Brief regering : Besluit advies Gezondheidsraad over vaccinatie van jongeren vanaf 12 jaar
25 295 Infectieziektenbestrijding
Nr. 1338
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 30 juni 2021
Hierbij informeer ik uw Kamer over het beschikbaar stellen van de COVID-19-vaccinatie
aan jongeren vanaf 12 jaar. Ik heb in mijn Kamerbrief van 9 juni jl.1 al aangegeven dat ik me, naast het bereiken van verdere gezondheidswinst, vanuit
epidemiologisch en maatschappelijk oogpunt zou kunnen voorstellen dat gezonde jongeren
op korte termijn in aanmerking komen voor vaccinatie tegen het coronavirus. De Gezondheidsraad
heeft zich de afgelopen weken over dit vraagstuk gebogen, en mij op 29 juni jl. het
advies «Vaccinatie van adolescenten tegen COVID-19» doen toekomen (zie bijlage)2. Zoals ik ook in mijn brief van 9 juni jl. heb benoemd, is het vaccineren van alle
jongeren vanaf 12 jaar een complex vraagstuk dat vraagt om een bredere maatschappelijke,
medische, epidemiologische, ethische en juridische afweging. Thema’s die ook in het
maatschappelijke debat over dit onderwerp een belangrijke rol spelen. De Gezondheidsraad
heeft de verschillende afwegingen en invalshoeken zorgvuldig gewogen en komt op basis
hiervan met een positief advies over het vaccineren van jongeren vanaf 12 jaar met
het BioNTech/Pfizer vaccin. Ik neem dit advies over en licht mijn besluit in deze
brief verder toe.
Advisering COVID-19-vaccinatie voor jongeren
In de afgelopen periode is in een aantal stappen nagedacht over en besloten tot het
beschikbaar stellen van COVID-19-vaccins aan de groepen jonger dan 18 jaar. Op 2 maart
jl. heb ik de Gezondheidsraad verzocht te adviseren over het aanbieden van een COVID-19-vaccinatie
aan mensen onder de 18 jaar. Ik heb de Gezondheidsraad toen ook gevraagd met welke
vaccins dit zou kunnen en of het raadzaam is de omgeving van jongeren te vaccineren
(ringvaccinatie) indien zij zelf geen vaccin kunnen ontvangen. De Gezondheidsraad
heeft op 9 april jl. een eerste advies uitgebracht over het vaccineren van 16- en
17-jarigen uit medische hoogrisicogroepen (Kamerstuk 25 295, nr. 1105).3 Zij hebben de mogelijkheid gekregen zich te laten vaccineren met het BioNTech/Pfizer-vaccin,
aangezien dit vaccin als enige geregistreerd was vanaf 16 jaar. Een maand later, op
28 mei jl., heeft het Europees Medicijnagentschap (EMA) het vaccin van BioNTech/Pfizer
ook positief beoordeeld voor gebruik bij kinderen vanaf 12 jaar oud.
De Gezondheidsraad heeft naar aanleiding van dit positieve oordeel op 9 juni jl. het
advies «Vaccinatie van kinderen met een medisch risico en ringvaccinatie» uitgebracht
(Kamerstuk 25 295, nr. 1285).4 De Gezondheidsraad doet in dit advies de aanbeveling alle jongeren met een verhoogd
medisch risico een COVID-19-vaccinatie aan te bieden, evenals gezonde jongeren die
bijvoorbeeld een ernstig zieke huisgenoot hebben. Ik heb het advies van de Gezondheidsraad
overgenomen. Sinds 22 juni kunnen de eerste jongeren met een medisch risico een afspraak
bij de GGD maken voor vaccinatie met het BioNTech/Pfizer-vaccin. Er zijn momenteel
nog geen andere vaccins toegelaten op de Europese markt voor mensen onder de 18 jaar.
De beoordeling van het coronavaccin van fabrikant Moderna voor jongeren van 12 jaar
tot en met 17 jaar is reeds gestart. Het is de verwachting dat het EMA binnenkort
met een uitspraak komt.
