Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Kathmann en Westerveld over de zorgelijke AI-beelden die worden gemaakt van jonge vrouwen
Vragen van de leden Kathmann en Westerveld (beiden GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Justitie en Veiligheid en de Staatssecretarissen van Economische Zaken en Klimaat en van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de zorgelijke AI-beelden die worden gemaakt van jonge vrouwen (ingezonden 29 mei 2026).
Antwoord van Minister Van Weel (Justitie en Veiligheid) en van Minister Herbert (Economische
Zaken en Klimaat) (ontvangen 1 september 2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar
2025–2026, nr. 2301.
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «AI-pornovideo’s met downsyndroom op Instagram, X en
Telegram»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Hoe reageert u op dit bericht?
Antwoord 2
Wij vinden het zeer zorgwekkend dat dergelijke beelden van met name jonge vrouwen
worden gemaakt en verspreid. Het vervaardigen van seksueel beeldmateriaal van minderjarigen
of van meerderjarige personen zonder hun toestemming is strafbaar. Het mag duidelijk
zijn dat dit soort strafbare feiten onacceptabel is en niet mag plaatsvinden. De impact
en de gevolgen van dergelijke deepnudes kunnen voor slachtoffers en hun omgeving enorm
zijn, mede omdat het maken van deepnudes steeds geavanceerder wordt en daarmee deepnudes
steeds realistischer worden. Daarnaast betreft het maken en verspreiden – buiten de
huiselijke sfeer – van deepfakes (zoals bijvoorbeeld afbeeldingen die zijn bewerkt
met een zogenaamde downsyndroomfilter) waarin persoonsgegevens zijn verwerkt zonder
een verwerkingsgrondslag een schending van de Algemene Verordening Gegevensbescherming
(AVG).
Vraag 3
Kunt u meer vertellen over de aard en de omvang van de AI-beelden die zijn gemaakt
en verspreid van jonge vrouwen?
Antwoord 3
Het betreft non-consensueel gemanipuleerde of gegenereerde seksuele beelden van echte
jonge vrouwen die via zowel open platforms als gesloten kanalen worden verspreid.
Via een brede uitvraag bij de politie, Centrum Seksueel Geweld (CSG), Offlimits, de
Autoriteit Online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal (ATKM), Slachtofferhulp
Nederland, de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen
(NRM) en het Openbaar Ministerie (OM) is naar voren gekomen dat representatieve cijfers
ontbreken in het geval van beelden waarbij sprake is van een combinatie van AI-gegenereerde
naaktbeelden en digitale verminking, dan wel met de toevoeging van een beperking en/of
het toepassen van een downsyndroomfilter.
Omdat in de registratiesystemen van de politie geen onderscheid wordt gemaakt tussen
misbruik van seksueel beeldmateriaal en misbruik van beeldmateriaal dat met AI is
gegenereerd, beschikt de politie niet over cijfers van het aantal seksuele deepfakes.
De afgelopen maanden signaleert de politie wel een toename van platformmeldingen via
NCMEC (het Amerikaanse National Center for Missing and Exploited Children) van online
materiaal van seksueel kindermisbruik dat met AI is aangemaakt of bewerkt. Hierbij
benadrukt de politie dat deze meldingen laten zien dat illegale content wordt gegenereerd,
maar niet op basis van welke prompts dit is gebeurd. Dit maakt het voor de politie
complex, in sommige gevallen zelfs onmogelijk, om vast te stellen wat een gebruiker
precies heeft gedaan, of de prompt op basis van materiaal van echte personen is geweest
en of de gebruiker bijvoorbeeld de intentie had om strafbaar materiaal te vervaardigen.
Hierdoor is het lastig om de (strafrechtelijke) verwijtbaarheid aan te tonen. Daarnaast
ontbreekt in zijn algemeenheid vaak veel noodzakelijke informatie bij de meldingen.
De politie analyseert doorlopend de binnengekomen NCMEC-meldingen.
Het CSG geeft aan dat meldingen over dit soort beelden niet expliciet worden geregistreerd
omdat mensen hen bellen in nood en hun beleid is om niet actief uit te vragen wat
daarvan de achtergrond is, want dat is niet nodig voor het bieden van eerste psychische
hulp. Het CSG krijgt in algemene zin een heel breed scala aan seksuele geweldsvormen
binnen.
