Uitgelicht : Staat van de infrastructuur
Jaarlijks publiceren Rijkswaterstaat en ProRail rapportages over de technische staat van de infrastructuur in Nederland. Verkeerswegen, spoorwegen, vaarwegen, bruggen, sluizen en waterkeringen worden intensief gebruikt en zijn essentieel voor de samenleving en economie. Veel van die werken zijn in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw aangelegd en naderen het einde van hun levensduur. Het is nodig om steeds meer maatregelen uit te voeren om die infrastructuur te onderhouden en in stand te houden. Daarbij moet steeds gekeken worden naar de balans tussen de kosten en risico’s.
Volg live en kijk terug
Het rondetafelgesprek is in de Suze Groenewegzaal. Via Debat Direct kunt u live meekijken en later terugkijken.
Agenda
U kunt alle stukken doornemen die bij deze vergadering horen. Het woordelijk verslag is te lezen zodra dat klaar is.
Rijkswaterstaat
In de rapportage Staat van de Infrastructuur geeft Rijkswaterstaat jaarlijks inzicht in de technische staat van het hoofdwegennet, hoofdvaarwegennet en hoofdwatersysteem. Rijkswaterstaat kijkt naar de staat van de netwerken aan de hand van de criteria veiligheid, levensduur, beschikbaarheid, betrouwbaarheid en technische conditie. Inspecties laten zien dat schades en slijtage steeds vaker voorkomen. Het wordt daardoor moeilijker om alles in goede staat en veilig te houden. Zonder extra investeringen dreigen dure noodmaatregelen en ontstaat er meer hinder voor weg- en vaarweggebruikers.
De instandhoudingsopgave is inmiddels groter dan Rijkswaterstaat en aannemers samen aankunnen. Mede door hun gebrek aan capaciteit neemt het uitgestelde onderhoud al jaren toe. Daarom moet Rijkswaterstaat kiezen welke werkzaamheden zijn per direct nodig en wat kan nog wel wachten. Dat staat in het Meerjarenplan Instandhouding uit juni 2025. Daarin staan ook plannen hoe de productie omhoog kan, zodat er meer vernieuwing mogelijk is.
Voorbeeld is de Haringvlietbrug, waar uit een periodieke inspectie in 2025 bleek dat de brug in een slechtere staat verkeert dan gedacht. Daarom worden snel herstelwerkzaamheden uitgevoerd. Voor 2032 moet uiteindelijk het hele vaste gedeelte van de brug vervangen zijn.
ProRail
Ook spoorbeheerder ProRail biedt jaarlijks inzicht in de technische staat van de spoorweginfrastructuur van Nederland. In de rapportage worden het spoor, de wissels, bruggen en tunnels, overwegen, energievoorziening en de treinbeveiliging beoordeeld op hun levensduur, betrouwbaarheid en veiligheid. De rapportage geeft aan dat de algemene staat van de Nederlandse spoorweginfrastructuur gemiddeld ‘ruim voldoende’ is. De technische prestaties zijn beheersbaar, de betrouwbaarheid is goed en de veiligheid blijft geborgd. Ondanks de beoordeling ‘ruim voldoende’ is de trend over de afgelopen vijf jaar neerwaarts; vijf jaar geleden was de beoordeling nog ‘goed’.
De betrouwbaarheid is over het geheel genomen goed, maar het aantal technische storingen stijgt: 2024 telde ongeveer zes procent meer storingen dan 2023 en veertien procent meer dan 2019. De gemiddelde restlevensduur van de spoorinfrastructuur neemt langzaam af. Het vervangingstempo verloopt iets langzamer dan het tempo van veroudering, al is er volgens ProRail nog geen reden tot ongerustheid. Waar wel zorgen over zijn is de toename van het aantal technische storingen, dat in 2024 ten opzichte van 2019 met 16% is toegenomen.