Brief regering : Leveringen militaire goederen aan Oekraïne
22 054 Wapenexportbeleid
36 045
Situatie in de Oekraïne
Nr. 390
BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 24 mei 2023
In vervolg op de vorige update van leveringen van militaire goederen aan Oekraïne
(Kamerstukken 22 054 en 36 045, nr. 387), informeer ik u, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken en de Minister voor
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking in bijgaande vertrouwelijke bijlage1 over de laatste stand van zaken omtrent de levering van militaire goederen aan Oekraïne.
De vertrouwelijke bijlage bevat een totaaloverzicht van de tot en met 16 mei 2023
door Defensie geleverde goederen. Zoals gebruikelijk zijn lopende trajecten hier niet
in meegenomen.
In het openbare overzicht meldt het kabinet enkel de leveringen die nieuw zijn ten
opzichte van het hier geboden overzicht. Per levering wordt een afweging gemaakt of
openbaarmaking mogelijk is. De operationele veiligheid blijft leidend in de afweging
om informatie al dan niet openbaar te maken. Ook houdt Defensie rekening met de belangen
van bij leveringen betrokken derde partijen zoals bondgenoten, partners en de industrie.
Opleiden Oekraïense vliegers F-16
Ook maak ik graag van deze brief gebruik om uw Kamer te informeren over het voornemen
Oekraïense vliegers op te leiden op de F-16. Na de goedkeuring van de Verenigde Staten
werken wij aan een plan om zo snel mogelijk te kunnen starten met de trainingen van
Oekraïense piloten en kijken we naar de mogelijkheden om op langere termijn en op
duurzame wijze invulling te geven aan de trainingsbehoefte. Nederland trekt hierin
nauw op met Denemarken, België en het Verenigd Koninkrijk, in de toekomst eventueel
aangevuld met andere partners en de industrie. Uw Kamer wordt over de precieze modaliteiten
van de trainingen geïnformeerd zodra die concreet zijn ingevuld. Eventuele levering
van F-16 gevechtsvliegtuigen vergt een additioneel besluitvormingsproces.
Nederlandse militaire steun
Het onderstaande overzicht bevat een weergave van de sinds 13 april 2023 aan Oekraïne
geleverde militaire goederen, rekening houdend met operationele veiligheid(-soverwegingen).
Deze lijst is niet uitputtend.
• Luchtverdedigingssystemen
Bofors 40L70 40mm luchtdoelkanonnen (14).
• Munitie
Diverse soorten kleinkaliber munitie voor individuele wapens.
• Sensoren en waarnemingsmiddelen
Nachtzichtmiddelen.
• Bruggen
Baileybruggen (3).
• Voertuigen (186)
4-tonner vrachtwagens (150) en vrachtwagens voor brandstoftransport (12); motorfietsen
(24).
• De-mining equipment (51)
Zoals «Portable line charges» voor mijndoorbraak en Bozena (1).
• Aggregaten (1)
• Reservedelen voor diverse soorten voertuigen en (wapen-)systemen
• Logistiek materiaal (22)
Zoals hijskranen (17); shovels (1); heftrucks t.b.v. vrachtwagens (4).
• Persoonlijke uitrusting, waaronder kleding, helmen, scherfvesten
• Brandstoffen, zoals diesel en kerosine
Financiële stand van zaken levering van militaire goederen
De totale waarde van de geleverde militaire steun aan Oekraïne bedroeg op 16 mei 2023
ongeveer 1,6 miljard euro.2 De Nederlandse steun bestaat uit:
• Directe levering: Tot en met 16 mei is ruim 732 miljoen euro aan materiële steun geleverd. Dit bedrag
betreft de boekwaarde van het geleverde materieel. In de vorige Kamerbrief update
leveringen militaire goederen aan Oekraïne (Kamerstukken 22 054 en 36 045, nr. 387) stond de boekwaarde van het geleverde materieel op ruim 588 miljoen euro. Zoals
in de vorige update vermeld, wil Defensie het geleverde materieel waar nodig zo spoedig
mogelijk aanvullen of vervangen. De totale vervangingswaarde van de materiële steun
bedroeg op 16 mei 2023 in totaal 1,3 miljard euro. In de vorige Kamerbrief (Kamerstukken
22 054 en 36 045, nr. 387) stond de totale vervangingswaarde van de materiële steun op 912 miljoen euro (peildatum
5 april 2023).