Offlimits ziet bij hun hulplijn dat AI gerelateerd online misbruik mensen van alle
leeftijden en genders kan treffen. AI-gegenereerde naaktafbeeldingen worden niet alleen
gebruikt voor seksuele doeleinden, maar worden ook ingezet om mensen te vernederen
of in diskrediet te brengen. Offlimits ziet bij hun hulplijn dat naast seksuele deepfakes,
AI ook wordt gebruikt om mensen te vervormen of esthetisch onaantrekkelijk te maken.
Dit kan voor slachtoffers ingrijpende gevolgen hebben. Offlimits zag in 2025 een toename
in het aantal meldingen van afbeeldingen gemaakt met AI. Zij hebben in dat jaar 291
keer gesprekken gevoerd over AI gegenereerd beeldmateriaal.2 Het gaat dan met name om cyberpesten en sextortion. Het werkelijke aantal zal hoger
liggen omdat niet in alle gevallen duidelijk is dat het om dit soort afbeeldingen
gaat. Offlimits geeft aan dat sprake is van een omvangrijk en groeiend probleem.
De ATKM heeft ten aanzien van het soort afbeeldingen waaraan wordt gerefereerd in
het artikel van De Telegraaf geen concrete meldingen ontvangen. Slachtofferhulp Nederland
kan geen uitspraak doen over de omvang van dit soort beelden omdat zij in hun registratiesysteem
bij seksuele misdrijven geen onderscheid maken tussen AI gegenereerd en niet-AI-gegenereerd
materiaal. Het OM en de NRM kunnen geen uitspraken doen omtrent de aard en omvang
van dit soort AI-gegenereerde beelden.
Vraag 4
Waar kunnen slachtoffers van de gemaakte AI-beelden terecht voor mentale of juridische
ondersteuning? Hoe worden zij gewezen op deze mogelijkheden?
Antwoord 4
Voor slachtoffers en hun naasten geldt dat zij voor hulp en ondersteuning terecht
kunnen bij verschillende organisaties zoals Offlimits, Slachtofferhulp Nederland en
het CSG. De routes daartoe verschillen, maar deze organisaties werken veel samen om
zo de behoefte van slachtoffers het beste te dienen. Slachtoffers hebben grofweg drie
hoofdbehoeftes. Bij het uitkomen van (of dreigen met) beelden hebben slachtoffers
een hoge urgentie voor het verwijderen van het online materiaal.3 Als het materiaal wordt ingezet voor chantage, afpersing of dwang, is er behoefte
aan veiligheid en juridische ondersteuning. Na de eerste angst en stress hebben slachtoffers
behoefte aan psychische ondersteuning. Slachtoffers van dit soort feiten hebben vaak
ook behoefte aan herstel van het veiligheidsgevoel in de digitale omgeving en van
het geschaad zelfbeeld. Bovendien gaat online seksueel geweld vaak gepaard met fysiek
seksueel geweld, wat medische en forensische inzet vraagt.
Slachtofferhulp Nederland, het CSG en Offlimits helpen slachtoffers elk kosteloos
vanuit hun eigen expertise. Zij zijn bereikbaar via de telefoon, chat, e-mail, contactpagina’s
en in sommige gevallen via fysieke inlooplocaties. Verder maken zij gebruik van publieksvoorlichting
om het eigen en elkaars aanbod bekendheid te geven. Ook verwijzen ze aan elkaar door.
In het geval van aangifte worden gegevens na toestemming van de aangever automatisch
gedeeld met Slachtofferhulp Nederland, waarna medewerkers van Slachtofferhulp Nederland
contact opnemen met het slachtoffer. Deze medewerkers kunnen professionele juridische
begeleiding bieden, helpen bij het aanvragen van schadevergoeding maar ook laagdrempelige
emotionele en praktische steun en lotgenotencontact organiseren. Het CSG krijgt veel
verwijzingen van professionals uit zowel politie-, (huisartsen)zorg- en GGZ-ketens.
Het CSG biedt bewezen effectieve psychologische hulp en kunnen GGZ-wachtlijsten overbruggen
en medische en forensische zorg coördineren. Offlimits helpt als trusted flagger bij het verwijderen van beeldmateriaal en werkt veel samen met bijvoorbeeld scholen
om kinderen en jongeren te bereiken.
Offlimits, het CSG, Fier en Fonds Slachtofferhulp vormen tot slot een consortium tegen
online seksueel geweld. Fonds Slachtofferhulp faciliteert een chat waarin Offlimits,
Fier en het CSG samenwerken waardoor laagdrempeliger en zo beter onderling wordt doorverwezen
afhankelijk van wat nodig is.
