Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op de vraag van het lid Rooderkerk over het bericht "Onbevoegde docenten en een extreem laag slagingspercentage: nieuw inspectierapport brengt Haga Lyceum verder in de problemen"
Vragen van het lid Rooderkerk (D66) aan de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het bericht «Onbevoegde docenten en een extreem laag slagingspercentage: nieuw inspectierapport brengt Haga Lyceum verder in de problemen» (ingezonden 17 juli 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Tielen (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen
31 augustus 2026).
Vraag 1
Na ongeveer 25 inspectierapporten, vastgesteld wanbeheer, geen verbetering van de
onderwijskwaliteit en drie schooljaren op rij waarin hooguit 37 procent van de mavoleerlingen
slaagt: waarom is deze school nog open?1
Antwoord 1
Het uitgangspunt van het Nederlandse onderwijsstelsel is dat scholen die voldoen aan
de eisen die wetgeving aan onderwijsinstellingen en hun besturen stelt, ruimte en
bekostiging krijgen om onderwijs te verzorgen.
De Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) ziet toe op de naleving van
deze wettelijke eisen. Wanneer de inspectie tekortkomingen constateert, beschikt zij
over interventiemogelijkheden die gericht zijn op duurzaam herstel van de onderwijskwaliteit.
Als dit instrumentarium in een specifieke toezichtscasus niet toereikend blijkt, kan
die casus onder regie van het ministerie geplaatst worden. De inspectie heeft bovenstaande
casus vanwege de ernst van de bevindingen uit het rapport naar het bestuurlijk handelen
van 18 juni 2026 opgeschaald naar fase E van de escalatieladder, de hoogste fase met
regie bij het ministerie.
Het ministerie beschikt over aanvullende interventiemogelijkheden, die verder gaan
dan enkel bewerkstelliging van herstel van de onderwijskwaliteit. Op grond van Artikel 2.95
WVO 2020 kan de Minister besluiten een schoolsoort of leerweg op te heffen (bij openbare
scholen) of de bekostiging daarvan te beëindigen (bij bijzondere scholen). Dit is
een uiterste maatregel, die enkel ingezet kan worden als aan strikte wettelijke voorwaarden
wordt voldaan: de inspectie moet een herhaald eindoordeel Zeer zwak hebben vastgesteld,
gebaseerd op onvoldoende leerresultaten; de inspectie moet geconstateerd hebben dat
het bevoegd gezag niet bereid is afspraken te maken over verbeteringen dan wel onvoldoende
verbeteringen heeft doorgevoerd; en het bevoegd gezag moet de mogelijkheid hebben
gehad om hierop zijn zienswijze in te dienen. Aan deze wettelijke voorwaarden is in
deze casus niet voldaan. Op dit moment zijn de in dit antwoord beschreven mogelijkheden
wettelijk niet aan de orde.
De inspectie zal dit najaar een herstelonderzoek uitvoeren naar de onderwijskwaliteit
op alle drie de afdelingen van het Cornelius Haga Lyceum. De uitkomst van dat herstelonderzoek
wacht ik af.
Naar aanleiding van het inspectierapport naar het bestuurlijk handelen bereid ik op
dit moment vervolgstappen voor. Daarbij staat voorop dat de leerlingen van het Cornelius
Haga Lyceum zo snel mogelijk weer kunnen rekenen op onderwijs van goede kwaliteit.
De inspectie en het ministerie houden de ontwikkelingen op basis van genoemd inspectierapport
en de opvolging van de eerder opgelegde herstelopdrachten nauwlettend in de gaten.
Zodra ik een definitief besluit heb genomen over de vervolgstappen informeer ik uw
Kamer.
Ondertekenaars
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.