• Commerciële levering: De waarde van de commercieel verworven militaire goederen ten behoeve van Oekraïne
bedraagt op dit moment circa 148 miljoen euro (t.o.v. 121 miljoen op 5 april jl.).3
• Bijdrage International Fund for Ukraine: Nederland heeft een bijdrage gedaan van 100 miljoen euro voor het International Fund for Ukraine (IFU), zoals eerder met de Kamer gedeeld (Kamerstukken 22 054 en 36 045, nr. 377). Het IFU is een belangrijke manier voor de deelnemende landen om direct bij de industrie
goederen te kopen voor steun aan Oekraïne. Het IFU is bezig met de tweede tranche.
• NAVO-trustfund: Nederland draagt 100 miljoen euro bij aan het NAVO Ukraine Comprehensive
Assistance Package (UCAP). Uit het UCAP levert NAVO niet-letale steun als brandstof,
medische voorzieningen, winteruitrusting en drone jammers, zoals eerder met de Kamer
gedeeld (Kamerstukken 22 054 en 36 045, nr. 377 en Kamerstukken 22 054 en 36 045, nr. 387).
Bijdrage aan gemeenschappelijke aanschaf 155mm munitie
Nederland draagt 130 miljoen euro bij aan het initiatief van het Europese defensieagentschap
(EDA) en 130 miljoen euro aan het Duits initiatief, waar ook Denemarken aan deelneemt,
zoals eerder met uw Kamer is gedeeld (Kamerstukken 36 045 en 22 054, nr. 157).4
Toetsing
Voor alle leveringen is, waar nodig, een zorgvuldige, maar gezien de uitzonderlijke
omstandigheden versnelde, toetsing aan de EU wapenexportcriteria verricht door de
Minister van Buitenlandse Zaken waarna door de Minister voor Buitenlandse Handel en
Ontwikkelingssamenwerking een exportvergunning is afgegeven.5 Ook bij eventuele nieuwe leveringen zal deze zorgvuldige en versnelde toetsing plaatsvinden.
Effecten krijgsmacht
De effecten van de geleverde steun op de gereedheid van de Nederlandse strijdkrachten
blijven, gezien de omstandigheden, door Defensie als acceptabel beoordeeld. De voortdurende
ondersteuning van Oekraïne en met name leveringen uit (operationele) voorraden hebben
consequenties voor de eigen gereedstelling en inzet. Daarnaast heeft de voortdurende
militaire steun aan Oekraïne een vertragend effect op verwervingsprojecten. Defensie
neemt maatregelen om deze gevolgen te mitigeren. Zo zijn er maatregelen om de aankoop
van vervangend materieel te versnellen en wordt project- en inkoopcapaciteit versterkt.
Echter, de markt voor defensiematerieel staat momenteel onder druk en de prijzen voor
verschillende soorten materieel stijgen daardoor snel. Daarmee leidt de geleverde
steun tot langdurige effecten op de gereedheid van onze krijgsmacht, die onder de
huidige omstandigheden acceptabel zijn. Het kabinet houdt ook bij toekomstige verzoeken
aandacht voor de effecten op de gereedheid.
Europese Vredesfaciliteit
Vanuit de Europese Vredesfaciliteit (European Peace Facility – EPF) is momenteel 3,5 miljard euro beschikbaar gesteld als compensatie voor levering
van militair materieel vanuit de EU-lidstaten aan Oekraïne. Daarnaast is 1 miljard
euro gealloceerd voor de levering van munitie uit eigen voorraden en nog eens 1 miljard
voor de gezamenlijke aanschaf van munitie bij de Europese industrie. Tot eind november
2022 heeft Nederland voor ongeveer 285 miljoen euro aan prioritaire leveringen gedeclareerd.
Omdat het totaal aan ingediende declaraties van de lidstaten groter is dan het beschikbare
budget worden declaraties niet volledig gecompenseerd. Het vergoedingspercentage ligt
gemiddeld op 50%. Nederland krijgt voor de geleverde steun ter waarde van 285 miljoen
euro (tot eind november 2022) ruim 145 miljoen euro gecompenseerd. Hierin is een correctie
meegenomen ten opzichte van de leveringenbrief van 13 april 2023, waarin per abuis
een onjuist bedrag was opgenomen. Bestluitvorming over vergoedingen voor leveringen
vanaf december 2022 loopt nog. In totaal heeft Nederland tot en met 6 april 2023 565
miljoen euro gedeclareerd. Uw Kamer wordt via de reguliere leveringenbrieven op de
hoogte gehouden van declaraties en compensatie via de EPF.
De Minister van Defensie,
K.H. Ollongren
Indieners
-
Indiener
K.H. Ollongren, minister van Defensie