Advies over alle jongeren
Op 29 juni heeft de Gezondheidsraad ook positief geadviseerd over het beschikbaar
stellen van het BioNTech/Pfizer-vaccin voor alle jongeren vanaf 12 jaar die daar gebruik
van willen maken. Daarbij heeft de Gezondheidsraad niet alleen gekeken naar de directe
en indirecte gezondheidseffecten voor deze groep, maar ook naar de veiligheid van
vaccinatie voor jongeren en de effecten op de samenleving als geheel.
Directe en indirecte gezondheidseffecten
De Gezondheidsraad geeft in het advies aan dat vaccinatie van jongeren van 12–17 jaar
zowel directe als indirecte gezondheidswinst oplevert en geeft daarvoor drie redenen:
1) Het bij een (beperkte) groep voorkomen van ernstige ziekte en ziekenhuisopname. Hoewel COVID-19 in de meeste gevallen mild verloopt bij jongeren, bestaat er ook
een kleine groep bij wie de ziekte een ernstiger beloop kent en voor wie ziekenhuisopname
noodzakelijk is. De Gezondheidsraad schrijft in het advies dat 101 jongeren in de
leeftijd van 13 tot en met 17 jaar als gevolg van COVID-19 in het ziekenhuis opgenomen
zijn geweest in de periode september 2020 – mei 2021. Ongeveer de helft van deze groep
had geen onderliggende aandoening. In de leeftijdsgroep 15–19 jaar zijn twee jongeren
overleden als gevolg van COVID-19. De raad beschrijft daarnaast een specifieke complicatie
van COVID-19 bij kinderen en adolescenten die tot nu toe bij 83 Nederlandse kinderen
en adolescenten is vastgesteld: Multisystem Inflammatory Syndrome – Children (MIS-C); een ernstige algemene ontstekingsreactie waarbij meerdere orgaansystemen,
zoals het hart en de spijsverteringsorganen, zijn aangedaan en die levensbedreigend
kan zijn.
2) Het voorkomen van langdurige ziekte bij een mogelijk grotere groep adolescenten en jongeren. De Gezondheidsraad benoemt
dat er aanwijzingen zijn dat kinderen en adolescenten ook langdurige klachten kunnen
ontwikkelen na een COVID-19-infectie («Long COVID»), net als volwassenen. Deze langdurige
klachten na infectie zijn minder ernstig dan MIS-C, maar treffen mogelijk een grotere
groep jongeren.
3) Het indirect voorkomen van negatieve effecten op de (mentale) gezondheid en algemeen
welbevinden van jongeren. De Gezondheidsraad geeft aan dat jongeren gedurende de pandemie beperkingen ervaren
hebben in de toegang tot medische zorg, (fysiek) onderwijs, sportactiviteiten en sociale
contacten. Er zijn aanwijzingen dat de mentale gezondheid van jongeren tijdens de
pandemie is verslechterd, onder andere door noodzakelijke maatregelen die zijn genomen
om verspreiding van het virus te beperken, zoals het sluiten van scholen. Op basis
van modelleringsonderzoek van het RIVM concludeert de Gezondheidsraad dat niet kan
worden uitgesloten dat bij een sterke toename van de infectiedruk in de winter, opnieuw
beperkende preventieve maatregelen nodig zijn. Er wordt rekening gehouden met de mogelijkheid
dat het reproductiegetal (gemiddeld aantal mensen dat besmet wordt door een persoon
die een infectie heeft) in de winter boven de 1 uitkomt. In dit ongunstige scenario
kunnen scholen een reservoir vormen voor SARS-CoV-2-infecties, waarvoor sluiting van
scholen als maatregel opnieuw overwogen zou kunnen worden. De Gezondheidsraad geeft
aan dat vaccinatie van jongeren de kans verkleint dat zij (individueel of per schoolklas)
in quarantaine moeten in de winter.
Veiligheid en mogelijke bijwerkingen
De Gezondheidsraad geeft aan dat ook jongeren na vaccinatie tijdelijk last kunnen
hebben van klachten zoals vermoeidheid, hoofdpijn, spierpijn of koorts. Deze klachten
zijn ook bij jongeren kortdurend. Daarnaast besteedt de raad, net als in het advies
van 9 juni jl., aandacht aan de meldingen van myocarditis en pericarditis die momenteel
door het EMA worden onderzocht. In Europa gaat het om 122 meldingen van myocarditis
en 126 meldingen van pericarditis op in totaal 160 miljoen toegediende doses van het
BioNTech/Pfizer-vaccin. De Gezondheidsraad benoemt dat de meldingen vooral voorkwamen
bij mannen jonger dan 30 jaar en dat deze in de meeste gevallen (circa 95%) mild verliepen.
