Schriftelijke vragen : De conclusie dat de ministerie van Justitie wetgever, uitvoerder én rechtspreker is bij de uitoefening van geweld met betrekking tot gevangenen.
Vragen van het lid Sneller (D66) aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over de conclusie dat de Ministerie van Justitie wetgever, uitvoerder én rechtspreker is bij de uitoefening van geweld met betrekking tot gevangenen (ingezonden 25 augustus 2026).
Vraag 1
Deelt u de conclusie van promovendus Cozijn op basis van zijn onderzoek naar het geweldsmonopolie
van de overheid dat de huidige constructie van de regelgeving rondom de uitoefening
van geweld tegen gevangenen een «juridisch gedrocht en in strijd met de scheiding
der machten» is? Zo nee, waarom niet?1
Vraag 2
Indien u de conclusie deelt dat de samenloop van de rollen van «wetgever, uitvoerder
en rechtspreker ineen» bij de Minister van Justitie onwenselijk is, bent u bereid
de regelgeving hieromtrent zodanig aan te passen dat een betere spreiding der machten
gewaarborgd is?
Indieners
-
Gericht aan
K.T. van Bruggen, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Joost Sneller, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.