Motie : Motie van de leden Haage en Westerveld over een wettelijk verbod op non-consensuele en niet-noodzakelijke medische behandelingen bij intersekse kinderen
30 420 Emancipatiebeleid
Nr. 425
MOTIE VAN DE LEDEN HAAGE EN WESTERVELD
Voorgesteld 1 juli 2025
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Nederland medisch niet-noodzakelijke behandelingen van intersekse
kinderen laat plaatsvinden zonder hun toestemming;
constaterende dat een Kamermeerderheid reeds de regering heeft verzocht om te werken
aan een wettelijk verbod op non-consensuele en niet-noodzakelijke medische behandelingen,
zoals eerder voorgesteld in het ZonMw-rapport;
overwegende dat er reeds onderzoeken zijn uitgevoerd welke de schadelijkheid van non-consensuele
en niet-noodzakelijke medische behandelingen bij intersekse kinderen aantonen;
overwegende dat de Kamer zich duidelijk heeft uitgesproken over de wenselijkheid van
een dergelijk verbod;
verzoekt de regering om zo snel mogelijk een wettelijk verbod op non-consensuele en
niet-noodzakelijke medische behandelingen bij intersekse kinderen uit te werken en
dit niet verder te vertragen met nog een onderzoek,
en gaat over tot de orde van de dag.
Haage
Westerveld
Indieners
-
Indiener
M.W. Haage, Tweede Kamerlid -
Medeindiener
Lisa Westerveld, Kamerlid
Appreciatie (oordeel)
Ontijdig
De minister of staatssecretaris vindt dat een motie te vroeg komt. Bijvoorbeeld omdat er nog een onderzoek loopt of omdat er nog een ander debat komt over het onderwerp van de motie. De bewindspersoon vraagt de indiener om de motie ‘aan te houden’: te wachten met stemming over de motie. Wil de indiener dat niet, dan stemt de Kamer alsnog.