Vraag 5
Hoe wordt bij het informeren van de slachtoffers rekening gehouden met (digitale)
toegankelijkheid zodat melden en hulp zoeken altijd laagdrempelig is?
Antwoord 5
Als het slachtoffer overweegt een melding te maken of aangifte te doen, kan deze terecht
bij de politie. Slachtoffers kunnen daarnaast terecht bij verschillende organisaties,
zie hiervoor de beantwoording van vraag 4.
Vraag 6
Kunt u uitleggen hoe het Europese verbod op uitkleed-apps deze vorm van deepfakes
bestrijdt of voorkomt? Hoe gaat het verbod er praktisch uitzien en hoe wordt het gehandhaafd?4
Antwoord 6
Met het Europees verbod als opgenomen in de AI-verordening wordt het in de handel
brengen, het in gebruik stellen of het gebruik van een AI-systeem dat materiaal van
seksueel kindermisbruik of naaktbeelden zonder toestemming genereert of bewerkt verboden.
Zoals uw Kamer eerder is geïnformeerd, is het op dit moment vooral mogelijk om in
te grijpen als dergelijk materiaal al is vervaardigd.5 Met dit nieuwe verbod kan eerder worden opgetreden, namelijk al bij het aanbieden
van een AI-systeem om het beeldmateriaal te vervaardigen. Het Europees verbod wordt
in december dit jaar in heel de Europese Unie van kracht. Het kabinet zal de inrichting
van het toezicht in Nederland op dit verbod meenemen in het lopende proces van de
uitvoeringswet van de nieuwe AI-verordening.
Vraag 7
Waarom hebben Meta en X pas na vragen van De Telegraaf de AI-beelden verwijderd? Wat
kunt u doen om deze beelden zo snel mogelijk verwijderd te krijgen?
Antwoord 7
De genoemde partijen zijn onder de DSA aangewezen als zogeheten «zeer groot online
platform» wat betekent dat zij moeten voldoen aan bijzondere verplichtingen onder
de digitale dienstenverordening (Digital Services Act, DSA). In die hoedanigheid zijn
Meta en X verplicht om systeemrisico’s die kunnen voortvloeien uit het verspreiden
van seksuele deepfakes (deepnudes), te identificeren en te beperken. Ook moeten zij
het voor gebruikers mogelijk maken om illegale inhoud op eenvoudige wijze te melden.
Die meldingen moeten zij op een tijdige, zorgvuldige, niet-willekeurige en objectieve
wijze beoordelen. Daarnaast kan de hulp van Offlimits, als trusted flagger onder de
DSA, worden ingeschakeld bij het indienen van een verwijderverzoek. Het primaat van
het DSA-toezicht op Meta en X als zeer grote online platformen ligt bij de Europese
Commissie (EC). Als de EC concludeert dat een zeer groot platform de DSA niet naleeft,
kan zij verdere handhavingsmaatregelen nemen, zoals de vaststelling van een besluit
tot niet-naleving en de oplegging van een boete. Zo heeft de EC bijvoorbeeld in december
2025 een boete opgelegd aan X.6 Wij blijven als vanzelfsprekend onze steun uitspreken voor effectieve handhaving
van de DSA door de EC.
Vraag 8
Is er sprake van een gecoördineerd netwerk dat AI-beelden maakt van jonge vrouwen
en ze afbeeldt met amputaties, letsel, of een zichtbare beperking?
Antwoord 8
Voor zover bekend circuleren op zowel het open internet als het dark web verzamelingen en op verzoek vervaardigde AI-beelden die zich richten op specifieke
doelgroepen, waaronder beelden van jonge vrouwen met amputaties, letsel of een zichtbare
beperking. Op dit moment zijn er echter geen concrete aanwijzingen voor een gecoördineerd
netwerk of een achterliggende organisatievorm die deze content stelselmatig produceert
of verspreidt.
Vraag 9
Vindt u het voldoende dat Meta en X hun eigen onderzoek voeren naar wie deze AI-beelden
maken en verspreiden? Weet u meer over de omvang en de aard van deze onderzoeken?
