Brief regering : Mandaatverlening opening onderhandelingen Sustainable Investment Facilitation Agreement tussen de EU-Ecuador
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4172
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 september 2025
Op 29 juli jl. heeft de Europese Commissie (hierna: Commissie) een aanbeveling voor
een Raadsbesluit aangeboden aan de Raad, houdende de machtiging van de Commissie voor
het openen van onderhandelingen met Ecuador inzake een Sustainable Investment Facilitation
Agreement (SIFA), onder gelijktijdige voorlegging van de onderhandelingsrichtsnoeren.1
Gelet op het belang dat het kabinet hecht aan een tijdige informatievoorziening aan
uw Kamer, is ervoor gekozen uw Kamer met deze brief een appreciatie te doen toekomen
van de aanbeveling voor het Raadsbesluit, in plaats van het gebruikelijke BNC-fiche.
Deze brief is als volgt ingedeeld: eerst zal worden stilgestaan bij de inhoud van
de aanbeveling met een nadruk op doelstelling, reikwijdte en belangrijkste beginselen
voor een SIFA met Ecuador; daarna wordt nader ingegaan op de kabinetsappreciatie van
het voorgestelde onderhandelingsmandaat.
Essentie voorstel
In de voorliggende aanbeveling wordt de Raad verzocht de Commissie te mandateren om
de onderhandelingen voor de SIFA met Ecuador te openen. De toekomstige SIFA heeft
tot doel een wederzijds aantrekkelijker, transparanter en voorspelbaarder investeringsklimaat
te bevorderen, met als oogmerk het stimuleren van duurzame, wederzijds voordelige
investeringen. Door het wegnemen van belemmeringen en het stroomlijnen van procedures
moet het voor bedrijven makkelijker worden om investeringen te doen, met in het bijzonder
aandacht voor het midden- en kleinbedrijf. Op deze manier kan de werking van de SIFA
Ecuador ondersteunen bij het aantrekken van directe buitenlandse investeringen, met
inachtneming van de normen op het gebied van milieu, arbeidsrechten en klimaat. Op
die manier zou deze overeenkomst duurzame ontwikkeling, economische groei en werkgelegenheid
bevorderen. Tegelijkertijd draagt de SIFA op deze manier bij aan een gunstiger investeringsklimaat
in Ecuador voor Nederlandse en Europese bedrijven. Met name de afspraken over transparantie
en gestroomlijnde procedures kunnen het investeringsklimaat voor Nederlandse en Europese
bedrijven geleidelijk verbeteren.
De overeenkomst beoogt de instroom, uitbreiding en het behoud van directe buitenlandse
investeringen tussen de EU en Ecuador te versterken via moderne en vereenvoudigde
regels en procedures, gebaseerd op transparantie, stabiliteit, openheid en onpartijdigheid.
De bepalingen zijn van toepassing op alle economische sectoren en beslaan de volledige
investeringscyclus, van voorbereiding van mogelijke investeringen tot post-investment.
De overeenkomst zal voortbouwen op de uitkomsten van de onderhandelingen over investeringsfacilitatie
voor ontwikkeling (IFD) binnen de Wereldhandelsorganisatie (WTO), en rekening houden
met de specifieke ontwikkelingsuitdagingen van Ecuador. Beide partijen behouden volledige
beleidsvrijheid om investeringsactiviteiten binnen hun grondgebied te reguleren in
lijn met nationale beleidsdoelstellingen.
De overeenkomst richt zich uitsluitend op de facilitering van directe buitenlandse
investeringen. Er worden nadrukkelijk geen verplichtingen gecreëerd op het gebied
van investeringsbescherming, geschillenbeslechting tussen investeerders en staten,
markttoegang of visumprocedures voor zakelijke doeleinden. Deze onderwerpen vallen
buiten de reikwijdte van dit mandaat. Zaken omtrent investeringsbescherming en geschillen
tussen investeerders en staten worden geregeld in investeringsbeschermingsovereenkomsten
(IBO’s).
Het Multiparty Trade Agreement tussen de EU en de Andeslanden2, waaronder Ecuador, bevat reeds afspraken over diensten en investeringen, inclusief
markttoegang en nationale behandeling. De SIFA zal hierop voortbouwen door de implementatie
en benutting van investeringsmogelijkheden verder te verbeteren.
Tot slot voorziet de overeenkomst in bepalingen ter bevordering van transparantie,
administratieve vereenvoudiging, participatie van belanghebbenden en duurzaamheid.
