Nederland
als de EU daar waar het gaat om het voorkomen van irreguliere migratie en het bevorderen
van terugkeer. Voor voldoende grip op migratie in Nederland zijn afspraken met de
landen in deze regio op dat vlak essentieel en het kabinet zal zich ervoor inzetten
dat deze doelstellingen bij het verder vormgeven van de samenwerking van de EU met
deze landen een centraal thema zijn. Het kabinet zal zich er ook voor inspannen dat
zowel vrijwillige als gedwongen terugkeer expliciet benoemd worden, dat er ruimte
is voor de uitwerking van innovatieve oplossingen, waarbij gebruik moet worden gemaakt
van het brede EU-instrumentarium en oog moet worden gehouden voor de specifieke bilaterale
relatie. Tevens heeft het kabinet de voorkeur dat de term «illegale migratie» wordt
omgezet in «irreguliere migratie». Deze terminologie sluit beter aan bij de juridische
status ten aanzien van de wijze van migratie.
Het kabinet verwelkomt de oproepen tot samenwerking om irreguliere migratie naar de
EU te voorkomen, vergroten capaciteitsopbouw in de regio, tegengaan van mensensmokkel
en -handel, verbeteren van terugkeersamenwerking en herintegratie en het versterken
van grensbeheer. Het kabinet zal zich ervoor inspannen dat zowel vrijwillige als gedwongen
terugkeer expliciet benoemd worden binnen de terugkeersamenwerking en er ruimte is
voor de uitwerking van innovatieve oplossingen en heeft de voorkeur dat de term «illegale
migratie» wordt omgezet in «irreguliere migratie». Immers is de aanwezigheid van een
persoon nooit illegaal, de verblijfssituatie kan irregulier zijn verwijzend naar de
juridische status of wijze van migratie.
Het eerbiedigen van mensenrechten in lijn met internationale wet- en regelgeving,
goede monitoring daarvan en samenwerking op basis van het do no harm principe blijven voor Nederland dwarsdoorsnijdend belangrijk in samenwerking met
derde landen. Het kabinet zet zich dan ook in op adequate risico-inschatting, identificatie
van mitigerende maatregelen, monitoring en evaluatie omtrent de mensenrechtenimpact
bij de uitvoering van het MedPact. Het kabinet acht het van belang dat de EU investeert
in de bescherming en opvang van migranten op de routes. Daarom verwelkomt het kabinet
het voorstel van een regional protection project for the southern Mediterranean, alsook de voorstellen om te investeren in de capaciteit van lokale autoriteiten
die werkzaam zijn in migratiemanagement. Het kabinet zal zich ervoor inspannen dat
ondersteuning bij de opbouw van lokale asiel- en migratiemanagementsystemen hier onderdeel
van is.
De oproepen tot het versterken en uitbreiden van vormen van reguliere migratie (zoals
arbeidsmigratie) sluiten aan bij het beleid van sommige lidstaten, maar zullen volgens
het kabinet altijd vergezeld moeten gaan met waarborgen voor nationale competenties
om eigen grip op migratie te kunnen behouden. Voor het kabinet is arbeidsmigratie
geen structurele oplossing voor tekorten op de arbeidsmarkt. Het kabinet erkent wel
de noodzaak om gericht en selectief talent aan te trekken voor de Nederlandse kenniseconomie.
Het kabinet zal er zorg voor dragen dat lidstaten ruimte behouden voor een eigen invulling
van arbeidsmigratie- en arbeidsmarktbeleid.
Het kabinet verwelkomt de samenwerking op versterkt integraal grensmanagement in de
Middellandse Zeeregio en het tegengaan van drugs-, wapen- en mensenhandel door de
samenwerking tussen de partnerlanden en de relevante Europese agentschappen, waaronder
het Europese Grens- en Kunstwachtagentschap Frontex. De ontwikkeling van kleinschalige
pilotprojecten zou zich volgens het kabinet niet moeten beperken tot louter grensbeheer,
maar het hele migratiedomein moeten beslaan. Het kabinet zal zich inspannen voor een
mensgerichte, op rechten gebaseerde aanpak en een ondersteuning van justitiële en
bestuurlijke structuren in partnerlanden.
c) Eerste inschatting krachtenveld
Binnen de EU bestaat brede steun voor de partnerschapsaanpak richting de landen in
de Zuidelijk Nabuurschapsregio. Bij eerdere besprekingen van het MedPact is door EU-lidstaten
tevens steun geuit voor de inzet om voort te bouwen op bestaande initiatieven, bijvoorbeeld
op het gebied van handel en migratie.8 Wel hebben verschillende lidstaten, waaronder Nederland, aandacht voor het belang
om nationale competenties en belangen te borgen bij het aangaan van partnerschappen.
Verder hebben lidstaten aandacht gevraagd voor inclusiviteit in de samenwerking met
partnerlanden, voor financiering en voor monitoring door de Raad Buitenlandse Zaken.
Het Europees Parlement heeft de gezamenlijke mededeling over het MedPact nog niet
behandeld in een vergadering.