De Gezondheidsraad schrijft ook dat myocarditis en pericarditis verschillende oorzaken
kunnen hebben en dat de klachten in algemene zin bij 1 tot 10 op de 100.000 mensen
per jaar worden gerapporteerd. Dergelijke hartproblemen worden ook regelmatig gezien
na infectie met het coronavirus. Voor de Gezondheidsraad is een belangrijke factor
dat myocarditis en pericarditis bekende ziektebeelden zijn, die goed behandeld kunnen
worden en in de meeste gevallen geen restverschijnselen geven. Ook het Amerikaanse
Centers for Disease Control and Prevention heeft aangegeven dat de voordelen van vaccinatie opwegen tegen de nadelen en adviseert
de vaccinatie met het BioNTech/Pfizer-vaccin ook bij jongeren voort te zetten. De
berichtgeving van de FDA en CDC en de bevindingen uit Europa, Nederland, Israël en
de VS zijn meegewogen in de afweging die de Gezondheidsraad heeft gemaakt.
Effect op de samenleving
Vaccinatie voorkomt tot op zekere hoogte ook transmissie. De Gezondheidsraad geeft
in het advies aan dat ook het vaccineren van 12 tot en met 17 jarigen een effect heeft
op de verspreiding van het virus en nieuwe varianten. Uit modelleringsonderzoek van
het RIVM komt naar voren dat het vaccineren van jongeren vanaf 12 jaar bij een vaccinatiegraad
van 65–85% kan zorgen voor een afname in het reproductiegetal van 20–35%. Daarmee
wordt ook een afname verwacht van het aantal infecties, ziekenhuisopnames, IC-opnames
en sterfte bij volwassenen. Dit levert volgens de Gezondheidsraad gezondheidswinst
op voor de samenleving als geheel. De Gezondheidsraad schrijft ook dat het goed mogelijk
is dat het reproductiegetal in het najaar hoger uitvalt, in het geval verschillende
virusvarianten circuleren en vaccinatie geen levenslange bescherming biedt.
Vaccineren van jongeren in andere landen
De Gezondheidsraad geeft ook aan dat verschillende andere landen inmiddels zijn overgegaan
op het vaccineren van jongeren vanaf 12 jaar. In Europa zijn Duitsland, Frankrijk,
Spanje en Roemenië van plan om alle jongeren vanaf 12 jaar vaccinatie aan te bieden.
Buiten Europa adviseren o.a. de Verenigde Staten en Canada vaccinatie van jongeren
vanaf 12 jaar.
Conclusie
Op basis van bovenstaande afwegingen komt de Gezondheidsraad tot de conclusie dat
het beschikbaar stellen van het Pfizer/BioNTech-vaccin aan jongeren in de leeftijd
12 tot en met 17 jaar zinvol en verantwoord is en zowel de directe als indirecte belangen
van het kind dient.
Reactie op het advies
Ik dank de Gezondheidsraad voor het brede en zorgvuldige advies dat zij hebben opgesteld,
en ik neem dit advies over. Dat betekent dat alle jongeren vanaf 12 jaar de gelegenheid
krijgen om zich te laten vaccineren tegen het coronavirus, als zij dat willen.
Gezondheidsbelangen voor jongeren
Uit het advies van de Gezondheidsraad komt duidelijk naar voren dat het aanbieden
van de COVID-19-vaccinatie aan jongeren vanaf 12 jaar leidt tot gezondheidswinst.
