Brief regering : Reactie eindadvies Adviescollege Stikstofproblematiek
35 334 Problematiek rondom stikstof en PFAS
Nr. 89 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 juni 2020
Op 8 juni jl. heeft het Adviescollege Stikstofproblematiek het eindadvies over de
structurele aanpak voor de stikstofproblematiek Niet alles kan overal aangeboden aan het kabinet (Bijlage bij Kamerstuk 35 334, nr. 86). Met deze brief informeer ik uw Kamer over een aantal aanvullende stappen die het
kabinet zet naar aanleiding van dit advies en de internetconsultatie van het wetsvoorstel
natuurverbetering en stikstofreductie.
Allereerst wil ik het Adviescollege namens het kabinet danken voor al het gedane werk.
De stikstofproblematiek is juridisch, ecologisch, economisch en bestuurlijk complex
van aard en de gevolgen zijn groot. Ik ben de leden van het Adviescollege dan ook
zeer erkentelijk voor deze adviezen en de aanbevelingen die zijn gedaan. Veel van
deze aanbevelingen hebben een plek gekregen in de stappen die het afgelopen jaar zijn
gezet en in de structurele aanpak die het kabinet op 24 april 2020 heeft gepresenteerd
(Kamerstuk 35 334, nr. 82).
De structurele aanpak van het kabinet bestaat uit een omvangrijk pakket aan maatregelen
gericht op verbetering van de natuur in Natura 2000-gebieden en vermindering van uitstoot
en neerslag van stikstof. Hierin staat het natuurbelang voorop en wordt het in balans
gebracht met (toekomstige) maatschappelijke en economische activiteiten. De structurele
aanpak met bijbehorend pakket bronmaatregelen biedt hiervoor de instrumenten. Het
kabinet is ervan overtuigd dat met de inzet en doelstelling van het kabinet een evenwichtige
balans is gevonden in de weging van de maatschappelijke, economische en natuurbelangen.
Om het effect van de maatregelen te optimaliseren, wordt gebruik gemaakt van de monitorings-
en bijsturingssystematiek zoals opgenomen in de structurele aanpak van het kabinet.
Deze systematiek is overeenkomstig met de aanbeveling van het Adviescollege.
Wettelijke borging
Het Adviescollege geeft aan dat alleen met voldoende juridische borging van maatregelen
geloofwaardig uitvoering kan worden gegeven aan de PAS-uitspraak van de Raad van State
en pleit voor een wettelijke verankering van de doelstelling voor stikstofreductie
als resultaatsverplichting. Het kabinet erkent en deelt het belang van stevige juridische
borging. Met een wettelijke verankering committeert het kabinet zich langjarig aan
de structurele aanpak stikstof. Op basis van het advies van het Adviescollege en de
reacties uit de consultatie zal het kabinet de kabinetsdoelstelling voor de vermindering
van de stikstofbelasting van Natura 2000-gebieden opnemen als resultaatsverplichting
in het wetsvoorstel natuurverbetering en stikstofreductie.
Bouwsector
In het licht van de coronacrisis is het kabinet van mening dat de bouwsector onmisbaar
is voor het herstel van de economie de komende jaren en voor de tijdige realisatie
van voldoende woningen. In dat licht neemt het kabinet de aanbeveling van het Adviescollege
ter harte om de tijdelijke emissies van de bouw niet langer te onderwerpen aan gedetailleerde
depositieberekeningen. Het kabinet wil daarom een drempelwaarde voor de bouw onderzoeken
en uitwerken teneinde de toestemmingsverlening te vereenvoudigen. Het kabinet ziet
de invoering van een drempelwaarde voor de tijdelijke emissies van bouwactiviteiten
als urgent. Deze drempelwaarde wordt gekoppeld aan een stevige reductie-opgave voor
stikstofuitstoot voor de bouw, die ook juridisch wordt vastgelegd. Voor de bouwsector
heeft dit als consequentie dat zij vervroegd materieel afschrijft en investeert in
schoner bouwmaterieel en innovatie van het bouwproces. Het kabinet beziet welke financiële
middelen hiertoe vrijgemaakt moeten worden om dit proces te ondersteunen. Aan publieke
zijde zijn afspraken nodig over aanbesteding en de ontwikkeling en inzet van een stimuleringsregeling.
Landbouw
Ten aanzien van de landbouw benadrukt het Adviescollege het belang om te innoveren
en te investeren in onder andere veevoer, brongerichte verduurzaming van stallen (met
scheiding van mest en urine), weidegang, mestverwerking en betere mestaanwending.
Het Adviescollege wijst op de innovatiekracht van de Nederlandse landbouwsector die
het mogelijk maakt dat de Nederlandse agrosector hierin een voortrekkende rol in kan
vervullen. In het advies van het Adviescollege Stikstofproblematiek wordt benadrukt
dat beëindigingsmaatregelen alleen zinvol zijn als deze worden ingezet bij bedrijven
met een relatief hoge depositielast op stikstofgevoelig Natura 2000-gebied en in situaties
waarin geen mogelijkheden bestaan voor een transitie naar een emissieloze bedrijfsvoering.
Het kabinet neemt dit advies mee in de uitwerking van de landelijke beëindigingsregeling.
De regeling zal een beoordelingsmechanisme bevatten waarmee zo kosteneffectief mogelijk
de grootst mogelijke depositiereductie op een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied
kan worden bereikt. Daarnaast wordt de beëindigingsregeling opgeknipt in twee tranches:
een van € 750 miljoen met een openstelling in 2021 en een van € 250 miljoen met een
openstelling in 2024. Gelet op het feit dat innovatie op termijn kosteneffectiever
kan zijn dan opkopen, zoals gesteld door het Adviescollege, zal in 2023 worden beoordeeld
of innovatie meer stikstofreductie oplevert. Dan zal worden afgewogen hoe de tweede
tranche met de meest kosteneffectieve stikstofreductie ingezet kan worden.
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, C.J. Schouten
Indieners
-
Indiener
C.J. Schouten, minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit