Schriftelijke vragen : Het bericht ‘Mogelijk 1300 bouwprojecten stilgelegd door schorsing van belangrijke controleur’
Vragen van het lid Steen (CDA) aan de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over het bericht «Mogelijk 1300 bouwprojecten stilgelegd door schorsing van belangrijke controleur», in aanvulling op eerdere vragen over hetzelfde onderwerp van het lid Van Asten (D66) (ingezonden 3 september 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Mogelijk 1300 bouwprojecten stilgelegd door
schorsing van belangrijke controleur» en van de waarschuwing van de Vereniging van
Nederlandse Gemeenten over de gevolgen van de schorsing van kwaliteitsborgers door
de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw (TloKB)?1
Vraag 2
Hoeveel lopende bouwprojecten worden momenteel geraakt door deze schorsing, bij hoeveel
van deze projecten zijn de bouwwerkzaamheden daadwerkelijk stilgelegd of vertraagd
en hoeveel woningen betreft dit?
Vraag 3
Zou u willen ingaan op de vraag of de bouw bij een dergelijke schorsing moet worden
stilgelegd, gezien het feit dat de VNG stelt dat de bouw bij een geschorste kwaliteitsborger
moet worden stilgelegd, terwijl de TloKB vermeldt dat een kwaliteitsborger bij schorsing
geen nieuwe projecten mag aannemen maar lopende projecten mogen doorgaan?2
Vraag 4
Bent u bereid gemeenten, omgevingsdiensten, opdrachtgevers en bouwbedrijven op zeer
korte termijn duidelijkheid te geven over de juridische gevolgen van een schorsing,
zodat wordt voorkomen dat bouwprojecten onnodig worden stilgelegd?
Vraag 5
Welke mogelijkheden zijn er, indien een lopend project door een schorsing niet kan
worden voortgezet, om de kwaliteitsborging snel door een andere bevoegde kwaliteitsborger
te laten overnemen en vertraging van de bouw zo veel mogelijk te voorkomen?
Vraag 6
Hoe beoordeelt u dat vertraging en extra kosten als gevolg van een schorsing afhankelijk
van de gemaakte contractuele afspraken terecht kunnen komen bij opdrachtgevers of
aannemers die zelf geen aanleiding hebben gegeven voor de schorsing?3
Vraag 7
Welke gevolgen hebben deze stilleggingen en vertragingen voor kopers van woningen
binnen de getroffen projecten en heeft u zicht op de financiële schade die zij hierdoor
kunnen lijden?4
Vraag 8
Welke betekenis kent u aan deze schorsingen in het licht van de recente constatering
van de TloKB dat de werkwijze van kwaliteitsborgers en het toezicht door instrumentaanbieders
verbetering behoeven?
Vraag 9
Zijn er bij u of de TloKB signalen dat ook andere kwaliteitsborgers het risico lopen
te worden geschorst of hun werkzaamheden te moeten staken, en wat zou dit betekenen
voor de continuïteit en capaciteit van het stelsel van kwaliteitsborging?
Vraag 10
Welke concrete maatregelen gaat u naar aanleiding van deze schorsingen nemen, mede
in het licht van uw uitspraak in het commissiedebat Bouwregelgeving van 1 juli 2026
dat u eerder in actie komt wanneer tussentijdse bevindingen daartoe aanleiding geven?
Vraag 11
Bent u bereid de evaluatie van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) te versnellen
en daarbij de gevolgen van schorsingen, de kosten, de administratieve lasten en de
duidelijkheid van verantwoordelijkheden binnen het stelsel te betrekken, nu de huidige
planning pas eind 2027 voorziet in een totaalbeeld van het Wkb-stelsel?
Vraag 12
Welke actie onderneemt u om de afspraak uit het coalitieakkoord om onnodige en kostbare
bouwregels te schrappen en het Besluit bouwwerken leefomgeving te vereenvoudigen ook
te vertalen naar een eenvoudigere en minder kostbare manier van kwaliteitsborging?
Vraag 13
Bent u bereid, gezien de aanhoudende problemen met kosten, bureaucratie en onduidelijkheid
en de nu gebleken kwetsbaarheid bij de schorsing van kwaliteitsborgers, op korte termijn
een scenario uit te werken voor het stoppen met de huidige Wkb?
Indieners
-
Gericht aan
E. Boekholt-O’Sullivan, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening -
Indiener
Hanneke Steen, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.