Dat is allereerst in het belang van de jongeren zelf. Zoals de Gezondheidsraad in
het advies aangeeft, kunnen jongeren (langdurig) klachten ondervinden als gevolg van
COVID-19. Daarom vind ik het belangrijk om de mogelijkheid van bescherming tegen het
virus beschikbaar te maken voor deze groep. Daarnaast heeft de pandemie het afgelopen
jaar veel gevraagd van jongeren. Zo hebben scholen de deuren moeten sluiten om verspreiding
van het virus tegen te gaan en dat heeft veel impact gehad op het dagelijks leven
en welbevinden van veel jongeren. De sociale gevolgen van thuis blijven, vrienden
enkel op afstand zien en weg blijven van school spelen een belangrijke rol bij mijn
besluit. De Gezondheidsraad geeft aan dat vaccinatie van jongeren kan leiden tot minder
viruscirculatie binnen deze groep en dat zorgt er mogelijk voor dat minder beperkende
maatregelen nodig zijn die een negatieve invloed hebben op jongeren.
Daarmee biedt vaccinatie niet alleen directe bescherming tegen COVID-19, maar is het
voor jongeren ook de sleutel naar meer vrijheid: weer zorgeloos naar school kunnen,
met vrienden of vriendinnen afspreken, of een bijbaantje oppakken. Ook de Nederlandse
Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK) onderstreept dat het belangrijk is alle jongeren
de gelegenheid te bieden zich te laten vaccineren. De NVK vindt dat de voordelen van
vaccinatie opwegen tegen de kleine kans op bijwerkingen.
Zorgvuldige beoordeling van veiligheid en mogelijke bijwerkingen
Ik begrijp heel goed dat ouders en jongeren vragen hebben over de COVID-19-vaccinatie,
en met name als het gaat om de veiligheid van het vaccin en de mogelijke bijwerkingen.
Ik vind het belangrijk om hier nogmaals te benadrukken dat alle vaccins zorgvuldig
worden beoordeeld op werkzaamheid, kwaliteit én veiligheid. Het EMA en het CBG stellen
hoge eisen aan vaccins en hanteren zeer strenge criteria, die hetzelfde zijn als bij
de toelating van andere vaccins. Ook na toelating moeten vaccinproducenten maandelijks
een extra veiligheidsrapportage inleveren bij het EMA.
Inmiddels is bij volwassenen op zeer grote schaal ervaring met het gebruik van het
BioNTech/Pfizer-vaccin. Het geneesmiddelenbeoordelingscomité van het EMA heeft daarnaast
ook goed gekeken naar de onderzoeken die zijn gedaan bij jongeren. Het vaccin is op
2.260 jongeren tussen de 12 en 16 jaar getest. Het CBG geeft aan dat de immuunrespons
bij deze groep vergelijkbaar is met die van mensen tussen de 16 en 25 jaar die de
prik kregen. Daarom kan van onderzoeken in beide groepen gebruik worden gemaakt om
de betrouwbaarheid bij jongeren te beoordelen. Op basis van deze beschikbare studies
en de ervaringen in bijvoorbeeld de Verenigde Staten, waar al miljoenen jongeren vanaf
12 jaar zijn gevaccineerd, geeft het EMA aan dat de voordelen van het vaccin opwegen
tegen de mogelijke bijwerkingen bij de leeftijdsgroep 12 tot 15 jaar. Ik hecht veel
waarde aan deze zorgvuldige beoordeling en ben daarmee van mening dat het beschikbaar
stellen van vaccins aan de groep jongeren vanaf 12 jaar voldoende veilig en verantwoord
is.
Epidemiologische effecten van vaccinatie bij jongeren
De Gezondheidsraad schrijft daarnaast dat het vaccineren van jongeren een belangrijke
bijdrage levert aan het beschermen van de samenleving als geheel. Uit de modelleringsstudies
van het RIVM, die voor dit advies zijn gebruikt, blijkt dat vaccinatie van jongeren
vanaf 12 jaar zorgt voor minder verspreiding van het virus en daarmee voor minder
ziekenhuisopnames onder volwassenen. De kans dat het reproductiegetal deze winter
boven de 1 uitkomt wordt door het beschikbaar stellen van vaccins aan jongeren aanzienlijk
kleiner. De afname in het reproductiegetal van 20–35%, die uit de berekeningen van
het RIVM naar voren komt, is aanzienlijk. Het beschikbaar stellen van de COVID-19-vaccinatie
aan jongeren is daarmee een onvermijdelijke keus om de kans op een opleving van SARS-CoV-2
in het najaar te verkleinen. Ook het OMT besteedde in het advies naar aanleiding van
het 116e en 117e OMT (Kamerstuk 25 295, nr. 1297) aandacht aan het effect dat het vaccineren van jongeren heeft op verspreiding van
het coronavirus.
