Schriftelijke vragen : De toets die de IND uitvoert op de politieke en maatschappelijke activiteiten van tolken bij de afgifte van inpasbaarheidsverklaringen
Vragen van het lid Boomsma (JA21) aan de Minister van Asiel en Migratie over de toets die de IND uitvoert op de politieke en maatschappelijke activiteiten van tolken bij de afgifte van inpasbaarheidsverklaringen (ingezonden 23 september 2026).
Vraag 1
Kunt u uiteenzetten hoe de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) beoordeelt of
een beëdigde tolk die in het Register is ingeschreven voor de IND inzetbaar is en
een zogeheten inpasbaarheidsverklaring krijgt? Hoe wordt hun geschiktheid beoordeeld?
Wie neemt die beslissing, op basis van welke stukken, en worden daarbij ook openbare
bronnen zoals sociale media geraadpleegd?
Vraag 2
Welke criteria hanteert de IND bij die beoordeling? Zijn deze criteria schriftelijk
vastgelegd en openbaar, anders dan de algemeen geformuleerde bepalingen in de Gedragscode
tolken en vertalers van de IND? Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Klopt het dat de gedragscode van de IND van tolken verlangt dat zij hun werk «politiek
neutraal» verrichten en geen functies bekleden of activiteiten verrichten «die tot
belangenverstrengeling kunnen leiden», maar dat niet is uitgewerkt welke functies,
lidmaatschappen, nevenactiviteiten of uitingen daar concreet onder vallen? Hoe wordt
voorkomen dat zulke normen van geval tot geval verschillend worden toegepast?
Vraag 4
Deelt u de opvatting dat er een wezenlijk verschil bestaat tussen enerzijds de eis
dat een tolk tijdens het gehoor onpartijdig, nauwkeurig en zonder eigen mening vertaalt,
en anderzijds het toetsen van de politieke en maatschappelijke opvattingen en activiteiten
van een tolk buiten het werk? Hoe verhoudt dat laatste zich tot het verbod op onderscheid
op grond van politieke gezindheid in de Algemene wet gelijke behandeling, dat ook
geldt voor de toegang tot het vrije beroep?
Vraag 5
Is lidmaatschap van- of kandidaatstelling voor een politieke partij een omstandigheid
die bij die beoordeling meeweegt? Zo ja, op welke grondslag?
Vraag 6
Acht u het aanvaardbaar dat een beëdigde tolk die aan alle kwaliteits- en integriteitseisen
van de Wet beëdigde tolken en vertalers voldoet, door de IND wordt geweigerd vanwege
lidmaatschap van of kandidatuur voor een politieke partij, medewerking aan een verkiezingsprogramma,
of publieke inzet voor mensenrechten of voor een bepaalde bevolkingsgroep? Zo ja,
op welke wettelijke grondslag berust dat?
Vraag 7
Kunt u aangeven welke soorten nevenactiviteiten, lidmaatschappen en uitingen naar
het oordeel van de IND wél en niet verenigbaar zijn met tolkwerk voor de IND? Geldt
daarbij dezelfde maatstaf voor bijvoorbeeld vrijwilligerswerk voor VluchtelingenWerk,
werkzaamheden voor het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA), betrokkenheid bij
een religieuze organisatie of het dragen van religieuze kleding, dat de gedragscode
uitdrukkelijk toestaat?
Vraag 8
Hoeveel aanvragen voor een inpasbaarheidsverklaring zijn in elk van de jaren 2021
tot en met 2026 (tot heden) ingediend, en hoeveel daarvan zijn toegewezen, afgewezen
of later ingetrokken? Kunt u de afwijzingen en intrekkingen uitsplitsen naar reden,
bijvoorbeeld taalvaardigheid, Verklaring Omtrent het Gedrag, integriteit, neutraliteit
of belangenverstrengeling, en overig?
Vraag 9
In hoeveel gevallen was een vermeend gebrek aan (politieke) neutraliteit, dan wel
politieke of maatschappelijke activiteit van de tolk, een reden of medereden om een
inpasbaarheidsverklaring te weigeren of in te trek ken?
Vraag 10
Wat zijn de gevolgen van een weigering door de IND voor de betrokken tolk, gelet op
het aandeel van de IND in de vraag naar tolkdiensten in bepaalde talen? Werkt een
weigering door de IND, bijvoorbeeld via de bemiddelaars (intermediairs) waarmee de
IND werkt, ook door in de inzetbaarheid van de tolk bij andere overheidsorganisaties
zoals de politie, de rechtspraak of het COA?
Vraag 11
Is in de afgelopen jaren door een rechter, een klachtinstantie of een toezichthouder
geoordeeld over de wijze waarop de IND potentiële tolken beoordeelt op neutraliteit?
Zo ja, welke conclusies heeft u daaraan verbonden en welke aanpassingen zijn sindsdien
in de werkwijze doorgevoerd?
Vraag 12
Kunt u deze vragen afzonderlijk beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie -
Indiener
Diederik Boomsma, Kamerlid