Dit omvat onder meer digitale indiening van documenten, toegankelijke informatievoorziening,
verbeterde publieke consultaties, samenwerking op het gebied van milieu, arbeidsnormen
en verantwoord ondernemen, en institutionele samenwerking voor capaciteitsopbouw en
geschillenpreventie.
Nederlandse positie ten aanzien van het voorstel
Essentie Nederlands beleid op dit terrein
Het kabinet onderschrijft het belang van een actief handelsbeleid, waarin handels-
en investeringsverdragen een centrale rol vervullen. Tegelijkertijd blijft het van
belang om actief te zoeken naar nieuwe mogelijkheden om internationale partnerschappen
uit te breiden en zodoende het concurrentievermogen en de kansen van Nederlandse bedrijven
in het buitenland te versterken. Daarnaast richt het kabinet zich op het verminderen
van kwetsbaarheden in strategische waardeketens en het beheersen van de risico’s die
voortvloeien uit geopolitieke verschuivingen. Een belangrijk middel hiertoe is het
verbreden en diversifiëren van handels- en investeringspartners. Het aangaan van partnerschappen
zoals de SIFA met Ecuador past in dit beleid. In reeds gepubliceerde initiatieven
van de Commissie zoals het EU-kompas voor concurrentievermogen3 zijn doelstellingen vastgelegd die gericht zijn op het verdiepen en aangaan van nieuwe
strategische samenwerkingen, met het oog op het bevorderen van de Europese welvaart
en het versterken van de internationale slagkracht van het Europese bedrijfsleven.
Het afsluiten van overeenkomsten zoals SIFA’s is een belangrijk onderdeel van de inzet
op dit terrein. Uw Kamer is over het EU-kompas voor concurrentievermogen geïnformeerd
op 7 maart 2025 middels een BNC-fiche.4
Het Nederlandse handelsbeleid, zoals uiteengezet in de beleidsagenda Buitenlandse
Handel5, is primair gericht op het creëren van kansen voor Nederlandse ondernemers, en draagt
daarnaast bij aan de ontwikkeling van een eerlijker en effectiever mondiaal handels-
en investeringssysteem – ook voor ontwikkelingslanden. In dit kader ziet Nederland
toegevoegde waarde in het verduurzamen van investeringsrelaties met opkomende economieën
in Latijns-Amerika, omdat dit kan bijdragen aan bredere economische ontwikkeling,
interne stabiliteit en maatschappelijke vooruitgang in deze landen, zoals beschreven
in de nieuwe agenda voor de betrekkingen tussen de EU en Latijns-Amerika en het Caribisch
gebied.6 Uw Kamer is hierover geïnformeerd op 14 juli 2023, middels een BNC-fiche.7
Beoordeling en inzet ten aanzien van het voorstel
Het kabinet acht het versterken en verduurzamen van de investeringsrelatie met Ecuador
wenselijk. Door middel van investeringsfacilitatie probeert de EU een transparanter,
efficiënter en voorspelbaarder ondernemingsklimaat voor investeerders te bevorderen,
met name gericht op het midden- en kleinbedrijf.
De voorgestelde inzet ter verdieping van internationale partnerschappen past binnen
de Nederlandse ambitie om handels- en investeringsrelaties te benutten voor economische
groei, innovatie en verduurzaming. Daarbij acht het kabinet het van belang dat nieuwe
initiatieven bijdragen aan het verbeteren van de toegang tot investeringsmogelijkheden
voor Nederlandse ondernemers, onder gelijktijdige bevordering van duurzame ontwikkeling
en stabiliteit in partnerlanden.
Nadat Ecuador de investeringsbeschermingsovereenkomst met Nederland (tot stand gekomen
op 27-6-1999) heeft opgezegd in 2017, heeft Nederland in 2019 verkennende gesprekken
met Ecuador gevoerd over de onderhandeling van een nieuwe investeringsbeschermingsovereenkomst
op basis van de Nederlandse modeltekst. Sindsdien zijn er geen verdere stappen ondernomen.
De beleidskeuze van het vorige kabinet om de prioriteit te leggen bij de heronderhandeling
van bestaande investeringsbeschermingsovereenkomsten ligt hieraan ten grondslag.
Bevoegdheid, subsidiariteit en proportionaliteit
Als onderdeel van de bevoegdheidstoets beoordeelt het kabinet of de EU handelt binnen
de grenzen van de bevoegdheden die haar door de lidstaten zijn toegekend in de EU-verdragen,
met het oog op het realiseren van de daarin vastgelegde doelstellingen. Het oordeel
van het kabinet is positief. De aanbeveling is gebaseerd op artikel 207 van het Verdrag
betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). Dit artikel geeft de EU de bevoegdheid
tot het vaststellen van maatregelen ter uitvoering van het gemeenschappelijk handelsbeleid.