4. Grondhouding ten aanzien van bevoegdheid, subsidiariteit, proportionaliteit, financiële
gevolgen en gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
a) Bevoegdheid
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft betrekking op onderwijs,
onderzoek en technologische ontwikkeling; cultuur, sport en toerisme; versterken van
het maatschappelijk middenveld en onafhankelijke media (sociaal beleid); arbeidsmarkt
(werkgelegenheid); gemeenschappelijke handelspolitiek inclusief economische samenwerking,
handel en investeringen; (hernieuwbare) energie; waterbeheer (milieu); duurzame connectiviteit
(trans-Europese netwerken); migratie en justitiële samenwerking (ruimte van vrijheid,
veiligheid en recht); veiligheid en stabiliteit (gemeenschappelijk buitenlands veiligheids-
en defensiebeleid).
Op het terrein van gemeenschappelijke handelspolitiek is sprake van een exclusieve
bevoegdheid van de EU (artikel 3, lid 1, sub e) VWEU). Op het terrein van energie,
milieu, trans-Europese netwerken en ruimte van vrijheid, veiligheid en recht, is sprake
van een gedeelde bevoegdheid tussen de EU en de lidstaten (artikel 4, lid 2, sub j
VWEU). Op het terrein van onderzoek en technologische ontwikkeling hebben de EU en
de lidstaten een parallelle bevoegdheid (artikel 4, lid 3 VWEU).
Op het terrein van gemeenschappelijk buitenlands veiligheids- en defensiebeleid heeft
de EU ook bevoegdheid (artikel 2, lid 4 VWEU). Op het terrein van sociaal beleid en
werkgelegenheid heeft de EU een coördinerende bevoegdheid (artikel 5, lid 3 VWEU).
Op het terrein van onderwijs, cultuur, sport en toerisme is sprake van aanvullende
bevoegdheid van de EU (artikel 6 VWEU).
b) Subsidiariteit
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft tot doel om de strategische
samenwerking met de landen in de Middellandse Zeeregio te verdiepen en te versterken
op onder meer het gebied van onderwijs en onderzoek, cultuur, gemeenschappelijke handelspolitiek
en migratie, stabiliteit en veiligheid. Gezien het transnationale karakter van deze
doelstellingen en belangen kan dit onvoldoende door de lidstaten op centraal, regionaal
of lokaal niveau worden verwezenlijkt, daarom is een EU-aanpak op zijn plaats. Zo
wordt economische en innovatiesamenwerking efficiënter op EU niveau geregeld en zijn
migratie en veiligheid grensoverschrijdende vraagstukken. Om die redenen is optreden
op het niveau van de EU gerechtvaardigd.
c) Proportionaliteit
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft tot doel om de strategische
samenwerking met de landen in de Middellandse Zeeregio te verdiepen en te versterken
op onder meer het gebied van onderwijs en onderzoek, cultuur, gemeenschappelijke handelspolitiek
en migratie, stabiliteit en veiligheid. Het voorgestelde optreden is geschikt om deze
doelstelling te bereiken, omdat er nieuwe samenwerkingsverbanden worden voorgesteld
die voortbouwen op bestaande akkoorden, dialogen en EU instrumenten. Bovendien gaat
het voorgestelde optreden niet verder dan noodzakelijk, omdat de mededeling deze ambities
uiteenzet en ruimte laat voor de daadwerkelijke invulling van de plannen.
d) Financiële gevolgen
De implementatie van de in de mededeling genoemde voorstellen zal volgens de Commissie
geschieden binnen het huidige en toekomstige Meerjarige Financiële Kader. De Commissie
geeft aan dat de financiële instrumenten gemobiliseerd zullen worden onder de NDICI
verordening uit 2021 en de toekomstige Global Europe verordening onder het toekomstige
Meerjarig Financieel Kader. Nederland is van mening dat de benodigde EU-middelen gevonden
dienen te worden binnen de in de Raad afgesproken financiële kaders van de EU-begroting
2021–2027 en dat deze moeten passen bij een prudente ontwikkeling van de jaarbegroting.
Het kabinet wil niet vooruit lopen op de integrale afweging van middelen na 2027.
e) Gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
De mededeling heeft geen gevolgen voor de regeldruk. De voorgestelde verdere samenwerking
op het gebied economie en handel, onderwijs en innovatie, digitale infrastructuur,
connectiviteit en duurzame groei kan positieve effecten hebben op het EU-concurrentievermogen.
Nederland zet hierbij in op een zelfde mate van betrokkenheid van de «Dutch Diamond» (private en publieke partners) als bij EU Global Gateway.
De mededeling moet bijdragen aan een nauwere band met de Middellandse Zeeregio. Dit
past bij het geopolitiek belang van de regio en de inzet van het kabinet om de banden
met desbetreffende landen te versterken. De strategie kan bijdragen aan een sterkere
positie van de EU en van de partners in de Middellandse Zeeregio in de wereld. Ook
kunnen de onderdelen van het MedPact over vrede en veiligheid bijdragen aan de veerkracht
en paraatheid van de EU in de regio.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken