Amendement : Amendement van het lid Grinwis over middelen ten behoeve van het openbaar vervoer
36 800 XII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (XII) voor het jaar 2026
Nr. 9
AMENDEMENT VAN HET LID GRINWIS
Ontvangen 17 november 2025
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
In artikel 16 Openbaar vervoer en spoor van de departementale begrotingsstaat worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag
verhoogd met € 224.000 (x € 1.000).
Toelichting
Dit amendement regelt dat de CBAM-inkomsten uit 2026 van 211 miljoen euro en uit 2027
van 237 miljoen euro niet worden ingezet voor de korting op de brandstofaccijns, maar
worden aangewend om bezuinigingen op het openbaar vervoer in 2026 en 2027 te voorkomen.
Indiener acht het onterecht en onjuist dat de CBAM-inkomsten, die een gevolg zijn
van Europees klimaatbeleid, worden ingezet om de brandstofaccijns eenmalig te verlagen.
Hiermee wordt de klimaatwinst van de CBAM-heffing deels ongedaan gemaakt. Om deze
reden heralloceert dit amendement de desbetreffende opbrengst voor Nederland van CBAM
van cumulatief 448 miljoen euro naar de IenW-begroting – 224 miljoen euro in 2026
en 224 miljoen euro in 2027 – zodat dit gebruikt kan worden om het openbaar vervoer
op peil en betaalbaar te houden. Meer specifiek beoogt indiener hiermee dat de provincies/vervoerregio's
c.q. de gezamenlijke OV-concessiehouders in Nederland worden gecompenseerd voor het
verlies aan inkomsten van het Rijk vanaf 2025 met circa 225 miljoen euro per jaar
als gevolg van de herijking van het Studenten Reis Product, zodat er geen buslijnen
hoeven te verdwijnen en de tarieven in het openbaar vervoer niet nog harder hoeven
te stijgen. Daar dit amendement de begroting van 2026 aanpast, verzoekt indiener de
regering de mutatie voor 2027 te verwerken in de komende ontwerpbegroting.
Grinwis
Indieners
-
Indiener
Pieter Grinwis, Kamerlid