Ik vind het heel belangrijk dat we verspreiding van het virus in de komende maanden
zo veel mogelijk weten terug te dringen, zeker met het oog op het najaar en de oprukkende
deltavariant. Uit de studies die de Gezondheidsraad voor dit advies heeft gebruikt
blijkt heel duidelijk dat het vaccineren van jongeren een belangrijke rol kan spelen
bij het zo veel mogelijk voorkomen van een nieuwe piek in het aantal besmettingen
en ziekenhuisopnames. Tegelijkertijd vind ik het belangrijk om op te merken dat ik,
naast het beschikbaar stellen van COVID-19 vaccins aan jongeren die gevaccineerd willen
worden, volop blijf inzetten op een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad in álle groepen.
In mijn brief van 18 juni jl. (Kamerstuk 25 295, nr. 1297) heb ik uiteengezet op welke manieren we hier samen met alle betrokken partijen aan
werken, bijvoorbeeld door laagdrempelig en zonder afspraak te vaccineren, door het
inrichten van pop-up vaccinatielocaties en door maatwerk te bieden voor specifieke
doelgroepen.
Uitvoering COVID-19-vaccinatie voor jongeren
De groep 12 tot en met 17-jarigen bestaat uit circa 1,1 miljoen jongeren. Op basis
van de huidige leveringsschema’s, en uitgaande van een vaccinatiebereidheid van 85%
onder alle doelgroepen, verwacht ik dat vanaf week 27 (de week van 5 juli) vaccins
beschikbaar komen voor deze groep. Dat betekent dat we in de komende dagen kunnen
starten met het uitnodigen van de verschillende leeftijdsgroepen.
Net als bij de vaccinatie voor 18-plussers, zullen ook jongeren op basis van leeftijdscohorten
een uitnodiging ontvangen. Vanaf vrijdag 2 juli kunnen de eerste jongeren op basis
van hun leeftijdscohort een afspraak maken. Alle jongeren van 12 tot en met 17 jaar
kunnen vanaf 6 juli een uitnodigingsbrief op de deurmat verwachten. Ik verwacht daarmee
dat alle jongeren die gevaccineerd willen worden nog vóór het begin van het nieuwe
schooljaar hun eerste vaccinatie kunnen ontvangen.
In mijn brief van 9 juni jl. heb ik u geïnformeerd over het vaccineren van de groep
jongeren vanaf 12 jaar met een medische indicatie. Inmiddels hebben de huisartsen
vorige week de eerste jongeren die ook in aanmerking komen voor de jaarlijkse griepprik
en de eerste jongeren met het syndroom van Down uitgenodigd voor een vaccinatie. Ik
heb in mijn brieven van 9 juni jl. en 18 juni jl. toegelicht dat het selecteren van
de jongeren met obesitas en jongeren waarbij ringvaccinatie aan de orde is, ingewikkelder
is. Met de mogelijkheid om alle jongeren van 12 tot en met 17 jaar op korte termijn
al uit te kunnen nodigen, kunnen ook deze jongeren direct wanneer hun leeftijdscohort
aan de beurt is een afspraak maken. Aangezien deze groep al langer in afwachting is
van een vaccin, verwacht ik dat zij snel een afspraak zullen maken. Dat biedt hen
de kans om voor het nieuwe schooljaar begint de eerste vaccinatie te kunnen ontvangen.
Jongeren beslissen zelf over vaccinatie
Vaccinatie tegen COVID-19 is, zoals ik eerder heb aangegeven, voor iedereen vrijwillig
en dus ook voor jongeren. Voor jongeren van 12 tot en met 15 jaar geldt dat zij samen
met hun ouders/verzorgers beslissen over vaccinatie. Bij verschil van mening tussen
kind en ouders/verzorgers is de mening van het kind doorslaggevend. Dat betekent dat
jongeren vanaf 12 jaar zich ook zonder toestemming van de ouder of voogd mogen laten
vaccineren, als dit de weloverwogen wens van het kind is. Dit is vastgelegd in Wet
op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO). Vanaf 16 jaar mogen jongeren
zelf beslissen over vaccinatie. Het kabinet vindt het erg belangrijk dat ouders en
jongeren zelf een afweging kunnen maken en wil hen daarbij handvatten en informatie
bieden. Op de website van de rijksoverheid is daarom een aparte informatiepagina ingericht
voor jongeren en hun ouders over de COVID-19-vaccinatie.
Transparante, toegankelijke en begrijpelijke informatie
Ik vind het van groot belang dat jongeren samen met hun ouders of verzorgers een zorgvuldige
afweging kunnen maken. Hiervoor is, zoals de Gezondheidsraad ook benadrukt, toegankelijke
en begrijpelijke informatie over de voor- en nadelen van vaccinatie essentieel. Informatie
moet ook zijn afgestemd op de doelgroep. Op www.coronavaccinatie.nl/jongeren is speciale informatie voor jongeren en hun ouders te vinden. Ook is aan de uitnodigingsbrief
een infographic toegevoegd, waarin wordt uitgelegd hoe de COVID-19-vaccinatie werkt.
Voor het verstrekken van begrijpelijke en toegankelijke informatie voor de jongere
doelgroep, wordt gebruik gemaakt van verschillende mediakanalen (waaronder sociale media) en diverse materialen (zoals korte video’s en infographics).
We besteden daarbij aandacht aan de thema’s die spelen bij jongeren en hun ouders.
Dit betreft vragen zoals: Is het vaccin wel geschikt voor minderjarigen? Wat zijn
de bijwerkingen van vaccineren? Is het vaccin onderzocht op kinderen? Inmiddels zijn
diverse korte (animatie) video’s gemaakt waarin deze en andere vragen van jongeren
worden beantwoord over COVID-19-vaccinatie. Ook werken we aan voorlichtingsmaterialen
waarin jongeren zelf vertellen hoe zij denken over vaccinatie. In aanvulling daarop
beantwoorden we vragen van jongeren direct via kanalen als VICE en FunX. Om de beschikbare
informatie nog beter te kunnen afstemmen op de doelgroep en de vragen die zij hebben,
wordt ook aanvullend onderzoek gedaan door de Corona Gedragsunit van het RIVM. Daarnaast
wordt kwalitatief onderzoek uitgevoerd onder ouders en vindt overleg plaats met het
Nederlands Jeugdinstituut, jongerenwerkers en jongerenambassadeurs over eventueel
aanvullende mogelijkheden in de voorlichtingscampagnes. Tot slot is in samenwerking
met het Nederlands Instituut voor de Biologie (NIBI) een themales over vaccineren
tegen het coronavirus in ontwikkeling. Deze themales komt in augustus beschikbaar.
Internationale solidariteit
De Gezondheidsraad gaat daarnaast terecht in op de vraag of het opportuun is om jongeren
onder de 18 jaar te vaccineren, zolang kwetsbare mensen in sommige andere landen nog
geen toegang tot vaccins hebben. Het kabinet hecht veel waarde aan internationale
solidariteit, juist hierom is de mogelijkheid vaccins te doneren aan kwetsbare landen
al sinds de opzet van de vaccinatiestrategie onderdeel van de Nederlandse inzet. Nu
we in de afrondende fase van deze vaccinatieoperatie komen, en met de keuze voor vaccinatie
bij kinderen vanaf 12 jaar duidelijkheid hebben over wat we nog nodig hebben op korte
termijn, wordt ook duidelijk hoeveel vaccins gedoneerd kunnen worden. Volgens de motie
van de leden Bikker (CU) en Hammelburg (D66)5 uit het debat van 24 juni jl. (Handelingen II 2020/21, nr. 93, Debat over de ontwikkelingen
rondom het coronavirus) vraag ik het RIVM om een planning hiervoor en zal deze uw
Kamer doen toekomen. In de volgende stand van zakenbrief ga ik hier verder op in.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
H.M. de Jonge
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
H.M. de Jonge, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport