Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Ceulemans en Boomsma over door de IND uitbetaalde dwangsommen
Vragen van de leden Ceulemans en Boomsma (beiden JA21) aan de Minister van Asiel en Migratie over door de IND uitbetaalde dwangsommen (ingezonden 2 juli 2026).
Antwoord van Minister Van den Brink (Asiel en Migratie) (ontvangen 4 september 2026).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 2599.
Vraag 1
Kunt u bevestigen dat de IND in 2025 circa 79 miljoen euro aan dwangsommen heeft uitbetaald,
tegenover circa 36,8 miljoen euro in 2024 (waarvan circa 27,8 miljoen euro rechterlijke
dwangsommen)? Zo nee, wat zijn de juiste bedragen?
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Wat is het totaalbedrag aan door de IND uitbetaalde dwangsommen in 2026 tot en met
de meest recente peildatum, inclusief vermelding van die peildatum?
Antwoord 2
In de periode januari tot en met juli 2026 heeft de IND ca. € 99,– miljoen aan dwangsommen
uitgekeerd (peildatum 7 augustus 2026).
Vraag 3
Wat is uw actuele raming van het totaal uit te betalen dwangsommen over heel 2026,
en op welke aannames (instroom, voorraad, doorlooptijden) is die raming gebaseerd?
Antwoord 3
In de periode januari tot en met juli 2026 heeft de IND ca. € 99,– miljoen aan dwangsommen
uitgekeerd. De vraag hoe dit zich in de rest van het jaar gaat ontwikkelen is afhankelijk
van vele factoren, dus laat zich moeilijk beantwoorden. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht
worden aan:
– Wijzigingen naar aanleiding van recente wetgeving en ontwikkelingen in beleid en jurisprudentie.
– Het aantal ingediende aanvragen.
– De ontwikkeling van het wegwerken van de openstaande aanvragen en de doorlooptijden
bij de IND.
– Het aantal inzetbare FTE.
– De wisselende prioriteitsstelling.
– De aantallen ingediende «beroepen niet tijdig beslissen» (BNTB) en de daaraan gekoppelde
variërende dwangsombedragen.
– De snelheid waarmee rechtbanken BNTB-procedures kunnen afdoen én hoeveel zaken de
IND uiteindelijk zal afdoen.
Vraag 4
Wat is de gemiddelde hoogte van de bedragen die per vreemdeling zijn uitgekeerd? Hoe
vaak worden bedragen uitgekeerd hoger dan 3.000 euro?
Antwoord 4
Het gemiddelde per vreemdeling is afhankelijk van of de vreemdeling wel of geen (opvolgende)
«beroep niet tijdig beslissen (BNTB)» indient en wat de rechter in de individuele
zaak aan dwangsom oplegt.
Voor wat betreft de zaken waarin de IND nog een bestuurlijke dwangsom moet uitbetalen,
bedraagt dit € 1.442,– per zaak. Voor wat betreft de rechterlijke dwangsom heeft de
rechter de vrijheid om te bepalen hoe hoog de dwangsommen zijn, maar volgt daarbij
normaliter de beleidslijnen1 die binnen de rechtspraak zijn afgesproken waarbij de volgende uitgangspunten zijn
gehanteerd:
– In de regel wordt de dwangsom bepaald op € 100,– per dag, met een maximum van € 15.000,–
– Indien sprake is van een zó gering belang dat de hoogte van de dwangsom van € 100,–
per dag buiten proportie is, wordt de dwangsom bepaald op € 50,– per dag, met een
maximum van € 7.500,–
– Indien een sterke prikkel nodig is (hetzij vanwege gebleken weigerachtigheid van het
bestuursorgaan, hetzij vanwege het grote belang), wordt de dwangsom bepaald op € 250,–
per dag, met een maximum van € 37.500,–.2
Wanneer na een eerdere BNTB-uitspraak nog steeds niet is beslist op de aanvraag, kan
de vreemdeling een opvolgende BNTB indienen bij de rechtbank. Het aantal keer dat
een vreemdeling een opvolgend BNTB kan indienen is – zolang niet is beslist op de
aanvraag – niet aan een maximum gebonden.
Overzicht aantal betalingen hoger dan € 3.000,–
Jaar
2023
2024
2025
2026 (t/m 2 juli)
Aantal
858
3.652
6.368
5.442
Vraag 5
Wat is tot op heden het hoogste totaalbedrag aan dwangsommen dat aan één vreemdeling
is uitbetaald, opgebouwd uit opeenvolgende procedures?
Antwoord 5
Sinds 2024 tot aan peildatum 11 mei 2026 hebben 143.190 personen een BNTB ingediend.
Daarvan zijn 16.570 personen twee keer of meer in het gelijkgesteld door de rechter.
In 2026 (peildatum 29 juli 2026) heeft de IND in totaal 46 keer een totale dwangsom
opgelegd gekregen van meer dan € 80.000,–. In 9 gevallen was de dwangsom hoger dan
€ 100.000,–. In beginsel betaalt de IND dwangsommen uit na het besluit op de aanvraag.
Er zijn drie groepen zaken: in een deel van de zaken hebben de dwangsommen het maximaal
opgelegde bedrag aan dwangsommen bereikt en zijn deze al uitbetaald, in een ander
deel van de zaken hebben de dwangsommen gedeeltelijk het maximaal opgelegde bedrag
bereikt en zijn deze al uitbetaald en tot slot is in een deel van de zaken de aanvraag
nog in behandeling en zullen de dwangsommen nog uitbetaald moeten worden.
Vraag 6
Op welke datum verwacht u dat het door de Tweede Kamer aangenomen amendement van het
lid Diederik van Dijk c.s. (Kamerstuk 35 501, nr. 13) tot afschaffing van de rechterlijke dwangsommen in vreemdelingenzaken in werking
treedt, en welk bedrag aan dwangsommen verwacht u tussen nu en die datum, mede gelet
op mogelijk overgangsrecht voor reeds lopende niet-tijdig-beslissen-beroepen, nog
te moeten uitbetalen?
Antwoord 6
Het wetsvoorstel is op dit moment aanhangig bij de Eerste Kamer en de datum voor plenaire
behandeling is nog niet bekend. Om die reden kan geen uitspraak gedaan worden over
een verwacht bedrag aan uit te betalen dwangsommen.
Vraag 7
Kunt u deze vragen afzonderlijk en één-voor-één beantwoorden?
Antwoord 7
Ja.
Ondertekenaars
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.