Het kabinet kan zich vinden in deze rechtsgrondslag. Op het terrein van de gemeenschappelijke
handelspolitiek is sprake van een exclusieve bevoegdheid van de EU (artikel 3, lid
1 VWEU).
Op grond van artikel 218, lid 3, VWEU kan de Commissie aanbevelingen doen aan de Raad
voor de vaststelling van een Raadsbesluit waarbij machtiging wordt gegeven om onderhandelingen
te openen met derde landen of internationale organisaties en de onderhandelaar namens
de Unie aan te wijzen. Op grond van art. 218, lid 4, VWEU kan de Raad de onderhandelaar
onderhandelingsrichtsnoeren meegeven en een bijzonder comité aanwijzen in overleg
waarmee de onderhandelingen moeten worden gevoerd.
Het subsidiariteitsbeginsel is niet van toepassing, gegeven de exclusieve bevoegdheid
van de EU ten aanzien van deze aanbeveling.
Als onderdeel van de toets of de EU mag optreden conform de EU-verdragen toetst het
kabinet of de inhoud en vorm van het optreden van de Unie niet verder gaan dan wat
nodig is om de doelstellingen van de EU-verdragen te verwezenlijken (het proportionaliteitsbeginsel).
Het oordeel van het kabinet is positief. De aanbeveling heeft tot doel een wederzijds
aantrekkelijker, transparanter en voorspelbaarder investeringsklimaat te bevorderen
tussen de EU en Ecuador. Het voorgestelde optreden is geschikt om de doelstelling
te realiseren omdat een overeenkomst bepalingen zou bevatten over bijvoorbeeld over
digitale indiening van documenten, toegankelijke informatievoorziening, verbeterde
publieke consultaties. Dit sluit aan bij de bredere EU-strategie om de samenwerking
met Latijns-Amerika te verdiepen. Daarnaast gaat de aanbeveling niet verder dan noodzakelijk,
omdat geen voorstellen zijn opgenomen die het doel, overwegend het faciliteren van
duurzame investeringen, overstijgen. Het voorgestelde mandaat richt zich uitsluitend
op maatregelen die essentieel zijn om de doelstelling te bereiken, zoals het vergroten
van transparantie, het waarborgen van rechtszekerheid en het verbeteren van de toegang
tot investeringsinformatie.
Financiële gevolgen, regeldruk & administratieve lasten, concurrentiekracht en geopolitiek
Er zijn geen financiële implicaties voorzien voor Nederland wanneer een akkoord tussen
de EU en Ecuador tot stand zou komen. Indien financiële EU-middelen nodig zijn voor
technische assistentie bij de implementatie van het akkoord, stelt Nederland zich
op het standpunt dat die gevonden dienen te worden binnen de bestaande financiële
kaders van de EU-begroting 2021–2027.
Er worden geen extra regeldruk en administratieve lasten voorzien. Het Europese en
Nederlandse investeringsbeleid is reeds zodanig transparant, gestroomlijnd en inclusief
dat geen aanvullende lasten worden verwacht.
Wat betreft de gevolgen voor de concurrentiekracht wordt verwacht dat een toekomstig
SIFA met Ecuador – waarin afspraken zijn opgenomen over verbeterde informatievoorziening
en grotere voorspelbaarheid van nationale investeringsregelgeving – zal bijdragen
aan een gunstiger investeringsklimaat voor het Europese en Nederlandse bedrijfsleven.
Op geopolitiek vlak kan een SIFA met Ecuador bijdragen aan een verdieping van de handels-
en investeringsrelatie tussen de EU en Latijns-Amerika, en daarmee aan het bredere
streven van de EU om haar strategische positie wereldwijd te versterken.
Conclusie
Het kabinet is positief over de aanbeveling voor een onderhandelingsmandaat voor een
SIFA met Ecuador en is voornemens in te stemmen met het Raadsbesluit. Uw Kamer zal
over de voortgang van de onderhandelingen worden geïnformeerd via de voortgangsrapportage
handelsakkoorden. Voorafgaand aan besluitvorming over een eventueel onderhandelingsresultaat
zal uw Kamer worden geïnformeerd inclusief een appreciatie van het kabinet.
De Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,
A. de Vries
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
A. de Vries, staatssecretaris van Buitenlandse Zaken