Antwoord 9
Platforms beschikken doorgaans over gegevens en technische mogelijkheden die hen in
staat stellen onderzoek te doen naar de wijze waarop content op hun diensten wordt
geüpload en verspreid. Daardoor kunnen zij in bepaalde gevallen achterhalen welke
accounts betrokken zijn bij het uploaden of verspreiden van dergelijke beelden. Platforms
kunnen vervolgens maatregelen treffen, zoals het verwijderen van content, het beperken
van de verspreiding daarvan of het uitschakelen van accounts. De Europese Commissie
kan bovendien, als primaire toezichthouder op zeer grote online platforms, op eigen
initiatief een onderzoek starten naar vermeende inbreuken op de DSA.
Tegelijkertijd geldt dat intern onderzoek door de platforms niet altijd leidt tot
identificatie van de personen die verantwoordelijk zijn voor het maken of verspreiden
van de beelden. Er kan daarom niet in algemene zin worden gesteld dat uitsluitend
intern onderzoek door platforms voldoende is om in beeld te brengen wie dergelijke
beelden maken of verspreiden. Wij beschikken niet over nadere informatie over de omvang
of de aard van de onderzoeken die Meta en X zelf uitvoeren naar de makers en verspreiders
van dergelijke AI-beelden.
Vraag 10
Kunt u ook onafhankelijk onderzoek laten uitvoeren, waarbij wetenschappers toegang
krijgen tot de algoritmes van deze techbedrijven om te controleren hoe deze AI-beelden
zich verspreiden?
Antwoord 10
Zoals eerder met uw Kamer gedeeld, vindt het kabinet het belangrijk dat er ook onafhankelijk
onderzoek plaatsvindt naar contentmoderatie en de naleving van platformbeleid.7 Artikel 40 van de DSA voorziet in mogelijkheden voor zogenoemde erkende onderzoekers
om toegang te krijgen tot gegevens van zeer grote online platforms en zoekmachines.
Dit maakt onderzoek mogelijk dat kan bijdragen aan het opsporen, vaststellen en begrijpen
van systeemrisico’s en het beoordelen van de adequaatheid van risicobeperkende maatregelen.
Om de status van «erkende onderzoeker» te krijgen moet een onderzoeker eerst een aanvraag
indienen bij de digitaledienstencoördinator van de plaats van vestiging, in Nederland
is dat de Autoriteit Consument & Markt (ACM).
Daarbij moeten onderzoekers aan een aantal criteria voldoen. Daarnaast verplicht artikel 40,
twaalfde lid van de DSA zeer grote online platforms om onderzoekers onverwijld toegang
te geven tot openbaar toegankelijke gegevens. Daar wordt op toegezien door de EC.
In december 2025 heeft de EC bijvoorbeeld een boete opgelegd aan X, onder meer omdat
X niet voldoet aan de verplichting om onderzoekers toegang te bieden tot de openbare
gegevens van het platform.8
Vraag 11
Welke instanties hebben de taak om toe te zien dat beelden van willekeurige mensen
niet worden gebruikt om AI-beelden te maken van verminking en seksueel geweld? Kunt
u uiteenzetten hoe deze instanties daartegen optreden?
Antwoord 11
Er zijn diverse instanties die werken aan de aanpak van seksuele deepfakes, waaronder
de politie, het OM, de ATKM, de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), de EC, en de Autoriteit
Consument & Markt (ACM).
De EC houdt op grond van de DSA toezicht op zeer grote online platformen zoals Meta
en X. Zij kan als bevoegd toezichthouder onderzoeken instellen en, indien nodig, handhavend
optreden. Daarbij kan zij boetes opleggen van maximaal 6% van de omzet van een platform.
De ACM is de bevoegde Nederlandse toezichthouder op de DSA. De ACM heeft op grond
van de DSA echter geen bevoegdheid om verwijderbevelen voor specifieke inhoud op te
leggen. Wel kan de ACM op grond van de DSA handhaven wanneer online platforms of hostingproviders
onvoldoende maatregelen treffen tegen illegale inhoud of wanneer hun procedures voor
het afhandelen van meldingen niet op orde zijn. Daarvan kan sprake zijn wanneer een
platform niet, onvoldoende gemotiveerd of niet tijdig reageert op meldingen van illegale
inhoud door gebruikers of trusted flaggers, zoals Offlimits. De ACM roept daarnaast gebruikers op om zelf melding te doen bij
het betreffende platform of de hostingdienst, bij de politie of een trusted flagger, zoals Offlimits. Deze meldingen zijn van belang om aan te tonen dat beelden zonder
toestemming zijn vervaardigd of verspreid. Ook kunnen dergelijke meldingen aantonen
dat een platform tekortschiet in de aanpak van illegale inhoud, waarna de ACM daarop
kan handelen.
Het zonder toestemming van de afgebeelde vervaardigen of verspreiden van AI gegenereerde
nepnaaktbeelden is strafbaar. De strafbaarstelling in artikel 254ba Wetboek van Strafrecht
(Sr) omvat onder meer het zonder toestemming van de afgebeelde, vervaardigen van seksueel
beeldmateriaal. Wanneer het materiaal van minderjarigen betreft is het kinderpornografisch
materiaal en is het strafbaar op grond van artikel 252 Sr.
De officier van justitie kan op grond van artikel 125p van het Wetboek van Strafvordering
(Sv) aan een aanbieder van een communicatiedienst bevelen om strafbare online content
ontoegankelijk te maken. Een dergelijk bevel kan, kort gezegd, worden gegeven als
sprake is van een strafbaar feit waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten, ter
beëindiging van dat strafbare feit en/of ter voorkoming van nieuwe strafbare feiten.
Voor illegale deepfakes die vallen onder de strafbaarstelling van de artikelen 252,
254ba en artikel 285d Sr is dit het geval. Van deze mogelijkheid wordt beperkt gebruik
gemaakt, omdat de politie en het OM ook gebruik kunnen maken van verwijderverzoeken
op basis van de meldmogelijkheden onder de DSA. Deze zijn in de praktijk vaak sneller.
Een aanbieder die niet voldoet aan een dergelijk bevel onder 125p Sv kan strafrechtelijk
aansprakelijk zijn (artikel 54a Sr).
Ten aanzien van kinderpornografisch materiaal is in Nederland de ATKM bevoegd om aanbieders
van communicatiediensten die in Nederland zijn gevestigd of die beeldmateriaal van
seksueel kindermisbruik op Nederlands grondgebied hebben opgeslagen, te verplichten
om dergelijk materiaal ontoegankelijk te maken of te verwijderen. Dit geldt ook voor
AI gegenereerd materiaal. Als aanbieders van hostingdiensten niet aan deze verplichting
voldoen, kan de ATKM bestuursrechtelijk handhaven. De ATKM kan in dat geval een last
onder dwangsom of een bestuurlijke boete opleggen, die kan oplopen tot 10 procent
van de jaarlijkse omzet van de onderneming.
Tenslotte biedt de AVG mogelijkheden om illegale deepfakes tegen te gaan. Dit geldt
bijvoorbeeld als een deepfake inbreuk maakt op de privacy van een er in afgebeelde
persoon. Zo verbiedt de AVG het maken en verspreiden – buiten de huiselijke sfeer
– van deepfakes waarin persoonsgegevens zijn verwerkt zonder een verwerkingsgrondslag.
In de praktijk is daardoor een deepfake die zonder toestemming is gemaakt, zeker als
daarin gevoelige (bijvoorbeeld seksuele) content is te zien, strijdig met de AVG.
Het is aan de onafhankelijke toezichthouder op de AVG, de AP, om te beoordelen of
zij in individuele gevallen een (rechtmatigheids)onderzoek doet en handhavend optreedt.
Dan staan de toezichthouder maatregelen en sancties ter beschikking zoals een boete,
een last onder dwangsom, een verwerkingsverbod of een berisping. Een complicerende
factor kan daarbij zijn dat de verwerkingsverantwoordelijke of verwerker niet altijd
te achterhalen is (afhankelijk van de omstandigheden van het geval; het individu en/of
het platform). Als uit het onderzoek blijkt dat er overtredingen zijn, kan de AP of
andere autoriteit in de EU de verwerkingsverantwoordelijke aanbieders van onlinediensten
in bepaalde gevallen bijvoorbeeld een verwerkingsverbod opleggen wat betreft het onrechtmatige
materiaal.
Toezichthouders, politie en OM werken samen aan het identificeren van mogelijkheden
om niet alleen de individuele gevallen waarin nudify apps zijn gebruikt voor het vervaardigen
van kinderpornografisch materiaal of nepnaaktbeelden zonder toestemming, maar juist
ook de nudify apps zelf aan te pakken.
Vraag 12
Kunt u deze vragen afzonderlijk van elkaar en vóór het commissiedebat over digitale
inclusie van 24 juni 2026 beantwoorden?
Antwoord 12
De vragen zijn afzonderlijk van elkaar beantwoord. Dat is helaas niet gelukt voor
het commissiedebat over digitale inclusie op 24 juni.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid -
Mede ondertekenaar
W.J.M. Aerdts, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.